Eindelijk heb ik mijn plekje op internet gevonden. Met dank aan de ,,kommaneuker''. Schrik niet lieve mensen, het woord bestaat. Op een blauwe maandag heeft hij mij in onze lievelingsclub over seniorennet en het aanmaken van blogs verteld. Sinds ik met brugpensioen ben, heb ik de liefde voor de fiets ontdekt. Samen met mijn vrouw hebben we al duizenden kilometers in de benen. Zet u maar in een luie bureaustoel en geniet mee. Of beter nog: pomp die banden op en verken ook de routes die op mijn blog met de regelmaat van een klok zullen verschijnen.
Voor mijn tweede fietstip schotel ik jullie een tochtje voor de wielen van ongeveer 72 km. Op deze tweede lentedag priemden af en toe de zonnestralen door het wolkendek, maar het is toch vrij koud voor de tijd van het jaar. We starten in de Driekoningenstraat, juist voorbij de spoorwegviaduct. Naast herenkleding De Waele ligt het fietspad naar Hulst. Deze oude spoorwegbedding maakt deel uit van de Dender-Waasland fietsroute (LF 38) Na ongeveer 7 km kom je aan de rotonde in Sint-Gillis-Waas. Je rijdt voorbij de rotonde, onder de brug van de expresweg Antwerpen-Knokke. Je volgt verder het fietspad door de Stroopersbossen (foto 1). In De Klinge rijd je voorbij een oud stukje spoor de Clingse bossen in. Het gebied wordt in de volksmond wel eens ,,de waterleiding'' genoemd omdat het een waterwingebied is (foto 2 en 3). In de bossen ga je naar links, richting Hulst, na enkele honderden meters kom je aan een oude wegwijzer, daar ga je naar links. Op het einde van het weggetje even naar rechts en onmiddellijk weer links. Je rijdt nu tot aan de grote baan Sint-Niklaas-Hulst en je kruist de baan. Nu gaat het naar de grensgemeente Sint-Jansteen. Aan de kerk naar links en onmiddellijk weer naar rechts. Je blijft de LF 38 (Schelde-Deltaroute) volgen. Na ongeveer 17 km ga je richting Koewacht. Vanaf hier duiken de eerste bordjes van de Fortenroute op. De route loopt langs diverse forten die door de Spanjaarden in de 16de-17de eeuw werden opgetrokken. Getuige nog de diverse aarden omwallingen die her en der het landschap sieren. Ze luisteren naar de namen van Sin-Livinus, Sint-Joseph enz... Enkele kilometers verder kom je terecht op de zogenaamde schapenwegel (foto 5, 6 en 7). Je blijft hier best op de fiets, wil je er geen besmeurde schoenen aan overhouden. Na de drollen op de schapenwegel ontweken te hebben, kom je na enkele honderden meters op de N687 terecht. Hier bestaat de mogelijkheid om de route in te korten. Ofwel ga je naar links voor de bijkomende lus, ofwel ga je naar rechts richting Axel. In Axel ga je naar links, richting golfterrein, dwars door de Smitsschorre. Als natuurliefhebber stoot het tegen de borst dat ze daar een golf- en motorcrossterrein (foto's 9 en 10) hebben aangelegd. Op woensdag wordt de rust van de natuur verstoord door brullende motoren die je van mijlenver hoort. Links ligt een uniek kunstbos (foto 8) met werk van zo 'n twaalf kunstenaars. We laten het motorengeronk achter ons en rijden voorbij de Axelse kreek. De moeite waard om even te blijven staan. Even voorbij Luntershoek rij je, volgens mij, voorbij het mooiste stuk van de route. (foto 11 en 12). De waterplassen zijn het uitverkoren terrein van diverse watervogels. Op het einde van de route hebben we ongeveer 57 km op de teller staan. Nu rest ons nog de resterende 17 km naar Sint-Niklaas. De Fortenroute staat bij ons aangestipt als een van de mooiste routes in de streek.
De Pillecijnroute is, volgens de bewegwijzering, 38 km lang. Op onze teller stond slechts 35 km. De route is genoemd naar romanschrijver en essayist Filip de Pillecijn die in 1891 in Hamme het levenslicht zag. Een gedetailleerde wegbeschrijving ga ik niet geven, de route is zeer goed aangeduid. Wel enkele mooie sfeerbeelden. We gaan van start aan de gerenoveerde Mira-brug (foto 1). Het bouwwerk kreeg in 1971 naam en faam in Vlaanderen toen Fons Rademakers er het boek van Stijn Streuvels ,,De teleurgang van de waterhoek '' verfilmde. Willeke van Ammelrooy shockeerde het preutse Vlaanderen door even haar borsten te tonen. Foto 2: zicht op de andere oever van de Durme met de kerktoren van Tielrode en rechts ziet u ook het kapelletje. Enkele meters verder ligt trouwens een veerboot om de toeristen naar de overkant te brengen. Foto 3: in Tielrode mondt de Durme uit in de Schelde. Foto 4: een de Pillecijnroute zonder een standbeeld dat verwijst naar de schrijfsels van de in 1962 overleden essayist is als een soep zonder zout dachten ze in Hamme en prompt werd aan de monding van de Durme in de Schelde een monument neergepoot. Foto 5: Ook hier kun je de Schelde over via een veer. Aan de overkant ligt Mariekerke. In het sinksenweekeinde is het daar koppenlopen tijdens de palingfeesten. Rechts zie je de contouren van de parochiekerk van Sint-Amands opduiken; Foto 6: in de verte zie je de witte gevel van het Scheldeoord in Moerzeke, onze eerste rustplaats. Foto 7: het blauwe schipperskapelletje is van ver zichtbaar. De in 1999 zaligverklaarde priester Poppe kwam daar geregeld bidden. De ,,priester der armen'' zoals hij ook wel eens wordt genoemd overleed op 33-jarige leeftijd in Moerzeke. Foto 8: een idyllisch zicht op de oude Durme. Foto 9: aan de oude Durme komen heel wat vissers. Getuige de vele bootjes die er liggen aangemeerd.
Leuven-Parijs in vijf dagen 450 km Traject: Leuven-Hoegaarden-Namen-Dinant-Mariembourg-Boussu-en-Fagne-Baileux-Cendron (grens)-Montorieux-Coingt-Vigneux-Pierrepont-Laon-Cessières-Premontré-Coucy le Château-Morsain-Pierrefonds-Bethisy St. M.-Montepilloy-Fontaine Chaalis-Vémars-Villeneuve-Nantouillet-Messy-Parijs.
Onze fietstocht van Leuven naar Parijs en terug was een grote onbekende. Gaan onze stilaan oude kuiten het meer dan 900 km uithouden? Hoe is het terrein: heuvelachtig of zo vlak als een biljartlaken? Wat met de logies? Kunnen we overal onze fietsen veilig stallen? Wat gedaan bij pech? Enz enz Ergens in juli 2005 pakten we onze fietszakken. Er zorg voor dragend dat we niet teveel nutteloze kilos meezeulden en gewapend met een routebeschrijving van Paul Benjamins (www.cyclingeurope.nl) of verkrijgbaar in de gespecialiseerde boekhandel, trokken we op pad.
Dag 1: Leuven-Profondeville 78 km Plaats van vertrek was de historische binnenstad van Leuven. Een prachtig decor voor onze eerste rit dwars door het Hageland en Haspengouw. Na enkele kilometers hielden we even halt aan de Abdij van Park. In de omgeving van Bierbeek konden we voor het eerst onze klimmersbenen testen. We ondervonden dat een goede fiets van goudwaarde was en dat een goed functionerend versnellingsapparaat onontbeerlijk bleek. Als je het riviertje en industriepark de Grote Gete kruist, ligt rechts het fietspad naar Namen (RAVel2). Kilometerslang gaat het via een oude spoorwegbedding naar de oude vestingstad. De laatste 10 kilometer gaat het in dalende lijn. Aan de samenvloeiing van Samber en Maas zochten we de toeristische dienst op voor onze eerste overnachtingsplaats. Na wat heen-en-weergetelefoneer bevolen ze ons een chambre dhôte aan in Profondeville. Langs de oevers van de Maas maalden we onze laatste 10 kilometers af. Door het centrum van Profondeville, aan de verkeerslichten, verlieten we de Maas om de laatste twee stijgende kilometers aan te vatten. En wat voor kilometers. Ongetwijfeld de lastigste van de dag. Sommige stroken hadden een stijgingspercentage van 15 %. Onze gastvrouw was een Limburgse, die jàààààààren terug de taal van haar hart en haar man volgde tot in de Ardennen. We hadden er de mogelijkheid om iets kleins te nuttigen (spaghetti bolognaise, soep of een verzorgde omeletschotel)
Dag 2: Profondeville-Baileux 90 km Na een verkwikkende nachtrust en dito ontbijt gingen we van start. We zouden proberen om in de buurt van de Belgische-Franse grens onderdak te vinden. In dalende lijn ging het terug naar de oevers van de Maas. Via het biljartvlakke fietspad kwamen we in Dinant terecht. De rotsmassieven werden ruwer. Enkele kilometers voorbij Dinant dook het rotsmassief van Freyr op. Het merendeel van de Belgische alpinisten krijgt daar hun opleiding. Aan de rechterkant ligt het kasteel te pronken. De toeristische trekpleister is vooral bekend voor zijn prachtige tuinen en sinaasappelbomen van meer dan honderd jaar oud. Bij Hermeton begint het fietspad naar Mariembourg. Dwars door de Fagnes gaat het naar het vroegere vestingstadje dat in 1542 werd aangelegd door keizer Karel V. Mariembourg werd genoemd naar zijn zuster Maria van Hongarije. In de gutsende regen zochten we op het marktplein een plaatselijke taverne op. Voor het eerst maakten we kennis met de zuiderse karaktertrekken van de Walen. Na een tijdje hielden we de bacchiale toestanden voor bekeken en reden we richting Baileux. Na enkele minuten werden de hemelsluizen opnieuw opengezet, maar dat kon ons niet tegenhouden. We reden door een prachtig stukje natuur. Via Boussu en Fagne, Daily en Boutonville kwamen we in Baileux midden de jaarlijkse kermis terecht. Palend aan de feesttent lag onze chambre dhôte. Door het slechte weer was het er relatief kalm, maar we hadden de Waalse feestneuzen onderschat. Omstreeks 23 uur barstte het feestgedruis los. Op een liter bier en een decibel meer of minder werd niet gekeken. Ik denk dat we de enigen waren in het dorp die niet bevreesd moesten zijn voor een alcoholcontrole. Pas om 4 uur liep de feesttent leeg en werden de laatste boenke-boenke-klanken de nacht ingestuurd. We konden eindelijk onze oogjes dichtdoen voor een kort nachtje. Dag 3: Baileux-Laon 93 km Slaapdronken begonnen we aan de eerste kilometers van onze derde dag, maar al vlug stonden we letterlijk met beide voetjes op de grond. In de buurt van Bourlers lag een serieuze kuitenbijter naar ons te lachen en we waren niet de enigen die er voet aan de grond moesten zetten. Her en der kwamen we groepjes ,,Hollanders tegen die maar een doel hadden: Parijs halen. Vanaf hier tot in de buurt van Laon kwamen we niet één taverne, winkel of restaurant tegen. Het is dus zaak om de nodige proviand mee te nemen. We naderen stilaan de Franse grens en trekken door het Forêt Domaniale de St.-Michel. Via Coingt, Dagny-Lambercy, Dagny, Agnicourt en Pierrepont zien we na een 80-tal kilometer de contouren van de majestueuze kathedraal van Laon opduiken. We slaan aan de rand van de stad nog wat proviand in. Midden het centrum vinden we een hotelletje dat nog juist past binnen ons budget. Hôtel du Commerce ligt vlakbij het station. Binnenin oogt het wat kitscherig. Als je houdt van wat luxe is het geen aanrader, maar de gerant is zeer vriendelijk en behulpzaam. s Avonds brengen we een bezoek aan de bovenstad van Laon en we hebben het ons niet beklaagd. Er zijn twee mogelijkheden om er te geraken: het onbemande kabeltreintje of tientallen trappen. We kozen voor het laatste, maar dat bleek geen goede keuze. We kropen letterlijk de trappen op, maar eens boven was een adembenemend zicht op de benedenstad ons loon. De stadswallen met hun versterkte ingangspoorten vormen een gordel die de nauwe steegjes, de huizen in natuursteen en de groene plekjes zorgvuldig beschermen. Een bezoek aan de kathedraal met torens die opgetrokken werden in de vroeggotische stijl is een aanrader.
Dag 4: Laon-Orrouy - 91 km Onze oude knoken worden stilaan moe. We lieten de bovenstad van Laon links liggen en kozen voor een klein omweggetje om terug op de route te komen. We komen nu in de streek van kastelen, jachtwouden en abdijen. Na Suzy kom je in Premonté. Voor je aan de abdij komt, moet je eerst nog een klimmetje door het bos verteren. De monniken van deze abdij worden in Frankrijk de Premontrés genoemd, in onze contreien zijn dat de Norbertijnen. Je rijdt nu door het bos van St. Gobain. Samen met de bossen van Compiègne vormen dit de oudste jachtgebieden van het Franse koningshuis. Al vlug kom je in Coucy-le-Château Affrique terecht. Via een oude stadspoort kom je het dorpje binnen. Om de hoek ligt trouwens een betaalbaar hotel-restaurant met heerlijke ijscrème. Langs een andere stadspoort en een ijzingwekkende afdaling verlaat je het dorpje. Je fietst via o.a. Pont St. Mard, Attichy, Berneuil naar Pierrefonds. De stad ligt in het hart van La Vallée de l'Automne. Het indrukwekkend kasteel met zijn imposante torens torent boven de omgeving uit. Het verhaal wil dat Napoleon III er een kasteel liet bouwen op vroegere ruïnes uit de Middeleeuwen. Volgens de plaatselijke bevolking gebruikte hij het als jachtkasteel. Het was een schitterende uitvalsbasis voor zijn strooptochten in de bossen van Compiègne. Een tiental kilometer verder komen we aan onze laatste rustplaats voor Parijs: Orrouy. In Orrouy werd een aantal jaren geleden een gallo-romeinse nederzetting ontdekt. Na ons te hebben verfrist zijn we de ruïnes gaan bezichtigen. Je ziet duidelijk de resten van een tempel, amphiteater en de thermenWe hebben ons de wandeling niet beklaagd.
Dag 5: Orrouy-Parijs - 88 km Onder een dreigend wolkendek vertrokken we naar de Franse hoofdstad. Het zwaarste klimwerk lag achter de rug. Via o.a. Montepilloy kom je in Fontaine Chaalis, een oord waar de begoede Parijzenaar de stadsdrukte ontvlucht. Langs een prachtig weggetje door het bos kom je bij het kasteel en de ruïne van de abdij van Chaalis. Het kasteel wordt omgeven door een prachtige tuin met heel wat rozenvariëteiten. Na heel wat grote en kleine dorpen te zijn gepasseerd beginnen we aan de laatste rechte lijn naar Parijs en wat voor een. Ruim 30 km fiets je langs het Canal de l'Ourcq tot in het hart van Parijs. Na enkele keren van oever te hebben verwisseld, kwamen we aan de Place de la République terecht. Al vlug werden we geconfronteerd met de grauwe kant van een grootstad: de clochards. Na ons hotel te hebben opgezocht maakten we een eerste wandeling langs de Seine waar de festiviteiten in het raam van Paris à Plage volop bezig waren.
Overnachting dag 1 Mevr. Ingrid Sevenants 25, rue Fosse aux Chats 5170 Profondeville Tél. 081-41.21.19 35 euro/ twee personen Persoonlijke beoordeling: Vriendelijke ontvangst Kamers miniem bemeten, gezamenlijke badkamer. Zeer goed ontbijt.
Overnachting dag 2 L'Echappéé Belle 29, Place de Baileux 6464 Baileux (Chimay) Tél. 060-21.18.07 ong. 40 euro/twee personen Persoonlijke beoordeling: Gastvrije ontvangst Rustieke smaakvolle ingerichte ruime kamers Zeer goed ontbijt
Overnachting dag 3 Hôtel du Commerce Place de la Gare 02000 Laon Tél. 03 23 79 57 16 Prijs: 50 euro/2 pers. Persoonlijke beoordeling: Verouderd hotelletje, goed voor een nachtje. Vriendelijke ontvangst. Uitgebreid ontbijt.
Overnachting dag 4 Ferme de la Chaînée 60, rue de la Forêt 60129 Orrouy Tél. 03.44.88.60.41 Prijs: ongev. 50 euro/2 pers. Persoonlijke beoordeling: Gastheer is burgemeester van Orrouy. Prachtige ruime kamers. Best vooraf reserveren. Mogelijkheid tot avondmaal.
Overnachting dag 5 Hôtel du Nord rue Albert Thomas 4 (Place de la République) Tél. 0033 142 0 166 00 Prijs: 60 euro z. ontbijt/2 pers. Persoonlijke beoordeling Kleine propere kamers Mits aandringen mogel. om fietsen te stallen. Ontbijt stelt niet veel voor. Frans broodje en enkele sneetjes brood met confit. wordt geserveerd in stemmige kelder.