Uit het leven gegrepen
Naar Purmerend
Mijn bestemming was Purmerend. Nog vóór dat ik uit mijn huis in Oegstgeest vertrok, wist ik dat ik niet zonder Parkinson zou gaan. Mijn hoofd was een warboel van binnen en steeds andere dingen streden om de aandacht. Heb ik mijn medicijnen bij me? Waar is de uitdraai van de treintijden? Heb ik mijn mobiele telefoon wel bij me? Waar is toch die treinkaart? En ja, mijn pinpas, die kan beter in mijn zak. Een flesje water voor mijn medicijnen. Oh ja, dat mobiele nummer heb ik ergens opgeschreven, maar waar is dat papiertje? En mijn fietssleutel? Mijn tas was veel te diep en steeds moest ik door dat donkere gat woelen voor een nieuwe controletocht. Dat maakte van mijn tas ook een complete chaos. Zo kwam ik uiteindelijk op station Leiden aan.
Nu nog een hindernis, de kaartjesautomaat. Bestemming Purmerend. Ik probeerde alle stappen rustig te doorlopen, maar Parkinson die joeg mij voort. Ergens in mijn hoofd merkte ik wel dat ik een foute bestelling deed. Toch drukte ik op akkoord. Ik pakte twee kaartjes uit de automaat en zag al lopende naar het perron een bedrag van 55 euro staan. Dát was onmogelijk! Ineens drong tot mij door dat ik vijf kaartjes had besteld in plaats van één.
Mijn loopje werd steeds meer gehinderd door Parkinson. Ik sjokte naar het loket en vertelde dat ik teveel kaartjes had gekocht. ‘’Waar zijn uw kaartjes dan?’’, vroeg de lokettiste. Ik staarde naar de twee kaartjes op de balie. Langzaam werd mij duidelijk dat ik een aantal kaartjes in de automaat had laten zitten. Ik moest er niet aan denken dat ik weer terug naar die automaat zou moeten. Gelukkig riep de lokettiste hulptroepen in en kon alles teruggedraaid worden. Moe plofte ik in de trein neer. Ja, soms is Purmerend verder dan je denkt.
Irene
















