Naar de inhoud

'een heel jaar maart?'

schrijfvloer 02 ~ afgerond, klaar
seniorennet.beseniorennet.be

Archief

682. een vleugje boom

verkeerslicht wil meer groen

In een geordende stad,
zonder nog zichtbare menselijke aanwezigheid,
zonder nog sporen van natuur, is op een signalisatiepaal een verkeerslicht zeer neerslachtig.
Op een dag ziet dit verkeerslicht een speciaal transport. Het snuift daarbij een vleugje boom op.
Daardoor begint het hevig te verlangen naar meer groen.
  
                                      Going Green     

zonder woorden, enkel muziek,
https://www.youtube.com/watch?v=7nI57gjhVd8 
04min44

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - https://www.youtube.com/watch?v=7nI57gjhVd8 , 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

681. uit '96

        Na meer dan twee jaar heb ik vanmorgen de energie gevonden om
        een van de dikke klasseurs met oude brieven open te doen. 
        De klasseurs zijn meegekomen toen het huis van mijn ouders ontruimd werd in maart 2013. 
        Mijn ma hield alles bij. 

        Het zijn relaas-brieven van aan boord naar het thuisfront. 
        Geen verhalen over navigatie of spannende technische perikelen. 
        Daar bestaat al literatuur en lectuur over. 
        De brieven zijn leesvoer over het leven binnen het kasteel, de bewoning. 
        Over de keuken en de mess en de wandelgangen en andere plekken waar ik toegang had. 
        Over de nicnacjes van het leven aan boord. 

        Elke plaatsaanduiding aan land is van op het water gezien, natuurlijk. 
        Komende van op zee dus.
        Deze brief dateert van 1996, uit het pre-mail periode,
        nieuws kwam en ging nog per brievenpost en soms ook per fax.

Di 10 sept '96 

Gisterenavond om 18h is ch.eng LdG van boord gegaan. (ch.eng = chief engineer, chef mécanicien, de baas van LM)
Dwz dat die post gedurende 18hrs onbemand gebleven is. Zou dat verschil maken in de verzekering? We liggen wel op anker,
maar ik dacht dat men op tankers er niet af mag, zo lang de vervanger niet aan boord is?
Dat heeft ooit al eens voor keukenlawaai gezorgd, als ik me goed herinner ('83 aan boord van de M was dat) 

Het is nu 12h45 en ik hoor de nieuwe ch.eng LL hier in de alleyway met de capt PM staan praten.
Hij is Franstalig. En hij heeft post bij! Dat hoor ik hem zojuist zeggen.
Op het verdiep van de staff achter het hoekje wonen heeft persies zo zijn voordelen. 

LM is nog beneden met de manoeuvres bezig. (beneden = in de machineruimte, in 't Machien)
Hij belde daarstraks dat we wat later zouden gaan eten, omdat er gemanoeuvreerd moest worden,
om de loods aan en van boord te laten gaan, het bootje langszij te laten komen en de nieuwe ch.eng LL
de gelegenheid te geven de gangway op te klauteren, zonder er af te waaien.
Daar zorgt LM allemaal voor. Hij kan dat.

De loods kwam om ons naar een andere ankerplaats te loodsen. Loodsen kunnen dat. 
Met al dat is het etensuur voorbij en ik verwacht een telefoontje dat hij boterhammen nodig heeft.
Ha nee, hij is daar. 

14h50

Er was geen post voor ons.
De capt heeft al wel het adres van de agent in Korea doorgegeven, voor 22/09, dat is binnen 12 dagen.
Het postadres ben ik direct op de brug gaan faxen naar ulle. Doorgeven aub.
Na het verzenden heb ik een praatje gemaakt met Luc, 2de stuur. 

Ik vroeg hem of een fax verzenden niet veel boekhoud-werk veroorzaakte voor iemand van hen,
of dat niet veel papperasserijen meebracht.
Maar nee, absoluut niet. De gegevens gaan in het programma op de computer die bij de capt staat,
en dat wordt maandelijks automatisch verrekend wanneer de berekening van uw uitgaven-aan-boord gemaakt wordt.
- Ah ja? (ik)
- Mais oui. (hij)
- Maar een jaar of drie geleden werd de bemanning verzocht geen faxen meer te verzenden omdat privépost per fax
   teveel gedoe meebracht voor de brug en dat de stuurlieden wel wat anders te doen hadden dan afrekeningetjes te maken.
   Daarom mocht het faxtoestel daar enkel dienen voor dienstberichten ivm de uitbating van het schip.
(Er vooral niet bij gezegd welke capt dat was en welk schip ookni, ander kan hij de capt wel raden)

- M’enfin …!

- Echt waar Luc! Misschien was drie jaar geleden dat boekhoud-programma er nog niet aan boord van schepen?
  In elk geval mochten wij geen gebruik meer maken van de fax.
- Mais non, ze konden waarschijnlijk niet werken met het boekhoud-programma en
  dan vinden ze gelijk wat uit om hun onkunde te maskeren.

        Letterlijk waren zijn woorden :
        "… et probablement ils ont inventé n' importe quoi pour masquer leur ignorance."
        Ja natuurlijk, dat ik daar toen drie jaar eerder niet uit mezelf opgekomen was!
        Pierre de aspirant kon daar toen aan boord vlotjes overweg met het gedoe,
        zowel met de grillen van het faxtoestel (of de antenne?) als met het boekhoudprogramma.
        Het verbod kwam van hogerhand, van capt JvdM die de werking van het programma niet onder de knie kreeg. 
        Wel, ik snap nu wat daar drie jaar eerder aan de gang was.

Hoedanook, hier aan boord mag wél worden gefaxt. Als de wiedeweerga: stuur ons ulle faxnummers.
Er gaan ineens nieuwe kanalen open. 'k Zit al te dromen over elke week een briefje verfaxen en zo.
En in welk lettertype dat dan moet komen en welke lettergrootte om zoveel mogelijk
op het blad te krijgen en het toch leesbaar te houden etc, enz.
Tiedelie, tiedelaa, faxparci, faxparlà …
Just zorgen dat ik het faxje tussen 12h & 16h ga verzenden, dan is Luc van wacht en die doet dat in een wip. 

En dan de ontnuchtering: er is niet elke week iets dringend of interessant.
Wat hebben wij nu te melden dat het per fax zou moeten? Dat het niet per brief kan?
Niet veel feitelijk. Misschien als we eens lang geen brieven kunnen posten hebben
vanwege weeral: no harbour facilities. Maar voor de rest? Wait & see & sea. 
Deze redenering is nu 23 jaar oud en vandaag in het mailtijdperk niet meer te vatten.

Wo 11 sept 96 

Gisterenavond ging het over Hong Kong. Of we daar aan de wal zouden kunnen.
Of we tenminste een duidelijk zicht op de baai zouden hebben als er niet te veel …
Ho!Hoe!Ha! Niet te veel plannen maken voor Hong Kong, werd daar geroepen.  
We gaan naar de Hong Kong AREA: dat kan zo'n 20 mijl tot 200 mijl van de stad zijn. 
Juist ja. In Europa bedoelen ze met 'Gibraltar' ook zoiets.
Er wordt een watergebied mee bedoeld. En dat kan groot zijn. 

's Avonds zijn we eens in het Machien gaan zien. LM zou me een paar machinerijen tonen. 
'k Had gedacht vijf, en als ik die kan onthouden, ben ik al een stukske vooruit.
De vijf machineries die ik het vaakst tegenkom op papier/op het scherm wanneer ik zijn werkboek typ,
die zou ik wel eens in het echt en van nabij willen zien. 

Well, we waren daar dan toch en LM heeft me 25 of 50 dingen laten zien en nu weet ik niks meer.
En die 'dingen' zijn allemaal in het groen geschilderd. Mint Green. In Algemeen Scheeps : Engine Green.
Aan de kleur kan ik ze dus niet herkennen of onthouden.
En met groot of klein kom ik er ook niet, want hoe groot is klein als er nog kleiner bestaat.
Aan de vorm dan … de meeste machinerijen hebben een vage cilindervorm. 
En mijn hoofd heeft nu een eivorm. 

Als LM en ik nog eens ergens henen gaan he, dan stel ik de Efteling voor.
Daar hebben de dingen tenminste een eigen vorm, eigen afmetingen én een eigen kleur.

m, - de m van toen – HiH-09/2015, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

680. kerkbezoek

Kerken uit de barokperiode zeggen me niks. Ik mijd ze zelfs. 'k Stap er zeker niet binnen om iets te bezichtigen.
Als ik een dienst moet bijwonen in zo'n kerk kan ik daarna iets strafs gebruiken
om het gevoel weg te spoelen of ik voel me voor de rest van de dag onwennig. 

Al die frullen en krullen, al die protserige praal, dat vertoon van rijkdom en macht, ik word er in-droef van.
In een barokkerk ruikt het nog naar de Contrareformatie.
Waar dat onbehagen vandaan komt weet ik niet. Heeft DNA een geheugen? 

Waar ik wel in bewondering voor sta zijn de romaanse kerkjes. (900 n.C. – 1300 n.C.)
Waarschijnlijk zijn ze gebouwd door de bevolking zelf omdat de mensen
een toevluchtsoord nodig hadden tegen rovers en plunderaars. 
Zo'n kerkje was een van de weinige, ooit waarschijnlijk het enige stenen gebouw in het dorp.
Een stenen gebouw wil zeggen een brandveilig toevluchtsoord.

De romaanse kerkjes zijn gebouwd op verdediging. Ze hebben dikke muren.
De ramen zijn smal en klein, ze dienen als schietgaten.
Er is een torentje dat kan dienen als uitkijk en er is een alarmklok.

In Noord-Frankrijk zijn er nog veel romaanse kerkjes. Het snoer kerken fungeerde ook
als postkantoor en nieuwsdienst tussen de verschillende lokaliteiten. 

Romaanse kerken hebben in de loop der eeuwen herstellingen en 'verfraaiingen' moeten doorstaan,
en dat hebben ze overleefd. Als men die verfraaiingen efkes kan wegdenken,
ziet men hoe hard het bestaan ooit moet geweest zijn. 
Dat in barre tijden bij beschutting en veiligheid ook een opperwezen hoort spreekt vanzelf. 
Met allemaal en met de levende have de kerk in. Wachten tot de plunderaars weg zijn.
En bidden. 
Elk romaans kerkje was lokaal een zeer belangrijk gebouw. Die kerkjes waren bittere noodzaak.
De devotie was ernst, devotie gaf houvast en hoop en troost.
Dat is iets heel anders dan het vroom vertoon van de contrareformatie.
Bittere noodzaak is iets gans anders dan de luxueuze praalkerken van de barok. 

'k Heb nogal wat foto's van romaanse kerkjes, maar ze staan in verschillende reisrelazen, ze staan niet samen gegroepeerd.

Van één kerkje ken ik de plaatsnaam uit het hoofd omdat het zo merkwaardig was :
de kerk heeft twee parallelle beuken en dateert van de 12de eeuw. Het dorp heet Saintines (Picardië)

                        Afbeeldingsresultaat voor https://www.eglisesdeloise.com/monument/saintines-eglise-saint-denis-et-saint-jean-baptiste/

De linker beuk, die zonder toren, heeft niet al te veel verfraaiingen moeten doormaken.
Daar ziet men nog dat een romaanse kerk op defensie gebouwd was.
Ik dénk dat deze beuk voor de levende have moest dienen. Twee beuken, een voor de mensen, een voor de dieren.
Dit is maar een losse gedachte hoor. Ik heb er nog geen bevestiging voor gevonden op het Net.

                     
                        Afbeeldingsresultaat voor https://www.eglisesdeloise.com/monument/saintines-eglise-saint-denis-et-saint-jean-baptiste/

Twee beuken betekent een hoop meer stenen. En werkuren.
Misschien was Saintines in de jaren 1100 een welvarende gemeenschap.

Afbeeldingen van saintines eglise , https://www.eglisesdeloise.com/monument/saintines-eglise-saint-denis-et-saint-jean-baptiste/ 

m – EZW-08/2013, bijgewerkt - 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

679. soep & tekst

een tekst over soep of een soepje over tekst

Een soep samenstellen en een tekst opbouwen, beide bezigheden vertonen enorme gelijkenissen.
Zelfs zo, dat ik me afvraag of het niet een soep opbouwen is en een tekst samenstellen.

Een soep wordt lepel per lepel ingenomen en gaat naar de maag van de mens.
Een tekst wordt zin per zin ingenomen en gaat naar het hoofd van een mens. 
Een soep kan vergiftigd zijn. Een tekst kan giftig zijn. 

Een soep kan nieuwe krachten geven. Soms voelt men dat tot in de tippekes van de tenen.
Een tekst kan nieuwe moed geven. Soms voelt men dat tot in het tippeke van het hart. 

Een soep wordt als afgewerkt geheel gezien,
hoewel ze samengesteld werd en opgebouwd
en gecorrigeerd, eventueel met snelle kunstgrepen.

Een tekst wordt van boven naar beneden gelezen
hoewel hij niet zo geschreven is. Er werd herschikt en ingelast.
Soms staat het begin-idee gans onderaan.

Achteraf pas krijgt een soep-brouwsel een naam. Een naam die iets lekkers moet suggereren. 
Achteraf pas krijgt een schrijfsel een titel. Een titel die iets leesbaars moet suggereren.   
Soep-assemblage of tekst-assemblage, ze dienen uiteindelijk allebei om wat krachten te herstellen. 

Hou het ambachtelijk, denk ik dan bij mezelf.

m – HiH-01/2016, herwerkt - als het onnozel warm weer is, is het geen weer voor erwtensoep natuurlijk.    

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

678. voor niks

Die maand in 1951 liet de eicel van dienst de snelste van het peloton zaadcellen binnen.
De snelste.
Niet de verstandigste, niet de vriendelijkste of de meest beleefde, gewoon de snelste.
Meer was dat niet, want op dat niveau wordt niet kieskeurig gedaan.

eicel rood,  spermacellen blauw  Afbeeldingsresultaat voor http://www.medicijnen-op-maat.nl/seks-en-voortplanting/onvruchtbaarheid.htm  bron: NRC-Handelsblad, 2015

Een eicel + een zaadcel = een ei, en dat ei werd een mij.

Het ging van niks naar iks en die ikkigheid groeide.
Er was nog niet veel individu aan, maar 't zat er al wel in.

Geboren worden.
Als ik bedenk dat het gezwoeg mijn moeder en mij die zomer bespaard had kunnen worden …
Wel, mijn moeder zo niet want zij wou kinderen, dus zij zou baren.
Maar het had míj kunnen bespaard blijven, dat geboren worden. 

Een maand vroeger of een maand later zou het een andere eicel geweest zijn, plus een andere zaadcel en
dan was ik het niet geworden. Dan had ik er niet hoeven te zijn.
Kunt ge u dat voorstellen?
De rijkdom, de vrijheid van het niet moeten bestaan? De absolute niksheid.
Als ik nu terug naar niks wil zal ik eerst moeten sterven.
Geboren worden en leven om te sterven, wat een gedoe voor niks. 
Ik was toch gelukkig in mijn eerste niksigheid? Awel dan! 

Moe, wat een gedoe …  

m – HiH-11/2016 – nagekeken - http://www.medicijnen-op-maat.nl/seks-en-voortplanting/onvruchtbaarheid.htm , https://nl.wikipedia.org/wiki/Nirwana 

Geschreven door maart om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

677. de inbreker

De ouders gingen twee keer per maand naar de dansschool en den Dieter moest dan mee,
omdat hij nog te jong was om alleen thuis te blijven.
Nu vond ik 15j niet te jong, maar hij 'moest' dus mee naar de dansles.
Achteraf pas heb ik vernomen dat hij gewoon niet kon en dierf alleen thuisblijven.

In de dansschool lummelde hij wat, en verveelde zich vooral. (pre-smartfoon tijdperk)
Hij begon daar melig over te doen, dat hij daar tussen de 'ouwe' mensen zat, allemaal 40 en 50 jaar of zo !
En toen hij bijna 16j was, besloot hij thuis te blijven, gedaan met de dansavonden, met passo dinges en zo !

Zijn ouders drukten hem op het hart alle lichten uit te doen eer hij naar boven trok.
Behalve natuurlijk het klein lampje in de erker.
Ze vertrokken, hij hoorde de auto wegrijden en toen werd het stil.
Helemaal stil.
De woonkamer leek hem plots groot en leeg, vol donkere hoeken.
Eng. Echt eng. Dan liever TV kijken op het klein toestel boven.
Haastig deed hij alle lichten uit en repte zich naar zijn kamer, zijn cocon.

Na verloop van tijd hoorde hij geluiden beneden. Alsof er gerommeld werd in de garage.
Alsof iemand iets zocht. Toen niks meer. Toen weer. Toen niet meer.
In de overtuiging dat een van zijn broers thuisgekomen was ging hij naar beneden.
Beneden was het nog even donker als tevoren, geen broer.
Toen hoorde hij weer gedoe, dit keer duidelijk aan de garagepoort.
Inbrekers.

In paniek wipte hij op de vensterbank en verborg zich achter het gordijn.
Behoedzaam kwamen de ouders de woonkamer binnen, in het donker.
Bij het maanlicht zagen ze de bult in het gordijn.
De vader deed teken aan zijn vrouw dat ze stil moest blijven staan. Blijven staan én stil.
In achteruit trok hij terug. In de garage nam hij de spade.

Blijven staan en stil zijn? Elsa was zo al niet goed in het volgen van instructies
en al helemaal niet als die instructies op bevelen leken.
Ze verschoof een halve meter naar rechts, schuifelde een halve meter vooruit
en zag het schoeisel van de inbreker van onder het gordijn komen.
Op dat moment kwam de vader met geheven spade de woonkamer in
om het gordijn te raken waar hij de inbreker zijn kindergeld vermoedde.

Elsa zag wat hij van plan was en gilde "Leo, 't is onzen Dieter, 't is Dieter!"
Leo zijn mond viel open en Dieter tuimelde van achter het gordijn de sofa in, half in katzwijm.

-----

Toen de ouders met de wagen de straat ingedraaid waren, zagen ze dat het lichtje in de erker niet brandde.
Dat was verdacht. Wie zou dat lichtje uitdoen? Niet Dieter.
Een inbreker! Inbrekers doen lichtjes uit.
Ze parkeerden onmiddellijk de wagen en legden de laatste meters naar huis te voet af.

Omdat het lichtje in de erker niet brandde, kwamen ze langs de garagedeur binnen.
Dat was het gemorrel dat Dieter op de vensterbank had doen springen.

- En dat ander gerommel dan?
- Dat ander gerommel, dat zijn de katten op de schelf, onnozelaar.
  Dat geluid kent ge al van toen ge klein waart.

Te jong, te schichtig om alleen thuis te zijn.
Hoe lang hij nog meegegaan is naar de dansschool heb ik niet durven vragen.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt -

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

676. namen geven

Qua zintuigen zijn wij als soort slecht bedeeld. 

Andere aardbewoners hebben het beter getroffen. Zij herkennen op geur.
Op geur …, dan zou elk individueel wezen een leidmotief hebben dat in geur geschreven is?
Met alle gemoedswisselingen die bij een geur komen kijken, van boos tot jolig
en alle andere signalen die daartussen liggen.
Ik zie ongeveer wat dat zou betekenen, maar zelf zou ik er in verloren lopen, in
een hoop soortgenoten die niet bij naam aangesproken worden. 

Sommige hondenrassen hebben een reukvermogen dat 10.000 keer fijner of scherper is dan het onze.
Zij registreren elke soortgenoot die hen vooraf gegaan is op hun wandelparcours.
En er zijn de olifantenkuddes, iedereen daar heeft een geurperiscoop. 
Dat hebben wij allemaal niet. Wij hebben geen geurherkenning om onderling met
buren, kennissen, vrienden, familie, gezinsleden
wisselwerking te hebben en verwevenheid te onderhouden. Daarom gebruiken we namen. 

Borelingen krijgen namen die geregistreerd worden.
Ouders en andere verwanten krijgen aansprekingen.
Later krijgen leerkrachten bijnamen en nog later
komt men al eens in aanraking met graad en titulatuur. 

Dat alles is zeer ver van de geurherkenning.
Daarom geven wij mekaar een naam, of op zijn minste een aanspreking. 
En vermits wij niet echt andere talen spreken dan mensentalen,
geven we onze huisdieren ook een naam.

Gelukkig reageren die daar meestal op. Wat van onze soortgenoten niet altijd kan gezegd worden. 

m – HiH-02/2017, bijgewerkt -

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

675. heldere koppekes

twee heldere koppekes  

Hier een assertief kind, recht uit de krant :
Ene Noah uit New York koestert diepe gevoelen voor Zoë, een meisje van tien op dezelfde school.
Dat laat hij haar ook duidelijk blijken, maar Zoë laat op haar beurt uitdrukkelijk weten
dat ze niet gediend is met zijn overduidelijke signalen.

                                                    Afbeeldingsresultaat voor rules regulations Zoe noah

         “Regels van Zoë aan Noah”, schreef het meisje bovenaan een blad papier.

         1. Raak mijn schouder niet aan.
         2. Sta niet onnozel te doen achter mijn rug. Sta gewoon helemaal niet achter mij.
         3. Praat niet tegen mij, tenzij je gewoon hallo wil zeggen, wat nooit zal gebeuren.
         4. Laat me met rust op de bus.
         5. Ik ben opvliegend wanneer mensen mijn dag verpesten.
         6. Herlees dit vijfhonderd keer.
         7. Gij hebt mij graag maar ik u niet. Ik ben te jong voor een relatie. 

         Als je een van deze regels niet respecteert, dan bel ik mijn vader,
         de vriend van mijn moeder, mijn nepmoeder en een klusjesman die ik ken.
         Als je mijn dag verpest, dan zal ik hulp moeten gaan zoeken.
         Speel gewoon niet met mij.

           van : http://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20160923_02482547 - de 'nepmoeder' is een oudere vriendin 

Toen ik bovenstaand artikeltje las in de krant, dacht ik onmiddellijk aan het verhaal van TP,
over haar kleindochter bij het begin van een nieuw schooljaar. Gewoon een assertieve jongedame :       

          … André, haar beste vriendje van 10 zat niet meer op school. Zijn papa heeft een nieuwe job in Luxemburg. 
         André was zo zeker dat hij bij zijn grootouders mocht blijven wonen omwille van de school en van haar. 
         Niet dus. Niets aan te doen. Ze zuchtte opnieuw …

         … Mevrouw had Steve naast Arthur gezet en dat was mis. Nu zit Steve naast haar en Steve is een ambetanterik,
         die zit voortdurend met zijn vingers krullen in haar lang haar te draaien.
         Hij ziet dat in de zaak van zijn nieuwe papa. Twee motten had ze hem al vandaag gegeven.

Zeer wakker, die freule van tien, een jongedame aan het begin van een nieuw schooljaar:
vandaag al twee motten gegeven en het schooljaar is nog lang. Hopelijk voor haar en voor Steve zelf, leert hij snel.   
Zoë in New York en de kleindochter van TP hier. Twee heldere hoofdjes, elk aan een kant van de oceaan.
Meer wou ik eigenlijk niet zeggen.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt -

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

674. eerste schooldag

wo-01/09/1976

Het  dochtertje van mijn zus Tina was de enige van de nieuwe kleuters 
die niet weende of huilend aan de rokken van haar mama ging hangen.
Toppié  beende dapper en onverschrokken naar de Juf, gaf een handje en
stapte zonder omzien een nieuwe fase van haar leven binnen.
Iets om fier op te zijn, dacht ik. 

Bij de deur wuifde ze wel nog efkes. Zo'n beetje terloops van opzij.
Heel dapper, vond ik mijn nichtje.

Dat Tina daar anders over dacht zag ik aan een stille traan.
De rest van de dag was ze triest omdat haar kleine zo vlot,
bijna gretig haar hand losgelaten had.

Tina had Toppié zo goed voorbereid dat ze uit het oog verloren was
dat ze die eerste dag misschien zichzelf zou moeten schrap zetten. 

m – EZW-2012, HiH-09/2016, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

673. kindervriendschap

een 'oud' vriendenpaar 

Die week las ik in het TV-blad, blz 6 linksonder, iets over een oude kindervriendschap.
En jawel, die tekst kwam uit Wikipedia. Dat is gemakkelijk, geen typewerk, enkel kopie-plak :

          Op 13 september 1952 publiceerde Het Parool het eerste Jip-en-Jannekeverhaal,
         waarin Janneke het nieuwe buurmeisje is van Jip.
         Het laatste verhaal verscheen op 7 september 1957.

         Elk Jip-en-Jannekeverhaal werd door Schmidt in luttele minuten geschreven
         in het rumoerige redactielokaal van Het Parool.
         Sommige belevenissen van Jip en Janneke zijn gebaseerd op
         avonturen die Schmidts zoontje Flip en diens buurmeisje daadwerkelijk beleefden.
         De verhaaltjes werden geïllustreerd door een andere vaste Paroolmedewerkster, Fiep Westendorp.

Vermits zoon Flip in september 1952 -en het buurmeisje misschien ook- vijf jaar oud waren,
dan zijn Jip en Janneke nu vandaag ouder dan 70. Dat is een lang leven voor een personage.

Zo'n 17 jaar geleden kwamen hier twee achternichtjes van LM logeren.
Aan LM 's kant van de familie waren wij toen al grootoom en groottante.

Ze monsterden de boekenkasten.
- Leest gelle dat allemaal ?
- Ja hoor.
- Alles ?
- Ja hoor. (ja, op een paar na)
- LM ook ?
Dit was geen gesprek meer, dit was een verhoor.
- LM nog veel meer dan ik.
Daar werd over nagedacht.
- Wij hebben een nieuw boek bij, zei de oudste.
  Om vanavond voor te lezen. Maar dat boek kent gij niet.
- Laat eens kijken ? vroeg ik.
Ze doorploegde de inhoud van haar tas en haalde iets tevoorschijn.
Van ver herkende ik de silhouetfiguurtjes van Fiep Westendorp.
- Ah! Jip en Janneke, zei ik blij.

                    Afbeeldingsresultaat voor jip en janneke naar school
Ze gaf het boek uit handen en ik bladerde. Het kind bleef stil.
Ik keek op en zag op haar gezicht een mengeling van ongeloof en nog iets.

- Ként gij Jip en Janneke? vroeg ze.
- Ja, natuurlijk.
- Maar ... gij hebt geen kinderen.
- Toen ik klein was las ik zelf Jip en Janneke.
   En ik heb die verhaaltjes jaren voorgelezen aan mijn zussen.

Daar ging haar toverwereldje. Dat een oud mens van toen 50 Jip en Janneke kende,
niet alleen kende maar jaren hun vriendschap gekoesterd had
en zich er nu nog mee verbonden voelde, dat deed af aan de glans van haar boek.
Jip en Janneke waren OUD ?
Toen ik haar snuiteke zag voelde ik me een fossiel.
Het ging niet over wat ik wist of kende, het ging over hun gloednieuw boek dat
háár wereldje was en dat van de kleine zus.
Nog voor het avondeten ben ik begonnen met voorlezen
met alle voorzichtige stembuigingen en intonaties die een fossiel ter beschikking heeft.

-----

Bij dat klein weetje van toen in het TV-blad, blz 6 linksonder vroeg ik me af
hoe het met de kindervriendschap van Flip en het buurmeisje verder gegaan is,
sinds 1952.

m – HiH-09/2016, bijgewerkt - voor meer moois : Afbeeldingen van Jip en Janneke, https://nl.wikipedia.org/wiki/Flip_van_Duyn , 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van 'een heel jaar maart?'

↑ Terug naar de berichten