Naar de inhoud

ALZHEIMER: leven zonder dat je erbij bent

akke.beakke.be

Archief

Mama's ondergebit is gebarsten!

Dinsdagmorgen krijg ik telefoon vanuit het rusthuis. Eén van de verzorgende van mama’s afdeling vertelt me dat mama al weer beter is, maar dat haar ondergebit een barst vertoont. Zij willen het probleempje oplossen en de tandarts verwittigen, als ik daarmee akkoord ga. Maar ik stel voor om meteen het gebit te komen halen en het zelf naar het tandlabo te brengen. Dit werkt het snelst en zo hoeft mama niet lang haar gebit te missen.

Ik vraag me niet af wat er met het gebit gebeurd is. Weken geleden zag Arsène dat mama haar gebit uitnam en weggooide. Dus ja … dan kan er wel eens iets verkeerd gaan! Het hele grapje kost 50 euro, maar in het tandlabo wordt beloofd om vandaag nog de reparatie te doen en ze zullen zelf het gebit in het rusthuis terugbezorgen. Prachtig!

Rond vijf uur, - ik hoop dat mama haar gebit terug heeft tegen etenstijd -, bel ik naar de afdeling. Neen, geen gebit! Ik ben meteen weer al overbezorgd. Hoe moet mama nu eten zonder gebit? De verzorgende legt me uit dat mama al klaar is met eten. “Ik heb haar zonet eten gegeven. Zij heeft haar boterhammetjes en yoghurt al op en dat lukte ook zonder ondergebit. Een kiwi hebben we haar, met die diarree van gisteren, toch maar niet gegeven.”  De bejaardenhelpster vertelt me bovendien dat mama nu al in bed ligt. “Het ziek zijn van gisteren heeft haar uitgeput. Ze was te moe om nog langer op te blijven,” legt ze uit, “maar maak je maar geen zorgen.” Als ik dat hoor, denk ik tevreden: er wordt toch goed voor mama gezorgd.

Enkele minuten later rinkelt de telefoon opnieuw. Mama’s afdeling, weer dezelfde bejaardenhelpster: “Ellen, ik bel je nog even om te zeggen dat je ma’s gebit net is teruggebracht. Je hoeft je dus geen zorgen meer te maken, hé?”  Ik ben blij dat de verzorgende, ondanks de drukte tijdens de etenstijd, de moeite neemt om mij nog even te bellen en mij gerust te stellen. Alles is weer opgelost en met mama komt het ook weer goed.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Mama is ziek!

Maandag is mama ziek. Ze brengt de dag door in bed. Ze moet overgeven en heeft diarree.

Zitten de verwennerijen van de feestdagen er voor iets tussen of is het gewoon een ‘plaagje’?

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Tweede nieuwjaarsdag: wat muziek en een babbel!

Ook op tweede nieuwjaarsdag is het een drukte van jewelste in de cafetaria. Vele bejaarden worden dus niet vergeten en hebben de familie, die hun beste nieuwjaarswensen komen brengen, op bezoek. Ik verkies wederom de rust van mama’s kamer.

Mama zit in haar zetel als ik de radio/cd-speler uit de kast haal. Voor de eerste keer gunt ze het ‘zwarte ding’ een blik. Ik leg de cd op en ga naast haar zitten. En ik kijk er van op, want mama geniet nu ook van sommige trage nummers. Af en toe sluit ze haar ogen en beweegt ze zachtjes heen en weer met haar hoofd op het ritme van de muziek. “Mooi, hé?” zegt ze soms. Maar heel snel is ze weer afgeleid en praat ze tegen het om even wat: de tafel, het stenen beeld van de teckel Rimpel, … en ja, ook tegen mij. Onsamenhangend! Toch raken sommige nummers haar weer zo erg dat ze opnieuw emotioneel wordt. Ik maar vlug doorspoelen, dus.

Bij het liedje ‘In the mood’, wordt ze net als de vorige keer, heel vrolijk. “Kom we zijn weg,” zegt ze opgewekt. Ik help haar uit de zetel, maar verder dan gewoon met moeite rechtop blijven, komt ze niet. Toch legt mama haar linker hand in mijn rechter hand en haar rechter arm legt ze om mijn rug. We staan in de perfecte houding om te dansen. “Eén, twee …” geeft mama de maat aan. We verzetten geen stap, maar opnieuw wiegt ze zachtjes heen en weer in mijn armen. 

Na een rustige namiddag op haar kamer breng ik haar tegen etenstijd naar de leefruimte. Mama zit op de kop van de lange tafel en ik ga naast haar zitten. ’Alieske’ zit links van mama, hoog bejaard, dement dat wel, maar nog rad van tong. Aan mama’s rechter kant zit een andere dame, dement, slank en zeer lang.
 
‘Alieske’ toont haar beker koffie en vraagt beleefd of ik die wil. “Neen, het is jouw koffie, bedankt,”  antwoord ik. Ze vraagt het dan maar nog eens, maar nu in het Frans. “Non, merci c’est à vous,” zeg ik. En dan is ‘Alieske’, die perfect Nederlands spreekt, ineens vertrokken voor een babbel in het Frans. De dame, die rechtover haar zit, kijkt haar verbolgen aan. Ik krijg een zachte duw en de dame vraagt mij: “Waarom spreekt zij Frans?” “Omdat zij eigenlijk afkomstig is van Frankrijk en misschien graag af en toe nog eens Frans praat,”  leg ik uit. “Vous êtes Parisienne, hé?”  vraag ik aan ‘Alieske’. Waarop ze trots antwoordt: “Oui, je suis Parisienne!”  De andere dame gaat nu ook in het Frans praten tegen ‘Alieske’, maar door haar zachte stem bereiken de woorden de overkant van de tafel niet. ‘Alieske’ schudt onbegrijpend haar hoofd: “ Ik versta haar niet … ik versta er niets van …,”  zegt ze tegen mij. Door de dame aan de andere kant word ik opnieuw aangepord. “Zeg, nu haal ik mijn beste Frans boven en ze begrijpt me nu nog niet,”  klinkt het teleurgesteld. De dame praat zachtjes tegen mij verder: “Oh ja, we wonen toch in een land waar er twee talen gesproken worden, hé? Er zijn er die Frans spreken en anderen spreken Vlaams hé?”  En ineens vindt ze het niet erg meer dat Alice Frans spreekt. Ik schrik er echt wel van dat deze demente dame nog zo helder denkt. Dan komt zij wat samenzweerderig dicht bij mij aanleunen. Nu komt het denk ik: de problemen tussen Walen en Vlamingen? Maar heel geheimzinnig zegt ze tegen mij: “Er zijn hier geen kleine mensen.”  Als ik domweg zeg: “Neen, er zijn hier geen kinderen,”  ga ik volledig de mist in met dit antwoord. “Natuurlijk niet,”  zegt de dame, “hier zijn geen kinderen. Maar er zijn hier ook geen kleine mensen. Alleen maar grote, lange mensen … kijk maar!” Ze wijst de zaal rond. Ik zie ineengekrompen oudjes met gebogen rug, een door reuma ineengegroeid heel klein vrouwtje, ik kijk naar mama die met haar 163 cm niet van de allergrootste is, ik kijk naar Alice die nog kleiner is. “Je hebt gelijk,” zeg ik “allemaal grote mensen!”  De dame knikt me tevreden toe. Weg, die helderheid! 

Mama heeft ondertussen stilzwijgend haar boterhammen, kiwi en vanillepap op. Ik neem afscheid, geef mama een dikke zoen, groet mijn ‘gesprekspartners’ en ga naar huis.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Nieuwjaarsdag bij mama!

Arsène en ik gaan op nieuwjaarsdag naar mama. Onze nieuwjaarswensen gaan aan mama voorbij, maar ze lijkt blij dat wij er zijn.

Na een kort bezoekje aan de cafetaria, gaan we terug naar mama’s kamer. We willen haar nog wat muziek laten horen en zien hoe ze reageert. Mama zit in haar zetel, maar zonder het tafeltje ervoor. Zo krijgt ze wat meer bewegingsvrijheid. Arsène en ik gaan naast haar zitten en opnieuw draaien we de cd met haar favoriete muziek. Arsène merkt het nu ook: de trage nummers zeggen mama weinig. Toch sluit ze soms haar ogen en wiegt dan zachtjes mee met de muziek. Heel af en toe wordt ze weemoedig, en dat was zeker onze bedoeling niet. Herinneringen aan vroeger?

Maar als ‘In the Mood’ van Glenn Miller draait, een flink 'uptempo' nummer, komt er heel wat leven in mama. Ik zeg haar dat pa, die een goede muzikant was, dat op zijn saxofoon speelde. “Weet je nog mama?”  Maar vol ongeloof en onbegrip kijkt ze me aan. Dat zegt haar totaal niets meer. Maar mama beweegt, weliswaar slecht gecoördineerd, mee op de tonen van de muziek. Even lijkt het alsof ze danst in haar zetel. Ze lacht en geniet, haar benen en voeten wippen op en neer.

Bij een traag liedje, een ‘plakker’ uit mama’s jonge tijd, help ik haar uit de zetel. Ze staat met moeite recht op haar voeten en ik neem haar stevig vast. “Pas toch op dat ze niet valt,” zegt Arsène bezorgd. Maar in mijn armen wiegt ze heen en weer op de muziek. Mama en ik ‘dansen’! Een prachtige eerste dag van het jaar en Arsène neemt alvast het goede voornemen om een nieuwe cd te maken voor mama, vol met opgewekte, tempovolle liedjes!

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
2 reacties Reageer op dit bericht

Muziek en de ziekte van Alzheimer?

Het was ons al eerder opgevallen: mama reageert nog steeds op muziek.

Op 21 december 2010 zagen we de uitzending ‘Koppen XL’, waarin werd getoond hoe Alzheimerpatiënten nog vreugde vonden in het zingen. Samen met de gezonde koorleden zongen zij en dat deed hen goed. Het maakte hen blij en sommigen werden er achteraf vooral rustig van. Bekijk maar eens dit kort inleidend fragment:

Het zou misschien goed zijn om wat meer muziek in mama’s leven te brengen. Arsène en ik gingen op pad en kochten een radio/cd-speler voor mama. Arsène maakte een cd vol met mama’s lievelingsmuziek.

Woensdagnamiddag probeer ik het voor het eerst uit. Denise en ik zitten bij mama op de kamer en ik leg de cd op. Het valt eerst een beetje tegen. Op alle trage, romantische liedjes reageert mama nauwelijks. Enkel als er voldoende ritme in het liedje zit, gaat ze glunderen en beweegt ze mee op de muziek. Toch zegt ze plots: “Mooi, hé?”  Denise en ik zijn er zeker van dat ze ervan geniet. Muziek doet haar goed!

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

Kerstdag in het rusthuis!

Arsène en ik gaan op kerstdag naar mama. Ze zit een beetje verdwaasd en wat huilerig voor de televisie in de leefruimte.

We nemen haar mee naar haar kamer. Dan lacht ze, dan zet ze een gezicht op alsof ze gaat wenen. Mama beleeft de ene emotie na de andere. Ik maak me al meteen zorgen omdat ze niet vrolijk is. Zou ze even een helder moment hebben gehad? Zou ze even beseft hebben hoe zij nu de kerstdagen doorbrengt, in het rusthuis en niet bij haar kinderen? Maar Arsène blijft er nuchter bij. “Wel neen, dat kan niet …” verzekert hij mij troostend. En na enkele minuten op haar kamer, blijkt dat hij gelijk heeft. Mama wordt weer blij, wordt geknuffeld en knuffelt ons.

Karoline wipt even binnen met Marcel. Er wordt wat heen en weer gezoend en een zalige kerst gewenst. Wat later gaan we met zijn allen naar de cafetaria.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

Kerstmis komt er aan!

Mama is in bad geweest deze morgen. Ze is netjes aangekleed en ze ruikt zó lekker. Ik draai haar haar in de krulspelden en föhn het. Als ik klaar ben en haar haar is opgeborsteld, bedenk ik hoe mooi ze is. Dat bijna rimpelloze, fijne gezichtje dat me glimlachend aanstaart.

Ik mijmer weg dat het vanavond kerstavond is en dat we dat vroeger altijd samen bij ons thuis vierden. Lekker eten, een fles goede wijn en veel, veel pakjes onder de kerstboom …

Maar mama geeft me geen tijd om verder weg te dromen. ”Kom, we zijn weg,” zegt ze. Mama moet van de stoel waar ze op zit, terug in haar zetel plaatsnemen. De laatste weken vraag ik hiervoor steeds hulp. Ze is té slecht te been en ik ben doodsbenauwd dat ze zou vallen. Bovendien moet ik mijn rug ‘sparen’, slijtage aan enkele wervels zorgt voor pijn en af en toe een slapend bovenbeen. Dus mama alleen recht heffen en haar vooral rechtop houden, is er voorlopig niet bij. Maar vandaag krijg ik niet de kans om op hulp van een verzorgende te wachten. Mama probeert alleen recht te staan. Ik steek vlug mijn arm in haar arm en ondersteun haar zo goed ik kan. Met haar vrije hand steunt ze op de leuning van de stoel. En recht staat ze! Ik ben verbaasd en verrast.

En het blijft niet bij rechtstaan alleen. Mama schuifelt aan mijn arm, voetje voor voetje, door haar kamer. Ik rij vlug haar zetel tot net vóór haar, zodat die kan dienen als looprek. Maar mama wil het handvat niet grijpen en stapt geduldig schoorvoetend aan mijn arm de kamer uit. Ik ben apetrots en kijk of iedereen wel ziet hoe goed zij dat doet. Maar het personeel is al druk bezig met de tafelschikking voor het kerstavondfeest. Het is middag en de soep wordt ondertussen ook uitgedeeld. Iedereen heeft de handen vol. Niemand die er van opkijkt dat ik met mama wandelend de leefruimte binnenkom. Ik sta nog eventjes met mama aan mijn arm wat rond te kijken, maar dan wordt ze met hulp van een verzorgende terug in haar zetel gezet, tafeltje er voor en daar zit ze weer. Opgesloten voor haar eigen veiligheid. Maar mama blijft me glimlachend aankijken. Ik geef haar een pak dikke zoenen en ga weg.

Zij zal voor het derde jaar op rij, kerstavond vieren in het rusthuis. Voor Arsène en mij is het voor het eerst, sinds mama op kerstavond niet bij ons kan zijn, dat we niet zijn 'weggevlucht' zijn uit onze vertrouwde omgeving. We blijven thuis. Lekker eten, een goed wijntje … maar de pakjes onder de kerstboom hebben we achterwege gelaten … mama is er niet bij!

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

Lachen met iemand anders miserie?

Karoline is deze week opgenomen in het ziekenhuis voor een kleine ingreep. Ze moest dringend behandeld worden om haar van de hevigste pijn in haar rug te verlossen. Donderdag was ze terug thuis en vrijdag kwam ze al bij Marcel op bezoek, met pijn! Ze had hem twee dagen moeten missen en dat was voor haar al veel te lang.

Omdat ze zelf geen auto mag rijden, bracht de buurman haar door sneeuw en ijs naar het rusthuis. Zo ook deze namiddag. Onze auto staat ondergesneeuwd en ze pikken mij op, zodat ook ik naar mama kan.

We gaan met ons allen naar de cafetaria, waar voor één keer op zondag weinig of geen volk is. Karoline, die naast ‘haar ventje’ en naast mama zit, doet het verhaal van de behandeling. Mama zit aandachtig Karoline te bekijken en het lijkt of ze het gesprek volgt. Karoline vertelt dat het vaak vrij pijnlijk was, ze moest 4 uur plat op bed blijven liggen na de ingreep, en bovendien al liggend eten. Bij het horen van dit alles gaat mama, die Karoline voortdurend in de gaten houdt, hartelijk aan het lachen. “… Je moet dat maar eens proberen en ze hadden bovendien ’s middags mijn vlees niet gesneden ... was dat sukkelen al neerliggend op mijn rug…, “ legt ze uit. En mama maar lachen. “Ja maar Marcella, ge moet daar niet mee lachen, hoor,” zegt Karoline lief vermanend. Maar mama schatert het uit.
 
Karoline beseft gelukkig dat mama dat helemaal niet kwaad bedoelt, dat ze eigenlijk geen woord van het hele verhaal heeft begrepen. Mama is gek op Karoline en zou nooit met haar volle verstand lachen om al die miserie. Maar ze heeft helaas niet het minste besef van wat er gaande is met Karoline. En dat weet Karoline ook. Even later zitten ze hand in hand samen te lachen. Geen probleem!
 
En Marcel, die dommelt af en toe zachtjes in en stoort zich ook weinig aan de gezondheidsproblemen van zijn vrouwtje. Zeker niet omdat hem dit niet interesseert, maar omdat woorden op hem geen indruk meer maken. Dat is Alzheimer!

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
2 reacties Reageer op dit bericht

Kerstmarkt in het rusthuis.

Woensdagnamiddag is er een kerstmarkt georganiseerd in de inkomhall en in het lokaal dagverzorging van het rusthuis. Er heerst een drukte van jewelste. Het personeel en vele vrijwilligers hebben hun beste beentje voorgezet. Zij staan achter allerlei leuke kraampjes hun waar aan te prijzen: zelfgemaakte advocaat, zelfgemaakte rijstpap, zelfgemaakte kerststukjes, kerstkaartjes … er is zelfs een kraampje waar je enkel en alleen al voor een prikje ingepakte cadeautjes kan kopen. Grappig, en door een kleinigheid te kopen steun je de kas van het rusthuis, waarmee dan weer activiteiten en animaties worden georganiseerd die ten goede komen aan de bewoners. In het midden van de hall staat een kraam waar je aan de jenever kunt of genieten van een warme glühwein. De kerstman is ook van de partij en als het koor, begeleid door gitaar en viool, zijn kerstgezangen inzet is de kerstsfeer kompleet.

Denise, Arsène, ik en mama in rolstoel wachten Lydia, mijn vriendin sinds kindsbeen, en haar ma, Yvonne, op in de hall. Als ik hen arm in arm zie binnenkomen, krijg ik een krop in de keel. Ik voel wat afgunst als ik hen zo samen zie. Yvonne is slechts twee jaar jonger dan mama, maar op wat kleine kwaaltjes na, nog goed gezond. Moeder en dochter, Yvonne en Lydia, hebben dezelfde band met elkaar als ik met mama. Alleen kunnen zij nog met elkaar van zo vele dingen samen genieten.

Er wordt uitbundig gekust, mama ondergaat de begroetingen, want al kent ze deze mensen al zo’n vijftig jaar, ze weet bij God niet wie ze zijn. Maar mama lacht, ze lijkt heel tevreden. Yvonne is onder de indruk van de achteruitgang van mama en heeft het er eventjes moeilijk mee. “Ze is plots zo een oud vrouwtje geworden,”  zegt ze stilletjes tegen mij. We lopen de kraampjes langs en er wordt wat gekocht. Dit alles gaat aan mama voorbij. Maar als het koor zingt, heeft mama wel ineens interesse. Ze beweegt mee op de klanken van de muziek en het gezang. Mooi om te zien.

En dan is het hoogtijd voor een koffie. De cafetaria zit echter afgeladen vol en een plekje voor ons is er niet meer. We besluiten dan maar om naar mama’s afdeling terug te keren. Daar kiezen we op het einde van één van de gangen een zithoek uit en gaan daar met zijn zessen gezellig rond de tafel wat bijpraten.

810822-649ad2dd980bfac802ed90931e8c87ce.jpg

Lydia en ik halen koffie en gebak in de cafetaria en brengen, met hulp van de directeur van het rusthuis, alles naar boven. Daar genieten we in alle privacy van het samen zijn. Als Lydia aan het vertellen gaat en lacht, stoot mama mij aan. Ze zit plots geboeid in Lydia’s richting te kijken. Gaat er bij haar plots een lichtje branden? Herkent ze Lydia’s stem? “Ja, dat is Lydia, hé mama,”  zeg ik. Mama kijkt me glimlachend en goedkeurend aan. En weg is haar aandacht. Maar aan haar gezichtje zie ik dat ze blij is. Mama geniet er van op haar eigen manier en het is een geslaagde namiddag. Moeten we maar eens meer doen!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Meer van ALZHEIMER: leven zonder dat je erbij bent

↑ Terug naar de berichten