Naar de inhoud

ALZHEIMER: leven zonder dat je erbij bent

akke.beakke.be

Archief

Terug thuis!

Om 16u30 komen we zondagnamiddag, na drie weken vakantie in de Provence, weer thuis. De valiezen worden vlug uit de auto geladen en we rijden dan meteen richting rusthuis. Met een bang hartje, want zal mama ons nog herkennen?

Ze zit samen met vele andere bewoners televisie te kijken. Ik ga vóór haar staan en zeg: “Dag mama.” Ze kijkt me aan en steekt haar armen naar me uit. Mama weet wie ik ben! Als ze daarna ook Arsène eens goed vast neemt en zegt: “Hè, dag jongen”, dan valt er een pak van mijn hart.

We gaan samen wandelen en daarna iets drinken op het terras van de cafetaria. Het voelt goed om weer bij haar te zijn, om gewoon naast haar te zitten. Arsène krijgt vele schouderklopjes en wordt weer over zijn dikke buik geaaid. Dat blijft mama maar leuk vinden. De ene keer zegt ze: “Dag jongen”, de volgende keer zegt ze lachend: “Dag meneer.”  Maar als ze tussen haar wartaaltje in, mijn hoofd zachtjes en zo liefdevol in haar handen neemt en me een klinkende zoen geeft, voel ik me gelukkig. We zijn weer samen, alles is goed!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Heeft zij ons gemist? Wij haar wel!

Arsène en ik hebben het hier in onze geliefde Provence zeer naar onze zin. We kunnen ook dit jaar weer zorgeloos genieten. We weten, door de vele mailtjes van Denise en Karoline, dat het goed gaat met mama. Zij geven haar, net zoals vorig jaar, alle twee weer die extra aandacht omdat wij er niet zijn. Ze wordt door die twee schatten van mensen enorm vertroeteld. En laat het datgene zijn waar mama zo van houdt: vertroeteld worden. “Op een enkele huilbui na is ze heel de tijd opgewekt en na onze wandeling zit mama ’s avonds lachend aan tafel met Marcel en Karoline”, mailde mij Denise. Zij en Karoline hebben mij voortdurend met hun berichtjes gerustgesteld en verzekerden mij dat mama mij niet mist.

Maar ik mis haar wel, vaak bij de kleinste dingen. Zoals deze morgen bij het ontbijt. Arsène en ik aten van de heerlijke door onze gastvrouw Andrée zelfgemaakte abrikozenconfituur. Mama was er verzot op. En hup, meteen dachten we weer aan haar. ”Weet je nog”, zei Arsène, “mama kon zelfs van de abrikozen aan de boom in de tuin niet afblijven.”

abrikozen en mama

Dikwijls haalden wij tijdens onze vakantie leuke herinneringen op van toen mama er nog bij was. Heeft zij ons gemist? Wij haar wel!

Het wordt toch weer een beetje bang afwachten voor het weerzien. Zal ze mij en Arsène nog herkennen? Zal ze blij zijn van ons terug te zien? Maandag zullen we het weten.

Toch nog even van de laatste dagen in de Provence genieten!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Herbronnen in de Provence?

Alzheimer of niet, de wereld draait door, het leven gaat verder. En al gaan de seizoenen aan mama voorbij zonder dat ze daar nog veel van merkt, het is weer zomer geworden. Het verlof komt er aan.

Volgende week maandag vertrekken Arsène en ik op reis. We gaan naar onze geliefde stek in de Provence. Dit jaar al voor de derde keer op rij zonder mama. Mijn bezorgdheid neemt toe met het naderen van de vertrekdatum. Zal alles goed gaan met haar? Zal ze mij missen? Zal ze mij nog herkennen als ik na drie weken terug ben? ...

Haar achterlaten valt me weer zwaar, ook dit jaar. Instructies werden al gegeven in het rusthuis. Ik blijf hen maar, waarschijnlijk tot vervelends toe voor het personeel, op het hart drukken extra goed voor mama te zorgen. Denise zal weer bijna elke dag liefdevol op post zijn voor mama’s dagelijkse wandelingen. Karoline spoorde mij ook al aan om onbezorgd te genieten. Ze is bijna elke namiddag en avond bij Marcel, en ze verzekert mij dat ze ook mama zal mee vertroetelen. Aandacht en knuffels, mama zal ze krijgen!

De laptop gaat mee op reis, en deze twee schatten van mensen zullen regelmatig verslag uitbrengen van het thuisfront per e-mail, net zoals vorig jaar. Dus toch maar zorgeloos herbronnen in de Provence?

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
2 reacties Reageer op dit bericht

'œRefaire une santé morale !'

Het filmpje van de kermis hebben we ook doorgemaild naar onze Franse vrienden. Al jaren kennen we elkaar. Ze wonen in een prachtige oude ‘Mas’, gelegen midden de wijngaarden in de Provence, met uitzicht op de Mont Ventoux. We gingen er voor de eerste keer in 1998 naar toe met mama en pa. De formule ‘chambre d’hôte’, beviel ons zo goed, dat we met zijn vieren jaarlijks teruggingen.

381955-19c46d94ac47a3494d1f989486c6c702.jpg

381955-4f396800a41e956f2d88bbe8d8e7fbbd.jpg

Na pa’s overlijden, gingen we met zijn drietjes daar onze zomervakantie doorbrengen. Charles en Andrée, de eigenaars, werden vrienden. Ze hebben mama gekend, toen ze nog gezond was. Ze merkten ook, de laatste jaren dat mama nog meeging op reis, de eerste tekenen op van haar ziekte. Haar toen al soms heel afwezige blik en het verloren lopen in de tuin, die ze zo goed kende …

Na het zien van het filmpje mailde Andrée: “Nous avons été très émus de revoir Marcella dans ce nouvel "état". On la sent vraiment heureuse à certains moments, et pour Ellen, cela doit être un réconfort, mais nous comprenons votre tristesse et combien cette situation doit être difficile à vivre !!! Vous allez bientôt pouvoir oublier un peu tout cela, et venir vous refaire une santé morale au son des cigales. A très bientôt et grosses bises de nous deux."  (Vrij vertaald: Wij waren zeer ontroerd om Marcella zó terug te zien. We zien dat zij van tijd tot tijd nog gelukkige momenten beleefd en dat is voor Ellen wellicht een troost. Wij begrijpen jullie verdriet en beseffen hoe moeilijk het moet zijn om hiermee te leven. Binnenkort kunnen jullie alles een beetje vergeten en jullie hier herbronnen bij het gezang van de krekels. Tot binnenkort en dikke kussen van ons twee.)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Met mama naar de groenten- en fruitwinkel !

Mama en ik zijn met dit prachtige zomerweer gaan wandelen. We komen voorbij de grote bloemen-, groenten- en fruitwinkel, waar mama vroeger, toen ze nog gezond was, een wekelijkse klant was. Ik piep even binnen en zie dat het er niet druk is. Dus ik stap met mama aan mijn arm naar binnen. “Kom mama, we gaan wat fruit kopen” zeg ik. “Dat is goed” antwoordt mama.

Ze is in maanden niet meer in een winkel geweest en ze kijkt dan ook heel verbaasd rond. “Mooi …mooi …” zegt ze verwonderd. Ze raakt meteen met de toppen van haar vingers de geurende perziken aan. “Niet doen”  zeg ik stilletjes, “niet aan het fruit komen.”  “Dat doe ik niet!” antwoordt ze kordaat.

Ik merk al heel vlug dat met mama de winkel binnengaan niet zo een goed idee was. Alles waar ze bij kan, wil ze aanraken. Ik houd haar bij de hand en blijf voortdurend zeggen dat ze nergens mag aankomen. Dat ik dat moet doen, vind ik heel gênant voor mama en ik voel er mezelf helemaal niet goed bij. Het dringt gelukkig niet tot haar door dat ze door haar dochter net als een klein kind wordt behandeld.

Als mama op de toog een grote kist met prachtige rode kersen ontdekt, is de verleiding te groot. Ze graait meteen met haar hand door de kersen. “Niet doen”, zeg ik nu een beetje geërgerd. “Oh, laat haar toch een kers nemen” zegt Isabelle, die samen met haar man deze zaak runt. Dat laat mama zich geen twee keer zeggen. Ondertussen betaal ik mijn rekening, want eigenlijk wil ik zo vlug mogelijk terug naar buiten. Ik zie nog net dat mama het pitje uit haar mond neemt en netjes in de bak, tussen de verse kersen, deponeert. Ik neem vlug het pitje weg en gooi het in de vuilbak, die Isabelle mij voorhoudt. “Dat is toch niet erg” vergoelijkt ze glimlachend mama. “Ze zit hier rechtover zeker?” vraagt ze nog een beetje onhandig, waarmee ze het rusthuis bedoeld. “Ja”, antwoord ik. We zeggen vlug gedag, vóór mama nog meer van die heerlijke kersen smult.

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

'œMaar gij trekt goed op ons Ellen!'

Karoline heeft gisteren aardbeien meegebracht voor Marcel en mama. Vandaag kan zij niet komen en ik heb haar beloofd dat ik er wel zou voor zorgen dat onze twee lievelingen maandag aardbeien zouden eten. Ik neem Marcel en mama mee naar mama’s kamer. Ze staan beiden geïnteresseerd bij mij als ik de vruchtjes spoel, van hun groen kopje ontdoe en op de bordjes leg. Ze drentelen achter mij aan naar het kleine eettafeltje en gaan beiden zitten. Ik snij de aardbeien in stukjes, geef hen elk een bordje en een lepeltje. Mama is uitbundig dat de aardbeien zo lekker zijn, Marcel eet rustig en bevestigd met een simpele “Ja… ja”  dat het hem smaakt. Ik ga bij hen aan tafel zitten en het tafereeltje heeft iets heel huiselijk, iets intiem. Helemaal anders dan de sfeer in de grote leefruimte. Ik vind dit best gezellig. Tot mama mij ineens met gefronste wenkbrauwen aankijkt en zegt: “Maar gij trekt goed op ons Ellen!”  Ik antwoord: “Ja, ik ben ook Ellen.”  Waarop mama reageert met “Oh” en gewoon verder haar aardbeien opeet.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

'œVoorzichtig zijn, hé!'

Zaterdagnamiddag staan mama en ik klaar om te gaan wandelen. Terwijl ik mijn handtas neem, heeft mama zelf haar rits van haar jasje al dichtgedaan. Meestal lukt haar dit niet, maar vandaag heeft ze daar geen enkel probleem mee. “ ’t Is al toe!”  zegt ze trots. Als we buiten komen, voelt het windje fris aan. “Ik ga ook mijn jas dichtdoen” zeg ik tegen mama. “Dat moet je doen, kind, het is veel te koud” antwoordt ze. Ik reik haar mijn handtas aan en vraag of ze die even wil vasthouden. “Hm,” lacht ze, “ als ik niet wil, moet ik ook”,  maar met alle plezier neemt ze vlug de handtas vast. Ik sta versteld van haar antwoorden deze namiddag.

In de verte komt een dame op ons afgestapt. Mama staat stil, kijkt in de richting van de dame en vraagt: “Is dat Denise? Kijk ‘n keer, want ik zie dat niet zo goed.”   Ze geeft me een beetje ongeduldig een klein duwtje en vraagt opnieuw: “Is ’t Denise?”  Ik ben echt verbaasd. Het is al zo lang geleden dat ze de naam van Denise nog uitsprak. Ik vertel haar voor de zoveelste keer al deze week, dat Denise op reis is en morgen weer thuis komt. “Dat is goed”  zegt ze. Zou ze de bezoekjes van Denise gemist hebben deze week?

We wandelen verder en mama praat ineens weer tegen de bloemen die we op onze weg tegen komen en tegen de blaadjes die op de grond liggen. De verlichtingspaal die haar verhindert rechtdoor op het voetpad te blijven, krijgt een uitbrander omdat hij in de weg staat. Van de ene minuut op de andere is ze weer veranderd in mijn ‘Alzheimer-mama’.

Na de wandeling doet ons ‘zoetemuiltje’ zich nog te goed aan een duo van chocolade-mousse. Bij het eerste hapje sluit ze haar ogen en zegt: "Goed ... goed!"  Meteen schept ze haar lepel vol en ze houdt hem mij voor. Met een veelzeggend knikje, wijst ze naar de lekkernij. Ik moet proeven! En ja, het is heel lekker. Langzaam, echt genietend, eet ze de chocolademousse op. 

’s Avonds zit ze bij Marcel en Karoline aan tafel voor het avondeten. Ik neem afscheid, geef mama een dikke zoen, krijg er één terug en ze zegt: “Voorzichtig zijn hé!”  Karoline is ontroerd door mama’s bezorgdheid: “Dat zegt ze elke keer, Ellen als jij weggaat.”  Ja, sinds papa in 1968 verongelukte, ben ik nog nooit bij haar weggegaan zonder dat ze deze woorden tegen mij zei. Zelfs nu nog niet!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

'œJa, maar dat klein ding !'

Mama en ik zitten gezellig buiten op het terras. Zij heeft al verscheidene keren mij met mijn naam aangesproken, dus ze weet vandaag heel goed wie ik ben. Terwijl ze met smaak haar pannenkoeken opeet, vraagt ze: “Waar zijn mijn ma en mijn pa?”  “Die zijn alle twee thuis gebleven” stel ik haar gerust. Ze vindt dit blijkbaar goed, want ze eet rustig door. Maar plots is mama in paniek: “Waar is ons Ellen?”  Ongecontroleerd kijkt ze alle kanten op, op zoek naar mij. Ik leg mijn hand op haar arm en zeg: “Hier mama, ik ben Ellen, ik zit naast je.”  Ze kijkt me aan en nog steeds een beetje ongerust antwoordt ze: “Ja, maar dat klein ding … ik denk altijd, ik neem haar op en ik heb ze, maar dat is niet waar!”  Mama zit ineens weer heel ver in de tijd terug, de tijd toen ik nog een ‘klein ding’ was. Een vliegensvlug klein ukje, dat al rondliep onder de tafels door, toen het pas negen maanden oud was en blijkbaar niet zo gemakkelijk te pakken was. Dat verhaal werd vroeger te pas en te onpas door mijn fiere ouders en zelfs door mijn grootouders weer opgehaald. Gelukkig ebt haar bezorgdheid langzaam weer weg.

Arm en arm maken we nog een korte wandeling, genietend van het zonnetje. En dan is mama weer plots bij de tijd, want ze vraagt heel gewoon: “Binnenkort vertrekken wij weer naar Frankrijk zeker?”  Mijn haren komen recht als ik dit hoor, een rilling gaat dwars door mij heen. Jaren ging ze met ons mee op reis naar de Provence, maar nu kan dat niet meer. Door mama’s ziekte heb ik geleerd, dat een leugentje om bestwil, wel eens kan. Maar het is zo verdomd moeilijk. Ik antwoord heel stilletjes: “Ja, binnenkort gaan wij terug naar Frankrijk.”  Ze kijkt me lachend en tevreden aan, waardoor ik mij nog ellendiger voel.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
1 reactie Reageer op dit bericht

Op stap met mama, Karoline en Marcel.

Vandaag is het Vaderdag. We profiteren van de schaarse opklaringen om met mama, Karoline en Marcel even een blokje om te gaan. Arsène schiet ondertussen zijn eerst filmpje met ons nieuw cameraatje. Marcel loopt stilletjes, zoals we het van hem gewend zijn, aan Karoline’s hand. Mama loopt tevreden aan mijn arm. Ze babbelt of maakt van die gekke geluidjes. Ze vindt dat zelf heel grappig, want ze moet er hartelijk om lachen.

Na de wandeling gaan we met zijn allen iets drinken op het terras van de cafetaria. Mama is druk, doet weer een beetje gek en Marcel heeft er enorm plezier in. Een dame, die schuin tegenover ons zit, staart mama voortdurend aan. Ik weet dat het voor een buitenstaander raar om zien is, maar toch vind ik het niet leuk dat ze zo wordt in de gaten gehouden.

Misschien de volgende keer maar dadelijk reageren, in plaats van mij nu langzaam te zitten ergeren?

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van ALZHEIMER: leven zonder dat je erbij bent

↑ Terug naar de berichten