Naar de inhoud

ALZHEIMER: leven zonder dat je erbij bent

akke.beakke.be

Archief

Mama's stemmingen wisselen zo vlug.

Zaterdagnamiddag stap ik uit de lift en zie mama zitten. Ze zit eenzaam op een stoel aan tafel in de leefruimte, met haar rug naar mij gekeerd. Maar ik zie het al meteen aan haar schokkende schoudertjes, ze heeft weer verdriet. Ik stap op haar toe, haar ogen zijn rood omrand van het wenen. “Oh kind, ik kon niet komen” barst ze in tranen uit. “Maar ik ben nu toch hier, mama”  troost ik haar. De ene huilbui na de andere volgt. Ik weet wat me te doen staat: jas aan en naar buiten. Van zodra we in het park lopen, gaat het weer beter met haar. We gaan deze keer maar niet naar de cafetaria. Maar gaan rustig met ons tweetjes op een bank zitten in het lentezonnetje. Een uurtje later zijn we terug op haar kamer, de tranen zijn vergeten en ze kan weer lachen.

Als ik woensdagnamiddag toekom, is Denise al bij haar. Mama ziet er tevreden uit. De laatste tijd is ze meer en meer gehecht geraakt aan Denise, die vaak bij haar op bezoek komt. En als gepensioneerd verpleegster, zit het zorgen en verzorgen voor mensen, haar nog steeds in het bloed. Vaak valt het mij op hoe liefdevol ze met mama omgaat.

Vandaag vindt ze dat mama, die vroeger altijd zo netjes voor de dag kwam, zó niet mee naar buiten kan. Mama’s kleren zijn inderdaad niet meer proper, overal zitten vlekken op. We overleggen samen dat ze maar beter een andere bloes en broek kan aantrekken. We openen de kast, nemen nieuwe kleren en kleden met ons tweetjes mama uit en weer aan. Ik bedenk dat mama een jaartje geleden nog boos kon zijn als Denise haar kast opende om haar jas er uit te halen. Zelf kon ze dat toen al niet meer, ze had toen ook al hulp nodig. Maar stiekem zei ze toen tegen mij: “Ik zit bij haar toch ook niet in de kasten!”  Nu doet het haar niets meer, ze laat zich geduldig een andere broek en bloes aandoen. Ik heb de indruk dat ze wel geniet van al die aandacht.

Blij als een kind is ze als ik haar vertel dat Arsène om 5 uur naar de cafetaria komt. “Oh, allemaal weer samen!”

Op ons wandelingetje in het park komt de hoofdverpleegster naar ons toe. Ze vertelt dat mama deze middag weer zo verschrikkelijk verdrietig was. Ze heeft mama bij haar genomen in haar kantoor. Toen de hoofdverpleegster haar vroeg wat er scheelde, antwoordde mama al wenend: “’t Is mijn hoofd…’t is mijn hoofd!”

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Een 'œsnee' in mama's portemonnee.

Gisteren kregen we een brief van het rusthuis. Een prijsstijging vanaf 1 juli 2008 met 4,04 %! De dagprijs wordt nu vastgelegd op 42,74 € per dag. De laatste prijsaanpassing was op 1 juli 2007. Op de achterzijde van deze brief kan je lezen dat deze verhoging van de dagprijzen werd voorgesteld aan de Algemene Directie Regulering en Organisatie van de Markt-Prijzendienst. Zij hebben daar kennis van genomen en klaar is kees.

Reken bovenop de dagprijs nog de dokterskosten, medicijnen, pedicure, haarkapper, af en toe wat nieuwe kleren… en je spreekt al over een niet onaardig bedrag dat maandelijks moet worden neergeteld. De oudjes kunnen wat dieper in hun portemonnee tasten of weer de spaarcentjes aanspreken. Ik stel mij toch de vraag: wie kan zulke prijzen in godsnaam nog betalen van zijn pensioentje? Het pensioen dat zeker niet steeg met 4,04 % per jaar. Maar geen haan die daarover kraait.

Hoe vind je dit bericht?
2 reacties Reageer op dit bericht

Weeral een weekje later.

Zondagnamiddag zijn Arsène en ik bij mama op bezoek geweest. Tussen de regenbuien in zijn we op het terras iets gaan drinken. Mama was nog steeds goedgezind. En ja hoor, we hebben met zijn drietjes rustig zitten praten. Een echt gesprek kan je het niet meer noemen, het is zó onsamenhangend. Arsène en ik begrijpen ook niet altijd waar mama het over heeft. Meestal houdt het helemaal geen steek. Zijzelf heeft gelukkig niets in de gaten, en wij laten ook niets merken. Want ze geniet er zo van!

Dinsdagnamiddag ben ik samen met Denise naar haar geweest. Eerst een wandeling in het park en dan lekkere soesjes met chocoladesaus eten. Mama nog steeds goedgeluimd. Ze lepelt zonder problemen haar hele dessertbord leeg.

Vandaag, alweer vrijdag, dus ik speel weer voor kapster. Ik sta met mijn rug naar haar toegekeerd, gebukt om de krulspelden uit de kast te halen, als ze zegt: “Ons Ellen heeft ook een flinke kont!” Ik kan haar geen ongelijk geven. Met mijn 75 kilo blijft van mijn vroegere slanke lijn niet veel meer over. Maar ik draai me om naar mama. Gespeeld “kwaad” - en dat merkt ze toch nog wel - , zeg ik luid: “Wablief?… Ik zal maar doen of dat niet heb gehoord!”  En alweer heeft ze het meeste plezier. Het doet deugd om haar zo te zien lachen.

Ik blijf nog even bij haar terwijl ze haar soep eet. “Waar is ons Ellen?” vraagt ze ineens. “Ik zit toch naast je, mama” zeg ik. Ze kijkt naar mij, legt haar hand op mijn arm: “’t Is toch de ouderdom, hé?”  vraagt ze vertwijfeld.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Mama is vandaag goed gemutst.

Deze morgen zit mama in de leefruimte bij enkele andere bewoners. Ik zie meteen dat ze er blijer uitziet dan de dagen voorheen. “Dag, mama” en ik geef haar een kus. Ik krijg een kus terug, met de woorden:“Voorzichtig zijn, hé, als je naar huis gaat!” Ik zeg haar dat ik nog niet naar huis ga, maar net bij haar toekom. Ze kijkt me lachend aan: “Dat kon ik toch niet weten, kind!”  Ze gaat vlot rechtstaan en we stappen samen het hoekje om, haar kamer in. “Je hebt de groeten van Arsène en ik moest jou zeggen dat hij jou nog zeer graag ziet”  zeg ik. “Echt waar? Oh God, die sukkelaar” is haar antwoord.

Ze zingt het liedje van Walter De Buck: “En mijnen vlieger” en ik zing met haar mee. Plots is ze de woorden kwijt. Als ik alleen verder zing met: “ er zitten nog twee bollekens, in mijnen zak”, proest ze het uit, de handen voor haar mond. Ik weet, met al haar vroegere preutsheid dat ze dat een onfatsoenlijke tekst vindt, maar ze heeft er alle plezier in vandaag.

Terwijl ik haar haar in de krulspelden draai, zegt ze: “En hij is weg.”  Ik vraag verwonderd “Oh ja?”  Ze legt het verder uit: “Vis gaan halen, en nog al dat vlees in huis!”  Ik praat gewoon met haar mee: “en nu mama, dat de vis zo duur is.” Waarop ze antwoordt: “’t Is juist dat hé! En daar ben ik dan mee uit de kerk gekomen.”  Hier kan ik niet meer volgen.

Ondertussen föhn ik haar haar. Als ik denk dat haar haar droog is, haal ik de krulspelden er uit. Maar ik ben iets te haastig geweest: “ Oei, mama, iets te vroeg, jouw haar is nog niet helemaal droog.” “Neen, dat heb ik daar juist ook al tegen ons Ellen gezegd!”  krijg ik te horen, maar daar reageer ik maar niet op.

Ze is nog steeds goed gemutst als ik wegga. Een klinkende zoen en een “tot morgen” doet haar gezichtje stralen.

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

Afwijzende reacties op voorstel uitbreiding euthanasiewet.

Zowel bij de Vlaamse als de Franstalige meerderheidspartijen wordt afwijzend gereageerd op de voorstellen van Open VLD over uitbreiding van euthanasie.

Senator Wouter Beke

CD&V wijst de mogelijkheid van euthanasie voor minderjarigen en dementerenden af. De Vlaamse christendemocraten houden vast aan het begrip "noodtoestand".

"Die voorstellen zijn niet nieuw", zegt senator Wouter Beke (foto). "Met de regelmaat van een klok werpen de liberalen die op tafel om dan telkens weer te moeten vaststellen dat daar absoluut geen parlementaire meerderheid voor te vinden is."

Ook bij de Franstalige partijen is er weinig enthousiasme voor de voorstellen van Open VLD.

Alleen oppositiepartij SP.A beschouwt ze als een goede vertrekbasis voor onderhandelingen.

Bron: De Redactie Een

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Mama is zó weemoedig.

Maandagmorgen ga ik met een nieuwe zomerbroek naar mama. Van zodra ik binnenkom, strekt ze haar armen naar me uit. Ze weent. Ik vraag haar wat er toch scheelt. Met veel moeite antwoordt ze dat ze zo erg geschrokken is. De laatste tijd schrikt ze inderdaad van alles: een deur die sluit, een stoel die verschoven wordt, een stem die ze hoort maar niet weet waar ze vandaan komt, soms zelfs van een gewone aanraking.“Waarvan ben je geschrokken?” vraag ik. Ze haalt de schouders op, de tranen blijven over haar wangen lopen. Nogmaals vraag ik: “Van wát ben jij zó geschrokken, mama?”  Ze kijkt me aan: “De van wat, weet ik niet meer…”  Twee verpleegsters komen helpen om haar de nieuwe broek te laten passen. Ook dat gaat gepaard met gehuil. Als de maat goed is, ga ik de vier andere broeken die we voor haar bestelden ook ophalen. De broek, - mama heeft nu nog slechts maatje 40 -, past haar als gegoten. Maar ook het vooruitzicht op al die nieuwe kleren kunnen haar niet blij maken. Ik wil haar een Weekend Knack geven.“Kijk hier eens in, dat verzet de zinnen” probeer ik. Nu snikt ze het werkelijk uit: “Dat kan niet meer!”

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Uitstap naar Bulskampveld.

Als ik om 9.30 u op de afdeling van mama kom, heerst er al een drukte van jewelste. Het verplegende personeel en de vrijwilligers zijn druk in de weer. De oudjes zitten klaar. Vandaag zijn ze met zijn twaalven, die mee kunnen op uitstap. Voor ieder van hen is voor een begeleider gezorgd. Maar waar is mama? Ik ga naar haar kamer, ze is netjes aangekleed, op de tafel ligt nog een trui, klaar om mee te nemen. Opgewekt kom ik binnen: “We gaan vandaag op stap hé mama?” Ze begroet mij niet, kijkt me aan en zegt:”Ik niet.” Ik stoor mij niet aan dit soort stemmingen van mama en antwoord dat we wel meegaan.“Dan ga je maar alleen, ik ga niet mee!” Ondertussen stop ik de trui in mijn tas, doe haar haar jasje aan, neem haar bij de arm en weg zijn we. Mama pruttelt niet meer tegen en we vervoegen de anderen.

De twee busjes staan klaar. Het is al een hele bedoening om de oudjes in de busjes te krijgen. Mama is boos op de ergotherapeut die haar vriendelijk helpt bij het instappen. Gelukkig stoort ze er zich niet aan, maar ik vind dit toch vervelend. De rolstoelen, voor elke bejaarde is er één voorzien, worden ingeladen, de picknickmanden gaan mee, alles wordt nog even gecheckt en we kunnen vertrekken. Twee busjes en drie personenwagens. Arsène wuift ons uit.

Na een halfuurtje rijden komen we aan in Bulskampveld. Het is er prachtig, het zonnetje schijnt. Dit moet een geslaagde dag worden! De rolstoelen worden uitgeladen en als iedereen klaar is gaan we op weg. Het is een beetje raar voor mij om mama voor het eerst in een rolstoel te zien zitten. Zij vindt het blijkbaar heel gewoon. We bezoeken met zijn allen de kruidentuin, we bekijken de oude landbouwwerktuigen, mama is geïnteresseerd, ze vindt dit toch wel leuk.

Tegen de middag zakken we af naar het terras van het restaurant. De picknickmanden worden aangesleurd. Iedereen mag een drankje bestellen. De sandwiches worden uitgedeeld en er wordt gezellig samen gegeten. Nadien mag iedereen een ijsje eten. Nog een toiletbezoek, en dan gaan we weer in groep het park in. Mama geniet stilletjes van de prachtige natuur, dat heeft haar al altijd geboeid. Als we een lange dreef inwandelen zegt ze: “Kijk eens Ellen, wat een mooie dreef hé!” Ze zit vanuit haar rolstoel rustig alles te bekijken en alles gaat goed tot we bij de vijver komen. Plots is ze in paniek. Alles wat met water te maken had, was nooit haar ding. Maar nu kijkt ze angstig naar de vijver, de ganzen en de eendjes kunnen haar gestolen worden, ze wil daar weg. Ze huilt en is niet meer te troosten.

We zoeken weer het wandelpad op en blijven wat uitrusten bij enkele banken. Opnieuw worden de koelboxen gehaald en iedereen krijgt nog een frisdrank. Mama kiest voor een fruitsapje, maar ze blijft maar huilen. Ik vraag haar wat er scheelt. Al snikkend, zegt ze: “Ik kan niets meer, niet meer stappen, niet meer spreken…” Ik tracht haar te troosten, maar dat lukt mij niet.

Het is tijd geworden om terug te keren. Het verplegende personeel blijft onvermoeibaar en lachend bezig. Alles wordt weer ingeladen, iedereen heeft weer zijn plaatsje in de busjes en in de auto’s. Na een mooie dag weer op weg naar huis.

Een dikke merci aan de hoofdverpleegster, de ergotherapeut, het verplegende personeel en de vrijwilligers. Door hun inzet werd aan deze twaalf demente mensen een “onvergetelijke” dag bezorgd.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

Gelukkige Moederdag!

Wat kan een mens toch egoïstisch denken. Ik was zó met mama en mezelf bezig, dat ik bijna vergat via dit blog vandaag alle moeders een prettige en gelukkige Moederdag te wensen.

e.gife.gifn.gifspacer.gifd.gifi.gifk.gifk.gife.gifspacer.gifk.gifn.gifu.giff.giff.gife.gifl.gifspacer.gifa.gifa.gifn.gifspacer.gifa.gifl.gifl.gife.gifspacer.gifm.gifo.gife.gifd.gife.gifr.gifs.gif
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
2 reacties Reageer op dit bericht

Morgen is het Moederdag!

Zaterdagnamiddag, zoals gewoonte even naar mama. Arsène en ik zijn ’s morgens kleren gaan kopen voor haar. De zomerbroeken zijn besteld, maar ik heb wel al twee bloesjes voor haar mee. “Voor Moederdag, mama.”  Ze vindt ze mooi en is er zo gelukkig mee, dat ze terug weent. “Dat ik dat krijg…, snikt ze, “ik ben toch zo blij…”

Ik vertel haar dat Arsène en Denise op ons wachten op het terras van de cafetaria. Het stappen gaat zeer moeilijk, ze hangt aan mijn arm, ze sloft de gang door, de lift in. Bij de ingang van het terras praat ik nog even met Rozette. We zijn lotgenoten, ook zij komt regelmatig op bezoek bij haar demente moeder. Als mama plots de stem van Arsène hoort, is zij niet meer te houden en stapt alleen op hem af. Wat een weerzien, wat een gezoen, precies of zij Arsène in jaren niet meer heeft gezien.

Mama drinkt eerst een fruitsapje. Arsène vindt dat het echt een weertje is voor een ijscrème, en daar gaat mama zeker mee akkoord. Maar vandaag kost het haar de grootste moeite om die op te eten. Ze snapt ook helemaal niets van wat er wordt verteld. Denise zit even te rekenen hoe oud haar auto is, en hij blijkt al een respectabele leeftijd te hebben. “Negentien jaar!” zeg ik verbaasd. Waarop mama antwoordt: “Ja, maar het is al een groot beest.” We kijken wat verbaasd naar mama, dan naar elkaar, maar niemand van ons reageert. Wat later breng ik haar terug naar haar kamer. Arsène verzekert haar dat hij morgen terugkomt: “’t Is morgen moederkensdag, ma.”

Maar morgen geen Moederdag meer zoals vorig jaar. Het plan was er wel, ik dacht er gans de week aan. Ik zou weer duifjes bakken, wat fruit erbij, een stukje Frans brood en een glaasje rode wijn. De duifjes zitten al enkele maanden in de diepvriezer, speciaal bewaard voor die dag. Maar het kan niet meer, we zetten weer verplicht door Mijnheer Alzheimer een stapje achteruit. Dus geen duiven morgen, want zonder mama vinden wij er niets aan.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Zeep eten?

Vóór ik vrijdagmorgen mama’s haar deed, ging ik even bij de hoofdverpleegster langs. Ze vertelt over de uitstap van vorig jaar naar Buslkampveld-Beernem. Ze laat op haar computer de foto’s zien, en ik voel toch ook wat weemoed bij haar als de foto’s op het scherm verschijnen van oudjes die ondertussen overleden zijn. We praten nog wat en dan komt het: de voorbije nacht is de verpleegster net op het goede moment de kamer van mama binnengekomen. Mama wou haar stuk toiletzeep opeten. Ik schrik natuurlijk en kan er met mijn hoofd niet bij: zeep opeten, dat smaakt toch verschrikkelijk slecht! Verliest zij nu ook haar smaak? Als ik bij mama op de badkamer kom, zie ik dat het zeepbakje is verwijderd. Maar ik weet nu waarom.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van ALZHEIMER: leven zonder dat je erbij bent

↑ Terug naar de berichten