Als ik...


Als ik morgen
de zon niet meer zal zien
en mijn hoofd zal buigen
de poort van onsterfelijkheid betreed
zal ik even omkijken
en iedereen die ik achterlaat
een laatste groet schenken
bidprentjes-bloemlezing + stamboomonderzoek
Als ik...

Als ik morgen
de zon niet meer zal zien
en mijn hoofd zal buigen
de poort van onsterfelijkheid betreed
zal ik even omkijken
en iedereen die ik achterlaat
een laatste groet schenken
handen
Handen
Gelukkig is de mens die tot het einde
handen mag voelen die goed doen.
De hand die met aandacht wast.
De hand die met zorg aankleedt.
De hand die met liefde kamt.
De hand die met tact aanraakt.
De hand die met het hart troost.
Geen mens kan leven
zonder die hand,
die teder is,
die behoedt,
die beschermt
en bemoediging uitstraalt.
Tot het einde toe
verlangt de mens naar die hand,
totdat er die Andere Hand is,
die alle wonden geneest,
die alle pijn heelt,
die alle tranen wist
afscheid

Afscheid
Het is tijd voor mij te gaan
nu geen tranen meer
kijk naar de hemel en geloof
eens zien we elkaar weer.
Tijd voor mij jou te verlaten
geen verdriet meer en geen pijn
kijk naar de regenboog en weet
ik zal er altijd zijn.
Het zal niet eeuwig duren
eens komt er een moment
dat ik je weer zal vasthouden
dat je weer bij me bent.
ik ben er niet
Sta aan mijn graf zonder verdriet,
Ik ben niet daar, ik slaap er niet.
Ik ben de wolken, door wind gezaaid,
De sneeuw met diamant bezaaid.
Ik ben de zon op het volle koren,
de stilte van het ochtendgloren,
waarin jij, die de dag begint,
de cirkelvlucht van de vogels vindt.
Ik ben de lenteregen o zo zacht,
de sterrenschittering in de nacht.
Sta aan mijn graf zonder een traan,
Ik ben niet daar, niet doodgegaan.
oud bidprentje
oud bidprentje
bidprentjes van priesters uit de jaren 1818-1870
oud bidprentje
oud bidprentje
oud bidprentje
oud bidprentje
dood

Je lichaam was warm.
Je lichaam is koud.
Je mond was zo zacht.
Je lippen zijn koud.
Je ogen zo helder en diep.
Je ogen zijn koud,
kleine vensters van de nacht.
Alles valt stil.
Wie kan je nog strelen,
nog zeggen, dat hij van je houdt.
Je bent zo eindeloos ver.
Je hart is stilgelegd?
Je benen worden stijf.
Je armen, je mooie handen, je ogen.
Alles valt stil.
Daareven was je nog hier.
Eén moment en je huis was leeg,
je lichaam verlaten.
Ben je nu zo ver weg, onbereikbaar ver?
Of hoor je mijn roepen.
Misschien zie je mijn tranen.
Ik weet het niet.
Waarom laat je mij dood
en kies je zelf het leven?
Phil Bosmans.
De dood komt immer onverwacht;
Al sterven wij ook maanden, jaren,
Al ligt de wanhoop uit te staren
Naar 't dalen van den laatsten nacht,
Het leven met verbeten kracht
Wil nog zijn murwe buit bewaren:
De dood komt immer onverwacht.
Geliefde, maak mijn uren zacht,
Leg stille handen op mijn haren,
Spreek woorden, die de pijn bedaren,
Want weet: het is nog niet volbracht,
De dood komt immer onverwacht.
H.W.J.M. Keuls
Vaders gaan, maar sterven niet...
Als de lijkdienst is geëindigd en iedereen is weggegaan;
Als mijn stoel aan tafel dan voor altijd leeg zal staan;
Als mijn jassen niet meer aan de kapstak hangen;
Als jij op een stille avond heel erg naar mij zult verlangen,
probeer dan toch niet droef te zijn, want waar ik dan zal
vertoeven is geen angst meer en geen pijn.
Als jij bloemen op mijn graf zult leggen, als ik niets meer
tegen jou kan zeggen, als alles zwart zal zijn;
probeer dan toch niet droef te zijn want waar ik dan
zal vertoeven is geen angst meer en geen pijn.
Eens komt een dag, niemand weet wanneer, waarop jij
bij mij zult zijn in het Land waar geen angst is en geen pijn.
Voor de wereld is hij één van de velen,
voor ons was hij de wereld.
Groot is de leegte die hij achter laat,
mooi zijn de herinneringen die blijven.
Vaders gaan... maar sterven niet
Papa dank om wat je was... we vergeten je niet !
waarom ???
Als de uren stil zijn
en de avond valt
komt de vraag
waarom....
ben je van ons heengegaan ...
je bent anders.Je bent niet dood,
je bent anders.
Een beetje
stiller ben je
en een beetje wit.
Je doet niets terug
als ik voorzichtig
toch nog even
aan je zit.
Je haren streel
of zacht je wang.
Ik ben zó bang,
zo vreselijk bang
dat je
niet wakker wordt.
Je bent niet dood,
je bent anders.
Stef Grit
gedicht bij het overlijden van een klein meisje
bidprentje 1930
Aan mijn moeder..
Ik heb gedroomd, o moeder,
dat gij op sterven laagt,
en voor het al te sluiten,
mij lang in d' ogen zaagt.
Gij spraakt van eerlijk blijven,
van recht door 't leven gaan;
hebt toen nog eens geglimlacht,
en alles was gedaan.
'k wou om vergeving smeken,
waarvoor, ik wist het niet,
en bij u nederknielen;
mijn knieën bogen niet.
Toen wist ik dat 'k u nimmer
nog iets vergelden kon.
Uw stem deed mij ontwaken
in 't klare licht der zon.
Daar blonken grote tranen
van heil en droefenis.
En 'k voelde diep in 't harte
wat ene moeder is.
Willem Elsschot
Vader
En zo ging hij heen
naar een ver, ver land
over het water.
Het land van later.
En staat er een steen.
Waarom zo vlug ?
Zie ik je ooit nog terug ?
Waarom toch zo snel?
Het land van nu wordt een lege hel !
Maar het duurt niet meer zo lang...
En straks ga ik heen
naar een ver, ver land over het water.
Het land van later.
En dan staat er een steen.
Pascale