Doden uit het Belgische Leger
Vanaf begin oktober 1914 tot eind september 1918 vatte het Belgische leger post aan het IJzerfront, tussen Nieuwpoort aan zee en Boezinge, even ten noorden van Ieper. Daarvóór had het Belgisch leger twee maanden het hoofd proberen te bieden aan de Duitse overmacht. Eind september 1918 stond Koning Albert aan het hoofd van een geallieerd leger van Belgen, Fransen en Britten voor de start van het bevrijdingsoffensief. Gedurende de hele campagne, van 4 augustus 1914 tot 11 november 1918, stierven ongeveer 42.000 Belgische militairen, ca. 1/3 tijdens de eerste maanden, ca. 1/3 tijdens de IJzerslag en de 'Wacht aan de IJzer' en ca. 1/3 tijdens het bevrijdingsoffensief. In de maanden tussen de Wapenstilstand (11 november 1918) en de ondertekening van het Verdrag van Versailles (28 juni 1919) overleden nog eens 4.000 Belgische militairen in dienst. In verhouding tot de grootte van het Belgische leger is het een bijzonder groot aantal dodelijke slachtoffers. Zij werden begraven over het hele land, sommigen ook nabij militaire hospitalen in Frankrijk en Engeland, nabij interneringskampen in Nederland of in Duitse krijgsgevangenschap.
Vandaag blijven in de Westhoek van Vlaanderen maar acht Belgische militaire begraafplaatsen meer over. In de jaren 20 werden hier, zoals elders, vele lichamen ontgraven en overgebracht naar familiegraven of (soms nog later) naar ereperken op de begraafplaats van hun gemeente.
Bron: http://www.wo1.be
Databank Belgische militaire doden van In Flanders Fields Museum (samenstelling Danny Wilssens, Nieuwpoort)
In deze gegevensbank zijn alle doden van het Belgische leger opgenomen, ongeacht of ze stierven in de Westhoek dan wel daarvoor of erna.











