Naar de inhoud

BRASIL / impressies / reisverhalen

Op zoek naar de Ware Ziel van Brazilië - Het alternatief
akke.beakke.be

Archief

Wat Baai zuiveren in RIo?

De secretaris van Milieu van de staat Rio de Janeiro, Andre Correa, zei dat het zuiveren van de  Guanabara Baai minstens 25 jaar in beslag zal nemen. De stelling dat 80% van de baai gezuiverd zou zijn vóór de Olimpische spelen was een "zeer gedurfde en misplaatst''.

Iedereen die zegt dat deze baai milieuvriendelijke zal zijn in minder dan 25 of 30 jaar liegt. Op korte termijn is dit niet haalbaar.

Om de riolering problemen in Guanabara baai op te lossen zou dit 600 milloen dollar kosten, voor sanering van de steden rondom de baai. Alle rioleringen van omliggende steden en plaatsjes komen tenslotte uit in de baia de Guanabara.





1937976-77a66292ff0425dacb38a9d83f9ab157.jpg

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Storyteller om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Indianen bezetten Museum in Botafogo

20/07/2016 8:03 a.m. - Updated 20/07/2016 8:53 a.m.
Protesters kamperen voor de poort van het  'Musea do Indio, naar ontruiming binnen het gebouw. De groep bezette de plek 1 week geleden.

De herbezetting vond plaats rond 20h. en militaire politie was betrokken bij de actie. Het museum word gerund door het FUNAI, het beschermingsorgaan voor Braziliaanse Indianen.

De Indianen willen het oude museum in Maracana heroveren en tevens zeggenschap hebben binnen de Funai.

(Foto: Cristina Boeckel/G1)



1937678-c6cf36a5fda57023e4d5967dafe4e769.jpg


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Storyteller om 22:53 Reageer op dit bericht

Column - CORRUPTIE en AFKEER (eerder gepubliceerd 19 juli 2009)






Alle wijze filosofen zijn het er over eens: kapitaal is de ondergang voor de mensheid. Het is een machtsmachine, dit het menselijke gevoel uitschakeld. Macht en hebzucht, twee eigenschappen die de mensheid vertrappen. Kapitalisten zijn overal te vinden en zij hekelen de communisten of mensen die een meer humane denkwijze hebben, zij zijn bang voor de uitvloeiende wijsheid van sommigen. Soms waren er revoluties nodig om het kapitalistisch systeem te verjagen; sommigen slaagden maar de meesten gingen ten onder aan de macht. Anderen landen werden democratisch, zogenaamd, maar met het kapitaal als leidraad. In Brazilië waren ten tijden van militaire dictatuur de rijken die het land bestuurden, in samenwerking met de Amerikaanse regering, die hun in name van hun leider Johnson de hand schudde, terwijl zij zelf de ondergang tegmoet gingen in Vietnam.
              Bang voor de communisten. Bang dat zuid-Amerika een bolsjewiek bolwerk zou worden. Bang voor Castro en de Chinezen. De opstandelingen werden de kop ingedrukt, neen, ze werden vermoord zoals Carlos Marigelha of Carlos Lacarda, verrraden, opgeruimd in naam van de vooruitgang. Vele revolutionairen gaan ten onder, zijn te klein of te slecht georganiseerd om te overwinnen. Ché Guavara ging naar zuid-Amerika om daar de revolutie te prediken; doch hoe in godsnaam? Met zijn kleine groep werd hij ten slotte opgeruimd, en zijn handen afgehakt als bewijs dat deze 'rebel' werkelijk dood was. En waar was Fidel? ( Doch ook de communsien hadden hun werkzwijze en Guavara en castro moesten doden in naam van de ironische vrijheid.)

In Brazilië is het nog steeds het kapitaal dat zegeviert, de rijken en nieuwe rijken, die in hun overdadige villa's wonen omgeven door muren als waren ze in de middeleeuwen, bijvoorbeeld Barra de Tijuca, waar men leeft na Amerikaans model. Doch aan de andere kant zijn ze als de dood voor de bandiet, bang voor de 'sequestador', de ontvoerder. Alle geld dat ze bezitten geeft hun geen gemoedsrust, nooit zal hun hart ademen als een gewoon mens.
    Geld. Rio de janeiro heeft haar contrasten, net zoals Sâo Paulo, rijken, die leven in weelde. In Rio wordt meer geld uitgegeven aan plastiek chirurgie dan aan de noodzakelijke medische hulp, waar mensen soms sterven voor de deur. Het is een hopeloos gegeven. Afkeer.
       En men vraag zich dan af: waar de criminaliteit vandaan komt, die vaak uit de hand loopt en van mensen die nodig overvallen, resulteren in handige professionals. Maar er zijn eerlijke mensen, zij, die proberen te overleven van wat er voorhanden is. Doch velen jongeren hebben het allemaal door: corruptie, en als de dikke heren dit kunnen dan hebben zij ook wel een manier, en velen vervallen in de draaimolen van tijdelijke luxe, in de wereld van de 'drogas', waar het snelst en duidelijks geld te verdienen is.
   

Geld! Dat is waar alles omdraait. Corruptie van de grote bovenlaag tot de kleine man, die terecht misschien een graantje meepikt. De politie is een uitstekend voorbeeld van corruptie, en innen geld om moorden te verdoezelen in gevallen van weerlozen, zoals zigeuners waarvan ze weten dat ze misschien geld bezitten. Ik maakte ooit mee dat toen een oude zigeuner werd neergeschoten, daar hij zijn dochter verdedigde tegen over haar man, en deze hem neerknalde, de man zeker drie uur daar lag. De politie kwam, de dader was gevlucht. Men zei me dat de zigeuners betaalde voor verdere complicaties te verkomen. Wat moest men? Zigeuner doodt zigeuner, en de politie vangt geld. Zaak afgedaan.
Ook het opruimen van zwervers en straatkinderen, in naam van commerciële geldwolven en hotelketens wordt vaak uitgevoerd door politie in dienst of ex-politie, die wel wat extra geld kunnen gebruiken.
          De kinderprostitutie is een ander duivelswerk, het zijn kinderen die gedwongen worden tot het verrichten van daden, waarvan de allerjongste gebruikt worden voor masturbatie bij immoralisten,  alleen om het beetje geld voor het leed van de familie te verlichten. God laat dit alles toe en de duivel :evil: lacht. Afkeer! Neen; walging is een correcter woord in deze werkelijkheid.
                    Dan zijn er de geloofsgekken die de armen onteren en het laatste geld uit de zakken trommelenen van de arme nietsweters. De pastors of leiders leven in weelde in naam van de verlosser. Geef en God zal je belonen. halleluja! En ik zeg u, langs de grenzen met Bolivia en Columbia is het oppassen voor het politie-apparaat, die gemakkelijk cocaine uit je zak of rugzak toveren.
              Je kunt hun dan het beste maar afkopen, of anders een tijdje verblijven in een kerker. Erger kan zijn als je als voer voor de mensetende riverduivels wordt geworpen. Niemand zal je ooit vinden in de duistere bossen. Zelfs de bosgeesten of silenen sluiten hun ogen. Geld, wat is de waarde ervan? Nada! Je hebt het nodig om te leven, anderen moorden ervoor.                
Anderen vervuilen de wereld, maken oorlogen en vernietigen de natuur. Geld is de duivel en vrouwe justicia knijpt een oogje dicht. Wetten worden gekocht met geld, doch de levensvisie is nimmer te koop en het geweten van de mens zal ooit parten spelen, zoniet zijn karma.   

Gerechtigheid, dat is het middelpunt. 
Gelijkheid voor ieder en niet God voor ons allen en ieder... voor zich.

Wayn

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Storyteller om 12:22 Reageer op dit bericht

waar is 'fat family'

Rio - In een andere mega-operatie om Fat Family te pakken, werd een man gedood bij confrontaties met de politie van 41 BPM (Irajá) in Morro do Chaves in Barros Filho, in de noord zone van Rio. Volgens de PM, de verdachte die werd agedood had een geweer en radiozender. ER zijn nu 10 doden in totaal betrokken bij drugshandel, die tijdens de acties stierven om de leider Fat family te bevrijden uit een ziekenhuis in Catete, Zuid-Zone.

Fat Family werd bevrijd door trawanten van het Comando Vermelho (CV) uit het Stedelijk Ziekenhuis Souza Aguiar in Rio's centro. In totaal werden 126 verdachten aangehouden in negen dagen.

Bij de laatste operatie waren 27 militaire politie bataljons betrokken. Speciale eenheden, zoals het BOPE Bataljon, waren paraat. Een werd een dood lichaam gevonden, en 23 gestolen auto's, 12 van hen in Sao Goncalo. De politie nam drugs, radiozender en twee granaten in beslag en maakte bekend dat ze alleen die week 200 acties uitvoerden om Fat Family aan te houden. Zes bandieten werden gedood in de Favela do Roda in Santa Cruz, en drie in Maré, 48 uur later.





1934646-507672663b6c846bee2f43bb16debd1e.jpg

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Storyteller om 09:09 Reageer op dit bericht

Gruta de Lapinha en Milhály Bányai

Milhály Banyai, de Hongaars/Braziliaans natuurvorser





Ik ga terug naar november 1999 toen ik Lapinha bezocht en ik wil dit tevens als een soort eerbetoon schrijven aan Milhály Banyai, autoditact archeoloog en stichter van het kleine Archeologen museum nabij de grot.
Hij overleed in 2005 op 85 jarige leeftijd te Lagoa Santa.
De jonge pathetische geprepareerde luiaard keek me lachend en verwonderd aan, en het is alsof de traagkruiper bezig was een boom te beklimmen. De uil, in tegenstelling, leek te dromen en het doodskop aapje verstomde, als zag hij een gevaar. De panter was klaar voorde sprong en de schitterende opgerolde anaconda met opengesperde muil leek meer glorieus dan hartroerend.
       Ik was in het kleine museum van Milhály Banyai, de antropoloog/archeoloog, die in 1957 als vluchteling van uit een concentratiekamp in Hongarije, aankwam in Brazilië. Sinds 1967 leefde hij in hier in Lagoa Santa, het Heilige Meer, op 37 kilometer noordoostelijk van Belo Horizonte.
Hij vertelde me dat hij al 40 jaar op zoek was naar de ouderdom en de grotten rond Lagoa Santa. Het kleine museum, gebouwd met eigen handen en inzicht, leek op een klein kasteel, waar Dracula gehuisvest kon zijn geweest en lag op een steenworp afstand van de grotingang.
                 De grot Lapinha heet ontdekt te zijn door Peter Wilhelm Lund, de Deense natuurvorser, die zo als ik al zei Minas Gerais doorkruisde als was hij zelf een oer beest, op zoek naar zijn tijdgenoten.
Doch spreek er niet over met de bejaarde Banyai.
Oud? Wat is oud?
Methusalem was oud moet hij gedacht hebben, en hoewel hij 79 was, wat mank liep en een stok gebruikte, ging hij mij resoluut voor naar zijn pronkkamers.
          Bij de ingang kronkelde een dikke spin in haar schitterend gesponnen web, en dit was het beeld dat hij voorhield: de spin in haar weelde laten in haar hoekje... en de mens moest zich bukken om het zaal-domein te betreden.
Met kromme benen onder een tropenbroek waggelde hij door de kamer om het licht aan te doen, want bij iedere bezoeker deed hij dit uit en aan, géén verspilling der opgewekte stroom, zou hij denken.
Ik was nu in een van de kleine kamers van het imitatie-kasteeltje vol met fossielen, potten en zíjn trots: het geraamte van de 'Lagoa Santa' mens, neen, niet het skelet wat senhor PeterLund vond, verdomme! Dit was van hem.
Banyai: 'Lund heeft hier gewerkt en geleefd en alles wat hij vond in de grotten verscheepte hij naar Denemarken... zo ook zijn Lagoa Santa geraamte. Waar is het? Weg!
Hier in deze glazen kist ligt het skelet zoals ik het op groef, niet ver vandaan zo'n 300 meter... het is tussen de 10 en 12.000 jaar oud!'
(Het hoofd van de 'Lagoa Santa' mens van Lund wordt geschat op 10.000 jaar).
'Indiaan?', vroeg ik hem, denkend aan mijn stelling dat misschien een ander ras hier was geweest buiten het Mongoolse, lang geleden.
(Waar we niet over spraken, wat toen ook misschien niet 'op de voorpagina' was, is het feit dat in 1975 de Franse Annette Emperaire in de grot 'Lapa Vermelho' een skelet vond van een jonge vrouw 'Luzia', vernoemd naar de Afrikaanse Lucia. De oudheid wordt geschat op 11.000 jaar. Het meest imponerende voor mij is dat zij negroïde trekken heeft en met de eerste golf van migranten van over de Beringstraat naar Zuid-Amerika kwam.
Dus negroïde! Verder zegt de anatomie van haar schedel dat deze overeenkomsten heeft met Lucia van Afrika.
Braziliaanse antropologen gissen dat haar volk van over de Beringstraat moet zijn gekomen, van noord-oost Azië waar haar voorouders leefden voor tienduizenden jaren, voor ze verstoten werden uit Afrika.)
Dus op mijn vraag op zijn skelet van een Indiaan kon zijn? antwoordde hij: 'Denkelijk. De Indianen woonden hier hoog in de hoog gelegen rotsen, daar konden ze vuur maken en dáár was het dat ik de knoken vond... Niet in een grot als Lapinha, hier onder de grond... doctor Lund dat is fantasie. In al zijn geschriften kwam ik deze grot niet tegen. Het is zuiver commercie en dus hebben ze óók Lund deze grot Lapinha laten ontdekken!' zei de enigzins verbolgen Bányai. Wel is het vreemd dat de kleine Hongaar achter zijn bureau een portret had staan van Lund, maar misschien was dit wel een deel van de afspraak, want zelfs bij de  ingang van de grot  stond een foto van het 'skelet' van het fameuze 'Lagoa Santa' skelet, maar niet dit van Lund, doch van Bányai.

(Nu, na zijn dood blijkt dat de voortgang van zijn museum zwaar wordt tegengewerkt door de overheid, misschien heeft Bányai toen hij leefde concessies gedaan. Toen het museum gesticht werd in 1967 had hij politici achter zich, die zijn werk waardeerden, nadien keerden andere politici zich tegen hem.
Voor mij, mag dit museum niet verloren gaan!)

Dat Lund de grot ontdekte in 1835 was natuurlijk natuurhistorisch gezien onzin, want zouden de bewoners van het gebied niet op de hoogte geweest zijn van de ingang der grot? Zeker had Lund deze grot bezocht, geen twijfel, want hij ontdekte, tussen haakjes, meer dan 200 grotten in de regio. (Over het leven van Lund is een biografische roman geschreven door Henrik Stangerup 'De weg naar Lagoa Santa', uitg. bij Van Gennep Amsterdam 1987. Dit ter zijde.)
In Lapinha vond Banyái niks van pre-historische waarde.
De grot ligt in de archeologische kant van Lagoa Santa, een kalkrijk gebied. Dit werd 600 miljoen jaren geleden gevormd toen het, wat men nu het 'Rio das Velhas' bassin noemt, de bedding van een zee. De klein Hongaar kon zich uitermate opwinden over dit alles, en toen ik met mijn intrigerende vraag kwam of er misschien ook Vikingen in Brazilië waren schudt hij zijn kalend hoofd.
'In het noorden denkelijk, maar niet hier in Zuid-Amerika.' Doch ik liet het er niet bij zitten: 'Toch zijn er indicaties... senhor... runentekens, stenen met Noorse aangezichten...', zei ik hem. Ik zag dat hij eigenlijk geen conclusie had en zei overpeinzend: '... het is mogelijk...mogelijk...'
'En hoe denkt ú dat de Indianen in Amerika zijn gekomen?' Hij keek me nu doordringend aan: 'De Zuid-Amerikaanse Indianen kwamen vanaf de Pacific zee, vanuit China met schepen en niet zoals de Noord-Amerikaanse Indianen,  via de Beringstraat en Alaska, en dit senhor meer dan 25.000 jaar geleden!' En dat was zijn duidelijk axioma. Ik wist dat er een theorie bestond dat een volk vanuit Zuidoost-Azië 60 á 70.000 jaar geleden naar Australië kwam, de voorouders van de Aboriginals. In het verlengde hiervan is er de theorie, die zegt dat de Zuid-Amerikaanse Indianen vanaf de eilanden in de Stille Oceaan kwamen. Het werd verwarrend voor mijn hersenpan, want ik kan óók zeggen dat in 2001 in Piaui, in het Noordoosten van Brazilië, koolresten zijn ontdekt van vuurhaarden en tevens rotstekeningen. Ze zouden 20.000 jaar oud zijn. En of de Vikingen in Brazilië waren? Daar ga ik later over verduidelijken. Voor Mihály Bányai wens ik dat zijn volgend leven indrukwekkend mag zijn.


bijlagen: foto's van Museum en interieur, met dank aan Erika Suzanne Bányai



Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Storyteller om 18:56 Reageer op dit bericht

Beelden van de Gruta de Maquiné


Mijn amigo, de Gekko
12464-bb3747b041dd6b29324b1e57a53247f8.jpg

Formatie genaamd: de waterval
12464-3c302f652d7c0fe2ec2396efe68e1ed3.jpg

Abstract beeld der natuur gevormd door miljoenen jaren druppels
12464-93159c7293f6dbcf20245bd1bb7f73f9.jpg

Ingang van de grot
12464-dd7873a906032cab8fef1867fec3bbb3.jpg

Onderweg naar Cordisburgo
12464-d3f9acc9da5b6280a2a83d3a521131c3.jpg
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Storyteller om 18:55 Reageer op dit bericht

GRUTA de MAQUINé‰

De grot van Maquiné ligt 140 kilometer noorwestelijk van Belo Horizonte, bij de plaats Cordisburgo.
De grot gaat door als de indrukwekkenste en mooiste ter wereld.
Zeker is, dat je verbeeldigskracht moet hebben wil men de grot beschrijven. Het is ongetwijfeld een openbaring, vooral als ik moet inbeelden, hoe de eerste mensen hier deze grot binnengingen voorzien van fakkels.
Na  twee en een half uur arriveer ik via Sete Lagoas, met de bus in Cordisburgo, een slapend plaatsje, met rustige mensen en één klein museum, dat van de bekende schrijver Joâo Guimarães Rosa (1908-1967) de grootse Braziliaanse novelist van de 20ste eeuw. Hij schreef het schitterend boekwerk Grande Sertâo: Veredas.
Er wordt een korte stop gemaakt in het plaatsje, waar ik zo goed als geen mens zie rond dit tijdstip 11.00 uur.
De bus kruipt nu langzaam omhoog naar de grotingang, vijf kilometer verder, daar waar gekko's over de weg rennen en mij bekijken met hun deskundige oogjes.
Ik kruip meteen boven op de grot waar ik nu honderden gekko's ontmoet, die stil staan, als zijnde kleine beeldjes en dan als een pijl van een verloren indiaan uit de boog wegschieten, langs de zwarte en roskleurige spinnen, die schittrende webben hebben gewoven tussen de struiken en bomen. Daar waar rode mieren werken en vele andere insecten leven tussen de geurige, verbrokkelende rode aarde en rotsstenen.
Ik laat mijn gedachtes teruggaan naar de tijd dat de Deen Peter Wilhelm Lund hier rondzwierf, bezeten van speurzin. Hij vond de grot in 1834, toen de ingang verscholen lag tussen bomen, kreupelhout en planten. En alleen de in en uit fladerende vleermuizen verrieden de open bres. Oorspronkelijk zegt men dat de grot 1825 ondekt werd door Portugees Joaqim Maria de Maquiné, doch Lund heeft de naam de grot wetenschappelijk opengelegd te hebben, zou ik deze uitdrukking mogen gebruiken. Er is zelfs niet ver van hier een plaatsje naar hem vernoemd: Lund.
Maar het was een andersgezinde avonturier, een zekere Peter Claussen, die hem erop gewezen had dat er kalkrijke rotsen bestonden en verschillende grotten die de lokale bevolking exploreerde door zout uit de bodem te halen.
Die Claussen was een ruw persoon, die ook andere dingen in zijn hoofd had en die het Lund behoorlijk moeilijk maakte.
Doch de tengere Deen, hij leed aan een vreemde ziekte en was overgevoelig voor licht, was niet bevreesd voor de zijn landgenoot, integendeel.
Ik ga de grot binnen, een openbaring, geweldige zalen en raadselachtige formaties van Stalagmieten en stalactieten. Wonderen der natuur.
De grot heeft een lengte van 650 meter en een diepgang van 18, de temperatuur bevindt zich constant tussen de 18 en 22 graden celcius.
Alle zalen hebben hun naam, de zaal van Beer, het schaap en de olifant. De laatse zaal is enorm en een schittering. Alles is het wek van honderden miljoenen jaren regendruppels, vocht der ruimte, iet wat voor mensenkoppen niet vatbaar is.
Hier in deze grot van Maquiné voel ik me als een ruimtereiziger, een vreemd wezen, in de baarmoeder van de aarde.
Nu is alles schoon geruimd, maar toen Lund hier aan het zoeken was, moet het bezaaid geweest zijn met knoken en overblijselen van de reuzenluiaard en sabeltandtijger. Toen waren er de raadsels, en Lund vroeg zich af: hoe kwamen deze dieren heir terecht? Was er ooit een zondvloed geweest? Een vloed die alles wegspoelde van de aarde lang geleden en deze dieren de grot indreef?
Lund moet kranjorum geworden zijn van deze gedachtes, doch hier in deze regionen vond hij 125 uitgestorven diersoorten en 14 menselijke geraamtes. (over dit alles kom ik later terug over mijn bezoek aan de derde grot, die van Lapinha). 
De grot van Maquiné is een wonder der natuur, en hier in deze heuvels nabij de grotten zou ik willen leven, zingen, schilderen.

Als ik weer buiten kom is het warm en ik klim nogmaals boven op de grot. Ik zie een oude boom en er druipt een vloeistof uit, ik zie duizenden bijen. Het moet honing zijn. Ik probeer een foto te maken en de bijen vallen me aan. Nondesju!
Een steekt me behoorlijk en heb er dagen last van.
Ik zie weer schitterende kameleons, die van kleur veranderen en me nieuwsgierig aankijken, ik zie vlinders en zoek naar slangen, maar zie enkel dikke rooie mieren, het is te warm die dag.
In de verte zie ik de heuvels en bossen van Minas Gerais en ik denk aan al die knappe koppen die met archeologie bezig zijn.
Allen die nodig hebben te weten wat er zich afspeelde, doch de geschiedenis gaat te ver voor de heren professoren, te onherbergzaam voor het menselijk brein.
Het gaat terug naar de tijd toen er buitenaardse kabouters reden op gigantische draken, of op vliegende Pirarucu's, de grootste zoetwatervis ter wereld, ja, die had misschien ooit wel vleugels? Zij waren vrienden van de reuzensabeltandtijger, reuzenluiaard ef het geweldige gordeldier.
Wie zal mij ooit geloven, als ik het zou beamen?


wordt vervolgd door de laatste grot....
Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door Storyteller om 18:55 Reageer op dit bericht

De Grotten: GRUTA REI DO MATO

Replica van de Xenorrinoterium Bahiense
foto's Wayn






Ik ga op bezoek in enkele grotten. Niet dat ik een spletoloog ben, maar ik houd van de diepte, de inham, stilte en het mysterieuze.
En nog steeds hoop ik een lang uitgestorvene dier te ontmoeten, die mij zal vragen: 'Hey, mens... zijn we gelijken?'
De eerste is de grot Rei Do Mato, oftewel koning van het woud.
Vanuit Belo Horizonte ligt de grot, op zo'n 70 kilometer, langs de BR 040 weg naar Sete Lagoas.
De geschiedenis zegt dat de grot vernoemd is naar een vluchteling, die daar naast de grot woonde. Hij kreeg voedsel van de stadsmensen in ruil voor medicinale kruiden. 
                    De grot heeft mooie, wat men noemt zalen en de stalactieten en stalacmieten zijn indrukwekkend: druipsteen gevormd door miljoenen jaren opnemen van regen.
Ik was hier nu niet meteen voor de zalen, maar meer voor een andere ingang die enkel honderden meter hogerop ligt, waar ik al eerder de tekens zag aan de inham-plafond. Tekens in rode verf, gemaakt door de Indianen die hier leefden en deze inham gebruikt moeten hebben.
Het blijkt dat deze tekens 4- a 6.000 jaar oud zijn en voorstelling geven van jacht en vis-scenes, als ook vruchtbaarheids descripities.
Voorts staat er een replica van de hier ontdekte, helaas uitgestorvene, Xenorrinoterium Bahiense, een bizar dier welk hier meer als 10.000 jaar geleden leefde.
Hier zie ik het verleden, de geesten van de Indianen die deze inham misschien gebruikt hebben om te schuilen, of als opslagplaats gebruikten.


Bloemkoolzaal in de Rei do mato
11283-16213365f2be394bb05f19b7d5883a93.jpg



Rotstekening in de REI DO MATO
11283-af452f424e9b64d812f18f8d120056f0.jpg
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Storyteller om 11:49 Reageer op dit bericht

Meer van BRASIL / impressies / reisverhalen

↑ Terug naar de berichten