Interview


De Stilte verbreken
Op 18 juni 2002 verschijnt een opmerkelijk artikel van de schrijver José Luis Alvarez,
“Txillardegi” in Gara. Het kon evengoed vandaag geschreven zijn.
“De buitengewoon gespannen en bedreigende situatie waarin Euskal Herria op dit ogenblik verkeert en de wil om de zaken niet nog complexer te maken heeft meerdere nationalisten, onder wie ikzelf, ertoe gebracht te zwijgen om niet voor ongewilde implicaties, misverstanden of mogelijke polemieken te zorgen. Maar sommigen zouden kunnen denken dat het lafheid is als ik op dit ogenblik niet op mijn beurt mijn pen bovenhaal.
De Spaanse regering wil (met behulp van de Franse) en van de antiterroristische golf die Bush orkestreert, een modern Finaal Einde stellen aan het Baskisch Probleem. Op het niveau van de Spaanse Staat functioneert een écht anti-Baskisch front, gebaseerd op de totale symbiose van het fascistoïde rechts van Aznar, met het rechtse ex-Catalaans van Pujol en het pseudo-links van Zapatero. Izquierda Unido vormt de enige uitzondering in de woestijn en die eerbare uitzondering wil ik hier nu nog maar eens toejuichen. Maar we moeten de schuldigen niet enkel buiten Baskenland zoeken. Hetgeen in Navarra gaande is kan een karikatuur genoemd worden, wreed maar waarachtig. De aanval op alles wat Baskisch is, gebeurt in Navarra openlijk met de steun van President Sanz, bisschop Sebastian, rector Pérez Prados en dank zij de koppige medewerking van bekende spijtoptanten en van eminente oprichters van het Forum van Ermua. Hetgeen de voorbije weken gebeurde deed me denken aan een voorval uit 1960. Toen maakte het fameuze document, ondertekend door 339 priesters, dat uitging van Iñaki Azpiazu uit Azpeitia, maar opgesteld in Noord-Baskenland, duidelijk dat er in Baskenland iets nieuws gaande was. (Door het clandestien verspreiden ervan kwam ikzelf in de gevangenis van Martutene terecht.) De officiële Baskische politiek ging uit van de PNV en van Lehendakari Leizaola in ballingschap. De toekomst leek hopeloos, net zoals ze nu hopeloos lijkt. Nu zijn het 358 priesters die openlijk aanklagen wat ons volk opnieuw te lijden heeft onder het mom van de “antiterroristische” prioriteit. Vanuit de “Baskische Autonome Regering” van Lakua die zichzelf “nationalistisch” noemt, wordt onze taal ondermijnd en zijn er steeds meer en meer eentalig Spaanse functionarissen. Zo werden er door de Regering Ibarretxe 1.700 plaatsen opengesteld zonder dat er enige linguïstische eis gesteld werd. Het ging dan ook nog om mensen die rechtstreeks met zieken in aanraking komen. In de streek van Gernika zijn er geen Baskischsprekende rechters. Dit heeft geleid tot een staking van 1.319 Baskischsprekende Bizkaiers.
Maar keren we terug tot 1960. ETA, dat nog helemaal geen geweld gebruikte, werd volledig gemarginaliseerd want de aanvaarding van de organisatie zou tot een breuk tussen de PNV en de PSOE kunnen leiden en een eind aan het “Pact van Bayonne”. Want het akkoord was ongeveer zo: de rechtse Basken voor de PNV, de linkse voor de PSOE, want de linkse Basken zijn Spanjaarden. Nu wil men hetzelfde principe toepassen maar het werkt steeds slechter. De Linkse Nationalisten, met al hun fouten en gebreken waarover we nu niet willen spreken, vormen een groep waarmee rekening gehouden moet worden. Van de andere kant is er het ultra-Spaanse nationalisme dat ten zuiden van de Ebro regeert en dat van de PSOE een schoothondje van de PP heeft gemaakt.
Nu een pact sluiten met de PSOE is hetzelfde als een pact sluiten met Aznar. Hun enige doel is het liquideren van de Baskische Natie als politiek subject. Het enige dat ons nu kan interesseren is het op gang brengen van een proces van zelfbestuur, los van Spanje en van Frankrijk in een staat die Nafarroa, Navarra, Euskadi, Euskal Herria zal heten of eender welke naam zal dragen waarvoor het Baskische volk gekozen heeft. De basis voor dit proces moeten dringend gelegd worden. Een voorwaarde voor het op gang brengen is een sociaal klimaat zonder geweld, noch legaal, noch als antwoord. We moeten er ons bewust van zijn dat Madrid niet wil horen of spreken van een pact met ETA, noch van vrijlating van gevangenen. Madrid wil repressie en spanning. Het was duidelijk dat bij de dood van Geresta, tijdens het bestand in 1998, in een totaal van provocaties, georkestreerd door de toenmalige Minister van Binnenlandse Zaken, Mayor Oreja, Madrid enkel de schaamteloze wens had dat ETA opnieuw zou beginnen. Het is niet waar dat Madrid “Vrede” wil. Wat Madrid wél wil is het einde van ETA, van HB, de PNV, EA , etcetera. Madrid wil het totale einde van de Baskische Nationale Beweging. Madrid wil de sluiting van GARA, van “Egunkaria”, van de Herriko Tabernas en lokalen die het linkse nationalisme ten dienste staan. Daarna zullen de Batzokis (vergaderlokalen en kroegen van de PNV) volgen, de elkartetxes (clubs voor bijeenkomsten) en de culturele verenigingen. Madrid wil dat alles verdwijnt wat zich verzet tegen de knieval voor de Overwinning van Spanje, zoals op 1 april 1939. Madrid wil een fascistische overwinning op ons allemaal. Maar ik heb het voorgevoel dat er een nieuwe politieke, culturele en militaire Baskische Beweging opbloeit, zoals in de zestiger jaren, meer Euskaldun (Baskischsprekend) dan de huidige en nog kritischer en sterker.
Daarom geloof ik echt dat een bestand dat van ETA uitgaat de druk onder abertzales sterk zou reduceren en de vitterij tussen “gewelddadigen” en democraten zou doen afnemen. Het politiek discours van Aznar zou niets méér zijn dan wat het is: het discours van het pure Franquisme. Ons Volk is er de laatste tientallen jaren enorm op vooruitgegaan, vooral dan zij de kracht en de opoffering van ETA en van het linkse nationalisme. Maar de tijden veranderen. De opbloei van 2002 zal zelfs geen kopie zijn van die van 1960. Dat kan ze niet zijn en dat moet ze niet zijn. We leven nu in de periode van de informatica, van ondertitelde toespraken. We hebben een intelligente strategie nodig. De opbloei zal sterk zijn, doof voor de gezangen van autonomistische sirenes en in de richting van een proces naar zelfbestuur gaan.”



















