Het haantje op de toren


Het haantje op de toren,
Dat blinkt als zuiver goud,
Hij zit schrikkelijk hoog en stout,
Haantje op de toren
Waarom draait ge uw kopje klaar,
Nu alhier en dan aldaar,
Haantje op de toren?
Zeker schouwt gij t' allen kant
Over bos en weide en land.
Haantje op de toren?
Mogelijk zijt gij aangesteld
Als wacht op huis en veld,
Haantje op de Toren?
En houdt gij, van ginder hoog
Al de mensen in het oog,
Haantje op de toren?
Ziet gij ook evenwel
Al de kinderen aan het spel
Haantje op de toren?
'k Smeek u, kom toch eens naar omlaag,
En beantwoord ieder vraag
Haantje op de toren.
Jozef Behaeghe



















