Via Lembang naar Bandoeng
Het was een monstertocht naar Lembang. Als onderdeel van een grote vluchtelingenstroom kwamen wij terecht in hotel Preanger in de omgeving van Lembang.
Het bombarderen ging voortdurend door.
Herhaaldelijk moest mijn moeder met 4 kleine kinderen de schuilkelders induiken. Zo is ze een keer met wiegje met baby (ik dus) van de trap in de schuilkelder gevallen. Dit waren overigens provisorische schuilkelders met een dak van takken en bladeren.
Enkele dagen later verplaatste de vluchtelingenstroom van voornamelijk vrouwen en kinderen, zich via de bergachtige weg langs de vulkaan de Tankoeban Prahue naar Bandoeng.
Daar kregen wij (5 personen) een kamertje in hotel Homan. Dit hotel was toen al overvol met vluchtelingen.
In Bandoeng waren toen al veel Britse en Nederlandse militairen, en vluchtelingen uit Malaka, Sumatra en andere Indonesische eilanden. De Japanners dreigden de overvolle stad te bombarderen.
Daarom gaf op 8 maart '42 de legerleiding van Ned.Indië zich in Bandoeng over aan de Japanners.
Op maandag 9 maart werden alle vluchtelingen - wij dus ook - uit hotel Homan gezet.
De Japanse stoottroepen namen hun intrek in het hotel.




