x
flow with what ever may happen
and let your mind be free
stay centered
that is the ultimate
xflow with what ever may happen
and let your mind be free
stay centered
that is the ultimate
leo hartongonsterfelijkheid is niet
een voortzetting van het sterfelijke,
en oneindigheid is niet
een verlengstuk van het eindige.
voorbij het sterfelijke en het eindige
zul je ontdekken dat
hetgeen je werkelijk bent
aan de dood ontstijgt.
rita van hauwermeirenhoe ik de bel het zwijgen opleg -
de dag buitensluit
hoe ik de kachel met vuur vul -
mijn mond met chocolade
hoe ik in kussens
mijn contouren verberg
hoe ik in schuim
van opwellende dromen verdrink
zo is dit slapen een orgelpunt
tussen heimwee en verlangen.
geur versterft, geluid verstomt.
genieten houdt op werkwoord te zijn.
gerard reve
karel sergenhoe in dit weldadig dal van bomen
de bloesems overvloedig staan te tooien
de magere bomen van twee weken her
overgeleverd staat alles aan het leven
is dit nu wonder
in de nesten wordt gepaard gebaard geprezen
er wordt weer verwacht
petrarcaDe dag waarop de zon uit mededogen
met hem die haar geschapen had ontkleurde.
werd ik, o liefste, ofschoon ik niets bespeurde,
gevangen door de schoonheid van jouw ogen.
omdat jouw blikken in mijn richting vlogen
juist op een dag dat heel de wereld treurde
en rouwde om wat eens gods zoon gebeurde,
werd ik verrast en weerloos meegezogen.
en hete tranen moet ik nu vergieten
door 't schrijnen van de wonden die de schichten
diep in mijn broze binnenste achterlieten.
en ach, hoe kon zich liefde ertoe verplichten
op mij arglistig pijlen af te schieten
zonder op jou zelfs maar de boog te richten?
henri-floris jespersliefde is een valstrik waaruit
men zich nooit levend bevrijdt;
de trage wederzijdse vernietiging,
onder het mom van tederheid;
ook de vernietiging wordt een kunstwerk.
1 jaar
hugues pernathik zal dit land verlaten.
de afgedankte dingen, zwijgend en rustig
op straat zetten
en op een ochtend van de laatste week
misschien door het raam hangen
en zien hoe beneden mij, alles
wat na liefde tot gewoonte werd, traag
geplet, verscheurd, vermorzeld wordt
uit diezelfde of iets latere tijden
zal ik vergeten: zo mogelijk
alles wat ik ken
de woorden die ik schreef.
ik zal hopen of in de waan blijven.
paul verlainevotre âme est un paysage choisi
que vont charmant masques et bergamasques
jouant du luth et dansant et quasi
tristes sous leurs déguisements fantasques.
tout en chantant sur le mode mineur
l'amour vainqueur et la vie opportune,
ils n'ont pas l'air de croire à leur bonheur
et leur chanson se mêle au clair de lune,
au calme clair de lune triste et beau,
qui fait rêver les oiseaux dans les arbres
et sangloter d'extase les jets d'eau,
les grands jets d'eau sveltes parmi les marbres.
moonenverloren in het lover klinkt
der nachtegalen slagen,
dat zacht het avonduur omringt
met melodieus versagen.
nu ginds de late zon verpoost
door moeheid kromgebogen,
toe, blozend rode rozenkroost,
toon thans uw mededogen:
gelijk dit woord dat is gestelpt
nog voor het werd ontstoken,
ligt in het lommer van een kelk
de winter doorgebroken.
paul celanSTEHEN, im Schatten
des wundenmals in der Luft.
Für-niemand-und-nichts-Stehn.
Unerkannt,
für dich
allein.
Mit allem, was darin Raum hat,
auch ohne
Sprache.
serge van duijnhoventhere is no reason for illusions
but still we want to believe
that life is worthy - we demand more
than we can find. all the rest
remains ideal – even for
whoever lives in wilderniss
only seldom she is found
and always she is lost
in brightness. the place
of individuals remains their
solitude, solaris
solitaris
head bursting out of its skull
brain bursting out of its hulster
my ego has again departed
I is no longer the other
but a multitude of me
unriddle the structures of time
externalise your fears
befriend your neurosis
make sure heaven will lose
its utter sanctity
jac. van hattumgeen dag kan zo beginnen,
als deze dag begon;
ik kwam mijn kamer binnen
en daar was enkel zon.
de klok was staan gebleven,
maar ik vroeg naar geen uur;
de tijd was opgeheven,
daar was slechts licht en duur.
en duur en licht en luister;
de winter was voorbij;
in rouwfloers sloop het duister
en vluchtte weg van mij.
de zon op drup en perel,
viel over knop en tak;
en voor me zong de merel
op buurmans pannendak.
geen dag kan zo beginnen,
als deze dag begon:
ik kwam mijn kamer binnen
en daar was enkel zon.
Linsidemaar in de nachten dwaal ik
tussen rotsen aan het strand
voel de golven van de zee
spelend met wat ribbels zand
een verraderlijk moment
want met al haar krachten
slaat zij haar golven om mij heen
en word ik weerloos geboeid
in mijn sterfelijke eenzaamheid
daar bij de oorsprong
ben ik er toch
en schreeuw mij stil
maar door de wind gedragen
vervaagt mijn stem
en als ik dreig te verdrinken
is daar die glinstering
van het verlossende morgenlicht
dat mij de weg wijst,
terug naar het strand
wat rest zijn druppels
van een gekoesterd verlangen
zilte tranen op mijn huid
maar in de nachten dwaal ik...
* © Linside *
wouter stipser is niets tussen ons
dat is
liefde
sutra nipataas a flower blown out by the wind
goes to rest and cannot be defined
so the wise man freed from individuality
goes to rest and cannot be defined.
gone beyond all images-
gone beyond the power of words
dick hilleniusdrama van het keren van de wind
oost werd west en het gesloten ijs
werd zachter
geuren kwamen vrij, begin van bloei
vandaar misschien mijn droom
verhaal niet, eerder verschuiving van stemmingen
vormloze droefheid plotseling
om een verlies dat lang geleden
zo bevroren werd
nog levend bleek
harmen windremedie
tegen de angst - al wat ik schrijf
weerstaat mijn wanhoop, elke zin
waaraan ik ademloos begin
jaagt mij de stuipen van het lijf.
want op papier ben ik niet bang.
hier gelden vastgestelde wetten
die mij uit razernij ontzetten
en redden van de ondergang.
kunst zet het leven naar zijn hand,
brengt het terug tot dunne lijnen
die zich, tegen verval bestand,
tot het verstilde beeld verfijnen
van windfiguren in wit zand
waarin ik veilig kan verdwijnen.
stefan hertmanskersen en vogels door een kier;
twee stille handen hebben;
denken aan arnolfini en zijn vrouw.
geest kon de ruimte voeden
met het overblijfsel van ontmoeting.
het bliksemt in gods ingewanden;
huiddun je zoet harnas.
nu je hier voor me zit,
nefaste liebste, laat je mij voelen
wat een vroege zomer is,
het luie windje in het groen,
rillen van wondgewreven vleugels
in een rood scharnier.
kom hier, meisje dat minnaars
tekent met een blik.
leen me je pols;
leen me je ogen;
leen me dat achteloze.
want voor de inkt
kan drogen is het
leven niet meer hier.
1 reactie op dit bericht
the flow
toch blij dat ik deze gedachte de komende dagen en weken mee kan nemen.
liefs