Ons dialect.

Ook in Dendermonde verdwijnt stilaan het dialect zoals trouwens in de meeste steden, gemeenten en dorpen. Nochtans is een dialect een onderdeel van het folkloristisch patrimonium. De levendige taal die door onze vroegere stadsgenoten werd gesproken is vaak doorspekt met humor. Soms vragen wij ons af welke voorvader ons die buitenissige tongval heeft nagelaten? Sommige Dendermondse woorden lijken op vaak overeen te komen in klank met Brussels en het Antwerps. Een degelijke uitleg daaromtrent zou ons te ver leiden, vandaar dat wij verwijzen naar publicaties daaromtrent (zie onderaan artikel).
Spijtig genoeg zijn er nog weinigen die onze echte streektaal spreken. Trouwens het echte Dèrremons is niet eenvoudig weer te geven, noch gesproken, noch geschreven. De taal die de gewone volksmens sprak op 't Vestje, de Molenberg, 't Kwartierke enzomeer, daar zat een hele geschiedenis achter verscholen. De verklanking van rampzalige intellectuele achterstand van enorme sociale miserie was kenmerkend. Het zijn veelal spetterende woordspelingen die vlot uit de mond weerklonken van onze voorouders...
De modernisering heeft teweeggebracht dat de kinderen meer om meer werden opgevoed in het A.N. in plaats van in de eigen streektaal. Vergemakkelijkte dit de opvoeding, of was en is het de bedoeling de kinderen vlotter een buitenschoolse opleiding te geven? Is het een naschoolse opvang thuis of zijn het de kinderen zelf die het niet willen? Allemaal vragen die wij ons stellen, terwijl ons schoon dialect verdwijnt... Pagadders die het geluk hebben hun overgrootouders nog te kennen staan dikwijls voor een taalbarrière.
De invloed van TV, school en nieuwigheden met nieuwe benamingen liggen aan de basis van de veranderingen in het dialect en brengt het dichter bij het A.N.
We zijn verheugd dat wij in onze stad nog enkelen vinden die ons dialect machtig zijn, zodat wij daar ons licht kunnen opsteken qua typische uitdrukkingen, (voor ons lang verdwenen) woorden en vergeten klanken.
Nader onderzoek leerde ons dat hier in de verschillende cité's een ander dialect werd gesproken. Zo verschilde het dialect van de Veerstraat, 't Vestje, de Molenberg, 't Klein Kwartier en het centrum. Ook in de Donckstraat sprak men een ander 'taaltje'. Het verschil lag vooral in de oe- en a-klanken.
Het idioticon van wijlen Georges Dierickx heeft al voor enige wegwijs gezorgd in de wirwar van uitspraken. Binnenkort brengen wij een bijdrage omtrent deze 'pionier'.
Dat ons dialect nog bestaat is een bewijs dat in onze stad in het verleden genoeg mensen hebben geleefd die in spraak of schrift hun eigen volksaard zijn trouw gebleven. Ze hebben de voorkeur gegeven aan hun streektaal zonder alles zomaar te aanvaarden wat uit andere regionen werd meegebracht.
Laat het een troost wezen dat het A.N. een 'soepke' is, waaraan nog honderden jaren zal geschaafd worden en waarrond steeds onenigheid zal bestaan. Dat hebben wij met ons dialect vermeden. Dendermonds is Dendermonds en daarmee basta! Wij blijven steeds verkondigen dat ons 'Dèrremons' één der oudste en mooiste dialecten is van het land. Het is uiteraard niet aan iedereen besteed om er zomaar wijs uit te raken, maar met ietwat Dendermonds bloed in de aderen en een beetje goede wil zal men er zeker minder moeite mee hebben dan sommigen met hun Frans, Engels of Duits...
Nog even meegeven dat in de stedelijke bibiliotheek een aantal publicaties voorhanden zijn omtrent ons dialect. Deze zijn van ondermeer Georges Dierickx en van ondergetekende uit hoofde van de vereniging 'Den Dèrremonse Klapper'.



















































