Geschiedenis van de Gildereuzen - deel 13.


In het begin van de 20e eeuw staan volgende namen van dragers bekend:Karel Van Den Abbeele, Theofiel Davidt en Karel Verstrepen. Zij namen deel aande Katuitommegangen na WO I, alsook aan een tweetal ommegangen in Brussel. In de jaren twintig was Henri Van Beglen ook reeds van de partij.
We publiceren hierna een rekeningnota van 'politietoezichter' Jan Dierickx, die ons toelaat de vergoeding van dragers, fakkeldragers en trommelaars te kennen van de kermisoptocht in 1929.
Uit deze nota blijkt dat geen namen werden genoteerd.


Kort na de Tweede Wereldoorlog (in 1947) zijn er volgende dragers:
-Voor Indiaan: Karel Van Den Abbeele (de Witjes) en Frans Baetens (den Tetter).
-Voor Mars: Leonard Van Den Brempt en Arthur Delcart.
-Voor Goliath: Henri en Oscar Van Beglen.
Het jaar daarop ziet de lijst eruit als volgt:
-Voor Indiaan: Karel Van Den Abbeele, Frederik Van Den Brempt, Frans Baetens.
-Voor Mars: Leonard Van Den Brempt, Arthur Delcart.
-Voor Goliath: Henri en Oscar Van Beglen.
In 1952 zien we Karel Van Den Abbeele en Frans Baetens van de lijst verdwijnen en Romain Audenaert (schoonzoon van Arthur Delcart) komt de gelederen versterken.
In 1955 wordt Henri Van Beglen gevierd door het stadsbestuur omdat hij op dat ogenblik 30 jaar reuzendrager is.
In 1956 zijn er blijkbaar problemen binnen het gilde der dragers. De aard ervan is ons niet bekend. Voor de jaarlijkse Katuitommegang komen drie dragers niet opdagen. Henri en Oscar Van Beglen, Maurits De Wolf en Fré Van Den Brempt klaren de klus dan maar alleen! Zij loodsten op 31 augustus 1956 de reuzen door de Dendermondse straten, wat een grandioze prestatie wordt genoemd. Ze ontvangen hiervoor een extra vergoeding van 50 franken per drager voor de supplementaire moeite.
In 1957 blijkt ales opnieuw goed en vinden we volgende lijst:
-Voor Indiaan: Lievin Van Iersel, Gustaaf Coenen.
-Voor Mars: Frans Buggenhout, Alfons Verbruggen.
-Voor Goliath: de gebroeders Van Beglen
We vinden ook Pierre Van Den Brempt terug op de lijst, doch voor een korte periode.
In 1958, het jaar van de Ros Beiaardommegang ter gelegenheid van de Expo '58 vinden we volgende namen terug: Lievin Van Iersel, Maurits De Wolf, Fré Van Den Brempt, Henri en Oscar Van Beglen, Leonard Tas, Alfons Verbruggen, Frans Buggenhout, Francois Waterschoot en Jozef Raman.
Voor de Katuitommegang van datzelfde jaar blijkt er een probleem te zijn gerezen. Drager Maurits De Wolf had een veroordeling opgelopen voor één of ander klein misdrijf. Toeval wilde dat hij een straf van enkele dagen diende uit te zitten in de periode van Dendermonde-Kermis. Dit leek niet naar de zin van de collega-dragers die prompt hun nood gingen klagen bij de burgemeester. Het kwam zelfs zo ver dat zij gingen 'betogen' voor de poort van de Rijksgevangenis an de Sint-Jacobsstraat! Na onderhandelingen met de gevangenisdirecteur en door tussenkomst bij de Procureur des Konings, werd de man in vrijheid gesteld en kon hij deelnemen aan de reuzenommegang als drager van zijn reus. Zijn straf was echter niet kwijtgestolden, enkel uitgesteld.
In 1959 droegen Henri en Oscar Van Beglen, Francois Waterschoot, Frans Buggenhout, Fré Van Den Brempt, Jozef Raman en Lievin Van Iersel.
(wordt vervolgd)










































