Geschiedenis van de drie Gildereuzen - deel 9.

De naam Goliath wordt pas teruggevonden in eenprogramma van 1878, zijnde de Pater De Smetfeesten. Hij wordt ook wel de Boogschutter of Kruisboogschutter genoemd.
Hij treedt naamloos aan in de stadsrekeningen van 1467 en dit duurt tot 1569. In 1754 en 1850 neemt hij aan de ommegangen deel als 'Reus'.
Goliath was destijds eigendom van de Sint-Jorisgilde.
Hij draagt een groene rok, afgeboord met een gele band, alsook een korte rode cape met paarskleurige franjes. De gordelriem bevat de purperen adellijke kleuren en ook rode tinten. Een hoed, nogal eigenaardig van vorm is het hoofddeksel. Vooraan deze hoed bemerkt men het stadsschild. Zijn hoofd is beschilderd hout en het gelaat wordt getooid met een zorgvuldig gevormde knevel. Evenals Mars is hij drager van een zward. Dit kromzwaard heeft een drakenkop als versiering.
In 1807 had de reus samen met het Ros Beiaard bijna de ommegang gemist, omdat er blijkbaar grote herstellingen nodig waren.
Zijn bekendheid is iets ruimer door de bijbelse verhalen van 'David en Goliath'. De reus behoorde tot de stam van de Filistijnen in Palestina. De stam werd door de Joden verslagen en David was één der Joodse aanvoerders, de kleine held met de slingersteen.
Afmetingen:
Lengte 405 cm - Breedte aan armen 150 cm - Borstomtrek 325 cm - Hoofd 70 c 30 cm - Armlengte 120 cm - Zwaard (lengte) 198 cm - Gewicht 76 kg.
























































1 reactie op dit bericht
Goliath