14/10 St. Francisca Romana - Mother & Refuge
14/10 St. Francisca Romana - Mother & Refuge
Haar leven
Jeugd en verlangen naar het klooster (1384–1396)
* Geboorte in weelde: Francisca werd in 1384 geboren in Rome als dochter van Paolo Bussa en Jacobella de' Roffredeschi, een rijke en aristocratische adellijke familie.
* Vroege vroomheid: Al op jonge leeftijd bezocht ze met haar moeder de kerken in Rome en ontwikkelde ze een diepe spiritualiteit. Ze wilde niets liever dan haar leven aan God wijden en intreden in een klooster.
Huwelijk en gezinsleven (1396–1413)
* Gedwongen huwelijk: Haar vader weigerde haar wens te horen en arrangeerde in 1396 (ze was toen pas twaalf of dertien jaar) een huwelijk met Lorenzo de Ponziani, een rijke edelman en commandant van de pauselijke troepen.
* Ziekte en acceptatie: De jonge Francisca raakte door het verdriet en de druk zwaar psychisch en fysiek ziek. Na een visioen van de heilige Alexis genas ze en accepteerde ze haar rol als echtgenote. Ze bleek een buitengewoon liefdevolle en trouwe partner voor Lorenzo.
* Gezinsuitbreiding: Het echtpaar kreeg drie kinderen: Giovanni Battista, Evangelista en Agnes. Francisca voedde haar kinderen zelf op, wat ongebruikelijk was in haar adellijke kringen, waar men meestal minnen inhuurde.
* Geestverwantschap: Ze vond een bondgenoot in haar schoonzus Vannozza. Samen besloten de twee rijke vrouwen om in het geheim een sober leven te leiden en hun vrije tijd en overvloedige middelen te besteden aan de zorg voor de armen in Rome.
Tragedie, oorlog en de pest (1413–1425)
* Politieke chaos: Rome werd bezet door de troepen van de koning van Napels. Het paleis van de Ponziani's werd geplunderd, hun bezittingen werden geconfisqueerd en haar echtgenoot Lorenzo raakte zwaargewond en moest vluchten. Haar oudste zoon, Giovanni Battista, werd als gijzelaar meegenomen.
* Verlies van haar kinderen: Tijdens de zware pestepidemieën die volgden, stierven haar twee jongste kinderen: haar zoontje Evangelista in 1413 en haar dochtertje Agnes enkele jaren later.
* Komst van de engel: Het was direct na de dood van Evangelista dat deze aan haar verscheen in een visioen, vergezeld door een aartsengel. Evangelista kondigde aan dat deze engelbewaarder vanaf dat moment permanent fysiek aan Francisca's zijde zou blijven om haar te gidsen.
* Onvermoeibare zorg: Ondanks het verlies van haar gezin en haar rijkdom, richtte Francisca haar vernielde paleis in als hospitaal om pestlijders en slachtoffers van de oorlog te verzorgen.
Oprichting van de Oblaten en latere jaren (1425–1440)
* Stichting van de lekenorde: In 1425 richtte zij met goedkeuring van paus Martinus V de Oblaten van Maria op (tegenwoordig bekend als de Oblaten van Tor de‘ Specchi). Dit was een gemeenschap van vrome adellijke vrouwen die geen strenge kloostergeloften aflegden, maar samenwoonden en zich wijdden aan gebed en de zorg voor de armen.
* Verzorging van haar man: Omdat haar man Lorenzo nog leefde en verzorging nodig had na zijn verwondingen, bleef Francisca aanvankelijk thuis wonen om voor hem te zorgen tot zijn dood in 1436. Hun huwelijk had veertig jaar geduurd.
* Intrede in het klooster: Na de dood van Lorenzo trad Francisca in 1436 definitief toe tot de gemeenschap in het klooster van Tor de' Specchi, waar zij de rest van haar dagen in diepe contemplatie doorbracht.
* Overlijden: Francisca stierf op 9 maart 1440 in Rome. Haar laatste woorden waren naar verluidt: "De engel heeft zijn werk gedaan, hij roept mij om hem te volgen."
Zij werd al snel na haar dood door de Romeinse bevolking als een heilige vereerd vanwege haar offers voor de stad, wat uiteindelijk in 1608 leidde tot haar officiële heiligverklaring door paus Paulus V.
Haar bovennatuurlijke gaven
Francisca stond bekend om haar intense mystieke ervaringen. Haar belangrijkste gaven waren:
Het permanent zien van haar engelbewaarder: Haar bekendste gave. Na het verlies van haar kinderen kreeg zij de unieke genade om haar beschermengel constant in een fysieke, lichtgevende vorm naast zich te zien lopen en zijn directe spirituele adviezen te horen.
* Visioenen van de spirituele wereld: Haar biechtvader tekende maar liefst 97 gedetailleerde visioenen op. Hierin zag zij onder andere de hemel, de hel, het vagevuur en ontving zij openbaringen van de Heilige Maagd Maria.
* Profetische gaven: Zij kon toekomstige gebeurtenissen voorzien. Zo voorspelde haar overleden zoontje Evangelista in een visioen de aanstaande dood van haar dochtertje Agnes.
* Het wonder van vermenigvuldiging: Tijdens periodes van extreme hongersnood in Rome deelde zij haar eigen voorraden uit. Volgens de overlevering raakten haar graanzolders en wijnvaten op miraculeuze wijze nooit leeg.
Wat deed zij in de tijd van de pest?
Toen de builenpest Rome genadeloos trof, werd het leven van Francisca persoonlijk en diep geraakt. De epidemie kostte het leven aan twee van haar drie kinderen: haar jonge zoontje Evangelista en haar dochtertje Agnes. Ondanks dit onvoorstelbare persoonlijke verdriet trok Francisca zich niet terug, maar stortte zij zich volledig op de frontlinie van de crisis:
* Ombouwen van haar paleis: Samen met haar schoonzus Vannozza verbouwde ze een groot deel van het adellijke familiepaleis in de wijk Trastevere tot een geïmproviseerd ziekenhuis en opvangcentrum voor pestlijders.
Directe ziekenzorg en straatwerk: Ze ging dagelijks de straat op om zieken te verzorgen, wonden te verbinden en de stervenden spiritueel bij te staan. Ze weigerde vlees te eten en ruilde haar luxe maaltijden in voor droog brood om meer geld over te houden voor de ziekenzorg.
* Bedelen voor de armen: Nadat zij haar eigen persoonlijke vermogen, bezittingen en kleding volledig had uitgegeven aan medicijnen en voedsel, ging zij letterlijk van deur tot deur langs bij andere rijke Romeinse adellijke families om te smeken om donaties.
* Mobiliseren van andere vrouwen: Haar onbaatzuchtige inzet werkte aanstekelijk. Ze wist een grote groep welgestelde, aristocratische Romeinse vrouwen te overtuigen hun oppervlakkige luxeleven achter zich te laten. Deze vrouwen hielpen haar bij de massale armen- en ziekenzorg, wat uiteindelijk leidde tot de oprichting van haar invloedrijke lekenorde.
Over de Hemel
Wanneer zij in mystieke extase naar de hemel werd getransporteerd, zag zij het volgende:
* Christus en de Heilige Drie-eenheid: Zij zag Christus op Zijn troon (het Lam Gods) met Zijn heilige wonden waaruit vlammende stralen van goddelijke liefde schenen. Er heerste een immens, allesomvattend licht.
* De Maagd Maria: Zij zag de Koningin van de Hemel getooid met een drievoudige kroon, omringd door gouden licht en sterren. In sommige visioenen daalde Maria neer om zielen uit het vagevuur naar huis te leiden.
* Koren van engelen: De hemel was gevuld met talloze koren van engelen die onophoudelijk zongen. Francisca had daarnaast op aarde ook de unieke gave dat zij haar eigen engelbewaarder permanent in een zichtbare gedaante naast zich zag lopen.
* Heiligen en martelaren: Zij nam groepen bekende heiligen waar, zoals St Jan de Evangelist, Maria Magdalena, de heilige Agnes en Catharina van Alexandrië, die zongen en dansten van vreugde.
Hemelse landschappen: De hemel openbaarde zich aan haar als een oase van onbeschrijfelijke schoonheid, gekenmerkt door groene weiden, kristalheldere fonteinen (waaruit de gezegenden dronken) en schitterende tempels.
Over het Vagevuur:
De heilige Francisca Romana had zeer gedetailleerde, mystieke visioenen over het hiernamaals. Haar openbaringen werden nauwkeurig opgetekend door haar geestelijk leidsman, kanunnik Giovanni Matteotti. In tegenstelling tot de absolute duisternis en wanhoop van de hel, omschreef zij het vagevuur als een "verblijfplaats van hoop", waar zielen weliswaar zwaar lijden, maar getroost worden door engelen omdat hun redding vaststaat.
Volgens haar visioenen, waarin zij werd begeleid door de aartsengel Rafaël, is het vagevuur strikt opgedeeld in drie provincies of regio's, die onder elkaar liggen:
* onderste regio: Dit is de zwaarste zone, die grenst aan de hel. Hier bevindt zich een hevig, brandend vuur. Deze plek is bestemd voor zielen die weliswaar berouw hebben getoond voor zware zonden, maar hun zondeschuld nog niet volledig op aarde hebben ingelost. Francisca zag hier onder andere bekeerde leken, maar ook religieuzen en priesters die hun geloften niet trouw waren nageleefd.
* middelste regio: Deze zone is minder streng en is bedoeld voor zielen met minder zware overtredingen. In plaats van louter vuur, ondergaan zielen hier reinigingen door extreme elementen zoals kokende olie, ijs en vloeibare metalen.
* bovenste regio: Dit is de mildste zone, het dichtst bij de hemel. De zielen hier lijden voornamelijk onder het grote verlangen naar God en de tijdelijke afwezigheid van het goddelijk schouwen. Ze maken zichzelf innerlijk verwijten over hun tekortkomingen, maar staan op het punt bevrijd te worden.
Naast deze structuur benadrukte ze dat de Maagd Maria regelmatig naar het vagevuur afdaalt (vooral op haar feestdagen) om zielen te troosten en met zich mee te nemen naar de hemel. Francisca hield haar novicen voor dat het vagevuur een barmhartige uitzondering is en dat men niet in angst voor een 'onbuigzame rechter' moet leven, maar moet vertrouwen op Gods liefdevolle zuivering tijdens het leven. Vanwege deze visioenen geldt zij in de katholieke traditie als een belangrijke patrones die wordt aangeroepen voor de zielen in het vagevuur.
Over de Hel:
In haar schokkende visioenen over de hel omschreef de heilige Francisca Romana een plaats van absolute, verstikkende duisternis, ondraaglijke stank en totale wanhoop. Waar het vagevuur een oord van hoop was, was de hel een afgrond zonder einde.
Haar geschriften tonen aan dat zij de hel zag als een strikt hiërarchisch georganiseerd rijk, opgedeeld in drie grote, onder elkaar liggende niveaus:
* bovenste hel: Bestemd voor zielen die lichtere, maar onopgebiechte doodszonden hadden begaan. De kwellingen hier waren al gruwelijk, maar minder intens dan in de diepere lagen.
* middelste hel: Deze laag was gereserveerd voor zielen die zwaardere zonden op hun geweten hadden, zoals moordenaars, dieven, heksen, godslasteraars en zij die overspel of incest hadden gepleegd.
* onderste hel (de diepste afgrond): Het absolute dieptepunt van de hel. Dit niveau was specifiek ingericht voor de allerzwaarste misdrijven tegen het geloof: ketters, schismatici, verraders en geestelijken die hun heilige geloften op schandalige wijze hadden verbroken.
De machtsstructuur en de demonen
Francisca Romana nam een zeer specifieke demonische hiërarchie waar. Ze zag Lucifer (Satan) die in het centrum van de diepste afgrond met zware kettingen vastgeketend zat. Hoewel hij geketend was, stuurde hij vanuit zijn positie drie machtige luitenanten aan:
• Asmodeus: De demon die regeerde over de zonden van het vlees en wellust.
• Mammon: De demon verantwoordelijk voor hebzucht en wereldse rijkdom.
• Beëlzebub: De demon die heerste over trots, afgunst en tweedracht.
Zij stelde vast dat gevallen engelen werden opgedeeld in drie groepen: zij die in de hel zelf straften, zij die zich in de lucht ophielden om mensen te verleiden, en zij die op aarde rondwaarden om rampspoed te zaaien.
Specifieke straffen per zonde
Wat haar visioenen destijds extra angstaanjagend maakte, was de gedetailleerdheid van de straffen. Zielen werden gestraft met het instrument of de methode van hun eigen zonde. Woekeraars (mensen die misbruik maakten van geld) zag zij bijvoorbeeld vloeibaar goud en zilver drinken, terwijl trotse mensen door demonen werden vertrapt in poelen van vuil en modder.
Bovendien zag zij aan de poorten van de hel een gigantische, afschuwelijke draak die met zijn adem zielen opslokte en vermorzelde. Ondanks al deze gruwelen schreef ze één troostrijk mystiek detail op: wanneer de Heilige Naam van Jezus werd uitgesproken, waren zelfs de meest angstaanjagende demonen in de hel verplicht om onmiddellijk te knielen.
Haar openbaringen beschrijven zeer gedetailleerd hoe de onderwereld militair en bestuurlijk is ingericht onder leiding van Lucifer.
Indeling van de demonische legers
Francisca nam waar dat de gevallen engelen na hun val uit de hemel werden opgesplitst in drie grote legergroepen, elk met een specifieke strategische taak om de mensheid te gronde te richten:
* Bewakers van de hel (de beulen): Een derde van alle demonen bevindt zich permanent in de hel zelf. Hun enige taak is het onophoudelijk folteren en straffen van de verdoemde zielen.
* Verleiders in de lucht: Een derde van de demonen bevindt zich in de dampkring en de lucht om ons heen. Zij sturen slechte gedachten, spirituele twijfel en morele verwarring naar de aarde om mensen subtiel te misleiden.
* Aanvallers op aarde: Het laatste derde deel zwerft actief rond op aarde. Deze demonen hebben als taak om directe rampspoed, oorlogen, fysieke verleidingen en zware zonden uit te lokken.
Hoe Lucifer zijn soldaten organiseert
Lucifer is de absolute vorst van de hel en de koning van de trots. Hoewel hij door God met onbreekbare kettingen is vastgelegd in de diepste afgrond, oefent hij zijn macht uit via een ijzerstrakke militair-bestuurlijke structuur:
* Bevelen vanuit de diepte: Omdat Lucifer vastgeketend zit, verlaat hij de hel nooit. Hij regeert door middel van zijn stem en pure wilskracht. Zijn luitenants en soldaten zijn doodsbang voor hem; een enkele blik van Lucifer veroorzaakt volgens Francisca al een onbeschrijfelijke kwelling die de hel tot 'hel' maakt.
* De drie opperofficieren (Prinsen): Direct onder Lucifer staan drie machtige demonen die elk over een specifiek zondenrijk heersen: Asmodeus (de bevelhebber over vleselijke zonden), Mammon (de bevelhebber over hebzucht en bezit) en Beëlzebub (de bevelhebber over trots en afgunst). Zij sturen op hun beurt miljoenen lagere demonen aan.
* Dagelijkse rapportage: De demonen die op aarde actief zijn om mensen te verleiden, zijn verplicht om regelmatig geestelijk 'rapport' uit te brengen aan hun meerderen. Wanneer een demon faalt om een mens te laten zondigen, wordt hij bij terugkeer in de hel door Lucifer of de generaals zwaar gestraft voor zijn incompetentie. Wanneer een demon daarentegen succesvol een ziel naar de verdoemenis leidt, stijgt hij in de hiërarchie.
* De zwakte in hun organisatie: Hoewel dit leger perfect georganiseerd lijkt, ontdekte Francisca één grote zwakte. De demonen haten elkaar intens; er is geen loyaliteit, alleen pure angst voor Lucifer en voor God. Bovendien zag zij dat elke daad van deugd of naastenliefde door gelovigen op aarde de plannen van Lucifers soldaten direct in de war schopt en hen fysieke pijn bezorgt.
Wat zijn hun specifieke tactieken
Demonen gaan uiterst berekenend, psychologisch en strategisch te werk om de menselijke ziel te verleiden. Omdat zij zelf ooit engelen waren, kennen ze de menselijke natuur door en door. Francisca beschreef dat de demonen die zich in de lucht en op aarde bevinden, voornamelijk de volgende specifieke tactieken gebruiken:
1. Het camoufleren als 'goede' of onschuldige wezens
Een van de meest misleidende tactieken die Francisca zelf aan den lijve ondervond, is dat demonen zich zelden direct als monsters presenteren. Ze veranderen van gedaante om het vertrouwen van de mens te winnen of hen emotioneel te manipuleren:
* Vrome gedaanten: Ze verschijnen soms als engelen van het licht, als heiligen of zelfs in een visioen van Jezus of Maria om spirituele hoogmoed te voeden.
* Onschuldige dieren: Francisca schreef dat een demon eens aan haar voeten kwam liggen in de gedaante van een zachtaardig lammetje om haar af te leiden tijdens haar contemplatieve gebed. In andere gevallen namen ze de gedaante aan van een gewond dier om misplaatste emoties of angst op te wekken.
2. Het exploiteren van het individuele temperament
Demonen vallen mensen niet willekeurig aan; ze bestuderen hun slachtoffers. Ze observeren iemands natuurlijke zwakheden, karaktertrekken en actuele gemoedstoestand.
Als iemand van nature ambitieus is, zal de demon van de trots (Beëlzebub) hem influisteren dat hij beter is dan anderen.
Bij iemand die kwetsbaar is voor eenzaamheid of tegenslag, zaaien de demonen direct wanhoop, zwaarmoedigheid en twijfel aan Gods goedheid. Francisca legde uit dat de demonen wachten op een moment van emotionele of fysieke vermoeidheid om toe te slaan.
3. De tactiek van de 'stapsgewijze' verleiding
Francisca Romana waarschuwde dat demonen een mens bijna nooit in één keer aanzetten tot een zware misdaad of een grote doodszonde. Hun strategie is gradueel. Ze beginnen met het normaliseren van hele kleine, schijnbaar onschuldige zonden (dagelijkse zonden). Zodra het geweten van de mens door deze kleine toegevingen is afgestompt, verhogen de demonen de inzet en sturen ze aan op steeds zwaardere morele overtredingen, totdat de ziel volledig verstrikt raakt.
4. Intellectuele verwarring en morele blindheid
De demonen die zich in de lucht ophouden, richten hun pijlen rechtstreeks op het menselijk verstand. Hun tactiek is het verdraaien van de waarheid:
Ze fluisteren in dat het kwaad eigenlijk goed is, of praten zonden recht onder het mom van 'zelfontplooiing' of 'noodzaak'.
Ze proberen de angst voor de zonde weg te nemen door te suggereren dat God alles toch wel vergeeft (misplaatste vermetelheid), óf ze doen precies het tegenovergestelde: na de zonde fluisteren ze in dat de zonde zó groot is dat God de persoon nooit meer zal vergeven (wanhoop).
5. Fysieke intimidatie en afleiding
Wanneer psychologische verleiding niet werkt—vooral bij zeer vrome mensen of heiligen—schakelen demonen over op directe verstoring. Francisca werd ’s nachts regelmatig fysiek aangevallen, uit haar bed gesleurd of geconfronteerd met angstaanjagende verschijningen en harde geluiden. Het doel hiervan is het breken van de concentratie en de wil, zodat de persoon stopt met bidden en de moed opgeeft.
Gelukkig benadrukte Francisca altijd dat de mens nooit hulpeloos is. De demonen kunnen de menselijke vrije wil namelijk nooit dwingen; ze kunnen alleen suggesties doen en verleiden. Met de hulp van de sacramenten, het gebed en de actieve bescherming van een engelbewaarder kan elke list van de demonen direct worden doorzien en afgeslagen.
Welke zijn haar specifieke remedies om deze aanvallen te weerstaan
Praktische, spirituele wapens om demonische verleidingen en aanvallen te weerstaan. Omdat zij geloofde dat de duivel misbruik maakt van menselijke zwakheden, rustte ze haar volgelingen uit met de volgende specifieke remedies:
* Radikale nederigheid: Aangezien trots de oerzonde van Lucifer is, is absolute nederigheid volgens Francisca het krachtigste schild. Wanneer demonen haar aanvielen, reageerde zij niet met woede of angst, maar vernederde zij zichzelf voor God. Ze hield haar novicen voor dat een demonische influistering direct kracht verliest zodra een mens zijn eigen kleinheid erkent en volledig op God vertrouwt.
* Het aanroepen van de Heilige Naam van Jezus: Francisca verklaarde dat het uitspreken van de Naam van Jezus een onmiddellijk effect had in de spirituele wereld. In haar visioenen zag zij dat zelfs de meest angstaanjagende demonen verplicht waren te knielen en terug te deinzen zodra deze Naam met geloof en eerbied werd uitgesproken.
* Onmiddellijke openheid (de biecht): Omdat demonen het liefst in het geheim opereren (via verborgen gedachten en twijfels), adviseerde Francisca om verleidingen direct aan het licht te brengen. Door slechte gedachten onmiddellijk op te biechten aan een geestelijk leidsman of biechtvader, wordt de list van de demon doorbroken en verliest deze zijn macht.
* Constante waakzaamheid en gebed: Zij benadrukte dat demonen toeslaan op momenten van spirituele luiheid of emotionele vermoeidheid. De remedie is een ritme van voortdurend gebed en het actief onderhouden van de sacramenten (zoals de Heilige Communie). Dit houdt de ziel 'wakker' en weerbaar.
* Vertrouwen op en communicatie met de Engelbewaarder: Francisca had de unieke genade dat zij haar aartsengel en engelbewaarder visueel kon waarnemen. Zij leerde dat iedereen een actieve beschermer heeft. Als remedie tegen angst raadde zij aan om in tijden van verzoeking expliciet de hulp en het licht van de eigen engelbewaarder in te roepen, die altijd bereid is om de ziel spiritueel bij te staan.
* Gebruik van Wijwater: Net als veel andere heiligen in de katholieke traditie, maakte Francisca veelvuldig gebruik van sacramentalia, in het bijzonder wijwater, om de fysieke en zintuiglijke pesterijen van demonen in haar kamer te verdrijven.
Haar bijzondere relatie met haar beschermengel
Ze had volgens haar eigen mystieke biografie een uitzonderlijk intense en visuele band met haar engelbewaarder. Waar de meeste gelovigen hun beschermengel als een onzichtbare aanwezigheid beschouwen, kon Francisca Romana hem gedurende het grootste deel van haar leven fysiek zien en horen.
De belangrijkste kenmerken van hun bijzondere relatie waren:
* Voortdurende fysieke aanwezigheid: Ze zag haar engelbewaarder vaak letterlijk naast zich lopen, alsof het een menselijke metgezel was. Hij vergezelde haar bij al haar dagelijkse taken, liefdadigheidswerk en gebeden.
* Gids en spiritueel adviseur: De engel trad op als haar persoonlijke leidsman. Hij gaf haar strikte morele en spirituele adviezen om haar te helpen een vroom en deugdzaam leven te leiden.
* Strenge correcties: De band was niet alleen liefdevol, maar ook streng. Als Francisca een fout maakte, een ijdele gedachte had of zich liet afleiden tijdens het bidden, gaf de engel haar direct een (soms fysieke) berisping of een lichte tik om haar te corrigeren.
* Bescherming tegen het kwaad: Volgens haar biografie en visioenen beschermde de engel haar tegen demonische aanvallen en kwellingen. Haar engelbewaarder fungeerde als een letterlijk schild van goddelijk licht.
* Bron van mystieke visioenen: Door de bemiddeling en aanwezigheid van haar engel ontving zij talloze mystieke ervaringen. In totaal zijn er 97 van haar visioenen opgetekend door haar biechtvader.
Hoe een beroep doen op je beschermengel volgens haar
Om succesvol een beroep te doen op je beschermengel, zijn volgens haar nalatenschap de volgende principes essentieel:
Streef naar innerlijke en uiterlijke zuiverheid: Dit is de allerbelangrijkste voorwaarde. Francisca merkte dat haar engelbewaarder zich onmiddellijk terugtrok of zijn gelaat bedekte zodra zij een ijdele gedachte had, zich overgaf aan oppervlakkigheid of een zonde beging. Wil je dat je engel dicht bij je is en je gebeden hoort, dan moet je proberen te leven in morele reinheid en oprechte vroomheid.
* Praat met je engel alsof het een aanwezige vriend is: Hoewel de meeste mensen hun engel niet kunnen zien, benadrukte Francisca dat de engel er altijd is. Je hoeft geen formele formules te gebruiken; een beroep op je engel doe je door een voortdurende, intieme innerlijke dialoeg. Betrek de engel bij je dagelijkse keuzes en vraag hem concreet om advies.
* Ontwikkel een diepe nederigheid: Engelen zijn wezens van goddelijk licht en kunnen niet omgaan met menselijke trots of egoïsme. Francisca ontving haar buitengewone bescherming juist omdat zij extreem nederig leefde, zich volledig ten dienste stelde van de armen en zieken, en spirituele vermaningen zonder protest accepteerde.
* Luister naar je geweten (de stem van de engel): Een beroep doen op je engel is geen eenrichtingsverkeer. Volgens Francisca spreekt de engel vaak tot ons via subtiele innerlijke ingevingen of ons geweten. Wanneer je een plotselinge aandrang voelt om het goede te doen, of juist een waarschuwing voelt om ergens mee te stoppen, is dat de engel die je leidt. Door naar deze ingevingen te luisteren, versterk je de band.
* Vraag om bescherming in tijden van morele strijd: Francisca riep haar engel niet alleen aan voor praktische zaken, maar juist wanneer zij spiritueel werd aangevallen door verleidingen of negatieve krachten. Zij leerde dat engelen onmiddellijk reageren wanneer je hen vraagt om je ziel te beschermen tegen het kwaad en om je te helpen standvastig te blijven in het goede.
Kortom: we doen volgens haar het beste een beroep op onze beschermengel door heilig en aandachtig te leven. Hoe zuiverder en liefdevoller onze eigen geest is, hoe helderder de engel ons kan gidsen.
De gevallen engelen werden onderverdeeld in drie groepen.
Eén derde deel bestond uit degenen die werkelijk tegen God in opstand kwamen en zich in de hel bevinden om de verdoemden te kwellen. Zij zijn degenen die Lucifer volgden. Ze komen niet uit de afgrond, behalve met Gods toestemming. En zij zijn de ergste onder de demonen.
De andere twee derde – dit betreft de andere twee derde van het ene derde deel dat viel – de andere twee derde van die engelen zijn degenen die geen partij kozen tussen God en Lucifer, maar zwegen.
Bij deze twee derde is een derde demonen die zich onder ons bewegen en als missie hebben ons te verleiden, nadat we eerst
verzwakt zijn door de demonen van de lucht. De demonen die zich onder ons bevinden, behoren tot het laatste engelenkoor, hetzelfde koor als de beschermengelen. Dat wil zeggen: ze bezitten dezelfde kracht. Ieder mens heeft dus
een beschermengel en een 'anti-beschermengel' aan zijn zijde: een demon van het verderf, oftewel een aardedemon.
Alle gevallen demonen zien elkaar, of ze zich nu in de hel, in de lucht of op aarde bevinden.
Ze ondergaan dus het vuur van de hel en straffen elkaar voortdurend.
Het verleidingsproces van de demonen:
Het begint met wantrouwen jegens God gaat dan over in hoogmoed, vervolgt met onzuiverheid, leidt tot hebzucht en eindigt in afgoderij. Ze zei dat zodra het vertrouwen in God verzwakt, de duivel hoogmoed in de mens aanwakkert. En wanneer hoogmoed onze zwakheid heeft vergroot, komen de demonen van het vlees en vullen ze onze geest. Wanneer de demonen van het vlees een persoon verder hebben verzwakt, arriveren de demonen die verantwoordelijk zijn voor misdaden
rondom geld. En wanneer deze geld-demon de weerstandskracht van de persoon verder heeft uitgehold, komen de demonen van afgoderij om te voltooien wat de anderen zijn begonnen. En zo vindt de totale ineenstorting van de ziel plaats door opeenvolgende golven van demonen die haar aanvallen.
Hoe deze verleidingen bestrijden:
De H. Faustina spreekt over vertrouwen als het tegengif voor deze verleidingen. Jezus: De gaven van Mijn barmhartigheid worden dus door slechts één vat ontvangen: vertrouwen. Hoe meer een ziel vertrouwt, des te meer zal zij ontvangen. Zielen die grenzeloos vertrouwen zijn Mij tot grote troost, omdat Ik al de schatten van mijn barmhartigheid in hen uitstort.
Het is van de Heilige Thérèse, 'het kleine bloempje' die zij: "Geef mij een hefboom die lang genoeg is en een plaats om te staan, en ik zal de aarde verplaatsen." Die plaats om te staan – die nooit zal wegglijden of verschuiven, dat onwrikbare steunpunt waarop men altijd volledig kan vertrouwen – is de goddelijke barmhartigheid: Jezus, onze reddende waarheid, voor eeuwig verankerd in God. De geschikte hefboom is vertrouwen. De nadruk ligt op vertrouwen. Jezus zei tegen de H. Faustina: "Ik maak Mijzelf afhankelijk van jouw vertrouwen. Als je vertrouwen groot is, dan zal Mijn vrijgevigheid grenzeloos zijn."
De strijd tussen Hemel en Hel
19 juni 1943 - Jezus aan Maria Valtorta
Jezus zegt: "Enkele dagen geleden schreef de pater [Migliorini] dat hij in verwarring achterblijf over de ware oorsprong van de huidige gesel, 'omdat een koninkrijk dat in zichzelf verdeeld is, niet langer een koninkrijk is'. Ik zal de pater laten zien dat dit wel degelijk zo kan zijn, omdat deze verdeeldheid louter schijn is.
Lucifer heeft in zijn manifestaties altijd geprobeerd God na te bootsen. Net zoals God aan elke natie haar eigen beschermengel heeft gegeven, zo heeft Lucifer aan elke natie zijn eigen demon gegeven. Maar net zoals de verschillende engelen van de naties één enkele God gehoorzamen, zo gehoorzamen de verschillende demonen van de naties één enkele Lucifer. [1]
Het bevel dat Lucifer in dit huidige conflict aan de verschillende demonen heeft gegeven, verschilt niet per natie. Het is voor allemaal hetzelfde bevel: 'Zaai gruwel, wanhoop en atheïsme'.
De demonen gehoorzamen en brengen de naties ertoe elkaar te verscheuren. Zo bereikt de hel haar doel: het geloof in de harten doden, wanhoop zaaien, de naties tegen elkaar opzetten, de volkeren van God losmaken en hen tot goddeloosheid drijven. Het is een schijnbare verdeeldheid, want de verschillende legers bevechten elkaar wel op aarde, maar de demonen die hen leiden, handelen in volkomen harmonie om zielen te ruïneren.
Mijn engelen strijden ook om het land te verdedigen dat Ik aan hun zorg heb toevertrouwd. Maar de engelen schieten tekort omdat er niet genoeg gelovige mensen zijn op aarde om hen met gebed en offers te ondersteunen.
Ik heb het al gezegd en Ik herhaal het: 'Dit is een strijd tussen de hemel en de hel'. Jullie mensen zijn slechts een leugenachtig scherm. Achter jullie legers strijden engelen en demonen. Achter jullie politieke voorwendsels ligt de ware reden: de strijd van Satan tegen Christus.
Dit conflict is een van de eerste selecties van de mensheid, die haar laatste uur nadert, om de oogst van de uitverkorenen te scheiden van de oogst van de verworpenen. Maar helaas is de oogst van de uitverkorenen klein in vergelijking met de andere. Wanneer Christus zal komen om de eeuwige tegenstander in zijn Profeet te overwinnen, zal Hij weinigen vinden die in hun geest getekend zijn met het Kruis."
Vrije wil
Pr Ripperger zegt dat onze engelen onze vrije wil respecteren. Demonen doen dat niet. Engelen komen dus waar ze worden aangeroepen. Demonen komen waar geen weerstand tegen hen wordt geboden. Demonen geven dus niet om je vrije wil.
Ze dringen zich aan je op. Maar engelen moeten worden aangeroepen; we moeten ze om hulp vragen. We hebben dus deze geweldige schat, maar we moeten ze aanroepen en om hulp vragen, omdat ze onze vrije wil respecteren en pas komen helpen als ze worden uitgenodigd.


