
Brengt Allerheiligen de winter aan, dan doet Martinus (11 nov) de zomer staan.
Met Allerheiligen vochtig weer, Sneeuwbuien volgen keer op keer. Het nazomertje van Allerheiligen, kan voor de winter niet beveiligen. Houden de kraaien voor Allerheiligen school, zorg dan voor hout en kool.
Geeft Allerheiligen zonneschijn, spoedig zal het winter zijn.
Een Allerheiligen met zonneschijn, geeft in de winter veel pijn.
Als het met Allerheiligen sneeuwt, leg dan uw pels gereed.
Brengt Allerheiligen winterweer, tien dagen duurt dat zeer.
De velden geschoren, de winter geboren. Staat in november het veld schraal, dan is het in de zomer voor boeren schraal.
Vertoont november zich met snee, 't zal vruchtbaar zijn, ook voor 't vee.
November heeft maar 30 dagen, maar dubbel wind en regenvlagen. Wie houdt van wind, november mint.
Als november 's morgens bloeit (mooi weer), weet dat de storm 's avonds loeit.
November heeft op de loer gelegen, en komt tevoorschijn met veel regen. Als in november 't water stijgt, weet dat ge 't in de winter nog vaker krijgt.
Donder in november laat een goed jaar verlopen.
Onweer laat in het jaar, de vries is nog niet klaar.
Volgt op de eerste sneeuw op regen, dat houdt een koude winter tegen.
November warm en fijn, het zal een strenge winter zijn.
Als 't vriest in november, sneeuwt 't in december
In november hard begin, in de winter zoet begin.
November streng en koud, zich niet lang staande houdt.
Zwaait de winter in november al staf, zijn rijk zal kort zijn voor straf.
Houden de bomen hun blaren lang, wees voor een strenge winter bang.
Zijn droevig de novemberdagen, de winter zal ons zeker plagen. November met z'n regenvlagen, brengt verkoudheid, jicht en andere plagen.
Als de R is in de maand, is het weer niet altijd meegaand.
02 nov ALLERZIELEN
Sneeuw op Allerzielen, voorspelt een zacht voorjaar. Allerzielens witte pelder, maakt het voorjaar mild en helder. Als Allerzielen zacht begint, volgen veel regen en wind. Met Allerzielen wit gewemel, in het voorjaar blauwe hemel.
06 nov LEONARDUS Het weer van Leonardusdag blijft gewoonlijk tot kerstmisdag.
10 nov Zuidenwind op de dag vóór St. Martijn, 't zal een zachte winter zijn.
11 nov Als de ganzen op 11 november over de ijsschotsen gaan, dan gaan ze met Kerst door de modder.
11 nov MARTINUS VAN TOURS Is het donkere lucht op St. Martijn, zo zal het een zachte winter zijn, maar is dag van St. Martijn helder, de vorst dringt door tot menig kelder. Als het nevelig is met St. Martijn, dan zal de winter niet koud zijn, maar heeft de Sint een witte baard, dan blijft ons sneeuw nog ijs gespaard.
Al moet St. Maarten een mantel dragen, hij moet toch wandelen in zomerse dagen. Donkere St. Maarten, lichte Kerstmis. De Misse van St. Maarten, brengt ons de winter in 't herte. Als het blad niet valt voor St. Martijn, zal 't een strenge winter zijn. Staat met St. Maarten op 't ijs de gans, zo houdt ze Kerstmis in 't water een dans. Is om St. Maarten nog loof aan de bomen, zo moogt ge van een strenge winter dromen. Als op St. Maarten de ganzen op het ijs staan, moeten ze Kerstmis door het slijk gaan. Blad aan de bomen met St. Martijn, dan zal het een strenge winter zijn. Nevels in de St. Maartensnacht, maken de winter kort en zacht. Na het feest van St. Maarten, krijgt de winter schone kaarten. Wolken op St. Maarten, geven een onbestendige winter aan.
St. Martinus warmte en regen, brengt het zaad geen grote zegen. St. Maarten zet zich met veel dank, bij het haardvuur op de bank.
12 nov LIVINUS St. Lieven, komt ons met vorst gerieven.
15 nov LEOPOLDUS Leopoldus die goed weder vindt, blijft dat dagen goed gezind.
19 nov ELISABETH VAN THÜRINGEN St. Elisabeth doet ons verstaan hoe de winter zal vergaan.
21 nov MARIA PRESENTATIE Maria's opdracht klaar en hel, maakt de winter streng en fel. Maria’s opdracht, vaak ijs in de gracht.
22 nov CECILIA De dag aan St. Cecilia gewijd, is de maatstaf voor de wintertijd.
23 nov CLEMENS Wintert het op St. Klemens fel, dan wordt de lente klaar en hel.
25 nov CATHARINA VAN ALEXANDRIË Op St. Catharine sterkt de winter. St. Katrien komt in 't wit. Vriest het op St. Katrien, dan vriest het nog 6 weken nadien. St. Katrien, verschijnt graag in een witte mantel. Vorst op St Catharina, dan vriest het zeven weken lang. Sint Katrien, in het wit gekleed, zeven weken sneeuw ons leed. St. Katrijn, Gooit de koude steen in de Rijn. Doet Catharina haar witte mantel aan, ze blijft er zeven weken rond mee gaan. Zoals de dag van St. Katrijn, zal de laatste januari zijn.
29 nov SATURNINUS IJs op de dag van Saturnijn, maakt korte mette met 't venijn.
30 nov Novembers laatste noot, vult altijd de sloot. Novembers laatste noot, valt altijd in de sloot.
30 nov ANDREAS St. Andreas, sta op en vrees St. Andries staat op met vries, Hij slaat niet af voor Lichtmisdag (2 februari). St. Andries brengt de vries, St. Elooi (1 december) brengt de dooi. Als St. Andries onder sneeuw moet bukken, zal dat jaar geen koren lukken. Met St. Andries snee, doet het koren wee. St. Andries, spörreke piep! vandaag zie ik u nog, maar morgen niet. Door de sneeuw sneeuwt wel eens wat onder. Met St Andries worden de varkens vies.