Zaterdag 16 oktober 2010
CORSICA

CORSICA
De Golf van Porto met de Calanches, een indrukwekkend schouwspel van 300 meter hoge rode rotsen.



Het middeleeuwse dorpje Sartène.


Bonifacio

Corte

Nonza
Met de auto langs de rode kliffen
Wie graag achter het stuur zit, zal zijn hart verliezen aan het bochtenwerk van het Corsicaanse wegennet. Al kan autorijden in Corsica ook best zenuwslopend zijn.
Met de wagen kan je in zeven tot tien dagen de grootste blikvangers van het eiland bezoeken. Eén van de mooiste routes loopt tussen Piana en Porto, in het westen, en verder noordelijker naar Calvi. Daar liggen de Calanches, een spektakel van 300 meter hoge rotsen van feloranje tot roestbruin die door de tijd, de wind en het water tot bizarre natuurfenomenen zijn geboetseerd waarin je makkelijk een hondenkop, een schildpad of een vogel kan herkennen. Zeker in de late namiddag als de zon de rozerode granietrotsen in een betoverend licht laat baden, zijn de Calanches op hun mooist. Porto zelf is, zeker buiten het hoogseizoen, een juweel van een vissershaventje rond een keienstrand. Vanuit Porto kan je ook de Calanches met een bootje bezoeken. Je vaart dan ook langs het natuurreservaat La Scandola, Unesco-erfgoed en zo bijzonder dat er niemand aan land mag.
Calvi zelf is een populaire toeristenplaats met een 6 km lang zandstrand dat in september weer op adem komt na een drukke zomer. Het hippe volkje vind je 's zomers op de terrassen, stranden en in de winkelstraten van Saint-Florent, want wat Sankt-Moritz voor de Alpen is of Marbella voor Spanje, is 'Saint-Flo' voor Corsica.
De N196 van Ajaccio naar Bonifacio, met het middeleeuwse dorpje Sartène als hoogtepunt. In de nauwe steegjes van de binnenstad hebben zich bloedige vendetta's afgespeeld. Eindig in Bonifacio. Het allermooiste stadje van Corsica is gebouwd op hoge holle kalkrotsen. Het gebergte mondt hier uit in rijke stranden, kreken en eilandjes. Bonifacio is een ideale uitvalsbasis voor het Ospedale-gebergte, met daarboven de Aiguilles de Bavella, de Polischellu-watervallen en het Solenzara-dal.
De fiets is het perfecte vervoermiddel om flink wat van het eiland te zien én echt overrompeld te raken door het vele natuurgeweld.
Een aanrader voor avontuurlijke fietsers is de Désert des Agriates bij Saint-Florent, een rotsig maquislandschap van struiken, heesters en bloemen dat geurt naar rozemarijn, mirte, marjolein en tijm. Daarna kan je de Balagne induiken bij Lozari, met een klim naar bergdorpjes Muro en Cateri. De kustweg tussen Calvi en Porto is een must. Als 90 km en 900 hoogtemeters te veel lijken, kun je de route in tweeën breken in Galeria, een prima uitvalsbasis voor een zwempartij of een duik aan de rand van het Scandola-reservaat, een ecologisch mirakel van 2.000 hectare.
Geschreven door Linara om 16:43
Reageer op dit bericht






























