gelukzak
De keren dat we klagen over gebrek aan respect, de keren dat we zeuren over het niet begrepen worden: het verdwijnt in het niets wanneer je echt de vergelijking maakt. Verwende kerels, gelukzaligen. We beseffen niet half hoe gelukkig we zijn. Een dak boven het hoofd hebben, een luxueus dak bovendien. Nooit honger leiden, steeds overvloed. Steeds mensen om ons heen. Nooit echt alleen. Nooit vervloekt of uitgesloten. Vrienden hebben, mogen studeren, kunnen werken.
Dat het goed met ons gaat, moeten we niemand verwijten. Dat we gelukkig zijn, moet ons niet tot wanhoop drijven. Maar we mogen het wel beseffen, prularia relativeren, bijzaak banaliseren, ongemak minimaliseren. En vooral dankbaar zijn. Beseffen dat we ons opwinden om niets, ons eindeloos opblazen voor een zucht.
Leren genieten, daar komt het op aan. En er de kracht uit puren om dat genieten ook voor anderen mogelijk te maken. Zeker wanneer er wel iemand aan de deur klopt en honger heeft, echt honger en je hem geen brood kan geven. Dan knaagt het aan het hart en word je stil. Concreet denk ik aan een student die slaapt in een garage omdat hij zijn studies niet kan betalen omdat hij ouders verloor, en ik denk natuurlijk ook aan Pramod.















1 reactie op dit bericht
Maarten, mooi stukje maar...
verstaander.