Zondag 7 maart 2010
'Hou je daar allemaal niet bezig'.
Het was en is het wederkerend antwoord van zowel mijn vader als van een pedagoog die ooit zelf missionaris was. Ik heb het persoonlijk altijd moeilijk gehad met deze uitdrukkingen, want we worden dagelijks aangespoord - zeker als christen mens en als goede burger (dixit Don Bosco) - het juist op te nemen voor mensen aan de rand of mensen in miserie, en heel zeker nu in deze vastentijd.
En toch, wat te doen met:
de jongen met adhd die ik lang heb gevolgd en dan woordeloos afhaakte al voelde ik aan dat hij nog lang niet echt klaar was op eigen benen te staan?
die andere jongeman die maar vruchteloos zoekt naar de ideale levenspartner en dan maaar bij mij uitweent?
die gast die maar nog eens terug is hervallen in zijn kleine wereld met als enig redmiddel zijn canabisplantjes?
de mens die zich uiteindelijk heeft laten opnemen in een psychiatrisch ziekenhuis om zich tegen zichzelf te beschermen?
de vrouw die via het opvolgen van sites rond religie een man probeert te imponeren om dan na lange stilte haar wraak te nemen op een relatie die er nooit was.
de persoon waarvan ik wist dat hij het financieel niet langer kon redden en waar ik aanvoelde dat ik hier niet langer onderuit kon.
de uitgesproken homofiel die alle vertrouwen in het leven en de mens heeft verloren en dan plots hier virtueel opduikt.
de zoekende die wel de kerk achter zich heeft gelaten maar nu een luisterend oor wil omdat hij meent zijn roeping te hebben gevonden in Hare Krishna.
die vrouw die op hoge leeftijd moet besluiten dat er ondanks haar vele echt rijke contacten er niemand meer is die haar uit haar bed kan noch wil helpen, niet eens een buurman.
de student-huisdokter die ik leerde kennen tijdens zijn opname toen geconstateerd werd dat hij psychopaat was ....
"Trek je van deze mens niet aan" was het antwoord van die inwonende missionaris.
"Hou je daar allemaal niet mee bezig".
En inderdaad hoor ik van een ander, wie zal voor jou zorgen, wie is er voor jou?














