Naar de inhoud

POEZIE EN GEBED.

Op het ritme van het hart, het leven, de seizoenen en vanuit mijn christelijk geloof geschreven.
seniorennet.beseniorennet.be

ICOON

H

et schilderen van een icoon,

doe ik niet zonder schroom,

ik ga met een gebed  beginnen,

want ik ga Gods mysterie binnen.

 

De natuurlijke materialen,

techniek,verf en kleuren,

zijn gebaseerd op een heel oud kerkgebeuren,

ik treed eerbiedig in ’t voetspoor

van monniken en monialen.

 

De stilte en de rust,

nodigen uit tot een inwendig gebed,

en bij elke penselentrek,

ga ik een stukje mee

in Gods heilswerk.

 

Ik ben dankbaar voor dit eerste werkje,

de Moeder Gods

de Moeder van de Verlosser,

de Moeder vol tederheid,

teken van tijdloze,

eeuwigheid.

 

D.W.M.

 

 

GEBED BIJ HET BEGIN VAN EEN NIEUW WERKJAAR.

   AAN HET WERK

 

Goede God, werkzame Vader,

wij dragen U op:

ons bidden en werken,

de vreugden en zorgen van onze dagen.

Help ons, om door ons werk

getuigen van uw liefde te zijn.

Leid onze inspanningen ten goede.

Wees gij de bron

van al ons doen en laten.

 

Wij weten ons verbonden

met heel uw mensengemeenschap,

die hier op aarde leeft.

Wil door ons werk

uw schepping

tot voltooiing voeren.

Amen.

De zomer

POEZIEHOEKJE

 

De Zomer

 

O zomer! O zomertijd!

met bloemen wijd en zijd.

Mag ik u even loven

zoals de zon van hierboven?

Laat mij even begaan.

Zo kan ik stille staan

bij ’t groen van uw fluwelen kleed

dat zo-even door mijn vingers gleed.

Want water, zon en zee

brengen de zomer met zich mee.

We glijden heen en weer

al surfend op het blauwe meer.

De haren in de zwoele wind.

Onbezorgd, als een onschuldig kind.

Danken we de Heer

voor dit prachtig zomerweer.

Maar alles gaat voorbij…

Ook die heerlijke zomertij.

Even krijgen we de gunst

om te leven met die zomerse kunst.

 

Francine

 

 

 

De zomer.

De zomer.

 

Zomermuziek wat klinkt het schoon in d’oren

Zomermuziek zo streelzacht om te horen

In ’t groen, in prachtige tuinen

Of even maar op de buiten.

 

Hoort men alles zingen

Van God onze schepper en zijn geschapen dingen.

De mensen vinden ’t fijn

Om even in gezelschap te zijn.

 

Doch... in de stilte der natuur

Hoort men een wonderbaar lied.

Daar telt tijd noch uur

Alleen de seizoenen vergeten dat niet.

 

Zo is de zomer een komen en gaan

Waarin de muziek even kan stille staan

Maar met hart en ziel doorweven

Daarin kan ze verder leven.

 

Met dank!

 

 

 Francine De Wilde

 

 

Gedicht. ZOMER

Gedicht.

Vaderdag.     

21-6-1994

 

ZOMER.

 

O! Tijd van zon,vreugd en leven

Die diepe verlangens kunt gij geven.

In deze volheid zit gij verscholen

Er wordt weer een zomer geboren.

 

De zomer van het hart

Wat baten pijn en smart.

Weer een jaar later

We plonsen in het water.

 

En overal het weelderige groen

Die lommerige dreef  bij de noen.

In die zoete zomerzangen

Spelen de kinderen met blozende wangen.

 

Alles is zo heerlijk

Ik hoor ginds de leewerik.

De stilte maakt een nieuw geluid

Van deze warme zomer uit.

 

En alles zal als vroeger zijn

In dit wonderlijk  festijn,

Als we in de kleine dingen

Het verhaal van de zomer horen zingen.

 

Uit  levenswaarden.
Francine

ZOMERSYMFONIE

ZOMERSYMFONIE

 

Zonnetje schijn, zonnetje schijn,

dan doet ons hartje geen pijn.

Windje suist, windje suist,

over ’t beekje dat bruist.

Bloempje wiegt, bloempje wiegt,

op de tonen van dit lied.

Vlindertje vliegt, vlindertje vliegt,

van de roos op de vergeet-mij-niet.

Bijtje zoem, bijtje zoem,

van de lelie op de zonnebloem.

Haasje springt, haasje springt,

over ’t heg met groen omringd.

Kindje zingt, kindje zingt,

jij kleine hupse ding.

Kindje huil, kindje lach,

van de één in de andere dag.

Kindje speel, kindje speel,

neem nu aan dit spel toch deel.

Kindje danst, kindje danst,

grijpt die ene levenskans.

 

francine

 

 

Kindergezichtje in een boom gebeiteld,

 

Kindergezichtje in een boom gebeiteld,

kunstenaar, natuur minnaar,

een knipoogje vol tederheid,

ik wandel er onachtzaam aan voorbij,

maar ’t kindje aan mijn zij,

dansend, springend,

merkt het op:

‘kijk daar: die boom die lacht’

eenvoudig, mooi,

een sprookje van een zomerdag.

 

Dagmar

HET PAARD - 1

HET PAARD -1

 

Ik zie je huppelend,                                                     

in de groene, malse wei.

zo sierlijk, zo elegant,

met aan je zijde,

jouw dartelend veulen.

Je deemoedige ogen,

spreken innige trouw.

Je dampende neus,

streelt langs zijn rug.

Met je losse, witte manen,

wiegelend in de wind.

Je paardenstraat wipt,

over jouw stevige flanken.

Een stoerheid, omringd door tederheid,

een veelzeggende stilte, in de wijde natuur.

Geen woorden, maar alleen

een bezinnende blik,

tussen mens en dier.

Hoe nobel is het paard.

Francien

HET PAARD - 2

HET PAARD – 2

 

Je staat daar in die stal

knijpend met jouw ogen,

maar de natuur

is ver van jou.

De mens ging jou misbruiken,

op race- en koerswedstrijden.

 

Want wanneer de ziel is aangetast

dan is het lichaam leeg.

Het leven wordt een draven,

hij zit in het gareel

die opgefokte mens.

Hij gaat wedden

en opwindend kijken

naar een hulpeloos paard.

Voor zijn plezier

moet ook het dier nu rennen

tegen uur en tijd.

Hier slaat de mens op hol.

 

Francine

ROZEN

In juni bloeien de rozen.

 

ROZEN

 

Weelderig bloeien de rozen,

rond mijn hemelboog.

Ik heb die bloem verkozen

een lust nu voor mijn oog.

 

Rozen rood als bloed

met ’t groene blad doorweven.

Ze geuren mijn gemoed

als ze de liefde doorgeven.

 

Ik streel ze zacht,

nog liefst heel alleen,

want in elke donkere nacht

gaan er duizenden rozen heen.

 

En ’s morgens vroeg, bij dageraad,

vind ik een nieuwe roos tussen de doornen.

Zodra de mooiste bloem opengaat

dank ik de Heer, zonder woorden.

 

Uit bloemenweelde

Francine

VERSLAG PINKSTERVIERING

PINKSTERVIERING EDEGEM 5/06/06

Katholieke charismatische vernieuwing.

 

‘Een nieuw Jeruzalem,

God bouwt zich een eigen stad

en al het oude is voorbij.’

 

Klonk het op de bus, die ons naar de Pinksterviering in de O.L. Vrouw basiliek te Edegem bracht.

In dit jaar van het gebed, hebben we de Pinksternoveen, voor een heropleving van het geloof in ons land, samen gebeden met al de bisschoppen van ons land. Met op 3juni ’06 een gebedswake in alle kathedralen.

Deze Pïnksterviering vierden we ook in verbondenheid met 300.000 gelovigen, leden van nieuwe christelijke bewegingen, die samen waren rond  Paus Benedictus de XVI  te Rome.

 

Vanuit Rome ontvingen we ook het volgende bijbelwoord.

 

In de Bijbel, de brief van de apostel Paulus aan de Hebreeën lezen we in hoofdstuk 10 vers 19 tot 24:

‘Broeders, door het bloed van Jezus hebben we vrije toegang gekregen tot het heiligdom. In zijn eigen lichaam heeft Hij voor ons de nieuwe, levende weg gebaand,dwars door het voorhangsel heen. We hebben nu ‘die grote priester die over het huis van God is aangesteld.’ Laten we dan dichterbij komen, maar met een oprecht hart en in volle overtuiging van ons geloof, ons hart rein gesprenkeld van alle schuldbesef, ons lichaam gewassen met zuiver water. Laten wij onwrikbaar vasthouden aan de belijdenis van ons hoop, want hij die de beloften deed is betrouwbaar. Laten we elkaar in het oog houden om met elkaar te wedijveren in liefde en daden van liefde.’

 

In dit jaar van het gebed, kregen we een fris onderricht, gegeven door jonge mensen.

Zeven maal bidden met Maria:

1.     Bidden is luisteren.

2.     Bidden is in je hart bewaren

3.     Bidden is uit handen geven

4.     Bidden is Gods bedoeling zoeken

5.     Bidden is overgave

6.     Bidden is de stilte doorleven

7.     Bidden is de Geest aan het werk laten.

 

Er waren ook twee jonge kloosterlingen die getuigden over de werking van Gods Geest in hun leven, en hoe zij in hun roeping aan die leiding van H. Geest beantwoorden.

 

Een moeder met vijf jonge kinderen getuigde hoe zij in een moeilijke periode van ziekte en verbouwingen veel genade ontving.

“Ik kan geen uren bidden, maar ik kan wel ALTIJD bidden, tijdens al wat ik doe: strijken, aardappelen schillen, in de auto…mij verbonden weten met de Heer Jezus en de Geest die in mij woont.  Dankbaar zijn, een kort gebed om hulp wanneer het moeilijk gaat…”

 

In zijn  homilie had de priester het over de H.Geest als persoon.

De Heilige Geest is een persoon,

geen vage kracht,

Hij is de derde persoon van de Drieëenheid,

Een persoon kent, heeft een wil en heeft lief.

De H. Geest kent het heilsplan, Hij kent het diepste wezen vanGod

De H. Geest wil zijn gaven uitdelen aan ieder zoals Hij het wil.

De H. Geest heeft ons lief, want Hij is de liefde zelf.

Wij mogen de H. Geest niet bedroeven.

 

De Heilige Geest is als Persoon, ook volledig in eenheid met de Vader en de Zoon.

De vrucht van de liefde tussen God de Vader en de Zoon is een Persoon: de Heilige Geest.

Zoals de vrucht van de liefde tussen man en vrouw, een persoon is, het kind.

 

De Vader zendt ons de H. Geest op het gebed van Jezus.

De H. Geest werkt vanuit de kracht van het kruisoffer van Christus.

De H. Geest is het die in de zielen van de mensen, het werk van de verlossing voltooit en de vruchten ervan uitdeelt.

 

Paus Benedictus de XVI zegt het volgende:

De kerkelijke bewegingen en nieuwe gemeenschappen zijn een lichtend teken van Christus en zijn Bruid de Kerk.

De Katholieke Charismatische Vernieuwing hoort bij de structuur van de Kerk.

Gebedscholen waar men leert leven in de waarheid en liefde van God.

Breng in deze vertroebelde wereld het getuigenis van de H. Geest, zodat de waarde en de schoonheid van de menselijke natuur zichtbaar worden.

 
magda

PINKSTEREN

Pinksteren, het Feest van de Heilige Geest!

Pinksteren is het feest van de heilige Geest. Jezus beloofde dat hij de gelovigen niet alleen zou laten. Hij zond de heilige Geest als helper en trooster. Op Pinksteren daalt de heilige Geest neer over de apostelen.

Op de Kracht van de H. Geest, op die genade van ons Vormsel, mogen wij ook altijd weer beroep doen. En dat vergeten wij te vaak. De H. Geest,  is de ons door Jezus Christus beloofde Helper.

 

Vaak bidden dus: ‘Kom H. Geest, geef mij licht, kracht, wijsheid, onderscheiding, vrede, vreugde, liefde…’

 

De Kerk geeft ons in de liturgie van Pinksteren deze mooie hymne:

een gebed om de H. Geest in ons leven te aanroepen.

 

VENI CREATOR, SPIRITUS

 

Kom Schepper, Geest, daal tot ons neer,

houd Gij bij ons uw intocht, Heer;

vervul het hart dat U verbeidt

met hemelse barmhartigheid !

 

Gij zijt de gave Gods, Gij zijt

de grote Trooster in de tijd,

de bron waaruit het leven springt,

het liefdevuur, dat ons doordringt.

 

Gij schenkt uw gaven zevenvoud,

o hand, die God ten zegen houdt,

o taal, waarin wij God verstaan;

wij heffen onze lofzang aan !

 

Verlicht ons duistere verstand,

geef dat ons hart van liefde brandt

en dat ons zwakke lichaam leeft

vanuit de kracht die Gij het geeft.

 

Verlos ons als de vijand woedt,

geef, Heer, de vrede ons voorgoed,

leid Gij ons voort, opdat geen kwaad,

geen ongeval ons leven schaadt.

 

Doe ons de Vader en de Zoon

aanschouwen in de hoge troon.

O Geest, van beiden uitgegaan,

wij bidden U gelovig aan.

 

Aan God de Vader zij de eer

en aan de opgestane Heer

en aan de Geest die troost en leidt

van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.

MIJN VERJAARDAG

 

 

 

 

 

M

ijn verjaardag valt in mei

dat maakt mij altijd blij

we zitten in de tuin

en worden al wat bruin

we eten ijs en aardbeientaart

en ontvangen menige verjaardagskaart

dank aan al die vriendelijke mensen

voor hun goede wensen

in ’t diepste van mijn wezen

dank ik de Schepper voor mijn leven

ieder mens is een uniek kind van God

Hem komt toe alle lof!

 

dagmar

 

 

Dankgedichtje van een zieke / 12 mei / Dag van de verpleging

12mei DAG VAN DE VERPLEGING
12-5-1820 geboortedag van FLORENCE NIGHTINGALE
GRONDLEGSTER VAN DE MODERNE ZIEKENVERPLEGING


Dankgedichtje van een zieke.

 

 

Zij krijgen geen standbeeld, zij zijn niet beroemd,
maar ik heb hen engelen der mensen genoemd,
Zij krijgen hun orders, ontvangen bevelen,
zij lenigen de pijn  en de smart van zo velen,
en wat soms de pil of een spuit niet vermag,
bereiken zij vaak door hun zonnige lach.

Ik heb in mijn bed, na de kwaal die mij velde,
heel vaak liggen denken, ’t is daarom dat ik ’t vertelde,
dat liefde en vriendschap nog niet zijn verdwenen,
door hen die voor ’t eerst in mijn leven verschenen,
Zij krijgen geen standbeeld, zij zijn niet beroemd,
maar ik heb hen engelen der mensen genoemd.

ODE AAN DE PATIENT/ 12 mei /Dag van de verpleegkunde

ODE AAN DE PATIËNT,
DE ZIEKE,
DE HULPBEHOEVENDE.

 

 

Al spreek ik de taal van computers en scans,
maar ik heb de liefde niet,
dan ben ik een klaterend bekken en hoor
slechts mijn eigen stem.

Al ontwikkel ik nieuwe methoden en verwerf ik
nieuwe technische vaardigheden,
al volg ik conferenties en seminaries,
al neem ik de tijd voor naschoolse training -
maar ik heb geen liefde tot de zieke,
dan beteken ik niets.

Al ken ik de vijf stadia van de dood,
zodat ik niet verwonderd ben als een zieke
angstig of depressief wordt,
maar ik heb de liefde tot de zieke niet,
dan ben ik overbodig.

In het begin van mijn loopbaan was ik idealist
en sprak ik als deskundige,
maar met ouder worden realiseerde ik mij
dat ik dikwijls bang was en dat ik
van mijn patiënten kon leren.

Nu sta ik reflectief  tegenover ziekte en dood.
Eens zal ik mezelf in de ogen moeten zien.
En op een dag zal ik de zekerheid verwerven
 van wat de dood is en dan spijt hebben dat ik
ooit iemand veroordeelde.

Methoden, technieken, seminaries en naschoolse
leergangen en begeleiding,
dit alles is belangrijk om inzicht te verwerven
en efficiëntie te bekomen, maar belangrijker
en boven alles belangrijk is de liefde
om Christus voor de zieke,
want zij zal ons vrijspreken als
alles voorbij is gegaan.

 

...Variante op 1 Kor. 13

 

Overgenomen uit het tijdschrift van het N.V.K.V.V.
(nationaal verbond katholieke Vlaamse verpleegkundigen)


KLOOSTER - KERK - loslaten

KLOOSTER – KERK – Loslaten.

 

Voor de Paters.

 

Loslaten,

in stenen, in muren,

gebouw: klooster, kerk,

huis en thuis,

omkadering van wat God,

ons in al die jaren gaf.

 

Loslaten,

oase van groen in de stad,

wandeling in ochtendlicht,

in avondrust,

een groet aan ’t Beeld:

Kruis, Maria, Heilig Hart.

 

Loslaten,

stap voor stap,

in dankbaarheid aanvaarden,

vermindering van kracht,

de ouderdom,

het ‘aardse huis’ dat afgebroken wordt.

 

Loslaten,

en weten in vertrouwen,

verder gaan,

in volgzaamheid en trouw,

de Goede Herder na,

ontlediging,  vereniging,

gebed:

‘De vreugde in de Heer,

is mijn kracht.’

 

Amen

 

zondag van de ‘Goede Herder’ 7 mei 2006

Dagmar.

 

MARIA - BANNEUX

ONZE LIEVE VROUW VAN BANNEUX

 

Onze Lieve Vrouw der armen

komt ons hart verwarmen.

Spreidt uw mantel wijd

over de volkeren van deze tijd.

 

Onze Lieve Vrouw der armen

we smeken u om erbarmen.

komt onze noodkreet tegemoet

met uw vernieuwende liefdesgroet.

 

Onze Lieve Vrouw der armen

de duivel komt ons tarten.

Schoon zijt gij in Godes ogen

schenkt ons uw mededogen.

 

Onze Lieve Vrouw der armen

bemint de eenzamen en verwarden.

Gij buigt u bijzonder neer

over hen die lijden voor de Heer.

 

Onze Lieve Vrouw der armen

het kwade trekt ons niet aan flarden.

We nemen de rozenkrans in de hand

strijdend klaar naar het beloofde land.

 

Onze Lieve Vrouw der armen

van mensen blanken en zwarten.

gij zijt zo klein, zo groot

Gij overstijgt de aarde hemelshoog.

Ave Maria!

 

uit Maria Onze Moeder

Francien

 

PASEN - DE HEER IS VERREZEN - ALLELUIA

PASEN – CHRISTUS IS VERREZEN – ALLELUIA!

 

Heer Jezus,

 

Tweeduizend jaar geleden,

waart gij het wonder,

dat langs meren en door steden,

een spoor van goedheid en genezing trok.

 

Geen woord was ooit wijzer dan het Uwe,

geen daden schoner dan de Uwe.

Uw liefde ging naar hen die ziek,

blind en ontredderd waren.

Het was Uw goddelijke kracht,

die hen genezing bracht.

 

Met die armen en die kleinen,

zijt gij toen ook de weg

van ’t kruis gegaan.

Maar hemelsschoon zijt Gij uit

’t graf weer opgestaan.

De Zoon van God heeft zonde

en dood te niet gedaan.

 

Zo loopt spoor van

heil en zegen

door voor ieder mens

in alle eeuwen.

 

Voor Pasen.

Dagmar.

BETEKENIS VAN DE H. EUCHARISTIE

WITTE DONDERDAG

HET LAATSTE AVONDMAAL

INSTELLING VAN DE H.EUCHARISTIE

DOOR ONZE HEER JEZUS CHRISTUS

 

Op de avond voor Hij stierf aan het Kruis, deelde de Heer Jezus zijn Laatste Avondmaal met zijn leerlingen. Tijdens deze maaltijd stelde onze Verlosser het sacrament van zijn Lichaam en Bloed in. Hij deed dit om het offer van het Kruis door de eeuwen heen te laten voortduren en zijn Bruid, de Kerk, een gedachtenis aan zijn dood en verrijzenis toe te vertrouwen. Zoals het Evangelie van Matteüs ons vertelt:

“Onder de maaltijd nam Jezus brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het aan zijn leerlingen met de woorden: ‘Neemt, eet,: dit is mijn Lichaam.’
Daarna nam Hij de beker, en na het spreken van het dankgebed reikte Hij hun die toe met de woorden: ‘Drinkt allen hieruit. Want dit is mijn Bloed van het Verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van hun zonden.’”
(Mt. 26,26-28; zie ook Mc. 14,22-24, Lc. 22, 17-20, I Kor. 11,23-25).

Deze woorden van Jezus in herinnering roepend belijdt de Katholieke Kerk dat in de viering van de Eucharistie, brood en wijn het Lichaam en Bloed van Jezus Christus worden door de kracht van de Heilige Geest en de medewerking van de priester.
Jezus zei: “Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald. Als iemand van dit brood eet, zal hij leven in eeuwigheid. Het brood dat Ik zal geven, is mijn vlees, ten bate van het leven der wereld........Want mijn vlees is echt voedsel en mijn bloed is echte drank” (Joh. 6,51-55). De gehele Christus is waarlijk tegenwoordig, lichaam, bloed, ziel en godheid, onder de gedaanten van brood en wijn – de verheerlijkte Christus die verrees uit de doden na voor onze zonden gestorven te zijn. Dit is wat de Kerk bedoelt wanneer zij spreekt over de “Werkelijke Tegenwoordigheid” van Christus in de Eucharistie. Deze tegenwoordigheid van Christus in de Eucharistie wordt “werkelijk” genoemd, maar niet om andere vormen van zijn tegenwoordigheid uit te sluiten, alsof deze niet als ‘werkelijk’ begrepen kunnen worden (zie Katechismus van de Katholieke Kerk, nr. 1374). De verrezen Christus is op vele manieren tegenwoordig in de Kerk, maar bij uitnemendheid in het sacrament van zijn Lichaam en Bloed.

Wat betekent het dat Jezus Christus tegenwoordig is in de Eucharistie onder de gedaanten van brood en wijn? Hoe gebeurt dit? De tegenwoordigheid van de verrezen Christus in de Eucharistie is een onuitputtelijk mysterie dat de Kerk nooit volledig in woorden kan uitleggen. We moeten ons bedenken dat de Drie-ene God de Schepper is van al wat bestaat en dat Hij de macht heeft meer te doen dan wij ons ook maar kunnen voorstellen. Zoals H. Ambrosius zei: “Als het woord van de Heer Jezus zo machtig is dat Hij dingen tot leven kan brengen, wat kan Hij dan met te meer reden dingen die reeds bestaan doen veranderen in iets anders” (De Sacramentis, IV,5-16). God schiep de wereld om zijn leven te delen met personen die niet God zijn. Dit grote heilsplan toont een wijsheid dat ons verstand te boven gaat. Maar wij zijn niet in onwetendheid achtergelaten: want uit liefde voor ons heeft God zijn waarheid aan ons geopenbaard op een wijze die we kunnen begrijpen door de gave van geloof en de genade van de Heilige Geest die in ons woont. Zo zijn wij in staat om tenminste in enig mate te begrijpen wat anders onbekend was gebleven voor ons, hoewel we nooit totaal het mysterie van God kunnen bevatten.

Als opvolgers van de apostelen en leraren van de Kerk, hebben de bisschoppen de plicht aan ons door te geven wat God heeft geopenbaard en om alle leden van de Kerk te bemoedigen hun begrip van het mysterie en de gave van de Eucharistie te verdiepen. Om zo’n verdieping van het geloof te bevorderen is deze tekst ter beschikking gekomen om de meest fundamentele (15) vragen te beantwoorden die gewoonlijk naar voren komen met betrekking tot de Werkelijke Tegenwoordigheid van Christus in de Eucharistie. Wij realiseren ons dat enkele van deze vragen behoorlijk complexe theologische ideeën inhouden. Toch hopen wij dat studie van en discussie over deze tekst vele Katholieke gelovigen zal helpen hun begrip van het mysterie van het geloof te verrijken.

 

 

GEBED voor WITTE DONDERDAG

GEBED voor WITTE DONDERDAG

 

O! leven en dood

O! dood en leven

God heeft ons dit Heilig Brood

zomaar in handen gegeven.

 

Uit Zijn gezegende handen

ontstaat ons hele zijn

God smeedt vurige liefdesbanden

maakt onze ziel zuiver en rein.

 

Met Zijn milde handen

gaf Hij ons Zijn wil zo teer

God voor alle mensen, in alle landen

voor wie Hem volgen, daalt Zijn zegen neer.

 

O! God van leven

voorbij de dood,

Gij wilt U te aanschouwen geven

in de aanbidding van dit Heilig Brood.

 

Francien en Dagmar

Meer van POEZIE EN GEBED.

↑ Terug naar de berichten