Vrijdag 25 november 2005
China gaat de 'mijnen des doods' sluiten

Tweeduizend illegale mijnen zijn voorgoed dicht. Nog eens 13.000 mijnen worden tijdelijk gesloten.

Zij hebben een laatste kans gekregen veiligheidsmaatregelen te nemen, voordat in december wordt besloten welke mijnen veilig (en rendabel) genoeg zijn om open te blijven.
Met drastische maatregelen probeert China de levensgevaarlijke mijnindustrie veiliger te maken.
De nationale toezichthouder op veiligheid in de mijnsector in China probeert al jaren het aantal dodelijke ongelukken in de grootste mijnsector ter wereld te verminderen. Tachtig procent van alle mijndoden ter wereld in 2003 waren Chinezen.
China is voor bijna zeventig procent van zijn energievoorziening afhankelijk van steenkool. De energiebehoefte van het grootste Aziatische land groeit met de dag, maar zeker als de staatsverwarming midden november aangaat, schiet de prijs van steenkool omhoog.
Uit winstbejag houden mijnbazen gevaarlijke mijnen open. Het gaat hierbij om de zogenaamde dorpsondernemingen, ooit in het leven geroepen om plattelandsgebieden te laten concurreren met staatsondernemingen. Dorpsondernemingen zijn vaak amateuristische, vervuilende fabriekjes maar ook mijnen die de meest uiteenlopende bodemschatten winnen. Jaarlijks wordt sluiting van deze mijnen aangekondigd, maar zonder al te veel succes.
Dit jaar zijn daarom andere maatregelen genomen. Voortaan moet een leidinggevende met iedere ploeg mee de schacht in. Plaatselijke ambtenaren worden gestraft als ze medewerking verlenen aan vergunningen voor illegale mijnen of op een andere manier meehelpen aan belangenverstrengeling tussen de mijnbouw en de overheid.
Ook zijn er honderdduizend veiligheidsinspecteurs aangesteld.
Mijnwerkers in de provincie Shanxi kunnen rekenen op een beloning van dertig tot driehonderd euro als ze aantoonbare gevaarlijke werkomstandigheden durven aan te geven bij de veiligheidsinspectie. Als Peking er in slaagt de onveilige mijnen dicht te houden, heeft dat nauwelijks gevolgen voor de steenkoolproductie, aldus mijndeskundigen.

Werknemers in de mijn in het Chinese Xinjiang. Foto EPA/Shan Kun
Met drastische maatregelen probeert China de levensgevaarlijke mijnindustrie veiliger te maken.
De nationale toezichthouder op veiligheid in de mijnsector in China probeert al jaren het aantal dodelijke ongelukken in de grootste mijnsector ter wereld te verminderen. Tachtig procent van alle mijndoden ter wereld in 2003 waren Chinezen.
China is voor bijna zeventig procent van zijn energievoorziening afhankelijk van steenkool. De energiebehoefte van het grootste Aziatische land groeit met de dag, maar zeker als de staatsverwarming midden november aangaat, schiet de prijs van steenkool omhoog.
Uit winstbejag houden mijnbazen gevaarlijke mijnen open. Het gaat hierbij om de zogenaamde dorpsondernemingen, ooit in het leven geroepen om plattelandsgebieden te laten concurreren met staatsondernemingen. Dorpsondernemingen zijn vaak amateuristische, vervuilende fabriekjes maar ook mijnen die de meest uiteenlopende bodemschatten winnen. Jaarlijks wordt sluiting van deze mijnen aangekondigd, maar zonder al te veel succes.
Dit jaar zijn daarom andere maatregelen genomen. Voortaan moet een leidinggevende met iedere ploeg mee de schacht in. Plaatselijke ambtenaren worden gestraft als ze medewerking verlenen aan vergunningen voor illegale mijnen of op een andere manier meehelpen aan belangenverstrengeling tussen de mijnbouw en de overheid.
Ook zijn er honderdduizend veiligheidsinspecteurs aangesteld.
Mijnwerkers in de provincie Shanxi kunnen rekenen op een beloning van dertig tot driehonderd euro als ze aantoonbare gevaarlijke werkomstandigheden durven aan te geven bij de veiligheidsinspectie. Als Peking er in slaagt de onveilige mijnen dicht te houden, heeft dat nauwelijks gevolgen voor de steenkoolproductie, aldus mijndeskundigen.




















