Dociel
Dociel
de doden zijn dociel
eindelijk wijs geworden
tot stof
om over na te denkenhet stof
in huis is erg dociel
het blijft gewillig
liggen
Pp
Ik kan niet schrijven zoals jij leest ...
Dociel
Dociel
de doden zijn dociel
eindelijk wijs geworden
tot stof
om over na te denkenhet stof
in huis is erg dociel
het blijft gewillig
liggen
Pp
Rigor mortis
Rigor mortis
En dan komen de eeuwige woorden.
Over de dood.
Het ritueel van de troost.Het vocht in de ogen. Druppels verloren verdriet.
Handen verdwalen in de baan van hun gebaren.
Lichamen vertalen waar letters falen.Nooit meer zorgen. Nooit meer morgen.
Altijd heden in het verleden.
Dat stilaan verrimpelt door het vergeten.Verdriet dat verwelkt.
De doden blijven zo jong als ze sterven.
Jaren verjaren niet meer. De teller verdwenen.
Pp
oud en eindelijk alleen gelaten
oud en eindelijk alleen gelaten
ik wil
graag oud worden
opdat
mijn kinderen
oud genoeg zouden zijn
om mij
alleen te latenzodat
ik zonder het gekrakeel
van mijn gedachten
in het graf
van vergetelheid
kan stappen
opgelucht en zonder adem
Pp
Verraden door een cliché
verraden door een cliché
een dichter moet soms
zichzelf verlaten
om de lezer te behageneenzaam en verlaten
zich in een versleten cliché
verlagen tot prostituévan de taal
zijn geliefde geklater
van helder watertot op
de brakke grond
van het applaus
Pp
Zij
Zij is weg.
Ik ben hier.
Zij moet op vakantie.
Ik mag blijven.
Zij nam me mee.
Ik kreeg haar cadeau.
Zo
blijven we toch samen.
Uvi
Het uur van de wolf
het uur van de wolf
breek mij open
liefdeloos
en zoek
tot je me niet vindtin dit uur
van de nacht
trek ik de wolf
weer aankras je tanden
in m'n vel
en tel de uren
waarin wijelkaar niet verwonden
zalf de dagen
die zichzelf haten
koester je woedeen ga
dan slapen
in al onze talen
verward
Pp
De stilte op sokken
De ochtend kreeg geen kans.
Het is zoals sommige mensen.
Gebroken in de knop.Ik was nochtans met de stilte
over m'n voeten, als voorzichtige sokken,
de trap afgefluisterd.Geen dagelijks gebed van een douche.
Da's dan voor seffens.
Amper m'n koffie tot leven geroken.
Even genipt. Zoals aan de liefde.En daar stond hij al.
Wakker als een te vroege zon.Mijn ritueel een dag zonder oefening.
Dat wordt wennen.
Hoe moet ik nu mijn dag beginnen?Hij zal het me vertellen.
Die al te vroege Afrikaner.
Uvi
Was bedoeld als een ochtenddagboek elders.
Laat het hier maar voor een toevallige passant.
Afscheid van een lezer
Afscheid van een lezer
Breed als een zee
lag het alfabet voor me open.
In de verte een horizon vol omega.Ze stonden aan de kade van m'n zinnen
en wuifden naar m'n woorden.
Tot ik ze niet meer las.De pakketboot van papier
dreef weg als een zeilend schuitje.
Ik peddelde wat letters door de golven.Inkt gutste over het witte water.
Los van lezers schreef ik nu voor mij alleen.
Dopte m'n pen en ademde de lucht vol blauw.
Pp
Vanavond heb ik gasten
Vanavond heb ik gasten
De stilte en de wind,
die zitten al aan tafel.
De regen en de nacht,
verwacht ik toch wat later.Het zijn trouwe vrienden.
Ik ken ze reeds vanuit m'n schoolse tijd.
Trokken samen door de velden en het bos.
Tuurden naar de lucht. Doorheen het lichte lover.We waren dol op wolken. Vooral die trage witte
over de lange weide. Ooit las ik bij een schrijver
dat zijn moeder erom schreide.
Ik weet nu wat hij toen bedoelde.Heb kinderen gekregen om te begrijpen.
Als straks de gasten weer verdwijnen
dan blijf ik achter met mijn allenige gedachten.
Ik neem dan nog een pilletje papier.
Uvi
PS.
Is dit nu later? Stef Bos.
Opgedragen aan alle mensen die zich eenzaam voelen.
En denkende aan 'Wolken' van Martinus Nijhoff.
Als eerbetoon een toemaatje, laatste strofe.
—Nu ligt mijn jongen naast mij in de heide
En wijst me wat hij in de wolken ziet,
Nu schrei ik zelf, en zie in het verschiet
De verre wolken waarom moeder schreide.—
Martinus Nijhoff
Stamper
Stamper
Straks verdwaal ik
in de navel van een
vrouwenmantelvang de nevels van de avond
onder een sluier
van geritsel en gefluisteren met stamelend verlangen
stotter ik
vogelvrije woordenhaar verhaal nog ongeschreven
sluimert in de kille armen
van een al te lange nachtik breek
de ochtend open
beitel letters wimperzachtin ongesproken ogen
en leg mijn zilte zinnen
in haar nog jong verboden vacht
Pp
geen gedichtje
Dichtbij
En dat het zo dichtbij ligt.
Ik geef toe,
het verbergt zich heimelijk.In een stukje Dewulf, bijvoorbeeld.
Het kan ook in een zuchtje wind.
Of in longen vol adem gezogen.Het kan zelfs in afwezigheid.
Van pijn, bijvoorbeeld.
Zelfs in het gemis. Van.
Ik zeg maar wat: een geliefde.En dan kan je weer heerlijk verlangen.
Naar wie of wat.
En weten dat hét of jij
straks weer wordt vervuld.Wat kan geluk dichtbij liggen.
Terwijl je dikwijls denkt
dat het zich ver weg verborgen heeft.
Uvi
Zo licht als licht
Zo licht als het licht
In glas
graveer ik
je verlangenje huid
ets ik
in woordentrek een cirkel
rond
je gedachtenen blaas je
als een zeepbel
wegom je dan
weer
te kunnen vangen
Pp
Eros & Thanatos
Eros & Thanatos
Ik schreef
een doublet
van een duplicaat
voor haar
het bleek
een uitgelezen cliché
versleten
tot na de komma
toen draaide ik
het alfabet
op z'n kop
van z tot a
en vond
alpha en omega
en wat
er tussen lag
gaf ik
aan haar
Pp
Niet dus
Niet dus
Ik zoek je niet
want ik wil je
niet vindenik lees je liever
tussen de lijntjes
van het withet niet daar zijn
en ook niet hier
waar je toch verdwijntzelfs al was je
er nog
niet
Pp
In V-vlucht
In V-vlucht
En in haar hoofd ligt de ochtend nog te slapen.
Achter de horizon van blauw geloken ogen.
Verteerd verlangen.Ik schrijf lente over wit. Bloesem woorden open.
Draag haar adem op mijn ontsloten handen.
Vederlicht vermoeden.Tot aan de dageraad. Beklim ik de kim van haar bestaan.
Zij licht haar anker. Vaart verrukt mijn haven in.
Vermetel vertrouwen.
Pp
Uitgelezen licht
Uitgelezen licht
Ochtenddonker. Een dwaallicht in de zomer.
Ik tik en het wordt lamplicht.
Daar staat hij dan. Lichtbaken in volle glorie.
Een staande leeslamp.
Een ranke vuurtoren
voor de grijze uren van deze dag.
Onder zich laat hij het licht stromen.
Het bidt ingetogen.
M'n handen verzamelen
z'n stralen over de bladen.
Baden in een bundel.
Letters golven over het papieren strand.
Zee van zinnen.
Ze deinen in m'n hoofd.
Ik blader van ebbe naar vloed.
De bellettrie van waden door het blauw.
Pp
Opengevouwen water
Opengevouwen water
Ik luister graag
naar het bidden
van de zeeZie hoe zij wierook
in haar woorden weeft
en druppels paternostersBewonder hoe ze soms
blauw ingetogen beeft
dan weer opstandig beuktTegen de ingedutte dijk
die ijdeltuit, met schamper schuim
en losgebroken golvenHoe zij knielt
in haar ebbe
en
vurig verlangt
in haar vloed
Pp
Dag vreemde man
Dag vreemde man
Neem nu vandaag. Of morgen.
Lente of winter.
Telkens ben ik een ander man.Soms kijk ik in de spiegel.
Om te zien wie ik ben.
Ik vertrouw hem niet.Ik schrijf woorden.
Om ze nadien te lezen.
Misschien ontdek ik zo wel, wie ik ben.Ik kijk in de ogen.
Van een geliefde. Spiegel me.
In haar verlangen.Soms herken ik me.
In de vreemdeling die ik ben.
Ik groet hem vriendelijk.
~Uvi~
Blauwe dichter
Blauwe dichter
Wijl ik nog hoop verzamel op een morgen,
badend in de leegte van geluid.
Trekt de ochtend reeds van leer
met kinderstemmen op een fiets.In mijn handen dobberen dichters
over een blad. Letters in wit water.
Voor anker in de haven van gedichte dagen
met averij geslagen door herinnering.Als de avond zal ontwaken, wil ik slapen
in de armen van hun goddelijk gestamel.
Onder de blauwe wasem van hun inkt
en in het maanlicht ontmaagd ik dan de Muze.
Pp
Un petit bleu
Un petit bleu
Het is een ochtend.
Met behoedzaam blauw
en weifelende wolken.Koelte doorweekt de stilte.
In m'n tuin slaapt
onschuldig nog de dauw.En de nerven van 'n vrouwenmantel
verzamelen voorzichtig
verloren tranen van de nacht.In mijn chaise longue
wacht ik, buitensporig lang,
op het krieken van de dag.
Pp
2 reacties op dit bericht
dociel
diepgang
Het woord dociel geeft de kracht aan de taal en onderwerping aan de inhoud.Wie hier even bij stilstaat wordt met zijn "zijn" geconfronteerd in de essenties van het verschil tussen leven en dood.
Ik ben het volledig met je eens dat je bij het schrijven rigoureus jezelf wenst te blijven..Dit is enig aan je poëzie
groet
Ingrid