Alsof II
Alsof II
Alsof liefde
niet bestaat
zal ik je hatenAlsof de dood
niet tot het einde gaat
zal ik je leven latenAlsof eenzaamheid
niet door gemis ontstaat
zal ik je achterlaten
Ik kan niet schrijven zoals jij leest ...
Alsof II
Alsof II
Alsof liefde
niet bestaat
zal ik je hatenAlsof de dood
niet tot het einde gaat
zal ik je leven latenAlsof eenzaamheid
niet door gemis ontstaat
zal ik je achterlaten
Alsof
Alsof
Alsof de lente
nooit stopt met bloesemen
zo wil ik je graag zienAlsof een rivier
nooit uitmondt in de zee
zo wil ik je beminnenAlsof de laatste dag
nooit komt
zo zal ik van je houden
I wish I was special
I wish I was special.
Mijn huis heeft geen muren. En ook geen dak.
M'n dorp ligt niet op de landkaart. Het wandelt in de wolken.
Een stem is m'n vergezicht.
Een lied, m'n heelal.Een vrouw is m'n vluchtheuvel. Misschien zelfs
een vakantieoord waar ik op adem kom.
In de baai van haar borsten deinen m'n gevoelens.
In haar armen rusten m'n gedachten.Wellicht, waarschijnlijk begrijp je niet wat ik je vertel.
Hoe een mens niet leeft van stenen en stoelen.
Maar overleeft in het timbre en de zachtheid van een stem.
En de gedachte die eruit wegfladdert als was het een vlinder.Ik ben nog diep onder de indruk.
Van een theatermaker.
Hij die mensen ontkleedt tot op gebaren.
En gevoelens aankleedt met acteurs.Ik noem geen naam.
Ik wil hem niet vangen in de cel van een paar woorden.
Hij kent geen tralies. Maar wel de hel.
Van het leven. Op weg naar de hemel.
En de contouren van het lijk van eenzaamheid.
Mensen rondom je. Geliefden zelfs.
En je staat in de woestijn. Met je existentie.
Alleen.
Misschien begrijp je niet wat ik je vertel.
Of, toch wel ...
Zij
Zij
Zij komt binnen gedwarreld, verkleed in een lichaam,
meer dan een halve eeuw meisje,
verborgen onder de huid van een vrouw,
wettelijk lenig, langoureus ontrouw.
Zij glimlacht de zomer in huis,
thuis in haar ogen, warm in haar armen.
Zij legt zich te spreiden,
wordt een wellustige weide.
Zij lacht en zij wacht.
Op dat jonge geweld van 'n oude man,
haar winter met bevende botten.
Ik bloesem uitbundig. De lakens zijn schuldig.
Zij koestert de traagheid
en kust teder m'n brekend blauw.
Ik schrijf haar organisch tot trouw.
In mijn verhaal van het leven.
Nog even.
En zij plooit weer de lakens
tot allenig vergeten.
De dichter en de trein
De dichter en de trein
Als ik me haast, zou het nog kunnen.
Van hier naar Gent. Dat haal ik nog net.
Neen, ik wil hem missen.Het is de enige manier om 'm vast te houden.
Zoals hij is. In woorden.
Als hij in m'n handen ligt te dromen.Een gids door mijn gevoelens.
Hij oogst wat de tijd in mij zaaide.
Weemoed. Naar de dingen die voorbij gaan.Hij reïncarneert grijs in blauw.
Ik ben blauwziek. Hij geneest me niet.
Ongeneeslijk verlangen. Een schoon verdriet.Hij gunt het mij.
Ik wentel me in zijn woorden.
Als een zonnebader op een blakend strand.Papier. En hoopjes verzen.
Een luchtkasteel.
Ik vlieger langs zijn pen naar boven.Godzijdank, mag ik hem missen vandaag.
Hij weet het niet.
In Gent zal hij zijn verzen in een stem veranderen.Ik sluit m'n oren.
Een god mag niet geboren worden in een mens.
Misschien ruikt z'n adem wel.Dag, Bernard Dewulf,
Tot morgen.
Ik haal de trein niet meer.
Pp
Dagboek
Dagboek
Ik leg je onder de leeslamp,
kras mijn ziel op je blad,
een dag als een ander,
zomaar wat blauw in het klad.Het leven klopt elders zo helder,
moedige minnaars en fatale dames,
ik snak naar de grote verhalen
met hun hoerige helden.Helaas, alleen jij legt je neer
in mijn ledige handen,
zonder het blauw
van een voelbare vrouw.
Hoevele dode letters lang
nog, spel ik een naam,
in de witte armen
van geduldig papier?
Met wit geschreven
Met wit geschreven
Er vallen vlinders,
verzen in vlokken
uit de luchtzinderende zinnen
geschreven
in volle vluchten het dwarrelend wit
dat teder tussen
mijn regels zucht.
Pp
De veervrouw
De veervrouw
Zo licht
ben ik vandaag
dat ik je vraag
niet te zuchten.Want
zelfs onbesproken luchten
laten mij in rook opgaan
als het blauw van sigaretten.Laat mij hier rusten
in dit witte graf,
graaf met je gave lippen
tot op de laatste letter.En zet mij over.
Pp
En de boer
En de boer
Als kromgegroeide boeren,
kijken knotwilgen over de dagen,
bewaren zij de tijd in hun huid,
knoestige herinneringen.
Weilanden waken
met ingehouden adem
over de wasem
van zichtbare stilte.
De boer beademt
met vruchtbare handen
het heilige der aarde,
zijn grond en geloof.
Zonder zonen,
zonder zonden,
bidt hij de zon en de maan
voor zijn godvergeten bestaan.
Hoe ik
Hoe ik
met de vermetele precisie
van ongerijmde poëzie
het vruchtvlees van verdriet
uit je letters lepelde breedtegraad van je verlangen
hertrek in de tijdzone van gemis
met meridianen van stilte
jouw lichaam overspanzodat het blauw van je ogen
weer weerkaatst
op de bladspiegel van mijn liefde
ongehinderd
Pp
Lezen is schrijven
Lezen is schrijven
Ik verdeel
de ochtend
in woorden
belast
met de erfenis
van ogen en oren
ik schrijf ze weg
en kijk hen na
tot ik ze niet meer zie
denkend
aan
de profeet:
jouw woorden
zijn
jouw woorden niet.
Pp
"Jouw kinderen, zijn jouw kinderen niet."
Kahlil Gibran.
Mijn tweede leven
Mijn tweede leven
Papier, mijn witte land,
waar ik verrijs uit woorden
op ieder blad opnieuw geboren word
in de strofen van een rozenlaarof in het blauw van golven,
zeeën vreemd vertrouwen
in een vrouw die leest
wat ik beleef in haar.Zij is mijn land en leven,
mijn neergeschreven stem,
mijn hoop, geloof en heden
en hoe ik daar haar elke dag herken.
Uvi