De relatie tussen de stamboom en de 'œMuiderkring' (P.C. Hooft)

De relatie tussen de stamboom en de “Muiderkring” (P.C. Hooft)
Vrijwel iedere Nederlander heeft wel eens gehoord van P.C. Hooft en de “Muiderkring”.
Daarom hier slechts wat summiere informatie over deze grote Hollandse schrijver. Om het geheugen wat op te frissen.
Pieter Corneliszoon Hooft werd op 16 maart 1581 in Amsterdam geboren als zoon van
Cornelis Pieterszoon Hooft en Anna Jacobsdochter Blaeu (of: Blaeuw)
[Bron: “Het geslacht Hooft" door J.A. Alberdingk Thijm en A.A. Vorsterman van Oyen en Famillysearch].
Zijn ouders hadden de volgende kinderen:
Aeghje Cornelisdochter, Jacob Corneliszoon, Hendrik Corneliszoon, Grietje Cornelisdochter, Jannetje Cornelisdochter, Annetje Cornelisdochter en Pieter Corneliszoon.
Vader en moeder, die respectievelijk in januari 1626 en april 1627 stierven, werden beiden in de Nieuwe Kerk te Amsterdam begraven. Al op 15 juli 1600 hadden ze hun testament opgemaakt ten overstaan van notaris Salmon Hendrikszoon te Amsterdam.
Vader Cornelis Pieterszoon was tijdens zijn leven o.a. schepen, raadslid en urgemeester van Amsterdam. De laatste functie heeft hij meerdere malen waargenomen.
P.C. Hooft (Pieter Corneliszoon) studeerde rechten in Leiden en was sinds 1609 drost van Muiden en baljuw van Gooiland.
Zijn ambtswoning, het Muiderslot, werd het ontmoetingspunt van een groep geestverwanten (waaronder Maria Tesselschade), de zogenaamde “Muiderkring”.
In 1639 werd hij verheven in de Franse adelstand.
In religieus opzicht was P.C. Hooft uitgesproken anti-dogmatisch en tolerant.
Waarschijnlijk heeft hij al op vrij jonge leeftijd het toneeldrama “Achilles en Polyxen” geschreven en in 1605 het herdersspel “Granida”.
Maar zijn meest bekende werken zijn de historische treurspelen “Geeraerdt van Velsen” en “Baeto”.
Verder schreef hij ook veel liefdespoëzie, waaronder sonetten.
"Aulularia" was vrij succesvol. Hooft schreef ook veel liefdespoëzie, waaronder sonnetten.
Hooft begon in 1628 aan de “Nederlandsche historiën”. Tot zijn dood (21 mei 1647) werkte hij er aan. Zevenentwintig delen daarvan zijn verschenen, de laatste zeven postuum.
Pieter Corneliszoon Hooft trouwde op 30 november 1610, toen hij 29 jaar oud was, met Christina van Erp (bron: Family Search). Zij overleed in 1624 en werd te Amsterdam begraven.
Op 30 december 1627 hertrouwde P.C. Hooft in Amsterdam met Helionora (Leonora) Hellemans. Hij was toen 46 jaar en zijn bruid 32. Helionora wedr in 1595 in Hamburg geboren als dochter van Arnoud Hellemans en Susanna Jaspersdochter van Surck.
Kinderen van Pieter Corneliszoon en Leonora:
Christina Pietersdochter Hooft. Zij is gedoopt op 20 augustus 1628 in de Nieuwe Kerk (Hervormd) te Amsterdam [bron: Gemeente Archief Amsterdam: Doopregister 40 p.465] en Aernout Hellemans Hooft
De vader van P.C. Hooft, Cornelis Pieterszoon Hooft, had een broer namelijk Willem Pieterszoon (1549 - 1605). Eén van diens zonen (een neef dus van P.C. Hooft) was Jacob Willemszoon, die in februari 1589 in Amsterdam werd geboren en met Maria (Marritgen/Maritje) Jonkheyn/Joncheijns in het huwelijk trad.
Eén van hun dochters, Claesgen (ook Nicole genoemd), trouwde in 1644 met Cornelis de Vlaming van Oudtshoorn.
Dit echtpaar kreeg een dochter, Maria de Vlaming van Oudtshoorn, die op 17 april 1646 in Amsterdam werd geboren en die op 12 juli 1684 in het huwelijk trad met Pieter van Reede tot Nederhorst.
Hun zoon, Barend Cornelis van Reede van Oud(t)shoorn, geboren in Utrecht op 19 oktober 1690, trouwde op 27 oktober 1713 in Oisterwijk (Noord-Brabant) met Catharina Cornelia van Eys.
Ze kregen op 8 juli 1714 een zoon, Pieter van Reede van Oud(t(shoorn.
Deze Pieter was ook heer van Oudshoorn, Ridderbuurt en Gnephoek, heer van Drakenburg, secundus van de Kaapkolonie en directeur van de Kaap.
Naar hem is ook de plaats Oudtshoorn in de provincie West-Kaap (Zuid-Afrika) genoemd. Hij overleed op 23 januari 1773 aan boord van het fregat “Asia”, toen hij op weg was om zijn benoeming tot Gouverneur van de Kaap te aanvaarden.
Een dochter van hem en zijn echtgenote, Sophia Boesses, Maria van Reede van Oudshoorn, geboren op 30 mei 1753 in Kaap de Goede Hoop, trouwde met de toen 32-jarige Nicolaas Carel van Lawick van Pabst, heer van Ravestein, een zoon van Gozewijn Willem van Lawick van Pabst en Maria Geertruida Hofland.
Een zoon van dit echtpaar, Pieter Herbertus (Baron) van Lawick van Pabst, werd geboren op 5 november 1780 in Geldermalsen.
Pieter Herbertus (Baron) van Lawick van Pabst trouwde, 31 jaar oud, in 1811 in Rembang [bron: Adelsboek 1915] met Lambert(in)a Florentina Persijn, 16 jaar oud. Lambert(in)a Florentina werd geboren op 19 februari 1795 in Rembang [bron: De Indische Navorscher 1934-1938, 1989-1996] en was een dochter van Claas Persijn en Maria Magdalena Salomons En Claas Persijn werd de “stamvader” van de Indische Persijns uit de streek Semarang - Jepara- Rembang (zie ook de artikelen “De Hollandse stamvader” en “Rembang” op deze weblog).





