De CAS


De CAS
In het artikel “Mijn wieg stond in Batavia” op deze weblog gaf ik al aan, dat ik in Batavia (later Djakarta, nu Jakarta) na de lagere school naar de H.B.S. ging aan het Koningsplein.
Deze school was bekend onder de naam CAS, een afkorting van: Carpentier Alting Stichting.
Deze school werd medeopgericht door Albertus Samuel Carpentier Alting, geboren te Purmerend op 30 december 1837 en predikant in o.a. Colmschate, Dokkum (1865), Hoorn (1882) en Padang (op Sumatra) en overleden in ’s Gravenhage op 4 april 1915.
Hij was naast medeoprichter van de Nederlandse Protestantenbond ook (in Nederlands-Indië) actief in de Vrijmetselarij.
In 1902 stichtte hij in Batavia een H.B.S. voor meisjes, die later zou uitgroeien tot de Carpentier Alting Stichting. Deze school had dus (wist ik later pas) een Vrijmetselaars-achtergrond.
Toen ik daar op school zat (tot april 1956) was er een H.B.S. (Hogere Burger School), een Gymnasium, een MULO (Meer Uitgebreid Lager Onderwijs) en een M.M.S. (Middelbare Meisjes School).
Onder de leerlingen waren behalve Hollandse en Indische ook Indonesische en Chinese kinderen. In mijn klas zat bijvoorbeeld Eddy Slamet, de zoon van de toen bekende (Indonesische) professor Slamet. Zijn zuster zat destijds op dezelfde school in de vijfde klas van het Gymnasium.
Wat mij goed is bijgebleven van deze school is de wijze waarop men les gaf. De docenten waren stuk voor stuk heel bevlogen en hadden zich bijzonder goed verdiept in hun vakgebied. Maar dat niet alleen, ze waren ook heel goed in staat de stof op zo’n manier te presenteren, dat je als leerling al heel gauw interesse kreeg in dat vak.
Zo had de heer Nas (docent Nederlands) ons niet alleen kennis bijgebracht over de Nederlandse taal en literatuur, maar ons ook geleerd hoe je zelf proza en poëzie kon schrijven en declameren. Hij hield soms ook declamatiewedstrijden in de klas.
Toen hij op een dag de twee coupletten van het Nederlands volkslied declameerde heeft dat zo’n grote indruk op me gemaakt, dat ik de woorden (nu nog!) uit mijn hoofd ken en bij wedstrijden van het Oranje-elftal uit volle borst kan meezingen…….
De heer Van den Berg (docent geschiedenis) liet de klassen ook aan een project werken dat hij “History in making” noemde. Hierin kregen we de opdracht kranten te lezen, artikels uit te knippen die bijvoorbeeld te maken hadden met politiek, cultuur etc. en die in een plakboek te plaatsen met daarbij onze eigen visie en commentaar op het onderwerp.
Het kwam goed uit dat in die tijd (1956) in Indonesia de zgn. AA-conferentie werd gehouden (bijeenkomst van Afrikaans-Aziatische landen en eerste bijeenkomst van niet-gebonden landen) en bekende personen zoals Jawaharlal Nehru (toen premier van India), U Nu (toen premier van Birma) op het vliegveld Kemajoran, waar ik vlakbij woonde, arriveerden om de conferentie bij te wonen.
De kranten, zoals de Javabode, de Nieuwsgier, stonden vol met artikelen over de conferentie, biografieën over de deelnemers, politieke, sociale en culturele bijzonderheden over de deelnemende landen.
Ik had mijn plakboek zo vol en kreeg daarvoor van de heer Van den Berg nog de eerste prijs van onze klas, een grote reep chocola!
Bekende oud-leerlingen van de CAS waren o.a. de schrijfsters Hella Haase, Aya Zikken en Margaretha Ferguson. Die zaten alle drie trouwens nog in dezelfde klas!
Hella Haase werd in 1918 geboren in Batavia. Over de CAS zei ze eens tegen de interviewer Erik Schoonhoven:
'Ik ben in Indië geboren en ik ben er opgegroeid. Ik heb daar eindexamen gedaan en ben vervolgens in 1938 naar Nederland gegaan. Couperus heb ik op school leren kennen. Ik zat op de gymnasiumafdeling van de Carpentier Alting Stichting, destijds de beste school in Nederlands-Indië. We kregen bijzonder goede lessen in taal en geschiedenis. Vooral bij oude geschiedenis kwam het werk van Couperus ter sprake. In mijn schooljaren heb ik Iskander, De berg van licht en De komedianten gelezen, maar ook verhalen als De Naumachie en Antiek toerisme, die in de klas werden behandeld’
Aya Zikken (doopnaam Zwany) werd geboren in Epe in 1919.
Aya Zikken bracht haar jeugd door in Nederlands-Indië en dat was bepalend voor haar schrijverschap. Heel bekend is haar roman De atlasvlinder (1958), waarin het gaat over de droomwereld van een puber die in een dubbele tussenpositie verkeert: tussen kindertijd en volwassenheid en tussen de Europese denkwereld van de ouders en de magische gevoelswereld van de (Indonesische) bedienden.
Margaretha Ferguson werd in 1920 in Arnhem geboren als Margaretha Dorothea Wigerink..
Toen zij negen jaar was, verhuisde ze met haar ouders naar Indië. Het gezin vestigde zich in Bandoeng, ging later naar Semarang en woonde uiteindelijk in Batavia. Hier liep de winkel van Margaretha's vader goed. Aan de Rijswijksestraat beleefde de firma Wigerink, verkoop van kantoorartikelen en boeken, een bloeiend bestaan.
Volgens haar zelf was op de school van de Carpentier Alting Stichting literatuur heel belangrijk en in combinatie met de boekenwinkel thuis, was het logisch dat Margaretha steeds meer belangstelling voor de letteren ontwikkelde.


















