Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Wiskunde politiek
Er bestaat een paradox van Russell (jawel, Bertrand) die zegt dat een verzameling van alle verzamelingen die zichzelf niet omvatten, niet bestaat. Want als die verzameling wel zichzelf omvat, dan behoort ze niet tot die reeks en als de verzameling zichzelf niet omvat dan zou ze per definitie in zichzelf moeten zitten. Twee contradicties, een paradox.
Normale mensen zetten zich daar sprakeloos bij neer. Er kan dus gewoon geen verzameling bestaan van alle verzamelingen.
Maar wiskundigen ‘moeten’ een oplossing vinden! En die vinden ze in de vorm van een klasse, die eigenlijk een verzameling is die verschillende soorten verzamelingen kan bevatten. Dus , eureka!, er bestaat een klasse van alle verzamelingen! Maar, aker(dj)ue, er kan wel geen klasse bestaan van alle klassen.
Wat zeggen ze? Je moet geestelijk actief blijven om geestelijk gezond te blijven!? Ik denk dat ik stilaan spataders op mijn hersenen krijg van die kronkels die me erg veel (te veel) aan de politiek doen denken.
Traumadour 27/9/2011
triggers
Ik dacht dat het niet meer kon, dat na zeven jaren alle mogelijke ‘triggers’ hun effect verloren hadden door veelvuldig gebruik. Eerst waren er de foto’s, maar je wordt ze gewoon. dan de video’s die misschien nog vlugger hun traanverwekkend vermogen verliezen. Plots kwam het uit een andere hoek. Muziek pakte, soms haar voorkeur, soms een al te toepasselijke inhoud. Tien keer twintig keer Joe Cocker, en je verliest het weer. Het pakt je niet meer. En je voelt je schuldig omdat ‘het’ niet meer lukt. En de plaatsen waar we ooit op reis waren, ik zag ze ondertussen bijna allemaal terug, alleen natuurlijk. Op een plaats sliep ik zelfs in hetzelfde bed, zonder effect. Maar op een ander plaats stond haar geschrift in de ‘Livre d’Or’: “Het was hier goed. We komen zeker terug”. En dat was een zware ‘trigger’.
Ik heb ze dus gezocht in die zeven jaar en dacht dat ze uitgeput waren. Maar vanavond bij mijn dagelijks bezoek aan mijn schoonouders, zapte mijn schoonmoeder wat rond en bleef hangen op een film ‘Carmen’. En dan, als plots op de achtergrond de muziek van Bizet speelt, wordt het mij teveel. Ja, het is wel een gevoelige dag, op datum zeven jaar sinds de begrafenis en we zouden vandaag veertig jaar gehuwd zijn. En blijkbaar is er niemand die dit beseft, je kan er nergens mee weg. En dan die muziek: ik moest weg en besloot nog eens naar het kerkhof te gaan, in alle rust, onder de sterren. Daar werd ik bewust waarom ‘Carmen’ mij ontroert. Ooit in een onbezorgde gouden tijd, speelde mijn vrouw op een feest die rol uit de Championetten. Helemaal niets hoogstaand, maar wel een van de weinige keren dat we samen zoiets opbouwden. Een gouden moment, rustend in mijn onderbewustzijn, tot…
Traumadour 24/9/2011
winterploegen
Meeuwen
Op het land zat een rij meeuwen
helemaal niet te schreeuwen
maar te wachten
verzonken in meeuwengedachten
tot de tractor weer voorbij reed
en nieuwe wormen bloot smeet.
Zodra die was gepasseerd
en het land omgekeerd
sprongen ze in de voren
en geen worm ging verloren.
En toen werd het weer wachten
met reeds de volgende beurt in gedachten.
Traumadour 21/9/2011
lachnieuws
Lachnieuws
Wat heb ik gisteren gelachen toen ik hoorde dat mijn gemeente was uitverkozen tot de groenste en meest ecologische gemeente, van Europa nog wel. Onmiddellijk kreeg ik een visioen van gemeentewerkers die kilometers lange stroken struiken verwijderen en verhakselen, die toch alleen maar stof en geluid van de voorbijrazende auto’s tegenhielden en nestgelegenheid gaven aan massa’s hinderlijke vogels. En een visioen van een bestuur dat een politiek voert tegen het plaatsen van windmolens. En een visioen van anti-fietspaden, waar fietsers gehinderd, weggeduwd, zoveel mogelijk vermeden worden, waardoor 18 jarigen eindelijk met een zucht hun fiets inruilen voor een ecologische auto. Maar bloemen hebben we wel, oogverblindend, evenals de ecologische vuurwerken. Zou ik mij vergist hebben en ‘economisch’ verkeerd begrepen?
Traumadour 20/9/2011
Natuurliefhebbers!
De wereld zat deze namiddag weer vol welwillende natuurliefhebbers.
Tientallen ‘wandelaars’ reden met hun auto door de ‘natuur’ van onze industriële landbouw. Ze houden toch zo van die BBR’s (body building runderen) of GUK’s (gedisproportioneerde uier koeien). En wat een tegenslag ook nog! Het was ALLEEN autoloze zondag in de steden. Onze landelijke gebieden zijn toch altijd verwaarloosd bij die culturele evenementen. Je bent dus wel verplicht om er niet aan mee te doen ‘te lande’! Hier en daar een uitzondering wordt wel door de vingers gezien.
Maar er waren nog natuurliefhebbers, die zelfs hun kledij aanpassen wegens hun liefde voor de dieren. Groene rubberen botten om ze in de open velden te kunnen benaderen. Groen-bruin gevlekte broek en vest om ze niet op te schrikken. Wat een kosten om de rust van die dieren niet te storen. En dan nog een aangepaste groene hoed, een soort onderling herkenningsteken, vooral om te velde het verschil te zien met …, nou ja…, met de doelgroep. En over de arm dragen ze een geknikt toestel dat met een ‘kruitig’ mengsel het loden bewijs van de liefde overdraagt naar de doelgroep. Ze verplaatsen zich meestal met een zestien (4X4) en om eigen inspanningen en ongewenste nattigheid te vermijden brengen ze hondjes mee die de liefdesobjecten aan ‘baasjes’ voeten leggen. Gereed voor die kunstzinnige ‘tableau’. Of dat echt nodig is? Zeker! Want de laatste paar dagen is er een opvallende ware invasie van fazanten in de streek. Trekfazanten, denk ik, want een week geleden waren ze er niet. Misschien met die westerstormen aangevoerd? Vergeet niet dat die dieren een echt gevaar zijn, want ze dwarsen zomaar de landelijke wegen waar je in stilte op fietst. Het is opvallend hoeveel hanen er tussen zitten, je zou haast denken dat de natuur een voetje is gelicht.
Nu terwijl ik moest opletten voor dat wild gevaar, hoor ik (op mijn fietsradiootje) een reclame over een smakelijke ‘côte à l’os’. Als je ’t hoort denk je: die is in de pan geraakt zonder een dier te doden. Maar dan loopt je tijdswekker af die je laat beseffen dat er nog een paar honderd jaar zullen verlopen voor we een ‘in vitro côte à l’os’ zullen kunnen eten.
Maar ja! Wie denkt er nu aan dat er een link is tussen die rustig herkauwende kolossen met mooi bewimperde vriendelijke ogen en een culinair genoegen? En daarbij ook dat is toch een vorm van liefde voor de natuur!
Traumadour 18/9/2011
Nacht van de duisternis
Duisternis
afspreken om sterren te zien.
Internet
stilleggen voor een echt gesprek.
GSM
uitschakelen om goed te luisteren.
Alsof techniek
zien spreken en luisteren verhindert.
Bomen
doen van natuurkrachten dromen,
water
van gevoelsgeklater,
het groen
verwacht een lentezoen,
ergens vooraf aan gedachten
zit een gevoelsmens te wachten.
Wachten op bevrijding
van mensenwetten
van altijd meer
van geld vergaren
van natuur verkrachten.
Durven beslissen
iets niet te nemen
een ander te gunnen
vertrouwen te hebben
in de duisternis.
Traumadour 16/9/2011
Er mee zitten!
Nu zit ik er mee.
Met cijfers. Met vaststellingen. Met beweringen.
En spreken ze mekaar tegen? Niet echt, ze bestaan naast elkaar.
Vormen ze een probleem?....
Door het samen bestaan, verhinderen ze een oplossing en dat is een leegte die ik voel als ik aan de toekomst denk.
Over welke cijfers? Die van de wereldbevolking, wat betreft mensen dan. Zeven miljard in 2013 berekende de Club van Rome. We zijn er al over!! Maar zeven miljard Ethiopiërs gebruiken niet meer dan de zeshonderd miljoen van de US en Europa samen. Als alle mensen dus dezelfde (onze) levenkwaliteit moeten krijgen dan is de verbruikerscurve nog afschrikwekkender dan de groeicurve. Die cijfers doen me niet vrezen voor onze generatie, maar voor die van onze kleinkinderen. Kunnen we sparen voor hen? Vrijwillig of onder dwang? Wie bepaalt de verbruiksnormen? Neutraal?
En dan stel je vast (de vaststelling dus) dat bijna niemand die cijfers ernstig blijkt te nemen. Dat bijna iedereen ze met een “Ja, maar…” weg wuift. En als je het nu eens nagaat, van wie zou je begrip mogen verwachten? De kinderen, kun je daar toch niet mee belasten. Adolescenten zijn geconcentreerd op hun eigen zijn, later misschien eens…. Jong volwassenen bouwen hun nest en hun zekerheid. Daar verwacht je toch geen zelfopgelegde beperkingen? Boven de 50 heb je zoveel gewerkt, dat je toch wel mag genieten zeker. En in je oude dag is het toch te laat om je daar zorgen over te maken.
Dit is zo algemeen geldend dat mijn maag ineenkrimpt. Iedereen is met ‘veel belangrijker’ persoonlijke problemen bezig zeg. Er blijkt geen mogelijkheid tot bewustmaking. Ze zijn ziende blind, heeft er ooit ene gezegd. En als je er teveel over zevert, wordt je gewoon uitgesloten, vermoedelijk speuren ze dan nog na welk profijt je eraan hebt. En ik moet eerlijk toegeven dat het lastig is te genieten met die cijfers in je achterhoofd.
‘En waarop baseert gij u (ik dus) om te beweren dat de wereld de mensengroei niet aankan?’
Op beweringen, van anderen, van wetenschappers, van nieuwsberichten, van mensen. Beweringen die je gelooft. Waarom? Omdat ze door de tijd standvastig blijven.
In 1960 leerden we op school dat we met drie miljard waren. Af en toe in de loop van de verlopen 50 jaar kwam er een melding van meer, exponentieel meer. Exponentiele groei kan toch niet blijven duren. Dat wist de schaakspeler van koning Shirham al.
Omdat je weet van jezelf dat gewone hygiëne 10-20 keer meer water vereist dan vroeger. Omdat de verpakking…. Omdat de reizen…. Omdat de voeding…. Omdat ijskappen en gletsjers (kun je zelf vaststellen!) verdwijnen… Omdat de economie niet zonder groei kan…
Maar er is niet veel dat je zelf kunt vaststellen. Het blijven voor een groot deel beweringen. En vermits er zoveel tegenstrijdige beweringen de ronde doen, ‘moeten’ er zijn die liegen, die de waarheid verkrachten, die bedriegen. En een sterk argument dat in die richting wijst is als men uit de bewering voordeel haalt. Dat maakt het op zijn minst verdacht.
Maar ik zit er dus mee, met die pat-stelling.
Traumadour 12/9/2011
Gevoelsgestalt
Gevoelsgestalt
is wat door mijn hoofd knalt.
Als door Escher getekend
schijnt gevoel verrekend
als de som van wat ik denk
en het verschil van wat ik aan vergetelheid schenk.
Ik kan het dus positief sturen
door naar schoonheid te turen
en het lijden te vergeten,
van de realiteit een stuk niet weten.
Maar plots slaat het om
als ik schijnbaar wakker kom
en een kind van honger zie sterven
of van ziekte die het noodzakelijk moest erven.
Traumadour 27/8/2011
Mondo Lymnae.
Mondo lymnae
Ik ben slak,
ik hou me liefst op het platte vlak.
Wat een slijmplezier van glijden,
contact met die vuile grond vermijden,
en er doorheen toch plots iets proeven
goed om er mijn rasptong in te groeven.
Mijn voedsel vind in op de geur,
maar mijn echte 'cultuur' komt uit de kleur
van wat mijn ogen zien
naast schoonheid van licht en donker bovendien.
Ik sta dus hoger dan mijn vriend de pier
want die weet van ‘cultuur’ geen zier.
Soms zie ik iets bewegen
een extra dimensie, wat een zegen!
Een soortgenoot, trekt wat op mij,
heeft een mooie holte in ‘haar’ zij.
Met vermengde slijmen er tegenaan
ben ik bij haar binnen gegaan.
Maar zij werd plots een hij
en drong ook door in mij.
Een dubbel orgasme, transcultureel vermaak!
Mijn eieren deponeren is nu mijn finale taak.
Traumadour 26/8/2011
Zinvolle zin of zin vol zin?
dankbaar
Speelgoed
Een gang, een lift, een open deur.
Toeschouwer van al dat ziekenbed gesleur.
Even open, een kijk op anders leed.
Sluiten, tijd dat ik het vergeet.
Maar één beeld blijft langer hangen.
Een kind, twee jaar, kijkt met verlangen
vanuit een monster machinebed
naar moeder die het er zelf op had gezet.
Toch niet voor lang, zeggen de ogen,
straks zal ik toch wel naar huis mogen.
Straks als ik ben genezen,
als de dokters dat hebben bewezen.
Straks na nog één keer slapen
beloof ik thuis al mijn speelgoed op te rapen.
Traumadour 10/8/2011
Waar naartoe?
de weg telt
niet het begin, lang geleden,
niet zijn verdwijnen aan de horizon,
maar wel die moeilijke bocht
die je neemt
en het spoor van voorgangers
dat je kunt lezen
en de struiken en bloemen
die je ogen trekken
en het vermoeden
van overstekend
wild en vee
en de kruispunten
van ontmoetingen
en de keuze
voor het wisselen,
maar niet dat onbekende eindpunt.
Traumadour 10/12/2010
Mijn reis was dus eerder geestelijk, met een projectie op het fysieke. Thuisgekomen had ik het gevoel dat dit wel eens de beste reis was die ik gemaakt heb, zou kunnen zijn.
Ben ik nu wat losser van doelen? Ik hoop het. Laat mij maar kijken wat er langs de weg staat.
Klein detail: ik heb de Middellandse zee niet gezien, maar wel de Alpen. Heb ik ooit gedacht dat dit niet genoeg zou zijn?
Invloeden
Cluny
Onweer !
Schuilen ?
Ik ga erdoor, fietsend.
Vertrouwen of tarten?
Alles is grijs… mijn wereld,
één groot vocht…. deze wereld
is verleden tijd van vechten.
Donder bliksem, boven
ik zie het niet
ik ben niet bang
als hij me raakt, dan…
“Dan ben ik misschien weer bij je?”
denk ik.
Geen verlangen, dan toch niet.
Wat zoek ik hier?
Niet het landschap,
niet de bergen,
niet de natuur,
niet de gebouwen.
Ze raken me niet.
Later, emotionele droom.
Vriendelijke nachtmerrie.
Ik zoek haar … sinds enkele dagen.
Ik hoop dat ze terugkomt.
Ik weet dat het niet kan,
dat ze niet wil.
Alleen is er een knuffel
die ik rek, na het ontwaken.
Traumadour 7/6/2011
Aanvulling fietsreis.
Allemant
Sur l’hauteur d’Allemant
des toutes petites voitures, allant et venant
de n’importe où, conduit
par des hommes-fourmies
avec leurs petites problèmes
et parfois des idées extrêmes
m’ouvraient les yeux
sur l’inimportance de ce que je veux.
Traumadour 3/6/2011
zomerzonderzon
Puur natuur.
Ik ben deze zomer ( in juni was het nog zomer) tot mijn meest natuurlijke bestaansvorm over gegaan. Ik heb namelijk een 2000km lange reis gemaakt, een fietsreis. Weigerend om gemotoriseerd tot een zekere startplaats gevoerd te worden, is de meest voor de hand liggende richting van het ‘buitenland’ natuurlijk Frankrijk. Weigerend, ja! Want ik wil daarbij terugvallen om mijn natuurlijke fysieke mogelijkheden, de kracht van mijn benen.
Maar omdat ik het geduld niet heb om echt te voet te stappen gebruik ik een moderne uiterst comfortabele fiets, een ligfiets. Ja mijn geduld is gevormd door de gewoonte aan onmiddellijke bevrediging. Wij lijden toch geen honger, geen minuut. We wachten niet op een briefvormig antwoord. We eten ook in de winter zomergroenten. Het is alsof de tijd voor ons verder opgesplitst is dan ze was voor onze grootouders. Onze eenheid van geduld is nu veel kleiner geworden. Opvallend is hoe we dan die tijd trachten te sparen en te winnen. Hoewel er geen enkel schuif, kast of kluis is waar we hem kunnen bewaren.
Nu, terug naar mijn geadrenaliseerd geduld. Ik neem dus de fiets omdat ik met voetverplaatsingen van laat ons zeggen 30km per dag, niet altijd voorbij de horizon komt. En die wil je toch weer telkens verleggen. Te voet kom je er niet, want we zien toch de Kemmelberg vanop 40km! Dus gebruik ik die moderne techniek waardoor mijn capaciteit ongeveer verdrievoudigt, toch wat de afstand betreft. Snelheid, x4, betekent dat mijn geduldstijd een vierde is van het natuurlijke stappen. Maar toch wel een stap (figuurlijk dan) in de goede richting, als ik vergelijk met de autobestuurder die op een twintigste zit en de TGV reiziger zelfs op een zestigste.
Nu goed, we kunnen toch niet zomaar helemaal uit ons cultureel bestaan springen. Naast de motorische voortbewegingsmiddelen laat ik ook de digitale contacten in rust thuis achter. Geen internet op de fiets, geen mails die mijn ritme zouden onderbreken. Los dus van die elektronische wereld, als een schip dat de kade verlaat.
Wat niet echt wil zeggen dat ik niets elektronisch mee heb. Uiteraard een GSM. .. Als je dit laatste zinnetje normaal vindt, wil dat zeggen dat je een GSM eigen vindt aan de aard van het menszijn. Was ooit wel anders hoor. In mijn jeugdjaren was telefoneren een gelegenheidsartikel. Vertel nu maar eens aan jonge mensen hoe je 40jaar geleden je liefje opbelde vanuit Antwerpen naar Veurne. Ze denken dat je fantaseert of vermoeden iets van Altzheimwee. Geen telefoon thuis, dus de fiets op naar de aangrenzende gemeente, waar het RTT-gebouw, een soort expo-barak, neergepoot was op een stukje grond naast de spoorweg. Het op te roepen nummer invullen op een papiertje en dan afgeven aan de bediende en dan nog wachten. “Nummer drie voor Veurne” riep die man dan vijf minuten later. Nummer drie stond voor een stinkend houten hokje met glazen deur, geluid afgesluitende wanden met gaatjes, met een voelbare bacterielaag op de hoorn die je dan toch heel dicht met je lippen moest benaderen. “Dag, tante van…, kun je haar even gaan halen?” “Ja!” en weg was tante de straat over, want dat was de dichtstbijzijnde telefoon in Veurne. En weer wachten. En dan na dit lange voorspel het eindelijk… contact.
Ja, dat is niet meer van deze tijd. Nu is er een altijd bestaande lijn met het thuisfront, die je binnen seconden kunt openen, onze nieuwe natuur!.
Nu moet ik even biechten, want ik heb nog een tweede GSM mee, een Franse, één om plaatsen te reserveren in ‘Chambres d’Hôtes’, want via België bellen is me wat te duur. Ja ‘Chambre d’hôtes’ voor het comfort van een stof- en zweetafspoelende douche, een goed bed, een stuk privacy, een verzorgd ontbijt en als het kan een gezellige ‘Table d’hôtes’. Dat mis ik toch niet graag. Misschien laat ik dan wel wat van mijn natuurlijk zijn vallen? Maar ja. En weer is vroeger daar! Ik weet niet meer hoe we het toen deden? Maar na een rit van Atnwerpen naar Veurne, toen ook reeds met de fiets, was er geen douche, zelfs geen badkamer bij mijn grootouders. Aan de pomp het stof wat afspoelen van gezicht, armen en knieën en voldoende klaar was deze kees. Zou onze neus dan anders gefunctioneerd hebben?
Nu in ieder geval heb ik dus twee onnatuurlijke GSM’s , die beroep doen om de onnatuurlijke masten van het ‘réseau’ en waarvoor ik twee even onnatuurlijke niet verwisselbare laders in mijn bagage stop.
Vroeger leerden we namen van de steden van buiten waar we moesten doorrijden en we volgden de wegwijzers. Voor de jonge mensen die dit fenomeen niet meer kennen: dit zijn plakkaten die de richting aangeven die je moet volgen om ergens te geraken. Zo ‘kon’ je vroeger door Gent gemakkelijk naar Deinze of naar Brugge zonder de weg te verliezen. Nu kan dit niet meer. Af en toe zie je nog een restant, maar dan kom je bijna zeker op een autoweg uit (autostrade zeiden we vroeger, want al de andere wegen zijn ook voor auto’s) Meestal valt dit niet in de smaak van de andere weggebruikers als ik me door die autowegwijzers laat misleiden, met mijn fiets. Een situatie die ik toch zo vlug mogelijk tracht te ontvluchten.
Maar bij gebrek aan fietswegwijzers moet ik beroep doen op een ander middel. Mooi woord hé ‘fietswegwijzer’! Weg de wijzer voor de fiets! Ik moet dus mijn vertrouwen geven aan een GPS en laat me dus leiden door de satellieten. Een nieuwe vorm van zich op de sterren richten. Maar, hoeveel kilometer zou ik met de fiets moeten rijden om de energie uit te sparen voor het lanceren van zo’n satelliet? En soms ziet mijn GPS er twaalf tegelijk.
Nu voor het psychisch comfort is het wel een zeer aangewezen instrument. Adresje invullen van volgende gereserveerde slaapplaats. Even kijken of er iets van de voorgeschreven weg moet bijgepast worden, daarvoor heb ik een papieren detailkaart van heel Frankrijk bij, de digitale zit thuis op rust onder Google. En daar gaan we, eerste straat links, dan drie verder rechts enz. Weg die wijzers, weg het van buiten leren, weg het zoeken. Hoe ver weg van het natuurlijk steunen op oren, ogen en gevoel voor richting. Hoewel de wind wat die richting betreft soms veel verduidelijkt. Natuurlijk is er weer zo’n lader en een reden te meer om te overnachten met elektriciteit, dus geen kampeertentje.
Zo’n terug-naar-de-natuur-belevenis wil je natuurlijk vastleggen in een aantal beelden. Nu, ik heb geen tijd of geduld om tekeningen te maken of omslachtige beschrijvingen. Daarvoor komen de indrukken trouwens te vlug. Dus dan maar een digitaal fototoestel. Duizend foto’s op één kaartje, waar is de tijd van “24 of 36 meneer?” Met natuurlijk weer nog een onnatuurlijke en specifieke lader.
Om mijn biecht volledig te maken, ik heb nog een speeltje mee, een digitale voice recorder, om indrukken onderweg vlug vast te leggen. Een hele geruststelling voor mijn geheugen dat alles vrij mag vergeten. Alleen mag ik dan de lader voor de herlaadbare batterijtjes niet vergeten! Maar die dient ook voor de batterijtjes van mijn MP3-radiotje.
Hoe zou ik overleven in de echte natuur? En hoe lang, vraag ik me ‘s avonds af op de ‘tempur’ matras van de kamer. Hoe zou het gaan zonder al mijn comfort dragers? En toch koester ik mij in een gevoel van ‘back to basic’. Of is het daar ‘back to Orange’?
Traumadour 14/7/2011
Hier encore
Hier encore / Charles Aznavour
Weet je ‘t nog ?
We waren twintig
we hielden van die tijd
en speelden met het leven
en met wat liefde kon geven
en vooral in de nacht
de dagen vergetend
die verdwenen in de tijd.
Ik ben veel begonnen
dat bleef zonder einde
zoveel hoopvolle plannen
zijn zomaar verdampt
dat ik nu achter blijf
elke richting kwijt.
speurend naar de hemel
maar mijn hart is geveld.
Weet je ‘t nog ?
We waren twintig
en verspilden de tijd
wilden hem dan stoppen
of ergens bewaren
misschien zelfs doen keren.
Maar we bleven enkel lopen
en vonden onszelf leeg.
Onbelangrijk verleden
de toekomst overschat
dus declameerde ik
overal mijn mening
en stuurde gesprekken
omdat ik het goede
met kritiek op de wereld
dacht te kunnen zaaien.
Weet je ‘t nog ?
We waren twintig
maar de tijd is weg
met gekke dagen
die me in werkelijkheid
niets anders opleverden
dan wat diepe rimpels
en schrik voor de toekomst.
Want mijn liefdes zijn dood
nog voor ze echt bestonden
Mijn vrienden zijn weg
en komen nooit terug
door mijn eigen fouten
is het leeg rond mij.
k’Heb het leven verspild
met mijn jonge jaren
En van regen en drop
heb ik het beste vergooid
mijn lach is verstomd
mijn tranen bevroren
Waarom heb ik dan toch
die mooie jaren zelf verkracht.
Traumadour 4/7/2011
Zeven
Zeven
Ik denk dat zeven
een getal is dat iets nieuws kan geven.
Tenminste uitgedrukt in jaren
gaan we verandering ervaren.
Denk aan de veelvouden van dit getal
waarbij telkens een nieuwe fase zich openen zal.
Zijn we zeven jaar oud
dan wordt een echt schoolkind gebouwd.
Ergens rond veertien
komt de puberteit plots zien
en bij eenentwintig
spreekt plots de levensernst voor zich.
Je hoeft zelf maar verder te gaan
maar ’t kan ook los van de ouderdom bestaan.
Zelf ondervind ik dat zeven jaar verdriet
zich nu voordoet als een soort limiet.
Nu ik die grens overschrijd
worden herinneringen van harde gevoelens bevrijd.
Toch kan ik mij niet voorstellen
wat de komende zeven dan voorspellen.
Misschien moet ik genieten weer leren
want daarna zou het lot zich wel eens kunnen keren.
Traumadour 28/6/2011


1 reactie op dit bericht
Groeten van Fjak@,