Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Na 5 jaar
Na 5 jaar.
Heb je dat ooit gehad
een echte vriend die met je inzat?
Eén voor wie je telt
die vraagt of die andere helft niet is geveld.
Och, er is een nieuwe wereld, een nieuwe wind.
Nu is er de pragmatische-vrind.
Zolang je nuttig bent
lijkt iedereen content,
maar als je stilaan wegsterft,
wordt je als met doorkijklak geverfd.
Stilaan oplossen is dan het proces
van die zware pragma les.
Ooit hoor je dan: ‘Wie had dat gedacht?
Vroeger had hij toch zoveel kracht!’
Traumadour 21/2/2011
Ook cyclisch maar neergaand
Los
Ze zijn er niet meer
de vrienden van weleer,
de familie met hun genegenheid
en de kennissen van vervlogen tijd.
Als je ‘alleen komt te staan’,
als je partner ‘is over gegaan’,
dan ben je niet meer zoals zij,
dan pas je er niet echt meer bij.
Je aanwezigheid zullen ze verdragen
en uit beleefdheid zullen ze je nog vragen,
maar je mist een onbespreekbaar part,
het gesprek komt niet meer uit het hart.
Je ontdekt jezelf geremd, verhinderd,
de onderwerpen tot de helft verminderd.
Men is bang je pijn te doen
door alles wat herinnert aan toen.
Stilaan koelen relaties af.
En waar je vroeger zo veel om gaf
lijkt nu zo zinloos, zo leeg,
terwijl je er eertijds niet genoeg van kreeg.
Na een tijd heb je veel geprobeerd
en tot je schande je les geleerd.
‘Alleen’ ben je maar een halve mens meer
en niets brengt die andere helft weer!
Traumadour 11/5/2008
token achter het gordijn
token achter het gordijn.
ik dacht dat ik geen schuld had
maar de twijfel groeit
ik lees over een kind dat zijn grootmoeder verliest
en mijn emoties slaan op hol
de grootmoeder van mijn kleinkind
ging ook verloren gewild
’t zit diep te diep om te ontwortelen
en dan iets nieuws op internet dat niet lukt
grijpt mij ook sterk aan waarom
iets vastgegroeid onderbewust
dagelijks enkele uren voor dat elektromonster
was ik er niet voor mijn vrouw
dagelijks uren samen alleen als resultaat
enkele jaren verbannen vervloekt dat ding
en dan … terug … onder sociale druk …
diezelfde glijbaan af
maar nu krimpt mijn maag
vanuit diezelfde diepte
als het te lang duurt
als het te veel eist
te laat.
traumadour 19/2/2011
Duren
jammer
dat het niet kan duren
jammer
dat de kracht afneemt
jammer
is een slecht middel om te sturen
jammer
is hetgeen je van het NU vervreemdt
vastgepind op wat beter was
treurt een mens op het half lege glas
en vergeet wat hij toch heeft
een lichaam, een ziel die leeft
’t zijn zenuwen die ons africhten
om voor elke storing te zwichten
terwijl wat goed gaat
ongemerkt de aandacht verlaat
ik wou tevreden zijn met dat groot deel
dat mij rest van het vroeger geheel
maar als één procent de geest geeft
is er geen rest die verder leeft.
Traumadour 12/12/2010
Analyse
Oneindigheid
Oneindigheid kunnen we niet verstaan,
daarom kleven we er een titel aan.
Heeft de oneindige ruimte een grens?
En wat er dan voorbij ligt, dat verstaat toch geen mens.
En we worstelen met het begin van de tijd
want onze gedachten haperen aan die begrensdheid.
Voor velen zit hier dan een god.
Wetenschappers zweren bij een ander gebod.
De Big Bang zou alles verklaren,
het ontstaan van de wereld zonder engelenscharen.
Kijk naar het andere einde van ons begrip,
het hele kleine, dimensieloze stip.
Daar gebeuren kwantumdingen,
waarop esoterici nu springen
om definities te vergaren
die hun gelijk te kunnen verklaren.
Maar hoe je het nu ook bekijkt
een begripsgrens is weer eens bereikt.
Kleiner dan klein of groter dan groot,
verder dan alles! Ons begrip wordt gedood.
En als we dan onszelf bekijken
hoe we zijn samengesteld uit twee rijken.
Er is toch een duidelijk geestelijke kant,
met daarnaast een lichamelijke toestand.
Geest wordt nu in formules vastgelegd,
alles biologisch aan de hersenen gehecht.
En ons lichaam opgebouwd uit zoveel cellen,
dat we alle functies niet meer kunnen tellen.
En dring je dan door de celwand heen,
is het alsof een nieuwe wereld verscheen.
Hoe complex is hier het levensspel?
Kan evolutie alleen dat allemaal wel?
Of zit er toch een stuwkracht achter?
Met zo’n doel wordt aanvaarden toch wat zachter.
Traumadour 28/10/10
cyclussen
Rotonde
Mijn leven heeft een kruispunt met zeven wegen,
rondom een grote rotonde gelegen.
De tijd duwt mij in één richting rond,
telkens voorbij elke afslag, voor ik die al vond.
Eén weg, weet ik, gaat terug.
Maar daar ligt die gebroken brug.
Ik kan er alleen de vroegte bekijken,
maar verder niets meer bereiken.
Zes keuzen lonken met plezier,
maar … laat ik dan de rest niet hier?
Ik kan geen twee wegen bewandelen
en daarom wacht ik met volop handelen.
Nog een rondje om na te denken
en telkens weer twijfelen om af te zwenken.
Misschien krijg ik nu wel een teken
om de vloek die me bindt te verbreken,
om één weg volop te beleven,
en de rest voorlopig op te geven,
tot ik ooit misschien in een ander bestaan
de verlaten keuzen toch nog kan gaan.
Maar als ik niet één pad beloop
dan is er ook geen hoop
dat er bij de volgende ronde
maar zes wegen meer bestonden.
Als ik de keuze nu niet maak,
dan is het een verloren zaak,
dan zal karma mij wel leren
dat ik beter eens terug zal keren.
En toch …is het moeilijk te verzaken
omdat die andere wegen mij ook blijven raken.
Misschien ! Misschien is dàt de achtste weg
dat ik mijn rotonde telkens wat meer naar buiten verleg?
Traumadour 17/12/2008
Nieuw werkwoord : wonderen.
En de natuur blijft wonderen.
En de natuur blijft wonderen. Dat de longen van de vogels, van onze doordeweekse kip, zo ingenieus gebouwd zijn, had ik niet verwacht. Hoe dikwijls zag ik ze niet uithalen en weggooien door mijn moeder? Nu doet men dat niet meer zelf, maar het gebeurt, en met dezelfde onachtzaamheid over dat wonder van vindingrijkheid.
Kort: als een vogel inademt gaat er lucht in achterste voorraadzakken (soort airbags) en van daar stroomt die lucht continu door de longen naar de voorste luchtzakken, niet onderbroken door het in en uitademen, vanwaar de verbruikte lucht weer uitgeademd wordt.
Wat is de winst? Continue doorstroming veroorzaakt door een discontinue beweging. Met een veel beter rendement dan bij ons. Niet in en uit de longen, maar door en door. Een beetje te vergelijken met een doedelzak, die ook continu muziek kan blazen, maar dan met één opening. En door dat hoge rendement kunnen vogels zelfs vliegen waar wij met moeite nog kunnen leven (op 6000m).
Maar de natuur is opportunist ook. Die volle luchtzakken maken het soortelijk gewicht van de vogel kleiner en geven hem daarnaast nog een goede luchtkoeling. En dan het zingen nog!
Dat roze stukje vlees dat niet goed was, of hoogstens voor de kat.
Traumadour 15/2/2011
Val en Tijn
Val en Tijn
-Dag.
-Hm.
-Mijn naam is Valeer, maar ze noemen mij Val en ik woon in 109 sedert verleden week.
-Ja.
-‘k Ben nieuw… ’t Is hier goed hé…
-Soms.
-Gij zijt hier al langer zeker. … Ge zult het dan wel beter weten dan ik.
-Hm.
-Mag ik een keer iets vragen?
-’t Is te zien.
-Allé, als ’t je stoort moet je ’t zeggen. Maar omdat ik nieuw ben en gij zit hier zo op die bank in de tuin… Schone tuin anders, dat had ik thuis niet…Trouwens al dat werk van het onderhoud, ik mag er niet aan denken. Maar wat ik wou vragen…
-Ne mol!
-Hoe ‘Ne mol!’?
-Daar, rond dees uur maakt hij nen nieuwen hoop.
-Ah! Daarvoor zat je zo te kijken.
-Hm.
En er valt een stilte. Vier ogen speuren nu naar mogelijke beweging van de tuinbodem.
-Vandaag nie.
-Wat? Vandaag nie?
-Geen molshoop … Teveel lawaai.
-Wilt ge zeggen dat ik teveel lawaai maak? Ik wou je alleen wat vragen.
-Doe maar.
-Wel, wat ik vragen wou…
-Dat heb je al gezegd.
-Jamaar … Allee …, ben je hier al lang.
-Ja.
Weer stilte. Valeer zet zich neer. Tracht nog te vinden waar de mol verwacht werd.
-Hoe is jouw naam? Want we zijn eigenlijk nog niet deftig voorgesteld hé.
-Martijn. Tijn als ge wilt.
-Hoe lang zit je hier eigenlijk al?
-Van vier uur… Ze steken rond vijf uur.
-Nee. Ik bedoel in het rusthuis … en welke kamer heb je?
Martijn recht zich van de stok waarop hij leunde.
-Gij vraagt veel.
-Sorry. ’t Zal beroepsmisvorming zijn zeker. Leraar geweest, en je kent dat altijd ondervragen hé. Maar we moesten ook altijd weten wat de leerlingen kunnen en willen. Oog hebben voor niet uitgesproken gebeurtenissen noemde ik dat altijd. Was ik heel goed in. Dus als ik teveel vraag, zeg je het maar hé.
-Ja. Vier.
-Zit je in kamer vier, dat moet in een andere vleugel zijn?
-Nee! 111 sedert ‘vier’ jaar.
-Ha, dan zijn we buren en dan gaan we mekaar dikwijls zien en kunnen we regelmatig een praatje maken. Kom gerust eens bij mij binnen. Ik heb nog wat koekjes en een halve fles (weggestopt). Van mijn zus gekregen, ja die is tien jaar jonger en die wil voor mij zorgen als voor een oude vader. Niet dat dat nodig is, want ik heb alleen die slechte hand sedert mijn trombose. Maar voor de rest functioneert alles nog. Haha. Maar ik denk dat ze wat compassie heeft omdat ik nooit getrouwd ben geweest.
-Ik ook.
-Wat ook?
-Nooit getrouwd … maar wel ….
-Samengewoond?
-Niet echt … Ze kon niet kiezen!
-Wat dat je nu zegt? Ik heb juist hetzelfde meegemaakt. 23 jaar kennis gehad en geteerd op altijd uitgestelde beloften. Ze ging er altijd serieus over nadenken. Maar ’t is er nooit van gekomen. Maar ja … ik mocht wel drie keer in de week …. allee je weet wel hé …
-En nu?
-Nu? Alleen herinneringen. Ze is gestorven. Zes jaar al en ‘k ben het nog niet gewoon, die maandagen, die woensdagen en die vrijdagen. Ik noemde haar altijd mijn kwartbed. Je verstaat wel hé, de helft van de helft van je bed? Haha! Maar ze kon er goed mee lachen.
-Ook zes jaar?
-Waarom zeg je ‘ook’? Was het bij jou ook zo misschien?
-Ja! Maar dinsdagen! En donderdagen! En zaterdagen!
-Had jij ook zo’n halve relatie? Da’s straf! Ik dacht dat wij uniek waren, dat er geen tweede zo’n koppel bestond als Albertine en ik. Ik noemde haar altijd Tijn of Tijntje.(ook toevallig) Maar dat was eigenlijk haar tweede naam. De eerste was…
-Valerie!
-Hoe Valerie? Hoe weet gij dat?
-Altijd gedacht! Maar met ne schoolmeester, dat toch niet!
-Was jou … ook een … Albertine?
-Nee! Niet ‘één’, maar ‘de’ Albertine … Valerie … Van Delen!
-Van Delen? … Mijn deeltje? … Mijn Tijntje?
-Ja.
En daar zaten ze. Samen . Val en Tijn. En dachten samen aan hun vervlogen halve jaren met Tijn of met Val. En ook aan die lege zondagen!
Traumadour 27/1/2011
Kort
Liefdegedachte
‘t Is niet goed te denken over liefde,
’t is niet goed herinneren wat soms griefde.
Beter gewoon aanvaarden, dat gevoel
en verder gewoon niets snappen van zijn doel.
Want als redeneren en verstaan erbij komt,
wordt gauw een stuk van de schoonheid uitgegomd.
Want kijk naar de eerste keer, toen waren we nog kinderen
toen we iets van aantrekking in onze buik voelden vlinderen.
Het werd toch gauw kalverliefde genoemd
en de vlugge genezing is wereldberoemd.
Was het dan wel echt
als je tegen elkaar zegt
dat je voor de rest van je leven
je hart zou willen geven?
Maar later wordt dat alles stabieler,
naast die aandrang verschijnt een andere bezieler
er moest onderling begrip en kennis groeien.
En of de toekomstvisies samen konden openbloeien?
Dan was er sprake van trouw
en werd liefde: ik hou van jou!
Maar daar stond Tante Sleur
reeds voor je eigen deur.
Regelmatig op bezoek
schreef ze vervelende bladzijden in je boek.
Zelden is Tante weer weggegaan
terwijl liefde onveranderd bleef bestaan.
Het werd een samenleven
een mekaar wat meer vrijheid geven.
We hadden niet beseft hoe het werkt
hoe liefde eigen ontwikkeling beperkt.
En dan groeit er een nieuwe eigenschap:
wie ’t evenwicht vindt tussen vrijheid en liefde is knap.
Want dan wordt hebben in geven omgewerkt
en genieten niet tot de eigen zinnen beperkt.
Een nieuw facet komt hier naar boven,
dat is buiten de trouwgelofte te geloven
dat de ander om je geeft
als je blindelings verder samen leeft.
Maar het leven is een bedreigend spel
en plots is er uit ziekte een hel.
Kan ik mij indenken wat het is
als ik straks de ander mis?
En als je ’t dan nuchter bekijkt
en die liefde helemaal veranderd lijkt,
dan voel je ergens die levenswenk
die liefde was toch wel een mooi geschenk.
Traumadour 12/2/2011
Na de winter komt lente
Korte dagen
die lange nachten vragen
om de 24 uur rond te maken
en door de winter te geraken.
Weinig nog te doen
veel herinneren van toen
waaruit mijn dagen bestaan
voor het winters overgaan.
Winter is soms mooi
omdat we weten van dooi
die een nieuwe lente geeft
waarin alles dan herleeft.
Hoe moet mijn lente dan zijn
als ik onder de grond verdwijn
kom ik in een nieuwe spruit
of in een andere wereld uit?
Traumadour 24/11/10
Stabiliteit
Winterkind
Winterkind
‘t Zijn die wintervakanties die het doen, denk ik.
Die er voor zorgen dat de jeugd steeds vroeger rijp is.
Hoedat? Wel, ik lees daarnet dat Ambystoma tigrinum , een soort tijgersalamander normaal een metamorfose ondergaat van waterbewoner naar landloper voordat hij of zij seksueel rijp wordt. Maar in de koude bergmeren van het westen van de VS (het wilde westen natuurlijk) gaan ze reeds vermenigvuldigen in larvaal stadium. Ze worden dan axoloth genoemd en missen het thyroxine hormoon dat zorgt voor de metamorfose. Meer naar het zuiden krijgen ze wel eerst het mooie tijgervelletje.
Dus opgelet in de kleuterklassen tijdens strenge winters!
ps: Als ik lieg is het naar Robert L. Dorit (bioloog). Als ik niet lieg ook.
Traumadour 9/2/2011
Op een schilderachtige winterdag
Een weg
daarnaast palen
daartussen een draad
daarop een vogel,
een aalscholver.
Zwemvliezen omklemmen de draad.
Een breed uitwaaiende staart
zorgt voor evenwicht
en steunt op de wind.
Zonder weg,
zonder paal,
zonder draad,
zonder vogel,
geen evenwicht.
Zonder leven,
zonder gebeurtenis,
zonder verbondenheid,
zonder kunstenaar,
geen kunstwerk.
Traulmadour 3/12/200
woordenspel
In het begin van mijn dag is er telkens een woord.
En dat woord wordt als mijn god, want het is alsof ik niet zonder kan.
Het woord is immers de basis van mijn gedachten. En het blijft een vraag of er gedachten kunnen zijn zonder woorden. Is meditatie geen woordenloosheid?
Moeilijk in te beelden, want dat woord beheerst ons leven.
Dit eerste van de dag is een restant van een verblijf in het ongeordende dromen.
Soms komt er onmiddellijk een rij, maar die blijft niet lang. En alleen opstaan en opschrijven kan ze vangen en omzetten in een basis van mededelen.
En dat schijnt het doel, die woorden delen met anderen, want daardoor geven we iets dat we toch ook houden. Het is een vermenigvuldiging.
Mijn woorden gaan bij een andere een leven leiden, waar ik geen vat op heb en waarvoor ik af en toe een repliek ontvang, een teken van leven, een teken dat het vangen en weer loslaten niet nutteloos was.
Maar denk nooit dat ze zich onderwerpen! Want woorden zijn de katten onder onze schedel.
Traumadour 7/2/2011
Windschaduw
Met de fiets tijdens de krachtige wind van gisteren, keek ik wel wat uit naar de schaduw van de wind. Achter wat huizen, of een bomenrij, of een haag of zelfs achter auto’s. En doordat het rijden dan niet zo vlug gaat, had ik tijd om wat na te denken. Die schaduw van de wind is eigenlijk fictief. Want juist daar is er geen wind. Eigenlijk zocht ik dus iets dat er niet was. Zou dat boek met diezelfde titel, daar ook over handelen? Moet ik dringend eens lezen.
In ieder geval voelde ik heel goed waar die schaduw was, omdat ik juist daar niets van de wind voelde. Met het voorbijrijden van een reeks auto’s groeide het uit tot een slagschaduw, waardoor ik er mogelijk wat dronken uit zag. En eigenlijk was ik wat dronken, dronken van die ‘Sturm und Drang’, van het plezier je te meten met de natuur, van het gevecht aangegaan met de wind. Maar na enige tijd was het geen gevecht meer. Het was eerder een samenzijn, een uitkijken naar, een verwachten van, een streling en een harde duw, een koppige toegeeflijkheid, een genieten van de weerstand van de ander en een pijnloos doordringen. Ja, bijna een soort vrijen. Want, dat moet ik toegeven, ik hou eigenlijk wel van de wind, omdat ze soms zo verschrikkelijk kan meezitten.
Traumadour 6/2/2011
Overdracht
Een tijd geleden zag ik een kunstwerk (van Yarka Neuters) dat drie identieke vrouwetorso’s toonde, maar met telkens groter wordende openingen. Het fascineerde mij, vooral dat soort statisch tijdsgebeuren. Eerst een barst, dan een opening, dan een volledig stuk weg. Hoe ver kan je kwetsen, dacht ik, en wat vind je dan?
driemaal
Hoe ver moet je kwetsen
om het innerlijk te kunnen schetsen?
Hoe diep moet je snijden
om de ziel te bevrijden?
Drie kansen krijg je niet…
Zou ik wat huid afpellen
of… die borsten die mooi zwellen
of… meer naar het hoofd
de schedel gekloofd?
Drie kansen krijg je niet
je wordt beperkt tot één lied…
Wat je vindt is binnenvorm,
achterspiegel van een schoonheidsnorm.
De leegte zit er binnenin
reeds ontvlucht door de ware zin.
Drie kansen krijg je niet
je wordt beperkt tot één lied
spijtig als je ’t nog niet ziet.
Traumadour 11/12/2010
Hè volutie!
De Australische termiet, Darwins termiet, kan zelf geen cellulose verteren. Hij heeft daarvoor een kolonie eencelligen in zijn darmen, Mixotricha paradoxa. Die leeft wel in de darmen maar kan zelf ook geen cellulose verteren. Maar hij draagt op zijn huid een bacterie die dat wel kan. Hij is dus een voertuig. Maar Mixotricha kan zich moeilijk zelf verplaatsen, maar gebruikt daarvoor een andere bacterie, een spirocheet die een speciale vorm heeft, aangepast aan de openingen in de huid van Mixotricha, om erin te passen met één uiteinde en met het andere uiteinde te bewegen. Het is wel Mixotricha zelf die de beweging stuurt en bepaalt waar ze samen naartoe gaan.
Twee soorten bacterieën, een eencellige en een insect evolueren zo dat ze niet meer zonder elkaar kunnen. Het is haast niet te geloven dat er hier geen sturing achter zit. Er zit natuurlijk wel een natuurwet achter : survival of the fittest.
Hoe kan het dan zo moeilijk zijn met ....Bel en Gie?
Traumadour 4/2/2011


1 reactie op dit bericht
Foei Traumadour....