Het was op een koude vrijdagmiddag dat ik mijn geliefde grootvader Ali in het ziekenhuis bezocht. "Insjallah", antwoordde hij op mijn vraag of hij weldra het ziekenhuis zou verlaten. En dat deed hij inderdaad. Die vrijdagavond blies hij zijn laatste adem uit... Hij plande zijn begrafenis tot in de kleinste details en liet op voorhand weten dat hij naast zijn ouders in zijn geboorteland, Marokko, wilde rusten... Ondertussen zijn we generaties verder en is de moslimgemeenschap in ons land heel divers. Dat de wensen voor een uitvaart net iets anders liggen, ligt dus voor de hand. Dat steden en gemeenten deze wensen mogelijk maken evenzeer. Op sommige plaatsen bestaat de mogelijkheid om hier begraven te worden al langer, maar in Mechelen heeft het voor de lokale politici meer dan tien jaar geduurd om moslims eindelijk van een eigen begraafplaats te voorzien (Belgisch compromis op Mechelse begraafplaats, DM 9/9). Geen afzonderlijke begraafplaats, maar wel eentje gericht naar het Oosten. Een laatste rustplaats volgens de voorschriften van het geloof. Dat politici hier jaren over hebben gebakkeleid, is tamelijk veelzeggend. Dat een significant deel van de Vlamingen huivert bij deze tegemoetkoming aan de moslimgemeenschap is evengoed kenmerkend voor de islamofobe tijdsgeest. Zelfs liggend onder een laagje Vlaamse klei voelt een moslim aan als een bedreiging. Het eren van overleden familie, vrienden en kennissen dicht bij huis: ook dat blijkt voor veel mensen nog steeds het exclusieve voorrecht van Evy en Hans. Toegegeven, voor zover ik weet is de vraag vanuit de moslimgemeenschap naar dergelijke begraafplaatsen niet bepaald groot. Dat de theoretische mogelijkheid voor Mohammed en Fatima zelfs stof voor discussie waard is, heeft mij dan weer wél verbaasd...
Gedichtje van Inzender
Wij zijn in dit kleine landje geboren
Maar, langzaam gaat dit landje verloren
Stilaan verliezen wij onze cultuur
Wij worden verdrongen op den duur
Wie naar hier komt, begint te eisen
Aan de school staan vrouwen te krijsen
Die met hun doekje hebben de luidste krijs
Zij beschuldigen de juf zonder enig bewijs
Als men iets weigert, is men een racist
Als men anders denkt, heeft men zich vergist
Natuurlijk zijn de meesten toch brave mensen
Ze moeten wel beseffen wat wij van hen wensen
Wij hebben voor hun kinderen klassen
Daar leren zij hoe zich aan te passen
En weigeren hun ouders dat heel stug
Wel, dan kunnen zij altijd nog terug
Wij horen toch wel bij de besten
Zij komen allen naar het Westen
De Oostbloklanden die hen weigeren
Doen ons toch een beetje steigeren
Wij zijn toch de ongelovige honden
Wij, die vrouwen ook mensen vonden
Bij Arabieren is een vrouw een machine
Die alleen de stoere man moet dienen
En nu komen ze allemaal naar hier
De deur staat wijd open, niet op een kier
Maar, niemand weet wat wij zullen doen
Als ze niet per duizend komen, maar per miljoen
Natuurlijk moeten wij die mensen helpen
Maar, de toevloed moeten wij ginder gaan stelpen
Hoe, daarover raakt het Europa niet akkoord
Tot wij, ongelovige honden, worden vermoord !
Auteur onbekend




















1 reactie op dit bericht
Beste Lieve
Spijtig dat de auteur onbekend is, hij verdiend een standbeeld.