|
Auteur: Walter Marsoul.
11 november 2008
MIJN COMMUNICATIE FRIGIDITEIT.
Liefste dagboekje,
Liefste dagboekje, een mens vraagt zich soms af waarom een mens leeft? Wel, een mens leeft om te communiceren. "Communicatie" heet dat. Of het hem nu al dan niet zint, vanuit sociaal oogpunt is de mens genoodzaakt om met andere mensen te communiceren. Dit is nu eenmaal het spel en dat zijn de regels van het spel. Zelfs ik doe mijn best om fatsoenlijk te communiceren, maar toegegeven, dat wil mij niet altijd lukken.
Aan al die pogingen om serieus te communiceren heb ik de laatste tijd een soort 'communicatie frigiditeit' overgehouden, en zo gezien ben ik heus niet de enige mens die het met onze huidige communicatie dictatuur moeilijk heeft. Tot voor kort bestond het woord 'communicatie frigiditeit’ niet, want het is vandaag pas tijdens het schrijven uitgevonden. Ik lijd namelijk aan communicatie frigiditeit.
"Waltertje, lieve schat," placht eertijds mijn lieve akela te zeggen, "als alles je teveel wordt of als je naargeestig of droef te moede dreigt te worden, wel jongen, dan moet je communiceren met het bos en met de dieren in het bos.” En dan zaten wij zo te communiceren...alleen met de dieren in het bos. "Mensen communiceren niet behoorlijk met elkaar Waltertje, maar je moet luisteren hoe dieren dan wel met elkaar communiceren! " zei mijn akela Nutricia. En daar valt inderdaad veel van te leren. "Waltertje, er leven ook twee wolven in jouw bos, de wolf van het goede en de wolf van het kwade en die twee wolven vechten voortdurend met elkaar," zei Nutricia. "Welke wolf wint er dan?" vroeg ik. "De wolf die je voedt die wint" zei Nutricia.
En jawel hoor, ik heb ondertussen de wolf van het goede flink te eten gegeven en met mijn studies is het ook allemaal goed afgelopen. Ofschoon mijn vader het mij verbood, besloot ik toch op eigen houtje om geen communicatiewetenschappen, maar wel om algebra te gaan studeren. Met succes. Zo zie je maar; alle mensen vertrekken initieel in de goede richting, maar dan gaan de meesten toch nog de verkeerde kant uit. Mijn lot heeft er anders over beslist, want ik ben de goede kant uitgegaan, ik heb namelijk geen communicatiewetenschappen gestudeerd waardoor ik toch nog die fijn besnaarde communicatieve mens ben geworden, die ik later geworden ben. Nu ja, dat is ook geen verdienste, want dat heeft er altijd al in gezeten.
Mijn communicatie met Nutricia Dexia.
Na het loodzware weekend was er vandaag een toevallig weerzien met mijn voormalige akela Nutricia Dexia, mijn Nutricia die er na al die jaren nog uitzag alsof ze 10 welpjes tegelijk de goede kant op kon sturen. Ze zag er bijzonder ravissant en appetisant uit. Wat was het lang geleden dat Nutricia en ik elkaar voor het laatst nog eens goed gecommuniceerd hadden! "Maar Nutricia meisje..., wat doe jij hier op dit vroege uur in deze goedkope superette, " vroeg ik. "Ik hou een sociaal demografische enquête om het tekort aan sperma donoren op te vangen," antwoordde ze. " Betreft het dan een openstaande betrekking in overheidsdienst of val jij onder een tijdelijk nepstatuut van wel bepaalde duur?" vroeg ik haar.
"Neen," zei Nutricia " ik doe dit onder de auspiciën van het Rode Kruis van België met steun van de Kredietbank en gesponsord door de Arabische Liga ".
“Wat fijn voor u," zei ik. "Dank u wel " zei ze. "Wat denkt u over de vorming van de nieuwe regering Nutricia" sprak ik, want in België is zowat iedereen een permanente vormingsambtenaar, omdat er constant een regering of vijf, zes gevormd dient te worden. Men is hier continu bezig met een regering op de been te brengen,maar tegen de tijd dat de ene goed en wel op de been is, moet er alweer een andere gevormd worden. En zo gaat dat hier maar door en dat is om zot van te worden.
Nutricia heeft ook mij indertijd helpen vormen tot de communicatieve persoon die ik later ben geworden en vandaar dat ik tegen Nutricia over de vorming van de nieuwe regering was begonnen in de hoop om het nog eens over de goede oude tijd te kunnen hebben. De tijd die wij samen in de bossen doorbrachten, die leerrijke tijd die ik als welpje met haar mocht delen.
"Wat vliegt de tijd snel Walterje," zei Nutricia . “Waltertje? Wat Waltertje? Hoezo Waltertje? Ondertussen ben ik auteur en filosoof geworden, terwijl mijn hobby’s zijn: fietsen en bioscopen bezoeken met etentje achteraf." “ Waltertje??” Komaan zeg, wat verbeeldt dat mens zich!
Waltertje, Waltertje...? Wat imagineert dat onnozel mens met haar betuttelende eigenschappen zich wel?
"Zeg dat het allemaal niet waar is" zei Nutricia. "Het is wel waar Nutricia!" sprak ik.
"Nutricia, meisje" sprak ik, "ik schrijf ook wel eens gelegenheidsgedichten in versvoeten, maar het dichten schept plichten" zei ik zo tegen Nutricia. "Zeg dat het helemaal niet waar is", zei Nutricia. "Wel waar " riep ik!
"Nu ga ik even verder opschieten want ik moet tegen morgen nog wat droge voeding in huis halen" zei Nutricia.
"OK dan maar" zei ik,"bedankt en tot ziens."
Stevige wind en hevige regen verhinderden al te diepgravende communicatie maar toch was dit een keurig afgeleverd pakketje communicatieve vaardigheden.” Succes met uw niet onverdienstelijk schrijverschap," wuifde Nutricia mij nog na, "en, vergeet vooral niet om datgene wat wij hier samen bespraken uit zijn oorspronkelijke context te rukken". "Dat zal niet mankeren Nutricia!" riep ik terwijl het stilaan bangelijk tot mij begon door te dringen dat Nutricia Dexia eigenlijk een vrouw was zonder noemenswaardige eigenschappen. Dat zij altijd al een vrouw zonder eigenschappen was geweest. Maar, tot daar nog aan toe.
Voila, aan om het even welke vorm van menselijke communicatie valt er altijd wel iets te verbeteren, maar qua communicatieve vaardigheden zou ik mijzelf in dit geval toch minstens een acht op tien durven geven. Ik slaagde er in om zelfs te communiceren met een vrouw zonder eigenschappen en dat moet men kunnen. Menselijke communicatie trekt geen absolute grenzen.
Mijn onvermogen tot Communicatie met mijn Josée.
Met ons Josée daarentegen verliep de communicatie fataal. Ja, ik viel aan wanhoop ten prooi. Waarom ben ik in hemelsnaam een vrouw als Josée Petitjean, die op communicatief vlak vrijwel niets te betekenen heeft, tegen het lijf gelopen? Ons José is van origine een Franse allochtoon en zoiets is op zich al voldoende om communicatiestoornissen op te wekken, vanwege de te grote multiculturele verschillen. Ik had het allemaal op voorhand juister moeten inschatten, ik had het kunnen weten.
Als wij een goede onderlinge communicatie hadden gehad dan was ik daar als vanzelf wel achter gekomen en dan hadden wij de krijtlijnen kunnen uittekenen, waarbinnen onze communicatie vooralsnog zou kunnen verlopen. Nu is het daarvoor veel te laat. Helaas.
"Bonjour Josée," riep ik bij mijn blijde intrede. "ça va?" vroeg José " En.... voeten afvegen!"
Men zou op vrouwen als Josée een snavel belasting moeten heffen, want als zij haar mond open trekt, dan krijg ik steevast communicatieve relatiestoornissen. En onze relatie therapeut, Rudy Van Velthoven, heeft ook al relatiestoornissen, maar dat beseft hij zelf nog niet . Ach, gelukkig ben ik niet de enige man, (o ja ik vergat te zeggen dat ik een man ben), gelukkig ben ik niet de enige man met 'communicatieve relatiestoornissen’ die ook 'wel eens 'het syndroom van Jos Crabbé' worden genoemd. Iedereen heeft tegenwoordig wel ergens dat syndroom van Jos Crabbé te pakken.
Wie was die fameuze Jos Crabbé dan eigenlijk? Wel, Crabbé Jos was ooit met een negerin van Gabonese origine, als ik dat tenminste zo mag formuleren, maar ze zijn nog steeds op zoek naar zijn feitelijke doodsoorzaak. Dat mens heeft Jos er met haar temperament finaal onder gekregen. "Zij was mijn zonnetje in huis," zei Jos, ze rook naar Afrika, naar haar pa en haar ma en voeg daar nog wat Gabonese odeur locale aan toe.” Maar, daar is Jos allemaal niet ver mee gekomen! Toch hebben wij aan Jos Crabbé, het syndroom van Crabbé Jos te danken.
Zwijg mij van allochtonen, daar heb ik op communicatief vlak de buik van vol! Neem Francois Ruitinkx uit Gruithoven, een politiek correct man. Ook hij werd door het 'syndroom van Crabbé Jos' bevangen. François, die normaal gesproken geen vlieg kwaad zou doen, zo'n in-goed mens! François had wel communicatiewetenschappen gestudeerd en toen hij een lijn legde naar Petrusjka Pjotter, een Russisch winterroosje, toen heeft François van miserie 6000 liter brandstof uit een bovengrondse brandstoftank moeten stelen in de gemeente Wellen. Het moet een onweerstaanbare drang geweest zijn, want normaal gesproken zou François zoiets nooit doen want het ene feit heeft in feite hoegenaamd niets met het andere te maken. Er zijn namelijk geen rechtstreekse oorzakelijke verbanden, er zijn geen logische deducties noch categorische imperatieven tussen beide fenomenale verschijnselen. Maar precies dit is zo typerend voor het syndroom van Crabbé Jos, er zijn geen rechtstreekse fenomenale verbanden. Zulks zou dan tegelijk ook een verklaring kunnen zijn waarom zijn syndroom zo laattijdig werd ontdekt. Het zou allemaal best wel eens kunnen.
En dan is er nog mijn persoonlijke allochtoon van dienst, ons Josée,. Tja , qua communicatie is het tussen ons niet veel snaaks, want zij moet altijd het laatste woord krijgen. Zij wil de grootste zijn, met veel bravoure want dat heb je met al die allochtonen.
Gezien mijn toestand ben ik blij om niet al te veel uiterlijke symptomen van het syndroom van Crabbé Jos te vertonen. Welk een opluchting!
Wat de mens van een Mechelse koekoek onderscheidt, is zijn onvermogen tot communiceren en zijn vermogen om zelf achter zijn onvermogen tot communiceren te komen. Neem nu de Kempense kunstenaar Koen Van Mechelen die zelf van nature een communicatieve kruising is tussen een Mechelse koekoek en een Poule de Bresse; maar daar kan hij zelf ook niets aan doen. "Beste Koen" zei ik," wat verlang ik er vurig naar om zonder een vrouw als Josée aan mijn zijde in het rustoord Huize Avondrood opgenomen te worden om daar aan de slag te kunnen gaan met hoogbejaarden die de ganse dag op communicatief vlak vrijwel niets te betekenen hebben. En a propos, wat baat het om tussen Josée en mij een communicatieve dialoog op te starten als zulke dialogen gewoonlijk decennia kunnen aanslepen om uiteindelijk toch nog tot geen onderhandelde oplossingen te leiden?"
“Walter, je hebt groot gelijk", zei Koen Van Mechelen.
" Beste Koen, bemoei je vooral niet met Josée en met mij!" zei ik tegen Koen. Bemoei je met je eigen zaken. Je bent gewaarschuwd!
Ik wees Koen er tevens op dat hij zich concreet gezien voortaan maar best met zijn eigen kiekens kon bemoeien, omdat kiekens kweken tenslotte het enige is waar hij verstand van heeft. Och, ik zou graag fatsoenlijk met Koen willen communiceren, maar telkens als hij zijn mond open trekt, dan valt de elektriciteit uit.
Het syndroom van Jos Crabbé.
Maar keren wij terug naar ons uitgangspunt. Moe maar tevreden keerde ik dus na volbrachte taak huiswaarts. "Mijn ebben houten schatje" sprak ik tijdens mijn blijde intrede, "ebben houten schatje, het wordt vandaag geen dialoog tussen ons, vandaag niet en morgen ook niet". De mensen liggen er niet van wakker maar met een vrouw als Josée valt er hoegenaamd niet te dialogeren.
Gelukkig besloot ik tijdig om dan maar een bos bloemen voor haar te kopen:" Zeg het met bloemen schat "zei ik!
En dan mag Josée nog van geluk spreken dat ik geen kieken uit de collectie van Koen Van Mechelen heb meegebracht, want die beesten zijn ware kunstwerken. Je kunt ze in een vaas met sterk water op de keukentafel zetten, om te beletten dat onze hond Musty ze zou opvreten. Zo gezegd, zo gedaan, maar dat is dan ook alles. Maar precies dat roept vele vragen op want als je er op doordenkt dan zijn die kiekens uiteindelijk in staat om ons een geweten aan te smeren.
Maar zoiets wil Josée maar niet begrijpen en uiteindelijk zeggen bloemen meer dan de kiekens, zij zeggen meer dan deze woorden zeggen. Vandaar de uitdrukking; "Zeg het met bloemen en zeg het niet met kiekens”. Sorry Koen.
In de schaduw van de avondstond besluiten Josée en ik om het avondrood in ons hart naar binnen te laten treden. Dat tedere zijden zachte licht. En zo werd het dan toch nog een fijne avond voor ons beiden.
Maar helaas, zoals iedereen weet komt er na elke vorige avond een volgende morgen, waarin wij alweer een fameuze communicatiestoornis hadden en ditmaal aangaande onze gemeenschappelijke kinderen. Tenminste, laten wij dat hopen want met een vrouw als Josée aan mijn zijde weet je maar nooit.
Alweer hadden wij een problematische communicatie aangaande de kinderen! Ach, wij zouden het vertrouwen in elkaar moeten kunnen herstellen willen wij tenminste er in slagen om onze koopkracht te kunnen behouden. "Is er verder nog enige belangrijke communicatie die aan mijn adres gericht werd in onze brievenbus toegekomen?" vroeg ik aan Josée.
"Ja zeker" zei Josée," hier hebt u de streekkrant en op de eerste pagina staat duidelijk vermeld dat vanaf morgen de solden eindelijk kunnen beginnen.”
" Bon, dat is uitstekend nieuws" zei ik.
De Communicatie met onze kinderen.
" Spreek" zei Josée. " Neen" zei ik. "Doe het dan tenminste voor onze gemeenschappelijke kinderen" sprak Josée, wel wetende dat men het voor de kinderen ook al niet hoeft te doen. Die zijn namelijk oud en wijs genoeg om hun eigen communicatieve dialoog op te starten. Helaas zijn onze kinderen zelfs daarvoor te lui. Ze zijn gewoon te lui om te communiceren zonder hun ‘bloe toet’!
"Het blijven toch nog altijd onze kinderen" zei Josée. Toegegeven; Josée en ik hebben samen 2 schatten van kinderen, maar wij weten dat zelve niet, omdat er nooit een fatsoenlijke dialoog tussen ons heeft plaats gegrepen. Opvoeding? Onze kinderen kregen niet eens een opvoeding, want wij wisten van toeten noch blazen toen wij onze kinderen vergaten op te voeden. Toen ze de leeftijd van vier hadden bereikt, hebben wij ze allebei voor een functioneringsgesprek tot ons geroepen: "Kijk eens aan Priscilla en Arnauld" spraken wij, "jullie opvoeding is nu af, verwacht dus van jullie papa en mama geen verdere communicatie, ja zelfs geen constructieve dialoog, want voortaan weten jullie papa en jullie mama het zelf ook allemaal niet meer.” Waarom weten jullie het niet?" vroeg ons Priscilla in een poging om de communicatieve dialoog toch nog in laatste fase op gang te trekken. "Wel meisje, dat is nu precies wat ook wij niet weten" antwoordde ik. Ouders moeten hun kinderen leren om zelf naar de waarheid te zoeken.
Tja, en voor zover ik het mij kan herinneren, moet dit zowat de enige communicatie met onze gemeenschappelijke kinderen geweest zijn.
En zo is het allemaal zover kunnen komen, maar het resultaat is wel dat onze kinderen het op communicatief gebied allebei toch maar lekker ver hebben geschopt.
Onze Arnauld is vorig jaar zomaar eventjes wereldkampioen 'communicatief laptop slingeren' geworden! Met alle respect voor Tia Hellebaut die zichzelf over de lat wist te slingeren, maar in de discipline laptop slingeren, ligt de lat toch wel een stuk hoger.
Wat is het prettig om vast te stellen dat je kinderen uiteindelijk toch nog op communicatief vlak behoorlijk terecht komen. Laptop slingeren is mijn ding niet, maar kinderen moeten nu eenmaal zelf hun eigen toekomst kunnen uit stipuleren. Als ouder moet je daar zo min mogelijk in tussen komen, om voldoende afstand te kunnen bewaren. Wat ben ik ook reuze blij dat onze Arnauld geen communicatiewetenschappen heeft gestudeerd. Tsjonge tsjonge toch!
Ons Priscilla heeft dan weer wel communicatiewetenschappen gestudeerd, plus nog een post graduaat ‘bloe toeten’. Die zit nu met haar ‘bloe toet’ van de nieuwste generatie in zuidwest Afrika droge voeding in natte saus aan de man te brengen. Mijn dochter Priscilla is natte saus manager voor Botswana en Namibië. In haar vrije tijd doet ze nog iets anders, maar die naam ben ik vergeten.
Ach, als ouder moet je kunnen vergeven en vergeten. Josée en ik zijn al blij als onze kinderen gewoon nog ergens in leven blijken te zijn. Ergens is dat zo.
Communicatie is ook de kunst om niets te zeggen, de kunst om bezig te blijven. De kunst om windeieren te verkopen. Ik open mijn laptop: Hey, hi ,ha, ho, joi, toy, jei, jep Walter, .....Geheel en al de uwe mijn beste Walter... Voila, ik ontvang in mijn mail box enkel communicatie van autochtonen en zwijg mij over die autochtonen! Ik ken ze niet eens van haar noch pluim. Ik kan mij daar hoegenaamd niets of niemand bij voorstellen en toch zitten ze in grote getallen in mijn mail box met mij te communiceren! Daarvan alleen al zou ik het syndroom van Jos Crabbé met communicatieve frigiditeit van kunnen krijgen. Tenminste, vooropgesteld dat ik dit syndroom al niet zwaar te pakken zou gekregen hebben.
Wanneer zullen alle mensen elkaar eindelijk met rust kunnen laten om gewoon naar de bloempjes, om gewoon naar de vogeltjes of naar de vissen te kijken. "Kijk eens hoe mooi die zijn" zei mijn Akela vroeger. Ik keek eertijds met mijn frisse kinderogen naar de wereld, naar mijn akela Nutricia Dexia, ik keek naar mijn huis van vertrouwen en naar het groen van mijn jeugd.
Ik keek naar vogeltjes die mijn vogeltjes waren. Naar vissen die mijn vissen waren. En ik zag dat alles goed was zoals het was. Sommige dingen zijn nu eenmaal goed zoals ze zijn, zonder daar iets aan toe te voegen. Zonder iets weg te laten. Nergens hebben wij nog geleerd dat de dingen ook goed zouden kunnen zijn zoals ze zijn. Dat heet dan gelukkig zijn. Mijn gelukkig zijn, daarvoor zou ik alles willen geven.
AUTEUR : WALTER MARSOUL.
|