NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Inhoud blog
  • ALFABETISCHE PERSONENLIJST (hoofdstukken 5 tot 8)
  • ALGEMENE OPMERKING
  • 8.4. Bijlagen
  • 8.3. Enkele activiteiten bij voorouders, afstammelingen en aanverwanten
  • 8.2 Afstammelingen van Stoffel Martens
    Inhoud blog
  • ALFABETISCHE PERSONENLIJST (hoofdstukken 5 tot 8)
  • ALGEMENE OPMERKING
  • 8.4. Bijlagen
  • 8.3. Enkele activiteiten bij voorouders, afstammelingen en aanverwanten
  • 8.2 Afstammelingen van Stoffel Martens
    Zoeken in blog

    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Vijf eeuwen familie Martens

    08-08-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.6.5. Emma Martens (1896-1946)

    6.5 Emma Martens (1869-1946 ) dv Petrus en afstammelingen

    Het gezin van Henri Sierens en Emma Martens, dochter van Petrus-Francies en Eugenia Coddens, bestond uit 9 kinderen, geboren en opgegroeid te Nevele-dorp. De brouwer Henri Sierens was 35 jaar ouder dan zijn vrouw Emma. Het parenteel van zijn grootvader Karel en zijn vader Joseph Sierens is weergegeven in hoofdstuk V. In 1970 hadden Henri en Emma 12 kleinkinderen en 24 achterkleinkinderen. Twee zoontjes zijn zeer vroeg gestorven , één dochter bleef ongehuwd en een andere dochter bleef kinderloos. Bij hun afstammelingen komen volgende familienamen voor: Baetens, Christiaens, Claeys, Colle, De Cuyper, De Tremerie, De Waele, De Vos, Helms, Liétar, Melkebeke, Van Daele, Van Den Bon, Van Hoecke, Verbanck, Verstraete, Volckaert en Sierens.

    Op 24 november 1892 kreeg Henri Sierens bij notaris Timon De Seille volmacht om zijn schoonbroer Emiel Martens, verblijvende in Amerika, te vertegenwoordigen bij de voorouderlijke verdelingsakte die op 14 september 1893 verleden werd voor dezelfde notaris. Zijn vrouw Emma Martens was er aanwezig als begunstigde en kreeg 5 partijen zaailand te Hansbeke en te Aalter met een gezamenlijke oppervlakte van 4ha26a60ca en geschat op een waarde van 18.386,58 frank, te vermeerderen met een toeslag van 914,68 frank.

    Hun oudste dochter Anna Sierens werd geboren te Nevele op 23 october 1890 toen haar moeder 21 en haar vader 56 jaar oud was. Anna huwde met Aimé Van Daele uit Vinderhoute, waar zij zich ook vestigden en twee dochters kregen. Aimé was er zonder onderbreking van 1 augustus 1933 tot 31 december 1970, hetzij 38 jaar, gemeenteraadslid. Van 13 november 1944 tot 6 juni 1945 en van 9 september 1969 tot 31 december 1970 was hij schepen. Van 7 juni 1945 tot 31 december 1958 was hij burgemeester, hetzij 13,5 jaar zonder onderbreking. Bovendien was Aimé voorzitter van de Commissie van Openbare Onderstand (thans OCMW) van 1 juli 1959 tot 30 juni 1971. Hij overleed op vrijdag 28 mei 1971 te Vinderhoute, 83 jaar en 9 maand oud. De afscheidsrede bij de begrafenisplechtigheid op 2 juni 1971, in de parochiekerk Sint Bavo, werd uitgesproken door de burgemeester van Vinderhoute (bijlage 6.4).

    Hun tweede dochter Maria trouwde met Irené Claeys en vestigde zich te Drongen. Zij kregen twee zonen, Carlos en Flory Claeys. Ingenieur-architect Flory Claeys ontwierp ondermeer de woning van Bertha Martens, echtgenote Ghyselinck en haar zoon Albert te Gentbrugge. Petrus Martens(1810-1900) was overgrootvader van Flory Claeys en van Albert Ghyselinck. Hun respectieve grootmoeder Emma Martens en grootvader Joannes Martens waren broer en zus en deze verre band was blijkbaar nog sterk genoeg bij de keuze van een architect. Hun derde dochter Clara trouwde met een vlaming die uitweek naar Wallonië, maar voor haar levenseinde koos zij toch weer Vlaanderen.Hun dochter Clémence huwde te Nevele met de beenhouwer Evarist Verstraete en kreeg er vier dochters. Hun afstammelingen zijn verspreid over Nevele, Lotenhulle, Oostende,Tielt, Gent, Oudenaarde, Vichte en Kortrijk. Clémence werd 100 jaar. Jozef Sierens huwde met Adrienne Van De Bon uit Oostkamp. Hij werd brouwer bij Bellem-brug, waar zijn grootvader geboren was. Met zijn vrachtwagen voor het vervoer van bier transporteerde hij ook sporadisch fruit voor rekening van Maurice Martens te Hansbeke. Overdadig drankgebruik was wellicht niet vreemd aan zijn vroegtijdige dood in 1945.

    Meldenswaardig is nog het huwelijk van de zoon Henri Sierens met Maria De Waele. Maria De Waele(°1907) was een dochter van Basiel De Waele, die een landbouwbedrijf uitbaatte te St Martens-Leerne, en een kleindochter van Joannes Baptiste De Waele en dus een nicht van haar naamgenote Maria De Waele(°1906), dochter van Karel. In 1927 huwde Maria De Waele(°1907) met Henri Sierens(°1905),een neef van Marcel Martens(°1903). Drie jaar later huwde Marcel Martens met Maria De Waele(°1906), een nichtje van de met zijn neef Henri getrouwde Maria De Waele(°1907). Hebben Marcel en Maria elkaar misschien voor het eerst ontmoet in 1927 op het trouwfeest van hun respectievelijke neef en nicht? Hoe dan ook, op een feestelijke foto genomen ter gelegenheid van het huwelijksfeest in 1927 staan de 24-jarige Marcel Martens en de 21-jarige Maria De Waele naast elkaar. Na het vroegtijdig overlijden van de bierhandelaar Henri Sierens in 1934, waarbij Maria De Waele achterbleef met drie kinderen beneden zes jaar, is Maria hertrouwd met Maurice Libioulle uit

    Wallonië. De afstammelingen van Henri Sierens en Maria De Waele, twee dochters en een zoon, vestigden zich in de streek.

                      Petrus Martens x Eugenie Coddens

                         (1810-1900)   (1836-1898)

    Henri Sierens  x  Emma Martens           Emiel Martens  x  Emma Mestdagh

      (1834-1907)      (1869-1946)            (1871-1955)       (1878-1964)


      Henri Sierens x Maria De Waele          Marcel Martens x Maria De Waele

        (1905-1934) ­    (°1907)                   (1903-1989) ­            (1906-1997)

    ­ ­

           Basiel De Waele x Robijt          Karel De Waele x Virginie Hanssens

              (1872-1938)­                       (1880-1913)­

    ­

                   Joannes Baptiste De Waele x Maria Theresia Bafort

                            (1838-1918)           (1841-1927)

    1927 Familiefoto bij huwelijk Henri Sierens-Maria De Waele

    zittend eerste rij: Henri Sierens, Emma Martens, Henri Sierens,Maria De Waele

    mevr De Waele-Robijt, Basiel De Waele

    middenrij vierde van links: Laurent De Waele

    midden achteraan:Marcel Marcel, zoon van Emiel, Maria De Waele, dochter van

    Karel(nog ongehuwd) en er voor Maria Martens, dochter van René



    Personen in parenteel van Henri SIERENS en Emma MARTENS

    III.1 M SIERENS, Henri      31-07-1834 Nevele    14-02-1907 Nevele

    III.2 V MARTENS, Emma Maria 07-01-1869 Hansbeke  17-02-1946 Lovendegem

    IV.2 V SIERENS, Anna        23-10-1890 Nevele

    IV.1 M Van DAELE, Aimé-Edw. 06-08-1887 Vinderh.  28-05-1971 Vinderhoute

    V.2 V Van DAELE, Denise     18-11-1924 Vinderhoute

    V.1 M COLLE, Adrien         15-08-1922 Waasmunster

    V.4 V Van DAELE, Monique    08-05-1927 Vinderhoute

    V.3 M De TREMERIE, Maurice  24-05-1913 Gent

    VI.1 M De TREMERIE, Marc    04-06-1950 Gent

    VI.2 V De TREMERIE, Martine 01-06-1955 Gent

    VI.3 V De TREMERIE, Viviane 05-06-1957 Gent

    IV.4 V SIERENS, Maria       22-11-1891 Nevele

    IV.3 M CLAEYS, Irené        23-07-1881 Drongen     13-11-1965 Drongen

    V.5 M CLAEYS, Carlos        12-11-1916 Drongen     13-08-1917 Drongen

    V.6 M CLAEYS, Flory         12-11-1916 Drongen

    V.7 V De CUYPER, Yolande    02-06-1920 Lotenhulle

    VI.4 M CLAEYS, Guy          28-12-1946 Gent

    VI.5 M CLAEYS, Christian    09-03-1948 Gent

    VI.6 V BAETENS, Ingrid

    VI.7 V CLAEYS, Martine      22-06-1951 Gent

    IV.6 V SIERENS, Clara       07-01-1893 Nevele    06-01-1968 Nazareth

    IV.5 M De VOS, Julien August08-05-1880 Nokere    20-04-1961 Marchienne

    V.8 M De VOS, Jacques M.E.  17-07-1932 Charleroi

    V.9 V HELMS, Edith Friederike18-02-1932 Krugerdorf

    VI.8 V De VOS, Suzanne Angela28-04-1963 Nieuwpoort

    VI.9 V De VOS, Ingrid Clare  20-11-1964 Nieuwpoort

    IV.7 M SIERENS, Josef        30-06-1894 Nevele       22-02-1945 Bellem

    IV.8 V Van Den BON, Adrienne 15-03-1900 Oostkamp

    IV.9 V SIERENS, Leonce-Marie 25-03-1896 Nevele       09-06-1896 Nevele

    IV.11 V SIERENS, Clemence    02-06-1897 Nevele             1997

    IV.10 M VERSTRAETE, Evarist  15-03-1892 Nevele       11-11-1967 Deinze

    V.11 V VERSTRAETE, Diane     17-07-1920 Nevele

    V.10 M VERBANCK, Roger       21-05-1916 Lotenhulle

    VI.11 V VERBANCK, Monique    19-12-1942 Oostende

    VI.10 M STRUYVE, Roger       19-12-1942 Oostende

    VI.12 M VERBANCK, Hervé      10-07-1948 Tielt

    VI.13 M VERBANCK, Filip      01-06-1962 Gent

    V.13 V VERSTRAETE, Antoinette26-01-1923 Nevele

    V.12 M LIETAR, Daniel        29-07-1920 Oudenaarde

    VI.14 M LIETAR, Paul         14-08-1946 Oudenaarde

    VI.15 V Van HOECKE, Claudine

    VII.1 M LIETAR, Christophe   22-04-1971 Oudenaarde

    VI.16 V VANHOECKE, Claudine

    VI.17 V LIETAR, Martine      08-06-1950 Bevere-Oudenaarde

    V.15 V VERSTRAETE, Edith     15-04-1927 Nevele

    V.14 M CLAEYS, Charles

    V.17 V VERSTRAETE, Nicole     12-02-1935 Nevele

    V.16 M CHRISTIAENS, Hervé     19-04-1939 Vichte

    VI.18 M CHRISTIAENS, Luc      22-05-1969 Kortrijk

    IV.12 M SIERENS, Antoine Emile11-12-1898 Nevele       03-01-1900 Nevele

    IV.14 V SIERENS, Suzanne      20-09-1900 Nevele

    IV.13 M MELKEBEKE, Jan B.A.   06-10-1891 Heldergem    21-11-1959 Gent

    IV.15 V SIERENS, Germaine     12-12-1901 Nevele

    IV.16 M SIERENS, Henri        28-10-1905 Nevele       12-02-1934 Nevele

    IV.17 V De WAELE, Maria       xx-12-1907 St-Martens-Leerne

    V.19 V SIERENS, Ivette        07-01-1928 Nevele

    V.18 M DEVOS, Felicien        18-02-1924 Poeke 17-07-1967 B-Maria-Leer

    VI.19 M DEVOS, Johan          27-07-1953 Gent

    VI.20 M DEVOS, Christian      18-11-1956 Deinze

    VI.21 V DEVOS, Martine        02-03-1958 Deinze

    VI.22 V DEVOS, Anne Marie     25-08-1960 Deinze

    VI.23 V DEVOS, Veronique      24-11-1961 Deinze

    V.21 V SIERENS, Rosa          08-06-1931 Nevele

    V.20 M DEVOS, Julien          26-06-1918 Poeke

    VI.24 V DEVOS, Maria Theresa  03-10-1956 Deinze

    VI.25 V DEVOS, Christiane     03-10-1956 Deinze

    VI.26 M DEVOS, Marc           31-05-1961 Deinze

    V.22 M SIERENS, Norbert       05-09-1933 Gent

    V.23 V VOLCKAERT, Paula       12-10-1937 Nazareth

    VI.27 M SIERENS, Frank        30-12-1962 Deinze

    VI.28 V SIERENS, Anne                     19-04-1966   Deinze

    08-08-2007 om 16:04 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.6.4. Petrus-Joannes Martens (1867-1920)

    6.4 Petrus-Joannes Martens (1867-1920 ) zv Petrus en afstammelingen

    6.4.1 Petrus-Joannes Martens (1867-1920) en Leonie De Vreese

    Petrus-Joannes, meestal Joannes of Wannes genaamd, werd op 23 januari 1867 geboren op De Meren te Hansbeke, als zoon van Petrus-Francies Martens en Eugenie Coddens. Hij was slechts 15 wanneer zijn 18-jarige zus Maria in 1882 trouwde met Serafien Van Vynckt. Ook Joannes was er vlug bij vermits hij slechts 20 jaar was toen hij op 9 februari 1887 te Hansbeke in het huwelijk trad met de 21-jarige Leonie De Vreese. Op een foto van Joannes kan een duidelijke gelijkenis met zijn jongere broer Emiel vastgesteld worden.

    Joannes Martens Leonie De Vreese

    Leonie was opgegroeid in de afspanning Het Gemeentehuis tegenover de kerk, als tweede van de zeven kinderen van Pieter De Vreese, vlaskoopman, en Rosalie Leusen. De grootouders van Leonie,aan vader’s zijde, waren landbouwers te Drongen, waar haar vader Pieter geboren werd. Ook haar moeder Rosalie was geboren te Drongen. Petrus De Vreese en Rosalie Leusen trouwden te Drongen op 6 october 1824 en pachtten van de Hansbeekse kasteelheer Frans-Gisleen Borluut de herberg tegenover de kerk, die tevens een boerderij was. De genealogie van Antoon De Vreese, grootvader van Leonie, is weergegeven in hoofdstuk V.

    In 1884 zal niet enkel de familie De Vreese maar het ganse dorp op stelten gestaan hebben toen Pieter Moens vermoord werd na het verlaten van de herberg van Pieter De Vreese, en nadat deze laatste geweigerd had hem in de herberg te laten overnachten.Hun 18-jarige dochter Leonie, die reeds op haar slaapkamer was toen het slachtoffer en de verdachten de herberg verlieten, werd als getuige opgeroepen. Omdat zij op straat gerucht hoorde keek zij samen met haar broer Edmond door één van de bovenvensters, maar blijkbaar hadden zij niemand herkend.

    Emma De Vreese, de oudste zus van Leonie, trad op 3 juni 1886 in het klooster bij de Zusters Franciscanessen te Gent, maar Leonie zag een andere toekomst voor zich vermits ze het jaar nadien in het huwelijk trad met Joannes Martens. Zij vestigden zich in de herberg In de Statie. Deze afspanning met stallingen en erf was op 16 maart 1867, het geboortejaar van zoon Joannes, door Petrus Martens aangekocht aan de kinderen van het verwante echtpaar Ludovicus Onghena- Sofie Moens uit Oostakker en de herberg werd sinds 1867 uitgebaat door Blandinus De Baets. Joannes en Leonie zullen deze herberg blijven uitbaten tot na de eerste wereldoorlog, wanneer hun zoon Maurice met zijn vrouw Martha De Grauwe de zaak overnamen.

    Kinderen van Petrus-Joannes MARTENS

    I.1 M MARTENS, Petrus-Joannes      23-01-1867 Hansbeke  25-02-1920 Gent

    I.2 V De VREESE, Leonie Amelie     30-08-1866 Hansbeke  07-03-1944 Gent

    II.1 V MARTENS, Anna M.E.          10-12-1887 Hansbeke  11-04-1889 Hansbeke

    II.2 M MARTENS, Petrus Maurice     07-12-1888 Hansbeke  23-01-1940 Hansbeke

    II.3 V De GRAUWE, Martha           20-04-1888 Hansbeke  27-04-1980 Hansbeke

    II.4 V MARTENS, Maria A.M.         23-02-1890 Hansbeke  25-12-1890 Hansbeke

    II.6 V MARTENS, Adèle M.B.         11-02-1891 Hansbeke  08-05-1948 Gent

    II.5 M GYSELBRECHT, Hector         27-12-1886 Aalter    09-01-1957 Gent

    II.8 V MARTENS, Bertha             14-02-1892 Hansbeke   10-09-1969 Gentbr.

    II.7 M GHYSELINCK, Alberic         15-12-1886 Oosterzele 14-03-1936 Gentbr.

    II.9 V MARTENS, Clara              27-04-1893 Hansbeke 30-04-1952 St-Amand.

    Tussen december 1887 en april 1893 worden 6 kinderen geboren. De oudste dochter Anna was slechts een jaar en vier maand oud toen zij overleed. Vier maand voor haar overlijden, en precies een jaar na de geboorte van Anna, werd Petrus Maurice geboren. Het derde kind Maria overleed na 10 maand. Daarna volgden nog drie meisjes waarvan Clara, de jongste, ongehuwd zou blijven.

    Door de voorouderlijke verdelingsakte van 14 september 1893 kwam Joannes in het bezit van volgende onroerende goederen:

    - een partij zaailand te Hansbeke sektie A nummer 1357 groot 60a50ca;

    - een schoon en groot woonhuis met stallingen en erf te Hansbeke bij de statie sektie A nummers 1307b en 1308c samen groot 6a60ca;

    - een partij zaailand te Hansbeke, Kluize, sektie B nummer 916a groot 15a70ca;

    De waarde van deze gronden en gebouwen werd geraamd op 14.663,29 frank en Joannes kon bovendien aanspraak maken op een geldelijke opleg van 5.637,98 frank van zijn zus Maria.

    Joannes was herbergier, fruithandelaar en drukker, maar wellicht ook een echte levensgenieter. In ‘Mensen van Vlees en Bloed’ is een foto opgenomen van 1899, met de leden van de Veloclub “Stillekens aan” waarbij Joannes poseert met een twintigtal leden . Joannes was ook uitgever van postkaarten. Op een prentkaart van omstreeks 1905 zijn voor de afspanning In de Statie 14 personen te herkennen, waaronder Joannes Martens en zijn echtgenote Leonie De Vreese, evenals zijn zoon Maurice en zijn dochters Adèle, Bertha en Clara (zie hoofdstuk V).

    In 1918,bij de aftocht aan het einde van de eerste wereldoorlog, werd In de Statie grotendeels vernietigd door artillerievuur tijdens de beschieting van de Hansbeekse stationswijk, waarbij ook de kerktoren vernietigd werd. Joannes en Leonie vonden samen met hun nog ongehuwde dochters Bertha en Clara een tijdelijk onderkomen te Gent bij hun dochter Adèle die op 14 december 1916 gehuwd was met Hector Gyselbrecht. Zij openden een koffiehuis in de Vlaanderenstraat. Joannes overleed te Gent op 25 februari 1920. Zijn weduwe Leonie De Vreeze verhuisde later naar de Heuvelpoortstraat, waar ze samen met haar jongste ongehuwde dochter een winkel van kinderkleding uitbaatte. Leonie De Vreese overleed er op 7 maart 1944.

    6.4.2 Maurice Martens (1888-1940 ) zv Joannes en afstammelingen

    Huwelijk van Maurice Martens en Martha De Grauwe

    Op 3 mei 1916, in volle oorlogstijd, trouwde de 28-jarige Petrus Maurice Martens in de parochiale kerk Sint-Pieter en Paulus te Hansbeke met de 28-jarige Martha Maria Rosalia De Grauwe, oudste dochter van vlaskoopman Eugeen Napoleon en Maria Theresia Vande Reviere. Het huwelijk werd ingezegend door E.H. Alfons Bruggeman, pastoor. Maurice was de enige zoon van koopman Joannes Martens die samen met zijn vrouw Leonie De Vreese in de afspanning In de Statie woonden. Martha De Grauwe woonde samen met haar ouders aan de overzijde van de spoorweg in het Huis van Commerce.

    Maurice Martens Martha De Grauwe

    Onder de titel ‘Trouwen in oorlogstijd’ beschrijft Albert Martens in Het Land van Nevele niet enkel dat Maurice en Martha samen school liepen op het dorp en er hun plechtige communie deden, maar hij heeft het ook over hun ‘vrijage’ en het trouwfeest. Op de trouwdag las Clement De Craene, secretaris van de Zangmaatschappij Ste Cecilia en schoolmeester te Hansbeke, aan de feesttafel een huwelijksgedicht voor, namens de zanggroep waarvan Maurice lid was.

    Trouwen in oorlogstijd

    Al de gevoelens van ’t menschelijk herte

    Zijn door den oorlog gestoord en in strijd,

    Duizenden mannen staan ginds in de verte

    Kappend en kervend vol haat en vol nijd;

    Tallooze vaders zijn lang reeds vertrokken

    Van wenende vrouw en van snikkende kind,

    Jeugdige mannen zijn wreed’lijk onttrokken

    Aan ’t oog en aan ’t herte van het liefje bemind!

    Maar hier is ’t geen bitter en hopeloos lijden

    Zooals men op ’t akelig oorlogsveld ziet,

    Geen haat en geen wraak of geen wanhopig strijden

    Maar zonnige zoetheid die ’t herte geniet:

    ’t Is liefde hier en vuriglijk lieven en minnen,

    ’t Is trouwfeeste vieren met ouders en kind,

    ’t Is trouwen vol liefde naar hert en naar zinnen,

    ’t Is vieren een paar dat zich wederzijds mint!

    Hier hoort men de flesschen klakkend ontkorken

    In plaats van ’t geknal van ’t vernielend geschut,

    Hier hoort men als wapens de lepels en vorke,

    In ’t bord, waar elk naar verlangen uit put.

    Hier stroomen zoo zoetjes uit flesschen en kannen

    De edele wijn en het schuimende bier.

    Verblijdend de gasten, zoo vrouwen als mannen,

    In stee van het bloed door het oorelogsvier!

    Hier zoekt men niet wreedlijk het mensdom te dunnen

    Met roer en kanon en met moordende hand,

    Maar talrijke kinders het leven te gunnen,

    Vereenigd door God in een heiligen band.

    Ja eere en roem zij de dappere Belgen

    Die streden en strijden met ’t wapen in d’hand,

    Maar lof ook aan hen die door nieuwere telgen

    Bereiden en sterken de toekomst van ’t land!

    En ‘k wensch nu als tolk van ons maatschappije

    Gôe reis aan der vrienden huwelijksboot,

    Een gunstigen wind en een sluim’rende rije

    Bevrijd steeds van mijn en gevreesde duikboot,

    Dat d’ooivaar alras een koppel matroosjes

    Gelieve te schenken aan ’t minnende paar,

    Een koppelken kindjes zoo blozend als roosjes

    Met ’t herte van moeder en ’t aanzicht van vâar!

    Na hun huwelijk vestigden Maurice en Martha zich aanvankelijk in Huis van Commerce bij de ouders van Martha, waar de twee oudste kinderen geboren werden. Na de herstelling van de oorlogsschade vestigden Maurits en Martha zich vanaf 1920 In de Statie waar zij niet enkel de herberg maar ook een fruithandel en een maalderij runden. Maurice kocht zowel fruit aan bij landbouwers als bij opkopers in een 10-tal gemeenten. Dagloners hielpen vooral bij het sorteren en verpakken. In 1924 werd een dagloner vergoed aan 10 frank per dag, waarvan 4 frank in natura. Tegen 1931 was hun loon gestegen tot 20 frank per dag. Toen werd vooral fruit uitgevoerd naar Groot-Brittanië, Ierland, Denemarken en Duitsland. Het spoorwegstation speelde hierbij een belangrijke rol. In de crisisjaren 1931-32 stortte de uitvoer in elkaar en de handel werd gericht op het binnenland, vooral als toeleverancier voor de confituurfabriek Materne te Jambes, alsook naar markten te Brugge en Gent.

    Na het vroegtijdig overlijden van Maurice op 23 januari 1940, slechts 51 jaar oud en na de gedeeltelijke vernietiging van In de statie door Duitse Stuka’s op 26 mei 1940 en de herstelling tijdens hetzelfde jaar, zal Martha de zaak blijven uitbaten tot 1950. Haar dochter Jeanne trad reeds vanaf 1943 als vertegenwoordiger op in een nieuwe vestigingsplaats bij fruithandelaar Henri Denaeghel te Brugge. Zij huwde er in 1944 met de zoon, fruithandelaar Geeraart Denaeghel. Het jonge gezin Denaeghel-Martens kwam zich in 1948 te Hansbeke vestigen en nam na enige tijd de volledige leiding van de fruithandel in handen.

    Het gezin Martens-De Grauwe

    Uit het huwelijk van Maurice Martens en Martha De Grauwe werden tussen 1917 en 1927 7 kinderen geboren, waarvan er twee reeds voor hun eerste verjaardag zijn overleden. Twee zonen werden priester en één dochter trad in het klooster. De oudste dochter en de jongste zoon stichtten een gezin.

    Maurice Martens en Martha De Grauwe kregen 3 kleinkinderen Denaeghel en 2 kleinkinderen Martens. Hun 13 achterkleinkinderen dragen de familienamen Martens, Denaeghel, Dossche, Rédelé, Verledens en Lejeune.

    Personen in parenteel van Maurice MARTENS

    I.1 M MARTENS, Petrus Maurice    07-12-1888 Hansbeke   23-01-1940 Hansbeke

    I.2 V De GRAUWE, Martha          20-04-1888 Hansbeke   27-04-1980 Hansbeke

    II.1 M MARTENS, Carlos           26-02-1917 Hansbeke   17-04-1990 Nukerke

    II.3 V MARTENS, Jeanne           25-03-1918 Hansbeke

    II.2 M DENAEGHEL, Gerard         25-11-1916 Brugge 20-10-1999 Hansbeke

    III.1 M DENAEGHEL, Jackie        07-03-1945 Brugge

    III.2 V SIMOEN, Thérèse          15-08-1947 Eeklo

    IV.1 M DENAEGHEL, Jeroen         29-03-1971 Gent

    III.3 M DENAEGHEL, Jan           09-03-1946 Brugge

    III.4 V HEYSE, Monique           28-05-1949 Nazareth

    III.6 V DENAEGHEL, Anne-Marie    14-11-1948 Hansbeke

    III.5 M DOSSCHE, Albert          25-10-1943 Sint-Martens-Latem

    IV.2 V DOSSCHE, Tineke           02-06-1971 Deinze

    III.8 V DENAEGHEL, Katrien       29-12-1953 Deinze

    III.7 M RéDELé, Paul             14-05-1953 Hansbeke

    IV.3 M RéDELé, Pieter            14-06-1976 Gent

    IV.4 V RéDELé, Siska             12-10-1977 Gent

    IV.5 V RéDELé, Katrijn           28-08-1979 Gent

    IV.6 M RéDELé, Jan               15-07-1987 Gent

    III.10 V DENAEGHEL, Karolien     11-03-1957 Deinze

    III.9 M VERLEDENS, Eric          15-06-1955 Kuurne

    IV.7 V VERLEDENS, Nele           14-09-1979 Gent

    IV.8 V VERLEDENS, Liesbet        28-04-1981 Gent

    IV.9 V VERLEDENS, Barbara        12-07-1984 Gent       10-07-1985 Gent

    IV.10 V VERLEDENS, Charlotte     17-09-1986 Gent

    II.4 M MARTENS, Hector           24-04-1919 Hansbeke   23-12-1919 Hansbeke

    II.5 M MARTENS, Cyriel           30-04-1920 Hansbeke

    II.6 V MARTENS, Adèle Julia      29-12-1921 Hansbeke

    II.7 V MARTENS, Alice            06-11-1923 Hansbeke   08-03-1924 Hansbeke

    II.8 M MARTENS, Albert           07-05-1927 Gent

    II.9 V ANNé, Annie               07-04-1931 Tielrode

    III.11 M MARTENS, Peter          15-11-1954 Deinze

    III.12 V DICK, Linda             11-08-1958 Gent

    IV.11 M MARTENS, Wouter          07-11-1981 Antwerpen

    III.14 V MARTENS, Geertrui       06-10-1955 Deinze

    III.13 M LEJEUNE, Luc            11-01-1955 Gent

    IV.12 M LEJEUNE, Bart            07-12-1981 Bwandaka Congo

    IV.13 V LEJEUNE, Inge            23-09-1984 St-Amandsberg


    In Jg 2 ,nr 2 van Stam Martens brengt Carlos Martens, zoon van Maurice, een familie-anecdote uit de jaren 20, waarin zijn vader Maurice de hoofdrol speelde:

    Was hij soms ook een dichter?

    Als onze pa ’s avonds “in zijne goeien was” leerde hij ons zingen en voordragen. Hij had er een handje van weg. Ik zie ons nog zitten in die winteravonden… met drie of vier … in onze “tabbaard” en met de blote voetjes op het onderstel van de Leuvense stoof … mondjes open …want onze pa zong van “De appeltjes van het Meetjesland” of droeg voor van “De Appeldieven” of “Moederliefde” …van “Daar brandt een huis … de vlammen blaken …” … Ik wist niet waar hij het allemaal haalde … tot ik het meende te weten na de “veldslag” van die zondagavond.

    Elk jaar was er in die tijd een grote biljartprijskamp in ons café. We hadden de grootste en de beste carambole-biljart van het hele dorp. Ik was die avond grote supporter van onze pa… want met René Olivier was hij toch de beste van Hansbeke. Er was zeer veel volk in het café… spelers en kijkers. En opeens … midden een beslissende partij … oorverdovend lawaai in het achterhuis … precies inbraakgeluiden … van mensen die alles overhoop wierpen…

    Wie er het alarm gaf weet ik niet meer … maar met de overtuiging van “we zullen hem gaan hebben” stormden ze naar het achterhuis : onze pa en René Olivier … de biljartkeu onderste boven in de hand als een zware knuppel, gereed voor de veldslag … Er liepen er nog mee … René De Rooze en andere … en ik er achteraan …

    Onze pa had de moed de lichtschakelaar aan de draaien … en tussen de benen door zag ik wat ik nog nooit had gezien … een vreemde kat in huis … een rosse kater met de witte melkkan over de kop … razend geworden omdat hij niet zag in het donker … blazend en springend van links naar rechts. Hij vond blijkbaar het deurgat niet … liep tegen tafel en stoelen … had al glazen en borden omvergeworpen …

    Onze pa besloot er een kloppartij van de maken en gaf het signaal … de biljartkolven gingen de lucht in … sloegen rechts en links … erop en erneven … tot onze pa de “gelukkigste” slag gaf … met de kolf van de keu tegen de keukenlamp … donker … glasgerinkel … en geklop in het wilde … tot het lawaai stilviel … Als er kaarslicht kwam uit de nabije kamer overschouwden ze triomfantelijk het slagveld … gebroken geweerkolven … kapotte borden en glazen … omvergelopen stoelen … maar de rosse kater lag dood naast de stoof … de kop verpletterd in de melkkan …

    De biljartwedstrijd ging verder … onze pa heeft het eindspel voor de eerste plaats verloren … zijn beste keu was er immers aan …Als hij dan op één van de volgende avonden rond de stoof met een nieuw fabeltje voor de dag kwam van

    “onze kat kan ratten vangen – ja voorwaar dat kan zij fijn,

    maar ze kan ook beter langen – en dat zou niet mogen zijn”

    en lachend eindigde met “ en ze liep de trappen op – met de melkkan op de kop” dan had ik dat kinderlijk geloof dat onze pa niet alleen een goede biljartspeler was, maar ook een vlugge en goede dichter!

    In Jg 2, nr 3 van Stam Martens brengt Albert Martens, jongste zoon van Maurice, herinneringen uit de jaren 30 aan zijn vader Maurice als toneelspeler.

    Herinneringen aan mijn pa als toneelspeler

    Mijn pa was lid van de toneelbond “Willen is kunnen” te Hansbeke en, naar men zei, een goed toneelspeler zowel in een dramatische rol als in een klucht. Ons ma was minder te spreken over deze liefhebberij want onze pa was vele winteravonden uithuizig om te “repeteren”. Ik meen dat ze slechts zelden een toneelopvoering heeft bijgewoond. Toch kon ze nog hartelijk lachen om de dolle fratsen van “De Sergeant en de Recruut” waarmede Fons De Cocker als de dikke, dranklustige sergeant en ons pa als de domme, plattelandse recruut een propvolle zaal lokten.

    Van kleinsaf heb ik de toneelrollen van mijn pa meebeleefd. Ik herinner mij vaag een toneelopvoering die op me een sterke indruk heeft gemaakt. Ik en mijn zus Adèle zaten op de derde of vierde rij.Men voerde een drama op waarvan ik me de titel niet meer herinner. De acteurs droegen prachtige kostuums. Mijn pa had waarschijnlijk heel veel kwaad gesticht want in het laatste bedrijf werd hij weggeleid en achter de schermen dood geschoten. Ik meende dat het allemaal “echt” gebeurde. Ik huilde en mijn zus, die nochtans een paar jaar ouder was, weende mee. De mensen die rondom ons zaten trachtten ons te kalmeren en zeiden dat ons pa niet dood was maar ik geloofde het niet want ik had toch gezien hoe ze hem wegsleepten en ik had het geweerschot gehoord. We bleven schreien tot uiteindelijk pa genoodzaakt was “in levende lijve” ons te komen overtuigen dat het allemaal niet “echt” was geweest. Tijdens de pauze bracht hij ons vlug langs de Kattewegel naar huis.

    Ik was al heel wat groter toen ik mijn pa, thuis bij het instuderen van zijn rol, moest behulpzaam zijn als “souffleur” en tegenspeler. Ik liep toen ook mee naar de repetities in de ledige zaal waar de stoelen waren opgestapeld en we ons warmden rond een oude kachel. Ik meen dat mijn pa me niet altijd graag meenam want hij moest dan wel altijd seffens na de repetitie met mij naar huis komen. Op het theater met een scheve tafel en wat stoelen werden de toneelstukken ingespeeld, de eerste avonden met het boekje in de hand omdat men de tekst nog niet uit het hoofd kende. Ik leerde er de spelers van dichtbij kennen: Gaston Geiregat die het spel van zijn medemaat corrigeerde en zelf meestal de rol van de “slechterik” uit het stuk speelde, René De Boever in zijn “oude mannetjes” rollen, Gerard Van Hove als knecht met de eeuwige vaagborstel, Alfons De Cocker als cafébaas die bijna nooit zijn tekst kon en dan maar improviseerde, Pol Bockaert als de “champetter” van het dorp, en nog veel anderen.

    Meester Snellings, die als koster de openingszang aanleerde, zat meestal in de “souffleurbak” onder de theatervloer. In de zaal kon men hem soms horen als hij nadrukkelijk de tekst voorzegde als iemand haperde. Zo herinner ik me dat ons pa in een drama op een bepaald ogenblik moest uitroepen “Het ligt me als een steen op het hart” terwijl hij daarbij, zoals het was aangeleerd, een toelichtend gebaar moest maken. Tijdens de zondagsvertoning beging ons pa echter een fout. Hij stond “bot” op zijn tekst en zei tot tweemaal toe: “Het ligt me als een steen … als een steen …” maar bleef steken niettegenstaande hij reeds met de linkerhand op zijn hart drukte terwijl hij met zijn rechterduim wanhopig naar de souffleur knipte. Thuis hebben we hierom dikwijls gelachen, met de linkerhand op ons hart en met de rechterduim knippend terwijl we zeiden “Het ligt als een steen … als een steen…”.

    Eens heb ik, in 1935, zelf medegespeeld in een drama “Broederhaat”. Mijn pa was toen voor één keer mijn grootvader terwijl Octaaf Martens mijn vader en Gaston Geiregat mijn “slechte” oom was die in het tweede bedrijf ons hoeve in brand stak. Omdat ik er bleek en geschrokken moest uitzien werd ik door de grimeur witgepoeierd. We waren het brandende huis uitgevlucht en kwamen in mijn grootvader’s woonkamer binnengelopen toen ik opeens moest vragen “Vader, vader, waar is moeder?” zodat mijn vader plots tot het besef kwam dat zijn vrouw in het ineenstortende huis achtergebleven en levend verbrand was.

    Toneelspelen was voor ons pa telkens een ware belevenis. Hij deed het graag en zag graag anderen spelen. Toen ik met mijn schoolmakkers René Eggerick en Laurent Lawaisse na de grote kermis te Hansbeke met het achtergebleven zaagmeel van circus Minnaert en met fruitbakken in ons magazijn een “piste” had aangelegd waarin we clown speelden, heb ik mijn pa een paar keren betrapt toen hij ons glimlachend door de deurkier gadesloeg en wellicht in zijn binnenste een “kriebelingske” gevoelde om met ons mede te spelen.

    Drie roepingen in één gezin

    Carlos Martens, de oudste zoon van Maurice, werd geboren te Hansbeke op 26 februari 1917 en werd priester gewijd te Gent op 20 april 1941.Zijn vader was het jaar voordien overleden. Aanvankelijk werd hij leraar aan het Sint-Jozef Klein Seminarie te St Niklaas(1941-1942) en aan het St Vincentiuscollege te Eeklo(1942-1949). Nadien werd hij onderpastoor te Zele(1949-1956) en te Oudenaarde(1956-1958)en pastoor te Hundelgem(1958-1965), Munkzwalm(1956-1958) en te Elsegem(1973-1984) waar hij om gezondheidredenen ontslag nam. Hij overleed als pastoor-emeritus te Nukerke(Maarkedal) op 17 april 1990. Hij had een vlotte en poëtische pen.

    Cyriel Martens werd geboren te Hansbeke op 30 april 1920 en werd priester gewijd te Gent op 16 april 1944. Hij werd kandidaat wiskunde aan de KULeuven(1946) en leraar wiskunde aan het Sint-Antonius College te Ronse (1946-1980).In 1966 werd hij bovendien aalmoezenier in de rust- en verzorgingstehuizen “De Samaritaan” en “Jericho” te Nukerke. Door zijn tussenkomst studeerden meerdere Hansbeekse kinderen te Ronse. Laurent Martens werd gedurende 6 jaar, van 1950 tot 1956, intern aan datzelfde college en kon er ervaren dat Cyriel een uitstekend wiskunde-leraar was. In 1962 zal Cyriel, samen met zijn broer Carlos, te Oostakker het huwelijk van zijn oud-leerling Laurent Martens met Josette De Backer inzegenen.

    Huwelijk van Laurent Martens en Josette De Backer ingezegend door Cyriel Martens

    Adèle is op 7 november 1956 in het klooster getreden,gevolgd door haar professie op 15 mei 1959. Na missioneringswerk is zij later teruggekeerd naar Hansbeke om er haar moeder Martha De Grauwe tijdens haar laatste levensjaren te verzorgen. In Stam Martens Jg 3 nr 2 verscheen onderstaand artikel van Albert Martens .

    Adèle Martens, missiezuster

    Adèle Julia Martens, dochter van Maurice en Martha De Grauwe, kleindochter van Joannes Martens en Leonie De Vreese, werd te Hansbeke op 29 december 1921 geboren in het ouderlijk huis, thans molenhuis, aan het station. Ze werd er op 30 december gedoopt door onderpastoor A. De Laere. Jules Vandereviere, verwante langs moeders zijde, was peter en Adèle Martens, haar tante langs vaders zijde, werd meter. Ze doorliep het lager onderwijs in de Vrije Meisjesschool der Zusters Franciscanessen te Hansbeke en vatte daarna de studies aan voor froebelonderwijzeres in de Normaalschool der O.L. Vrouw Presentatie te St Niklaas, waar ze haar einddiploma behaalde op 15 juli 1939. Tot aan het uitbreken van de tweede wereldoorlog in mei 1940 was ze gezelschapsdame bij de advocatenfamilie De Guchteneer-Wambacq te Laken en tijdens de moeilijke oorlogsjaren was zij achteréénvolgens interimaris te Petegem-Deinze, Bellem en Aalter(-Brug). In 1944 werd ze als froebelonderwijzeres vast benoemd aan de Vrije Meisjesschool te Maria-Aalter waar ze gedurende 10 jaar

    onderwees. In 1954 werd ze vast benoemd aan de Vrije Meisjesschool in haar geboortedorp Hansbeke.

    Na haar tweede bedevaart naar Lourdes in de zomer van 1956 maakte ze haar late roeping tot missiezuster bekend. Ze trad op zondag 7 november 1956 in het missiehuis “De Jacht” van de Zusters Missionarissen van St Augustinus te Heverlee en werd er gekleed op 14 mei 1957. De professie tot zuster Marie Carlos vond er plaats op 15 mei 1959.

    Na een korte verlofperiode in familiekring te Hansbeke vertrok ze te Rotterdam op 24 juli 1959 met de Maasdam van de Holland America Line naar New-York, waar ze aankwam op 3 augustus 1959. Ze verbleef gedurende ruim een jaar in het convent te Yonkers waar ze de gelegenheid had de Engelse taal grondig aan te leren, te schrijven en te spreken. Op woensdag 29 maart 1961 vertrok Sister Marie Carlos naar Christiansted op het eiland St Croix, Virgin Islands, waar ze de inlandse kinderen in de St Mary’s School onderwees. In de kapel van het klooster te Christiansted deed ze de Hernieuwing van de Geloften op 15 mei 1962.

    Op 15 november 1964 vertrok ze naar Roseau op het eilandje Dominica, West Indies, waar ze sociaal werk verrichtte en in de St Martinusschool ongeveer 500 meisjes, tussen 5 en 8 jaar, onderwees. Ze legde in de kapel van het klooster te Roseau haar eeuwige geloften af op 15 mei 1965. Zuster Carlos kwam in verlof, na omstreeks 10 jaar afwezigheid, op zaterdag 1 februari 1969. Ze landde per vliegtuig Loftleidir van de Icelandic Airlines op het vliegveld van Luxemburg. Ze verbleef gedurende 7 maand in België en in familiekring en reisde voor de tweede maal af naar haar missiepost op zaterdag 6 september 1969. In Stam Martens, Jg 1,nr 2, beschrijft Carlos Martens kleurrijk deze afreis uit Luxemburg, alsook het begeleidend gezelschap: mama Martha, oudere zus Jeanne, broers Carlos, Cyriel en Albert, en neef Peter. Vanaf maandag 7 september 1970 oefende Adèle haar apostolaat uit in het stadje Plymouth op het eilandje Montserrat van de Kleine Antillen.

    Met pauselijke toelating van 3 februari 1988 is Adèle overgegaan naar het seculier Edward Poppe-Instituut, Apostelenhuizen Gent.

    Jeanne Martens

    Jeanne huwde met Gerard Denaeghel uit St Pieters Brugge. Zij vestigden zich te Hansbeke-dorp, aanvankelijk aan de steenweg op Merendree en vervolgens in de Nevelestraat, en zetten de groothandel in fruit van vader Maurice Martens verder. Ze kregen twee zonen en drie dochters. De oudste zoon Jan Denaeghel werd geboren te Brugge maar groeide op te Hansbeke en werd intern op het Sint-Antoniuscollege te Ronse. Na studies regent en ontwikkelingswerk in Congo, werd hij leraar wiskunde aan het zelfde Sint-Antoniuscollege waar ook zijn oom Cyriel en zijn oom Albert(deeltijds) leraar waren en waar Laurent Martens zijn humaniora had doorlopen. Hun eerste kleinkinderen, Jeroen Denaeghel en Tineke Dossche werden geboren in 1971. Dit zijn de oudste achterkleinkinderen van Maurice Martens en Martha De Grauwe. Meteen was er een vrouwelijk viergeslacht: Martha De Grauwe – Jeanne Martens – Anne-Marie Denaeghel – Tineke Dossche.

    Albert Martens

    De jongste zoon Albert Martens, geboren te Hansbeke op 13 augustus 1925, behaalde het diploma van burgerlijk ingenieur aan de KULeuven en trad op 1 augustus 1953 te Tielrode in het huwelijk met Annie Anné, dochter van Norbert en Julia Croket. Albert specialiseerde zich in de grondmechanica en was werkzaam in de diensten van het Ministerie van Openbare Werken, gevestigd binnen de Universiteit Gent. Hij gaf ook deeltijds les aan het St Antonius College te Ronse.

    Albert en Annie woonden vele jaren te De Pinte en hun kinderen Peter en Geertrui werden geboren te Deinze. Pas later hebben zij zich te Gent gevestigd.

    Albert Martens is de bezielende kracht achter omvangrijk opzoekingswerk betreffende de families Martens. Van 1969 tot 1971 publiceerde Albert het familieblad “Stam Martens”. Verder schreef hij een bijzonder uitgebreide reeks artikelen voor talrijke heemkundige tijdschriften.

    In “Mensen van Toen” Jg 3 nr 3, publiceerde Albert Martens ondermeer een artikel met de voorouderreeks van zijn kleinzoon Wouter Martens.

    Peter, enige zoon van Albert en Annie Anné, huwde op 4 juli 1978 te De Pinte met Linda Dick, dochter van Adolf en Jeanine Ronsmans. Hun enige zoon Wouter werd op 7 november 1981 geboren te Antwerpen. Joannes Martens(1867-1920) is de betovergrootvader van Wouter in mannelijke lijn. Petrus Martens(1810-1900) en Eugenie Coddens(1836-1898) zijn zijn oud-ouders. Bij zijn geboorte in 1981 was Peter de enige naamdrager Martens, dus in directe mannelijke lijn , die in de zesde generatie afstamde van Petrus. In 2006 is Peter de enige naamdrager in direkte mannelijke lijn als vijfde generatie t.o.v zijn betovergrootouders Joannes Martens, zoon van Petrus, en Leonie De Vreese.

    Vertrekkend van Petrus Martens en Eugenie Coddens als oud-ouders zijn in 2006 naast Wouter Martens nog zeker drie naamdragers Martens in de zesde generatie in directe mannelijke lijn: Simon(°1987) , Fil(°2002) en Tuur(°2002) Martens, kinderen van Karl en Lieve Cornelis en kleinkinderen van Laurent en Josette De Backer.

    Petrus Martens (1810-1900)    X     Eugenie Coddens (1836-1898)

                              28-01-1864

     Joannes(1867-1920)                   Emiel (1871-1955)

     Maurits(1888-1940)                   Marcel(1903-1989)

     Albert (°1927)                       Laurent(°1938)

     Peter (°1954)                        Karl (°1965)

     Wouter (°1981)                       Simon (°1997)

                                          Fil (°2002)

                                          Tuur (°2002)

    6.4.3 Adèle Martens (1891-1948 ) dv Joannes en afstammelingen

    Adèle Maria Bertha Martens werd op 11 februari 1891 te Hansbeke geboren. Haar broer Maurice was toen 2 jaar oud. Precies één jaar later werd haar zus Bertha geboren en nog een jaar later haar jongste zus Clara. Adèle was 25 toen zij op 14 december 1916 huwde met de 30-jarige Hector François Gyselbrecht, 7 maanden na het huwelijk van haar broer Maurice. Hector was weduwnaar van Adelaide Ackx. Hector was toen hotelier in La Cloche, een koffie- en logementshuis op de hoek van de Limburgstraat met de Langekruisstraat aan de Sint-Baafskathedraal te Gent.

    Adèle en Hector kregen twee dochters en een zoon die geboren werden en opgroeiden te Gent. Simonne huwde met Leo Marivoet en kreeg twee kinderen. Paula huwde met de Gentenaar André Moens en kreeg er eveneens twee kinderen. Aimé Gyselbrecht trouwde met Josette Henrotay van Etterbeek en kreeg drie zonen en een dochter die geboren werden te Gent. Tot ver in de jaren vijftig zakte Hector, weduwnaar sinds 1948, regelmatig af naar Hansbeke en kwam hij ook op bezoek naar Goed ter Elst. Wanneer hij in 1957 overleed hadden zijn kinderen de beroepsactiviteiten in Cour St Georges of Sint Jorishof reeds overgenomen en had hij 7 kleinkinderen.

    Personen in parenteel van Carolus Ludovicus GYSELBRECHT

    I.1 M GYSELBRECHT, Carolus L.

    I.2 V HEYE, Marie Ludovica

    II.1 M GYSELBRECHT, Hector         27-12-1886 Aalter    09-01-1957 Gent

    II.2 V ACKX, Adelaide Francisca

    II.3 V MARTENS, Adèle M.B.         11-02-1891 Hansbeke  08-05-1948 Gent

    III.2 V GYSELBRECHT, Simonne       17-09-1917 Gent

    III.1 M MARIVOET, Leo              07-04-1912 Asse      05-03-1953

    IV.1 M MARIVOET, Edward            17-06-1941 Gent

    IV.2 V GILSON, Nadine              08-03-1944 Gent

    V.1 M MARIVOET, Luc                19-08-1963 Gent

    V.2 M MARIVOET, Thierry            13-05-1968 Gent

    IV.4 V MARIVOET, Marie-Thérèse     23-06-1944 Gent

    IV.3 M De BAETS, Marnix            02-08-1940 Ede,Nederland

    V.3 V De BAETS, Katrien            14-10-1964 Gent

    III.4 V GYSELBRECHT, Paula         08-05-1920 Gent

    III.3 M MOENS, André               08-04-1909 Gent

    IV.5 M MOENS, Jan                  30-09-1941 Gent

    IV.6 V Van LOO, Veronique          13-08-1948 Eeklo

    V.4 V MOENS, Isabelle              30-08-1969 Gent

    IV.8 V MOENS, Anne-Marie           21-05-1943 Gent

    IV.7 M WALRAEDT, Jean              02-02-1938 Etterbeek

    V.5 M WALRAEDT, Philippe           31-05-1966 Gent

    III.5 M GYSELBRECHT, Aimé          19-12-1923 Gent

    III.6 V HENROTAY, Josette          23-04-1924 Etterbeek

    IV.9 M GYSELBRECHT, Patrick        19-02-1948 Gent

    IV.10 V GYSELBRECHT, Martine       11-04-1949 Gent

    IV.11 M GYSELBRECHT, Philippe      21-04-1952 Gent

    IV.12 M GYSELBRECHT, Alain         09-11-1959 Gent

    Het Sint Jorishof, oudste hotel te Gent en eigendom van de stad, gelegen tegenover het Gentse stadhuis in de Borluutstraat, werd sinds 1934 beheerd door Hector Gyselbrecht. In 1940 stichtte hij samen met zijn vrouw Adèle en zijn oudste dochter Simonne een personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid voor het beheer van Cour St Georges. Na het overlijden van Adèle Martens werd zijn tweede dochter Paula vennoot en zoon Aimé werd vennoot na het overlijden van zijn vader. In 1970 waren de aandelen volledig in handen van de gezusters Simonne en Paula Gyselbrecht, respectievelijk gehuwd met wijlen Leo Marivoet, ingenieur, en André Moens, oogarts. Beiden woonden dichtbij het hotel in prachtige oude patriciershuizen, respectievelijk Hoogpoort 46 en Borluutstraat 7(bijlage 6.3).

    Aimé Gyselbrecht werd de belangrijkste aandeelhouder, alsook afgevaardigd-bestuurder en directeur van het Europahotel te Gent, dat geopend werd op donderdag 22 mei 1969. De directie van het hotel berustte toen bij het echtpaar Aimé Gyselbrecht-Josette Henrotay, zoon en schoondochter van wijlen Hector Gyselbrecht en Adèle Martens. Jan Moens,zoon van André Moens en Paula Gyselbrecht,werd op 1 april 1969 directeur van het hotel-restaurant “Esso Motor” te Casteau, nabij de plaats waar in 1968 de Navo-basis werd opgericht.

    De 12 kleinkinderen en aangetrouwde kleinkinderen van Adèle Martens en Hector Gyselbrecht dragen de familienamen De Baets, Gilson,Gyselbrecht, Marivoet, Moens, en Walraedt.

    6.4.3 Bertha Martens (1892-1969 ) dv Joannes en afstammelingen

    Bertha Martens werd geboren en groeide op te Hansbeke in de afspanning In de Statie. Zij was 26 jaar oud toen de afspanning aan het einde van de eerste wereldoorlog zwaar beschadigd werd en toen zij met haar ouders naar Gent ging wonen, bij haar getrouwde zus Adèle. In de Vlaanderenstraat heeft ze met haar ouders enige tijd een koffiehuis uitgebaat. Op 15 november 1923 huwde ze te Gent met Alberic Ghyselinck, brouwer afkomstig van Oosterzele. De brouwerij stond in de St Lievensstraat te Gent. Later werden ze handelsagenten van de brouwerij Concordia te Geraardsbergen en betrokken dan het depothuis langs de Brusselse steenweg nabij het Arsenaal te Gent. Hun enige zoon Albert kreeg drie zonen uit zijn huwelijk met Liliane De Bruycker.

    Personen in parenteel van Alberic GHYSELINCK

    I.1 M GHYSELINCK, Alberic    15-12-1886 Oosterzele   14-03-1936 Gentbrugge

    I.2 V MARTENS, Bertha        14-02-1892 Hansbeke     10-09-1969 Gentbrugge

    II.1 M GHYSELINCK, Albert    07-05-1927 Gent

    II.2 V De BRUYCKER, Liliane  04-04-1931 Gent

    III.1 M GHYSELINCK, Marc     18-08-1949 Gent

    III.2 M GHYSELINCK, Guy      26-04-1952 Gent

    III.3 M GHYSELINCK, Dirk     16-05-1957 Gent

    In “Stam Martens” Jg 1, nr 1 schetste Albert Martens een kenmerkend beeld van zijn tante Bertha.

    Ten huize van . . . Bertha Martens

    Ik had het in mijn paperassen nagepluisd en tot mijn verrassing vastgesteld dat tante Bertha, jongste zuster van mijn vader Maurice, dochter van Joannes Petrus en Leonie De Vreese, de oudste genaamde Martens in leven is. Ze woont op de bovenverdieping van een prachtige villa met een brede groene tuin, ge

    08-08-2007 om 15:49 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.6.3. Maria Philomena Martens (1864-1950)

    6.3 Maria Philomena Martens (1864-1950 ) dv Petrus en afstammelingen

    6.3.1 Haar jeugd en huwelijk met Serafien Van Vynckt

    De oudste dochter van Petrus Martens en Eugenie Coddens werd op 29 april 1864 geboren op De Meren te Hansbeke, slechts 3 maand na het huwelijk van haar ouders. Zij kreeg de namen Maria Philomena Pauline Martens.

    Tussen 1865 en 1877 werden nog vijf broers en twee zussen geboren. Toen zij in 1882 huwde, pas 18 jaar oud, was haar vader Petrus reeds 72 jaar oud en haar moeder Eugenie slechts 46. De broertjes en zussen van Maria waren tussen 17 en 5 jaar. Vijf jaar later, in 1887, zou haar oudste broer Henri overlijden en zou de volgende broer, Petrus-Joannes, eveneens in het huwelijk treden.

    Het blijft onduidelijk hoe het gebeurd is dat op 26 september 1882 de 18-jarige Maria Martens in het huwelijk is getreden met de 60-jarige Serafien August Van Vynckt. Had zij thuis vastgesteld dat het grote leeftijdsverschil tussen haar vader en haar moeder een goed huwelijk niet in de weg stond, zodat zij zich niet liet afschrikken van een echtgenoot die maar liefst 42 jaar ouder was dan zijzelf, of mikte zij zo vroeg op een ruime erfenis? Klopt het verhaal dat Serafien Van Vynckt Maria Martens reeds kende toen zij nog in de wieg lag en dat hij toen reeds aan haar vader Petrus zou gezegd hebben dat hij er later mee zou trouwen?

    De vader van Maria zal wel goed vertrouwd geweest zijn met de familiale toestand van zijn aanstaande schoonzoon , de grondeigenaar en rentenier Serafien Van Vynckt, zoals beschreven in vorig hoofdstuk(5.5.2). Zijn grootmoeder Maria Catharina Martens, echtgenote van Pieter Van Vynckt, was een dochter van Carolus Martens. Zijn vader Carolus Van Vynckt had uit een eerste huwelijk met Carolina Martens, dochter van Jacobus, slechts twee oudere ongehuwde kinderen in leven. Serafien was de enige trouwende afstammeling uit het tweede huwelijk van zijn vader met de bemiddelde Theresia Lippens uit Ursel. Toen Serafien trouwde waren zijn ouders reeds overleden .

    Op 7 juli 1884 kregen Maria en Serafien een eerste zoon René, op 9 juni 1986 gevolgd door de geboorte van Charles. Dit zijn de oudste kleinzonen van Petrus Martens. Op 24 october van dat jaar werd Serafien samen met zijn schoonvader Petrus Martens mede-eigenaar van Goed ter Elst. Het jaar daarop, bij de gemeenteraadsverkiezingen van 16 october 1887, werd Petrus Martens, schoonvader van Serafien, niet verkozen op zijn éénpersoonslijst. De nieuwkomer en schoonzoon Serafien Van Vynckt, afkomstig uit Bellem, werd wel verkozen op de lijst met Pieter-Jan De Muynck, die eerste schepen werd. Charles-Louis Hanssens werd eveneens verkozen op dezelfde lijst. Emiel Hanssens, de zoon van Charles-Louis zijn broer Bruno, zal in 1893 de tweede echtgenoot worden van Maria Martens. August Aimé De Muynck, zoon van eerste schepen Pieter-Jan, zal in 1903 trouwen met Irma Martens, dochter van Petrus.

    Op 5 maart 1890 overleed Serafien Van Vynckt op 67-jarige leeftijd en kwam een einde aan zijn politiek mandaat. Op 14 september 1893 zal zijn weduwe Maria Martens door de voorouderlijke verdelingsakte van haar vader Petrus volledig eigenaar worden van Goed ter Elst.

    Personen in genealogie van Serafien Augustus Van VYNCKT en Maria MARTENS

    I.1 M Van VYNCKT, Serafien 14-09-1822 Bellem     05-03-1890 Hansbeke

    I.2 V MARTENS, Maria P.P.  29-04-1864 Hansbeke   05-12-1950 Hansbeke

    II.1 M Van VYNCKT, René    07-07-1884 Hansbeke   14-04-1949 Gent

    II.2 V CLAERHOUT, Louise   17-05-1889 Lotenhulle 06-10-1961 Gent

    III.1 M Van VYNCKT, Henri  28-07-1912 Gent

    III.2 V D'HAENENS, Elisab. 05-03-1915 Sint-Denijs-Westrem

    IV.1 M Van VYNCKT, Pierre  05-05-1953 Gent

    IV.2 V Van VYNCKT, Marie L.25-10-1954 Gent

    III.3 M Van VYNCKT, Carlo  24-11-1913 Gent

    III.4 V DELAHAYE, Micheline22-12-1921 Oostakker

    IV.3 V Van VYNCKT, Renée   08-11-1952 Gent

    IV.4 V Van VYNCKT, Cécile  10-04-1954 Gent

    III.5 M Van VYNCKT, Albert 13-06-1915 Gent

    III.6 M Van VYNCKT, Léon   12-11-1916 Gent

    III.7 V DELIE, Henriette   19-01-1915 Gent

    IV.5 M Van VYNCKT, Marc    05-06-1947 Gent

    IV.6 M Van VYNCKT, Christ. 19-02-1949 Gent

    IV.7 M Van VYNCKT, Guy     25-02-1951 Gent

    IV.8 V Van VYNCKT, Colette 15-02-1954 Gent

    III.8 V Van VYNCKT, Marie-L30-09-1921 Gent       04-10-1930 Gent

    III.10 V Van VYNCKT, Jeanne21-12-1924 Gent

    III.9 M DELIE, Jean        24-12-1913 Gent

    IV.9 M DELIE, Martine      11-06-1949 Gent

    IV.10 M DELIE, Yvan        01-07-1951 Gent

    IV.11 M DELIE, François    15-05-1955 Gent

    IV.12 V DELIE, Anne        15-10-1958 Gent

    II.3 M Van VYNCKT, Charles 09-05-1886 Hansbeke 03-11-1973 Hansbeke

    Maria was slechts 26 jaar, maar reeds welstellend, wanneer zij alleen achterbleef met haar zoontjes René, 6 jaar, en Charles, 4 jaar. Zij waren 9 en 7 jaar oud wanneer hun moeder opnieuw in het huwelijk trad. Haar zoon Charles bleef vrijgezel en is steeds bij zijn moeder blijven wonen tot aan haar overlijden in 1950. Hij had de studies voor dierenarts aangevat maar niet beëindigd en beheerde de familiale eigendommen. Na het overlijden van Maria Martens werd Charles ondermeer eigenaar van Goed ter Elst. Zoals zijn vader had Charles Van Vynckt belangstelling voor de gemeentepolitiek en had van 1912 tot 1958 ononderbroken zitting in de gemeenteraad, dus vanaf de leeftijd van 26 tot 72 jaar. Van 1921 tot 1946 was hij zelfs zonder onderbreking schepen. Hij werd voor het eerst verkozen bij de raadsverkiezingen van 15 october 1911 en bleef in de raad tijdens de oorlog 1914-1918, waarvoor hij blijkbaar niet opgeroepen werd. Na de invoering van het algemeen enkelvoudig stemrecht behaalde hij voor de verkiezingen van 24 april 1921 122 stemmen, dit is meer dan zijn lijsttrekker burgemeester Bauduyn de Bousies. Hoewel hij slechts 35 jaar was, werd hij tweede schepen. Bij de verkiezingen van 10 october 1926 kon hij inzake voorkeurstemmen niet op tegen de rijzende ster Baziel Muys, kandidaat van de Boerenbond. Toch behield hij zijn mandaat van schepen onder de burgemeester Antoine de Bousies-Borluut.

    Na de verkiezingen van 16 october 1938 werd Charles zelfs eerste schepen en moest de 49-jarige Baziel Muys bij staking van stemmen voor het ambt van tweede schepen de duimen leggen tegen de 66-jarige brouwer Honoré Van Hecke. Ook tijdens de tweede wereldoorlog kon Charles zich als schepen handhaven. Bij de verkiezingen van 24 november 1946 zal een afzonderlijke lijst van Baziel Muys de meerderheid halen, zodat de herkozen Charles Van Vynckt zijn schepen-ambt verloor. Bij de daaropvolgende verkiezingen werd Charles lijsttrekker van de oppositie, maar de meerderheid werd nog versterkt. Het zal pas in 1958 zijn, wanneer Charles niet meer meespeelde, dat zijn neven Marcel Martens en Raymond Verhelst de meerderheid hielpen breken en nadien schepen werden. Charles overleed te Hansbeke op 3 november 1973, 87 jaar oud. Hij was alleen blijven wonen in het ouderlijk huis, samen met een huishoudster.

    De oudste zoon René Van Vynckt was kandidaat-notaris. Hij huwde op 3 augustus 1911 te Bellem met de 22-jarige Louise Claerhout, dochter van Henri en Leonie De Schuyter (verwant met Pieter Josef De Schuyter en Eugenie Martens) en vestigde zich te Gent als wisselagent. Zij kregen 4 zonen en 2 dochters die allen te Gent geboren werden. Zoon Albert werd jezuit en missionaris in Congo, o.m. aan het “Institut Christ-Roi” te Lenfu. Dochter Marie-Louise was slechts 9 jaar toen zij overleed. René kreeg 12 kleinkinderen. Voor Maria Martens waren dit 12 achterkleinkinderen uit de stam Van Vynckt.

    Henri Van Vynckt, zoon van René, was 40 jaar wanneer hij op 12 juli 1952 te Sint-Denijs-Westrem huwde met Elisabeth D’Haenens. Hij volgde zijn vader op als wisselagent te Gent en onderhield contacten met de familie Martens te Hansbeke, vooral om geldzaken te regelen. Twee andere zonen van René en kleinzonen van Maria, werden arts: Carlo die op 30 november 1950 te Gent huwde met Micheline Delahaye en lange jaren de kliniek De Winne aan de Coupure leidde, en Léon die op 3 augustus 1946 in het huwelijk trad met Henriette Delie. Ook kleinzoon Christian werd arts en kleinzoon Guy behaalde het diploma van burgerlijk ingenieur. Jeanne Van Vynckt, jongste dochter van René, was reeds op 29 april 1948 te Gent gehuwd met Jean Delie, geneesheer-specialist en broer van Henriette.

    Deze familietak woonde te Gent, deed universitaire studies en werd grotendeels verfransd. Vooral Carlo Van Vynckt en zijn echtgenote Micheline Delahaye en later hun dochters Renée en Cécile, behielden na het overlijden van hun grootmoeder en overgrootmoeder Maria Martens en van haar zoon Charles Van Vynckt en na de verkoop van Goed ter Elst nog regelmatig contact met de familie Martens te Hansbeke, in het bijzonder door hun buitenverblijf gelegen naast Goed ter Elst.

    6.3.2 Tweede huwelijk met Emiel Hanssens

    Op 12 januari 1893, bijna 3 jaar na het overlijden van Serafien Van Vynckt, hertrouwde Maria, nu met haar leeftijdsgenoot Emiel Hanssens, zoon van Bruno en Rosalie Heyde. Haar beide ouders leefden toen nog. Emiel Hanssens stamde eveneens uit een begoede familie en was de enige erfgenaam in zijn tak van de familie Hanssens. In zijn huwelijksakte werd als beroep grondeigenaar vermeld. In hoofdstuk V worden zijn voorouders uit de XIXe eeuw besproken, met vader Bruno, grootvader August en overgrootvader Josef. In de voorouderlijke verdelingsakte van zijn schoonvader Petrus op 14 september 1893 wordt de toen 31-jarige Emiel Hanssens vermeld als grondeigenaar zonder beroep. Zijn echtgenote Maria was 3 maanden voor de geboorte van hun dochter Anna Hanssens goed bij kas vermits zij een aanzienlijk deel van de onroerende goederen van haar vader aanvaardde en haar 6 jongere broers en zussen gedeeltelijk cash uitbetaalde (bijlage 5.5).

    Sinds 1849 zetelden drie opeenvolgende generaties Hanssens in de Hansbeekse gemeenteraad. Grootvader August was zowel voor als na Maria’s vader Petrus schepen geweest. Oom Charles-Louis was raadslid toen Emiel en Maria trouwden. Drie jaar na zijn huwelijk werd ook de grondeigenaar Emiel Hanssens raadslid en bleef dit van 1986 tot aan zijn overlijden in 1909. Drie jaar later, bij de eerstvolgende raadsverkiezingen, zou hij opgevolgd worden door zijn stiefzoon Charles Van Vynckt.

    Een kwartierstaat met 6 generaties toont aan dat Emiel Hanssens en Maria Martens in de XVIIIe eeuw gemeenschappelijke voorouders hadden: Joannes Martens en Maria Francisca De Brauwer. Joannes Martens en Maria Francisca De Brauwer waren bovendien verwant met Serafien Van Vynckt, de eerste echtgenoot van Maria Martens. Carolina Martens, eerste echtgenote van Serafien’s vader Karel-Frans, was immers een kleindochter van dezelfde Joannes Martens.

                   Joannes Martens x Maria De Brauwer

    Judocus Maenhout x Norbertina Martens   Carel Martens  x Maria R Sutterman

    August Hanssens  x Carola Maenhout      Petrus Martens x Eugenie Coddens

    Bruno Hanssens   x Rosalie Heyde

                  Emiel Hanssens      x         Maria Martens



    Personen in parenteel van Emiel HANSSENS en Maria MARTENS

    I.1 M HANSSENS, Emiel          12-12-1862 Hansbeke   08-04-1909 Hansbeke

    I.2 V MARTENS, Maria P.P.      29-04-1864 Hansbeke   05-12-1950 Hansbeke

    II.2 V HANSSENS, Anna          16-12-1893 Hansbeke   22-06-1949 Gent

    II.1 M DASSONVILLE, Victor     02-04-1896 Gent       14-02-1966 Knokke

    III.1 M DASSONVILLE, Paul      23-11-1924 Gent

    III.2 V MONNIER, Marie-Louise  25-09-1922 Tournai

    IV.1 V DASSONVILLE, Marie-Paule29-12-1956 Tournai

    II.4 V HANSSENS, Irène         02-04-1895 Hansbeke

    II.3 M Van ACKER, Charles-Lo.  22-04-1894 St Ghislain

    III.4 V Van ACKER, Marie-Louise01-06-1928 Gent

    III.5 M Van ACKER, Edmond      18-06-1929 Gent

    III.6 V Van DAMME, Suzanne     16-02-1930 Zaffelare

    IV.2 M Van ACKER, Philippe     21-08-1960 Gent

    IV.3 M Van ACKER, Charles-Louis07-03-1962 Gent

    II.5 M HANSSENS, Leon          21-12-1897 Hansbeke    22-08-1958 Rymenam

    II.6 V MASSART, Rose           25-08-1896 Sint Joost  08-04-1969 Etterbeek

    III.8 V HANSSENS, Louise-Marie 16-02-1924 Etterbeek

    III.7 M DUMOULIN, Alfred       06-12-1923 Seraing

    IV.4 M DUMOULIN, Philippe      29-07-1954 Crehen

    III.9 M HANSSENS, Carlo        05-09-1925 Etterbeek

    III.10 V NEHORAY, Nelly        21-09-1926 Ukkel

    IV.5 V HANSSENS, Chantal       30-10-1950 Ukkel

    IV.6 M HANSSENS, Bruno         20-04-1957 Schaarbeek

    IV.7 V HANSSENS, Muriel        21-11-1958 Schaarbeek

    IV.8 M HANSSENS, Carlo         10-03-1960 Schaarbeek

    IV.9 M HANSSENS, Daniel        30-04-1963 Schaarbeek

    IV.10 M HANSSENS, Eric         21-11-1964 Schaarbeek

    II.7 M HANSSENS, Robert        04-06-1899 Hansbeke     15-01-1900 Hansbeke

    Minder dan een jaar na het huwelijk van Maria met Emiel Hanssens werd hun dochter Anna geboren. Anna was 30 jaar oud toen zij op 17 november 1923 te Hansbeke in het huwelijk trad met de te Gent geboren Victor Dassonville, zoon van Victor en Hortensia Farvaque. Hun enige zoon Paul huwde te Doornik op 25 juni 1955 en vestigde zich aldaar.

    Dochter Irène trouwde op 15 mei 1926 te Hansbeke met Louis Van Acker, zoon van Carolus Ludovicus en Marie Kohlis. Zij kregen een dochter die apotheker werd en ongehuwd bleef, en een zoon Edmond die op 15 september 1956 te Zaffelare huwde met Suzanne Van Damme. Uit dit huwelijk werden 2 kinderen geboren te Gent.

    Leon Hanssens werd beroepsofficier en huwde op 3 april 1923 te Etterbeek met Rose Massart. Uit het huwelijk van hun dochter Louise-Marie met de arts Alfred Dumoulin te Etterbeek op 16 juni 1950 werd een zoon geboren. Hun zoon Carlo Hanssens werd geneesheer-specialist en huwde op 3 november 1949 met Nelly Nehoray. Zij kregen 6 kinderen.

    Door haar tweede huwelijk kreeg Maria Martens nog 4 kinderen, 5 kleinkinderen en 10 achterkleinkinderen, wat samen met de afstammelingen uit het eerste huwelijk in totaal 11 kleinkinderen en 22 achterkleinkinderen opleverde, waarvan geen enkel te Hansbeke is blijven of komen wonen. Ook deze afstammelingen werden grotendeels verfranst.

    Op 14 februari 1901 was de 38-jarige Emiel Hanssens getuige bij het huwelijk van zijn schoonbroer Emiel Martens met Emma Mestdagh. In mei 1908, minder dan een jaar voor zijn overlijden, werd Emiel Hanssens met grote sier dooppeter van Laurent De Waele. Deze broer van Maria De Waele, de latere echtgenote van Marcel Martens, was een zoon van M. Virginie Hanssens, een nicht van Emiel Hanssens. Virginie en Emiel waren kleinkinderen van Augustinus Hanssens.

    Emiel Hanssens,die een levensgenieter was en graag een glas dronk, overleed reeds op 8 april 1909, slechts 46 jaar oud. Maria had toen 5 kinderen. René en Charles Van Vynckt uit haar eerste huwelijk waren respectievelijk 25 en 23 jaar oud en nog ongehuwd. De kinderen Hanssens waren tussen 16 en 12 jaar oud.

    6.3.3 Maria Philomena Martens als weduwe

    Na het overlijden van Emiel Hanssens bleef de 45-jarige grondeigenares Maria Martens wonen in het grote herenhuis met inrijpoort op Hansbekedorp, naast de woning met maalderij en herberg In de statie van haar jongere broer Joannes. Zij woonde echter niet alleen vermits er ook nog haar twee ongehuwde volwassen zonen waren uit haar eerste huwelijk en drie tieners uit haar tweede huwelijk. Verder was er de 83-jarige Charles Hanssens, oom van haar tweede man.

    De volgende jaren van de nog jonge weduwe Maria Martens werden gekenmerkt door een opéénvolging van belangrijke familiale gebeurtenissen:

    1911: huwelijk van zoon René Van Vynckt met Louise Claerhout die verhuizen naar Gent

    1912: geboorte van eerste kleinzoon Henri te Gent

          inwonende zoon Charles wordt gemeenteraadslid

    1913: geboorte van kleinzoon Carlo

    1915: geboorte van kleinzoon Albert, de latere missionaris-jesuït

    1916: geboorte kleinzoon Leon Van Vynckt

    1918: de oudste zoon van haar overleden broer Charles sneuvelt te Merkem

          de woning van Maria wordt zwaar beschadigd bij de aftocht van de     troepen

    1920: overlijden van Petrus-Joannes Martens, haar broer en buurman

    1921: haar zoon Charles Van Vynckt wordt schepen en blijft dit tot 1958

         geboorte van kleindochter Marie-Louise Van Vynckt

    1923: huwelijk te Hansbeke van dochter Anna Hanssens met Victor Dassonville

          huwelijk te Etterbeek van zoon Leon Hanssens met Rose Massart

    1924: geboorte van kleindochter Jeanne Van Vynckt te Gent

          geboorte van kleinzoon Paul Dassonville te Gent

          geboorte van kleindochter Louise-Marie Hanssens te Etterbeek

    1925: geboorte van kleinzoon Carlo Hanssens te Etterbeek

    1926: huwelijk te Hansbeke van dochter Irène Hanssens met Louis Van Acker

    1928: geboorte van kleindochter Marie-Louise Van Acker te Gent

    1929: geboorte van kleinzoon Edmond Van Acker te Gent

    De eerste achterkleinkinderen meldden zich aan na de tweede wereldoorlog: Marc Van Vynckt in 1947 en Christian Van Vynckt en Martine Delie in 1949.

    Maria Martens overleed op 5 december 1950, aan de gezegende leeftijd van 86 jaar en na een beroerd en rijkgevuld leven. Haar ongehuwde zoon Charles Van Vynckt bleef alleen achter, met inwonende huishoudster, in het grote huis op Hansbekedorp. Hij zal er overlijden op 3 november 1973. Goed ter Elst werd eigendom van kleinzoon Carlo Van Vynckt, die het goed verkocht nadat Arlette Martens en Julien Bruggeman zonder opvolger en als laatste gebruikers uit de stam Martens aan het einde van de jaren tachtig met pensioen gingen.

    08-08-2007 om 15:32 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.6.2. Hoofdstamlijn Emiel Martens (1871-1955)

    6.2 Hoofdstamlijn

    Emiel Martens (1871-1955 ) zv Petrus

    6.2.1 Zijn jeugd

    Emiel Martens werd op 22 mei 1871 geboren op de hoeve De Meren ten zuiden van Hansbekedorp, als vijfde kind uit het tweede huwelijk van Petrus en Eugenie Coddens(afstammelingen XXe eeuw in bijlage 6.1). Toen Emiel geboren werd was zijn vader reeds 61 jaar en zijn moeder 35 jaar. De vier kinderen die voor hem geboren waren, Maria, Henri, Petrus-Joannes en Emma, waren toen respectievelijk 7 , 6 , 4 en 2 jaar. Na Emiel volgden nog Charles(°1873), Irma(°1875) en René(1877). Toen Emiel geboren werd was zijn vader niet langer schepen van Hansbeke en de eveneens te Hansbeke wonende broer en zus van Petrus, Joannes-Francies en Eugenie Martens waren reeds gestorven. Emiel heeft ook zijn grootouders niet gekend. Zijn enig nichtje Marie Clémence De Schuyter, dochter van Pieter-Joseph en van Eugenie Martens, was 27 jaar ouder dan Emiel en is reeds het jaar na de geboorte van Emiel getrouwd met Carolus Bruggeman en verhuisd naar Ursel. Zijn aangetrouwde oom Pieter-Joseph De Schuyter woonde nog te Hansbeke maar was reeds lang hertrouwd met Francisca Lambrecht. Henri De Schuyter(1855-1909),bemiddelde zoon uit het tweede huwelijk van Pieter-Joseph, bleef te Hansbeke en zal er na zijn vader een actieve rol spelen in de politiek.

    Naar Amerika . . . en terug naar Hansbeke

    Hoewel Emiel opgroeide op De Meren als zoon van een welstellend landbouwer-grondeigenaar verliep zijn jeugd tijdens de crisisjaren 1880-1890 alles behalve rimpelloos. De relatie met vader Petrus was wellicht niet gemakkelijk. Tussen 1882 en 1893 verlieten 6 kinderen zeer vroeg het ouderlijk huis, toen De Meren nog geleid werd door de bejaarde Petrus en zijn vrouw Eugenie:

    -de oudste dochter Maria was slechts 18 wanneer zij op 26 september 1882 huwde met de 60-jarige en welstellende Serafien Van Vynckt. In 1890 werd zij reeds weduwe;

    -Petrus-Joannes was net 20 wanneer hij op 9 februari 1887 trouwde met Leonie De Vreese;

    -Henri was niet eens 22 jaar oud wanneer hij op 2 mei 1887 overleed aan de gevolgen van een ongeval. Dat zelfde jaar deed de 77-jarige oud-schepen Petrus nog een mislukte poging om opnieuw in de gemeenteraad te komen;

    -dochter Emma was slechts 20 wanneer zij op 2 november 1889 in het huwelijk trad met de 54-jarige Henri Sierens;

    -Charles was slechts 20 en ongehuwd wanneer hij op 29 september 1893 vader werd van een zoontje bij de 18-jarige Maria Coleta Van Hoecke;

    De 21-jarige Emiel zag het blijkbaar ook niet meer zitten op De Meren . Trok hij gewoon op avontuur naar de nieuwe en misschien betere wereld, kon hij het moeilijk stellen onder het gezag van zijn oude vader of had hij iets mispeuterd waarvoor hij aan het gerecht wenste te ontsnappen ? Op 3 december 1892 vertrok hij naar Amerika, samen met de 20-jarige dienstknecht Petrus Vande Putte. Ook de 25-jarige Julie Vande Wattijne reisde op dezelfde datum af. Op 9 januari 1893 trouwde ze te South Bend met Edmond De Vreese, een vriend en verwante van Emiel, die reeds het jaar voordien naar Amerika vertrokken was.

    Op 14 september 1893 liet de toen reeds 83-jarige vader Petrus Martens eindelijk voor notaris Timon De Seille een akte van voorouderlijke verdeling van zijn bezittingen verleiden. Emiel had volmacht gegeven aan zijn schoonbroer Henri Sierens.

    Er bestaat nog geen zekerheid betreffende de datum waarop Emiel uit Amerika terugkeerde naar Hansbeke. Het verhaal doet de ronde dat hij er als vrijgezel te veel van het leven genoot en uiteindelijk met de steun van zijn oudste zus Maria opnieuw de oceaan overstak, maar nu van oost naar west. Wellicht gebeurde dit eind 1893-begin 1894, korte tijd na de ondertekening van de voorouderlijke verdelingsakte. Vermits hij in de gemeente aangifte deed van het overlijden van zijn moeder, was hij zeker terug op 18 october 1898.

    Emiel, zijn jongste broer René en hun zus Irma hebben een tijd samen, als vrijgezellen, De Meren gerund, en er blijkbaar ook veel plezier beleefd. Carlos Martens, zoon van Maurice en kleinzoon van Joannes, tekende omstreeks 1969 onderstaand verhaal op, zoals verteld door René. Het gebeuren speelt zich af omstreeks 1900. Samen met twee andere verhalen die zich afspeelden toen Emiel reeds gehuwd was, en die nonkel Emiel tijdens het eerste kwart van de XXe eeuw effectief als blijvende indrukken heeft nagelaten bij Michel De Muynck,een zoontje van zijn jongere zus Irma en bij Carlos Martens,kleinzoon van zijn oudere broer Joannes, illustreren deze verhalen dat Emiel zich graag amuseerde, op tijd een druppel of een pintje luste, maar zich ook wel eens erg boos kon maken.

    Een familie-anecdote

    René kon het in zijn oude dag nog smakelijk vertellen.

    Ze waren alle twee nog niet getrouwd, hij en Emiel, de volwassen zonen van Petrus Martens. Op een warme nazomerse dag hadden ze samen tot in de vooravond op het land gewerkt en ze hadden het goed gedaan: geploegd in rechte voren, geëgd tot alle kluiten gebroken lagen op een effen veld, met brede armzwaaien de wintertarwe gezaaid en het zaad ondergesleepd en gerold. Hun gezicht en hun nek waren verbrand door de stekende zon. De namiddagkoffie had hun dorst weinig kunnen stillen, de kan was ledig en de avondlucht bleef zwoel.

    Ze spanden de paarden voor de driewielkar en trokken naar huis. De paarden dampten van het zweet. Miel en René ook. Aan het einde van de Veldstraat zei Emiel knipogend tegen René: “Kom we gaan er eerst eentje pakken bij Lina”. René knikte instemmend en draaide de Vaartstraat in naar de vaart toe. Ze stapten binnen “In het Boldershof”, de afspanning op de hoek van Hammestraat.

    Lina schonk ze twee volle pinten bier die ze dorstig in één teug leeg dronken. Toen lieten ze de paarden een emmer water drinken. Hun dorst bleef. Ze bestelden nog een pint. In twee teugen was ze weer leeg. Ze dachten aan de zware namiddag die ze hadden doorgemaakt en aan de “emmer” van de paarden. “Lina”, zei René, “schenk ze nog eens vol” en ze dronken een derde pint … in drie teugen. Ze tapten een paar moppen om Lina aan het lachen te krijgen … misschien gaf ze er dan zo eentje. Maar dat deed ze niet.

    Ze trokken dan maar naar huis, de paarden stapvoets en zij … goed gezeten. Het alaam, en zelfs het sluitbord van de kar, hadden ze op een naburige akker achtergelaten voor ’s anderdaags. René zat op de voorloper en mende de paarden. Emiel zat met zwaaiende benen op de rand van de karrebak achteraan, met de rug naar René toe. Ze waren “plezierig” en zongen er eentje vanuit vaders tijd.

    Bij het binnenrijden van het dorp liet René de paarden draven. De driewielenkar botste van links naar rechts over de straatstenen. De broers zwaaiden met brede armen naar de verbaasde gezichten van de vele dorpsmensen die in de mooie nazomerse avond buiten aan de deur kavelden. Maar René voerde blijkbaar iets in het schild. Ter hoogte van het klooster trok hij “in volle vlucht” plots de hefboom over en gaf met de schouders een felle duw tegen de kipbak, die natuurlijk omsloeg. Emiel was verrast door het onverwacht maneuver, tuimelde van de kar en lag spartelend op straat met de benen in de lucht. Hij sakkerde en wreef over zijn gekneusde knieën.

    René lachtte dat hij schokte. Aan de kerk hield hij kar en paarden stil. Pieter De Vreese uit “Het Gemeentehuis” die het ook had zien gebeuren, kwam naar René toe en vroeg vermanend: “Maar waarom haalt gij zo’n streken uit met uw broer”. “Waarom?” glimlachte René, “Wel, van ’t zelfde laken een broek, hé… hij heeft het met mij ook een keer gedaan”. Toen ging hij zijn broer op de been helpen en trakteerde met een laatste pint in “Het Huis van Vinderhoute”.

    Carlos Martens, pastoor Munkzwalm

    Stam Martens, Jg 1, nr 3, 1970

    Emiel Martens maakt deel uit van de generatie XI in de afstamming van Stoffel Martens. De bijgevoegde lijst met 54 generatiegenoten van Emiel Martens(bijlage 6.2) behelst vooral de namen van alle broers, zussen en schoonbroers en schoonzussen van Emiel. De twee dochters en de schoonzoon van zijn tante Eugenie Martens, uit haar huwelijk met Pieter Josef De Schuyter zijn vermeld bij deze generatie, maar niet hun halfbroer en halfzus uit het tweede huwelijk van Pieter De Schuyter met Francisca Lambrecht, die eveneens te Hansbeke opgroeiden. Verder zijn er de kinderen van Lieven-Bernard Moens uit Wondelgem en Joanna Maria Van Nieuwenhuyse uit Oostakker. Emiel was slechts ver verwant met hen maar vermits de

    zus van Joanna Van Nieuwenhuyse gehuwd was met de oom van Emiel zullen de families toch wel kontakten onderhouden hebben. Nog te Hansbeke waren er de kinderen van Maria Anna Martens en Judocus Lambrecht, alsook de uit Aalter afkomstige en bemiddelde schoonzoon Charles-Jean De Seille die met zijn vrouw Monica Lambrecht een kasteeltje bewoonde in de Voorstraat, dicht bij de gronden van Goed ter Elst.

    In het naburige Bellem waren er de 8 kinderen van Carolus Francies Van Vynckt en Carolina Martens, tevens kleinkinderen van Pieter-Francies Van Vynckt en Maria Catharina Martens.

    Te Nevele waren in generatie XI de kinderen van de verwante Augustinus Hanssens en Carola Maenhout. Twee van deze kinderen maakten langs hun huwelijk later de terugkoppeling naar de stam Martens: Maria Martens, oudste zus van Emiel, zal huwen met Emiel Hanssens, een zoon van Bruno en Rosalie Heyde en Marcel Martens, zoon van Emiel, zal huwen met Maria De Waele, achterkleindochter van het echtpaar Edward Hanssens en Clementina Van Heule.

    Te Aalter zijn er de kinderen van de ver verwante Angelus Martens en Sophia Saey. Het zijn leeftijdsgenoten van Emiel en de twee zonen weken uit naar Amerika.

    6.2.2 Zijn huwelijk , zijn gezin en zijn bedrijvigheden

    De 30-jarige Emiel Martens en de 23-jarige Emma Mestdagh huwden te Hansbeke voor de wet op 14 februari 1901, één jaar na het overlijden van zijn vader Petrus.Het burgerlijk huwelijk had plaats voor Pieter-Jan De Muynck, schepen en ambtenaar van de burgerlijke stand, in aanwezigheid van schoonbroer Emiel Hanssens, broer René Martens, Emiel Olivier en Bruno Vriendt. De schoonouders Constant Mestdagh en Rosalie Cathoir ondertekenden eveneens de huwelijksakte. De akte van de burgerlijke stand vermeld ook dat op 9 februari 1901 een huwelijkskontrakt werd afgesloten voor notaris Herteleer te Lotenhulle. Aimé De Muynck, zoon van Pieter-Jan die het huwelijk registreerde als schepen van de burgerlijke stand, zou 2 jaar later trouwen met Irma Martens, een jongere zus van Emiel.

    Het kerkelijk huwelijk van Emiel en Emma werd door pastoor Hippoliet De Herde ingezegend op 18 februari voor de getuigen René Martens, jongste en nog ongehuwde broer van Emiel, en Camiel Baele, halfbroer van Emma Mestdagh. De huwelijksfoto maakt duidelijk dat Emiel een knappe jonge bruid gekozen had.

    Emma werd op 17 maart 1878 geboren te Landegem als dochter van Constant Mestdagh (1832-1913) en Rosalia Cathoir(1849-1918). Uit haar eerste huwelijk met Joos Baele had Rosalia Cathoir een zoon Camiel Baele(1876-1953). In haar tweede huwelijk kreeg Rosalia vier dochters , met name Emma, Marie Melanie, Maria en Clémence ( zie XIXe eeuw). In 1905 zal Maria, de 5 jaar jongere zus van Emma, trouwen met Florimond Van de Wattijne en te Hansbeke blijven wonen. Ook Clémence Mestdagh zal na haar huwelijk met Arthur De Vogelaere te Hansbeke blijven en haar zus Marie Melanie woonde in het Dorp van Hansbeke na haar huwelijk met de slager Polydoor Van Vynckt. Rosalie Cathoir zou aan het einde van de eerste wereldoorlog samen met haar dochter Emma Mestdagh en haar schoonzoon Emiel op de vlucht geslagen zijn voor het oorlogsgeweld. Op 19 october was de kerk van Hansbeke grotendeels vernietigd door de aftrekkende Duitse troepen. Rosalie zou op 28 october 1918 gestorven zijn in een schuur te Aalter,wellicht als gevolg van de Spaanse griep. Twee weken later, op 11 november 1918, kwam de wapenstilstand.

    Gezinsfiche

    Emiel Martens          X          Emma Mestdagh

    zv Petrus en Eugenia Coddens            dv Constant en Rosalia Cathoir

    ° Hansbeke 22-05-1871                       ° Landegem 17-03-1878

                        Hansbeke 14-02-1901

    + Hansbeke 19-05- 1955                      + Hansbeke 30-05-1964

    Kinderen

    1. Rachel              Hilaire Van Couter

                                 zv Alfons en Emerentia Christiaens

    ° Hansbeke 12-12-1901         ° Zwevezele 17-03-1896

                      x

               Hansbeke 06-11-1924

    + Brugge 28-12-1988           + Gent 15-02-1976

    2. Marcel             Maria De Waele

                                dv Karel en Virginia Hanssens

    ° Hansbeke 18-09-1903        ° Nevele 22-02-1906

                     x

               Nevele 30-12-1930

    + Hansbeke 23-05-1989        + Hansbeke 21-06-1997

    2. Mireilla                Julien Van Nieuwenburg

                                zv Philemon en Maria Cloth. Zaman

    °Hansbeke 03-02-1913         ° Landegem 11-04-1905

                     x

               Hansbeke 26-07-1934

                                 + Gentbrugge 08-12-1977

    Na hun huwelijk hebben Emiel en Emma zich aanvankelijk gevestigd op een hofstede langs een vertakking van de Reibroeckstraat (nu Nieuwe Tuinstraat)waar hun kinderen geboren werden. Door de voorouderlijke verdelingsakte van 14 september 1893 was de 22-jarige Emiel door schenking immers eigenaar geworden van één zevende van de onroerende bezittingen van zijn vader Petrus voor een geschatte waarde van 19.301,27 frank. Naast een geldelijke opleg van 5.431,27 frank ontving Emiel de onroerende goederen beschreven in de verdelingsakte (bijlage 5.5) onder de artikels 14 tot 18 en afkomstig uit de erfenis van zijn grootouders Carel Martens en Maria Rosa Sutterman zoals blijkt uit de verkavelingsakte verleden op 28 october 1850 voor notaris Van Doorm te Poeke:

    - een partij land te Hansbeke genaamd den Binnelare sektie A nummers 1043 en 1044 groot 59a10ca;

    - een partij zaailand te Hansbeke genaamd het Leen met een dreef lopend van deze partij zuidwaarts naar de Laagstraat, gekend ten kadaster sektie A nummers 1041 en 1049 groot 73a50ca;

    - een langwerpig partijken zaailand te Hansbeke genaamd den kleinen tuin sektie A nummer 1051 groot 24a10ca;

    - een hofstede bestaande in woonhuis, schuur, stallingen en afhangens te Hansbeke op het klein Kauterken sektie A nummers 1053, 1054, 1055, 1056, 1057 en 1058a samen groot met den slag gelegen ten zuiden en alhier geheel medegaande 55a30ca, thans gekend op ’t kadaster sektie A nummers 1055a, 1057a, 1057b en 1058b;

    - een partij zaailand genaamd den tuinkouter gelegen te Hansbeke sektie A nummer 1088a groot 1ha70a80ca, vroeger gekend op ’t kadaster sektie A deel van nummer 1085, deel van nummer 1086 en nummer 1088.

    Het geheel behelsde een hofstede met 3ha82a80ca grond in eigendom.

    In 1916 kwam het voorouderlijk bedrijf Goed ter Elst vrij nadat het verpacht was geweest aan de familie Van Vynckt. Wellicht betrof het hier het echtpaar Bernard Van Vynckt-Melanie Coopman, waarvan de op Goed ter Elst opgegroeide dochter Maria (Mietje) Van Vynckt(°Hansbeke 12-02-1881) als ongehuwde vrouw later een winkeltje uitbaatte op het dorp te Hansbeke. Het Goed ter Elst was in het bezit gekomen van Maria Martens, oudste zus van Emiel. Tijdens het interbellum kon de hoeve aangesloten worden op het electriciteitsnet. Volgens de voorouderlijke verdelingsakte van 14 september 1893 betrof het een schone en welgelegen hofstede genaamd Goed ter Elst met schuur, stallingen, wagenhuis, ovenbuur en gronden met een gezamenlijke oppervlakte van 14ha59a30ca. Sommige in 1886 geregistreerde perceelsnamen uit de nalatenschap van Joannes-Francies Martens klinken meer dan een eeuw later nog bekend in de oren van de huidige generaties Martens: De Leentjes, het stuk achter de Kluize, het klein rot, het lang rot, het groot rot en den flakkenmoortel.

    In de naamlijsten van de kommuniekantjes, tijdens de oorlogsjaren opgesteld door de pastoor, komen de namen van de oudste kinderen van Emiel Martens en Emma Mestdagh voor. De oudste dochter Rachel komt voor op de lijst met 47 namen van 1914, samen met Raymond Verhelst, de latere schepen en echtgenoot van Maria Martens. Marcel Martens staat bij de 54 kommuniekanten van 1915 en zijn nichtje Maria Martens deed haar plechtige kommunie in 1916 met een groep van maar liefst 75 Hansbeekse twaalfjarigen.

    Hoewel zijn grootvader Carel en zijn vader Petrus actief bij de gemeentepolitiek betrokken waren, was dit niet het geval bij Emiel of zijn broers. Anders was het gesteld met een ganse reeks familieleden en verwante tijdgenoten :

    -Pieter-Joseph De Schuyter, echtgenoot van zijn tante Eugenie Martens, alsook diens zoon Henri De Schuyter;

    -Désiré De Muynck, schoonbroer van zijn zus Irma Martens, alsook diens vader Pieter-Joseph De Muynck;

    -zijn schoonbroer Emiel Hanssens, tweede echtgenoot van zus Maria Martens, alsook diens oom Charles-Louis Hanssens en zijn grootvader August Hanssens;

    -zijn schoonbroer Serafien Van Vynckt, eerste echtgenoot van zijn zus Maria, alsook hun zoon Charles Van Vynckt ;

    -zijn zoon Marcel Martens ;

    -Hendrik De Maegd, schoonzoon van Emiel’s broer Charles ;

    -Raymond Verhelst, echtgenoot van Maria Martens en schoonzoon van zijn broer René;

    -Kamiel Baele, halfbroer van zijn vrouw Emma Mestdagh , alsook zijn zoon Cesar Baele ;

    -Basiel Muys, schoonbroer van zijn dochter Rachel Martens

    -Leon Van der Plaetse,neef van de eerste echtgenote van zijn vader Petrus Martens.

    Emiel was een sterke kerel die graag bij de mensen kwam en op tijd en stond een goede pint bier of een jenevertje dronk. Dit wordt niet enkel geillustreerd door de familie-anecdote uit zijn vrijgezellentijd zoals verteld door zijn jongste broer René, maar ook door de herinneringen aan “De Vlaamse Leeuw” in de herberg In de Statie omstreeks 1927 geobserveerd en in 1970 kleurrijk genoteerd door Carlos Martens en nog door het wedervaren uit de eerste wereldoorlog van zijn neefje Michel De Muynck over “De drubbel die hij niet kreeg” bij zijn zus Irma.

    De oudste dochter Rachel trouwde reeds in 1924, 22 jaar oud. Eind 1930 trouwde ook hun zoon Marcel en alhoewel Emiel slechts 59 jaar en Emma slechts 52 jaar oud waren, beslisten Emiel en Emma Goed te Elst over te laten aan hun enige zoon Marcel. Zij bouwden een herenhuis op enkele honderden meter van het erf, dichter bij het dorp aan de steenweg op Merendree. Hun nog ongehuwde dochter Mirella was slechts 17 en verhuisde mee.

    De Leeuw van Vlaanderen

    Nonkel Miel, zoon van Petrus, noemde zichzelf gaarne “De Leeuw van Vlaanderen”. Ik heb dikwijls aan ons ma gevraagd waarom. Maar toen ik hem persoonlijk aan het werk gezien had, ik was toen een jaar of tien, moest ik het nooit meer vragen. Ik wist het. Ons ma kan nu nog alle details vertellen van deze machtsdemonstratie. Ze heeft er nog deugd van.

    ’t Was op een 1 december, het feest van Sint-Elooi. De Hansbeekse boeren en smeden hadden hun patroon gevierd – godvruchtig, met een plechtige heilige mis – lustig en breughels, met een boerenfeestdis in de bovenzaal van het gemeentehuis: tomatensoep met ballekens, “boelie” met wortelkens, rosbief met erwtjes en patatten… en de klassieke pintjes bier. Na het feestmaal ging het in kleine groepen zo’n beetje van het ene herbergkapelleke naar het andere… Onze pa was ook op het feest.

    Na de klas had ik de kachel in ons café mogen aansteken want ons ma verwachtte de boeren ook In de statie. Als mijn werk gedaan was mocht ik mij wat blijven oefenen op het biljart. ’t Was vroeg donker en er waren al enkele boeren binnengekomen, die nog trachtten een kaartje te leggen onder de brandende lamp. Na een tijdje was mijn pa er ook met nonkel Miel en Richard Codde van rechtover de deur. Ik zou allicht geen maat krijgen om een partijtje biljart te spelen en dan deed ik maar voort op mijn eentje.

    Nonkel Miel zag er wat slechtgezinds uit. In ’t café van Filemond Zutterman had hij al een woordenwisseling gehad met Theofiel Corijn en hij was er nog niet over uitgepraat. Dat hoorde ik tussen twee stoten in. “Allé Maurice, geeft er ons eentje” zei Richard Codde. Ze gingen bij de toog staan. Ma was zeker juist bezig met de kaarters en pa ging bestellen. Hij stapte op de trede achter de toog.’t Moest zeker “Goliathbier” geweest zijn want hij tapte niet, hij moest erom naar de kelder. Hij schakelde het licht in de kelder aan en toen hij weer boven was met de drie fleskens wilde hij ’t kelderlicht weer uitdraaien, maar vergiste zich van schakelaar… en’t was enkele ogenblikken pikdonker in ’t café.

    Het moet nu wel lukken… op ’t ogenblik van de vergissing ging de voordeur open en wie binnen kwam was Theophiel Corijn en nog een paar mannen. Nonkel Miel schoot in een plotse koleire : “Verdomme, zijde gij dat geweest?”. Hij vloog naar de voordeur… zijn rechter vuist schoot uit…roef-roef… en Corijn lag bij de deur onder de tafel. “Ons zo in ’t donker zetten, verdomme”.

    Ik drumde angstig in een hoekje, met biljartstok en krijt in de hand. Een paar kaarters waren rechtgesprongen. Pa had een fleske laten vallen van ’t verschieten. Ma stond aan de kaarterstafel te lachen dat ze schokte.

    Corijn lag nog met een bloedneus onder tafel toen er nog volk binnenkwam. Daar was Jan Gooreman bij. Die nam het onmiddellijk op voor zijn vriend Corijn. “’k Zal ik de leeuw ne keer aanpakken” riep hij. Hij begon zijn vest uit te spelen, maar hij had zijn tweede arm nog niet uit de mouw of hij lag ook al met een bloedneuw tegen het biljart. Ik had stok en krijt laten vallen en was angstig naar ma toegelopen. Die stond maar te lachen. Het was een herrie van belang : over en weer geroep, geschreeuw en geschater over die stomme lamp.

    De deur ging opnieuw open en d’r was nog volk: Karel De Jaegher, Arthur Van Couter en dokter De Waele. “Wat gebeurt er hier, Martha?” vroeg de dokter. “Dat ge juist van pas komt om de gekwetsten te verzorgen” zei ma lachend. Het was allemaal niet zo erg… de “slachtoffers” konden weer rechtkruipen. Nonkel Miel stond te glunderen

    naast de”pilaar” die ons hele café schraagde. “Allé Goliath” riep ons pa, “kom aan de toog, uw “Goliathbier” staat uitgeschonken. “Goliath, wat kan die jong” riep nonkel Miel spottend. “De Leeuw van Vlaanderen, dat is een anderse”…

    En “klauwaerts” en “leliaerts” lachten en dronken op de vergissing. En ik wist het nu… “De Leeuw van Vlaanderen” had zijn tanden getoond… en geklauwd.

    Carlos Martens, pastoor te Munkzwalm

    Stam Martens, Jg 2, nr 1, 1970


    “ De druppel, die hij niet kreeg…”

    Emiel Martens, mijn peter, was een sterke kerel met machtige handen. Eens heb ik het zelf ondervonden toen ik van hem de felste rammeling uit mijn leven kreeg. In de jaren van de eerste wereldoorlog was ik nog een heel jonge kapoen. We woonden toen achter de spoorweg langs de steenweg op Merendree in het groot huis waar sedert lang Arthur Van Couter woont. Telkens als mijn peter Emiel van het dorp naar zijn hofstede Goed ter Elst terugkeerde, moest hij onvermijdelijk langs ons huis voorbij. Iedereen die Emiel in zijn dolle jaren gekend heeft, wist dat hij nooit een druppeltje of een glas geweigerd heeft. Zijn laatste “trekpleister” was bij zijn zuster Irma, ons ma, die de goedheid zelf was, en steeds voor Emiel een “kosteloze” druppel inschonk. Hoewel Emiel dikwijls reeds goed beladen binnenkwam kreeg hij toch altijd zijn laatste druppeltje, soms ook nog wel eens een tweede.

    Op een zekere namiddag zag ik mijn peter, een beetje waggelend, ons huis verlaten en ik kon niet nalaten hem spottend toe te roepen, wellicht met inslaande woorden want mijn peter bezag woedend de snotneus die hem dierf uitlachen. Wellicht was ik die namiddag echt deugnietachtig want ik draaide rondom hem met een berispend spotlachje en riep voortdurend: “Peter… zat; peter…zat”. Mijn peter trachtte mij met zijn grote handen te grijpen maar tevergeefs… ik was hem met mijn jonge benen telkens te vlug af. Ik sprong en danste voor zijn grote voeten “Peter…zat, peter…zat” terwijl ik hem uitdagend dichterbij liet komen om dan weer spottend weg te spurten “Peter…zat, peter…zat”. Voor mij was het een leuk spelletje maar mijn peter was niet van plan het mee te spelen. Hij werd razend om mijn deugnietachtige spotternij en trachtte mij te achterhalen.

    We waren aan de landweg gekomen die naar het erf leidde terwijl ik nog steeds dansend voor hem uitsprong in de richting van zijn hoeve. Dat was mijn ongeluk. Mijn peter was buiten adem en liet me schijnbaar begaan, terwijl hij met grote stappen achter mij aankwam. We waren reeds dicht bij de hoeve. Plots bleef hij staan en ik meende dat hij grijnslachte: “Mirza… Mirza…” riep hij in de richting van het hof. Zijn grote zwarte hond kwam op het roepen aangelopen. “Pakt hem…pakt hem…verdomme” vloekte Emiel. Het dolle beest sprong blaffend rondom mij, zodat ik vol schrik bleef staan. Toen kreeg mijn peter me te pakken, wierp me in het korenveld, hield me onder zijn knie en gaf me de felste rammeling uit mijn leven terwijl ik honderden sterretjes voor de ogen zag. Hoe ik daarna thuis geraakt ben is voor mij een raadsel gebleven. Toen ik bovendien de volgende dag met twee blauwe ogen naar school moest, werd ik door de schoolmeester en door mijn schoolmakkers uitgelachen. Ik was er niet fier om en zo kreeg ik mijn tweede straf voor mijn kwajongensstreken.

    Maar mijn peter kreeg ook “zijn” straf door toedoen van ons ma. Zoals gewoonlijk, kwam Emiel ook ’s anderdaags bij ons in de keuken binnen, dorstig naar “zijn” druppeltje. Wellicht was hij de gebeurtenis van de vorige dag niet vergeten, want hij dierf niet spreken tegen ons ma en loerde veelbetekenend naar de jeneverfles die op het schouwtablet stond. Het werd een gesprek zonder woorden tussen ons ma en mijn peter. Mijn ma zei evenmin een woord en haar sprekende ogen wezen naar de deur. Men hoorde de klok tiktakken terwijl seconden werden afgeteld. Mijn peter knikte zwijgend in de richting van de fles … ons ma knikte, zonder één woord, in de richting van de buitendeur. Toen slikte Emiel zijn speeksel moeizaam door zijn droge keel en verdween gelaten onder een “zoete” glimlach van zijn zuster Irma. Vanuit het bovenvenster zag ik mijn peter langs de veldweg naar de hoeve gaan. Mirza kwam blij en kwispelend toegelopen maar kreeg een schop in zijn achterste. De hond keek verbaasd naar zijn meester en liep toen met de staart tussen de achterpoten en met hangende oren achter hem aan.

    Een halve eeuw is voorbijgegaan maar dit tafereeltje zal ik nooit vergeten: mijn peter die droef en zwijgzaam, om de druppel die hij niet gekregen had, naar het erf stappend met Mirza achter zich aan, schuw om de onverdiende schop. “Daar is een speciale God voor de drinkers” zegt een Vlaams spreekwoord en daarom ben ik ervan overtuigd dat mijn peter ergens in de hemel verblijft. Eens hoop ik er ook

    te mogen belanden. Het paradijs van mijn peter bestaat zeker niet zonder een “drinkzaal” zodat ik beslist niet lang zal hoeven te zoeken om hem terug te vinden. Vast en zeker betaal ik hem daar de “enige” druppel die zijn zuster, in haar ganse leven, hem geweigerd heeft, want de felle rammeling die hij me met zijn machtige handen toediende had ik reeds na korte tijd vergeten en vergeven. Maar de les heb ik goed onthouden: “Mijn peter was steeds een “goeierd” en ik had met hem niet mogen spotten, ook al waggelde hij op zijn benen na de laatste druppel die hij bij het huiswaarts keren steeds van ons ma, zijn zuster Irma, kreeg.

    Stam Martens,Jg 2, nr 1, 1970 Michel De Muynck, Etterbeek

    6.2.3 Hun oude dag

    Toen Emiel en Emma hun rentenierswoning betrokken hadden zij vier kleinkinderen van hun oudste dochter Rachel: Georges, Georgette, Lucien en de pasgeboren Lisette Van Couter. Tussen 1931 en 1944 zouden nog 8 kleinkinderen volgen.

    Op weg naar de kleuter- en lagere school tot 1950, kwam hun kleinzoontje Laurent Martens er vier keer per dag voorbij, komend van of terugkerend naar Goed ter Elst. Als student aan de Universiteit Gent heeft Laurent er van 1956 tot 1961, na het overlijden van grootvader Emiel, een slaapkamer en een studeerkamer betrokken, op een paar minuten wandelafstand van het station.


    Grootmoeder Emma kwam niet zo vaak naar Goed ter Elst bij haar zoon Marcel, schoondochter Maria en de drie kleinkinderen Carlos, Arlette en Laurent. Emiel was een frequenter bezoeker, vooral in de late namiddag of vooravond.In de twee levendige en statige pasfotos van Emiel en Emma op rust , zijn nog duidelijk de jonge trouwers van 1901 te herkennen, maar niet meer ‘De Leeuw van Vlaanderen’ waarvan sprake in het verhaal van Carlos Martens.

    Op zaterdag 3 maart 1951 vierden Emiel en Emma hun gouden bruiloft, omringd door alle kinderen en kleinkinderen en een aantal verwanten. Na een kerkdienst, waarbij bij het verlaten van de kerk door de vele belangstellenden bloemen werden aangeboden, werd het feest verdergezet ten huize van de jubilarissen. De groepsfoto, die vanop de spoorwegberm werd genomen voor de versierde woning, werd later met commentaar en met de namen van alle aanwezigen gepubliceerd in het tijdschrift ‘Het Land van Nevele’, Jg 28 nr 4, onder de titel ‘Uit het Oude fotoalbum: Gouden Bruiloft te Hansbeke van de echtelingen Emiel Martens en Emma Mestdagh, 1951’. De vijf jongste kleinkinderen zitten op de eerste rij. Op de tweede rij met negen stoelen zitten de twee jubilarissen met hun drie kinderen en hun respectievelijke echtgenoten, alsook Maria Mestdagh, zus van Emma. Daarachter staan 19 personen waaronder nog 7 kleinkinderen en de echtgenoten van de twee gehuwde kleinkinderen, alsook René Martens de jongste broer van Emiel,en verder nog een zus en de halfbroer van Emma met hun echtgenoten. Na het feestmaal werd door één van de oudere kleinkinderen Van Couter een komische parodie opgevoerd van een speech van de Gentse socialistische politicus Edward (Edjen) Anseele.

    Vier jaar na het gouden huwelijksjubileum overleed Emiel Martens thuis te Hansbeke op 9 mei 1955, 84 jaar oud. Emma Mestdagh overleed op 30 mei 1964, 9 jaar na haar man,88 jaar oud. Ze was tot aan haar overlijden in de woning gebleven die zij samen met Emiel in 1930 had gebouwd. Hoewel ze slechts zelden verder kwam dan bezoekjes aan haar zus, haar dochters en haar zoon, bleef zij als dagelijkse trouwe lezer van “Het Laatste Nieuws” bijzonder goed geïnformeerd omtrent het reilen en zeilen in de wereld.

    Overlijdensbericht Emiel Martens 9 mei 1955

    Bidprentjes bij uitvaartplechtigheden van Emiel Martens en van Emma Mestdagh

    Overlijdensbericht Emma Mestdagh 30 mei 1964

    Begraafplaats Hansbeke: grafzerk Emiel Martens-Emma Mestdagh (2005)

    6.2.4 Een Radium jubileum in de familie

    In 1905 huwde Florimond Van De Wattyne, geboren te Hansbeke op 22 october 1884 als zoon van de smid Louis Van De Wattyne en Mathilde Bultinck, met Maria Mestdagh, zus van Emma en schoonzus van Emiel Martens. Zij gingen voor twee dagen op huwelijksreis naar Antwerpen en reden met de koets rond de dokken. Zij woonden eerst naast de ouders van Florimond, ten zuiden van het station. In 1921 bouwden zij een woning ten noorden van het station, aan de weg naar Merendree. Als smid specialiseerde Florimond zich in kluizen en kachels. Het echtpaar bleef kinderloos. Tante Maria was een regelmatige bezoekster bij haar zus Emma Mestdagh. Zij woonden slechts een paar honderd meter van elkaar.

    Dat er een lange en nauwe band bestand tussen de families Martens en Van De Wattijne blijkt uit de voorouderlijke verdelingsakte van Petrus Martens ondertekend op 14 september 1893 ten huize van Petrus op De Meren. Onderaan de akte prijkt immers de handtekening van Louis Van De Wattijne, hoefsmid, die optrad als getuige. Zijn zoontje Florimond was toen slechts 9 jaar oud.

    In juni 1975 werden de 90-jarige Florimond en de 92-jarige Maria, samen met de familie, op het gemeentehuis ontvangen naar aanleiding van de 70ste verjaardag van hun huwelijk, een platina bruiloft. In de pers verscheen een foto, genomen voor het gemeentehuis(nu politielokaal), samen met burgemeester Boudewijn de Bousies Borluut, het schepencollege en een vijftigtal genodigden waaronder Marcel en Maria Martens en hun kinderen Carlos, Arlette en Laurent, alsook Mireilla Martens.

    In juni 1980 was het opnieuw feest, maar dan voor een zeer uitzonderlijk ‘Radium’jubileum, met fotos die Hansbeke in de nationale pers brachten. In De Standaard verscheen op 6 juni 1980 een foto, genomen in hun ‘beste kamer’. alsook een foto waarbij zij samen een borrel dronken op 75 jaar wel en wee.

    Minder dan een half jaar later, op 29 october 1980, was een ander unicum te melden in de kranten, vergezeld van dezelfde foto van twee drinkende oudjes. Onder de titel ‘Samen tot in de dood’ werd medegedeeld dat Florimond vrijdagmorgen omstreeks 4 uur thuis gestorven was en dat Maria hem acht uur later was gevolgd.

    08-08-2007 om 15:17 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HOOFDSTUK 6 Twintigste eeuw 6.1. Historisch kader

    Hoofdstuk 6 Twintigste eeuw

    Hansbeke en de diaspora

    6.1 Historisch kader

    6.1.1 Vlaanderen en Belgie in Europa en de wereld

    De XXe eeuw was niet enkel een eeuw van globalisering, met grote wetenschappers (Albert Einstein), kunstenaars (Pablo Picasso) en politici (Nelson Mandela), maar ook de eeuw van wereldconflikten en wereldomvattende technologische evoluties. Door informatie- en communicatietechnologie werd een nieuwe wereld geopend.

    België en Vlaanderen hadden zwaar te lijden onder twee wereldoorlogen en ondergingen de gevolgen van oorlogen in Korea, Vietnam en het Midden-Oosten. Het is ook de eeuw waarin eerst een opbouw en nadien een einde kwam aan de Belgische koloniale geschiedenis in Afrika. West-Europa realiseerde een voordien ongekende welvaart. Het Verdrag van Rome bracht ons de Europese Economische Gemeenschap met 6 lidstaten, die evolueerde tot een Europese Unie met 25 lidstaten. De Euro werd een realiteit. De werkgelegenheid in de Belgische landbouw liep op een eeuw tijd terug van bijna 800.000 tot minder dan 100.000 personen .

    De XXe eeuw werd ook een eeuw met massale migratiebewegingen, aanvankelijk van Europa naar Amerika, maar nadien evenzeer naar West-Europa toe. Na een eeuw taalstrijd en Vlaamse ontvoogding resulteerde de wet van 5 april 1930 in de volledige vernederlandsing van de universiteit Gent. Het unitaristisch België evolueerde stapsgewijs naar een federale staatsstructuur, ondermeer bepaald door de staatshervorming van 1980.

    6.1.2 Hansbeke-dorp omstreeks 1910

    Omstreeks 1910, 10 jaar na het overlijden van zijn vader Petrus-Francies Martens, werd door drukker Joannes Martens een thans zeldzaam geworden prentkaart uitgegeven die een panoramisch beeld geeft van de Hansbeekse stationsbuurt. De kaart, die een poststempel draagt van september 1912, is weergegeven door De Ruyck en Moelaert in ‘Ons Meetjesland’ en werd door Albert Martens, kleinzoon van de drukker Joannes Martens-De Vreese, besproken in ‘Het Land van Nevele, gebruik makend van de bevolkingsregisters van die tijd. De foto werd genomen in zuidelijke richting vanuit een venster van de oude kerktoren die enkele jaren later, op 19 october 1918, door de Duitsers bij hun aftocht werd opgeblazen. Op de foto is de spoorlijn Gent(naar links toe)–Oostende te onderscheiden, evenals de stationsgebouwen en het stationsplein. Naar het zuiden toe, aan de overzijde van de spoorweg, ligt de steenweg naar Nevele. Ten noorden van de spoorweg, dus vooraan op de foto, is een gedeelte van de belommerde dorpsstraat zichtbaar, alsook, links afdraaiend en verder de spoorlijnen volgend, de steenweg naar Merendree.

    Als illustratie van de verwevenheid van de familie Martens, en in het bijzonder van de afstammelingen van Petrus-Francies Martens(1810-1900), met de Hansbeekse dorpsgemeenschap, zijn op het panorama 14 plaatsen aangeduid die elk op zich een deel van de familiegeschiedenis kunnen vertellen en die slechts enkele honderden meters van elkaar verwijderd zijn. De schoolweg tussen Goed ter Elst en het klooster in de dorpsstraat, waar zowel de kleuterschool en de meisjesschool gevestigd waren, met de jongensschool iets verderop , werd duizenden keer te voet afgelegd door Carlos, Arlette en Laurent Martens, wat bij hen onuitwisbare beelden heeft nagelaten die doorheen dit panorama lopen. Eén van die beelden is ook een politieke slagzin die in koeien van letters maandenlang onuitwisbaar geschilderd bleef op een lange muur aan de binnenzijde van de bocht naar Merendree toe :‘ Weg met Saksen Coburg Gotha’. In de aanloop naar de volksraadpleging in 1950 was er in een katholiek landelijk dorp als Hansbeke toch plaats voor uitéénlopende meningen omtrent de oplossing van de koningskwestie.

    Hof ‘De Meren’ (1) en Herenhuis René Martens(2)

    Tussen de hoge stammen van de loverrijke eikebomen van de Kappellestraat, langs de steenweg naar Nevele, bemerkt men met enige moeite het dak van de hofstede De Meren, toen uitgebaat door René Martens(1877-1960),jongste zoon van Petrus, die in 1903 gehuwd was met Leontine Van Hoecke. In 1910 hadden zij reeds 5 dochters en zouden nog 2 dochters krijgen. Op 2 april 1916 werd hun zevende dochter Elisabeth geboren. Onder het luiden van de klokken werd zij naar de doopvont gedragen en kreeg koningin Elisabeth, vertegenwoordigd door gravin Lucie Borluut, als illustere meter. Hun dochter Eliza Martens huwde met Maurice Verhelst en nam het bedrijf over. René en Leontine bouwden toen hun villa (zie 2, nog ongestaand toen de foto genomen werd) naast de hoeve langs de steenweg op Nevele.

    Hof De Meren was sinds 1835 eigendom van de familie Martens. Het gezin van Petrus Martens groeide er op. Emiel Martens(°1871) verliet De Meren toen hij in 1901 trouwde en zich later vestigde op Goed ter Elst.

    Hof ‘Goed ter Elst’ (3) en Herenhuis Emiel Martens (4)

    Deze hofstede kwam na 1807 langs het huwelijk van Carel Martens en Marie Rosa Sutteram in het bezit van de familie Martens en is gelegen langs de steenweg op Merendree ten oosten van het dorp, net niet zichtbaar op de foto. De landerijen die zich initieel ook nog uitstrekten ten zuiden van de huidige spoorlijn Brussel-Oostende, zijn wel gedeeltelijk in beeld. In 1910 was de hofstede eigendom van Maria Martens en werd zij wellicht nog verpacht aan de familie Van Vynckt. Vanaf 1916 werd Goed ter Elst uitgebaat door Emiel Martens (1871-1955), zoon van Petrus, die gehuwd was met Emma Mestdagh. Toen de foto genomen werd zaten hun oudste kinderen Rachel(1901-1988) en Marcel(1903-1989) in de lagere school op het dorp. Hun jongste dochter Mireilla(°1913) was nog niet geboren. In 1930 , na zijn huwelijk met Maria De Waele, werd Goed ter Elst overgenomen door Marcel Martens.

    Emiel en Emma bouwden en betrokken in 1930 een herenhuis(zie 4,nog onbestaand toen de foto genomen werd) aansluitend bij de hoeve langs de steenweg op Merendree. Tussen 1956, bij de aanvang van zijn universitaire studies, tot 1962 bij zijn huwelijk met Josette De Backer, heeft Laurent Martens een slaapkamer en een studeerkamer betrokken in de woning, op een paar minuten wandelafstand van het station. Dat stukje weg heeft hij toen wel meer dan duizend maal doorlopen om ‘just in time’ de trein naar Gent te halen.

    Carlos(°1931), Arlette(°1932) en Laurent(°1938) Martens werden op Goed ter Elst geboren. Na het huwelijk van Carlos en Arlette in 1958 werd het bedrijf uitgebaat door Arlette Martens en Julien Bruggeman. Ook hun dochters, Miriam en Ingrid Bruggeman, groeiden daar op.

    Na Emiel en Emma werd de woning aan de steenweg naar Merendree (4) eerst bewoond door Marcel Martens en Maria De Waele, die er ook zijn overleden , en thans door Arlette Martens en Julien Bruggeman.

    Herberg ‘In de statie/De Nieuwe Maalderij’ (5)

    Aan de bewaakte overweg tegenover het stationsplein woonde Joannes Martens(°1867), zoon van Petrus. In 1888, na zijn huwelijk met Leonie-Amelie De Vreese, nam hij deze herberg over en was er tevens landbouwer, fruitkoopman, en drukker. Hij was de uitgever van deze postkaart. Zijn vrouw hield een textielwinkel.

    Op het voorhof van de herberg stond een rij lindebomen. De gebouwengroep omvatte de woning met zadeldak van ongelijke hoogte, de stallingen en het lange magazijn met witte gevelmuur. Leonie en Joannes hadden er 4 kinderen. In 1916 trouwde hun zoon Maurits met Martha De Grauwe. Nadat de woning zwaar werd beschadigd tijdens de beschieting van het dorp bij de Duitse aftocht in 1918 verhuisde Joannes Martens met zijn gezin naar Gent. Vanaf 1921 zal de fruithandelaar Maurits Martens, samen met Martha De Grauwe de herberg opnieuw uitbaten. Daar werd ook Albert Martens(°1925), de schrijver van het artikel betreffende dit Hansbeeks panorama, geboren. Na het vroegtijdig overlijden van Maurits in 1940 zal zijn weduwe Martha tot 1950 de zaak verder zetten.

    Herberg ‘Huis van Commerce/Welkom’ (6)

    De witgekalkte woning met zwartgeteerde muurplint, brede ingangsdeur en vensterluiken, aan de zuiderzijde van de spoorweg, was een herberg bewoond door de vlaskoopman Eugeen-Napoleon(alias Zeun) De Grauwe en zijn vrouw Mietje Vande Reviere uit Aalter. In 1910 hadden zij drie grote dochters. De oudste dochter Martha De Grauwe zal in 1916, in volle oorlogstijd, trouwen met Maurits Martens ( uit In de statie aan de noorderzijde van de spoorweg). Samen met Maurice nam Martha de herberg van haar vader over van 1916 tot 1921. In 1921 werd de herberg overgelaten aan Adolf Saelens(die binnen de herberg ook een kapperszaak installeerde waar de jonge knaap Laurent Martens zijn haar liet knippen terwijl de mannen pinten dronken aan de toog), om samen de na de oorlogsschade heropgebouwde herberg In de statie te heropenen.

    Herenhuis van Maria Martens (7)

    In het grote herenhuis met schilddak en lommerrijke tuin die paalde aan de gebouwen van haar jongere broer Joannes Martens(6) woonde Maria Martens(°1864), dochter van Petrus-Francies. Zij was weduwe en grondeigenares en woonde toen samen met de twee volwassen en nog ongehuwde zonen uit haar eerste huwelijk met Serafien Van Vynckt, namelijk de kandidaat-notaris René en zijn broer Charles Van Vinckt. Er waren ook nog drie tieners uit haar tweede huwelijk met Emiel Hanssens. Ook haar 83-jarige oom Charles Hanssens uit Nevele, grondeigenaar en weduwnaar, woonde op het zelfde adres. Bij de aftocht van de Duitse troepen, na 20 october 1918, werd de woning zwaar beschadigd.

    Toen hij naar de lagere school liep tijdens de na-oorlogse jaren 1945-1950 kwam Laurent Martens, als zoon van Marcel Martens die van zijn tante Maria Goed ter Elst pachtte, minstens één keer per week langs, op weg naar school, om een kruik melk af te leveren aan groottante Maria en haar ongehuwde zoon Charles Van Vynckt, of aan de inwonende meid in de achterkeuken.

    Herenhuis van Irma Martens (8)

    Langs de steenweg naar Merendree, dicht bij het dorp maar net buiten beeld, woonde Irma Martens(°1875), dochter van Petrus-Francies. Zij was gehuwd met Aimé De Muynck, zoon van Pieter-Jan die een belangrijke rol speelde in de gemeentepolitiek. Irma en Aimé hadden reeds 5 kinderen waarvan nummer 5, Gaston, geboren was begin 1910, dus kort vooraleer de foto genomen werd. Nadien, in 1913, zou nog een zesde kind René geboren worden. Was deze genoemd naar René Martens, jongste broer die op De Meren woonde, of naar René Van Vynckt, oudste zoon van haar oudste zus Maria, die een paar honderd meter daar vandaan woonde? Later is de familie De Muynck-Martens verhuisd naar het Brusselse. De woning werd eigendom van en bewoond door Arthur Van Couter. Arthur was een schoonbroer van Rachel Martens, dochter van Emiel, die gehuwd was met Hilaire Van Couter.

    Herberg ‘Boldershof/Huis van Commerce’ (9)

    Charles-Louis (alias Karel) Wille, vlas- en fruitkoopman geboortig van Nevele, woonde samen met zijn vrouw Hortensia Langeraert in een huis aan het stationsplein dat eertijds als dorpsschool werd gebruikt. Zij hadden een kroostrijk gezin waarvan de twee oudste dochters waren uitgeweken naar Amerika en waarvan de derde dochter Louisa samen met haar man Jozef Union de herberg Huis van Vinderhoute (nu De Zoete Inval) naast de kerk(buiten beeld) uitbaatte. Vijf kinderen woonden nog thuis. In 1926 zal hun jongste dochter Andréa Wille samen met haar man Raymond Martens(°1896), zoon van Charles(°1873) en kleinzoon van Petrus-Francies, naar Amerika uitwijken. Op deze plaats is nu het zuidelijk deel van een parking.

    Herberg ‘In de Vrede/Café Zomergem/In de Oudstrijder’ (10)

    In het hoekhuis met achterkoer en poortje, waar de steenweg naar Merendree vanaf de dorpsstraat links wegdraait, woonde de kleermaker Gustaaf Mortier, die er eveneens een herberg en een textielwinkel uitbaatte. Hij was Gentenaar en zijn vrouw Rosalie Buysse was van Nevele. In 1910 hadden zij vier volwassen kinderen die behulpzaam waren in de zaak. In 1937 zal Henri De Maegd de zaak overnemen van Achiel Zutterman. De bakker Henri De Maegd was gehuwd met Irène Martens(°1898), dochter van Charles(°1873), kleindochter van Petrus-Francies. Zij waren teruggekeerd uit Amerika waar hun dochter Rosa De Maegd in 1925 geboren was. De vader van Irène was gestorven toen zij pas 3 jaar oud was en haar oudste broer Octaaf sneuvelde te Merkem aan het einde van de eerste wereldoorlog. In 1943 werd Henri De Maegd oorlogsschepen te Hansbeke. Dit verklaart wellicht waarom het echtpaar De Maegd-Martens in 1946 de bakkerij moest sluiten en Hansbeke verlaten. Op deze plaats is nu het noordelijk deel van een parking.

    Stationshuis (11)

    Sedert juli 1909 was Philemon Van Nieuwenburg stationschef te Hansbeke.Hij was afkomstig van Beernem. Hij bewoonde het stationshuis samen met zijn vrouw Maria Clothilde Zaman uit Verrebroek , hun 4 kinderen en zijn jongere broer August. In 1910 was zijn jongste zoon Julien 5 jaar oud. In 1918 werd het stationsgebouw zwaar beschadigd door obussen. Het werd pas in 1923-24 afgebroken en heropgebouwd. Julien Van Nieuwenburg zal in 1934 huwen met Mireilla Martens(°1913), jongste dochter van Emiel Martens. Mireilla woonde als kind op Goed ter Elst(3) en vanaf 1930 met haar ouders in de woning langs de steenweg naar Merendree(4).

    Herenhuis van Leontine De Schuyter (12)

    Aan de oostkant van de dorpstraat, op de hoek van de steenweg naar Merendree, staat een stevig herenhuis met verdieping en mansardedak. Met de ommuurde voortuin en afzonderlijke bijgebouwen domineert het de stationswijk. In 1910 was deze woning duidelijk te groot voor de ongehuwde Leontine De Schuyter, grondeigenares, en haar inwonende jonge meid Sidonie Meganck. Leontine was de jongste dochter uit het tweede huwelijk van haar vader Pieter-Josef met Francisca Lambrecht. Haar ongehuwde broer Henri was in 1909 gestorven en was gedurende 24 jaar gemeenteraadslid, waarvan de laatste 6 jaar ook schepen. Voordien was hun vader Pieter-Josef De Schuyter ook 5 jaar gemeenteraadslid.

    Pieter-Josef De Schuyter(1810-1885) was een eerste maal gehuwd geweest met Eugenie Martens(°1808), zuster van Petrus-Francies Martens, en dus een tante van de hoger vermelde Maria, Charles, Emiel, Joannes, Irma en René. Hij woonde op de hofstede tegenover de pastorie (14) en het was zijn zoon Henri die opdracht gaf tot het bouwen van het herenhuis ernaast. Henri overleed echter vooraleer de bouwwerken beëindigd waren. Nog voor de fusie van Hansbeke met Nevele werd deze eigendom aangekocht door de gemeente en als gemeentehuis gebruikt. Het is in dit gebouw dat Laurent Martens(°1938), zoon van Marcel, en Josette De Backer uit Oostakker in 1962 in het huwelijk traden. Dit gebeurde voor burgemeester Boudewijn de Bousies en schepen Marcel Martens(°1903). Nu wordt het gebouw gebruikt als dienstencentrum voor de gemeente Nevele.

    Smidse en woningen Van De Wattijne (13)

    Ten zuiden van de spoorweg en achter het Huis van Commerce bemerkt men de daknok van een langwerpige tweewoonst. In de eerste woning woonden de 77-jarige Louis Van De Wattijne en zijn vrouw Mathilde Bultinck. In de woning ernaast woonde zijn zoon Florimond Van De Wattijne, gehuwd met Maria Mestdagh uit Landegem. Flor was toen een nieuwe smidse aan het bouwen. Hij was de schoonbroer van Emiel Martens(°1871) wiens echtgenote Emma Mestdagh de zus was van Maria. Later zullen Florimond en Maria een andere woning bouwen, gelegen in het dorp langs de steenweg naar Merendree, tussen (12) en (8).Kort voor hun overlijden op 24 october 1980, met nauwelijks 12 uren verschil, vierden zij de 75e verjaardag van hun huwelijk, een radium-jubileum.

    Bakkerij De Cocker (14)

    Aan de oostkant van de dorpstraat, in de linkerbenedenhoek van de foto, is nog een deel van het zadeldak van de bakkerij van het echtpaar Kamiel De Cocker-Louise Cassier zichtbaar. Zij woonden er met 8 kinderen. Hun zoon Emiel De Cocker nam later de bakkerij over, na zijn huwelijk met Madeleine Hanssens, dochter van Kamiel. Kamiel Hanssens was een broer van Virginie Hanssens. Virginie was de echtgenote van Karel De Waele en de moeder van Maria De Waele die in 1930 die trouwde met Marcel Martens(°1903), zoon van Emiel. Kamiel Hanssens was bovendien een neef van Emiel Hanssens, de tweede echtgenoot van de dichtbij wonende Maria Martens. Langs deze weg bestaat eveneens een band met de families Hoste, Van Couter en Muys. Deze komt verder nog aan bod. In 2006 is hier nog steeds een bakkerij gevestigd. Tijdens de XIXe eeuw werd deze hofstede bewoond door Pieter Josef De Schuyter, zijn eerste echtgenote Eugenie Martens en nadien zijn tweede echtgenote Francisca Lambrecht, dochter van Marie Anna Martens. Zoon Henri De Schuyter liet vanaf 1908 het er naast gelegen herenhuis (12), later gemeentehuis en nadien dienstencentrum, bouwen.

    08-08-2007 om 15:09 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.6.12. Voorouders van verwanten van familie Martens

    6.11 Voorouders van verwanten van familie Martens

    6.11.3 Familie Charel De Backer en Marie De Clercq

    6.11.4 Familie Robert Cornelis en Paula Vanheste

     

    08-08-2007 om 00:00 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (2)
    31-07-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.7. Bronnen

    5.7 Bronnen

    Beelen, S., De Poorter, L., Haeyaert, P. en Vandenbroeke, C.(1994)

    Geschiedenis van de Vlaamse ontvoogding

    Antwerpen:MIM


    De Wever, Bruno(2005)

    De Vlaamse Beweging: een geschiedenis

    Gent: Academia Press, Wetenschappelijke Nascholing 2004-2005-04-15


    Janssens, A.(1983)

    De dorpsbakkerij van Hansbeke

    Het Land van Nevele, Jg 15, nr 2, pp 76-89


    Leenknecht, Robert (1974)

    Lijst van de gesneuvelde Hansbekenaars in het leger van Napoleon

    http://home.planetinternet.be/lvnevele/artikelen/1974_4b.htm pp 1-2


    Luyssaert L.

    Toponiemen Hansbeke … a.w. p 107


    Martens, Albert (1969)

    Stamvaders van Petrus-Francies Martens

    Stam Martens, Mededelingsblad voor de families Martens en aanverwanten, Jg 1, nr 1, pp 5-7


    Martens, Albert (1969)

    Petrus-Francies Martens en gezin

    Stam Martens, Jg 1, nr 1, pp 8-9


    Martens, Albert (1969)

    Doodsprentje Petrus Martens(4-3-1810 – 30-1-1900)

    Stam Martens, Jg 1, nr 2, pp 10-11


    Martens, Albert (1970)

    Grootouders van Petrus Martens

    Stam Martens, Jg 1, nr 3, pp pp 4-7


    Martens, Albert (1970)

    Verwantschap tussen Maria Ledeganck, echtgenote Judocus Martens, en de dichter Karel Lodewijk Ledeganck

    Stam Martens, Jg 2, nr 2, pp 5-6


    Martens, Albert (1970)

    Ouders, zuster en broer van Petrus-Francies Martens

    Stam Martens, Jg 2, nr 2, pp 3-5


    Martens, Albert (1971)

    Verwantschapstafel tussen Petrus en Angelus Martens

    Gezin en nakomelingen van Angelus Martens(1837-1912)

    Stam Martens, Jg 2, nr 4, pp 4-7


    Martens, Albert (1971)

    Stamvaders uit de aanverwante families: Pieter Nicolas De Muynck

    Stam Martens, Jg 3, nr 1, p 14


    Martens, Albert (1971)

    Benoemingsbrief van Petrus Martens tot schepen te Hansbeke

    Stam Martens, Jg 3, nr 2, p 16


    Martens, Albert (1972)

    Peilingen naar het analfabetisme omstreeks het einde van de XVIIIde eeuw aan de hand van de parochiale huwelijksakten van Hansbeke(1779-1796)

    http://home;planetinter.be/lvnevele/artikelen/1972_4.htm


    Martens, Albert (1993)

    Uitvaarten te Hansbeke Anno 1888-1926

    Mensen van Toen, Jg 3, nr 4, pp 93-98


    Martens, Albert (1997)

    Bouwkundig patrimonium te Hansbeke

    Tien pentekeningen van Robert Leenknecht

    Appeltjes van het Meetjesland, nr 48, pp 201-210


    Martens, Albert (1998)

    De Maria kapel op de wijk Zande te Hansbeke

    Het Land van Nevele, Jg 29, nr 1, pp 27-67


    Martens, Albert (2000)

    Gemeenteraadsverkiezingen en Gemeenteraden te Hansbeke 1830-1976

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Albert (2001)

    Hansbeke in 1700

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Albert (2002)

    Mensen van Vlees en Bloed, Hansbeke 1619-1791

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Albert (2003)

    Herbergen en herbergiers te Hansbeke

    Uitgave Oud-Hansbeke


    NN

    Hansbeke in de crisisjaren 1830-1845

    http://home.planetinternet.be/lvnevele/klooster-5.htm pp 1-4


    NN

    De hongerjaren

    http://home.planetinternet.be/lvnevele/klooster-5.htm pp 1-2

    31-07-2007 om 18:26 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.6. Bijlagen

    5.5 Bijlagen

    Bijlage 5.1 Hansbeke in de crisisjaren 1830-1845

    In 1818 telde Hansbeke 2.559 inwoners, verdeeld over 480 huishoudens, inclusief meiden en knechten, die samen 375 woningen betrokken. Onder deze 480 gezinshoofden waren er 25 behoeftig, 14 dagloners, 7 wevers en 4 spinsters, met een gezamenlijke gezinslast van 155 personen, hetzij in totaal circa 7% van de bevolking(36).

    In het begin van de jaren dertig werden door de gemeenteoverheid en het Bureel van Weldadigheid maatregelen getroffen om de toenemende bedelarij uit te roeien en bijzondere inspanningen geleverd om het stijgend aantal behoeftigen te ondersteunen. Aanvankelijk vonden wekelijkse bedelingen plaats waarop aan een 30-tal gezinnen vooral schenkelvlees en roggebrood, soms aardappelen, kousen en klompen werden gegeven. Later overhandigde de penningmeester van het Weldadigheidsbureel aan de behoeftigen bonnetjes waarmede ze in één of andere dorpswinkel vlees, brood en allerhande winkelwaren mochten halen.

    Sommige gezinnen kregen kosteloos woonst in huisjes van het armbestuur, in andere gevallen werd de huispacht door de armmeester rechtstreeks aan de huisbaas vereffend. Openbare aanbestedingen werden gehouden waarop het onderhoud van behoeftige alleenstaanden en weeskinderen tegen een maandelijkse vergoeding aan naastbestaanden of aan de minst biedende werd toevertrouwd. Zieke en invalide mensen werden in een (stedelijk) godshuis geplaatst.

    De onkosten van al deze tussenkomsten werden bestreden met de inkomsten van het armbestuur bestaande uit renten en pachten, aalmoezen, geldinzamelingen, particuliere giften en gemeentelijke subsidies. Deze waren echter slechts toereikend om de hoogste nood te lenigen(37). Daarom deed het Welvaartsbureel een dringend beroep op de liefdadigheid van alle welstellende inwoners, die zich verplichtten wekelijks mondbehoeften uit te reiken aan een bedeelde die hen ten dien einde werd aangewezen, terwijl anderen tijdens de maandelijkse zittingen een geldsom aan de armmeesters of aan de wijkmeesters ter hand stelden om bedeeld te worden. Anderzijds werden behoeftigen, die tot werken in staat waren, bij landbouwers en anderen tewerkgesteld(38).

    Aangezien de meeste inwoners de kost moesten verdienen met het vervaardigen van vlas en werkgaren of lijnwaad steeg het aantal behoeftigen ten gevolge van de voortdurende crisis in de jaren veertig aanzienlijk, van circa 7% tot ruim 10% van de Hansbeekse bevolking die van 2.789 zielen in 1840 tot 2.635 in 1845 afnam. De hulpbehoevenden vond men vooral onder de spinsters, de wevers en de dagloners en vanzelfsprekend onder degenen die tot werken onbekwaam waren. Bijna de helft van deze mensen moest volledig ondersteund worden.

    De oorzaken van de armoede(39) lagen uiteraard in het volledig of gedeeltelijk gemis aan inkomen, door werkloosheid, ziekte of gebrekkigheid, hoge ouderdom of bijzondere tegenspoed(bvb verlies van ouders, man of vrouw). Toen de vrijwillige giften in natura en in speciën, door een zekere moedeloosheid of onverschilligheid van de welstellende burgers terugliep en de financiële middelen van het armbestuur uitgeput waren, werd de plaatselijke omslag door het gemeentebestuur gevoelig verhoogd. Deze verhoging werd integraal bestemd tot het onderhoud ter domicilie van bejaarden, gebrekkigen en minderjarigen en tot het uitreiken van brood en het verlenen van werk aan de valide bedeelden(40).

    Toen de gemeenteraad in 1844, ingevolge maatregelen van overheidswege, volgens de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 31-10-1843 een nijverheidscomité oprichtte teneinde o.a. werk te verschaffen aan werklozen(41), waren nog slechts 50 van de 200 voorhanden weefgetouwen in werking. Dit comité stelde het door haar gekochte vlas en werk ter beschikking van spinsters die het voor rekening van dit orgaan tot garen sponnen.

    Bijlage 5.2 Generatie IX in parenteel van Stoffel Martens

    Generatiegenoten van Carel Martens (1766-1837)

    IX.1 M MOENS, Lieven-Bernard Wondelgem

    IX.2 V SUTTERMAN, Maria-Theresia 11-06-1766 Hansbeke

    IX.3 V SUTTERMAN, Maria Rosa     12-01-1771 Hansbeke 14-09-1850 Hansbeke

    IX.4 M SUTTERMAN, Jan Baptist                              1806 Hansbeke

    IX.5 M SUTTERMAN, Pieter-Jacob                       08-08-1840 Hansbeke

    IX.6 V De VLIEGHER, Coleta       26-02-1725 Hansbeke 04-11-1727 Hansbeke

    IX.7 M De VLIEGHER, C.A.J.B.     30-07-1731 Hansbeke

    IX.8 V De WEVER, Pieternella

    IX.9 V De VLIEGHER, J.C.         25-06-1734 Hansbeke 12-03-1735 Hansbeke

    IX.10 M De VLIEGHER, Jan-Marten  28-02-1737 Hansbeke 13-06-1758 Hansbeke

    IX.11 M De RYCKE, Petrus F.      05-03-1752 Nevele         1752 Nevele

    IX.12 M De RYCKE, Petrus F.      04-04-1755 Nevele

    IX.13 M D'HUYVETTER, Guillelmus  24-03-1748 Hansbeke

    IX.14 V D'HUYVETTER, Joanna B.   08-06-1750 Hansbeke 12-07-1750 Hansbeke

    IX.15 M D'HUYVETTER, Livinus     16-12-1751 Hansbeke 28-01-1752 Hansbeke

    IX.16 M D'HUYVETTER, Balduinus   02-02-1753 Hansbeke 24-10-1782 Hansbeke

    IX.17 V D'HUYVETTER, Catharina   15-09-1755 Hansbeke 18-02-1760 Hansbeke

    IX.18 V D'HUYVETTER, Joanna F.   25-02-1758 Hansbeke

    IX.19 V D'HUYVETTER, Maria       29-01-1760 Hansbeke 08-02-1760 Hansbeke

    IX.20 V D'HUYVETTER, Livina C.   07-07-1761 Hansbeke 08-10-1762 Hansbeke

    IX.21 M D'HUYVETTER, Jan Baptist 19-07-1763 Hansbeke 24-10-1763 Hansbeke

    IX.22 V D'HUYVETTER, Livina C.   31-12-1764 Hansbeke 21-02-1765 Hansbeke

    IX.23 M D'HUYVETTER, Petrus F.   05-10-1766 Hansbeke

    IX.24 V D'HUYVETTER, Joannes     19-05-1769 Hansbek 30-05-1769 Hansbeke

    IX.25 V MARTENS, Joanna Catherina15-01-1745 Hansbeke 05-02-1745 Hansbeke

    IX.26 M Vander VENNET, Joannes F.06-09-1754 Hansbeke 24-10-1829 Hansbeke

    IX.27 V MARTENS, Regina Petronel.07-06-1746 Hansbeke 13-12-1830 Hansbeke

    IX.28 M MARTENS, Jacobus Joannes 05-09-1748 Hansbeke 20-04-1794 Hansbeke

    IX.29 V MAENHOUT, Livina Cathar. 29-12-1756 Hansbeke 01-01-1834 Hansbeke

    IX.30 M MAENHOUT, Judocus F.     18-09-1748 Hansbeke 22-04-1829 Hansbeke

    IX.31 V MARTENS, Norbertina      08-03-1751 Hansbeke 09-02-1821 Hansbeke

    IX.32 M HALLAERT, Jan Baptist    24-02-1743 Aalter 09-05-1813 Aalter

    IX.33 V MARTENS, Joanna Petronil.20-10-1752 Hansbeke 19-04-1831 Aalter

    IX.34 M CACKAERT, Joseph         09-02-1753 Nevele

    IX.35 V MARTENS, Maria Petronilla14-01-1754 Hansbeke 19-08-1789 Nevele

    IX.36 M MARTENS, Petrus Francisc.10-03-1756 Hansbeke 29-11-1756 Hansbeke

    IX.37 M MARTENS, Carolus Francies26-10-1757 Hansbeke 05-03-1759 Hansbeke

    IX.38 V MARTENS, Carolina        05-04-1761 Hansbeke 31-07-1837 Hansbeke

    IX.39 M Van HOVE, Jacobus F.     23-04-1764 Hansbeke 12-02-1813 Hansbeke

    IX.40 V MARTENS, Rosalina        23-06-1763 Hansbeke    na 1813 Hansbeke

    IX.41 M MARTENS, Carel(hoofdstam)12-01-1766 Hansbeke 26-12-1837 Hansbeke

    IX.42 M VISIOEN, Benedictus

    IX.43 V MARTENS, Joanna          20-09-1744 Beernem

    IX.44 V MARTENS, Victoria Cornel.21-02-1751 Ruddervoord15-03-1766 Varsenare

    IX.45 M MESTDAGH, Joannes        20-04-1750 Snellegem 14-03-1808 Snellegem

    IX.46 V MARTENS, Isabella Clara  02-07-1754 Ruddervoord28-05-1823 Jabbeke

    IX.47 M MARTENS, Petrus Francisc.07-02-1757 Varsenare 09-07-1773 Varsenare

    IX.48 V MARTENS, Rosa            05-05-1759 Varsenare 03-12-1759 Varsenare

    IX.49 M MARTENS, Joannes Francies02-11-1760 Varsenare 28-11-1760 Varsenare

    IX.50 M De ROO, Ignatius         01-12-1759 Jabbeke 25-05-1831 Jabbeke

    IX.51 V MARTENS, Anna Maria      03-06-1762 Varsenare 17-04-1814 Jabbeke

    IX.52 M MARTENS, F.J.            01-02-1765 Varsenare 15-02-1765 Varsenare

    IX.53 M KERKAERT, Emmanuel       27-05-1765 Jabbeke 12-06-1836 Jabbeke

    IX.54 V MARTENS, Joanna Theresia 27-02-1766 Varsenare 25-01-1828 Jabbeke

    IX.55 M MARTENS, Joannes         13-02-1769 Varsenare 10-09-1807 Oudenburg

    IX.56 M MARTENS, Josef Ludovicus 19-03-1772 Varsenare 08-04-1773 Varsenare

    IX.57 M MARTENS, Petrus Jacobus  04-05-1774 Varsenare

    IX.58 M MARTENS, Jan Francies    04-11-1790 Ursel     10-10-1846 Aalter

    IX.59 V ORNELIS, Ferdinanda      04-03-1801 Aalter    19-12-1875 Aalter

    IX.60 M MARTENS, Pieter                1759                 1801

    IX.61 M MARTENS, Albert                1786                 1848

    IX.62 V VERMEIRE, Joanna                    St Joris-ten Distel

    IX.63 M De WAEGENAERE, Francies

    IX.64 V MARTENS, Jacoba                1793                 1845

    IX.65 M STOFFERIS, Pieter

    IX.66 V MARTENS, Sophia                1801

    IX.67 M De BAETS, Jozef

    IX.68 V MARTENS, Agnes                 1786                 1863

    IX.69 M Van VYNCKT, Carolus F.   23-10-1776 Bellem    29-05-1863 Bellem

    IX.70 V LIPPENS, Theresia              1785 Ursel     11-08-1865 Bellem

    Bijlage 5.3 Overzicht XIXe eeuw met afstammelingen van Carel Martens (1766-1837 ) en

    Maria Rosa Sutterman (1771-1850)

    I.1 M MARTENS, Carel             12-01-1766 Hansbeke 26-12-1837 Hansbeke

    I.2 V SUTTERMAN, Maria Rosa      12-01-1771 Hansbeke 14-09-1850 Hansbeke

    II.2 V MARTENS, Eugenie          18-03-1808 Hansbeke 14-08-1845 Hansbeke

    II.1 M De SCHUYTER, Pieter Josef 12-05-1811 Hansbeke 01-04-1885 Hansbeke

    III.2 V De SCHUYTER, Marie C.       02-1844

    III.1 M BRUGGEMAN, Carolus

    III.3 V De SCHUYTER, Eugenie

    II.3 V MARTENS, Regina           08-03-1809 Hansbeke 18-08-1850 Hansbeke

    II.4 M MARTENS, Petrus-Francies  04-03-1810 Hansbeke 30-01-1900 Hansbeke

    II.5 V Van Der PLAETSE, D.C.     06-09-1831 Nevele   13-07-1859 Hansbeke

    III.4 M MARTENS, x               01-07-1859 Hansbeke 01-07-1859 Hansbeke

    II.6 V CODDENS, Eugenie          29-09-1836 Bellem   18-10-1898 Hansbeke

    III.6 V MARTENS, Maria P.P.      29-04-1864 Hansbeke 05-12-1950 Hansbeke

    III.5 M Van VYNCKT, Serafien A.  14-09-1822 Bellem   05-03-1890 Hansbeke

    IV.1 M Van VYNCKT, René          07-07-1884 Hansbeke 14-04-1949 Gent

    IV.2 V CLAERHOUT, Louise         17-05-1889 Lotenhulle06-10-1961 Gent

    IV.3 M Van VYNCKT, Charles       09-05-1886 Hansbeke 03-11-1973 Hansbeke

    III.7 M HANSSENS, Emiel          12-12-1862 Hansbeke 08-04-1909 Hansbeke

    IV.5 V HANSSENS, Anna            16-12-1893 Hansbeke 22-06-1949 Gent

    IV.4 M DASSONVILLE, Victor       02-04-1896 Gent 14-02-1966 Knokke

    IV.7 V HANSSENS, Irène           02-04-1895 Hansbeke

    IV.6 M Van ACKER, Charles-Louis  22-04-1894 St Ghislain

    IV.8 M HANSSENS, Leon            21-12-1897 Hansbeke 22-08-1958 Rymenam

    IV.9 V MASSART, Rose             25-08-1896 Sint Joost 08-04-1969 Etterbeek

    IV.10 M HANSSENS, Robert         04-06-1899 Hansbeke 15-01-1900 Hansbeke

    III.8 M MARTENS, Henricus-Joannes28-08-1865 Hansbeke 02-05-1887 Hansbeke

    III.9 M MARTENS, Petrus-Joannes  23-01-1867 Hansbeke 25-02-1920 Gent

    III.10 V De VREESE, Leonie Amelie30-08-1866 Hansbeke 07-03-1944 Gent

    IV.11 V MARTENS, Anna M.E.       10-12-1887 Hansbeke 11-04-1889 Hansbeke

    IV.12 M MARTENS, Petrus Maurice  07-12-1888 Hansbeke 23-01-1940 Hansbeke

    IV.13 V De GRAUWE, Martha        20-04-1888 Hansbeke 27-04-1980 Hansbeke

    IV.14 V MARTENS, Maria A.M.      23-02-1890 Hansbeke 25-12-1890 Hansbeke

    IV.16 V MARTENS, Adèle M.B.      11-02-1891 Hansbeke 08-05-1948 Gent

    IV.15 M GYSELBRECHT, Hector      27-12-1886 Aalter 09-01-1957 Gent

    IV.18 V MARTENS, Bertha          14-02-1892 Hansbeke 10-09-1969 Gentbrugge

    IV.17 M GHYSELINCK, Alberic      15-12-1886 Oosterz. 14-03-1936 Gentbrugge

    IV.19 V MARTENS, Clara           27-04-1893 Hansbeke 30-04-1952 Sint-Amands

    III.12 V MARTENS, Emma Maria     07-01-1869 Hansbeke 17-02-1946 Lovendegem

    III.11 M SIERENS, Henri          31-07-1834 Nevele 14-02-1907 Nevele

    IV.21 V SIERENS, Anna            23-10-1890 Nevele

    IV.20 M Van DAELE, Aimé-Edward   06-08-1887 Vinderhoute28-05-1971 Vinderhou

    IV.23 V SIERENS, Maria           22-11-1891 Nevele

    IV.22 M CLAEYS, Irené            23-07-1881 Drongen 13-11-1965 Drongen

    IV.25 V SIERENS, Clara           07-01-1893 Nevele 06-01-1968 Nazareth

    IV.24 M De VOS, Julien August    08-05-1880 Nokere 20-04-1961 Marchienne

    IV.26 M SIERENS, Josef           30-06-1894 Nevele 22-02-1945 Bellem

    IV.27 V Van Den BON, Adrienne    15-03-1900 Oostkamp

    IV.28 V SIERENS, Leonce-Marie    25-03-1896 Nevele 09-06-1896 Nevele

    IV.30 V SIERENS, Clemence        02-06-1897 Nevele

    IV.29 M VERSTRAETE, Evarist      15-03-1892 Nevele 11-11-1967 Deinze

    IV.31 M SIERENS, Antoine Emile   11-12-1898 Nevele 03-01-1900 Nevele

    IV.33 V SIERENS, Suzanne         20-09-1900 Nevele

    IV.32 M MELKEBEKE, Jan B.A.      06-10-1891 Heldergem 21-11-1959 Gent

    IV.34 V SIERENS, Germaine        12-12-1901 Nevele

    IV.35 M SIERENS, Henri           28-10-1905 Nevele 12-02-1934 Nevele

    IV.36 V De WAELE, Maria             12-1907

    III.13 M MARTENS, Emiel          22-05-1871 Hansbeke 09-05-1955 Hansbeke

    III.14 V MESTDAGH, Emma          17-03-1878 Landegem 30-05-1964 Hansbeke

    IV.38 V MARTENS, Rachel          12-12-1901 Hansbeke 28-12-1988 Brugge IV.37 M Van COUTER, Hilaire      17-03-1896 Zwevezele 15-02-1976 Gent

    IV.39 M MARTENS, Marcel Joseph   18-09-1903 Hansbeke 23-05-1989 Hansbeke

    IV.40 V De WAELE, Maria Rosalie  22-02-1906 Nevele 21-06-1997 Hansbeke

    IV.42 V MARTENS, Mireilla        03-02-1913 Hansbeke

    IV.41 M VANNIEUWENBURG, Julien   11-04-1905 Landegem

    III.15 M MARTENS, Charles J.M.   25-09-1873 Hansbeke 25-04-1901 Hansbeke

    III.16 V Van HOECKE, Maria Coleta01-02-1875 Hansbeke 13-10-1949 Hansbeke

    IV.43 M MARTENS, Petrus Octaaf   19-09-1893 Bellem   28-09-1918 Houthulst

    IV.44 M MARTENS, Raymond         10-12-1896 Gent     27-11-1954 South Bend

    IV.45 V WILLE, Andréa            27-04-1900 Hansbeke

    IV.47 V MARTENS, Irène M.T.      14-10-1898 Hansbeke

    IV.46 M De MAEGD, Hendrik Achiel 09-03-1893 Hansbeke 29-01-1968 Gent

    III.18 V MARTENS, Irma Maria     11-12-1875 Hansbeke 05-04-1943 Sint-Jans-M

    III.17 M De MUYNCK, Aimé August  11-06-1876 Hansbeke 09-08-1953 Rekkem

    IV.49 M De MUYNCK, Leon Petrus   05-10-1903 Hansbeke 06-01-1965 Brussel

    IV.50 V ALBRECHTS, Pauline       16-03-1906 Baasrode

    IV.52 V De MUYNCK, Andréa E.V.   16-02-1905 Hansbeke

    IV.51 M MAROTEN, Jean-Baptiste   21-11-1911 Anderlecht

    IV.53 M De MUYNCK, Armand Désiré 10-04-1906 Hansbeke 21-01-1942 Brussel

    IV.54 V Van VALKENBERGH, Sibyl J.28-11-1910 Schaarbeek 22-07-1967 Schaarbe.

    IV.55 M De MUYNCK, Michel E.J.   24-05-1908 Hansbeke

    IV.56 V GILLET, Yvonne           31-05-1911 Hermalle

    IV.57 M De MUYNCK, Gaston René   04-02-1910 Hansbeke

    IV.58 V LEJUSTE, Catherine       08-01-1911 St Joost

    IV.59 M De MUYNCK, René          25-03-1913 Hansbeke

    IV.60 V SCHREYENS, Philomène     12-03-1914 Brussel

    III.19 M MARTENS, René Seraphinus25-01-1877 Hansbeke 01-09-1960 Hansbeke

    III.20 V Van HOECKE, Leontine P. 25-08-1879 Hansbeke 13-07-1970 Drongen

    IV.61 V MARTENS, Anna            02-02-1904 Hansbeke

    IV.63 V MARTENS, Maria G.G.      10-04-1905 Hansbeke

    IV.62 M VERHELST, Raymond        20-10-1902 Oedelem

    IV.65 V MARTENS, Eliza           17-08-1906 Hansbeke

    IV.64 M VERHELST, Maurice        24-12-1905 Oedelem

    IV.67 V MARTENS, Emma            02-02-1909 Hansbeke

    IV.66 M STROBBE, Julien          14-09-1909 Hansbeke

    IV.68 V MARTENS, Lea             18-08-1910 Hansbeke 03-02-1926 Vinderhoute

    IV.70 V MARTENS, Andréa C.E.     28-10-1912 Hansbeke 09-02-2006 Gent

    IV.69 M BEELAERT, André B.B.     02-11-1912 Drongen

    II.7 V MARTENS, Maria C.J.       15-02-1812 Hansbeke 02-05-1812 Hansbeke

    II.8 M MARTENS, Joannes Francies 03-02-1814 Hansbeke 19-03-1867 Hansbeke

    II.9 V Van NIEUWENHUYSE, Maria P.11-10-1811 Oostakker 03-05-1886 Hansbeke

    Bijlage 5.4 Generatie X in het parenteel van Stoffel Martens

    Generatiegenoten van Petrus-Francies Martens (1810-1900)

    X.1 M MOENS, Lieven-Bernard            1811 Wondelgem 10-04-1867 Hansbeke

    X.2 V Van NIEUWENHUYSE, J.M.           1808 Oostakker 30-06-1878 Hansbeke

    X.3 M ONGENA, Louis

    X.4 V MOENS, Sophie                         Wondelgem

    X.5 M De GROOTE, Pieter

    X.6 V MOENS, Isabella                       Wondelgem

    X.7 M De SCHUYTER, Pieter Josef  12-05-1811 Hansbeke 01-04-1885 Hansbeke

    X.8 V MARTENS, Eugenie           18-03-1808 Hansbeke 14-08-1845 Hansbeke

    X.9 V MARTENS, Regina            08-03-1809 Hansbeke 18-08-1850 Hansbeke

    X.10 M MARTENS, Petrus-Francies  04-03-1810 Hansbeke 30-01-1900 Hansbeke

    X.11 V Van Der PLAETSE, D.C.     06-09-1831 Nevele   13-07-1859 Hansbeke

    X.12 V CODDENS, Eugenie          29-09-1836 Bellem   18-10-1898 Hansbeke

    X.13 V MARTENS, Maria C.J.       15-02-1812 Hansbeke 02-05-1812 Hansbeke

    X.14 M MARTENS, Joannes Francies 03-02-1814 Hansbeke 19-03-1867 Hansbeke

    X.15 V Van NIEUWENHUYSE, Maria P.11-10-1811 Oostakker03-05-1886 Hansbeke

    X.16 V Vander VENNET, Joanna C.  04-11-1776 Hansbeke 22-11-1776 Hansbeke

    X.17 V Vander VENNET, Maria Rosa 28-11-1777 Hansbeke 24-11-1859 Hansbeke

    X.18 M Vander VENNET, Petrus           1780 Hansbeke 24-05-1788 Hansbeke

    X.19 M Vander VENNET, Carolus F. 21-01-1784 Hansbeke 23-08-1831 Hansbeke

    X.20 M Vander VENNET, Jan Baptist30-06-1786 Hansbeke 09-06-1788 Hansbeke

    X.21 V Vander VENNET, Anna C.    17-12-1788 Hansbeke 16-10-1794 Hansbeke

    X.22 M MARTENS, Carolus F.       27-06-1777 Hansbeke 10-03-1791 Hansbeke

    X.23 M MARTENS, Petrus Franciscus15-12-1778 Hansbeke 17-03-1852 Merendree

    X.24 V MARTENS, Carolina          30-06-1781 Hansbeke 07-07-1817 Bellem

    X.25 V MARTENS, Joanne Maria      06-01-1783 Hansbeke 11-01-1783 Hansbeke

    X.26 MARTENS, xxx                 09-12-1783 Hansbeke 09-12-1783 Hansbeke

    X.27 M MARTENS, Joannes           09-12-1784 Hansbeke 01-12-1785 Hansbeke

    X.28 M LAMBRECHT, Judocus         04-03-1779 Hansbeke 17-09-1843 Hansbeke

    X.29 V MARTENS, Maria Anna        23-10-1786 Hansbeke 21-03-1860 Merendree

    X.30 M MARTENS, Judocus F.        30-11-1788 Hansbeke 24-01-1846 Merendree

    X.31 M MARTENS, Regina            08-08-1790 Hansbeke 11-05-1873 Merendree

    X.32 V MARTENS, Monica            27-10-1792 Hansbeke 30-05-1862 Merendree

    X.33 M MAENHOUT, Gerardus F.      05-08-1787 Hansbeke 12-10-1863 Hansbeke

    X.34 V MAENHOUT, Maria Anna       07-07-1786 Hansbeke 13-12-1863 Hansbeke

    X.35 M MAENHOUT, Petrus Joannes   29-10-1787 Hansbeke 18-11-1846 Hansbeke

    X.36 V MAENHOUT, Anna Catharina   28-03-1790 Hansbeke 03-01-1791 Hansbeke

    X.37 M HANSSENS, Augustinus       10-07-1792 Nevele   07-01-1887 Hansbeke

    X.38 V MAENHOUT, Carola           15-12-1791 Hansbeke 12-02-1861 Nevele

    X.39 V MAENHOUT, Maria Theresia   24-09-1793 Hansbeke

    X.40 M HALLAERT, Karel            28-08-1786 Aalter

    X.41 V HALLAERT, Maria Theresia   18-01-1788 Aalter

    X.42 V HALLAERT, Regina           06-02-1790 Aalter   08-02-1790 Aalter

    X.43 M CACKAERT, Joannes          17-08-1789 Nevele   17-08-1789 Nevele

    X.44 V VISIOEN, Rosa

    X.45 V VISIOEN, Anne Marie

    X.46 V MESTDAGH, Joanna Theresia  22-12-1776 Jabbeke

    X.47 M MESTDAGH, Hieronymus       05-03-1779 Jabbeke  05-05-1780 Jabbeke

    X.48 M MESTDAGH, Joannes B.       17-03-1782 Jabbeke  23-04-1782 Jabbeke

    X.49 MESTDAGH, x                  09-06-1784 Jabbeke  09-06-1784 Jabbeke

    X.50 M MESTDAGH, Pieter Jacobus   03-09-1785 Jabbeke

    X.51 V MESTDAGH, Monica           23-12-1787 Jabbeke  13-01-1790 Jabbeke

    X.52 M MESTDAGH, Philippus        20-10-1789 Jabbeke  05-03-1809 Jabbeke

    X.53 V MESTDAGH, Regina Charles         1795 Jabbeke  20-10-1815 Jabbeke

    X.54 V De ROO, Anna Maria         25-01-1789 Jabbeke

    X.55 V De ROO, Isabella           03-05-1791 Jabbeke

    X.56 V De ROO, Sophia Theresia    07-10-1798 Jabbeke

    X.57 M De ROO, Franciscus               1801

    X.58 V De ROO, Colette            26-01-1809 Jabbeke   24-10-1835 Jabbeke

    X.59 V KERCKAERT, Maria Theresia  15-02-1787 Jabbeke   07-03-1842 Jabbeke

    X.60 V KERCKAERT, Regina          20-03-1789 Jabbeke   13-09-1790 Jabbeke

    X.61 V KERCKAERT, Barbara         06-03-1791 Jabbeke

    X.62 M KERCKAERT, Casimarus       16-09-1797 Jabbeke

    X.63 V KERCKAERT, Monica          24-12-1799 Jabbeke

    X.64 V KERCKAERT, Anna            11-01-1802 Jabbeke

    X.65 M KERCKAERT, Emmanuel        28-11-1803 Jabbeke

    X.66 M KERCKAERT, Jacques         28-03-1807 Jabbeke

    X.67 M MARTENS, Angelus           23-04-1837 Ursel     29-10-1912 Aalter

    X.68 V SAEY, Sophia               06-07-1837 Knesselare25-01-1916 Assenede

    X.69 Van VYNCKT, x                16-07-1821 Bellem    16-07-1821 Bellem

    X.70 M Van VYNCKT, Serafien A.    14-09-1822 Bellem    05-03-1890 Hansbeke

    X.71 M Van VYNCKT, Edwardus       24-04-1824 Bellem    02-06-1890 Bellem

    X.72 V Van VYNCKT, Maria Paulina  04-08-1827 Bellem    28-08-1915 Bellem

    Bijlage 5.5 Akte van voorouderlijke verdeling van onroerende goederen

    van Petrus Martens op 14 september 1893 (notaris Timon De Seille)

    Voor meester Timon Pierre Marie Richard De Seille, notaris ter verblijfplaats van Hansbeke kanton Nevele, arrondissement Gent,

    Zijn verschenen :

    1° Mijnheer Petrus Martens en zijn echtgenoote dame Eugenia Coddens, die hij ten einde dezer bijstaat en bemachtigt, beide landbouwers en eigenaars samen wonende te Hansbeke, getrouwd onder het beheer der gemeenschap van aanwinsten, zoo blijkt bij hun huwelijkskontrakt, verleden voor den notaris Van Waesberghe te Gent den tienden Januari achttien honderd vier en zestig, partijen ter eenere ;

    2° Dame Maria Martens en haar echtgenoot die haar bijstaat en bemachtigt, mijnheer Emiel Hanssens, bijzondere zonder beroep en grondeigenaars samen wonende te Hansbeke ;

    3° Mijnheer Joannes Martens koopman en herbergier wonende te Hansbeke ;

    4° Dame Emma Martens en haar echtgenoot die haar bijstaat en bemachtigt mijnheer Henri Sierens, brouwers samen wonend te Nevele ;

    5° Bovengenoemde heer Henri Sierens alhier nog handelende als gevolmachtigde over mijnheer Emiel Martens, bijzondere zonder beroep wonende te Hansbeke, thans verblijvende in Amerika, krachtens volmacht in minuut verleden voor ons werkenden notaris den vier en twintigsten november achttienhonderd twee en negentig, waarvan een afschrift aan deze zal gevoegd blijven.

    en 6° de heer Eduard Coddens bijzonderen zonder beroep wonende te Hansbeke, alhier handelende als bijzondere voogd ad hoc over de minderjarige kinderen van genaemden heer Petrus Martens en vrouw Eugenia Coddens te weten : a) Charles Martens, b) Irma Martens en c) René Martens, daartoe aangesteld bij familieraad gehouden onder voorzitterschap van na te noemen heer vrederechter, partijen ten andere zijde ;

    Ten overstaan van den heer Ernest Haus vrederechter des kantons Nevele, bijgestaan van zijnen griffier mijnheer Emiel Dierick beide wonende te Nevele,

    Welke partijen ter eenere zijde, namentlijk mijnheer Petrus Martens en dame Eugenie Coddens, willende de voldoening hebben hunne onroerende goederen tusschen hunne bovengenoemde kinderen, en ten hunnen genoegen en volgens hunne wederzijdsche belangen, geschiktheid en overeenstemming zelve te verdeelen hebben door deze akte die goederen bij gift onder levenden onwederroepelijk geschonken en toebedeeld aan zelfde kinderen volgens artikel duizend vijf en zeventig en volgende van het burgerlijk wetboek.

    Om den stand zijner kinderen te vergemakkelijken of te verzekeren heeft de komparant mijnheer Petrus Martens, gebruik makende van artikel veertien honderd twee en twintig van het burgerlijk wetboek, verklaard bij zijne eigene onroerende goederen die te willen voegen der huwelijksgemeenschap die bestaat tusschen hem en zijne genoemde echtgenoote, om van al die onroerende goederen maar eene en zelfde massa te vormen.

    De partijen ten andere zijde, kinderen Martens of hunne wettelijke vertegenwoordigers, handelend in hunne hoedanigheden en bijgestaan en bemachtigd zooals voorzeid, verklaren deze voorouderlijke verdeling bij gift onder levenden aan te nemen en elk zijnen na aangewezen kavel met dank te aanveerden.

    Alhoewel bovengemelde giften onder levenden alhier in naam der genoemde minderjarigen door hunnen bijzonderen voogd ad hoc voornoemd aanvaard worden, verklaart nogthans voor zooveel nodig de vader mijnheer Petrus Martens bij deze nog uitdrukkelijk de giften onder levenden hierboven gedaan door zijne echtgenote dame Eugenia Coddens aan hunne genoemde kinderen Charles, Irma en René nog minderjarig, in hunnen naam te aanvaarden krachten artikel negenhonderd vijf en dertig van het burgerlijk wetboek. En wederkeerlijk verklaart vrouw Eugenia Coddens onder bemachtiging van haren echtgenoot de bovengemelde giften door dezen gedaan aan genoemde minderjarige kinderen Martens in hunnen naam met dank te aanveerden.

    Daarna hebben partijen ter eener zijde ons notaris aanzocht de geschonkene te verdeelen onroerende goederen te beschrijven, de eigendomsbewijzen ervan vast te stellen, de kavels te vormen en de toebedeeling ervan te willen doen alles naar hun verlangen.

    Waaraan voldaan is als volgt :

    Beschrijving der te verdeelen goederen

    Eigene goederen van mijnheer Petrus Martens

    Gemeente Hansbeke

    Artikel Een

    Eene partij land te Hansbeke, genaamd:“den potstake” gekend bij kadastraal plan sektie B. nummer 909b groot zes en veertig aren.

    Artikel Twee

    Eene partij land te Hansbeke, genaamd:“Jan van Hullen’s stuk” sektie B. nummer 921 groot een hectare een en zestig aren veertig centiaren.

    Artikel Drij

    Eene partij land te Hansbeke, genaamd:“den Potstake” sektie B nummer 915 groot een hectare twintig aren vijftig centiaren.

    Artikel Vier

    Eene partij zaailand te Hansbeke genaamd:“het Egypteken” sektie B. nummer 934 groot vier en dertig aren.

    Artikel Vijf

    Eene partij land te Hansbeke sektie B. nummer 933 groot twee en vijftig aren dertig centiaren.

    Artikel Zes

    Eene partij land te Hansbeke genaamd:“het stuk met veel hoeken” sektie B nummer 936 groot drij en zeventig aren negentig centiaren.

    Artikel Zeven

    Eene partij zaailand te Hansbeke genaamd:”het Rostraatje” sektie A. nummer 1485 groot vier en veertig aren tachtig centiaren.

    Artikel acht

    Eene partij zaailand te Hansbeke, genaamd:”het stuk voor ’t hof” sektie A. nummer 1375 groot vijftig aren dertig centiaren.

    Artikel negen

    Eene voorname hofstede bestaande in woonhuis, schuur, stallingen en verdere afhangens gestaan en gelegen te Hansbeke, gekend ten kadaster sektie A. nummers 1371,1372,1373 en 1374 groot onder bebouwden grond boomgaard en tuin vijf en zestig aren dertig centiaren.

    Artikel Tien

    Eene partij zaailand te Hansbeke genaamd:”het stuk achter ‘thuis” sektie A. nummer 1370 groot een hectare vijftig aren negentig centiaren.

    Artikel Elf

    Eene partij land te Hansbeke genaamd:”het Heerstuk” sektie A. nummer 1361 groot drij en vijftig centiaren.

    Artikel Twaalf

    Eene partij zaailand te Hansbeke genaamd:”den Kouter” sektie A. nummer 1377 groot twee hectaren vijf en veertig aren.

    Artikel Dertien

    Eene partij zaailand te Hansbeke genaamd:”den hoogen Bulj” sektie A. nummer 1380 groot zes en tachtig aren tachtig centiaren.

    Artikel veertien

    Eene partij land te Hansbeke genaamd:”den Binnelare” sektie A. nummers 1043 en 1044 groot negen en vijftig aren tien centiaren.

    Artikel vijftien

    Eene partij zaailand te Hansbeke genaamd:”het Leen” sektie A. nummer 1041 en 1049 groot drij en zeventig aren vijftig centiaren.

    Artikel zestien

    Een langwerpig partijken zaailand te Hansbeke genaamd:”den Kleinen tuin” sektie A. nummer 1051 groot vier en twintig aren tien centiaren.

    Artikel zeventien

    Eene hofstede bestaande in woonhuis, schuur, stallingen en afhangens te Hansbeke op het klein Kauterken sektie A. nummers 1053,1054,1055,1056,1057 en 1058a samen groot met dan slag gelegen ten zuiden en alhier geheel medegaande vijf en vijftig aren dertig centiaren, thans gekend op ’t Kadaster sektie A. nummers 1055a,1057a,1057b en 1058b.

    Artikel achttien

    Eene partij zaailand genaamd:”den tuinkouter” gelegen te Hansbeke sektie A. nummer 1088a groot een hectare zeventig aren tachtig centiaren, vroeger gekend op ’t kadaster sektie A. deel van nummer 1085, deel van nummer 1086 en nummer 1088.

    Artikel negentien

    Eene partij zaailand genaamd:”de Doornhage” gelegen te Hansbeke sektie A. nummer 1200 groot een hectare vijf aren zeventig centiaren.

    Bovenbeschreven goederen zijn aan den Komparant mijnheer Petrus Martens toegekomen bij akte verkaveling der onroerende goederen afhangende van de nalatenschappen zijner overleden ouders, verleden voor den notaris Van Doorne te Poucques den acht en twintigsten Oktober achtien honderd vijftig.

    Artikel twintig

    Eene partij land genaamd:”de kleine Kapel” gelegen te Hansbeke sektie B nummers 1130b,1131 en 1132 groot vijf en zestig aren zestien centiaren volgens titel en zes en zestig aren zestig volgens Kadaster.

    Artikel Een en twintig

    Eene partij zaailand genaamd:”Den Doorn” te Hansbeke sektie B nummer 1130 groot een hectare een are vijftig centiaren.

    De goederen beschreven onder artikels twintig en een en twintig zijn door den komparant mijnheer Petrus Martens aangekocht jegens zijn medegerechtigde Marie Anna Martens en andere bij proces-verbaal van openbare verkooping verleden voor meester Blomme notaris te Lovendegem den acht en twintigsten Maart achttien honderd negen en vijftig.

    Artikel twee en twintig

    Eene partij zaailand genaamd:”de Stoverkens” gelegen te Hansbeke wijk Ro, sektie B. nummer 1174 groot zes en vijftig aren tien centiaren.

    Deze partij land is aan den heer Petrus Martens toegekomen bij akte verdeeling tusschen hem en zijnen broeder mijnheer Jan francies Martens, verleden voor den notaris Blomme te Nevele den zestienden Oktober achttien honderd een en zestig.

    Artikel drij en twintig

    Eene partij zaailand gelegen te Hansbeke sektie A. nummer 1362, groot een en dertig aren tien centiaren.

    Artikel vier en twintig

    Eene partij zaailand gelegen te Hansbeke sektie A. nummer 1357 groot zestig aren vijftig centiaren.

    Artikel vijf en twintig invoeging

    Eene partij zaailand te Hansbeke sektie A. nummer 1360 groot vier en tachtig aren tien centiaren. Artikel vijf en twintig.goedgekeurde verzending (parafen)

    De goederen beschreven onder artikels drij en twintig, vier en twintig en vijf en twintig zijn door den heer Petrus Martens aangekocht jegens den heer Ludovicus Onghena-Moens te Oostakker bij koopakte verleden voor den notaris De Backere te Gent den een en dertigsten Januari achtienhonderd twee en zestig.

    Artikel zes en twintig

    Een schoon en groot woonhuis met stalling en erf te Hansbeke bij de statie, sektie A. nummers 1307b,1308c samen groot zes aren zestig centiaren.

    Artikel zeven en twintig

    Eene partij zaailand gelegen te Hansbeke, Kluize, sektie B. nummer 916a groot vijftien aren zeventien centiaren.

    De goederen beschreven onder artikels zes en twintig en zeven en twintig zijn door den heer Petrus Martens, gedurende huwelijk met zijne genoemde echtgenote, aangekocht jegens de kinders Onghena, bij koopakte verleden voor den notaris Buysse te Oostwinkel den zestienden Maart achttien honderd zeven en zestig.

    Artikel acht en twintig

    Eene partij zaailand te Hansbeke, genaamd:”de Doornhage” sektie A. nummer 1199 groot zes en vijftig aren vijftig centiaren.

    Artikel negen en twintig

    Eene perceelken land te Hansbeke sektie A. nummer 1201 groot drij aren twintig centiaren.

    De goederen beschreven onder artikels acht en twintig en negen en twintig zijn door den gever mijnheer Petrus Martens aangekocht bij akte onder handteeken in dato achtsten mei achttienhonderd een en vijftig, jegens de kinderen van Overwaele te Hansbeke, geregistreerd als volgt:

    “Enregistré à Deynze le quatorze mai 1800 cinquante un, deux rôles sans renvoi, vol. 30 folio 79 v° C 1re et suivantes. Reçu un franc soixante cinq centimes pour droit de Bail, cent quarante francs pour droit de vente et trente et un francs soixante dix centimes pour 30% additionels faisant ensemble cent trente sept francs trente cinq centimes. Le redeveur signé Colson.

    Gemeente Aalter

    Artikel Dertig

    Een perceel land te Aalter, tegen de Weststraat, sektie A. nummer 569 groot vijf en twintig aren tachtig centiaren.

    Artikel Een en dertig

    Een perceel land te Aalter sektie A. nummer 570 groot zeven en zestig aren dertig centiaren.

    De twee percelen land beschreven onder artikels dertig en een en dertig zijn den heer Komparant Petrus Martens toegekomen bij proces-verbaal van openbare veiling der onroerende goederen afhangende der nalatenschap van Marie Therese Hallaert in leven landbouwster te Aalter, gehouden door den notaris Goeminne te Aalter den achttienden Juni achttien honderd twee en zeventig, in welke goederen de gever medegerechtigd was.

    Gemeente Hansbeke

    De helft van:

    Artikel twee en dertig

    Eene schone welgelegene hofstede genaamd:”het goed ter Elst” met woonhuis, schuur, stallingen, wagenhuis, ovenbuur, verdere gerieven, boomgaard, tuin, land en dreve gestaan en gelegen te Hansbeke en aldaar bekend bij kadastraal plan sektie B. nummers 887a,904,905,906,907 en 908 samen groot een hectare drij en dertig aren zestig centiaren.

    Artikel drij en dertig

    Eene partij zaailand genaamd:”het bo

    31-07-2007 om 18:22 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.5 Andere tijdgenoten uit de XIXe eeuw

    5.4 Andere tijdgenoten uit de XIXe eeuw

    5.4.1 Afstammelingen van andere stamlijnen Martens en aanverwanten uit vorige eeuwen

    Afstammelingen van Jacobus Martens(1687-1767) zv Joannes

    Jacobus, zoon van Joannes en Janneken Maenhout, was de jongere broer van Judocus Martens. Jacobus huwde met de 22 jaar jongere Joanna Ledeganck uit Ursel maar bleef te Bellem wonen. In stam Martens, Jg 2, nr 4, 1971 schetst Albert Martens een verwantschapstafel waarin een parallel getrokken wordt tussen de kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen van beide broers tot enerzijds Petrus en anderzijds Angelus, tot bij het begin van de XXe eeuw.

                Joannes Martens         x         Joanna Maenhout

                   (1656-1729) 

    Judocus Martens x Pieternella Lamme                            Jacobus Martens x Joanna Ledeganck

    ° Bellem 1686 ° Hansbeke 1694               ° Bellem 1687 ° Ursel 1709

    + Hansbeke 1725 + Hansbeke 1720             + Bellem 1767 + Bellem 1788

    Joannes Martens x Maria F De Brauwer                        Benedictus Martens x Suzanna D’Hondt

    ° Hansbeke 1719 ° Hansbeke 1724              ° Ursel 1743  ° Ursel

    + Hansbeke 1801 + Hansbeke 1806              ° Ursel 1812  + Ursel 1796

    Carel Martens x Maria R Sutterman                              Jan Franc. Martens x Ferdinanda Ornelis

    ° Hansbeke 1766 ° Hansbeke 1771              ° Ursel 1790 ° Aalter 1801

    + Hansbeke 1837 + Hansbeke 1850              + Aalter 1846 + Aalter 1875

    Petrus F. Martens x Eugenie Coddens                              Angelus Martens x Sophia Saey

    ° Hansbeke 1810 ° Bellem 1836                ° Ursel 1837 ° Knesselare 1837

    + Hansbeke 1900 + Hansbeke 1898              + Aalter 1912 + Assenede 1916

    Angelus Martens was, zoals zijn tijdgenoot Petrus Martens, een betachterkleinzoon van Joannes Martens(1656-1729) en Janneken Maenhout. Angelus, in de volksmond Jantje genoemd, werd te Ursel geboren op 23 april 1837 als voorlaatste kind uit een gezin van zeven. Zijn vader Jan Francies die te Ursel huwde op 16 juni 1824 en er landbouwer was, verhuisde omstreeks 1840 naar Aalter waar hij stierf op 10 october 1846, in de wijk Hulhoek.

    Op 24 april 1872 huwde de 35-jarige Angelus te Aalter met de eveneens 35-jarige Sophie Saey, dochter van Francies en Amelia Giese, landslieden te Knesselare, Westvoorde. Uit dit huwelijk werden 3 kinderen geboren : Elisa Maria, August en Theophiel. Het echtpaar bewoonde verschillende jaren een eigen hofstede in de Weststraat te Aalter en vestigde zich later op een erf in de wijk Marquette te Bellem.

    Hun dochter Elisa Martens werd te Aalter geboren op 8 maart 1873 en huwde er op 6 december 1893 met Jules Boute(°Aalter 5-8-1858, + Aalter 12-4-1934), zoon van Victor, schipper, en Euphemia Claeys, en stierf te Aalter op 16 augustus 1938. Met Jules Boute bewoonde zij een hofstede in de Kattewijk te Aalter. Daar stierf ook vader Angelus Martens op 29 october 1912. Zijn weduwe Sophie Saey overleed op 25 januari 1916 in het klooster, Leegstraat te Assenede.

    Personen in parenteel van Victor BOUTE , schoonvader van Elisa MARTENS

    I.1 M BOUTE, Victor

    I.2 V CLAEYS, Euphemia

    II.1 M BOUTE, Jules          05-08-1858 Aalter     12-04-1934 Aalter

    II.2 V MARTENS, Elisa Maria  08-03-1873 Aalter     16-08-1938 Aalter

    III.2 V BOUTE, Helena Celesta13-03-1893 Aalter     05-12-1939 Oostrozebeke

    III.1 M COTTIGNIE, Julien     10-04-1891 Oostrozebeke

    IV.1 M COTTIGNIE, Noël        23-12-1923 Oostrozebeke

    IV.2 V SEVENOO, Anita         30-03-1932 Roeselare

    V.1 M COTTIGNIE, Kristian     10-11-1956 Kortrijk

    V.2 V COTTIGNIE, Lieve        20-02-1959 Kortrijk

    V.3 M COTTIGNIE, Jan          10-11-1962 Kortrijk

    IV.3 M COTTIGNIE, José        27-03-1926 Oostrozebeke

    IV.4 V HEECKHOUT, Rosa        15-01-1928 Oostrozebeke

    V.4 M COTTIGNIE, Patrick      17-01-1960 Kortrijk

    V.5 M COTTIGNIE, Luc          19-04-1961 Kortrijk

    IV.6 V COTTIGNIE, Rolanda     10-12-1929 Oostrozebeke

    IV.5 M HEECKHOUT, Frans       11-08-1930 Oostrozebeke

    V.6 M HEECKHOUT, Frank        07-09-1962 Kortrijk

    V.7 V HEECKHOUT, Koen         20-05-1964 Kortrijk

    III.3 M BOUTE, René           07-10-1894 Aalter       12-10-1894 Aalter

    III.4 V BOUTE, Martha Margar. 03-11-1897 Aalter       27-07-1899 Aalter

    III.6 V BOUTE, Maria          11-06-1900 Aalter

    III.5 M De REVIERE, René      10-06-1892 Aalter

    IV.7 M De REVIERE, Jules Emile18-11-1939 Aalter

    III.7 V BOUTE, Angelique      21-11-1902 Aalter       18-03-1903 Aalter

    III.8 M BOUTE, Emiel          29-08-1906 Aalter

    Van de 6 kinderen van Elisa Martens, allen geboren te Aalter, zijn er slechts 2 gehuwd. René stierf na 5 dagen, Martha na 19 maanden, Angelique na 4 maanden en Emiel bleef vrijgezel. De oudste dochter Helena Boute werd verpleegster en heeft zich tijdens de eerste wereldoorlog verdienstelijk gemaakt aan het front, bij de verpleging van gekwetste soldaten. Na haar huwelijk op 24 januari 1923 met Julien Cottignie, zoon van Kamiel en Rosalie Wyssels, vestigde zij zich te Oostrozebeke waar 3 kinderen geboren werden. Noël werd goudsmid, José was beroepsmilitair en Rolanda huwde met een accountant.

    De zonen van Angelus Martens, August(°Aalter 14-8-1876) en Theophiel Martens(°Aalter 21-1-1879),zijn zoals vele Vlamingen bij het begin van de XXe eeuw uitgeweken naar Amerika, vermoedelijk naar Rock Island, Illinois. August zou ongehuwd gebleven zijn en Theophiel is vermoedelijk gehuwd, maar het is niet gekend of hij kinderen heeft nagelaten. Opzoekingen in de immigratie-archieven van Ellis Island(New-York) geven geen aanwijzingen voor August Martens, tenzij van een 32-jarige ongehuwde Vlaming August Martens die op 30 juni 1909 per boot zou aangekomen zijn uit Southampton. Voor Theophiel Martens zijn twee vermeldingen die op hem kunnen betrekking hebben, beide betreffende een in 1879 geboren Vlaming die uit Antwerpen vertrokken is. Enerzijds is er op 17 mei 1901 de aankomst van een 22-jarige Theophiel Martens uit Bellem en anderzijds is er op 5 februari 1902 een aankomst van een 23-jarige Theophiel Martens uit Aeltre. Verder is er op 10 juni 1913 nog een aankomst van Theophiel Martens, 36 jaar en ongehuwd, die voordien evenwel reeds in Mishawaka, Indiana woonde. Het kan wel degelijk over dezelfde persoon gaan, temeer andere leden van de familie Martens zich in Mishawaka gevestigd hebben. Mogelijks zijn er dus in Amerika nog afstammelingen van Angelus die de familienaam Martens dragen.

    Afstammelingen van de familie Ledeganck

    De hierboven geschetste Jan Francies Martens, zijn zoon Angelus en zijn kleinkinderen Elisa , August en Theophiel Martens zijn XIXe eeuwse afstammelingen uit het huwelijk tussen Jacobus Martens en Joanna Ledeganck, kleindochter van Guille Ledeganck.

    In bijlage 4.3 werden ook de andere lijnen Ledeganck die doorlopen tot de XIXe eeuw uitgetekend. Francies Martens, zoon uit het tweede huwelijk van stamvader Judocus Martens met Maria Ledeganck, oudere zus van Joanna, kreeg meerdere kinderen uit zijn tweede huwelijk met Anna Steelandt. Vier van hun kinderen leefden tot het begin van de XIXe eeuw: Isabella Martens(+Jabbeke 1823) en haar man Joannes Mestdagh(+Snellegem 1808), Anna Martens(+Jabbeke 1814) en haar man Ignace De Roo(+ Jabbeke 1831), Joanna Martens(+Jabbeke 1828) en haar echtgenoot Emmanuel Kerckaert(+Jabbeke 1836) en Joannes Martens(+ Oudenburg 1807). Meer dan 10 kleinkinderen met de namen Mestdagh, De Roo en Kerckaert leefden eveneens doorheen de XIXe eeuw.

    Naast deze twee kleindochters van Guille Ledeganck die met de stam Martens afstammelingen kregen, is er de lijn van de kleinzoon Jan Baptist Ledeganck met 3 generaties in de XIXe eeuw: Pieter(+Adegem 1804) en zijn vrouw Judoca Lippens(+Adegem 1804), Jan(+Adegem 1839) en zijn vrouw Joanna Coddens(+Eeklo 1836) en uiteindelijk Karel Lodewijk Ledeganck(+Gent 1847), zijn echtgenote Virgina De Hoon(+ Gent 1890) met hun zoon Herman en dochter Clara.

    5.5.2 Voorouders uit families verwant aan de familie Martens in XXe eeuw

    Aangetrouwde families van kinderen Petrus(1810-1900) en Eugenie Coddens

    Familie Van Vynckt-Martens

    Personen in parenteel van Pieter Franciscus Van VYNCKT, grootvader van Serafien

    I.1 M Van VYNCKT, Pieter Franciscus

    I.2 V MARTENS, Maria Catharina    xx-xx-1747

    II.1 M Van VYNCKT, Carolus Franc. 23-10-1776 Bellem    29-05-1863 Bellem

    II.2 V MARTENS, Carolina          30-06-1781 Hansbeke  07-07-1817 Bellem

    III.1 V Van VYNCKT, Regina        11-12-1806 Bellem

    III.2 V Van VYNCKT, Maria Theresia27-01-1808 Bellem    16-10-1884 Hansbeke

    III.3 V Van VYNCKT, Amelia        24-04-1809 Bellem    13-07-1816 Bellem

    III.4 V Van VYNCKT, Rosalia       23-02-1811 Bellem    24-10-1875 Hansbeke

    III.5 M Van VYNCKT, Carolus Livin.08-06-1813 Bellem    06-04-1894 Hansbeke

    III.6 M Van VYNCKT, Petrus        12-09-1814 Bellem    05-12-1814 Bellem

    III.7 M Van VYNCKT, xxx           21-11-1815 Bellem    21-11-1815 Bellem

    III.8 V Van VYNCKT, Eugenie       04-07-1817 Bellem    22-07-1817 Bellem

    II.3 V LIPPENS, Theresia                1785 Ursel     11-08-1865 Bellem

    III.9 Van VYNCKT, xxx             16-07-1821 Bellem    16-07-1821 Bellem

    III.10 M Van VYNCKT, Serafien A.  14-09-1822 Bellem    05-03-1890 Hansbeke

    III.11 V MARTENS, Maria P.P.      29-04-1864 Hansbeke  05-12-1950 Hansbeke

    IV.1 M Van VYNCKT, René           07-07-1884 Hansbeke  14-04-1949 Gent

    IV.2 V CLAERHOUT, Louise          17-05-1889 Lotenhulle06-10-1961 Gent

    IV.3 M Van VYNCKT, Charles        09-05-1886 Hansbeke  03-11-1973 Hansbeke

    III.12 M Van VYNCKT, Edwardus     24-04-1824 Bellem    02-06-1890 Bellem

    III.13 V Van VYNCKT, Maria Paulina04-08-1827 Bellem    28-08-1915 Bellem

    In dit parenteel duikt de meervoudige verwantschap tussen de families Martens en Van Vynckt duidelijk op. Pieter Van Vynckt huwde met Maria Catharina Martens, dochter van Carolus en Marie Anna Steyaert. Hun zoon Carolus Van Vynckt trouwde te Hansbeke op 13 augustus 1806 met Carolina Martens, dochter van Jacobus Martens en Livina Maenhout. Hun dochter Regina is ingetreden in het begijnhof St Trudo te Brugge. De tweede dochter Maria Theresia en de vierde dochter Rosalia bleven ongehuwd en de derde dochter Amelia overleed toen zij slechts 7 jaar was. Ook Carolus bleef ongehuwd en werd 80 jaar oud.De drie laatste kinderen overleden bij de geboorte of na enkele dagen. Carolina stierf in het kraambed te Bellem twee dagen na de geboorte van haar dochtertje Eugenie. Ondanks de geboorte van 5 kinderen, is deze familietak uitgestorven.

    Carolus Van Vynckt hertrouwde te Bellem op 20 juli 1820 met Theresia Lippens uit Ursel. Zij kreeg 4 kinderen. Het eerste kind werd dood geboren,terwijl Edward en Maria Paulina ongehuwd bleven. Serafien huwde met Maria Martens, oudste dochter van Petrus-Francies Martens en uit dat huwelijk was het enkel de oudste zoon René die afstammelingen kreeg.

    Wellicht is er eveneens een verwantschap met de familie Bernard Van Vynckt en Melanie Coopman, die na Joannes Martens-Van Nieuwenhuyse en voor Emiel Martens-Mestdagh Goed ter Elst hebben bewoond. In 1886, na het overlijden van Joannes Martens en Maria Van Nieuwenhuyse, was Serafien Van Vynckt immers samen met Petrus Martens mede-eigenaar geworden van Goed ter Elst, dat nadien verpacht werd aan Bernard Van Vynckt. Tijdens de XXe eeuw ontstaat nog een verwantschap doordat Polydoor Van Vynckt, zoon van Bernard, huwt met Marie Melanie Mestdagh, zus van Emma Mestdagh die in 1901 in het huwelijk trad met Emiel Martens.

                              Guilliame Martens              x                Joanna Steyaert

                                         (°1628)

    Joanna Maenhout        1x                     Joannes Martens              2x           Joanna De Vlieghere

                                                                       (°1656)

    Petronilla Lamme x Judocus Martens                        Carolus Martens x Maria Anna Steyaert

                                     (°1686)                                             (°1704)

    Maria De Brauwer      x          Joannes Martens
                                                    (°1719)

    M Sutterman xCarel Martens Jacob Martens xL Maenhout  M. Martens x Pieter Van Vynckt

                             (°1766)                 (°1748)                                    (°1747)

    Eugen. Coddens xPetrus Martens Carolina Martens1xCarolus Van Vynckt2xTheresia Lippens

                                        (° 1810)              (°1781) 

              Maria Ph Martens               x                                       Serafien Van Vynckt

                         (°1864)                                                                     (°1822)

                    Charles Van Vynckt                         René Van Vynckt x Louise Claerhout

                           (°1886)                                             (°1884)

    Bovenstaand schema, over de periode 1628-1886, toont dat Guilliame Martens en Joanna Steyaert voorouders waren van zowel Maria Martens als van haar man Serafien Van Vynckt. Judocus Martens is een betovergrootvader van Maria Martens en zijn halfbroer Carolus is een overgrootvader van Serafien Van Vynckt. Verder is Carel Martens grootvader van Maria Ph Martens en is zijn broer Jacob Martens schoonvader van Carolus Van Vynckt. Carolina Martens is niet enkel een tante van Maria Martens maar ook moeder van de kinderen uit het eerste huwelijk van de vader van Serafien, dus moeder van Serafien zijn halfbroers en halfzussen.

    Maria Ph Martens en de afstammelingen uit haar eerste huwelijk met Serafien Van Vynckt worden besproken bij de XXe eeuw. Aan de hand van het parenteel van Pieter Van Vynckt wordt de volledige XIXe eeuw overbrugd door 4 generaties: Carolus Van Vynckt uit Bellem en zijn echtgenotes Carolina Martens uit Hansbeke en Theresia Lippens uit Ursel maken de overgang van de XVIIe naar de XIXe eeuw mee en sterven alle drie te Bellem. De 8 kinderen uit het eerste huwelijk en de 5 kinderen uit het tweede huwelijk van Carolus Van Vynckt worden te Bellem geboren in het eerste kwart van de XIXe eeuw en overlijden voor het einde van de XIXe of het begin van de XXe eeuw. Serafien Van Vynckt overleed in 1890, toen zijn schoonvader Petrus Martens nog leefde. Langs Maria Martens, die slechts 26 jaar oud was wanneer haar eerste man overleed, ging de erfenis van de families Van Vynckt en Lippens tijdens de XXe eeuw over op haar kinderen René en Charles Van Vynckt, en vervolgens op de kinderen van René.

    Familie Hanssens-Maenhout

    Personen in parenteel van Josefus HANSSENS, overgrootvader van Emiel en van Maria Virginia Hanssens

    I.1 M HANSSENS, Josefus

    I.2 V Van RENTERGEM, Joanna C.

    II.1 M HANSSENS, Augustinus    10-07-1792 Nevele       07-01-1887 Hansbeke

    II.2 V MAENHOUT, Carola        15-12-1791 Hansbeke     12-02-1861 Nevele

    III.1 M HANSSENS, Edwardus     13-06-1826 Nevele        voor 1830

    III.2 M HANSSENS, Carolus L.    04-07-1827 Nevele      11-01-1916 Hansbeke

    III.3 M HANSSENS, Bruno         10-12-1828 Nevele      21-07-1864 Hansbeke

    III.4 V HEYDE, Rosalie          13-01-1825 Hansbeke    01-04-1897 Hansbeke

    IV.1 M HANSSENS, Cornelius      09-04-1860 Hansbeke    05-08-1864 Hansbeke

    IV.2 M HANSSENS, Emiel          12-12-1862 Hansbeke    08-04-1909 Hansbeke

    IV.3 V MARTENS, Maria P.P.      29-04-1864 Hansbeke    05-12-1950 Hansbeke

    IV.4 V HANSSENS, Virginia T.    16-01-1864 Hansbeke    13-07-1864 Hansbeke

    III.5 M HANSSENS, Edwardus F.   17-09-1830 Nevele      10-08-1889 Nevele

    III.6 V Van HEULE, Clementina   26-10-1838 Nevele

    IV.6 V HANSSENS, Maria Virginia 19-01-1880 Nevele      14-10-1913

    IV.5 M De WAELE, Charel         16-11-1872 Poesele     09-01-1938 Nevele

    IV.7 M HANSSENS, Kamiel               1870 Nevele

    IV.8 V BONAMIE, Emma                  1873 Hansbeke

    IV.9 M HANSSENS, Jan

    IV.10 V VERRIJSSEL,

    IV.11 V MAENHOUT, x

    IV.13 V HANSSENS, x

    IV.12 M LOONTJENS, Hildefons

    IV.15 V HANSSENS, x

    IV.14 M De SMET, Theoduul

    IV.17 V HANSSENS, Marie-Elodie

    IV.16 M VERHELST, Adolf

    III.8 V HANSSENS, Maria Virginie        20-09-1832 Nevele

    III.7 M VEREECKEN, Jan Baptist          26-07-1810 Evergem

    III.9 M HANSSENS, Petrus                24-09-     Hansbeke

    De ouders en grootouders van Emiel Hanssens, tweede echtgenoot van Maria Martens, hebben de XIXe eeuw overbrugd. Uit het huwelijk van August Hanssens met Carola Maenhout werden te Nevele 5 zonen en 4 dochters geboren. Uit het huwelijk van hun zoon Bruno met Rosalie Heyde, dochter van Karel Francies en Carolina Willems, op 4 mei 1859 te Hansbeke, werden een zoon en een dochter geboren die overleden als peuter zodat hun overlevende zoon Emiel Hanssens , die met Maria Martens huwde, de enige erfgenaam werd. Emiel Hanssens en Maria Martens maakten de brug van de XIXe naar de XXe eeuw, samen met hun twee dochters en twee zonen waarvan de jongste overleed vooraleer hij één jaar oud werd.

    Merkwaardig is dat, net zoals bij haar eerste man Serafien Van Vynckt ook een familierelatie bestond tussen Emiel Hansssens en Maria Martens. Carola Maenhout, echtgenote van August Hanssens en dus grootmoeder van Emiel, was een dochter van Judocus Maenhout(1748-1829) en Norbertina Martens(1751-1821) en dus een kleindochter van Joannes Martens(1719-1801) en Maria Francisca De Brauwer. Carel Martens(1766-1837) en Maria Rosa Sutterman waren de ouders van Petrus en dus grootouders van Maria Martens. De hoofdstamlijnhouder Carel was ook een broer van Norbertina Martens(1751-1821). Derhalve was Joannes Martens(1719-1801) zowel overgrootvader van Maria Martens als betovergrootvader van haar echtgenoot Emiel Hanssens. Carel Martens en Maria Rosa Sutterman waren derhalve niet enkel de ouders van Petrus Martens, de schoonvader van Emiel Hanssens, maar evenzeer de oom en tante van Carola Maenhout, grootmoeder van Emiel Hanssens.

    Drie generaties Hanssens zetelden in de gemeenteraad te Hansbeke: August(schepen 1849-1851 en 1870-1881), zijn zoon Charles-Louis(1882-1895) en zijn kleinzoon Emiel(1896-1909),echtgenoot van Maria Martens. Van 1870 tot 1909, bij het overlijden van Emiel, zetelden zij ononderbroken in de raad. Nadien werd de reeks verder gezet door Charles Van Vynckt(1912-1958), zoon uit het eerste huwelijk van Maria Martens. Alles samen betreft het 87 jaar gemeentebestuur.

    Emiel Hanssens was dooppeter van Laurent De Waele, broer van Maria De Waele en zoon van Karel en Virginia Hanssens, wat een familieverband tussen deze twee takken Hanssens doet vermoeden. Een zoektocht in de geboorteregisters van de gemeente Nevele liet toe aan te tonen dat Emiel Hanssens(tweede echtgenoot van Maria Martens) en Virginie Hanssens (eerste echtgenote van Charel De Waele, moeder van Maria De Waele en grootmoeder van Laurent Martens) kleinkinderen waren van Augustinus Hanssens, dus neef en nicht. Hun grootvader Augustinus Hanssens was gehuwd met Carola Maenhout, een kleindochter van Joannes Martens en Maria Francisca De Brauwer.

    Familie De Muynck-Schaubroeck

    Personen in parenteel van Joseph De MUYNCK, overgrootvader van Aimé DE MUYNCK

    I.1 M De MUYNCK, Joseph

    I.2 V Van HOVE, Anna M.C.

    II.1 M De MUYNCK, Pieter-Nicolaes 06-12-1794 Hansbeke  18-02-1877 Hansbeke

    II.2 V SCHAUBROECK, Monica        05-11-1796 Hansbeke  18-06-1853 Hansbeke

    III.1 M De MUYNCK, Pieter-Jan     11-10-1836 Hansbeke  27-11-1903 Hansbeke

    III.2 V GALENS, Marie Pelagie     17-02-1848 Vinderhoute05-01-1879 Hansbeke

    IV.2 V De MUYNCK, Marie Valerie   08-07-1867 Hansbeke

    IV.1 M De BOEVER, August          26-12-1862 Hansbeke

    IV.4 V De MUYNCK, Leonie Rosalie  07-10-1868 Hansbeke

    IV.3 M Van OVERBEKE, Joseph Petrus20-08-1865 Bellem

    IV.5 M De MUYNCK, Pieter Emiel    16-01-1870 Hansbeke 23-01-1873 Hansbeke

    IV.6 M De MUYNCK, Désiré Martin   11-11-1871 Hansbeke 24-06-1926 Hansbeke

    IV.7 V VERHELST, Maria E.C.             1875

    IV.8 V De MUYNCK, Emilie Romanie  04-02-1874 Hansbeke

    IV.9 M De JONGHE, Joseph Cyrille  17-01-1876 Aarsele

    IV.10 M De MUYNCK, Edward Remi    02-05-1875 Hansbeke 11-05-1875 Hansbeke

    IV.11 M De MUYNCK, Aimé August    11-06-1876 Hansbeke 09-08-1953 Rekkem

    IV.12 V MARTENS, Irma Maria       11-12-1875 Hansbeke 05-04-1943 Sint-Jans-

    IV.13 V De MUYNCK, Marie Rosalie  22-03-1878 Hansbeke

    IV.14 M De KESEL, Maurice J.A.    14-03-1885 Zomergem

    Vier generaties De Muynck te Hansbeke zorgden voor de overgang tussen de XVIIIe en de XXe eeuw. Joseph De Munck en zijn vrouw Anna Van Hove, alsook hun zoon Pieter-Nicolaes, werden geboren tijdens de XVIIIe eeuw.

    De 39-jarige Pieter-Nicolaes De Muynck huwde te Hansbeke voor de wet op 10 augustus 1833 met de 37-jarige Monica Schaubroeck,dochter van Livinus en Maria Coleta De Ruyck en zus van burgemeester Pieter Jan Schaubroeck. Pieter-Nicolaes was toen reeds lid van de Hansbeekse gemeenteraad(1831-36 en 1849-75).De gehuwden waren landbouwers en woonden in de Voorstraat te Hansbeke. Dat Pieter-Nicolas De Muynck tijdens de jaren 1836-1847 niet zetelde in de gemeenteraad hield wellicht verband met het K.B. van 19 augustus 1836 waardoor zijn schoonvader Pieter Jan Schaubroeck benoemd werd tot burgemeester. Zijn schoonvader overleed op 18 januari 1847, toen hij nog in functie was als burgemeester. Na de eerstvolgende verkiezingen op 22 augustus 1848 kwam Pieter-Nicolaes De Muynck opnieuw in de raad.

    Zijn zoon en enig kind Pieter-Jan De Muynck was koophandelaar en werd gemeenteraadslid(1876-78) en schepen(1879-1903). Bij de verkiezingen op 16 october 1887 werd hij zelfs geconfronteerd met de éénmanslijst van Petrus Martens, schoonvader van zijn zoon, maar deze haalde het niet. Op 25 april 1866 huwde hij voor de wet te Hansbeke met Marie Pelagie Galens, dochter van Ferdinand en Rosalie Van Daele, landbouwers. Uit dit huwelijk werden 10 kinderen geboren. Pieter-Jan overleed op 27 november 1903 op de wijk dorp te Hansbeke, 67 jaar oud. Twee van zijn zonen waren gestorven in hun kinderjaren: Pieter toen hij drie jaar was en Edward na 9 dagen. Marie Valerie huwde op 30 november 1892 met de broodbakker August De Boever, zoon van de landbouwers Charles en Theresia Lievens. De tweede dochter Leonie huwde op 8 februari 1893 te Hansbeke met de koophandelaar Joseph Van Overbeke, zoon van Charles en Paulina Josephina Thol en kleinzoon van burgemeester Jan-Baptiste Van Overbeke. Emilie huwde op 24 september 1907 te Hansbeke met de handelaar Joseph De Jonghe, zoon van de wagenmaker Ivo en zijn vrouw Melanie Lawaisse. Marie Rosalie trouwde op 11 mei 1909 met de handelaar Maurice De Kesel, zoon van koster August en Amelie Van Laere.

    Désiré De Muynck, zoon van Pieter-Jan en kleinzoon van Pieter-Nicolaes, werd eveneens gemeenteraadslid (1908-1926) op de lijst de Bousies. Drie opéénvolgende generaties zetelden in totaal 77 jaar in de gemeenteraad, waarvan 65 jaar ononderbroken tussen 1849 en 1926. Aimé De Muynck, de jongste zoon van Pieter-Jan, trad in 1903 in het huwelijk met Irma Martens, dochter van Petrus-Francies. Hun kinderen werden pas bij het begin van de XXe eeuw geboren.

    Omstreeks de eeuwwisseling,toen hun vader Pieter-Jan nog schepen was maar wellicht kort voor zijn overlijden, poseerden de ongehuwde dochters Emilie en Rosalie De Muynck, schoonzussen van Irma Martens, voor een prentkaart aan hun ellengoedwinkel in de dorpsstraat. De uitgever kwam er helemaal voor uit Antwerpen.

    Familie Van Hoecke-De Schuyter

    Personen in parenteel van Charles Van HOECKE, schoonvader van Charles en René Martens

    I.1 M Van HOECKE, Charles

    I.2 V De SCHUYTER, Maria T.

    II.2 V Van HOECKE, Maria Coleta  01-02-1875 Hansbeke  13-10-1949 Hansbeke

    II.1 M MARTENS, Charles J.M.     25-09-1873 Hansbeke  25-04-1901 Hansbeke

    III.1 M MARTENS, Petrus Octaaf   19-09-1893 Bellem    28-09-1918 Merkem

    III.2 M MARTENS, Raymond         10-12-1896 Gent      27-11-1954 South Bend

    III.3 V WILLE, Andréa            27-04-1900 Hansbeke

    III.5 V MARTENS, Irène M.T.      14-10-1898 Hansbeke

    III.4 M De MAEGD, Hendrik Achiel 09-03-1893 Hansbeke 29-01-1968 Gent

    III.6 M MARTENS, René            18-07-1900 Hansbeke

    II.3 M De BOEVER, Josef          09-02-1871 Hansbeke 07-11-1963 Brugge

    II.5 V Van HOECKE, Leontine P.   25-08-1879 Hansbeke 13-07-1970 Drongen

    II.4 M MARTENS, René Seraphinus  25-01-1877 Hansbeke 01-09-1960 Hansbeke

    Twee dochters van Charles Van Hoecke en Maria De Schuyter traden in het huwelijk met twee zonen van Petrus Martens en Eugenie Coddens. Charles Martens huwde zeer jong met Maria Coleta Van Hoecke en hun vier kinderen werden geboren omstreeks de eeuwwisseling. René Martens, jongste zoon van Petrus, huwde pas na de eeuwwisseling met Leontine Van Hoecke. Hun 7 dochters werden geboren tijdens het eerste kwart van de XXe eeuw.

    Families Baele, Mestdagh en Cathoir

    Emma Mestdagh trad op 14 februari 1901 te Hansbeke in het huwelijk met Emiel Martens. Zij is de moeder van Marcel en grootmoeder van Laurent Martens en werd in 1878 te Landegem geboren als dochter van Constant Mestdagh van Meigem en Rosalia Cathoir van Merendree. Rosalia Cathoir was de weduwe van Joos Baele.

    Personen in parenteel van Emmanuel BAELE

    I.1 M BAELE, Emmanuel

    I.2 V DOBBELAERE, Marie Therese

    II.1 M BAELE, Joos                  1841             29-07-1875 Landegem

    II.2 V CATHOIR, Rosalia       12-03-1849 Merendree   28-10-1918 Aalter

    III.1 M BAELE, Camiel         05-02-1876 Landegem    13-06-1953 Ruiselede

    III.2 V De MULDER, Alfonsine

    IV.1 M BAELE, Cesar           02-06-1910 Hansbeke    21-09-1982 Hansbeke

    IV.2 V De GROOTE, Clara

    Joos Baele, eerste echtgenoot van Rosalia Cathoir, groeide op te Landegem. Hij stierf toen hij 34 jaar was. Hun zoon Camiel werd 6 maanden na het overlijden van zijn vader geboren. Zijn moeder Rosalie was toen 27 jaar .

    Constant Mestdagh, tweede echtgenoot van Rosalia Cathoir en schoonvader van Emiel Martens, groeide op bij zijn ouders te Meigem. Zijn grootouders zijn overleden te Hansbeke, nog voor de geboorte van hun kleindochter Emma Mestdagh. Zijn moeder Francisca De Decker maar haar vader was afkomstig van Astene en trouwde te Poeke met Carolina Saveris. Constant was ruim 80 jaar oud wanneer hij op 14 april 1913 overleed te Hansbeke. Bij de burgerlijke stand werd zijn overlijden gemeld door zijn 37-jarige stiefzoon Camiel Baele, landbouwer, en door zijn 28-jarige schoonzoon Florimond Vande Wattijne, smid. Marie Melanie Mestdagh, dochter van Constant, trad in het huwelijk met Polydoor Van Vynckt, zoon van Bernard en Melanie Coopman. Marie-Emilie Van Vynckt (1868-1918), een dochter van Bernard, trouwde met Eduard Van der Plaetse, uitbater van de herberg St Cecilia op het stationsplein te Hansbeke. De naam van Marie-Emilie Van Vynckt komt voor op de lijst van vluchtelingen die aan het einde van de eerste wereldoorlog overleden te Aalter. Zij overleed één dag na de wapenstilstand. Het feit dat zij net zoals Rosalie Cathoir stierf in de Lostraat te Aalter, doet vermoeden dat zij samen op de vlucht waren en beide overleden aan de Spaanse griep.

    Rosalia Cathoir was de dochter van landsman Carel Francies en Joanna Maria Martens, landslieden op de wijk Overpoucke te Merendree, en de kleindochter van Jacob Martens, wiens vader Livinus geboren was te Drongen, en van Theresia Van Maldeghem. Na haar huwelijk vestigde zij zich op een landbouwbedrijf in de Heirenthoekstraat te Landegem.

    Uit haar eerste huwelijk met Joos Baele had Rosalia Cathoir reeds een zoon Camiel(1876-1953). De 26-jarige Rosalia was 3 maand zwanger toen haar man overleed. Als weduwe hertrouwde zij te Landegem met Constant Mestdagh. Hun dochters Emma, Maria, Clémence en Marie Melanie, halfzussen van Camiel Baele, overbrugden de overgang van de XIXe naar de XXe eeuw . De kinderen Rachel, Marcel en Mireilla Martens uit het huwelijk van hun dochter Emma met Emiel Martens, werden pas bij het begin van de XXe eeuw geboren.

    Bij het einde van de eerste wereldoorlog kwam een dramatisch einde aan het leven van de 69-jarige Rosalie Cathoir.In de tweede helft van october 1918 trokken de Duitse troepen af. Te Hansbeke trokken zij langs de Merendreestraat, waar Goed ter Elst gelegen was, naar Gent toe. Hoeven werden geplunderd en paarden werden meegenomen. De Hansbeekse bevolking sloeg op de vlucht in de richting van de bevrijdende troepen en weg van inslaande obussen die veel schade aanrichtten. Rosalie vluchtte samen met haar dochter Emma Mestdagh en haar schoonzoon Emiel en vele andere dorpsgenoten richting Aalter. In die periode heerste er ook een epidemie van Spaanse griep die zeer veel slachtoffers maakte. Op 28 october 1918 om 12 uur, toen Hansbeke reeds bevrijd was maar nog onder zwaar vijandig geschut lag, stierf Rosalie in de Lostraat te Aalter wellicht door de Spaanse griep. Meerdere dorpsgenoten overleefden deze vlucht niet en werden ter plaatse begraven. Op 16 december 1918 werd te Hansbeke een uitvaartplechtigheid, absente corpore, gehouden voor Rosalie Cathoir. De rouwdienst ging door in de oude melkerij, vermits de kerk buiten gebruik was nadat haar toren op 19 october was opgeblazen.

    Camiel Baele, halfbroer van Emma Mestdagh, echtgenote van Emiel Martens, was gemeenteraadslid te Hansbeke van 1921 tot 1938. Bij de verkiezingen van 1920 voerde hij samen met Jozef Union oppositie tegen de lijst de Bousies. Na de oorlog was Jozef Union veroordeeld wegens handelsactiviteiten met de vijand. Beiden werden verkozen maar Jozef Union mocht niet zetelen. In 1926 werd Camiel Baele herkozen, deze keer op de lijst de Bousies. Bij de verkiezingen van 16 october 1938 was hij opnieuw kandidaat op de lijst de Bousies, maar hij werd niet meer verkozen. De vleeshandelaar Cesar Baele(1910-1982), zoon van Camiel en kleinzoon van Joos Baele zal van 1959 tot 1976 zitting hebben in de Hansbeekse gemeenteraad. Gedurende de jaren 1962-1964 werd hij tweede schepen, samen met de eerste schepen Marcel Martens, zoon van Emiel en Emma Mestdagh. Marcel Martens en Cesar Baele

    hadden een gemeenschappelijke grootmoeder Rosalia Cathoir(1849-1918). Rosalie Cathoir werd geboren te Merendree, stichtte een gezin te Landegem en overleed te Aalter, aan het einde van de eerste wereldoorlog. Het bidprentje met een foto van Rosalia Cathoir werd gedrukt te Hansbeke waar haar dochters Emma,Clemence en Maria Mestdagh en haar kleinkinderen Rachel, Marcel en Mireilla Martens woonden.

    Maria Mestdagh, zus van Emma, was reeds in 1905 gehuwd met de smid en slotenmaker Flor Van De Wattijne. Een foto uit ‘Mensen van Vlees en Bloed’ illustreert dat hij 10 jaar later in volle oorlogstijd, en twee jaar voor het overlijden van zijn schoonmoeder, toch in een vrolijk gezelschap van jonge mannen verkeerde. Flor had nog twee broers: Adolf, gehuwd met een dochter De Toulouse en Emiel, gehuwd met een dochter Berth. Een andere dochter Marie Melanie, die jong gestorven is, huwde met de slager Polydoor Van Vynckt die o.m. samen met zijn zus Mietje Van Vynckt opgegroeid is op Goed ter Elst. Mietje bleef ongehuwd en baatte een winkeltje uit op Hansbeke-dorp. Een zoon van Pol, Marcel Van Vynckt, werd zoals zijn vader slager op Hansbeke-dorp. Op Goed ter Elst kwam hij de varkens slachten.

    Familie De Vreese-Leusen

    Personen in genealogie van Antoon De VREESE , grootvader van Leonie De Vreese

    I.1 M De VREESE, Antoon

    I.2 V De BACKER, Amelia

    II.1 M De VREESE, Petrus        06-10-1824 Drongen   03-01-1906 Hansbeke

    II.2 V LEUSEN, Rosalie          13-02-1830 Drongen   20-10-1904 Hansbeke

    III.1 V De VREESE, Emma         24-09-1865 Hansbeke

    III.3 V De VREESE, Leonie Amelie30-08-1866 Hansbeke  07-03-1944 Gent

    III.2 M MARTENS, Petrus-Joannes 23-01-1867 Hansbeke  25-02-1920 Gent

    III.4 M De VREESE, Edmond       13-10-1867 Hansbeke        1951 Hansbeke

    III.5 V Van de WATTIJNE, Julia                             1926 Hansbeke

    III.6 M De VREESE, Philogeen    08-01-1869 Hansbeke

    III.7 V De VREESE, Adèle        27-01-1870 Hansbeke

    III.9 V De VREESE, Alice        03-08-1871 Hansbeke

    III.8 M De BAETS, Henri

    III.11 V De VREESE, Julienne 16-02-1873 Hansbeke

    III.10 M FOBE, Gustaaf

    III.12 M VERMEIRE, Arthur

    Petrus of Pieter De Vreese was een zoon van Antoon en Amelia De Backer, landbouwers te Drongen. Hij trouwde er op 28 december 1864 met Rosalie Leusen, dochter van Francies en Barbara De Vogelaere. Hij pachtte van Frans-Gisleen

    Borluut, kasteelheer te Hansbeke, het wethuis tegenover de kerk. Hij was landbouwer en herbergier en zou dit blijven tot aan zijn overlijden in 1906. Petrus en Rosalie kregen 7 kinderen waarvan Emma en Adèle intraden bij de Zusters Franciscanessen(Crombeen) te Gent. Leonie huwde op 9 februari 1887 te Hansbeke met Joannes Martens, zoon van Petrus. Edmond trok naar Amerika en huwde op 9 januari 1893 te South Bend, Indiana, met Julia Van de Wattijne. Zij keerden spoedig terug naar Hansbeke waar zij vanaf 1899 terug vernoemd worden als landbouwer, kruidenier en herbergier in De Paele. Edmond was ook bevriend met Emiel Martens, broer van zijn schoonbroer Joannes.

    Drie generaties zorgden voor de overgang tijdens de XIXe eeuw. Grootmoeder Rosalie Leusen overleed in 1904, en haar dochter Leonie De Vreese met haar man Petrus-Joannes Martens waren vooral actief tijdens het laatste kwart van de XIXe en het eerste kwart van de XXe eeuw. Twee van de kinderen van Leonie en Petrus-Joannes zijn vroegtijdig overleden, terwijl hun zoon Petrus Maurice en hun dochters Adèle, Bertha en Clara wel geboren werden naar het einde van de XIXe eeuw toe, maar hun actief leven is vooral in de XXe eeuw te situeren.

    Bijgevoegde postkaart,uitgegeven door Joannes Martens, toont Leonie De Vreese voor haar herberg, samen met haar man Joannes en haar zoon Maurice die later de zaak zal overnemen. Verder ook nog drie dochters en buurman Karel Wille waarvan de dochter Andréa later zal trouwen met Raymond Martens, zoon van Charles, en naar Amerika uitwijken. De afspanning was in 1867 aangekocht door Petrus Martens en in 1893 overgedragen aan zijn zoon Joannes.

    Familie Sierens

    Personen in parenteel van Karel Francies SIERENS, grootvader van Henri Sierens

    I.1 M SIERENS, Karel Francies

    I.2 V Van HULLE, Anna Judoca

    II.1 M SIERENS, Joseph        20-03-1800 Bellem     17-08-1878 Nevele

    II.2 V LAUWERS, Coleta                   Sint-Lieve 24-02-1872 Nevele

    III.1 M SIERENS, Henri        31-07-1834 Nevele     14-02-1907 Nevele

    III.2 V MARTENS, Emma Maria   07-01-1869 Hansbeke   17-02-1946 Lovendegem

    IV.2 V SIERENS, Anna          23-10-1890 Nevele

    IV.1 M Van DAELE, Aimé-Edward 06-08-1887 Vinderhout 28-05-1971 Vinderhoute

    IV.4 V SIERENS, Maria         22-11-1891 Nevele

    IV.3 M CLAEYS, Irené          23-07-1881 Drongen    13-11-1965 Drongen

    IV.7 M SIERENS, Josef         30-06-1894 Nevele     22-02-1945 Bellem

    IV.8 V Van Den BON, Adrienne  15-03-1900 Oostkamp

    IV.9 V SIERENS, Leonce-Marie  25-03-1896 Nevele     09-06-1896 Nevele

    IV.11 V SIERENS, Clemence     02-06-1897 Nevele

    IV.10 M VERSTRAETE, Evarist   15-03-1892 Nevele &nbs

    31-07-2007 om 15:39 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.4. Andere afstammelingen van Carel Martens

    5.4 Andere afstammelingen van Carel Martens

    5.4.1 Eugenie Martens(1808-1845) en Pieter Josef De Schuyter

    Eugenie Martens werd op 18 maart 1808 geboren op Goed ter Elst te Hansbeke als oudste dochter van Carel en Maria Rosa Sutterman. Zij was 29 jaar oud en ongehuwd toen haar vader overleed. Op 8 november 1843 voor de wet en op 15 november voor de kerk trouwde Eugenie met de 3 jaar jongere Pieter Josef De Schuyter, de op 12 mei 1811 te Hansbeke geboren zoon van Carolus en Petronilla Wille. Zij waren verwant in de 3de graad zijdelings. Zij woonden op de wijk Reybroeck.

    Personen in parenteel van Carolus De SCHUYTER

    ´

    I.1 M De SCHUYTER, Carolus

    I.2 V WILLE, Pieternella Rosa

    II.1 M De SCHUYTER, Pieter Josef    12-05-1811 Hansbeke 01-04-1885 Hansbeke

    II.2 V MARTENS, Eugenie             18-03-1808 Hansbeke 14-08-1845 Hansbeke

    III.2 V De SCHUYTER, Marie Clemence    02-1844

    III.1 M BRUGGHEMAN, Carolus

    IV.1 M BRUGGHEMAN, René             15-07-1875 Ursel 24-03-1959 Ursel

    IV.2 M BRUGGHEMAN, Georges Ursel

    IV.3 V Van POUCKE, Margareta

    V.1 M BRUGGHEMAN, Charles           19-09-1922 Ursel 31-01-1997 Assebroek

    V.2 V BRUGGHEMAN, Suzanne           11-01-1928 Ursel

    III.3 V De SCHUYTER, Eugenie

    II.3 V LAMBRECHT, Francisca         10-03-1822 Hansbeke 18-12-1869 Hansbeke

    III.4 M De SCHUYTER, Henri          11-04-1855 Hansbeke 16-01-1909 Hansbeke

    III.5 V De SCHUYTER, Leontine       xx-xx-1861          21-04-1931 Hansbeke

    Eugenie Martens was reeds 6 maanden zwanger toen zij in het huwelijk trad. Op 15 februari 1844 baarde zij een dochtertje Marie Clemence. Anderhalf jaar later, op 14 augustus 1845, overleed Eugenie, slechts 37 jaar oud. Haar dochter Marie Clemence De Schuyter, kleindochter van Carel Martens en erfgename van 50% van de bezittingen van haar grootvader Carel, trouwde op 16 september 1872 met Carolus Bruggheman uit Ursel. Hierdoor legde zij de schakel in de verwantschap tussen de families Martens en De Schuyter enerzijds en de families Bruggheman uit Ursel en Van Overbeke uit Hansbeke anderzijds.

    Na het overlijden van Eugenie hertrouwde Pieter Josef De Schuyter te Hansbeke voor pastoor Bullens op woensdag 26 mei 1847 met de 27-jarige aanverwante Francisca Lambrecht, dochter van Judocus en Maria Anna Martens, kleindochter van Jacobus Martens. Zij kregen samen acht kinderen en woonden in de Dorpstraat te Hansbeke, in een woning tegenover de pastorij, waar in de XXe eeuw bakkerij De Cocker gevestigd werd. Door beide huwelijken van Pieter Josef De Schuyter ontstond verwantschap met de stam Martens, en in het bijzonder met het echtpaar Joannes Martens en Maria Francisca De Brauwer.

    Joannes Martens             x               Maria Francisca De Brauwer

    (1719-1801)                                  (1724-1806)

    Carel Martens x Marie Rosa Sutterman    Jacobus J Martens x Livina Maenhout

    (1766-1837)     (1771-1850)             (1748-1794)         (1751-1834)

     

                                                                                                               Joos Lambrecht x Maria Anna Martens

                                                                                                                   (1779-1843)        (1786-1947)

     

    Eugenie Martens   1x Pieter Josef De Schuyter  2x Francisca Lambrecht

    (1808-1845)           (1811-1885)                 (1822-1869)

    Charles Bruggheman x Marie Clem De Schuyter    Henri De Schuyter

    De tweede schoonmoeder van Pieter De Schuyter, Maria Anna Martens, was een nicht van zijn eerste vrouw. Zijn tweede vrouw Francisca Lambrecht was de zus van Monica Lambrecht, echtgenote van Charles-Jean Deseille.

    Door huwelijken van kinderen De Schuyter ontstond aanverwantschap tussen de families Martens en Lambrecht enerzijds en de familie Claerhout uit Lotenhulle anderzijds. René Van Vynckt (1884-1949), zoon van Serafien en Maria Martens (1864-1950) trouwde op 3 augustus 1911 immers met Louise Claerhout (1889-1961) uit Lotenhulle, dochter van Henri Claerhout en Leonie De Schuyter.

    Pieter Josef De Schuyter, en vooral zijn zoon Henri uit het huwelijk met Francesca Lambrecht, speelden een beduidende rol in de gemeentepolitiek. Pieter was van 1876 tot 1884 lid van de kerkraad. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 29 october 1878, waarbij voor het eerst kandidatenlijsten vooraf moesten ingediend worden, werd Pieter Josef verkozen met 121 van de 136 geldige stemmen. Pieter-Josef De Muynck werd toen tweede schepen in vervanging van August Hanssens en de olieslager August Van Der Plaetse werd niet verkozen. De eedaflegging gebeurde op 19 februari(31).

    Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 19 october 1884 was de 73-jarige Pieter Josef De Schuyter niet langer kandidaat en ruimde hij de plaats voor zijn ongehuwde zoon Henri die verkozen werd met 99 van de 113 geldige stemmen. Henri had hunaniorastudies gevolgd aan het Sint-Vincentiuscollege te Eeklo en bleef ongehuwd Bij de gedeeltelijke vernieuwing van de gemeenteraad door de verkiezingen van 19 october behaalde Henri met 104 van de 131 geldige stemmen de hoogste score van alle kandidaten(32).

    Na de invoering van het algemeen meervoudig stemrecht moesten te Hansbeke de gemeenteraadsverkiezingen van 17 november 1895 niet door gaan vermits op de twee ingediende lijsten maar evenveel namen als te begeven mandaten stonden. Grondeigenaar Henri De Schuyter was lijsttrekker voor lijst 1. Op de gemeenteraadszitting van 19 december 1895 greep hij bij een geheime stemming nipt naast een schepenmandaat dat naar Pieter Jan De Muynck ging(33). Voor zijn schepen-ambt moest Henri De Schuyter uiteindelijk wachten tot na de gemeenteraadszitting van 14 maart 1903(34).

    Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 18 october 1903 behaalde Henri De Schuyter 269 stemmen, als lijsttrekker van een volledige lijst . Olieslager Leon Van Der Plaetse kwam op met een éénpersoonslijst en werd verkozen met een monsterscore van 383 stemmen. Henri De Schuyter werd opnieuw schepen verkozen tijdens de raadszitting op 5 januari 1904(35). Hij behield zijn ambt tot aan zijn overlijden op 16 januari 1909. Naast de ouderlijke woning liet hij een imposant herenhuis bouwen, maar hij overleed vooraleer de villa voltooid was. Dit huis werd gedurende decennia bewoond door zijn in 1931 overleden ongehuwde zus Leontine. Later werd dit gebouw het gemeentehuis van Hansbeke en het is nu een dienstencentrum van de gemeente Nevele.

    De naam van Henri De Schuyter duikt ook op in verband met de Mariakapel op de wijk Zande, ook Zandekapel genoemd. Een eerste kapel was er gebouwd in 1763 door Pieter Sutterman, op een perceel dat toen nog een deel was van Goed ter Elst. In 1901 werd er een nieuwe kapel gebouwd door Monica Lambrecht, weduwe van Charles-Jean Deseille en tante van Henri De Schuyter. De grond behoorde toe aan de weeskinderen van Charles Bruggheman en Marie Clemence De Schuyter, halfzus van Henri. Henri was hun voogd en gaf zijn toestemming voor de bouw van Zandekapel. Nu is de kapel eigendom van de ongehuwde Suzanne Bruggheman, achterkleindochter van Pieter Josef De Schuyter en Eugenie Martens.

    René Bruggheman , kleinzoon van Eugenie Martens en oom van de hogervermelde Suzanne Bruggheman, was ongehuwd en baatte een leerlooierij uit te Ursel, waar hij ook burgemeester werd.

    Een andere verwantschap tussen de families Martens en De Schuyter kwam tot stand in 1911 door het huwelijk van René Van Vynckt, zoon van Maria Martens, met Louise Claerhout, dochter van Leonie De Schuyter.

    Zandekapel omstreeks 1960

    5.4.2 Joannes-Francies Martens(1814-1867) zv Carel

    Joannes-Francies werd op 3 februari 1814 geboren op Goed ter Elst als vijfde en laatste kind van Carel en Marie Rosa Sutterman. Volgens het bevolkingsregister van Hansbeke woonde hij daar nog in 1847 bij zijn inmiddels 76- jarige moeder en de andere ongehuwde kinderen Regina en Petrus. Regina is er op 18 augustus 1850 ongehuwd overleden en moeder Marie Rosa Sutterman overleed op 14 september van hetzelfde jaar. De broers Petrus en Joannes bleven ongehuwd achter en Petrus vestigde zich op De Meren.

    Bij verkaveling van 28 october 1850 erfde Jan-Francies Martens in het sterfhuis van zijn ouders het Goed ter Elst en 16 partijen zaailand met een totale oppervlakte van 17 ha 38a 30ca.

    Op woensdag 7 mei 1851 huwde de 37-jarige Joannes te Oostakker voor de wet met de bijna 40-jarige Pauline Van Nieuwenhuyse(° Oostakker 11-10-1811 + Hansbeke 03-05-1886), dochter van Joseph en Maria Theresia Dossche. Het paar bleef op de ouderlijke hofstede Goed ter Elst. Zij kregen geen kinderen. Dat Joannes-Francies Martens kort na het overlijden van zijn vader huwt met een vrouw uit Oostakker is niet zo verrassend. Immers eind 1837 was haar 29-jarige zus Joanna-Maria getrouwd met Lieven-Bernard Moens uit Wondelgem. Zij hadden zich gevestigd op een landbouwbedrijf te Hansbeke, wijk Rho. Ook dat kan verklaard worden door familiebanden. Lieven-Bernard Moens, de vader van hogervermelde Lieven-Bernard, was te Hansbeke gehuwd met Maria-Theresia Sutterman, dochter van Boudewijn Sutterman. Daardoor was hij ook een schoonbroer van Carel Martens, echtgenoot van Maria Rosa Sutterman. De ongehuwde Joannes-Francies Martens kwam wellicht soms op bezoek bij zijn tante Maria-Theresia Sutterman te Wondelgem of bij zijn neef Lieven-Bernard Moens en diens echtgenote Joanna-Maria Van Nieuwenhuyse die sinds 1837 te Hansbeke woonden en waar hij Pauline Van Nieuwenhuyse,ongehuwde zus van Joanna-Maria, kon ontmoeten.

    De complexe verwantschapsrelaties tussen de families Martens, Sutterman, Van Nieuwenhuyse, Moens en Onghena te Hansbeke, Wondelgem en Oostakker komen tot uiting in onderstaand schema.

    Boudewijn Sutterman            x                Joanna De Pauw

    (°Hansbeke)

    Lieven-Bernard x Maria-Therese           Carel x Maria Rosa

    Moens             Sutterman             Martens   Sutterman

    (°Wondelgem)  (°Hansbeke 1766)      (1766-1827)   (1771-1850)

    Louis x Sofie Lieven-BernardxJoanna Joannes x Maria    Petrus x Eugenie

    Onghena Moens    Moens       Van     Martens  Van     Martens   Coddens

                                        (°Wondelgem)  Nieuwenhuyse      Nieuwenhuyse

                                          (1811-1867)   (1808-1878)       (1811-1886)

    kinderen Onghena   kinderen Moens ­ ­                   kinderen Martens

    (°Oostakker)         (°Hansbeke)                         (°Hansbeke)

    ­

    ­

                      Joseph Van Nieuwenhuyse x Maria Theresia Dossche

                        (° Oostakker)

    De naam van Pauline Van Nieuwenhuyse komt ook voor in de parochieregister van Hansbeke wanneer zij op 18 januari 1864 getuige is bij het kerkelijk huwelijk van haar schoonbroer Petrus Martens met Eugenie Coddens. Haar man Joannes-Francies kreeg gezondheidsproblemen. Bewust dat zijn einde naderde liet hij op 4 maart 1867, ziek zittend in een stoel, voor Paul Van Waesberghe notaris te Gent, zijn testament opmaken.Hij overleed kort daarna op 19 maart 1867 in de ouderdom van 53 jaar.

    Zijn weduwe liet in de Kerkakkerwijk(nu Kerkakkerstraat 10) dicht bij het station en het dorp, een herenwoning bouwen waar zij rentenierde. De plaats is aangeduid met nr 9 op het uittreksel van de Popp-kaart met de dorpskern.Zij was bijna 75 jaar oud toen zij op 3 mei 1886 als rentenierster stierf. Na haar dood betrok koster Evarist Grijspeert het renteniershuis. Ook de volgende koster, de onderwijzer Snellaert, kwam er wonen tot midden de XXe eeuw.

    Anderhalf jaar voor haar overlijden werd haar 46-jarige neef Pieter Moens(1838-1884),oudste zoon van haar zus Joanna-Maria Van Nieuwenhuyse, op 14 october 1884 vermoord aan de muur achter de pastorij, op de weg van de herberg Het wethuis tegenover de kerk naar het huis waar zijn tante Pauline Van Nieuwenhuyse woonde en waar hij wou overnachten. Het slachtoffer was op 12 mei 1881 verhuisd naar Mariakerke, samen met drie nog ongehuwde broers. Pieter was de dag van de moord teruggekeerd naar zijn geboortedorp Hansbeke om er kermis te vieren. In zijn publikatie «Moord te Hansbeke tijdens de grote kermis van 1884» brengt Albert Martens een uitvoerig relaas van het slachtoffer en zijn familie, de vijf verdachten, het proces en de uitspraak. De 18-jarige August Lievens en de 28-jarige Bruno Verhelst werden veroordeeld tot levenslange dwangarbeid. Eduard Hautekeete, 24 jaar, kreeg 20 jaar dwangarbeid en de 28-jarige Isidoor Lievens, broer van August, kreeg 10 jaar opsluiting wegens medeplichtigheid.

    Sofie Moens, een zus van Lieven-Bernard Moens en dus een nicht van Petrus en Joannes Martens, huwde met de landbouwer Louis Onghena uit Oostakker. Uit de voorouderlijke verdelingsakte van de onroerende goederen van Petrus Martens, ondertekend op 14-9-1893, blijkt dat het echtpaar Onghena-Moens op 31 januari 1862 in een verkoopakte verleden voor notaris De Backere te Gent 3 percelen zaailand verkochten aan Petrus. Op 16 maart 1867 verkochten de kinderen van het inmiddels overleden echtpaar Onghena-Moens een schoon en groot woonhuis aan Petrus Martens, door een verkoopakte verleden voor notaris Buysse te Oostwinkel. Deze eigendommen waren gelegen te Hansbeke en maakten wellicht deel uit de erfenis van Boudewijn Sutterman, de gemeenschappelijke grootvader van Petrus Martens en Sofie Moens.

    31-07-2007 om 14:45 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.3. Hoofdstamlijn Petrus-Francies Martens (1810-1900)

    5.3 Hoofdstamlijn

    Petrus-Francies Martens(°Hansbeke 04-03-1810 + Hansbeke 30-01-1900) zv Carel

    5.3.1 Zijn jeugdjaren op Goed ter Elst

    Petrus-Francies Martens,ook Pierre genoemd in franstalige officiële documenten, oudste zoon van Carolus of Charles en Maria Rosa Sutterman, werd op 4 maart 1810 te Hansbeke geboren op het Goed ter Elst. De geboorteakte van Petrus is opgesteld in het frans. Het is duidelijk dat de Franse annexatie ook lokaal in het administratief taalgebruik sporen had nagelaten. Binnen het Franse departement Escaut was Hansbeke gelegen in het kanton Nevele.

    Hansbeke, 4 maart 1810

    L’an mille huit cent dix le quatre mars à cinq heures de relevée pardevant nous Pierre De Winter adjoint au Maire spécialement délégué pour remplir les fonctions d’officier public de l’état civil de la commune d’Hansbeke, canton de Nevel, département de l’Escaut, par arrêté de monsieur le Maire de la dit commune en date du treize mai an mil huit cent huit, est comparu Charles Martens agé de quarante quatre ans, cultivateur domicilié à Hansbeke; lequel nous a présenté un enfant du sexe masculin né aujourd’hui à sept heures du matin, de lui déclarant et de Marie Rose Sutterman son épouse fileuse et cultivatrice audit Hansbeke; et auquel il a déclaré vouloir donner le prénom de Pierre; les dites déclaration et présentation faites en présence de Pierre Jacques Sutterman agé de quarante cinq ans, cultivateur, oncle de l’enfant, de Jean François De Decker agé de quarante deux ans, sabautier connaissance, tous deux domiciliés à Hansbeke, et ont les père et témoins signé avec nous le present acte, après qu’il leur en a été fait lecture.

    P De Winter C Martens Pieter J. Sutterman

    J F De Decker

    Geboren na de Franse annexatie zal hij als kleuter verhalen gehoord hebben over Napoleon en over de gesneuvelde dorpsgenoten. Hij doorliep de school en groeide op onder het Holland Bewind en werd volwassen in het onafhankelijk Belgie.

    Petrus was slechts 2 jaar oud toen zijn zusje Maria twee maanden na haar geboorte stierf. Zijn broer Joannes werd geboren toen Petrus 4 jaar was. Bij het overlijden van zijn vader Carel, op 26 december 1837, was Petrus 27 jaar en woonde nog als vrijgezel bij zijn moeder, samen met zijn oudere zussen Eugenie en Regine en zijn jongere broer Joannes. In 1843 huwde zijn zus Eugenie maar zij stierf twee jaar later.

    Toen zijn moeder en zijn zus Regina in 1850 overleden woonde Petrus-Francies nog steeds op Goed ter Elst samen met zijn jongere broer Joannes. Bij de erfdeling verwierf Petrus-Francies op 28 october 1850 de hofstede De Meren. Toen zijn broer Joannes het jaar daarop trouwde met Maria Pauline Van Nieuwenhuyse uit Oostakker en op Goed ter Elst bleef wonen, verhuisde de nog steeds ongehuwde 40-jarige Petrus samen met een meid en twee knechten naar het landbouwbedrijf De Meren, ten zuiden van Hansbekedorp, waar zijn vader Carel was opgegroeid.

    In de generatie van Petrus-Francies, dit is de tiende generatie van de afstammelingen van Stoffel Martens, zijn in de gegevensbank van de stam Martens de namen van 72 personen opgenomen (bijlage 5.4). De generatie van Petrus-Francies Martens behelst de kinderen en aangetrouwde kinderen van:

    -Lieven-Bernard Moens en Maria-Theresia Sutterman,6 personen geboren te Wondelgem en te Oostakker;

    -Carel Martens en Maria Rosa Sutterman, geboren te Hansbeke, Bellem of Oostakker, 9 personen met Petrus-Francies in de hoofdstamlijn;

    -Joannes Vander Vennet en Joanna Catherina Martens, 6 kinderen geboren te Hansbeke;

    -Jacobus Joannes Martens en Livina Catharina Maenhout , 11 personen geboren te Hansbeke;

    -Judocus Maenhout en Norbertina Martens, 6 personen geboren te Hansbeke of te Nevele;

    -Jan Baptist Hallaert en Joanna Petronilla Martens, 3 kinderen geboren te Aalter;

    -Joseph Cackaert en Maria Petronilla Martens met 1 zoon geboren te Nevele;

    -Benedictus Visioen en Joanna Martens met 2 dochters;

    -Joannes Mestdagh en Isabella Clara Martens met 8 kinderen geboren te Jabbeke;

    -Ignatius De Roo en Anna Maria Martens met 4 dochters en 1 zoon geboren te Jabbeke;

    -Emmanuel Kerckaert en Joanna Theresia Martens met 5 dochters en 3 zonen geboren te Jabbeke;

    -Jan Francies Martens en Fernanda Ornelis met een zoon geboren te Ursel en een schoondochter geboren te Knesselare;

    -Carolus Van Vynckt en zijn tweede echtgenote Theresia Lippens met 4 kinderen geboren te Bellem. Opvallend is dat Carolina Martens, eerste echtgenote van Carolus Van Vynckt, tot dezelfde generatie behoort als de na haar overlijden geboren kinderen uit het tweede huwelijk van haar man. Haar kinderen behoren pas tot generatie XI.

    De lijst met 72 namen in generatie X vertoont een concentratie te Hansbeke met maar liefst 29 geboorten en te Jabbeke met 21 geboorten. De afstammelingen Van Vynckt te Bellem zullen met Serafien Van Vynckt en Maria Martens(zie generatie XI) in de volgende generatie opnieuw voor afstammelingen zorgen in de stam Martens. Dit is eveneens het geval voor de afstammelingen van Augustinus Hanssens en Carola Maenhout :enerzijds langs het tweede huwelijk van Maria Martens met Emiel Hanssens, kleinzoon van Augustinus, en anderzijds langs het huwelijk van Maria De Waele, dochter van Maria Virginia Hanssens en achterkleindochter van Augustinus, met Marcel Martens.

    Tussen deze generatiegenoten is een grote leeftijdsverschuiving opgetreden vermits de oudste geboren werd in 1776 en de jongste in 1837, dus 60 jaar later. Wegens kindersterfte zijn de overlijdensdata nog meer gespreid: de afstammelinge Joanna Vander Vennet stierf te Hansbeke reeds in 1776 terwijl Angelus Martens pas in 1912 te Aalter en Maria Paulina Van Vynckt pas in 1915 te Bellem overleden zijn.

    Deze lijst bevat slechts 3 gehuwde mannen met de familienaam Martens: naast de hoofdstamlijn van Petrus-Francies en Eugenie Coddens komt in deze lijst ook zijn broer Joannes Francies Martens voor, waarvan het laattijdig huwelijk met Maria Van Nieuwenhuyse kinderloos bleef, en Angelus Martens die uit zijn huwelijk met Sophia Saey naast hun dochter Maria Elisa nog twee zonen kreeg die naar Amerika zijn uitgeweken, maar waarvan geen afstammelingen gevonden werden. Twee andere volwassen mannelijke generatiegenoten,zonen van Jacobus, bleven ongehuwd. Petrus Franciscus Martens overleed op 74-jarige leeftijd te Merendree en Judocus Martens was slechts 58 jaar oud toen hij in dezelfde gemeente overleed. Dit houdt in dat het verderzetten van de familienaam in Vlaanderen enkel door Carel Martens (1766-1837) en na hem door Petrus-Francies Martens (1810-1900) verzekerd werd.

    5.3.2 Zijn gezin op het landbouwbedrijf De Meren

    Gezinsfiche

    Petrus-Francies Martens  Dorothea Constancia Van Der Plaetse

    fs Carel en Maria Rosa Sutterman     fa Bernard en Sophie Vyncke

    ° Hansbeke 04-03-1810                ° Nevele 06-09-1831

                           1X

                        Hansbeke 02-09-1858

    + Hansbeke 30-01-1900                + Hansbeke 13-07-1859

    Kinderen

    1. xx(M)

    ° Hansbeke 01-07-1859

    + Hansbeke 01-07-1859

    Petrus-Francies Martens  2X      Eugenia Coddens

                                            fa Jan-Baptiste en Amelia De Zutter

                                             ° Bellem 29-09-1836

                              Hansbeke 21-01-1864

                                             + Hansbeke 18-10-1898

    Kinderen

    1.Maria Philomena Pauline   1x   Serafien Augustus Van Vynckt

    ° Hansbeke 29-04-1864             fs Karel-Frans en Theresia Lippens

                                       ° Bellem 14-09-1822

                        Hansbeke 26-09-1882

                                       + Hansbeke 05-03-1890

                                 2x    Emiel Hanssens

                                       fs Bruno en Rosalie Heyde

                                        ° Hansbeke 12-12-1862

                          Hansbeke 12-01-1893

    + Hansbeke 05-12-1950               + Hansbeke 08-04-1909

    2.Henricus-Joannes

    ° Hansbeke 28-08-1865

    + Hansbeke 02-05-1887

    3.Petrus-Joannes

    ° Hansbeke 23-01-1867       x         Leonie Amelie De Vreese

                                           fa Petrus en Rosalie Leusen

                                            ° Hansbeke 30-08-1866

                        Hansbeke 09-02-1887

    + Gent 25-02-1920                       + Gent 07-03-1944

    4.Emma Maria                x          Henri Sierens

    ° Hansbeke 07-01-1869                  fs Joseph en Coleta Lauwers

                                            ° Nevele 31-07-1834

                        Hansbeke 02-11-1889

    + Lovendegem 17-02-1946                 + Nevele 14-02-1907

    5.Emiel                     x          Emma Mestdagh

    ° Hansbeke 22-05-1871                   fa Constant en Rosalia Cathoir

                                            ° Landegem 17-03-1878

                        Hansbeke 14-02-1901

    + Hansbeke 09-05-1955                   + Hansbeke 30-05-1964

    6.Charles Josef Maria       x          Maria Coleta Van Hoecke

    ° Hansbeke 25-09-1873               fa Charles en Marie-Therèse De Schuyter

                                            ° Hansbeke 01-02-1875

                         Hansbeke 22-12-1897

    + Hansbeke 25-04-1901 + Hansbeke 13-10-1949

    7.Irma Maria

    ° Hansbeke 11-12-1875        x          Aimé August De Muynck

                                            fs Pieter J en M Pelagie Galens

                                             °Hansbeke 11-06-1876

                         Hansbeke 02-01-1903

    + St Jans Molenbeek 05-04-1943           + Rekkem 09-08-1953

    8.René Seraphinus           x            Leontina Maria Paulina Van Hoecke

    ° Hansbeke 25-01-1877               fs Charles en Marie-Therèse De Schuyter

                                         °Hansbeke 15-08-1879

                         Hansbeke 02-01-1903

    + Hansbeke 01-09-1960                 + Drongen 13-07-1970

    Eerste huwelijk

    Op 2 september 1858, toen hij reeds 48 jaar oud was , trouwde Petrus te Hansbeke met de 27-jarige Dorothea Constantia Van Der Plaetse. Dorothea was op 6 september 1831 te Nevele geboren als dochter van de mulder en olieslager Bernard Van Der Plaetse en Sophie Vyncke, die in 1834 te Hansbeke ten zuiden van het dorp een stenen olie- en graanmolen hadden gebouwd.

    Huwelijksakte uit het register van de Burgerlijke Stand van Hansbeke

    Ten jare achttien honderd acht en vijftig, den tweeden september om vijf uren namiddags, voor ons Jan Baptiste Van Overbeke, Burgemeester, ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Hansbeke, regterlijk arrondissement Gent, provintie Oostvlaenderen, zijn verschenen Petrus Martens, geboren te Hansbeke den vierden maert achttien honderd tien, schepenen en landbouwer woonende te Hansbeke, ongehuwd, meerderjarigen zoon van Karel, overleden te Hansbeke den zes en twintigsten december achttien honderd zeven en dertig, en van Marie Rosa Sutterman, overleden te Hansbeke den veertienden september achttien honderd vijftig, alles zoo blijkt bij hierbijgevoegde akten van geboorte en overlijdens, bij welke er is bewezen dat deszelfs voorouders ook overleden zijn ter zijner zijde; en Dorothea Constancia Van Der Plaetse, geboren te Nevele den zesden september achttien honderd een en dertig, blijkens overgelegde geboorteakte, partikuliere woonende te Hansbeke, ongehuwd, meerderjarige dogter van Bernard en Sophie Vyncke, olieslagers tot Hansbeke, beide alhier tegenwoordig en toestemmende terander zijde.Welke komparanten ons hebben verzocht overtegaen tot de voltrekking van het huwelijk onder hun beraemd en waervan de afkondigingen hebben plaets gehad in deze gemeente de zondagen twee en twintigsten en negen en twintigsten augusty lestleden, ingevolge de Wetbepalingen; vervolgens hebben de aenstaende echtgenoten ons verklaerd dat hun huwelijkskontrakt is verleden den twintigsten augusty lest voor den notaris Facon te Gent; en geen tegenspraek tegen dit huwelijk ons kenbaer gemaekt zijnde, regt doende aen hun verzoek, hebben wij, na gedane voorlezing van al de bovengemelde stukken alsmede van het zesde hoofdstuk van den vijfden titel van het Burgerlijk Wetboek getiteld van het Huwelijk, aen den bruidegom en de bruid gevraegd of zij elkanderen voornemens zijn te nemen voor man en vrouw elk van hun beurtelings geantwoord hebbende van ja: verklaren wij in naem der Wet dat Petrus Martens en Dorothea Constancia Van Der Plaetse door het huwelijk verenigd zijn. Welke huwelijk openbaerlijk is voltrokken ten gemeentehuize dezer gemeente, ten bijwezen van Jan Francies Martens, oud vier en veertig jaren, landbouwer, broeder des bruidegoms, August Van Der Plaetse, oud negen en twintig jaren, olieslager, broeder der bruid, August Fobe, oud een en vijftig jaren, sekretaris, en Adolf Fobe oud dertig jaren, statieoversten, woonende te Hansbeke getuigen hiertoe aengezocht, welke met ons, de beide echtgenoten en de ouders der bruid, de tegenwoordige akte na gedane voorlezing hebben geteekend. En zijn de bovenvermelde overgelegde stukken door ons geparapheerd om aen deze akte gehecht te worden.

    P Martens B Van Der Plaetse J B Van Overbeke

    C D Van Der Plaetse Sophie Vyncke

    Joannes F Martens A Fobe

    A Van Der Plaetse A Fobe

    Huwelijksakte uit het parochiale huwelijksregister van Hansbeke

    Anno Domino 1858 die 6 septembris, praevilis sponsalibus et tribus bannis Petrus Martens, ex hac, et Constantia Van Der Plaetse, ex Nevele, ambo in hac habitates, matrimonium contraxère coram me infrascripte et duobus testibus Joanne Francisco Martens et Nathalia Van Der Plaetse

    P.F. Bullens, pastor

    In het jaar des Heeren 1858, op 6 september, voorafgegaan zijnde de ondertrouw en de drie roepen, Petrus Martens, van deze parochie, en Constancia Van Der Plaetse, uit Nevele, beiden in deze parochie woonachtig, sloten een huwelijksverbond voor mij, ondergetekende en voor de twee getuigen Joannes Francies Martens en Nathalia Van Der Plaetse.

    P.F. Bullens, pastoor

    Op 1 juli 1859, 10 maanden na hun huwelijk, baarde Dorothea een kind van het mannelijk geslacht. Het kind werd vermoedelijk dood geboren of is na enkele uren gestorven. Het kreeg geen naam.

    Overlijdensakte uit de registers van de Burgerlijke Stand (naamloos kind)

    Ten jare achttien honderd negen en vijftig den tweeden july om vier uren namiddag, voor mij Jan Baptiste Van Overbeke, burgermeester, ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Hansbeke, arrondissement Gent, provincie Oostvlaenderen, is verschenen Petrus Martens, oud negen en veertig jaren, landsman tot Hansbeke welken ons heeft vertoond het dood lichaam van een kind van het mannelijk geslacht, geboren in deze gemeente, gisteren eersten july om elf uren des avonds, van hem komparant en van Dorothea Constancia Van der Plaetse, zijne huisvrouw. Deze verklaring en vertooning gedaen in bijwezen van Jan Baptist De Winter oud drij en zestig jaren, koster, en Felix Van de Walle, oud acht en vijftig jaren, beide woonende te Hansbeke. En hebben de komparant en getuigen na gedane voorlezing met ons getekend. Het bedrijf der tweede getuige is veldwachter.

    J.B. De Winter Fi Van De Walle J.B. Van Overbeke

    P. Martens

    Enkele dagen later, op 13 juli 1859, stierf ook Dorothea ten gevolge van het kraambed.

    Overlijdensakte van Dorothea Constancia Van der Plaetse

    Ten jare achttien honderd negen en vijftig, den veertienden July om acht uren des voormiddags, voor ons Jan Baptiste Van Overbeke Burgemeester Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Hansbeke, regterlijk arrondissement Gent, provintie Oostvlaenderen, zijn verschenen Petrus Martens, oud negen en veertig jaren, landbouwer, en Jan Baptiste De Winter oud drij en zestig jaren, koster, beide woonende te Hansbeke, welke ons hebben verklaard dat gisteren dertienden July om drij uren des nachts Dorothea Constancia Van Der Plaetse, oud zeven en twintig jaren, landbouwster, geboren tot Nevele, woonende te Hansbeke, huisvrouw van Petrus Martens, voornoemd, dogter van Bernard en Sophie Vyncke olieslagers te Hansbeke, is overleden in hare woonst in deze gemeente, wijk Laestraet. En hebben de komparanten na gedane voorlezing met ons getekend.

    J.B. De Winter P. Martens J.B. Van Overbeke

    Personen in parenteel van Petrus Van Der PLAETSE, grootvader van Dorothea

    I.1 M Van Der PLAETSE, Petrus

    I.2 V VLERICK, Maria

    II.1 M Van Der PLAETSE, Bernard 27-11-1794 Nevele     31-03-1876 Hansbeke

    II.2 V VYNCKE, Sophie

    III.2 V Van Der PLAETSE, D.C.   06-09-1831 Nevele     13-07-1859 Hansbeke

    III.1 M MARTENS, Petrus-Francies04-03-1810 Hansbeke   30-01-1900 Hansbeke

    IV.1 M MARTENS, xxx             01-07-1859 Hansbeke   01-07-1859 Hansbeke

    III.3 M Van der PLAETSE, August       1829 Nevele

    III.4 V VERSTRAETEN, Adelaide

    IV.2 M Van der PLAETSE, Leon    23-04-1869 Hansbeke    12-11-1964 Hansbeke

    IV.3 V Van de VOORDE, Marie

    IV.4 V De JAEGER, Margareta

    Bernard Van Der Plaetse, vader van Dorothea, zetelde van 1836 tot 1876 in de Hansbeekse kerkraad, eerst als secretaris van de kerkraad (1836-1860), vervolgens als secretaris van het bureel van de kerkmeesters (1833-1836 en 1840), nadien als voorzitter van het bureel van de kerkmeesters (1860-1776) en als voorzitter van de kerkraad (1866-1876). Alhoewel Bernard Van Der Plaetse, de schoonvader van Petrus Martens, afkomstig was van Nevele, zal hij 32 jaar zitting hebben in de gemeenteraad te Hansbeke, eerst van 1837 tot 1860 en vervolgens van 1867 tot aan zijn overlijden in 1876. Hij werd voor het eerst verkozen op 14 juli 1836 en legde de eed af op 1 september 1836(18). Hij werd herkozen op 28 october 1839 en legde opnieuw de eed af op 13 januari 1840(19)(20). Een derde maal werd Bernard verkozen op 28 october 1845, met eedaflegging op 17 januari 1846(21).

    Bij de volledige vernieuwing van de gemeenteraad door de verkiezingen van 22 augustus 1848 behaalden Petrus Martens met 52 stemmen en August Hanssens met 49 stemmen, samen met 3 andere kandidaten, reeds een absolute meerderheid bij de eerste ronde. Twee andere aanverwante leden van de stam Martens, met name Pieter-Nicolaes De Muynck en Bernard Van Der Plaetse, werden slechts verkozen in de tweede ronde. August Hanssens werd tweede schepen bij burgemeester Jan-Baptist Van Overbeke, maar toen hij op 28 october 1851 niet herkozen werd, werd Petrus Martens bij K.B. van 5 januari 1852 tot tweede schepen benoemd in vervanging van August Hanssens.

    Bernard Van Der Plaetse kon zijn mandaat handhaven bij de gedeeltelijke vernieuwing van de raad op 31 october 1854. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 30 october 1860, toen de grondeigenaar en kasteelheer Frans Gisleen Borluut burgemeester werd, was Bernard Van Der Plaetse er niet meer bij, maar Petrus Martens bleef tweede schepen. Het jaar voordien was Dorothea Van Der Plaetse, dochter van Bernard en echtgenote van Petrus Martens, overleden. Het lukte Bernard echter opnieuw bij de raadsverkiezingen van 30 october 1866, zodat hij er bij was toen bij de gedeeltelijke raadsverkiezingen van 16 october 1869 Petrus Martens vermeld werd als non-réélu(28). De politieke rol van Petrus Martens was blijkbaar uitgespeeld nadat hij hertrouwd was met de veel jongere Eugenia Coddens.

    De naam van schoonvader Bernard Van Der Plaetse duikt ook op in verband met twee kapelletjes te Hansbeke. In 1848 werd de Philomenakapel gebouwd, in opdracht van kasteelheer Jan-Baptist van de Woestijne. Na de inwijding werd in 1850, met goedkeuring van de Gentse bisschop een Broederschap tot eer van Sint-Philomena opgericht. Pieter Frans Van de Kerckhove, pachter van het kasteelgoed, werd deken. Vier regeerders of hoofdmannen werden benoemd door de bisschop. Onder hen vinden we de naam terug van August Hanssens waarvan een kleinzoon Emiel zal huwen met Maria Martens, kleindochter van Carel Martens en een kleindochter Virginia zal huwen met Karel De Waele, schoonvader van Marcel Martens. Bernard Van Der Plaetse werd eveneens benoemd als hoofdman. Bij K.B. van 10-10-1981 werd deze kapel beschermd om haar historische en bouwkundige waarde.

    Na het overlijden in 1859 van hun dochter Dorothea , echtgenote van Petrus Martens, bouwden de olieslager Bernard Van Der Plaetse en zijn vrouw Sophie Vyncke in 1862 dicht bij hun woning aan de weg naar de wijk Reybroeck een kapelletje van Onze-Lieve-Vrouw Onbevlekte Ontvangenis. Ruim een eeuw na hun overlijden werd een teruggevonden driedelige arduinen grafsteen van de olieslager en zijn vrouw aan de achterzijde van deze kapel geplaatst.

    Tweede huwelijk

    Op 21 januari 1864, vier en een half jaar na het overlijden van Dorothea, hertrouwde de 54-jarige Petrus met Eugenia Coddens, zijn 27-jarige huishoudster. Eugenie Coddens was geboren te Bellem op 29 september 1836 als dochter van Jan-Baptiste en Amelia De Zutter. Toen Eugenie Coddens trouwde was haar vader reeds overleden en was haar moeder landbouwster te Aalter.

    Kort voordien, bij K.B. van 23 december 1863 was de weduwnaar Petrus Martens herbenoemd tot tweede schepen, nadat hij bij de gemeenteraadsverkiezingen van 27 october 1863 maar liefst 103 van de 104 geldige stemmen had gekregen. Zijn installatie was voorzien op 5 januari 1864 maar werd wegens afwezigheid uitgesteld. Twee weken later zou hij huwen en de herinstallatie als schepen zou slechts plaats hebben tijdens de raadszitting van 15 maart(22).

    Huwelijksakte uit het parochiale huwelijksregister van Hansbeke

    Anno Domini 1864 die 28 januarii, praeviis sponsalibus et duobus bannis cum dispensatione in tertio, Petrus Martens, ex hac, et Eugenia Coddens ex Bellem, ambe in hac habitantes, matrimonium contraxerunt coram me infrascripte et doubus testibus Eduardo Coddens et Paula Van Nieuwenhuyse.

    P.F. Bullens, pastor

    In het jaar des Heeren 1864, op 28 januari, voorafgegaan zijnde de ondertrouw en de twee roepen, met dispensatie in de derde graad, Petrus Martens, van deze parochie, en Eugenie Coddens uit Bellem, beiden in deze parochie woonachtig, sloten een huwelijksverbond voor mij, ondergetekende, en voor de twee getuigen Eduard Coddens en Paula Van Nieuwenhuyse.

    Huwelijksakte uit het register van de Burgerlijke Stand van Hansbeke

    Ten jare achttien honderd vier en zestig, den acht en twintigsten january om acht uren des voormiddags, voor ons Jan Baptiste Van Overbeke, Schepenen Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Hansbeke, arrondissement Gent, provintie Oostvlaenderen, zijn verschene Petrus Martens, geboren te Hansbeke den vierden maert achttien honderd tien, landbouwer en schepenen, wonende tot Hansbeke meerderjarige zoon van Karel, overleden te Hansbeke den zes en twintigsten december achttien honderd zeven en dertig en van Marie Rosa Sutterman overleden te Hansbeke den veertienden september achttien honderd vijftig, weduwnaar van Dorothea Constancia Van Der Plaetse, overleden tot Hansbeke den dertienden july achttien honderd negen en vijftig, alles blijkens overgelegde akten van geboorte en overlijdens, bij welke er ook blijkt dat deszelfs voorouders overleden zijn, ter eener zijde; en Eugenie Coddens geboren te Bellem den negen en twintigsten september achttien honderd zes en dertig, zoo blijkt bij hare overgelegde geboorteakte, landbouwster, woonende tot Hansbeke, ongehuwd, meerderjarige dogter van Jan Baptiste, overleden tot Bellem den achtsten mei achttien honderd zeven en veertig blijkens overgelegde sterfakte, en van Amelia De Zutter, landbouwster wonende tot Aeltre, alhier tegenwoordig en toestemmende ter ander zijde; welke komparanten ons hebben verzocht overtegaen tot de voltrekking van het huwelijk onder hun beraemd en waervan de afkondigingen hebben plaets gehad in deze gemeente de zondagen zeventienden en vier en twintigsten january lestleden; vervolgens hebben de aenstaende echtgenooten ons verklaerd dat hun kontrakt van huwelijk is verleden den dertienden dezer maend voor den notaris Van Waesberghe te Gent; en geene tegenspraak tegen dit huwelijk ons kenbaer gemaekt zijnde, regt doende aen hun verzoek,hebben wij naer gedaene voorlezing der bovengemelde stukken, alsmede van het zesde hoofdstuk van den vijfden titel van het Burgerlijk Wetboek, getiteld ‘van het huwelijk’ aen de komparanten gevraegd of zij voornemens zijn elkanderen te nemen voor echtgenoten, elk van hun beurtelings geantwoord hebbende van ja: verklaren wij in naem der Wet dat Petrus Martens en Eugenia Coddens door het Huwelijk vereenigd zijn; welk huwelijk openbaerlijk is voltrokken ten gemeentehuize van Hansbeke, ten bijwezen van Ie Jan Francies Martens, oud negen en veertig jaren, landsman, broeder des bruidegoms, 2e August Napoleon Fobe, oud vijf en vijftig jaren, sekretaris 3e Adolf Richard Fobe, oud vijf en dertig jaren, statieoversten, en 4e Pieter Benoit Thol, oud twee en dertig jaren landbouwer, alle wonende tot Hansbeke, getuigen hiertoe aengezocht, welke met ons en den bruidegom, na gedane voorlezing, hebben deze akte getekend; de bruid en hare moeder hebben verklaerd het schrijven onkundig te zijn; en zijn de bovengemelde overlegde stukken door ons geparapheerd om aen deze akte gehecht te blijven.

    P Martens A Fobe J B Van Overbeke

    Joannes F Martens P B Thol R Fobe

    Reeds op 29 april 1864 werd zijn dochter Maria geboren. Blijkbaar was Eugenia Coddens reeds 6 maand in verwachting toen zij trouwde met Petrus. Had de 54-jarige Petrus een misstapje begaan met zijn 27-jarige huishoudster en hoe kwam het dat de in Bellem geboren jonge boerendochter Eugenie huishoudster werd bij de weduwnaar Petrus Martens? Uit de verklaring in de huwelijksakte dat Eugenia Coddens en haar moeder het schrijven onkundig waren,wat toen nog het geval was bij de meerderheid van de vrouwen, blijkt dat het tweede huwelijk van Petrus Martens ‘beneden zijn stand’ was. De geboorte van Eugenie werd te Bellem aangegeven door haar 27-jarige vader Joannes Baptiste en de akte vermeldt : Den vader van ’t kind heeft verklaard niet te kunnen naamtekenen van door ongeleerdheyd.

    Personen in parenteel van Jan François CODDENS, grootvader van Eugenie

    I.1 M CODDENS, Jan François   omstr 1781 Aalter

    I.2 V MARTENS, Francisca      omstr 1787 Aalter

    II.1 M CODDENS, Jean-Baptiste 26-04-1809 Lotenhulle     08-05-1847 Bellem

    II.2 V De ZUTTER, Amelia      26-09-1810 Aalter

    III.2 V CODDENS, Eugenie      29-09-1836 Bellem         18-10-1898 Hansbeke

    III.1 M MARTENS, Petrus-Franc.04-03-1810 Hansbeke       30-01-1900 Hansbeke

    Amelia De Zutter, moeder van Eugenie, was spinsterregge van beroep. Ze woonde te Bellem maar was geboren te Aalter. Haar naam is er terug te vinden in de klapper, maar de geboorteregisters van 1810 zijn verdwenen, zowel in het gemeentelijk archief te Aalter als in het rijksarchief te Beveren. Van Jean-Baptiste Coddens, vader van Eugenie, is de franstalige geboorteakte van la commune de Lotenhulle, Canton de Nevele, Département de l’Escaut bewaard gebleven. Zijn vader Jan François, cultivateur à Lootenhulle, heeft de geboorteakte ondertekend met een bijzonder sierlijke handtekening van François Coddens. Jean-Baptiste was slechts 38 jaar toen hij te Bellem overleed, nu in het nederlands geregistreerd als Joannes Baptiste. Op 10 mei 1847 meldden Angelus Van Mechelen, een 31-jarige onderwijzer en de 36-jarige veldwachter Martin De Clercq aan burgemeester Jan Baptiste Steyaert dat Joannes Baptiste Coddens, landsman geboren te Lootenhulle, twee dagen vroeger was overleden in zijne woonst gelegen in deze gemeente wijk Waegbrugge. Was dit nog een gevolg van de hongersnood en epidemiën van die tijd ? Zijn dochter Eugenie was slechts 11 jaar oud.

    Tussen 1864 en 1877 werden uit het tweede huwelijk van Petrus Martens acht kinderen geboren. Petrus was 67 jaar oud toen zijn jongste zoon geboren werd. Alle kinderen werden volwassen. Hun zoon Henri overleed schielijk op 2 mei 1887 als gevolg van een ongeval, slechts 22 jaar oud. De 7 andere kinderen huwden en kregen afstammelingen. Dank zij dit tweede en wellicht ongewilde huwelijk van Petrus werden 44 kleinkinderen geboren.

    Petrus bereikte de gezegende leeftijd van 90 jaar toen hij op 30 januari 1900 overleed. Ruim een jaar vroeger, op 18 october 1898, was zijn vrouw Eugenia Coddens gestorven,slechts 62 jaar oud. Vier van hun kinderen waren toen reeds gehuwd. Emiel, Irma en René zijn pas gehuwd na het overlijden van hun vader.

    5.3.3 Lokale politieke mandaten van Petrus.

    In de publikatie ‘Gemeenteraadsverkiezingen en Gemeenteraden te Hansbeke – 1830-1976’ bespreekt Albert Martens elke gemeenteraadsverkiezing sinds 1830, alsook alle wetswijzigingen terzake. Het decreet van 8 october 1830 bepaalde de modaliteiten voor de eerste lokale verkiezingen na de Belgische Onafhankelijkheid. Te Hansbeke hadden deze plaats op 16 december 1830 en werden er georganiseerd door de gemeenteraad uit de Hollandse tijd. Zij hadden er plaats in de raadzaal van het gemeentehuis, meer bepaald in de bovenzaal van de herberg tegenover de kerk. Petrus was toen slechts 20 jaar oud en nog niet stemgerechtigd. Zijn vader Carel Martens werd rechtstreeks verkozen tot tweede schepen.

    De naam van Petrus Martens verscheen voor het eerst na de ontbinding van de gemeenteraden door de gemeentewet van 31 maart 1848, toen hij 38 jaar oud was en ruime tijd nadat zijn vader Carel in 1837 overleden was. Bij de 2473 inwoners die Hansbeke telde op 1 januari 1848 waren er 107 kiesgerechtigden of slechts 4,3% van de bevolking. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 22 augustus 1848, kort na de grote crisis en hongersnood, kwamen 91 kiezers opdagen. Petrus behaalde met 52 stemmen reeds de absolute meerderheid tijdens de eerste ronde en werd hierdoor samen met 4 andere kandidaten rechtstreeks verkozen . Ook August Hanssens werd rechtstreeks verkozen met 49 stemmen(in 1893 zal Emiel Hanssens, zoon van Bruno Hanssens en kleinzoon van August, huwen met Maria Martens, oudste dochter van Petrus Martens). In de tweede stemronde, waarbij 83 kiezers kwamen opdagen, behaalden nog 4 kandidaten een meerderheid. Eén van hen was Jan-Baptist Van Overbeke die bij K.B. van 30 september 1848 herbenoemd werd tot burgemeester en dit zou blijven tot 1860. In die tweede ronde werden ook Pieter-Nicolaes De Muynck en Bernard Van Der Plaetse verkozen. Tien jaar later zal Petrus huwen met de

    dochter van Bernard Van Der Plaetse en in 1903 zal Irma Martens, dochter van Petrus, trouwen met Aimé De Muynck, kleinzoon van Pieter-Nicolaes. Bij K.B. van 13 augustus 1848 werd August Hanssens benoemd tot tweede schepen(23)(24).

    In de gemeenteraadszitting van 29 augustus 1850 werd bij lottrekking bepaald welke raadsleden na 3 jaar zouden uittreden. Petrus Martens was één van hen. Daardoor komt zijn naam voor op het convocatiebiljet voor de gemeenteraadsverkiezingen van 28 october 1851.

    Petrus Martens werd herverkozen en bovendien bij K.B. van 5 januari 1852 tot tweede schepen benoemd in vervanging van August Hanssens. De eedaflegging en de installatie van de verkozen raadsleden vond plaats in de zitting van 21 januari 1852(25)(26). Petrus zal schepen blijven tot 1869. De benoemingsbrief van Petrus Martens, ondertekend door koning Leopold I en door Charles Rogier die toen zowel eerste minister als minister van binnenlandse zaken was, is opgesteld in het frans.

    Ministère de l’Intérieur

    Cabinet n° 6

    Léopold, Roi des Belges,

    À tous présents et à venir, Salut.

    Vu l’article 2 de la loi du 30 Mars 1836,

    Sur le rapport de notre Ministre de l’Intérieur,

    Nous avons arrêté et arrêtons:

    Article 1er

    Le sieur Maertens, P(ier)re, est nommé Echevin de la com(mu)ne

    de Hansbeke, Arrondissement administratif de Gand, Province

    de la Flandre Orientale, en remp(lacemen)t du S(ieu)r Hanssens

    Aug(us)tin.

    Article 2

    Notre Ministre de l’Intérieur est chargé de l’exécution du

    présent Arrêté, dont une ampliation sera adressée au titulai-

    re pour son information.

    Donné à Bruxelles, le 5 janvier 1852

    Léopold

    Par le Roi

    Le Ministre de l’Intérieur

    (Signé) Ch. Rogier

    Pour expédition conforme,

    Le Secrétaire Général du Ministère

    de l’Intérieur

    (handtekening onleesbaar)

    Zes jaar later, bij de gemeenteraadsverkiezingen van 29 october 1857, was Petrus opnieuw kandidaat. De bevolking van Hansbeke was lichtjes gedaald tot 2355, met 112 kiesgerechtigden, waarvan er 93 opdaagden. Petrus Martens werd rechtstreeks verkozen met 92 van de 93 stemmen. Bij K.B. van 4 februari 1858 werd hij herbenoemd als tweede schepen en legde de eed af op 18 april 1858(27).

    Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 27 october 1863 was het aantal inwoners nog iets gedaald tot 2294 en werden 104 geldige stemmen uitgebracht. Petrus Martens behaalde 103 van de 104 stemmen terwijl de andere kandidaten slechts tussen 69 en 63 stemmen behaalden. Petrus was toen weduwnaar, wegens het overlijden van Dorothea Van Der Plaetse in het kraambed. Bij K.B. van 23 december 1863 werd hij herbenoemd tot schepen, maar hij kwam niet opdagen voor de geplande installatie op 5 januari 1864. Op 21 januari trad hij om dringende redenen in het huwelijk met Eugenia Coddens, zodat hij pas tijdens de gemeenteraadszitting van 15 maart, twee weken voor de geboorte van zijn oudste dochter Maria, geïnstalleerd werd(28)(29).

    Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 26 october 1869 moest het mandaat van de 59-jarige Petrus hernieuw worden, maar hij was klaarblijkelijk in ongenade gevallen. Onder de verkozenen verschijnt opnieuw August Hanssens die al raadslid was van 1849 tot 1851 en die toen als schepen was vervangen door Petrus. Bij K.B. van 12 december 1869 werd August Hanssens tot tweede schepen benoemd in vervanging van Petrus Martens, non réélu (30). Petrus had toen reeds 4 kinderen bij zijn tweede echtgenote en de olieslager Bernard Van Der Plaetse, vader van zijn overleden eerste echtgenote, zetelde nog steeds in de gemeenteraad. Was hier een veto ontstaan omwille van dat tweede huwelijk beneden zijn stand ?

    Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1 juli 1872, had Petrus nog steeds belangstelling. Hij werd niet voorgedragen, maar vermits de kiezer door het toevoegen van een naam voor om het even wie kon stemmen die verkiesbaar was, behaalde hij toch één van de 139 uitgebrachte stemmen. August Hanssens, 80 jaar oud, bleef schepen.

    Bij de daaropvolgende verkiezingen komt de naam van Petrus niet meer voor. Toch probeerde hij nog eens bij de gedeeltelijke vernieuwing van de raad door de verkiezingen van 16 october 1887, toen hij reeds 77 jaar oud was. Kort voordien was zijn zoon Petrus-Joannes gehuwd met Leonie De Vreese en zijn oudste dochter was reeds 5 jaar gehuwd met Serafien Van Vynckt. De bevolking van Hansbeke was teruggelopen tot 2007, waarvan 181 kiezers. Vier raadsleden waren uittredend en er lag een lijst voor met vier kandidaten, waaronder ook Serafien Van Vynckt, schoonzoon van Petrus. Wellicht was Petrus het niet eens met dit voorstel en diende hij een éénpersoonslijst in op zijn naam. Petrus behaalde 38 van de 132 geldige stemmen maar werd niet verkozen. Zijn schoonzoon Serafien Van Vynckt werd met 95 stemmen wel verkozen. Verwant aan de stam Martens kwamen verder nog Pieter-Jan De Muynck(later schoonvader van Irma Martens, dochter van Petrus) met 100 stemmen, en Charles-Louis Hanssens(zoon van August en broer van Bruno wiens zoon Emiel in 1893 de tweede echtgenoot van Maria Martens zal worden) met 95 stemmen, in de gemeenteraad. Op 5 maart 1890, dus nog gedurende zijn eerste mandaat, overleed Serafien Van Vynckt, echtgenoot van Maria Martens.

    Petrus beleefde nog de invoering van het algemeen meervoudig stemrecht voor mannen, voor het eerst toegepast bij de gemeenteraadsverkiezingen van 17 november 1895, zij het niet meer als kandidaat. Toch moet hij het gebeuren van nabij gevolgd hebben. De grondeigenaar Emiel Hanssens, sinds 12 januari 1893 tweede echtgenoot van zijn oudste dochter Maria, werd verkozen. Ook Pieter-Jan De Muynck werd verkozen en werd tweede schepen. Pieter-Jan was de vader van August Aimé De Muynck en dus de schoonvader van Irma Martens, dochter van Petrus. Tenslotte werd ook de grondeigenaar Henri De Schuyter verkozen, zoon van Pieter-Jan De Schuyter en Francisca Lambrecht. Door zijn eerste huwelijk met Eugenie Martens, zuster van Petrus Martens, was Pieter-Jan De Schuyter een schoonbroer van Petrus Martens.

    5.3.4 Petrus als eigenaar

    Op 14 september 1893, toen Petrus 83 jaar oud was, werd voor Timon De Seille, notaris te Hansbeke, een akte van voorouderlijke verdeling verleden waarbij al de eigendommen in kavels werden verdeeld en afzonderlijk aan zijn kinderen werden toegewezen. Zijn oudste zoon Henri was toen reeds overleden(1887) en drie kinderen waren gehuwd: Maria(1882), Joannes(1887) en Emma(1889). Emiel was op reis in Amerika en Charles , Irma en René waren nog minderjarig.

    De 17 bladzijden tellende integrale tekst van de verdelingsakte van de onroerende goederen, thans in bewaring bij notaris Duerinck te Nevele, is opgenomen in bijlage 5.5. Deze akte waarin de bezittingen van Petrus beschreven worden in 45 artikels en verdeeld over 5 kavels , namelijk één voor de 3 minderjarige kinderen Charles, Irma en René en telkens één kavel voor de vier andere kinderen Maria, Joannes, Emma en Emiel, laat niet enkel toe de oorsprong van het onroerend vermogen van Petrus te kennen maar geeft tevens de bestemming aan zoals die bij de overgang van de XIXe naar de XXe eeuw tot stand kwam.

    Hoe de eigendommen van Petrus tot stand kwamen, vooral door erfenis en deels door aankoop al dan niet als medegerechtigde, kan het duidelijkst geschetst worden aan de hand van een chronologische weergave van wat in de 45 artikels vervat is:

    - Op 28 october 1850, bij akte voor notaris Van Doorm te Poeke, waarbij na het overlijden van Marie Rosa Sutterman de nalatenschappen van haar en haar man Carel Martens verdeeld werden tussen hun 3 erfgenamen Joannes-Francies Martens, Petrus Martens en Marie Clemene De Schuyter, dochter van Pieter en Eugenie Martens, werd de 40-jarige vrijgezel Petrus eigenaar van De Meren. De in 19 artikels beschreven eigendom behelsde eene voorname hofstede bestaande in woonhuis, schuur, stallingen en verdere afhangens en nog een hofstede bestaande in woonhuis, stallingen en afhangens op het klein Kouterken te Hansbeke samen met percelen grond voor een totale oppervlakte van 16ha53ca (artikels 1 tot 19).

    Carel was pas op 10 september 1835 eigenaar geworden van De Meren (artikel 9) als één van de erfgenamen van zijn ongehuwde zus Caroline Martens .Het landbouwbedrijf was in 1935 verpacht aan August Hanssens, grootvader van Emiel Hanssens die in 1893 zal huwen met Maria Martens, kleindochter van Carel. Na het huwelijk van zijn broer Joannes zal Petrus in 1851 verhuizen van Goed ter Elst naar De Meren. De andere hofstede (artikel 17) werd verpacht;

    - Op 8 mei 1851, in het jaar dat Petrus schepen werd te Hansbeke met een mandaat dat hij tot 1869 zou behouden, één dag na het huwelijk van zijn broer Joannes, kocht Petrus twee partijen land met een oppervlakte van 59a 20ca (artikels 28 en 29) jegens de kinderen Van Overwaele te Hansbeke. De verkoop werd op 14 mei 1851 in het frans geregistreerd te Deinze door le receveur Colson;

    - Op 28 maart 1859, 7 maanden na zijn huwelijk met Dorothea Van Der Plaetsen en 4 maanden voor haar overlijden, kocht Petrus jegens zijn medegerechtigde nicht Marie Anna Martens en andere bij proces-verbaal van openbare verkoping voor meester Blomme, notaris te Lovendegem, opnieuw twee partijen land te Hansbeke met een gezamenlijke oppervlakte van 66a66ca (artikels 20 en 21). Maria Anna Martens, weduwe van Judocus Lambrecht, stierf het jaar daarop kinderloos te Merendree. Zij was een dochter van Jacobus Martens en Livina Maenhout en, zoals Petrus, een kleinkind van Joannes Martens en Maria Francisca De Brauwer. Het betrof een eigendom afkomstig van hun gemeenschappelijke grootouders;

    - Op 16 october 1861 verwierf Petrus bij akte van verdeling verleden voor de notaris Blomme te Nevele tussen hem en zijn broer Joannes-Francies een partij land op de wijk Rho te Hansbeke, groot 65a10ca (artikel 22). Ruim 10 jaar na het overlijden van hun ouders was dit perceel nog in onverdeeldheid gebleven. Petrus was toen een 51-jarige weduwnaar zonder kinderen;

    - Op 31 januari 1862 kocht Petrus bij verkoopakte verleden voor notaris De Backere te Gent van het echtpaar Ludovicus Onghena-Sofie Moens uit Oostakker drie partijen zaailand gelegen te Hansbeke, met een totale oppervlakte van 1ha75a70ca (artikels 23,24 en 25). Sofie Moens was een kleindochter van het echtpaar Boudewijn Sutterman-De Pauw en een nicht van Petrus Martens. Haar man was landbouwer te Oostakker en zij verkochten sommige erfgoederen afkomstig van de familie Sutterman;

    - Op 16 maart 1867, wanneer hij reeds 3 kinderen had uit zijn tweede huwelijk met Eugenie Coddens, kocht Petrus een schoon en groot woonhuis met stalling en erf bij de statie te Hansbeke en 22a30ca grond (artikels 26 en 27) van de kinderen Onghena-Moens waarvan beide ouders overleden waren. Deze verkoop door de achterkleinkinderen van Boudewijn Sutterman werd verleden voor notaris Buysse te Oostwinkel;

    - Op 18 juni 1872, toen hij reeds 5 kleine kinderen had en ruim 62 jaar oud was, kocht Petrus opnieuw gronden waarin hij medegerechtigd was. De twee percelen land met een oppervlakte van 93a10ca (artikels 30 en31), gelegen te Aalter, verwierf Petrus bij een openbare veiling van de onroerende goederen afhangende van de nalatenschap van Marie Therese Hall

    31-07-2007 om 14:31 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.2. Hoofdstamlijn Carel Martens (1766-1837)

    5.2 Hoofdstamlijn

    Carel Martens (°Hansbeke 12-01-1766 + Hansbeke 26-12-1837 ) zv Jan

    5.2.1 Zijn jeugd

    Carel, of naargelang de bron Charel, Karel of Carolus Martens, werd op 16 januari 1766 op de hofstede De Meren te Hansbeke geboren als elfde en laatste kind van Joannes en Maria Francisca De Brauwer, en als kleinzoon van de toen reeds overleden Judocus Martens en Petronilla Lamme. Bij zijn geboorte was zijn oudste zus Regina reeds 20 jaar ,zijn broer Jacob bijna 18 jaar en waren er nog 5 andere zussen in leven tussen 15 en 3 jaar. Carel werd omstreeks 7 uur ’s avonds geboren op het ouderlijk erf, dicht bij het dorp, langs de steenweg op Nevele. De volgende dag werd hij gedoopt door onderpastoor Goethals. Tussen 1775 en 1788 trouwden zijn broer en zijn vier oudste zussen, en deze vestigen zich elders te Hansbeke, Nevele en Aalter. Wanneer zijn vader Jan(+1801) en zijn moeder Maria Francisca De Brauwer(+1806) stierven woonde hij als 40-jarige vrijgezel nog steeds op De Meren, samen met twee ongehuwde zussen: de 45-jarige Carolina en de 43-jarige Rosalia. Het hof De Meren werd eigendom van Carolina, die er ook bleef wonen. Zijn zus Rosalia Martens trad in 1808 in het huwelijk met Jacob Van Hove, maar zal 5 jaar later kinderloos sterven.

    Op 22 april 1807, tien maanden na het overlijden van zijn moeder, huwde Carel met de 36-jarige Maria Rosa Sutterman, dochter van Boudewijn en Joanna De Pauw, kleindochter van oud-burgemeester Petrus Sutterman en Livina Lamme en achterkleindochter van Jan Lamme en Pieternella Van Vynckt. Carel en Francisca trouwden te Hansbeke voor pastoor Godefroy, met als getuigen Carel’s schoonbroer Joannes Vander Vennet en Maria Anna Sutterman.

    Personen in genealogie van Petrus SUTTERMAN, grootvader van Maria Rosa SUTTERMAN

    I.1 M SUTTERMAN, Petrus        24-05-1687 Hansbeke            1772 Hansbeke

    I.2 V LAMME, Livina            19-04-1689 Hansbeke            1719 Hansbeke

    II.1 M SUTTERMAN, Boudewijn

    II.2 V De PAUW, Joanna         14-03-1728               08-09-1794 Hansbeke

    III.1 M SUTTERMAN, Pieter Jacob      1765 Hansbeke

    III.2 V SUTTERMAN, Marie-Ther. 11-06-1766 Hansbeke

    III.3 M MOENS, Lieven-Bernard             Wondelgem

    III.4 V SUTTERMAN, Maria Rosa  12-01-1771 Hansbeke      14-09-1850 Hansbeke

    III.5 M MARTENS, Carel         12-01-1766 Hansbeke      26-12-1837 Hansbeke

    III.6 M SUTTERMAN, Jan Baptist                                1806 Hansbeke

    Voor de generatie IX van de afstammelingen van Stoffel Martens , dit is de generatie van Carel Martens, zijn in de gegevensbank van de stam Martens 70 personen opgenomen ( bijlage 5.2). Deze lijst behelst nog 10 namen van personen in de stamlijn van de Hansbeekse baljuw Jan Martens, namelijk 5 betachterkleinkinderen van zijn dochter Sara en Joos Sutterman en eveneens 5 langs zijn dochter Susanne en Frans Vande Putte. Verder zijn er 60 achterkleinkinderen en echtgenoten afstammend van de Bellemse burgemeester Joannes Martens, namelijk 49 uit zijn eerste huwelijk met Joanna Maenhout en 11 uit zijn tweede huwelijk met Joanna De Vligere.

    Hansbeke is met minstens 35 personen veruit de belangrijkste geboorteplaats voor deze generatie. Een tweede concentratie betreft de regio Varsenare, Jabbeke, Snellegem en Beernem met minstens 15 geboorten. De gekende geboortedata voor generatie IX liggen verspreid tussen 1725 en 1801 terwijl de overlijdens te situeren zijn tussen 1735 en 1865. De naam Martens komt voor bij 28 personen, waaronder slechts 4 gehuwde mannen die de familienaam konden overdragen naar volgende generaties: Jacobus Joannes Martens die te Hansbeke huwde met Livina Catharina Maenhout, Jan Francies Martens die te Aalter in het huwelijk trad met Ferdinanda Ornelis, Albert Martens die trouwde met Joanna Vermeire uit Sint-Joris-ten-Distel en in de hoofdstamlijn Carel Martens, de verre afstammeling van de naar Bellem uitgeweken Pieter Martens, gehuwd te Hansbeke met Maria Rosa Sutterman. Opvallend is dat de naam van Maria Rosa Sutterman niet opgenomen is bij generatie IX uit het parenteel van Stoffel Martens, maar wel bij generatie VIII als betachterkleindochter van Joos Sutterman en Sara Martens of in voortzetting van de te Hansbeke gebleven afstamming van baljuw Jan Martens.

    5.2.2 Goed ter Elst

    Na het overlijden van haar ongehuwde broer Jan Baptist had Maria Rosa Sutterman Goed ter Elst geërfd. Na haar huwelijk in 1807 vestigde zij zich daar met haar man Carel Martens. Langs deze weg kwam deze hoeve, ten oosten van het dorp langs de Merendreestraat (voor de aanleg van de spoorweg met een lange dreef verbonden naar de wijk Zande en de weg naar Landegem) in het bezit van de familie Martens die er zou blijven wonen tot het einde van de XXe eeuw. Na Carel Martens zal deze hofstede achtereenvolgens bewoond worden door Petrus en Joannes-Francies, Emiel, Marcel en Arlette Martens. Tussen Joannes-Francies en Emiel Martens werd de hoeve verpacht aan de familie Van Vynckt. Tot voor de verbouwing aan het einde van de XXe eeuw was in een versiering van een steunbalk in de woonkamer het ingebeiteld jaartal 1753, wijzend op een verbouwing, duidelijk zichtbaar. De geschiedenis van Goed ter Elst gaat evenwel veel verder.

    De oudste vermelding van het Goed ter Elst dateert van 1486: goet gheheeten tgoet ter helst inde prochie van hansbeke (L. Luyssaert Toponiemen Hansbeke … a.w. p 107). Het pachtgoed met land en mers in den doerenbossche, zeven bunders groot, vernoemd in het penningkohier van 1575, was wellicht het Goed ter Elst. Jonker Jan Bels verpachtte het aan Jan Steyaert(14).

    Het goed of de heerlijkhede ter Elst, gelegen ten zuidoosten van de kerk, was een leen dat van de heerlijkheid van Hansbeke gehouden werd. Het behoorde in 1575 toe aan jonker Caerl de Gruytere, heer van Exaerde. In de tweede helft van de XVIIe eeuw was het goed eigendom van Maria Anna de Haynin en haar schoonbroer Lodewijk-Domien Vereycken, graaf van Sart, die het van hun oom Willem de Gruytere, heer van Mariakerke, geërfd hadden. Het bestond uit een pachthoeve met circa 7 bunders (ongeveer 9.5 ha) land.

    In 1643 pachtte Andries Van Heyste het Goed ter Elst, bestaande uit een hofstede met boomgaard, twee bossen en twaalf partijen land waaronder de mispelaere, het groot rot, het cleen rot, het gheetjen, de hauden bogaert, de papenbilck, de potstaecken en de vierwechsche (drie eeuwen later werden de perceelsnamen groot rot en klein rot nog courant gebruikt op Goed ter Elst). Pachter Van Heyste was gehuwd met Lyevinne Van Wassenhove, een tweede maal met Cornelia Hendricx dochter van Lucas. Hij was schepen in de jaren 1654-1663. Hij overleed op 6 mei 1664, 62 jaar oud. Zijn weduwe hertrouwde op 17 januari 1666 met Pieter De Cuyper, zoon van Heindrick en Anna Van Heyste. Na de dood van Cornelia Hendricx in 1678 huwde pachter De Cuyper met Tanneken Dobbelaere, dochter van Jooris.

    In het landboek van 1700 werd het Goed ter Elst ook Roukenburgh genoemd en op de bijhorende kaart gesitueerd in het beloop Kercke en Voorde, perceelsnummer I/46, nabij het zuideinde van het doorenbuschstraetjen (nu Merendreestraat 16). De hofstede was toen bereikbaar vanuit de huidige Donkerstraat via een lange dreef die door de aanleg van de spoorweg in 1838 geamputeerd werd maar waarvan de twee gescheiden delen tot in de tweede helft van de XXe eeuw nog zichtbaar bleven.

    Op 4 maart 1687 kocht de Gentse grootgrondbezitter Philip Van Aerde, gehuwd met Isabella Monica Van Ouverwaele, het Goet ter Elst van de gravinne de Sart, dochter Gruytter voor 462 ponden 17 schellingen groten. Het landboek van 1700 vermeldt Philip Van Aerde nog als eigenaar(in Hansbeke had hij in totaal 23.695 roeden land in eigendom) en Pieter De Cuyper als pachter. Pieter De Cuyper was ook nog eigenaar van 8.407 roeden land te Hansbeke. De landbouwer was schepen (1669-1679) en vervolgens burgemeester (1679-1687, 1693-1696) van de heerlijkheid van Hansbeke en overleed op 6 januari 1714, 76 jaar oud.

    Uittreksel van de figurative caerte van Hansbeke, anno 1700

    Op 26 october 1718 kocht Pieter Sutterman, echtgenoot van Livina Lamme, zoon van Pieter Sutterman en Lievijne Maenhout, het goed met medegaande landerijen van Therèse Van Aerde, dochter van Philip, weduwe van Niclaes Ballas. Hij betaalde 613 ponden 6 schellingen en 8 groten(15). Weduwe Pieter De Cuyper stierf op 22 januari 1720. Haar zoon Jan De Cuyper trouwde een paar maanden later met Petronilla Claeys en bleef pachter op het Goed ter Elst.

    In 1753 werd een belangrijke verbouwing uitgevoerd vermits in een versierde steunbalk in de grote woonkamer deze datum werd ingebeiteld. Tot welke datum de twaalf wit-groen geschilderde vensterluiken in de voorgevel teruggaan kon niet worden achterhaald.

    In 1767 werd het Leen ter Elst, bij octrooi verleend door Hare Majesteit Maria Theresia, gedenatureerd in allodiael ende deelsaem goet (niet meer leenroerig maar eigen en tussen de erfgenamen verdeelbaar goed)(16).Nog tijdens zijn leven verkavelde Pieter Sutterman, bij akte van 25 september 1767, zijn onroerend goed tussen zijn nog levende kinderen (17). De erfgenamen hielden de kavels in onverdeeldheid tot na zijn overlijden in 1773. Het cauterstuck , waarop door Pieter een kapel werd gebouwd (thans Mariakapel op de wijk Zande), werd toen gebruikt door Baudewijn Sutterman, vader van Marie Rosa.

    Het cauterstuck met de kapel kwam na 1774-1775 in bezit van Pieter De Schuyter en Livijne Sutterman, dochter van Pieter. Zij bleven ook nog eigenaar gedurende de XIXe eeuw.

    Pentekening Goed ter Elst Robert Leenknecht

    Stamvader Carel Martens kwam op Goed ter Elst na zijn huwelijk in 1807 met Maria Rosa Sutterman, die de eigendom erfde die haar grootvader Pieter Sutterman, oud-burgemeester van Hansbeke, 90 jaar voordien gekocht had. De gemeenschappelijke voorouders van Carel Martens en Maria Rosa Sutterman, Jan Lamme en Pieternella Van Vynckt waren overleden in 1740 en 1742 en hadden dus deze aankoop van hun schoonzoon nog beleefd. Ze konden evenwel moeilijk vermoeden dat hun andere schoonzoon, Judocus Martens, hen een achterkleinzoon Carel Martens zou bezorgen die zou huwen met hun achterkleindochter Maria Rosa Sutterman en die zich samen op Goed ter Elst zouden vestigen en aldus de start zouden geven voor bijna 2 eeuwen familie Martens op die hofstede.

    Na het overlijden van Carel Martens (1837) en Maria Rosa Sutterman (1850) werd de hoeve eigendom van hun zoon Joannes-Francies. In 1886, na het overlijden van Maria Paulina Van Nieuwenhuyse, weduwe van Joannes-Francies Martens, kwam Goed ter Elst in onverdeeld bezit van Petrus Martens en zijn schoonzoon Serafien Van Vynckt. Door de voorouderlijke schenkingsakte van 14-9-1893 werd Maria Martens, dochter van Petrus en weduwe van Serafien Van Vynckt, eigenaar van Goed ter Elst.

    5.2.3 Zijn gezin

    De kwartierstaat maakt duidelijk dat de kinderen van Carel Martens en Maria Rosa Sutterman zelfs driemaal het echtpaar Jan Lamme en Livina De Meyere terugvinden bij hun voorouders:

    - aan moederszijde zijn Jan Lamme en Livina De Meyere betovergrootouders van Maria Sutterman, overgrootouders van Boudewijn Sutterman, grootouders van Livina en Petronilla Lamme en ouders van Jan Lamme

    - aan vaderszijde zijn zij tweemaal de betovergootouders van Carel Martens:

    -enerzijds als overgrootouders van Joannes Martens, grootouders van

    diens moeder Petronilla Lamme en ouders van Jan Lamme ;

    -anderzijds als overgrootouders van Maria Francisca De Brauwer,grootouders van haar moeder Petronilla Bogaert en ouders van Anna Lamme;

    Door opeenvolgende huwelijken met vier begoede Hansbeekse families Lamme, Maenhout, De Brauwer en Sutterman heeft de hoofdstamlijn Martens bij de terugkeer van Bellem naar Hansbeke er zich in een sterke maatschappelijke positie gewerkt.

    Onderstaand schema illustreert de meervoudige verwantschap van Petrus Martens, zoon van Carel en Marie Rosa Sutterman, met de families Martens, Sutterman en Lamme. De zusjes Livina en Petronilla Lamme waren beide betovergrootmoeder van Petrus : Livina als grootmoeder van Marie Rose Sutterman en Petronilla als grootmoeder van Carel Martens. De stamouders Jacob Martens en Livina Claeys zijn ook tweemaal voorouders van Petrus: zij zijn overgrootouders van Petrus Sutterman en van Jan Martens en de vader en moeder van Petrus Martens zijn achterkleinkinderen van respectievelijk Jan Martens en Petrus Sutterman.

    Jacob Martens                 x                   Livina Claeys

    (1560-1618 )                                       (1563-1637)

      Jan Martens x Barbara Speeckaert    Pieter Martens x Tanneken Steyaert

    (1590-1646)    (1594-1636)                (1602-1653)     (1600-1665)

     

    Joos Sutterman x Sara Martens         Guilliame Martens x Joanna Steyaert

    (1596-1680)     (1617-1692)                (1628-1708)       (1631-1702)

     

                                                               Jan Lamme x Petronilla Van Vynckt

                                                               (1662-1740)    (1662-1742 )
    Petrus Sutterman x Liv Maenhoudt J Maenhout 1x Jan Martens 2x J DeVlieghere

    (°1650)            (1658-1717)   (1657-1691)    (1656-1729)   (1664-1729)

    Pieter SuttermanxLivina Lamme Petron Lamme1xJudocus Martens2xMariaLedeganck

    (1687-1773)      (1689-1719)    (1694-1720 )   (1686-1725 )   (1700-1761)

     

    Boud Sutterman x Joa De Pauw       Joannes Martens x Maria Fr De Brauwer

                     (1727-1794)         (1719-1801 )     (1724-1806)

     

                   Maria Rose Sutterman x Carel Martens

                            (1771-1850)    (1766-1837)

     Dorothea Van Der Plaetse 1x Petrus Martens 2x Eugenie Coddens

        (1831-1859 )              (1810-1900 )       (1836-1898)

    Niettegenstaande het feit dat Maria Rosa reeds meer dan 36 jaar was toen zij huwde, bracht zij nog 5 kinderen ter wereld in een tijdspanne van ruim 6 jaar. De 3 dochters en 2 zonen werden geboren te Hansbeke. Haar oudste dochter Eugenie werd geboren en gedoopt op 18 maart 1808 en kreeg de reeds vernoemde Joannes Vander Vennet en Maria Anna Sutterman als peter en meter.

    Ongeveer één jaar later werd de tweede dochter Regina geboren met als doopouders Petrus Jacobus Sutterman en Regina Petronilla Martens, zus van Carel.

    Nog een jaar later,bijna dag op dag, werd de oudste zoon Petrus-Francies geboren. Livinus Bernardus Moens was peter en Norbertina Martens, zus van Carel, werd meter. Op 15 februari 1812 werd een vierde kind geboren en gedoopt onder de naam Maria Carolina Julia, met Judocus Maenhout als peter en Theresia Sutterman als meter. Zij overleed reeds na twee en een halve maand.

    Tenslotte werd na verloop van ongeveer 2 jaar, op 3 februari 1814, een vijfde en laatste kindje geboren, Joannes Francies. Petrus Judocus Wille en Carolina Martens, zus van Carel, waren peter en meter. Zijn moeder Maria Rosa was toen ruim 43 jaar.

    Gezinsfiche van Carel Martens

    Carel Martens                  Maria Rosa Sutterman

    fs Joannes en Maria F. De Brauwer      fa Boudewijn en Joanna De Pauw

    ° Hansbeke 12-01-1766                    ° Hansbeke 12-01-1771

                                 X

                          Hansbeke 22-04-1807

    + Hansbeke 26-12-1837                     + Hansbeke 14-09-1850

    Kinderen

    1.Eugenie                                Pieter Josef De Schuyter

    ° Hansbeke 18-03-1808                     fs Carolus en Petronilla Wille

                                              ° Hansbeke 12-05-1811

                                  x

                           Hansbeke 08-11-1843

    + Hansbeke 14-08-1845                     + Hansbeke 01-04-1885

    2. Regina

    ° Hansbeke 08-03-1809

    + Hansbeke 18-08-1850

    3. Petrus-Francies                         Dorothea Van der Plaetse

    ° Hansbeke 04-03-1810                       fa Bernard en Sophie Vyncke

                                  x              ° Nevele 06-09-1831

                             Hansbeke 02-09-1858

                                                 + Hansbeke 13-07-1859

                                               Eugenie Coddens

                                             fa Jan Baptist en Amelia De Zutter

                                   x             ° Bellem 29-09-1836

                             Hansbeke 28-01-1864

    + Hansbeke 30-01-1900                        + Hansbeke 18-10-1898

    4. Maria Carolina Julia

    ° Hansbeke 15-02-1812

    + Hansbeke 02-05-1812

    5. Joannes-Francies                        Maria Paulina Van Nieuwenhuyse

    ° Hansbeke 03-02-1814                      fa Joseph en Maria Ther. Dossche

                                   x            ° Oostakker 11-10-1811

                          Oostakker 07-05-1851

    + Hansbeke 19-03-1867                       + Hansbeke 03-05-1886

    Carel werd geboren en groeide op in de Oostenrijkse Nederlanden en leerde leven met de aanwezigheid van Franse legers. De kinderen van Carel en Maria Rosa werden geboren toen Vlaanderen geannexeerd was bij Frankrijk(1795). Zij groeiden op toen de legers van Napoleon hier de plak zwaaiden en toen, na de nederlaag van Napoleon bij Waterloo(1815), de Zuidelijke Nederlanden opnieuw aansluiting hadden gevonden bij Nederland en samen het Verenigd Koninkrijk vormden(1815-1830). Toen Carel stierf en zijn kinderen huwden was de jonge Belgische staat tot stand gekomen(1830), met een koning van Duitse en een koningin van Franse origine .

    Het gezin van Carel Martens en Maria Rosa Sutterman was behoorlijk welstellend. Met een geraamd inkomen van 250 gulden per jaar waren zij in 1819 de vierde hoogste belastingbetalers van Hansbeke, na de kasteelheer Jan Baptiste Van de Woestijne en na twee familieleden: de weduwe van Jacob Martens en het echtpaar Jan Frans Van Der Vennet-Regina Martens. In 1830, Carel was dan 64 jaar oud, stonden zij met hetzelfde inkomen op de achtste plaats. Op 10 september 1835, slechts 2 jaar voor zijn overlijden, werd Carel nog eigenaar van De Meren, een hoeve die voordien in het bezit was van zijn ongehuwde zus Caroline. Deze hofstede werd verpacht aan August Hanssens, wiens afstammelingen opnieuw zouden trouwen binnen de familie Martens.

    Carel Martens was bijna 72 jaar oud toen hij op zijn erf Goed ter Elst stierf op tweede Kerstdag 1837. Zijn weduwe Maria Rosa was toen 66 jaar en zijn 4 kinderen waren volwassen maar nog ongehuwd: Eugenie(29 jaar), Regina(28 jaar), Petrus-Francies(27 jaar) en Joannes(23 jaar). Zijn afstammelingen die leefden tijdens de XIXe eeuw zijn weergegeven in bijlage 5.3 . Pas 6 jaar na het overlijden van haar vader trouwde de oudste dochter Eugenie met Pieter Josef De Schuyter en vestigde zich op de wijk Reibroeck, waar zij anderhalf jaar later, op 14 augustus 1845, sterft. Volgens het bevolkingsregister van Hansbeke woonde in 1847 de 76-jarige weduwe van Carel nog steeds op Goet ter Elst ten oosten van het dorp, samen met drie nog steeds ongehuwde kinderen Regina(38 jaar), Petrus(37 jaar) en Joannes(33 jaar). Drie jaar later, op 18 augustus 1850, stierf de 41-jarige Regina, nog steeds ongehuwd. Is het toeval dat nog geen maand later, op 14 september 1850, ook haar moeder Maria Rosa Sutterman stierf, 79 jaar oud ? Op 28 october 1850, één maand na het overlijden van hun moeder, werd de nalatenschap van Carel Martens en Maria Rosa Sutterman in een akte voor notaris Van Doorn te Poucques verdeeld tussen de in 1844 geboren kleindochter Marie Clemence De Schuyter en de twee zonen Petrus en Joannes. Joannes verwierf hierbij Goed ter Elst en de hofstede De Meren werd eigendom van de oudste zoon Petrus-Francies.

    De twee ongehuwde broers Petrus en Joannes bleven alleen achter op Goed ter Elst, maar niet voor lang. Op woensdag 7 mei 1851 huwde Joannes te Oostakker voor de wet met de bijna 40-jarige Pauline Van Nieuwenhuyse en het paar bleef op het ouderlijk bedrijf te Hansbeke. De nog steeds ongehuwde Petrus vestigde zich na het huwelijk van zijn broer Joannes vermoedelijk op het voorouderlijk erf De Meren langs de steenweg op Nevele, samen met een dienstmeid en 2 dienstknechten. Het was pas 7 jaar later, op 2 september 1858, dat hij huwde met de 27-jarige Dorothea Van der Plaetse.

    5.2.4 Gemeentebestuur

    Voor zover bekend maakte Carel Martens geen deel uit van de gemeenteraad in de Hollandse tijd, en was hij dus ook niet formeel betrokken bij de organisatie van de eerste raadsverkiezingen op 16 december 1830 . Over deze verkiezingen zelf is weinig bekend. Als burgemeester werd de grondeigenaar Jan-Baptiste van de Woestijne verkozen, die reeds burgemeester was onder het Hollands Bewind. Hij had zijn vaste verblijfplaats te Gent en woonde slechts tijdelijk op het kasteel van Hansbeke. Als schepenen of assessoren werden 2 landbouwers verkozen: Boudewijn Maenhout die later burgemeester werd en de 64-jarige Carel Martens. Verder werden nog 4 landbouwers, een olieslager en een bakker lid van de eerste gemeenteraad.

    Op 5 april 1831 werd in het wethuis om 9 uur ’s morgens een tussentijdse verkiezing gehouden tot het kiezen van twee assessoren met twee suppleanten in vervanging van Boudewijn Maenhout en Carel Martens. Vooraf hadden een dertigtal notabelen onder de twaalf grootste belastingbetalers een stembureau van 5 personen samengesteld. Carel Martens was één van deze vijf en behoorde dus tot de beperkte groep van de twaalf grootste belastingbetalers van de gemeente. Judocus-Francies Martens (1788-1846), zaakwaarnemer, en Leonard Van Hee, koopman, werden verkozen tot eerste en tweede assessor. Was dit kort mandaat van Carel Martens bedoeld om zijn familielid Judocus-Francies, zoon van zijn broer Jacob, naar voor te schuiven of waren er andere motieven? Of had Carel toen reeds gezondheidsproblemen, 6 jaar voor zijn overlijden?

    Voor de gemeenteraadsverkiezingen van 25 october 1832 mochten 132 kiezers deelnemen, dit is 5% van de 2753 inwoners. Judocus-Francies Martens werd verkozen als eerste assessor maar trad wellicht niet aan vermits hij op 11 november 1832 vervangen wordt door zijn suppleant.Bij de burgemeesterverkiezingen meldden zich slechts 72 kiezers aan. Er was een grote verdeeldheid vermits de zaakwaarnemer Charles-Josef Deseille met een nipte meerderheid van 37 stemmen( precies de helft van de stemmen plus één) tot burgemeester verkozen werd tegenover 35 stemmen voor de voornoemde Judocus-Francies Martens. Hierdoor verdwijnt de naam Martens tijdelijk uit het gemeentebestuur. Hoewel meerdere aan de stam Martens verwante personen in de raad zitting hadden, zou het nog tot 1849 duren vooraleer Petrus Martens, zoon van Carel, de draad opnieuw kon opnemen.

    31-07-2007 om 14:09 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HOOFDSTUK 5 NEGENTIENDE EEUW 5.1. Historisch kader

    Hoofdstuk 5 Negentiende eeuw

    Van heerlijkheid naar gemeente Hansbeke

    5.1 Historisch kader

    5.1.1 Algemeen kader

    Na de Franse revolutie in 1793 werden de Zuidelijke Nederlanden in 1794 ingelijfd bij Frankrijk en de verfransing van het onderwijs en het openbaar ambt volgde tijdens de periode van de Franse Overheersing (1794-1814). Bij het begin van de XIXe eeuw leert Vlaanderen ook het Franse leger en het leger van Napoleon(1801-1814) kennen. Hansbeke viel onder het Franse departement Escaut, met Gent als hoofdplaats. Na het Ancien Régime werden de administratie en de rechtbanken hervormd en verfranst, de heerlijkheden verdwenen en de gemeenten kwamen in de plaats.

    Na de slag bij Waterloo en de aftocht van de Franse troepen bracht het Verdrag van Wenen de Zuidelijke Nederlanden onder Willem I in het Verenigd Koninkrijk. Tijdens het Hollands Bewind(1815-1830) maakte men niet enkel kennis met troepen uit het Noorden, maar er kwam ook meer ruimte voor de Nederlandse taal. De Universiteit Gent werd opgericht en op 9 october 1817 geopend door Willem, prins van Oranje-Nassau, de latere Willem II.

    De Belgische onafhankelijkheid degradeerde Gent tot een provinciale hoofdplaats. Bij wet van 27 september 1835 kreeg de Gentse universiteit een nieuwe start, eerst met het latijn en spoedig nadien met het frans als voertaal.

    De economische crisis van omstreeks 1846 bracht armoede,landvlucht en hongersnood. Door gebrek aan competitiviteit van de huisnijverheid, die voor veel landbouwers en plattelandsbewoners een bijkomend inkomen verschafte, nam de plattelandsbevolking af. Tussen 1846 en 1856 daalde de bevolking van de Vlaamse provinciën met 3%.

    In de omgeving van Hansbeke werd het Schipdonkkanaal gebouwd (1843) en de spoorwegverbinding Brussel-Gent-Brugge-Oostende, met een station te Hansbeke, zal na 1840 het dorpsleven beinvloeden.

    De zogenaamde Belle Epoque(1886-1900), waarmee de XIXe eeuw afsloot, was in werkelijkheid voor de landbouw een periode van grote crisis, vooral in de graansector. De exodus naar Amerika kwam op gang. De landbouw schakelde noodzakelijkerwijze over naar de veehouderij. Deze crisis werd ook een vertrekpunt voor allerlei cooperatieve en syndicale initiatieven en vormde de prikkel tot de oprichting van een Ministerie van Landbouw in 1899.

    Het algemeen meervoudig stemrecht voor mannen kwam er uiteindelijk in 1893, na een lange strijd.

    5.1.2 Taal en kultuur

    In 1838 publiceerde Hendrik Conscience(1812-1883) ‘ De Leeuw van Vlaanderen’. Dat Emiel Martens(°1871) zichzelf soms ‘De Leeuw van Vlaanderen’ noemde heeft wellicht te maken met de blijvende weerklank van dit boek van Conscience.

    Op kultureel vlak kwam tijdens de tweede helft van de XIXe eeuw heel wat in beweging in Vlaanderen: stichting van het Willemsfonds te Gent(1851), gevolgd door het Davidsfonds(1875).De eerste taalwetten in Vlaanderen dateren van 1873-1898. In de ‘Vlaamse’ literatuur was er Guido Gezelle(1830-1899) en ook Cyriel Buysse(1859-1932), met zijn Nevelse tantes Loveling. Op wetenschappelijk vlak zijn ondermeer de namen van Adolphe Quetelet(1796-1874) en Henri Pirenne(1862-1935) bijgebleven.

    Op sociaal en politiek vlak verdienen Edward Anseele(1856-1938) en Priester Adolf Daens(1839-1907) speciale vermelding. Bij de politieke macht in het jonge Belgie kan niet voorbijgegaan worden aan de Luikse liberale politicus Charles Rogier(1800-1885) die reeds deel uitmaakte van het Voorlopig Bewind en tweemaal premier werd(1847-1852 en 1857-1867). Hij ondertekende ook de (franstalige) benoemingsbrief van Petrus Martens tot schepen te Hansbeke.

    Naar het einde van de XIXe eeuw komt ook een mondiale dimensie. Door de persoonlijke ambities van Leopold II in Afrika verwierf België in 1908 een kolonie. Jozef De Ceuster,alias pater Damiaan(1840-1889), plaatste Hawaï en Molokaï op de wereldkaart door zijn strijd tegen lepra en Adrien de Gerlache (1866-1934) deed ons Antartica ontdekken. Op wetenschappelijk vlak kan de evolutietheorie van Charles Darwin (1809-1882) niet onvermeld blijven.

    5.1.3 Van heerlijkheid naar gemeente Hansbeke

    Onder het Ancien Régime strekte de Heerlijkheid van Hansbeke zich uit over meerdere parochies. De heerlijkheden werden afgeschaft na de aanhechting bij Frankrijk op 1 october 1795. De wet van 17 februari 1800 erkende de gemeente als lokale bestuursvorm en dit bleef zo tijdens het Hollands Bewind(1814-1830).

    Tijdens de periode 1806-1813 hebben veel Hansbeekse mannen gediend in het leger van Napoleon. Op basis van de overlijdensregisters komt Robert Leenknecht tot het besluit dat 20 jonge inwoners sneuvelden op slagvelden of in militaire hospitalen in Frankrijk, Spanje, Griekenland, Oostenrijk, Luxemburg, Duitsland en Brussel. Voor zover de leeftijd gekend is, betreft het jonge mannen tussen 19 en 22 jaar oud. Er komen geen leden van de stam Martens voor op deze lijst.

    Pas in het onafhankelijk Belgie hadden gemeenteraadsverkiezingen plaats.Het decreet van 8 october 1830, onmiddellijk na het uitroepen van de Belgische onafhankelijkheid op 4 october 1830, bepaalde de modaliteiten van de eerste gemeenteraadsverkiezingen. Alleen Belgische mannen die aan de staat jaarlijks minstens 21,16 BEF aan directe belastingen (cijns) betaalden, hadden kiesrecht maar geen kiesplicht. Elke kiesgerechtigde beschikte over één stem. De verkiezing vond plaats voor een stembureau dat vooraf door de notabelen van de gemeente gekozen en geproclameerd werd. De stemming was geheim en gebeurde met dichtgevouwen stembiljetten waarop de kiezer de naam vermeld had van degenen aan wie hij zijn stem gaf. Er waren geen kieslijsten en men kon dus voor om het even wie stemmen die verkiesbaar was.

    Te Hansbeke hadden de eerste gemeenteraadsverkiezingen plaats op 16 december 1830 in de bovenzaal van de herberg tegenover de kerk, ter vervanging van de gemeenteraad uit de Hollandse tijd. Het betrof de verkiezing van burgemeester, 2 assessoren(schepenen) en 6 raadsleden. Bij de verkiezingen van 25 oktober 1832 brachten 71 kiezers een stem uit.

    Vanaf 1836 werden burgemeester en schepenen niet meer rechtstreeks verkozen door het kiezerskorps. De gemeentewet van 30 maart 1836 gaf stemrecht aan alle Belgische mannen die een bepaald bedrag aan belastingen betaalden, afhankelijk van de grootte van de gemeente. Bij de 9 verkozen raadsleden waren er te Hansbeke toen 5 landbouwers en verder een handelaar, een schoenmaker, een olieslager en een bakker.

    Een fragment uit een kadastrale kaart uitgegeven door Popp in 1846 toont de toestand langs de Pontstraat naar Nevele , die op dezelfde plaats te situeren is als de in vorig hoofdstuk weergegeven kaart van 1700. Het is opvallend dat de dorpskern nabij de kerk zich ontwikkeld heeft vermits nu naast de kerk een rij van aanéénsluitende en bij de straat aansluitende gebouwen aangeduid zijn.In 1846, na de grote hongersnood, liet de kasteelheer Jan-Baptiste van de Woestijne d’Hansbeke langs de oostzijde van de dorpsstraat een dagschool voor meisjes bouwen.In 1848 startte hij met de bouw van een rusthuis. Het jaar daarop liet hij aan het kasteelgoed tegenover het aloude wethuis de neo-classistische Philomenakapel bouwen.

    Omstreeks 1790 was de St Pieter en Paulus kerk verbouwd tot een driebeukige classicistische kerk. In 1872 werd deze kerk, die vijf traveeën telde, aan de westzijde met een zesde travee verlengd en omstreeks 1875 werd de stompe kerktorenkap door een spitse torennaald vervangen.

    In de jaren 1876-1877 bouwde het gemeentebestuur langs de westzijde van de dorpsstraat een nieuwe gemeenteschool met schoolhuis voor de hoofdonderwijzer. Wellicht kon Emiel Martens hier nog zijn lagere school afmaken, net zoals zijn zoon Marcel en zijn kleinzonen Carlos en Laurent Martens.

    In 1884, jaar waarin tijdens de grote kermis te Hansbeke een moord werd gepleegd, telde de gemeente 2.139 inwoners en 29 herbergen.

    Op een uittreksel van de kadastrale Popp-kaart, met de dorpskom van Hansbeke en met het tracé van de in 1840 aangelegde Chemin de Fer de Brueghe à Gand, zijn een aantal punten aangeduid die bij deze moord tijdens de nacht van dinsdag 14 op woensdag 15 october 1884 ter sprake komen. De kaart laat ook de toenmalige ontwikkeling van de dorpskern zien. Beide hofsteden van de familie Martens dicht bij de dorpskom, De Meren naar het zuiden, richting Nevele, en Goed ter Elst naar het oosten, richting Merendree, vallen net buiten dit uittreksel. Een deel van de gronden van Goed ter Elst, grenzend aan de Cluyse, staan wel op de kaart.

    Bij de raadsverkiezingen van 22 augustus 1848, nauwelijks twee jaar na de grote hongersnood, waren er op 2473 inwoners slechts 107 kiesgerechtigden waarvan er 91 kwamen opdagen. Bij de verkiezingen van 29 october 1857 werden 93 stemmen uitgebracht. Petrus werd verkozen met 92 op 93 stemmen en bleef schepen. In 1863 was het aantal opgekomen kiezers gestegen tot 104 en Petrus kreeg 103 stemmen. De wet van 12 augustus 1871 verlaagde de vereiste cijns om kiesgerechtigd te zijn tot 10 BEF, waardoor bij de verkiezingen van 1 juli 1872 174 Hansbekenaren, of 8,1% van de inwoners, kiesgerechtigd werden.

    Pas in 1877, door de wet Madou, werden vooraf gedrukte stembrieven ingevoerd. Door de gemeentewet van 24 augustus 1883 kwamen er te Hansbeke ongeveer 20 capaciteits- en bekwaamheidskiezers bij, maar toch werden er in 1884 slechts 113 geldige stemmen uitgebracht. Door de gemeentewet van 18 augustus 1889 werd de minimumleeftijd teruggebracht van 25 naar 21 jaar en werd de jaarlijkse cijns om kiesgerechtigd te zijn verlaagd tot 8 BEF. Dit resulteerde in 1890 in 121 geldige stembrieven.

    Het algemeen meervoudig stemrecht kwam te Hansbeke voor het eerst in voege bij de raadsverkiezingen van 17 november 1895. Dit resulteerde in 410 mannelijke kiesgerechtigden met samen 628 stemmen. Naast 269 kiezers met 1 stem waren er 90 met 2 stemmen, 25 met 3 stemmen en 26 met 4 stemmen. De twee lijsten kwamen echter vooraf overeen om samen maar 9 kandidaten voor te dragen, zodat bij de verkiezingen van 17 november 1895 alle kandidaten verkozen werden. Bij deze 9 zijn er zeker 3 verwant aan de stam Martens: Henri De Schuyter(grondeigenaar), Emiel Hanssens(grondeigenaar) en Pieter-Jan De Muynck(handelaar). Slechts 2 van de 9 raadsleden waren landbouwer. Ook op de verkiezingen van 15 october 1899 waren er slechts 9 kandidaten en konden de verkiezingen afgelast worden.

    5.1.4 Herbergen, landbouw, crisistijden en hongersnood

    Herbergen te Hansbeke

    Tijdens de XIXe eeuw heeft het sociaal leven, althans uitgedrukt onder de vorm van het aantal herbergen binnen de gemeente, hoogtij gevierd. Ondanks een verdubbeling van de bevolking, was het aantal herbergen tijdens het Ancien Régime ongewijzigd gehouden op 7. Bij de volkstelling van 1818, gedurende het Hollands Bewind, telde de gemeente 2559 inwoners(inclusief inwonende meiden en knechten) op een oppervlakte van 983 ha. Er werden 13 herbergen geteld, of 5 per 1000 inwoners. Bij de uitbaters waren toen geen leden van de stam Martens. Bij een telling in 1847 was het aantal herbergen bijna verdubbeld tot 25 of 10 per 1000 inwoners. In 1881 waren het er al 29 en in 1891 zelfs 35 of 17 per 1000 inwoners. In de toenmalige dorpskom was er nabij het station de herberg van Petrus-Joannes Martens, gehuwd met Leonie De Vreese, alsook drie andere herbergen van de familie De Vreese.

    Bij de eeuwwisseling, in 1901, werden zelfs 38 herbergen geteld, waaronder deze van Petrus-Joannes Martens, van Rosalie en Coralie De Vreese en van Eugeen-Napoleon De Grauwe in het Dorp, maar ook deze van Charles Martens en zijn echtgenote Maria-Coleta Van Hoecke in de wijk Hamme en van Edmond De Vreese en zijn echtgenote Julia Vande Wattijne op de wijk Zande, allen direct of indirect verwant met de familie Martens. De maximale bezetting aan herbergen zou bereikt worden in 1911, namelijk 44 of bijna 21 per 1000 inwoners.

    Algemene landbouwtelling 1846

    Naast de landbouw waren er te Hansbeke twee olieslagerijen, één bierbrouwerij en vijf windmolens. Er werd ook melding gemaakt van één stoomtuig en twee suikerijfabrieken.

    Bij de algemene landbouwtelling van 1846 telde Hansbeke maar liefst 524 landbouwbedrijven, waaronder één met meer dan 30 ha en twee met 20 tot 25 ha. De grondprijzen waren begrepen tussen 2.000 en 4.000 frank en de pachtprijzen tussen 40 en 80 frank per hectare. Er waren 161 loontrekkende mannen en 82 loontrekkende vrouwen tewerkgesteld op de landbouwbedrijven. Het dagloon was sinds 1830 ongewijzigd gebleven: naast de voeding 64 centiem voor mannen en 37 centiem voor vrouwen. De pachtprijs per hectare vertegenwoordigde dus zowat het loon van 100 werkdagen.

    In totaal werden er in 1846 89 paarden geteld en 772 runderen, waaronder 50 trekkoeien. Verder waren er 195 schapen, 441 varkens en 76 geiten.

    Het landbouwareaal vertoonde een zeer gevarieerd beeld. Naast 114,55 ha meerschen en 18,17 ha bosch, was de oppervlakte teelten verdeeld als volgt:

    54,62 ha tarwe

    251,32 ha rogge

    24,71 ha gerst

    58,55 ha haver

    2,09 ha bonen

    39,84 ha boekweit

    11,47 ha koolzaad

    49,83 ha vlas

    2,77 ha bieten (beetwortels)

    13,83 ha wortels

    82,58 ha aardappelen

    60,65 ha klaver

    De dominante plaats van rogge en aardappelen is opvallend. Boekweit en vlas bekleedden eveneens een belangrijke plaats.

    Crisisjaren 1830-1847 en hongerjaren 1845-1846 (bijlage 5.1)

    In 1818 behoorden de 2.559 inwoners tot 480 huishoudens die samen 375 woningen betrokken(1). Slechts 25 van de gezinshoofden,die samen 155 personen vertegenwoordigden, werden als behoeftig aanzien, zijnde 7% van de bevolking. Het betrof 14 dagloners, 7 wevers en 4 spinsters(2). Het Bureel voor Weldadigheid zorgde voor maandelijkse voedselbedelingen en ook voor bonnetjes voor voedsel en winkelwaren. De inkomsten van het armenbestuur bestonden uit renten en pachten, geldinzamelingen, gemeentelijke subsidies en dergelijke meer(3). Behoeftigen die in staat waren tot werken werden bij landbouwers of anderen tewerkgesteld(4).

    De bevolking die tegen 1840 was gestegen tot 2.789 en in 1845 terug gedaald was tot 2.635, werd deels tewerkgesteld in het produceren van vlas en lijnwaad, maar door de vlas- en linnencrisis in de jaren veertig steeg het aantal behoeftigen tot 10% van de bevolking. Tegen 1847 was de bevolking verder gedaald tot 2.473, waarvan 480 of 19,4% behoeftigen(5). De gemeente zag zich genoodzaakt de belastingen te verhogen(6). Toen de gemeente in 1844 een nijverheidscomité oprichtte werd vastgesteld dat slechts 50 van de 200 voorhanden weefgetouwen in werking waren(7). Door de crisis in de huisnijverheid en de landbouw was er plattelandsvlucht. De Gentse bevolking was tegen 1850 gestegen tot 106.000 of 27% meer dan in 1830.

    Toen in de jaren 1845-1846 de graan- en aardappeloogsten mislukten, wat tot grote hongersnood leidde, nam het aantal hulpbehoevenden te Hansbeke sterk toe. Pastoor Pieter Frans Bullens schreef: Het jaer 1845 is het voornaemste voedsel van den aermen aengerand geweest door eene bijzondere en tot nu toe onbekende plaeg, zoo danig dat er nauwelijks in geheel Belgenland aerdappelen zijn gevonden geweest die hunnen voorgaenden smaek hadden en het grootste deel ging wel haest over tot verrotting, zoo dat er hier uyt eenen grooten hongersnood is voort gesproten dat er op vele plaetsen menschen van honger zijn gestorven… ’t Jaer nadien had de plaeg der aerdappels nog niet geheel opgehouden, en zette zich daerbij nog op een ander voedsel niet min noodzakelijk te weten den rogge…De aermoede hier door groeyde zoo aen dat de menschen zich spijsden met ongehoorden kost zoo als gerste, loof van rapen eta. Uitgemergeld van cragten vele menschen bezweken van honger(8).

    Door de lange strenge winter 1844-1845 was een deel van de koolzaad- en tarweproductie verloren. In de zomer van 1845 kwam daar bovenop een parasiet die het grootste deel van de aardappeloogst deed mislukken. De volgende zomer van 1846 mislukte de graanoogst opnieuw wegens een ziekte. Voedsel werd schaars en duur. Een verzwakte bevolking viel ten prooi aan epidemieën(tyfus en cholera). Het aantal overlijdens te Hansbeke steeg van 43 in 1842 tot 92 in 1846. Bovendien woedde een besmettelijke thyphoide koorts met dodelijke gevolgen(9). In 1847 telde men zelfs 112 overlijdens. In juli-augustus 1848 moesten maatregelen genomen worden tegen de cholera morbus, die binnen een week elf personen aantastte waarvan er zeven overleden(10). Dat jaar werden nog 80 overlijdens geregistreerd, tegenover slechts 37 geboorten .

    De steunkas van het Weldadigheidsbureel raakte uitgeput(11) en het nijverheidscomité, dat aan ongeveer 200 mensen werk verschafte, moest bij gebrek aan geld zijn werkzaamheden beperken. Jan Baptiste van de Woestijne, kasteelheer te Hansbeke, kwam als grote weldoener ter hulp door aan alle armen kledij en gratis voedsel te verschaffen. Bovendien liet hij in het hongerjaar 1846 een dag- en kantwerkschool bouwen, met bijhorend kloosterpand.

    In de gegevensbank van de familie Martens komen tijdens deze honger- en ziekteperiode enkele overlijdens voor maar er zijn geen aanduidingen dat zij verband hielden met deze crisis. Bij de generatiegenoten van Petrus-Francies Martens overleed zijn zus Eugenie Martens op 14 augustus 1845, slechts 37 jaar oud . Judocus Martens stierf te Merendree op 24 januari 1846, 58 jaar oud en Petrus Joannes Maenhout, zoon van Norbertina Martens, stierf te Hansbeke op 18 november 1846 , 59 jaar oud.

    5.1.5 Hollands Bewind en familie Martens te Hansbeke

    Tijdens de Hollandse periode werd vanaf 1819 in het register van de gemeenteraad van Hansbeke de jaarlijkse lijst ingeschreven van de gemeentebelastingen. Voor het dienstjaar 1819 waren 196 inwoners belastingplichtig, met een geschat jaarlijks inkomen tussen 350 en 10 gulden(12). Het geraamd inkomen van alle belastingplichtigen samen bedroeg 13.700 gulden. Het persoonlijk inkomen werd voor iedereen belast met dezelfde aanslagvoet van negen cents vier honderd en zeventien duizendsten of 9.417%. Dit gaf een totale plaatselijke omslag van 1289 gulden en 13 cents.

    In 1819 hadden slechts 15 inwoners een jaarlijks inkomen boven 150 gulden:

                                                 inkomen

                                                  gulden

    1. Wwe Jacob Martens, landbouwster             350

    2. Van de Woestijne Jan Baptiste, kasteelheer  300

    3. Van Der Vennet Jan Frans, landbouwer        270

    4. Martens Carel, landbouwer                   250

    5. Wwe Lambrechts Bernard, landbouwster        240

    6. Kinderen Lefebure August, landbouwers       240

    7. Wwe De Blocq Jan Baptiste, particulier      200

    8. Steyaert Joanna en Rosa, particulieren      200

    9. Bultinck Jan Baptist, herbergier            180

    10.De Schuyter Bernard, landbouwer             180

    11.Maenhout Judocus, landbouwer                180

    12.Wwe De Witte Jan, landbouwster              160

    13.Maenhout Francies, landbouwer               160

    14.Sutterman Pieter Jacob, particulier         160

    15.Van Driessche Francies, landbouwer          160

    De kasteelheer, burgemeester en grootgrondbezitter Jan Baptiste Van de Woestijne(1775-1858), die nochtans meer dan 1.000 ha in eigendom had en zowat 17% van de Hansbeekse oppervlakte, werd slechts getakseerd op 50% van zijn op 600 gulden begroot inkomen, omdat hij de helft van de tijd te Gent verbleef. Op plaats 7 is er Josepha du Paix, weduwe van Jan Baptist Blocq, wonend op een kasteeltje in de Voorstraat, en die ook slechts op de helft van haar inkomen belast werd. In leven was haar man erfactig greffier van den raed in vlaenderen. Zijn grafsteen bevindt zich aan de zuidgevel van de kerk van Hansbeke onder het eerste kerkraam.

    Bij de permanent te Hansbeke wonende belastingplichtigen is de bijzonder dominante positie van de stam Martens opvallend. De plaatsen 1, 3, 4, 5 en 11 maken deel uit van de stam Martens, namelijk vier kinderen van Jan Martens(1748-1794) en Maria Francisca De Brauwer, geboren op het goed De Meren. De hoogste belastingbetaalster is hun schoondochter Livina Maenhout, weduwe van Jacob Martens, landbouwer in de Boerestraat en waarvan later 4 ongehuwde kinderen rentenierden in de Kerkwijk te Merendree. Op plaats 3 is er hun schoonzoon Jan Frans Van Der Vennet(1754-1829), gehuwd met Regina Martens, en uitbater van een hofstede in de Hammestraat. In 1830, bij het einde van het Hollands bewind, was

    hij gemeenteraadslid. Op plaats 4 is er hun zoon Carel Martens(1766-1837), gehuwd met Maria Rosa Sutterman en landbouwer op Goed ter Elst.

    Marie Anna Maenhout, weduwe van Bernard Lambrecht op plaats 5 is de schoonmoeder van Maria Anna Martens(1786-1847), dochter van Jacob Martens en gehuwd met Judocus Lambrecht. Haar kleindochter Francisca Lambrecht huwde later met Pieter Josef De Schuyter, na het overlijden van diens eerste echtgenote Eugenie Martens, dochter van Carel Martens. De familie De Schuyter, op plaats 10 in de lijst, was van 1879 tot 1909 vertegenwoordigd in de gemeenteraad en het schepencollege.

    Op plaats 11 bevond zich Judocus Maenhout(1748-1829), gehuwd met Norbertina Martens(1751-1821), eveneens een dochter van Jan Martens en Maria Francisca De Brauwer. Hun dochter Carola Maenhout zal trouwens in het huwelijk treden met Augustinus Hanssens en aldus de basis leggen van de latere familie Emiel Hanssens-Maria Martens en van de familie Karel De Waele-Virginie Hanssens, ouders van Maria De Waele en schoonouders van Marcel Martens. Pieter Jacob Sutterman, op plaats 14 van dezelfde lijst, is eveneens nauw verwant. Hij is een zoon van Baudewijn Sutterman en Joanna De Pauw , en zijn tante Maria Rosa Sutterman huwde met Carel Martens. Uit deze lijst blijkt dat de familie Martens en aanverwanten in 1819 binnen de Hansbeekse top-15 ruim de helft van het inkomen vertegenwoordigde , en binnen de top-10 zelfs 60%.

    Op het einde van het Hollands Bewind, tien jaar later, werd het gezamenlijk inkomen van 216 belastingplichtigen voor het jaar 1830 begroot op 15.480 gulden en getakseerd voor 1.440 gulden of tegen 7.37%, dus een lagere aanslagvoet dan in 1819(13). De getakseerden werden ingedeeld in 6 klassen volgens hun jaarlijks inkomen.

    Klasse Jaarlijks inkomen(I) aantal

             in gulden

    1             I > 250           4

    2       250 < I > 200           9

    3       200 < I > 150          18

    4       150 < I > 100           29

    5       100 < I > 50            47

    6        50 < I > 20           109

                                  ----

                                   216

    In 1830 werden onder de hoogst getakseerden enkele verschuivingen en enkele nieuwe namen aangetroffen.

    Jaarlijks inkomen

    in gulden

    Eerste klasse

    1. Dujardin Eugeene Albert, particulier      350

    2. Wwe Martens Jacob, landbouwster           350

    3. Wwe Van Der Vennet Jan Frans, landbouwster 270

    4. Van de Woestijne Jan Baptiste, kasteelheer 270

    Tweede klasse

    5. Kinders Lambrecht Bernard, landbouwsters   250

    6. Lambrechts Francies, priester              250

    7. Kinders Lefebure August, landbouwers       250

    8. Martens Carel, landbouwer                  250

    9. Martens Carolina, particuliere             250

    10.Steyaert Rosa, particuliere                250

    11.Kinders Maenhout Judocus, landbouwers      200

    12.Sutterman Pieter                           200

    De hoogst gerangschikte in 1830 is de nieuwkomer Eugeene Dujardin, gehuwd met Maria Josepha De Vos, die het kasteeltje had gekocht dat voordien toebehoorde aan Jan Baptist De Blocq. Hun enige dochter Maria Joanna Dujardin huwde met Carel Joseph Deseille die in de Hollandse tijd achtereenvolgens burgemeester van Hansbeke en van Aalter werd. Na de Belgische onafhankelijkheid werd hij bij de verkiezingen van 25 october 1832 nipt verkozen tot burgemeester van Hansbeke, met 37 stemmen tegen 35 voor Joos-Francies Martens, zoon van Jacob Joannes en Livina

    Maenhout. De moeder van Joos-Francies, weduwe Jacob Martens, stond in 1830 op de tweede plaats volgens het getakseerd inkomen. Charles-Jean Deseille, zoon van Charles-Joseph en Maria Dujardin, huwde later met Monica Lambrecht, kleindochter van Marie Anna Martens en achterkleindochter van Jacob Martens. De grafzerk van de echtgenoten Dujardin-De Vos en Deseille-Dujardin is ingebouwd in de zuidelijke kerkgevel van Hansbeke, onder het vierde kerkvenster. De priester Francies Lambrecht(1744-1835) op plaats 6, was een oom van Maria Anna Martens door haar huwelijk met Judocus Lambrecht. Hij werd priester gewijd in 1776 en werd vervolgens kapelaan in Gent St Martinus en coadjutor te Bellem. Eind 1799 werd hij onder het Frans Bewind als onbeëdigd priester aangehouden en tot januari 1800 opgesloten in het rasphuis aan de Coupure te Gent. In 1830 was hij op rust in zijn geboortedorp.

    Bij de plaatselijke bewoners zijn er slechts beperkte verschuivingen opgetreden. De weduwe van Jacob Martens en haar dochter Regina Martens staan op de plaatsen 2 en 3. Op plaats 5 zijn er de kinderen van Bernard Lambrecht, dus ook zijn schoondochter Maria Anna Martens. Carel Martens is met een ongewijzigd inkomen gedaald van plaats 4 naar plaats 8 en zijn ongehuwde zuster Carolina Martens(1761-1837) staat als particuliere of rentenierster op plaats 9. De kinderen van Judocus Maenhout en Norbertina Martens gaan van 11 naar 12. De verwante Pieter Sutterman ziet zijn belastbaar inkomen toenemen van 160 naar 200 gulden en stapt van de 14e naar de 13e plaats. Nieuwkomer Bernard Van Der Plaetse uit Nevele komt op plaats 11. Zijn dochter Dorothea(1831-1859) werd het jaar nadien geboren en zal in 1858 in het huwelijk treden met Petrus Martens(1810-1900), zoon van Carel. De hoge positie van de stam Martens op de maatschappelijke ladder te Hansbeke was in 1830 nog onaangetast. Binnen de top-12 van de hoogste jaarlijkse inkomens vertegenwoordigde de familie Martens en aanverwanten bijna 65% van het inkomen.

    5.1.6 Gemeenteraden en familie Martens

    Tijdens de XIXe eeuw heeft de stam Martens, samen met aanverwante families, ongetwijfeld een stempel gedrukt op de gemeentepolitiek te Hansbeke. In de samenstelling van de opéénvolgende gemeenteraden en schepencolleges kan men steeds leden van de hoofdstamlijn, van Joannes over Carel naar Petrus, en hun aangetrouwde families, terugvinden. Naast de familienaam Martens betreft het de aanverwante families De Muynck, De Schuyter, Deseille, Hanssens, Maenhout, Van Der Plaetse en Van Vynckt.De samenhang wordt duidelijk aan de hand van volgend lijstje met huwelijksdata:

    19-04-1785 Judocus Maenhout x Norbertine Martens dv Joannes

    22-04-1807 Carel Martens x Maria Rosa Sutterman

    08-11-1843 Pieter De Schuyter x Eugenie Martens dv Carel

    02-09-1858 Petrus Martens x Dorothea Van De Plaetse dv Bernard

    28-01-1864 Petrus Martens x Eugenie Coddens

    16-09-1872 Carolus Bruggheman x Marie Clemence De Schuyter dv Pieter

    26-09-1882 Serafien Van Vynckt x Maria Martens dv Petrus

    23-11-1984 Charles-Jean De Seille x Monica Lambrecht, dv Maria Anna Martens

    12-01-1893 Emiel Hanssens x Maria Martens dv Petrus

    02-01-1903 Aimé De Muynck x Irma Martens dv Petrus

    Stam Martens en aanverwanten in gemeenteraden te Hansbeke 1830-1976

    vet: gemeenteraadslid ©: schepen ©©: burgemeester

    Van bij de start in 1830 waren de afstammelingen van Joannes Martens in de nieuwe gemeenteraad en het schepencollege. Zijn zoon Carel werd rechtstreeks verkozen tot schepen(1831), samen met de aanverwante Baudewijn Maenhout. Zijn zoon Jacob was reeds overleden maar diens zoon Judocus-Francies Martens werd op 5 april 1831 met overgrote meerderheid van de 132 aangetreden kiezers verkozen tot eerste assessor of schepen. Wellicht trad hij niet aan vermits hij reeds op 11 november 1831 vervangen werd door zijn suppleant, de latere burgemeester Pieter-Jan Schaubroeck.

    Bij de raadsverkiezingen van 25 october 1832 werd de hoger vernoemde ongehuwde zaakwaarnemer Joos-Francies Martens (1788-1846), zoon van Jacob en Livina Maenhout, als kandidaat-burgemeester nipt verslagen door de zaakwaarnemer Charles-Joseph Deseille (1791-1858) die slechts enkele maanden burgemeester zou blijven. Joos-Francies Martens verhuisde naar Merendree en speelde derhalve na zijn nipte nederlaag geen rol meer in de Hansbeekse politiek. Twee zonen Deseille zouden wel nog aan plaatselijke politiek doen. De oudste zoon Charles-Jean Deseille, gehuwd met Monica Lambrecht, kleindochter van Jacob Martens, werd raadslid van 1861 tot 1865 en verhuisde in 1865 eveneens naar Merendree. Zijn jongere broer Timor (1844-1910) werd notaris en zetelde van 1879 tot aan zijn overlijden in 1910 ononderbroken in de gemeenteraad, waarvan van 1904 tot 1910 als schepen.

    Norbertina Martens, dochter van Joannes, was drievoudig vertegenwoordigd in de raad dank zij haar huwelijk met Judocus Maenhout. Haar schoonzoon Gerard-Francies Maenhout, echtgenoot van Norberta’s dochter Maria Anna Maenhout, was raadslid(1837-1848) en diens broer Boudewijn Maenhout werd aanvankelijk schepen(1831) samen met Carel Martens, en nadien burgemeester(1831-1832).

    Een tweede dochter van Norbertina en kleindochter van Joannes Martens, Carola Maenhout, trouwde met August Hanssens die schepen werd(1849-1851 en 1870-1881). Ook haar zoon Charles-Louis Hanssens werd gemeenteraadslid(1882-1895). De familiale opvolging in de gemeenteraad werd verzekerd door Emiel Hanssens, zoon van Bruno Hanssens, kleinzoon van Carola Maenhout en achterkleinzoon van Norbertina Martens. Emiel Hanssens werd immers raadslid(1896-1909) bij de overgang van de XIXe naar de XXe eeuw. Als tweede echtgenoot van Maria Martens, dochter van Petrus, zorgde Emiel Hanssens bovendien voor een bijkomende binding met de stam Martens. Serafien Van Vynckt, eerste echtgenoot van Maria Martens, was eveneens gemeenteraadslid(1888-1890) en hun zoon Charles Van Vynckt zou de traditie voortzetten tot ver in de XXe eeuw.

    Carel Martens was niet enkel schepen bij het begin van het onafhankelijke België, maar nadien namen zijn zoon Petrus alsook zijn dochter Eugenie deze rol over. Eugenie Martens trad in het huwelijk met raadslid(1879-1884) Pieter-Jan De Schuyter, die na het vroegtijdig overlijden van zijn eerste echtgenote hertrouwde met Francisca Lambrecht. Henri De Schuyter, zoon uit dit tweede huwelijk, volgde zijn vader op als raadslid(1885-1903) en werd nadien schepen(1903-1909) tot aan zijn vroegtijdig overlijden.

    Binnen de hoofdstamlijn zette Petrus Martens, zoon van Carel, de familietraditie in de lokale politiek verder. Hij werd eerst raadslid(1848-1851) en vervolgens schepen(1852-1869), maar speelde geen politieke rol meer na de eerste verkiezingen die volgden op zijn tweede huwelijk met Eugenie Coddens. Zijn schoonvader uit zijn eerste huwelijk, Bernard Van Der Plaetse, was eveneens gemeenteraadslid(1837-1860) en schepen(1867-1876). Petris zetelde dus 20 jaar samen met zijn (toekomstige en ex) schoonvader. In de XXe eeuw zal Leon Van Der Plaetse, zoon van een broer van Dorothea en dus van een schoonbroer van Petrus Martens, vele jaren in de gemeenteraad en het schepencollege zetelen, ondermeer samen met Marcel Martens en Charles Van Vynckt, kleinzonen van Petrus Martens.

    Bij de kinderen uit het tweede huwelijk van Petrus Martens, was het niet enkel langs beide echtgenoten van zijn oudste dochter Maria, maar ook langs het huwelijk van zijn dochter Irma dat de stam Martens actief betrokken bleef in het gemeentebestuur. Irma’s echtgenoot August Aimé De Muynck stamde uit een familie met meerdere raadsleden. Zijn broer Desiré De Munck werd raadslid bij het begin van de XXe eeuw(1908-1926), zijn vader Pieter Jan De Muynck was achtereenvolgens raadslid(1876-1878) en schepen(1879-1903) en voordien was zijn grootvader Pieter-Nicolaes De Muynck eveneens lid van de gemeenteraad(1831-1836 en 1849-1875).

    Gedurende de XIXe eeuw kunnen bij elke samenstelling van de gemeenteraad bij de 9 leden telkens 1 tot 4 leden geïdentificeerd werden die tot de stam Martens behoren of er mee verwant zijn.Ook tijdens de XXe eeuw zullen meerdere kleinkinderen van Petrus, en hun aanverwanten, een rol spelen in de gemeentepolitiek te Hansbeke.

    Verder in dit en volgend hoofdstuk wordt aan de hand van de publicatie van Oud-Hansbeke ‘Gemeenteraadsverkiezingen en gemeenteraden te Hansbeke 1830-1976’ van Albert Martens, voor een aantal leden en aanverwanten van de familie nader op deze lokale politieke rol ingegaan worden. Na de gemeentelijke fusie, waarbij Hansbeke een deel werd van de gemeente Nevele en wanneer nationale politieke partijen de basis gingen vormen van de lijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen, komen geen leden van de familie Martens meer voor in dit verhaal.

    31-07-2007 om 10:38 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ALFABETISCHE PERSONENLIJST (Hoofdstuk 1 tot 4)

    ALFABETISCHE PERSONENLIJST (hoofdstukken 1 tot 4)

    A-B

    AERENS Jan 189;AERENS Joanna-Maria 186, Petronella 140 ;ANDRIES Jan 69, Lieven 79, Mattheus 79, Pieter 69;ANTHONIS Pieter 62,118 ; APERS Anna Maria 113,201,202 ;ARENS Petronella 157,210 ;

    ARENTS Janneken 72,195,196 ; BAFORT Bernard 200, Jean Baptiste 200 ,Marie Theresia 194,200; BASILIUS Marcus 76,139; BATSLé Marie 199 , BAUWENS Anthone 146 , Marie Susanna 146;

    BAYENS Cornelis 61,173 , Jan 173 , Joos 173 ; BEERNAERT Anthone 65 , BEERNAERT Cornelis 65 ;BEGIJN Joos 64 ;BEKAERT Pieter 117 ;BERT Philip 60; BEUSELYNCK Anne Marie 180 , Jacques 180 , Jan 180 ,Joannes 180;

    BEYENS Pieter 89,182 ;BIEBUYCK Catherine 176 ;BILLEMAN Pieter Lodevicus 97

    BLOMME Anna 93, Jan 78 , Bauduyn 78 ; BOELAERT Francisca 74 ;

    BOGAERT Christoffel 109,110,155,171,189, Guilliame 145, Petronella 13,14,16,35,110,111,155,170,171,188,189 , Pieter 34,110,111,171; BOLLICK Tanneken 46,59 ; BONAMIE Emma 192 ;

    BOSSIER 76;BOUTE Angelique 161 ,Emiel 161 ,Helena 161 ,Jules 161,211 ,

    BOUTE Maria 161 , Martha Margareta 161 ,René 161; BRAEM Joanna 72;

    BRAET

    BRAET André 217 ,Catharina 72,73 ,Elisabeth 72,195 ,Frans 186,214,217 ,

    Gheert 71,81,214,215 ,Gherolf 35,72,73 ,Gillis 36,187,214,216 ,

    Jaecques 35,65,71,72,81,100,102,195 ,Jan 36,187,214,216 ,

    Jan Baptiste 156,182 , Joanna 72,73 , Joseph-Frans 187,217 , Livina 214,216

    Petra 36,43,80 , Pieter 187,214-217 , Theresa 187,214,216,222 ;

    B-C

    BRAUS Barbara 35,45,59 , Susanna 59 ; BRIEL Herbert 149 ;

    BRUGGEMAN Anna 15,193 , Julien 15,193 ; BRUGGHEMAN Charles 190 ;

    BRUYSSENS Jan 75 , Jooris 75,87; BULTINCK 123; Jan 89,91,126,168,197 ; BRUNEELS Pieintken 60; BUYSSE Elisabeth 113,114 , Laurens 146 , Lieven 146 ;

    CACKAERT Bauduyn 172,194 , Bernard 194 , Jan 72 ,Joannes 155,194 ,

    Joseph 155,172,194,198 , Maria Theresia 200 , Marie Therese 194

    Maurice 194 , Mauris 194 ;

    CATHOIR Carel 199 , Joannes 199 , Pieter 199 , Rosalia 16,199 ;

    CHOMBACH tot ‘s HERTOGHENBOSCH Heindrick 145 ;

    CHRISTIAEN Jan 149 , Joos 149 , Lievijne 149 ;

    CLAEYS

    CLAEYS Antonne 90,112,126 , Frans 74 , Guilliame 90,112,126

    Herreman 90,112,126 , Jan 144 , Jaspar 80 , Joannes 89,91,112,126,197 , Joris 90,100,102,126 , Joosijne 144 , Livina 15,27,31,34,39,45,58,118,159 ,Margareta 104,105 , Maria 36,74 , Marten 15,31,34,39,45,46,58,60,74 , Martina 74 , Petronella 90,112,126 , Petrus 102 , Pieter 56,80,90,100,112, 126,148,162 ,Tanneken 90,112,126; CLAYS Geeraert 146 ,CLAYS Marie 146;

    C

    CLAYSSENS Passchier 145 , COCQUET Jan 121 , COCQUYT Jan 68 ;

    CODDENS Eugenie 16,155 , Jan Baptist 16 , CODDENS Joanna Judoca 158,211

    COECKE Pieter 85 , COGEN Anna 211,214 , Eugène 211 COLMAN Ferdinand 196 ; CONSCIENCE Hendrik 212 ;COOMAN Pieter 215 ;

    COPPENS Joanna 31,65,67,70,100,195 , CORNELIS Lieve 15,16,

    CORNELIS Robert 16 ; COTTIGNIE Jan 161 , Jos 161 ,Julien 161

    Kristian 161 ,Lieve 161 ,Luc 161 ,Noël 161 ,Patrick 161 ,Rolanda 161;

    COUSSENS Guilliame 69 ,Heindrick 69; CRAYENEST Christiaen 145 ,

    CRAYENEST Marie 145; CREMERS 221 ;

    D

    DANCRE 53;DANNEELS Guilliame 221 , Joanna 156,168,221 ,Joos 51 ;

    D’AVUST Charles 145;

    DE BACKER(E)

    De BACKER Anna 202 , Balduinus 113,201,202 , Carolus 16,113,203 , Desiderius 203 , Elisabeth 113,201,203 , Geeraerd 113,201,202 ,

    Gillis 60,61,64 , Jacobus 113,201,202,203 , Jan 113 ,

    Jan Baptist 113,201,202 , Joanna 113,114 , Joanna Theresia 113,201,202 ,

    Joannes 113,201,202 , Josette 15,16,113,203 ,Judocus 203 ,

    Livinus 113,201,203 , Livinus Joseph 113,201,202 , Magdalena 113,114 ,

    Petronilla 113,201 , Petrus 113,114 , Pieter 113,201

    Pieter Francies 113,202,203 , de BACKERE Anna 113,115 , Egidius 113,114 ,

    Geeraerd 113,115,201 , Gerardus 113,114,115,201 , Joannes 113,114,115

    Livina 113,115 ,Livinus 114,115,201 ,Petronilla 113,115 ,Pieter 113,115,201

    D

    De BAETS Carel 123 , Guilliame 146 , Janneken 70,112,123 , Jozef 89,167 ,

    De BEER Baldinus 96 , Catharina 96,97 , Guilliame 96 ;DEBERGH Jan ;

    De BLIECK Anna 68,121 , Carel 146,147 , Jan 84 , De BLIECQ Jaques 64;

    De BRABANTER Jan 48 , Gheert 14,34,39,109,110,153,169,171,223 ,

    Livina 14,34,39,109,153,169,171,223;

    De BRAUWER Jan 35,110,171 , Joos 35,110,171 , Loys 110,171 ,

    Maria Cath 179 ,Maria Francisca 13,14,16,35,110,154,155,170,171,182,

    188-189,198 , Olivier 16,35,110,154,155,170,171,189 ;

    De BRUYNE Isabella 203 , De BUCK Janneken 196 , De CLERCK Margareta 76;

    De CLERCQ Baudewijn 144 , Livinus 202 ,Magdalena 46,78 ,Marten 30 ,

    Tobias 144; De CLOET Pieter 144 ; De COEYERE Lieven 74 ;

    De CONINCK Abraham 106 ; De COSTER , Anna , 199; De CRETS Catherina 70,112, 123,195; De CROCK Philip 27,55; De CUYPER Pieter 139; De CUYPERE Heindrick 77,118; De DECKER Francisca 199, Petronilla 49 , Jacques 86,144 ,Joos 86 , Pieter 86,144 , Serafie 172,192 , Theresia 189 ; De DECKERE Livina 158,211 ; De FRAEYE Petrus 181 ; de GUERNOVAL Alexander 116 , Arnaut 139 , Hubert Albert 62,116 , Julianus Livinus 116 Philip 78,116,117;

    De GRAET Josepha 190; De GRAEVE Petronilla 43,77 ;De GROOTE Livina 202 ;

    De GRUTERE Gijsbrecht 116;De GRUYTERE Marten 69; de JAGER Gertrudis 113,114;

    De JANS Clara 96 ; De JONGHE Jan 81,85 ; De KEER Arent 144 ;

    De KEYSER Joos 85 , Pieter 85 ; De LANGHE Chaerel 96 , Pieter 196;

    De LANSANG Joanna 123; Del PLANCQUE 53; De MEYER Francisca 199;

    De MEYERE Baudewijn 62,77,118 , Franciscus-Dominicus 91 , Jans 77 ,

    Joos 14,27,39,47,52,110,153,169,171,223 , Judocus 91 , L. 154,169 ,

    Livina 13,14,39,109,110,153,154,155,169,170,171,223 ,

    Philippa 33,36,43,45,48,76,127 , Pieter 48,77 , Willem 49 ;

    De MUYNCK Baudewijn 49,76 , Christoffel 49,80,81,117 , Maria 36,43,77,80 ,

    Pieter 80,81,117,139,196 ; De NEVE Catharina 105 , Joanna 158 , Livina 172 ,

    Suzanne 172 ; DENIJS Boudewijn 27,55 ; De PAERCQ Arent 71 ,Gilbert 71 ;

    de PAU Ludovicus 113,114 , Petronilla 202; De PAUE Laureins 51;

    De PAUW Joanna 16,67,111,155,156,172,182 , Laurens 47 ;

    De PESTEL(E) Andryes 67 , Jan 148 , Joos 14,34,39,148,159,169,171,

    Lievijne 67 , Maria 14,16,34,39,104,109,157,159,160,169,171,188;

    De REVIERE Désiré 161 , Jules 161; De REYTERE Petronella 83,105;

    De RIETER Marijn 85 ; De ROO Adrianus 181 , Anna Maria 180,210 ,

    Colette 180 , Franciscus 180,210 , Ignatius 180,181,210

    Isabella 180,210 , Joanna 140,160 , Sophia 180,210;

    De ROOSE Carolus 94 , Suzanne 56,89,94,100,127 , Theresia 72 ;

    De RUUCK Gheeraert 51 , Joris 51 ,Nelis 51 ;

    De RYCKE Joannes 205 , Marten 87 ,Petrus Franciscus 160 ,

    Petrus Judocus 160,182 ; De SCHEPPER Koen 15 ;

    De SCHUYTER Henri 189,190 , Leontine 189 ,Maria Theresia ,

    Marie Clemence 190 , Pieter 156,182,186 , Pieter Josef 189 ;

    De SEILLE Charles-Jean 187,189,190 , Charles-Joseph 187,190

    Timor 190; De SMET Andries 221 , Joanna 156,168,221 , Pieter 146 ,

    Theoduul 192 ; De SUTTER Arent 87 , Guilliame 94,96,97

    Jan 84,94,96 , Marie 94,96; De SUTTERE Arnout 91 ,Jan 55,146,

    Joos 87 , Sara 56,89,91,100,126,144,197;De VALCKE Gheert 77 , Livina 93;

    De VLIEGHER Carel-Adriaen 70,121,122,195, Coleta 70 ,

    Jan 45,70,105,121,122,182,195 , Jan-Marten 70,121,Joanna-Catharina 70,121,

    Judoca 105 , De VLIGERE, Joanna 83,104,105,112,126,140,152,154

    De VLIGERE M Gaspar 104,105,141 ;

    De VOS Arnold 93,94, Joanna 89,167,182 , Maria-Josepha 190

    Marten 216, Pieter 147; De VRIENDT Judoca 99 ,De WAEGENAERE Francies 89,162,

    De WAELE Charel 16,192,194,200 , Francies 200 , Joannes 194,200

    Joannes Baptiste 194,200 , Maria 15,16,175,192,199,200 ,

    Rosa-Petronella 162 , Willem 49 ; De WEDUWE Martine 146 ;

    De WEERDT Maurice 211,214 ; De WEERT Joanna 90 ;

    De WEVER Pieternella 70,121,195 ; De WEVERE Georgia 202, Marie 113,115,201 ,

    Petronilla 201,202 , Petrus 202 ; De WILDE Adriaen 88 , Guilliame 95 ,

    Lucas 76 ;De WISPELAER Janneken 144 ,De WISPELAERE Arnaud 146 ,Corneel 83 ,

    Jan 84 , Joanna-Maria 188 , Joannes 146 , Joos 146 , Joosyntken 84,144 ,

    Livina 14,16,34,39,81,82,85,143,159,179 , Magdalena 91 ;

    De WITTE Adriaan 61 , Elisabeth 67,68,112 , De ZUTTER Amelia 16 ,

    Janneken 144 ,Lievijne 144 ,Marie 144 ,Marten 144 , Passchijntien 144 ,

    De ZUTTER(E) Pieter 47,97,144 ; DHONDT Jacques 75 , D'HONDT, Judoca 211 ,

    Suzanna 161,182 ; D’HOOST Judoca 83,102,211 ;

    D'HUYVETTER Balduinus 160 ,Catharina 160 ,Franciscus 160 ,

    Guillelmus 160 , Jan Baptist 160 , Joanna Brigitta 160 ,

    Joanna Francisca 104,126,140,160,168,198 , Joannes 160 ,

    Lieven 160 ,Livina Catharina 160 , Livinus 160 , Maria 160 ,

    Petrus 160,182 ,Petrus Franciscus 160;

    DIERICKX Maria 89,162,182;,DOBBELAERE Arendt 48,154 , Jan 215 ,

    Joos 27,87,88 ,Lieven 215 ,Pieter 30 , Suzanne 76 ;

    DUJARDIN Egidius 187,190 , DUJARDIN Marie-Jeanne 187,190;

    Du PREZ Catharina 89,91,112,126,197 , Guilliame 143 , Jan 162 ,

    Janneken 144,149 , Marie 146 , Marten 85,144;

    DYSSERINCK Philip 86; FRANSSENS Joannes 55,82;

    G-H

    GAUDISSAUBOIS Pieter 47; GERMAIN Joanna 216 , Lieven 215 ;

    GHIJSELS Elisabeth 78 , Jan 74,78 , Janneken 74 , Tanneken 78 ;

    GIJSELS Jan 71,81 ; GOETHALS Elisabeth 195 , Gillis 144 ,Guilliame 96,152 ,

    Jacques 99 , Jan 144,146 , Joos 105 , Joris 146 , Josepha 179 ;

    GOORMACHTICH Christiaen 146 ; GOOSEN Anna 113,114 ; GROOTAERT Livinus 202 ;

    HAERENS, Maria 139,172,185,188-189,206,220 ;HALLAERT Jan Baptist 155,172,193,198

    Karel 155,193 , Maria Theresia 193 , Petrus 172,193 , Regina 155,193 ;

    HANDEKIJN Rita 15 ;

    HANSSENS

    HANSSENS Augustinus 155,175,192 , Bruno 192 , Carolus Ludovicus 192 ,

    Cornelius 192 , Edwardus 192 , Edwardus Franciscus 192 , Emiel 175,192 ,

    Jan 192 , Josefus 193 , Kamiel 192 , Maria Virginia 192,200

    Maria Virginie 192 , Petrus 192 , Virginia Theresia 16,192 ;

    HAPERS Balduinus 203 ,Jacobus 203 ,Joanna 203 ; HEECKHOUT Frank 161 ,

    Frans 161 ,Koen 161 ,Rosa 161 ;

    H

    HERMAN Joannes 170 ; HERSCHAP Catharina 105

    HERSCHAP Janneken 148 ;HEYDE Karel Francies , Rosalie 192 ;

    HEYTENS Boudewijn 56,86,90,100,126,143,148,197 , Jan 90,95,112,126,197 ,

    Joos 90,112,126,197 , Livina 90,112,126,197 , Maria 90,112,126,197

    Maria Cath. 90,112,126,197 ,Olivier 87,95,96,97,98 , Petrus 90,112,126,19

    HORENBAULT Jacques 116 ; HUYBRECHT Danneel 143 ; HUYSSENS Anna 74 ;

    I-J-K-L

    IDE Ramond 217 ; JOOS Lieven 146 , Pieternelle 146 ;

    KERCKAERT Anna 180,210 , Barbara 180,210 , Casimarus 180,210 ,

    Emmanuel 180,181,210 , Jacques 180 ,Maria Theresia 180,210 ,

    Monica 180,210 , Regina 180,210 , Petrus 181 ;

    KINT, Jacob 90,112,126,197 ; LADER 149 ; LAGAE Julius 213 ;

    LAMBRECHT Bernard Carolus 188,189 , Catharina 188 ,Christoffel 215 ,

    Emmanuel 188 ,Francisca 189,190 ,Gillis 35,188,189 ,Jan-Frans 188 ,

    Janneken 49,76 ,Judocus 188 ,Monica 187,189-191 ,Regina 188, Rosalia 189;

    LAMME

    LAMME Anna 35,109,111,155,170,171 , Gheert 14,34,39,61,63,64,109, 110,153,154,155,169,223 , Geraert 109,154,156 ,

    Jan 13,14,16,34,39,109,110,139,140,152-155,157,168,170-172,174,179,221 ,

    J.F. 153,157 , Joanna 109,156,170,176 , Livina 43,67,109,151,154,155,168,221 , Mattijs 54 , Petronilla 13,14,16,34,39,89,104,109,126,140,152,157,168, 176,179,181,188-189,198 , Pieter 139,186,206 , Thomas 76;

    L

    LAMPAERT Lucas 217; LANDUYT Christiaen 146 , Jan 146 ,Joosijntien 146;

    LANGERAERT Hortensia Marie, Pr 142;

    LEDEGANCK Clara 211 ,Franciscus 140,157,210 ; Guille 157,158,210 ,

    Jan 211 ; Jan Baptist 158,210,211 ,Joanna 89,141,157,161,168,211 ,

    Karel Lodewijk 158,211,212 ,Maria 104,140,141,152,157,168,180,181,211 ,

    Monica 200 ,Pieter 158,211 ,Pieter Jacobus 158,211 ;

    LEDEGEN Katleen ; LEFEBURE Gheert 71 ,Jacob 72 ,Jaecques 69,71 ,Jan 71,78 ,

    Juliana 72 ,Marten 71,78,81 ,Petronilla 72 ,Pieter-Joos 72;

    LEFEBRE Maria 116; Le FEVERE Marijn 62;le QUIEN Philip 46;

    le ROUFFON Maximiliaan 87; le VASSEUR Filips 46;

    LICOENS Jan 89,91,126,168,197 ; LIEVENS Gillis 62 ; LIPPENS Eugenie 188 ,

    Judoca 158,211 ,Pieter Jacobus 188 ,Theresia 167 ;

    LOBBESTALL Nicolaas 90,112,126,197 ;LOETE Jan 99 ;LOONTIENS Anna 35,110,171

    LOONTIENS Joanna 179 ,Jozef 156,170,179,182 ,Lieven 35,110,171 ;

    LOONTJENS Hildefons 192 ,Joseph 109,156 ; LOOTENS Catharina 93 ,

    Joanna 92 ,Lippynken 66 ; LOOTKENS Janneken 77 ;

    MAENHA(O)U(D)T

    MAENHAUT Abraham 43,77,223 ,Christoffel 123 ,Elisabeth 70,112,123,195 ,

    Gheert 75,188 , Pieternelle 12;

    MAENHOUDT Baudewijn 34,43,77,80,100,102,127,154,223 ,

    Livina 43,67,77,79,111,112,127,223 ;

    MAENHOUT Adriaan 97 ,Anna Catharina 155,192 ,Boudewijn 36,43 ,

    Carola 155,192 ,Georgius 192 ,Gerardus Francies 155,192 ,

    Gheeraert 14,16,34,39,104,109,139,153,157,159,169,171 ,

    Gherof 61 ,Jan 185,188-189,220 ,Janneken 80,83,103 ,

    MAENHOUT, Joanna 14,16,39,109,112,126,152,153,159,168,169,171,188,198

    Joannes 139,172,185,186,189,206 ,Joos 14,34,39,109,153,159,169,171,198,218,

    Judocus 155,172,192 ,Livina 155,172,185,188-189,217,220-221

    Maria 67,156,182,222 ,Maria Anna 155,188,189,192 ,Maria Christina 185,186 ,

    Maria Theresia 155,192 ,Petrus 172,192 ,Petrus Joannes 155,192 ,

    Pieter-Frans 189;

    M

    MAES Roelant 215;MANOUDT Baudewijn 47 ,MARCHALCK 196

    MARTENS

    MARTENS Adriana 89,91,96,98,112,126,127,144,197 ,Agnes 89,140,167 ,

    Albert 89,162 ,Albert 1,27,47,70,138,190 ,Angelus 161,211 ,

    Anna 43,63,65,83,91,103,105,112,126,127,160,181 ,

    Anna Maria 67,68,99,112,127,168,180,182,210 ,Arlette 15,193 ,

    Arnoldus 89,112,126,197 August 161 ,Benedictus 161,182,211 ,

    Brigitta 140,160,182 ,Carel 13,34,104,111,151,152,155,156,157,172, 173,176,187,188,223 , Carel-Frans 162,163,182 ,Carlos 15,193 ,

    Carolina 155,167,172,175,185,188,198,199 ,Carolus 67,68,92,112, 126,127, 155,167,168 ,Carolus Francies 155,184,217 ,Carolus Franciscus 172,187, Catharina 89,91,126,168,197 ,Charles 175 ,

    Christina 91,126,168,197 Christoffel 28,33,45,52,55,60,62,63,65,76,77,81,127

    Clausijntjen 36,43,77,100,127 ,David 15,136 ,Elisa Maria 161,211

    Eliza 175 ,Emiel 13,15,174,193,199 ,Eugenie 155 ,Fabienne 15 ,Fil 1,15 Frances 15 ,Francies 96,112,126,127,157,162,168,174,178,180,182,198,210 ,

    Francisca 35,63,65,72,100,102,195 ,Franciscus-Joannes 180,210 ,

    Frans 98,104,140,152 ,Geeraart 33,36,43,45,49,76,85,117,120,127 ,

    Guillaume 126,168 ,Guilliame 13,14,33,34,39,56,66,81,82,92,98,100,104,108, 112,126,127,140,143,151,159,160,171,198 ,Ignatius 89,162,166,182 ,

    Isabella 180,181,210 Jacob 13,27,31,39,43,45,66,67,68,70,76,104,111,112, 115,118,121,140,151,157,159,188,195,220 , Jacoba 81,89,162,167,182 ,

    Jacobus 152,161,162,168,210,211,217 ,Jacobus Joannes 155,172,185 ,

    Jacques 33, 45,53,63,65,67,100,102,121,127,154,157,176 ,Jan 13,27,30,35,39, 43,44,45,52,55,56,59,65,69-70,77,83,89,91,98,100,104,112,116,121,126, 127,140, 144, 178,188,195,197,223 ,Jan Carel 89,167,182 ,Jan Francies 161,210, Janneken 45,52, 63,75,81,90,97,100,126 ,Joanna 33,56,65,67,89,91,111,112, 126,127, 152,156,167,168, 173,174,175, 180,182, 197,198,210,Joanna Catherina 155,159, 171,179, 184 ,Joanna Maria 162,185,199 ,Joanna Petronilla 172,193 ,Joanna Theresia 180,210 ,Joanna-Maria 155,182,199 ,Joanna Margareta 104,105 ,Joanne Maria 187 ,Joannes 14,31,35,39,67,68, 102,112,126,127,140, 152,155,156,159, 168,169,176,180,182,189,206,210,217,218 ,Joannes Francies 175,180,210 , Joos 98,99,104,112,127,140 ,Josef Ludovicus 180,210 Judocus 13,34,39,109, 126,151,152,168,171,176,179-181,185,188-189,198,210,211 ,Judocus Franc.187,190 ,

    Karl 13,136 ,Laurent 13,15,113,203 ,Livina 45,56,63,66,76,100,127 ,

    Louise 1,15 ,Marcel 13,15,175,192,194,199,200 ,Maria Anna 155,185,187,188 ,

    Maria Catharina 167,182,188,199 ,Maria Petronilla 172,194 ,Maria Philomana 154,155,167, 175,188,192 ,Mattheus 67,68,112,195 ,Mira 1,15 ,Mireilla 15,Monica 155,185,187 ,Norbertina 155,172,192 ,Petrus 103,112,126,168 , Petrus Franciscus 155,172,210,Petrus Jacobus 180,210 ,Petrus-Francies 13,27,139,155, 175,180,187,199 ,Pieter 13,14,27,33,39,43,45,52,55,56,63,66, 67,70,81,82,83,89,91,100,102,104,111,126,140,145,159, 162,171,197 ,Rachel 15 , Regina 155,185,187 ,Regina Petronelle 155,171,184 ,René 175 ,Rosa 180,210 Rosalia 155,172 ,Sara 35,36,44,45,52,63,65,66, 81,100,110,127, 221,223

    Simon 1,13,15 ,Sophia 89,162 ,Stoffel 1,13,27,29,39,66,111,168 ,Susanna 35, 63, 64,65,67,68-70,100,102,121,195 ,Theophiel 161 ,Tuur 1,15 ,Victoria Cornelia 180,210,Vijntjen 28,33,52,77,82,90,100,120,126 ,Wilfried 33,Willem 45,52 ;

    M

    MATTHIJS Cornelis 51 ,Joanna 89,91,112,126,197 ,Nicolaas 91 ,Mecheline 51 ;

    MEGANCK Joanna 172,194 ,MELCHIOR Lucas 170 ,MERVEILLE Joanna 90,112,126,197;

    MESTDAGH Bernardus 199 ,Constant 16,199 ,Emma 15,16,199 ,Hieronymus 180,210,

    Isabelle 202 ,Joanna 180,210 ,Joannes 180,181,210 ,Joannes Bernardus 180,210

    Judocus 199 ,Monica 180,210 ,Philippus 180,210 ,Pieter Jacobus 180,210 ,

    Regina 180,210;

    MEYERS Margriete 30;MEYSMAN Joos 117,173;MIJNSBERGHE Anna-Isabella 68,70,168

    Guilliame 68,70,71,121,122,168 ,Joanna 68,70,168 ,Maria 68,70,121,168,195 ,

    Nicolaus 68,70,71,112,121,195 , Petronilla 68,70,168;

    MOENS Lieven-Bernard 156 ;MORTIER Jeanne Marie 200;

    N-O-P-R

    NACKAERT Patrick 15 ;NASSCHAERTS Maria 181 ;NEERINCKX Adriaan 176 ;

    NIEULANT Christoffel 69 ,Carel 69;NOOSE Charles 47; ORNELIS Ferdinanda 161,211;OVERWAELE 110 ;

    PAGE Phle 164;PASSCHIER 144;PATTYN Pieter 95 ;

    PEIRS Elisabeth 56,98,100,127 ;Jan 98 ;POELMAN Frans 215;PROVIJN Frans 217

    Pieter 217;PROVOST Rogier 75;

    RIJCKAERT Arent 35,63,65 ,Elisabeth 33,35,45,63,65,66 ,Gillis 63,78 ,

    Joos 78 ,Livina 15,39,45,55,159,195 ,Maria 68,122 ,Tanneken 63,64 ;

    RIJM Karel 44

    ROOTSAERT Carel 93 ,Christoffel 45,85 ,Frans 98 ,Jacomijntjen 46 ,

    Jan 87,93,97,98,108 ,Joosyntken 85 ,Livina 81 ,Marten 27,33,45,54,81, 87, 96,120,127,142,150 ,Pieter 62,78,87,88 ,Thomas 78 ,Christoffel 78;

    ROUGIERS Pieter 78 ;ROYAERT Jacob 148 ,Lieven 148 ;RUTSAERT Jan 60,77,81

    RUTSAERT Judoca 83 ,Lieven 81 ;RYM Maximiliaen Anthone 88,108 ;

    S

    SAEY Sophia 161,211 ;SALAERT Jan 61 ;SANDERUS Anthoni 116 ;SANDERLINCK 173;

    SCHATTEMAN Catharina 67,68,112,195 ,Jan 68 ;SCHAUBROECK Pieter-Jan 190 ;

    SCHOUTHEET Judoca 113,114 ;SERWEYTENS Gillis 66 ,Mayken 36,65,66 ;

    SLOCK Andries 146,Anna 146,Marten 146,Guilliame 146,Joos 146,Pitronelle 146;

    SPEECKAERT Barbara 31,35,44,45,59,195,223 ;Jan 35,45,59 ;SPIESSENS Adriaan 56,92 ,Adriana 31,84,89,92,100,127 ; SPINTS Rosa 181 ;STANDAERT Carel 68 ,

    Geeraert 217 ,Gherolf 62 ,Joanna 67,68,112,195 ,Pieter 217 ;

    STASINS Egidia 113,114 ;STEELAN(d)T Anna 180-182,210 ,STEELAN(d)T Bertinus 181 ; STEVENS Adriana 203 ,Emmanuel J. 177 ;

    STEYAERT

    STEYAERT Anna 14,15,39,55,82,111,126,141,153 ,Guilliame 145 ,

    Jacobus 96,141,143,146,167 ,Jan 55,85,93,102,144,146 ,Joanna 14,16,34,39, 45,56,82,93,100,126,141,153,159,167,171 ,Joos 86,93,98,144,145 ,

    Lieven 83 ,Maria 167 ,Maria Anna 104,126,141,151,168 ,Pieryncken 81 ,

    Pieter 14,16,34,39,81,83,85,108,153,159,171 ,Rosa 192 ,

    Willem 15,39,45,55,82,86,92,98,159 ,STEYAERT de JONGHE Jacques 145;

    S

    STOCKMAN Livina 202 ;STOFFERIS Pieter 82,89,162 ;

    SUTTERMAN

    SUTTERMAN Barbarina 156,182 ,Bernard 156,182 ,Bernard Frans 156,182 ,

    Boudewijn 16,67,111,155,156,172,182,196,223 ,Domien Frans 156,182,221 ,

    Jan 35,36,65,67,111,223 ,Jan Baptist 156 ,Jan Baptiste 67,156,183,221,222 ,

    Joanna 156,182,194,Joanna Petronilla 221 Joos 35,36,44,65,67,100, 111,156, 182,221 ,Joos Andreas 156,222 ,Livijne 185 ,Livina 156,182,188-189,221 , Maria Anna 156,182,222,Maria Rosa 16,156,172,175,196,223 ,Maria-Theresia 156

    Marie Rosa 34,111,154,155,182 ,Petronilla 49,156,182,222 ,Petrus 43,67,109, 111,112,154,155,156,168,190,196,216,,222 ,Pieter Frans 156,182,222;

    Pieter-Jacob 156;

    S-T-W

    SWEVERS 54,76 ,Alexendrina 80 ;

    TACCOEN Jacques 76;TACK Cornelis 86;TEIRLINCK Ludovica 113,201,202 ;

    TEMMERMAN Pieter 62 ;TERMONT Jan 149 ;THIJSEBAERT Daniël 103,107,152 ;

    TOEBAST Jan 64 ;TRIEST Antoon 153 ;TRIOEN Pieter 215 ;TUYTSCHAVER Jan 72 ,

    Janneken 35,72 ,Marten 72 ,Willem 72 ,TYTGADT Jan 96 ;

    Van ACKERE Adrianne 35,72 ;Van AERDE Jenne Therese 145 ,Philip 76,139,145 ;

    Van BAELEN Jan 205 ,Van BASTELAERE Joannes 215 ;Van BELLEGHEM A 107,108 ;

    van BRUESELE Margriete 59 ;Van BUERE Laureyntjen 98 ,Marten 62 ;

    Van BUSSCHE Catharina 45 ,Joris 45 ;Van CAEPENBERGHE Jan 14 ;

    Van CANEGHEM Robrecht 46,59 ;Van CASEELE Jaecques 149 ,Philip 149 ;

    Van COUTER Hilaire 15 ; Van DAELE Jan 79 ,Matthijs 51 ,Maurus 79 ,Pieter 79;

    Van DAMME Jan 4 ;Vanden BOSSCHE Lieven 62 ;Vanden BUSSCHE Cathelijne 52 ,

    Joanna 90,112,197 ,Joorys 52 ,Livinus 9 ;

    Van de KERCKHOVE, Magdalena 35,110,171 ;

    Vande PUTTE Carel 108 ,Frans 35,64-65,67-69,70,100,112,121,123,168,195 ,

    Gheraert 35,64-65,69,70,112,116 ,Jan 70,112,168 Joanna 68,70,112,121, 122,195 ,Joos 35,69,70 ,Judoca 70,112 ,Livina 70,112 , Maria 67,70,112, 168 ,Petrus 65,100 ,Philip 70,112,121 ,Pieternelle 70,168 ,Susanne 70,168;

    Van den BOSSCHE Lieven 77 ;Vanden BUSSCHE Joanna 126 ;Vande VEIRE Pieter 49,116,196;Van Der HAEGEN, Ann 15 ;Vander HULST 142;Vander MOESEN Gaspart 177 ; Van der PLAETSE, August 199 ,Bernard 199 ,Catharina 194

    Dorothea 155,199 ,Petrus 199 ,Rosalia 200 ;Vander SICKEL Jan-Francies 217 ;

    VANDERSTRA(E)TEN Cathelijne 35,36,50,65,67,111,223 ;

    Vander STRATEN Gherolf 47,60 ;Vander STRICHT Philip 121 ;

    Vander VENNET Anna 155 ,Carolus 155,172,184 ,Jan Baptist 155 ,Jan 59,187 ,

    Joanna 155 ,Joannes 155,171,184 ,Maria Rosa 155,184 ,Petrus ;

    Vande VEIRE Jooris 76 ,Joos 76 ,Pieter 76 ;

    Vande VOORDE Andries 217 ,Benedict 217 ,D. 178 ,Raes 116 ;

    Vande WALLE Joanna 36,187,214,216 ,Adrian 62,65,75,85,98 ,Gheeraert 65,75 ;

    Van de WOESTIJNE Jan Baptiste 188 ;Van EYSTE Pieter 61 ,Van GAVERE Jochem 46;Van HECKE Louis 121 ,Margarita 113,115 ,Marten 89,167,182 ;

    VANHESTE Paula 16 ; Van HEULE Clementina 192;Van HEULLE Maryn 87 ;

    Van HEYSTE Bauduyn 71 ,Gillis 71 ,Egidius 223,Gillis 30 Joanna 43,77,223 ,

    Livina 34,43,77,223 ;Van HOBSTAELE Pieter 96 ;Van HOECKE Leontine Paulina 175 ,Marten 98; Van HOLSBEKE Joanna 199 , Van HOUCKE Adriaan 96 ,Gheert 79 ,Symoen 79 ,Willem 55 ;

    Van HOVE Gillis 61 ,Jacobus 155,172 ,Jacobus Franciscus 172 ,Maria 196 ,

    Pieter 196 ;Van HULLE Anna 79 ,Carel 145 ,Gabereel 61 ,Gerarda 83,126,168 ,

    Gheerolf 30,51 ,Gillis 80 ,Jan 27,52,53,61,62,77,80,118,154 ,Maria 196 ,

    Martinus 165 ,Vijnken 30 ;Van KERREBROECK Adriana 94,95,96 ,Joanna 171,184 ,

    Willem 46,47,51,62 ;Van KERREBROUCK Gillis 46,110 ;Van KERREBROUCK Jonas 48,

    Van KERREBROUCK Lieven 27,47,52,53,61,62,116,154 ,Pieter 27,85,95,186 ,

    Suzanne 76,127 ;Van LOOCKE Tanneken 196 ;

    Van MALDEGHEM Jacques 173 ,Jan 71,162 ,Lieven 81 ,Maria 73 ,Marten 62,71,81

    Pieter 62,98 ,Petronilla 89,104,126,141,162,168,214,216 ,Philip 73;

    Van MOERBEKE Joanna 69,70 ;van MULLEM Pieternelle 146 ;Van NIESSE Marijn 146

    Van NIEUWENBURCH Adriaen 144,145 ;Van NIEUWENBURG Juliaan 15 ;

    Van NIEUWENBURGCH Adriaen 150 ;Van NIEUWENHUIZE Livina 46,78;

    Van NIEUWENHUUS François 46 ;Van NIEUWENHUYSE Maria Pauline 175 ;

    Van NIEUWKERCKE Servaes 196 ;Van NIEUWKERCKEN Jacques 74 ;

    Van OOTEGHEM Andries 79 ,Lieven 144 ,Philip 59 ;Van OVERBEKE Catharina 160,

    Franciscus 140,160 ,Godeliva 160 ,Joanna 160 ,Joannes 160 ;

    Van PAEMEL Jan Frans 89,167,182 ;Van PAMELE Guilliame 87 ,Pieter 46,87 ;

    Van POUCKE Christina 180 ;Van RENTERGHEM Anna 70 ,Christian 47 ,Elisabeth 67,112 ,Jan 35,110,171,194 ,Joanna 192 ,Joos 27,34,47,49,52,53,60,76,118 Judoca 35,110,171 ,Lauwerijn 27,34,47 ,Lieven 35,110,171 ,Maria 194,196, Pierijnken 59 ,Willmijntken 47 ; van ROSSEN 166 ; Van RUYMBEKE Ignace 156,182 ;Van SCHEYNGHEM Joos 51 , Serafinus 76 ;Van SEVECOTTE Jacques 96;Van SPENVOORDE Joris 46,48; Van SPEYBROECK Judocus 27,83,126,168 ,Petrus 83,89,112,126 ; Van SPEYBROUCK Daniel 60 ,Guilliame 87,97,105 ,Jan 196 , Joanna 91 , Joos 87,88,95,105 ,Pieter 105 ;Van SUYT Catelijne 85 ,Van VINCKT Jacob 14,34,39,109,110,153,169,171,223 ;

    Van VINCKT Jacques 62 ,Van VINCKT Petrus 34,39,62,109,110,153,223 ;

    Van VINCT Jan 46,66 ;Van VINCQ Jacques 63 ,Jan 36,44,65,100 ;

    Van VOOREN Arnold 70,121,168,195 ,Gheert 80 ,Joanna 70,121,122,182,195 ,

    Van VOOREN Frans 80 ;

    VAN VYNCKT

    Van VYNCKT Amelia 167 ,Anna Maria 210 ,Carolus Franciscus 155,188,198,199 ,

    Carolus-Ludovicus 167,188 ,Christoffel 158,211 ,Edwardus 167,188 ,

    Elisabeth 75 ,Eugenie 167,188 ,Frans 196 ,Gabriel 81,85 ,Gillis 196 ,

    Ignatius 211 ,Jacques 36,44,64,66,196 ,Jan 36,66 ,Joanna 210 ,

    Joannes 210 ,Joos 176,179 ,Judocus 179,210 ,Livina Monica 210 ,Maria Joanna 211 ,Maria Paulina 167,188 ,Maria Theresia 167,188 ,Michiel 80 , Petronella Francisca 211 ,Petrus 14,157,158,167,169,171,181,210,211 ,

    Petrus Jacobus 211 ,Pieter 71,80,89,167,182,188,199 ,Pieternella 14,15,34, 39,109,110,140,153,154,155,169,171,176,223 ,Regina 167,188 ,Rosalia 167,188

    Serafien 154,155,156,167,188 ,Theresia 210 ,xxx 167 ;

    V

    Van WASSENHOVE Arendt 33,45,49,54,76-77,120,127 , Bauwen 77 , Jan 61,62 ;

    Van ZEEBROECK Mattias 178 ;Van ZEELE Jan 97 ; VERBECKE Jan 144 , Joos 144 ;

    VERCRUYSSE Philip 145;VERDONCK Petronilla 83;VEREECKEN Adriaen 113,115 ,

    Jan Baptist 192 ,Judocus 113,201 ;VERHELST Adolf 192 ;Maria Joanna 205,

    Maurice 175 ;VERHEYE Joos 142 ;VERHUYST Barbel 86,144 ;VERKINDER Petrus 163;

    VERLé Jan 146,147 ,Joos 147,150 ;VERLEE Joos 87,108 ;VERMEERLE Mattheeus 64;

    VERMEIRE Joanna 89,162 ;VERMOTTE Francisca 76 ;VERRIJSSEL 192 ;

    VERSLUYS Isabella 180-182,210 ,Jan 149,180 ;VERSTRATEN Cathelijn 46 ;

    VERSTRAETEN Adelaide 199 ;VERVINCT Joannes 64;VISIOEN Anne Marie 180,210 ,

    Benedictus 180,210 ,Rosa 180,210 ;VLERICK Maria 199 ;VLIEGHER N.144 ;

    VOLLAERT Jacobus 166 ;VRIENDT Livina 79 ;VRIENT Ardijnken 94 ;

    VRINDT Magdalena 91 ;VYNCKE Sophie 199 ;

    W-Y-Z

    WEYLANT Maria 152 ,Cornelis 85,87 ,Jaecques 145 ;WEYNANDT Chaerles 53 ;

    WIEGHMAN Heindrick 47 ; WIEME Maria 221 ;WILLE Pieter 89,91,126,168,197 ;

    WILLEMOT Loys 51 ; WILLEMS Bernardus 205 ,Gerarda 159 ,Jan 118 ,Jan-Frans

    212 ,Joanna 110 , Joos 110 ,Suzanna 89,162,182 ;WIMME Joosijne 49 ;WINNE

    Lieven 78 ; WITTEWRONGEL Daneel 73 ;WITTINCK Jacoba Clara 181 ;WOUTTERS

    Alexander 146 ; WYNANDT Jacob 105 ;YSERMAN Alexander 73 ,Boudewijn 72 ,Clara

    72 ,Elisabeth 72 ,Gheraert 72,196, Isabella 72,195 ,Jacob 72 ,Jan

    72,195,196 ,Joanna 72,73 Joos 72 ,Lieven 72 ,Maria 72 ,Maria-Joanna 72

    ,Michael 72 ,Philip 72 ,Servaes 72 ;ZEEUS Petrus 165,166 ;ZUTTERMAN Jan 50 ;

    31-07-2007 om 10:27 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.4.11. Archieven

    4.8 Archieven

    (1) RAG, Hansbeke, parochieregister nr 5, fo 196

    (2) RAG, fds Hansbeke, bundel 64

    (3) GAA, Bellem, par. reg. 7, p. 544

    (4) RAG, f OB, nr 1, p 371r

    (5) RAG, f OB, nr 2, p 329r-331r

    (6) RAG, f OB, nrs 2 en 3

    (7) RAG, fds oud Ursel, nr 163, p 130, dd 20-09-1730/nr 237, dd 31-12-1740/ nr 170,p 284, dd 12-10-1767

    (8) RAG, f OB, nr 18, p 14v-15v, akte van 24-01-1687

    (9) RAG, f OB, nr 18, p 152v-155r, akte van 16-06-1693

    (10)RAG, f OB, nr 21, p 24v, akte van 29-11-1729

    (11)RAG, f OB, nr 19, p 42r/v, akte van 11-01-1701

    (12)RAG, f OB, nr 19, p 180r/v, akte van 13-05-1710

    (13)RAG, f OB, nr 19, p 186r/v, akte van 20-01-1711

    (14)RAG, f OB, nr 19, p 190r/v, akte van 30-03-1711

    (15)RAG, f OB, nr 18, p 191r/v, akte van 29-11-1696

    (16)RAG, f OB, nr 19, p 193r-194v, akte van 13-10-1711

    (17)RAG, f OB, nr 19, p 209r-211v, akte van 02-04-1712

    (18)RAG, f OB, nr 2

    (19)RAG, f OB, nr 29, p 254r/v, akte van 04-12-1714

    (20)RAG, f OB, nr 20, p 21r-23v, akte van 29-07-1713

    (21)RAG, f OB, nr 21, p 25v-26v, akte van 29-11-1729

    (22)RAG, f OB, nr 20, p 103v-104v, akte van 17-09-1718

    (23)RAG, f OB, nr 20, p 42r-44v, akte van 22-12-1716

    (24)RAG, f OB, nr 21, p 27r/v, akte van 29-11-1729

    (25)RAG, f OB, nr 21, p 28v-29v, akte van 29-11-1729

    (26)RAG, f OB, nr 21, p 1v-3r, akte van 29-11-1729

    (27)RAG, f OB, nr 21, p 24v-25v, akte van 29-11-1729

    (28)RAG, f OB, nr 21, p 28r/v, akte van 29-11-1729

    (29)RAG, f OB, nr 18, p 76v-78r, akte van 14-07-1698

    (30)RAG, f OB, nr 18, p 246r/v, akte van 14-07-1698

    (31)RAG, f OB, nr 18, p 76v-77r, randschrift akte van 14-07-1689

    (32)RAG, f OB, nr 19, p 254r-255r, akte van 04-12-1714

    (33)RAG, f OB, nr 20, p 123r/v, akte van 09-01-1720

    (34)RAG, f OB, nr 20, p 149r-150r, akte van 26-02-17212

    (35)RAG, f Ob, nr 20, p 165r-166r, akte van 17-12-1726

    (36)RAG, f OB, nr 5, p 128

    (37)RAG, f OB, nr 6, p 21r/v

    (38)RAG, f OB, nr 6, p 26v

    (39)RAG, f OB, nr 6, p 30r

    (40)RAG, f OB, nr 5, p 13r

    (41)RAG, f OB, nr 6, p 53r-54r

    (42)RAG, f OB, nr 6, p 59v-60r

    (43)RAB, f OB, nr 6, p 63r/v

    (44)RAG, f OB, reg 4, p 246

    (45)RAG, fds Hansbeke, reg 7, p 75

    (46)RAG, fds Hansbeke, reg 7, los bijblad

    (47)RAG, fds Hansbeke, reg 99, blz 123r-125r

    (48)RAG, fds Ursel, reg 162, blz 251v-258r, staat van goed 02.10.1727

    (49)RAG, fds Ursel, bundel 224

    (50)RAG, fds Ursel, reg 165, blz 102v-103v

    (51)RAG, fds Ursel, bundel 223

    (52)RAG, fds Ursel, bundel 236

    (53)RAG, fds Ursel, reg 171, f 346 ev

    (54)RAG, fds Ursel, reg 166, f 115-120

    (55)RAG, fds Ursel, reg 167, f 211-212

    (56)Archief Augustijnenklooster Gent, Liber Professionis Religiosorum 1689 O.E.S. Aug. Conventus Gandavensis, f 87

    (57)RAG, fds Ursel, reg 167, f 211-212

    (58)Archief van het bisdom te Gent, fonds Augustijen, nr 35

    (59)Augustijnenklooster van Mechelen, Provincialia nr 5

    (60)Archief Augustijnenklooster St Truiden

    (61)RAG, fds Augustijnen, bundels 11 en 12

    (62)RAG, fds bisdom Gent, bundel B3608

    (63)Akte van het kapittel, gekopieerd in het register van Mechelen, bladzijde 324

    (64)Archief Augustijnenklooster Gent

    (65)Archief Augustijenklooster Gent,1864, blz 267

    (66)RAG, fds Ursel, reg 163, blz 131r-133r

    (67)RAG, fds Ursel, bd 334, staat van goed 03.09.1784

    (68)RAG, fds Nevele, par reg 7

    (69)RAG, fds Hansbeke, reg 7, los bijblad

    (70)RAG, fds Ursel, reg 165, blz 102v-103v

    (71)RAG, fds Ursel, reg 165, blz 95v-102v, blz 102v-103v

    (72)RAG, fds Ursel, reg 165, blz 104r

    (73)Stadsarchief Aalst, reg 113, Registrum Mortuorom Ecclesiae Collegiatae et parochialis Sancti Martini Alosti, blz 5178

    (74)RAG, fds Nevele, reg 406, blz. 432v-435v

    (75)RAG, fds Merendree, reg 74, p 168r-175r

    31-07-2007 om 10:22 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.4.10. Bronnen

    4.10 Bronnen

    Bastiaen, Filip, De Reuck, Dirk, Hoste, Ivan en Stockman, Luc (1994)

    Geschiedenis van Bellem

    Aalter: Gemeentebestuur


    Braet, André (1996)

    De Braetroute

    Aalst-Erombodegem: eigen beheer André Braet


    De Reuck, Dirk(1986)

    Het bestuur van een plattelandsgemeente in de kasselrij van de Oudburg. Bellem(1672-1795)

    RUG: licentiaatsverhandeling


    De Vlaminck, A. (1875)

    Filiations de familles de la Flandre

    Gent


    Heremans, J.F.J. (1856)

    Gedichten van K.L. Ledeganck met eene levensschets des dichters

    Gent


    Keelhoff, A. (1864)

    Geschiedenis van het klooster der Eerw. Paters Eremijten Augustijnen te Gent


    Lindemans, Paul(heruitgave 1994)

    Geschiedenis van de landbouw. Deel II

    Antwerpen: Genootschap voor Geschiedenis en Volkskunde


    Martens, Albert (1969)

    Stamvaders van Petrus-Francies Martens

    Stam Martens.Mededelingsblad voor de families Martens en aanverwanten, Jg 1, nr 1, pp 5-7.


    Martens, Albert(1970)

    Overgrootouders van Petrus-Francies Martens

    Stam Martens, Jg 1, nr 3, p 3-7


    Martens, Albert(1970)

    Gezin van Francies Martens, fs Judocus en Maria Ledeganck

    Stam Martens, Jg 1, nr 4, pp 6-8


    Martens, Albert (1970)

    Het gezin van Joannes Martens, betovergrootvader van Petrus-Francies Martens

    Stam Martens, Jg 2, nr 2, pp 1-5


    Martens, Albert (1970)

    Verwantschap tussen Maria Ledeganck, echtgenote Judocus Martens, en de dichter Karel Lodewijk Ledeganck

    Stam Martens, Jg 2, nr 2, pp 5-6


    Martens, Albert (1971)

    Guilliame Martens, fs Pieter, als ‘wethouder’

    Stam Martens, Jg 2, nr 3, pp 3-5.


    Martens, Albert (1971)

    Hof “De Meren”

    Stam Martens, Jg 2, nr 3, pp 10-12


    Martens, Albert (1971)

    Begijntje Joanna Martens filia Judocus

    Stam Martens, Jg 3, nr 1, pp 1-4


    Martens, Albert (1971)

    Een schermutseling met een soldaat

    Stam Martens, Jg 3, nr 1, pp 7-9


    Martens, Albert (1971)

    Carel-Frans Martens, pater Augustijn (Bellem 1731-Gent 1790)

    Stam Martens, Jg 3, nr 2, pp 3-8


    Martens, Albert (1972)

    Peilingen naar het analfabetisme omstreeks het einde van de XVIIIde eeuw aan de hand van de parochiale huwelijksakten van Hansbeke (1779-1776)

    http://home.planetinter.be/lvnevele/artikelen/1972_4.htm


    Martens, Albert (1973)

    Uit voorbije eeuwen: Ambachten te Hansbeke. Smid.

    http:// home.planetinter.be/vnevele/artikelen/1973_3b.htm


    Martens, Albert (1989)

    Joanna Lamme en Joanna Martens, Donatrices van een zilveren ampulleschaal en ampullen aan de kerk van Hansbeke, anno 1745

    Het Land van Nevele, Jg 20, nr 3, pp 236-246


    Martens, Albert (1990)

    Guilliame Martens(1628-1708) Burgemeester te Bellem

    Land van de Woestijne, Jg 13, nr 3 en 4, pp 9-17


    Martens, Albert (1992)

    Mini-kwartierstaten van Jan Martens(1719-1801) en Maria-Francisca De Brauwer(1724-1806)

    Mensen van Toen, Jg 2, nr 3, pp 70-73


    Martens, Albert (1992)

    Grafschrift van Jan Baptiste Sutterman(1712-1772) en van zijn huisvrouw Marie Maenhout (1708-1778)

    Mensen van Toen, Jg 2, nr 4, pp 100-102


    Martens, Albert (1993)

    De Sint-Petrus en –Pauluskerk te Hansbeke(1793-1993). Architectuur en kunstpatrimonium.

    Het Land van Nevele, Jg 24, nr 3, pp 161-267


    Martens, Albert (1996)

    Vrijlaten van Ursel, woonachtig in het Land van Nevele, anno 1736

    Mensen van Toen, Jg 6, nr 1, pp 12-14


    Martens, Albert (1996)

    Staten van goed in het fonds Ursel van personen uit het Land van Nevele(Hansbeke, Landegem).

    Mensen van Toen, Jg 6, nr 1, pp 15-20


    Martens, Albert (1997)

    Jan Martens(1656-1729) Burgemeester te Bellem

    Land van de Woestijne, Jg 20, nrs 1 en 2, pp 17-47


    Martens, Albert (1998)

    De Mariakapel op de wijk Zande te Hansbeke

    Het Land van Nevele, Jg 29, nr 1, pp 27-67


    Martens, Albert (2001)

    Hansbeke in 1700

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Albert (2002)

    Mengelingen uit de oude parochieregisters van Hansbeke 1624-1796

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Albert (2003)

    Mensen van vlees en bloed. Hansbeke 1619-1791

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Albert (2003)

    Huwelijken tussen bloedverwanten te Hansbeke (1651-1796)

    De Levensboom, Jg 16, nr 1, pp 9-15


    Martens, Albert (2004)

    Herbergen en herbergiers te Hansbeke

    Uitgave Oud-Hansbeke


    Martens, Laurent(1970)

    De Vlaamse landbouw van de 16e tot de 18e eeuw

    Stam Martens, Jg 2, nr 2, pp 12-14


    Notteboom, Hugo (1997)

    Karel Lodewijk Ledeganck … vereeuwigd

    Appeltjes van het meetjesland, nr 48, pp 221-260


    Raes, Roeland (2005)

    Karel-Lodewijk Ledeganck-flamingant en grootnederlander

    http://voorpost.org/historic/afbeeldingen/ledeganck.jpg


    Sanderus (1735)

    Verheerlijkt Vlaandre, I deel Boek III

    Leiden-Rotterdam


    Stockman, Luc

    Geschiedenis van Bellem


    Vandeputte, Omer (1983)

    Nederlands. Het verhaal van een taal.

    Lauwe : Stichting Ons Erfdeel

    31-07-2007 om 10:21 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5.8. Archieven

    5.8 Archieven

    (1) RAG, fds Hansbeke modern, reg 7

    (2) RAG, fHM, bundel 116, staat van behoeftigden, reg 7

    (3) RAG, fHM, bd 69, zitting armbestuur van 24-03-1836

    (4) RAG, fHM, rekeningen Welvaartsbureel

    (5) RAG, fHM, bd 69, staten van behoeftigheid

    (6) RAG, fHM, bd 69, reg 7, f 56v, gemeenteraadszitting 15-04-1844

    (7) RAG, fHM, bd 69, reg 04v, gemeenteraadszitting 09-12-1844

    (8) Kerkarchief Hansbeke, Liber Memorialis van Hansbeke, p 31

    (9) RAG, fHM, reg 66, f 4v, zitting armbestuur 17-09-1848

    (10)RAG, fHM, reg 66, f 8v, zitting armbestuur 13-09-1848

    (11)RAG, fHM, bd 69

    (12)RAG, fds Hansbeke, modern, reg 4, p 20v-23r

    (13)RAG, fds Hansbeke, modern, reg 6, p 16v ev

    (14)RAG, fds OH, nr 1182

    (15)RAG, fds OH, nr 99, p 76r-80r

    (16)RAG, fds Oud Hansbeke, nr 104, p 87v,88r

    (17)RAG, fds Oud Hansbeke, nr 104, p 169r, v

    (18)RAG, fds HM, nr 7, p1r, raadszitting 01-09-1836

    (19)RAG, fds HM, nr 71, p40r, schepenboek 26-10-1839

    (20)RAG, fds HM, nr 7, p24v, raadszitting 11-01-1840

    (21)RAG, fds HM, nr 7, p75r, raadszitting 17-01-1846

    (22)RAG, fds HM, nr 8, p 122v, raadszitting 15-03-1864)

    (23)RAG, fds MH, nr 73, p 28v, schepenboek

    (24)RAG, fds HM, nr 8, p 12v, raadszitting 05-10-1848

    (25)RAG, fds HM, nr 73, p 62r, schepenboek 17-10-1851

    (26)RAG, fds HM, nr 8, p 40v, raadszitting 21-01-1852

    (27)RAG, fds HM, p 81v, raadszitting 18-04-1858

    (28)RAG, fds HM,nr 8, p 12r, raadszitting 05-01-1864

    (29)RAG, fds HM, nr 8, p 122v, raadszitting 15-03-1864

    (30)RAG, fds HM, nr 9, p 39r, raadszitting 17-01-1870

    (31)RAG, fds HM, nr 9, p 148r, raadszitting 12-02-1879

    (32)RAB, Pa, Grv, nr 2/6285/1

    (33)RAG, fds HM, nr 75, p 180, raadszitting 19-12-1895

    (34)RAG, fds HM, nr 75, p 299, raadszitting 14-03-1903

    (35)RAB, Pa Grv, nr 2/7902/20

    (36)RAG, f HM, bundel 116, staat van behoeftigen dd. 17-06-1818

    (37)RAG, f HM, bd 69, zitting armbestuur 24-03-1838

    (38)RAG, f HM, bd 116, rekeningen Welvaartsbureel

    (39)RAG, f HM, bd 69, staten van behoeftigheid

    (40)RAG, f HM, reg 7, f 56v, gemeenteraadszitting 15-04-1844

    (41)RAG, f HM, reg 7, f 64v, gemeenteraadszitting 09-12-1844

    31-07-2007 om 00:00 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    30-07-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.4.9. Bijlagen

    4.8 Bijlagen

    Bijlage 4.1 Analfabetisme te Hansbeke

    Aan de hand van de parochiale huwelijksakten van Hansbeke(1779-1796) maakte Albert Martens in 1972 een peiling naar het analfabetisme omstreeks het einde van de XVIIIe eeuw. We moeten evenwel slechts terug gaan tot net voor de eerste wereldoorlog toen van D. Starcke een vlugschrift verscheen met de intussen legendarisch geworden titel Arm Vlaanderen, waarin een schrijnend beeld wordt geschetst o.m. van het lage ontwikkelingsniveau van de Vlamingen.

    Gaan we terug tot de XVIIIe eeuw dan waren er zeer velen die niet eens hun naam konden schrijven en als bewijs van kennisneming noodgedwongen met een eenvoudig kruisje tekenden. Terwijl het hanteren van de pen uiteraard nog geen voldoende maatstaf is nopens de preciese ontwikkelingsgraad van de personen die hun naam konden schrijven, kan toch geoordeeld worden dat zij die als handtekening een gewoon kruisje plaatsten, ongetwijfeld tot de groep van analfabeten behoorden die noch lezen noch schrijven konden. Representatief materiaal kan hieromtrent gevonden worden in de parochieregisters.

    Ingevolge de besluiten van het Concilie van Trente in 1563 werden in de Nederlanden schoorvoetend door de parochiegeestelijkheid registers aangelegd waarin data en bijzonderheden betreffende dopen, huwelijken en overlijdens opgetekend, maar deze registers werden op uiteenlopende en onvolledige wijze bijgehouden. Nog in 1778, onder Jozef II, werden dienaangaande in het Edict van 6 augustus, uitgevaardigd door de Oostenrijkse regering in de Nederlanden, de vroegere voorschriften hernomen en aangevuld. In de huwelijksakten dienden o.m. naam, voornaam, geboorte- en woonplaats van de trouwers en van de getuigen vermeld te worden. De akte moest in twee registers ingeschreven worden en bovendien door de pastoor en de betrokken personen ondertekend worden. Analfabeten zouden een merkteken plaatsen. Indien het gevraagde dubbel liet gedeponeerd werd, zou de in gebreke blijvende pastoor van overheidswege beboet worden tot het betalen van 50 gulden. Deze strafmaatregel hielp blijkbaar vermits vanaf 1779 de parochieregisters op een gedetailleerde manier werden bijgehouden.

    De parochiepriester vergewiste zich vooraf van de kunde of onkunde van de optredende personen zodat, naargelang van de bevindingen, in de akten allerhande formuleringen voorkomen zoals:

    ‘interrogati an scribere possent, responderunt omnes quod non’

    ‘interrogati an possent scribere, responderunt pater et matrina quod non’

    ‘interrogati an scribere possent, responderunt sponsa et una testium quod non’

    ‘solus sponsus scribit’

    ‘omnes scribunt excepta secunda teste’ e.a.

    Voor degenen die hun naam niet konden schrijven, werd onderaan de akte een ruimte voorbehouden waar ze een kruisje plaatsten naast de passende aanduiding ‘chirographus (of signum) sponsa’, ‘chirographus secunda teste’…

    Door de organieke wet op de burgerlijke stand, daterend van 20-25 september 1792, werden alleen de ambtenaren van de burgerlijke stand bevoegd verklaard om akten op te maken. De toepassing van die wet werd in ons land tijdens de Franse overheersing bevolen door het Dekreet van 29 Prairal an IV(17 juni 1796).

    De van 1779 tot 1796 ondertekende doop- en huwelijksakten verschaffen als zodanig bewijskrachtige gegevens i.v.m. de meest elementaire geletterheid van een zeer talrijke groep personen.

    De bestuurlijke richtlijnen van 1778 werden voor de parochieregisters te Hansbeke vrij stipt nageleefd door Jan Van Baelen, pastoor-deken. Onderstaande huwelijksakte van 30 april 1785, met vertaling, illustreert dit (1).

    Trigesima Aprilis 1785, factis tribus proclmationibus bannorum antenuptialium, contraxerunt matrimonium coram me infrascripto, Bernardus Willems ex hac parochia habitans in Oostcamp et Maria Joanne Canoot ex Nevel habitans in hac parochia

    minorennis consentiente et presente matre tutrice Maria Joanna Verhelst, testibus Joanne de Rijcke habitante in Oostcamp et Maria Joanna Verhelst habitante in Nevel, interrogati an possant scribere responderunt sponsa et secunda testis quod non.

    J. Van Baelen, pastor

    Bernardus Willems

    Joannes De Rijcke

    signum sposa +

    signum secunda teste +

    Vrije vertaling

    Nadat de 3 voorhuwelijkse afroepingen hadden plaatsgehad zijn in aanwezigheid van de ondertekende op 30 april 1785 gehuwd: Bernardus Willems van deze parochie, wonend in Oostkamp, en de minderjarige Maria Joanna Canoot van Nevele, wonend in deze parochie, met instemming en in tegenwoordigheid van haar moeder en voogdes Maria Joanna Verhelst, en de getuigen Joannes De Rijcke, wonend in Oostkamp, en Maria Joanna Verhelst, wonend in Nevele; ondervraagd of ze konden schrijven antwoordden de bruid en de tweede getuige ontkennend.

    Uit het tabellarisch overzicht blijkt dat de Hansbeke tussen 20 april 1779 en 16 juli 1796, in een periode van circa 18 jaar, 239 huwelijken ingeschreven werden waarbij 965 personen (487 mannen en 478 vrouwen) betrokken waren.

    Aantal huwelijken per jaar te Hansbeke (1779-1796)

    Bij deze 965 personen zijn er 702, of 72.7% ongeletterden die met een kruisje tekenen. Bij de mannen blijken 60.2% ongeletterden tegenover 85.6% bij de vrouwen.

    mannen vrouwen

    geletterd 35.8% 14.4%

    ongeletterd 64.2% 85.6%

    Er zijn goede redenen om aan te nemen dat deze resultaten vrij representatief zijn voor het platteland in Vlaanderen aan het einde van de XVIIIe eeuw. Het hoog percentage analfabeten kan aan meerdere factoren toegeschreven worden. Het dorpsonderwijs werd van ouds door de parochiegeestelijkheid georganiseerd en bleef in hoofdzaak een geloofsonderricht dat zich meestal beperkte tot het aanleren van gebeden en de catechismus. Elementaire vakken zoals lezen, schrijven en rekenen waren soms van ondergeschikt belang. Door eeuwenlange vreemde overheersing bestond bovendien een algemene verwarring en verwaarlozing, wat zeker niet bevorderlijk was voor de geestelijke verrijking van de bevolking. De schrale bezetting van de bestaande dorpsscholen werd ook voor een deel verklaard door de sociale noden van de bevolking, waarbij opgroeiende kinderen zo vlug mogelijk ingeschakeld werden voor het levensonderhoud.

    Enkel kinderen uit de gegoede stand konden voortgezet onderwijs genieten in één of andere (stads)school. Een nader onderzoek naar de identiteit van enkele zogenaamd geletterden te Hansbeke toonde inderdaad aan dat ze behoorden tot vooraanstaande en welstellende boerenfamilies. Anderzijds waren leden van een zelfde familie vaak allen geletterd (of ongeletterd).

    Dat er vooral meer ongeletterde vrouwen dan ongeletterde mannen zijn is geen toeval. Het aantal schoolgaande meisjes lag lager dan het aantal schoolgaande jongens. De zienswijze dat dochters zich enkel in typisch vrouwelijke bezigheden dienden te bekwamen wordt duidelijk geillustreerd in de Staet ende verclaers van de goede, opgemaakt op 21 maart 1620 na het overlijden van voorvader Jacob Martens, baljuw te Hansbeke. Hij liet 9 kinderen achter waarvan de oudste vier gehuwd en de overige, vier jongens en een meisje, minderjarig waren. In de inventaris werd ingelast dat de weduwe Lievine Clays tegenover de voogden de verplichting op zich nam haere knechten te doen leeren leesen ende schriven ende de walsche tale, omme hemlieden te manne commende te behelpen, ende ook het meyskin te doen leren hemden nachtdoucken ende dierghelyck tsyden ofte scheppen ende connen nayen om oock haer selfs vrauwe synde te connen behelpen(2).

    Een gelijkaardig voorbeeld vindt men omstreeks 1770 bij de oude Joannes Maenhout, landbouwer en weduwnaar van Maria Francisca Haerens, die op herhaaldelijk verzoek van de deelvoogd, Pieter Lamme, ook een voorouder, weigerde zijn dochtertjes te laeten uytwoonen ter scholen in cloosters ofte sevire plaetsen niettegenstaande de meisjes alsnoch seer weynigh ter schoole gegaen waren ende mitsdien weynigh ervaeren waren inde lecture, schrijven, naeyen etc. Volgens zijn overtuiging hield hij de meisjes op het erf om bij hem te blijven leeren, wercken, observieren, de menargie inde lantsbauwerije.

    Wanneer het beschikbaar cijfermateriaal voor Hansbeke gegroepeerd wordt in drie perioden van telkens zes jaar, kan vastgesteld worden dat het analfabetisme bij de mannen met 7.2% daalde, terwijl de afname bij de vrouwen slechts 2.2% bedroeg. De relatieve achterstand van de vrouwen werd dus nog groter.

    Analfabetisme te Hansbeke per 6 jaar in %

    Bijlage 4.2 De Vlaamse landbouw van de XVIe tot de XVIIIe eeuw

    uit Stam Martens, jg 2, nr 2, pp12-14

    Om een idee te krijgen omtrent de Vlaamse landbouw van de 16e tot de 18e eeuw, wanneer de voorouders van Petrus-Francies Martens(1810-1900) reeds landbouwbedrijven uitbaatten te Bellem of Hansbeke, kan men niet veel te weten komen van de Vlamingen uit die tijd vermits zij weinig op papier hebben gezet. Immers in 1823 schreef Van Aelbroeck dat de boerestiel niet geleerd wordt in boeken maar te velde, met een ploegstaart in de hand, door gedurigen arbeid, oplettendheid en ondervinding.

    Niettemin weten wij dat de Vlaamse landbouw op een voor die tijd hoog peil stond vermits meerdere buitenlanders op bezoek kwamen om hier de stiel te leren. Het is dan ook vooral uit Engelse, Duitse en Franse bronnen dat men iets kan leren over de geschiedenis van de Vlaamse landbouw.

    Terwijl in de ons omliggende landen het drieslagstelsel nog werd toegepast, met rogge in het eerste jaar, gevolgd door zomergraan in het tweede jaar en braakland in het derde jaar, was in Vlaanderen het braakland reeds grotendeels verdwenen in de 16e eeuw. Dit was mogelijk door toedienen van stalmest en door het verbouwen van allerlei nieuwe gewassen. Reeds in de 15e eeuw is er in het Gentse sprake van de teelt van rapen, eerst als voeding voor de mensen en later als veevoeding. Ook klaver komt voor van bij het begin van de 16e eeuw.

    De vlasteelt verspreidde zich reeds over het ganse Vlaamse land tijdens de 14e en de 15e eeuw en was toen een relatief belangrijke teelt. De teelt van boekweit, bestemd voor pannenkoeken, boekweitpap of voedergraan, was vrij belangrijk op de armen zandgronden van de 16e tot de 18e eeuw. Aardappelen daarentegen werden in Vlaanderen pas voor het eerst verbouwd in de 17e eeuw, terwijl de eigenlijke uitbreiding ervan pas gebeurde na 1750. Toen waren de graanprijzen zodanig gestegen dat het brood als basisvoedsel te duur werd en in de volksvoeding vervangen werd door de goedkopere aardappelen. Wellicht waren Joannes Martens(1719-1801) en Carolus Martens(1766-1837) de eerste stamvaders Martens die aardappelen verbouwden.

    De opbrengsten van de teelten en het vee lagen evenwel ver beneden het huidig peil. In de 16e eeuw was een opbrengst van 1 ton graan per hectare helemaal niet slecht en de gemiddelde jaarproduktie van een melkkoe moet in de buurt van 1.000 liter gelegen hebben.

    Het grootste aantal landbouwers waren zogenaamde keuterboeren, met minder dan 4 ha, alhoewel een normale boerderij toen reeds meer dan 10 ha telde. Zeer grote bedrijven, zelfs met 100 of meer ha, kwamen ook reeds voor en waren veelal de eigendom van kloosters. De keuterboeren hielden slechts 1 of 2 koeien en op de graanbedrijven waren ook zelden meer dan 5 koeien, hoewel in de veestreken bedrijven bestonden met mleer dan 20 runderen. In de 16e eeuw hield elk hof van betekenis een kudde schapen. Op de meeste bedrijven werden een paar varkens gehouden, uitsluitend voor eigen slacht.

    Koeien en ossen werden als trekkracht gebruikt, maar de iets grotere bedrijven beschikten toch over paarden. Er bestonden reeds primitieve ploegen, maar veel gronden werden omgespit in plaats van geploegd. De Brabantse ploeg, die een prototype geworden is voor de ploeg over de ganse wereld, werd bij ons uitgevonden maar dat was pas bij het begin van de 18e eeuw. Joannes Martens(1719-1801) was misschien de eerste stamvader Martens die er mee werkte.

    De pik, ook een Vlaamse uitvinding die reeds in de 14e eeuw vermeld werd, heeft niettemin pas in de 17e en 18e eeuw haar volle uitbreiding gekend. Toen werd er met veel lof over geschreven omwille van de grote arbeidsbesparing die er door mogelijk gemmakt werd. Voordien werd het graan kort onder de aren afgesneden met een sikkel, zodat achteraf het stro nog moest afgemaaid worden met de zeis. Het dorsen gebeurde nog met de vlegel en vormde de winterbezigheid op alle bedrijven. Zelfs in de 18e eeuw slorpte het dorsen nog meer dan de helft van de tijd op van een dagloner op een graanbedrijf.

    Hoe het met het landbouwinkomen gesteld was is niet zo goed gekend, maar toch weet men dat er goede en slechte tijden waren. De eerste helft van de 16e eeuw was een krisisperiode voor de landbouw, maar vanaf 1550 tot de eerste helft van de 17e eeuw verbeterde de toestand voor de boeren, vooral wegens de gunstiger graanprijzen. Een minder goede periode tot 1690 werd gevolgd door een lichte verbetering tot omstreeks 1720, om nadien terug te vervallen in een zware agrarische krisis tot 1740. Tenslotte beleefde Joannes(1719-1801) opnieuw een periode die veel gunstiger was voor de boeren.

    Bijlage 4.3 Families Ledeganck , Martens en Van Vynckt

    Uit het parenteel van Guille Ledeganck blijkt dat twee dochters van zijn zoon Franciscus huwden met twee dochters van stamvader Joannes Martens en Joanna Maenhout. Ter gelegenheid van het huwelijk van Judocus met Maria Ledeganck op 25 juli 1722 heeft zijn jongere broer Jacobus, die toen reeds 35 jaar oud was, de 13-jarige Joanna Ledeganck, zus van Maria, leren kennen. Zij zullen pas in 1730 huwen.

    Personen in parenteel van Guille LEDEGANCK , Judocus MARTENS(1686-1725) en Jacobus MARTENS(1687-1767)

    I.1 M LEDEGANCK, Guille

    II.1 M LEDEGANCK, Franciscus

    II.2 V ARENS, Petronella

    III.2 V LEDEGANCK, Maria       31-07-1700 Ursel       16-11-1761 Ursel

    III.1 M MARTENS, Judocus       09-11-1686 Bellem      25-05-1725 Hansbeke

    IV.1 M MARTENS, Francies       11-08-1723 Hansbeke    18-08-1783 Varsenare

    IV.2 V VERSLUYS, Isabella Clara29-03-1715 Beernem     30-12-1752 Ruddervoor

    V.2 V MARTENS, Joanna          20-09-1744 Beernem

    V.1 M VISIOEN, Benedictus

    VI.1 V VISIOEN, Rosa

    VI.2 V VISIOEN, Anne Marie

    V.3 V MARTENS, Victoria Cornel.21-02-1751 Ruddervoor  15-03-1766 Varsenare

    IV.3 V STEELAN(d)T, Anna Maria 08-11-1730 St Andries  12-11-1797 Jabbeke

    V.3 V MARTENS, Isabella Clara  02-07-1754 Ruddervoor  28-05-1823 Jabbeke

    V.4 M MESTDAGH, Joannes        20-04-1750 Snellegem   14-03-1808 Snellegem

    VI.3 V MESTDAGH, Joanna Theres.22-12-1776 Jabbeke

    VI.4 M MESTDAGH, Hieronymus    05-03-1779 Jabbeke     05-05-1780 Jabbeke

    VI.5 M MESTDAGH, Joannes B.    17-03-1782 Jabbeke     23-04-1782 Jabbeke

    VI.6 MESTDAGH, xxx             09-06-1784 Jabbeke     09-06-1784 Jabbeke

    VI.7 M MESTDAGH, Pieter Jacob  03-09-1785 Jabbeke

    VI.8 V MESTDAGH, Monica        23-12-1787 Jabbeke     13-01-1790 Jabbeke

    VI.9 M MESTDAGH, Philippus     20-10-1789 Jabbeke     05-03-1809 Jabbeke

    VI.10 V MESTDAGH, Regina Charles  xx-1795 Jabbeke     20-10-1815 Jabbeke

    V.6 M MARTENS, Petrus Francis  07-02-1757 Varsenare   09-07-1773 Varsenare

    V.7 V MARTENS, Rosa            05-05-1759 Varsenare   03-12-1759 Varsenare

    V.8 M MARTENS, Joannes Francies02-11-1760 Varsenare   28-11-1760 Varsenare

    V.10 V MARTENS, Anna Maria     03-06-1762 Varsenare   17-04-1814 Jabbeke

    V.9 M De ROO, Ignatius         01-12-1759 Jabbeke     25-05-1831 Jabbeke

    VI.11 V De ROO, Anna Maria     25-01-1789 Jabbeke

    VI.12 V De ROO, Isabella       03-05-1791 Jabbeke

    VI.13 V De ROO, Sophia Theres.07-10-1798 Jabbeke

    VI.14 M De ROO, Franciscus    xx-xx-1801

    V.11 M MARTENS, F.J.          01-02-1765 Varsenare    15-02-1765 Varsenare

    V.13 V MARTENS, Joanna Ther.  27-02-1766 Varsenare    25-01-1828 Jabbeke

    V.12 M KERKAERT, Emmanuel     27-05-1765 Jabbeke      12-06-1836 Jabbeke

    VI.16 V KERCKAERT, Maria The. 15-02-1787 Jabbeke      07-03-1842 Jabbeke

    VI.17 V KERCKAERT, Regina     20-03-1789 Jabbeke      13-09-1790 Jabbeke

    VI.18 V KERCKAERT, Barbara    06-03-1791 Jabbeke

    VI.19 M KERCKAERT, Casimarus  16-09-1797 Jabbeke

    VI.20 V KERCKAERT, Monica     24-12-1799 Jabbeke

    VI.21 V KERCKAERT, Anna       11-01-1802 Jabbeke

    VI.22 M KERCKAERT, Emmanuel   28-11-1803 Jabbeke

    V.14 M MARTENS, Joannes       13-02-1769 Varsenare    10-09-1807 Oudenburg

    V.15 M MARTENS, Josef Ludovic.19-03-1772 Varsenare    08-04-1773 Varsenare

    V.16 M MARTENS, Petrus Jacob  04-05-1774 Varsenare

    IV.4 M MARTENS, Jacobus       01-03-1725 Hansbeke     25-10-1725 Hansbeke

    III.3 M Van VYNCKT, Petrus    04-12-1702 Hansbeke     30-05-1767 Ursel

    IV.5 V Van VYNCKT, Joanna M.  21-07-1726 Hansbeke

    IV.6 V Van VYNCKT, Livina Mon.16-12-1728 Hansbeke

    IV.7 V Van VYNCKT, Theresia   24-01-1730 Hansbeke

    IV.8 M Van VYNCKT, Joannes L. 04-05-1732 Hansbeke

    IV.9 V Van VYNCKT, Judocus    17-01-1734 Hansbeke

    IV.10 V Van VYNCKT, Anna Maria31-01-1735 Hansbeke

    IV.11 V Van VYNCKT, Petronella15-04-1736 Hansbeke

    IV.12 M Van VYNCKT, Petrus Ja.26-11-1737 Hansbeke

    IV.13 M Van VYNCKT, Ignatius  09-03-1739 Hansbeke

    IV.14 V Van VYNCKT, Maria Joan11-04-1740 Hansbeke

    III.5 V LEDEGANCK, Joanna     18-11-1709 Ursel       07-10-1788 Bellem

    III.4 M MARTENS, Jacobus      07-12-1687 Bellem      02-06-1767 Bellem

    IV.15 M MARTENS, Benedictus   28-09-1743 Ursel       09-02-1812 Ursel

    IV.16 V D'HONDT, Suzanna Carolina    xxx Ursel       10-04-1796 Ursel

    V.17 M MARTENS, Jan Francies  04-11-1790 Ursel       10-10-1846 Aalter

    V.18 V ORNELIS, Ferdinanda    04-03-1801 Aalter      19-12-1875 Aalter

    VI.24 M MARTENS, Angelus      23-04-1837 Ursel       29-10-1912 Aalter

    VI.25 V SAEY, Sophia          06-07-1837 Knesselare  25-01-1916 Assenede

    VII.2 V MARTENS, Elisa Maria  08-03-1873 Aalter      16-08-1938 Aalter

    VII.1 M BOUTE, Jules          05-08-1858 Aalter      12-04-1934 Aalter

    II.3 M LEDEGANCK, Pieter      06-02-1721 Ursel

    II.4 V D'HONDT, Judoca        29-04-1678 Ursel       03-05-1712 Ursel

    III.6 M LEDEGANCK, Jan Baptist           Ursel       21-11-1778 Ursel

    III.7 V De NEVE, Joanna Maria 24-06-1709 Ursel       22-02-1784 Ursel

    IV.17 M LEDEGANCK, Pieter Jacobus        Ursel       14-02-1804 Adegem

    IV.18 V LIPPENS, Judoca       17-11-1737 Ursel       05-07-1804 Adegem

    V.19 M LEDEGANCK, Jan         22-02-1773 Adegem      10-05-1839 Eeklo

    V.20 V CODDENS, Joanna Judoca 21-09-1771 Ursel       07-11-1836 Eeklo

    VI.26 M LEDEGANCK, Karel Lod. 09-11-1805 Eeklo       19-03-1847 Gent

    VI.27 V De HOON, Virgina                                   1890 Gent

    VII.3 V LEDEGANCK, Clara

    VII.4 M COGEN, Eugéne

    VIII.1 V COGEN, Anna                1867

    VIII.2 M De WEERDT, Maurice

    Na het overlijden van haar man Judocus Martens op 26 mei 1725 blijft Maria Ledeganck achter met haar twee kinderen van minder dan twee jaar oud, alsook met de twee kinderen uit het eerste huwelijk van Judocus, zes en negen jaar oud. De 25-jarige weduwe Maria hertrouwt reeds op 9 september 1725 te Hansbeke met de 23-

    jarige Petrus Van Vynckt(° Hansbeke 4-12-1702 + Ursel 30-05-1767), zoon van Christoffel en Livina De Deckere. Ze kregen nog tien kinderen die allen te Hansbeke geboren worden, vermoedelijk op een hofstede in de Broeckstraat. Het echtpaar is pas later verhuisd naar Ursel, het geboortedorp van Maria, waar beiden overleden zijn.

    Stam Karel Lodewijk Ledeganck

    Maria en Joanna Ledeganck hebben een gemeenschappelijke stamvader met Karel Lodewijk Ledeganck, namelijk Guille Ledeganck, vader van Franciscus en van Pieter. Uit het huwelijk van Franciscus met Petronilla Arens werden de zussen Maria en Joanna geboren, die met de broers Judocus en Jacobus Martens trouwden. Pieter Ledeganck huwde op 25 maart 1705 te Ursel met Judoca D’Hondt en is de betovergrootvader van de dichter Karel Lodewijk Ledeganck(1805-1847), tijdgenoot van Petrus Francies Martens.

    Jan Baptist Ledeganck, zoon van Pieter, huwde te Ursel op 7 december 1735 met Joanna Maria De Neve.

    Pieter Jacobus Ledeganck, zoon van Jan Baptist, huwde te Ursel op 28 februari 1764 met Judoca Lippens.

    Jan Ledeganck, zoon van Pieter, huwde te Adegem op 4 juli 1795 met Joanna Judoca Coddens. Hij was onderwijzer en kleine winkelier te Eeklo. Zijn echtgenote Joanna “was een dier aertsvaederlijke huysvrouwen wier geslacht schijnt uitgestorven te zijn, en die den vromen pater Poorters en den wijzen vader Cats van buiten kenden”(W. Ledeganck in “Ons Heem” Jg XII, nr 6, p 173). De toenmalige burgemeester van Eeklo staat als orangist bekend.

    Hun zoon Karel-Lodewijk Ledeganck werd op 9 november 1805 geboren in een groot gezin te Eeklo. Als kind is hij een bepaalde tijd spoeler geweest bij een linnenwever, maar toen had hij blijkbaar reeds een duidelijke lees- en schrijfdrift.Hij wordt ontdekt door Karel Vervier, gewezen bankier, daarna ontvanger, dichter en orangist. Die biedt Karel de gelegenheid op het stadhuis te gaan werken als "expeditionaris”, een bescheiden plaatsje, wat hem toeliet op eigen houtje verder te studeren. Ledeganck wordt lid van de “maatschappij voor Nederlandse letterkunde”. Hij stelt zijn eerste nog houterige pennenvruchten op. Hij studeert muziek, componeert zelfs, en is als 20-jarige al een geziene figuur in het Meetjeslandse Vlaams-culturele wereldje.

    Komt dan 1830, het Koninkrijk der Nederlanden verdwijnt, de Belgische staat ziet het levenslicht. De orangistische burgemeester wordt afgezet en Eeklo krijgt er een belangrijk burger bij: Jan-Frans Willems, de latere ‘vader der Vlaamse beweging’. Willems is om zijn orangisme als belastingsontvanger in Antwerpen afgezet en naar het veel kleinere Eeklo gedegradeerd. Ledeganck werd door Willems en Vervier flamingant en grootnederlander.

    In het begin der jaren 30 vervult Ledeganck verschillende functies: ambtenaar in Oudenaarde, griffier in Kaprijke en plaatsvervangend vrederechter. Zijn ambitie reikte verder. Hij had al op zijn eentje Latijn en Grieks gestudeerd en vatte in 1833 aan de Gentse universiteit de studie van de Rechten aan. Niet zo vanzelfsprekend voor de onbemiddelde jongeman. Men vertelt dat hij, als hij kursus wilde volgen, te voet van Eeklo naar Gent(20 km) trok en ’s avonds te voet naar huis terugkeerde om dan ’s nachts te studeren. In augustus 1835 mocht hij zich doctor in het Romeins en Modern Recht noemen.

    In 1836 werd hij vrederechter in Zomergem. Op 4 februari 1840 huwt hij te Kaprijke met Virgina De Hoon. In 1838 werd hij lid van de Provinciale Raad van Oost-Vlaanderen en hield aldaar in 1840 de allereerste rede in het Nederlands. Resultaat: met de gemeenten zou de provincie briefwisseling voeren in de door henzelf verkozen taal. Ledeganck begon ook meer te dichten.

    Intussen werkte hij, verbeten en rusteloos, aan wat hij toen als zijn hoofdopdracht beschouwde: de éérste integrale Nederlandse vertaling van het Burgerlijk Wetboek.Die kwam er in 1842 en werd herhaaldelijk herdrukt. In 1842 wordt hij provinciaal opzichter van het Lager Onderwijs voor de provincie Oost-Vlaanderen. In 1844 wordt hij samen met Hendrik Conscience lid van het ‘Nederlandsch letterkundig Genootschap’ te Leiden, en in 1845, alweer met Conscience, krijgt hij de eretitel van ‘geaggregeerd hoogleraar’ aan de Gentse universiteit.

    “Zijn blijvende faam dankt Karel Lodewijk Ledeganck hoofdzakelijk aan een breed opgezette nationale trilogie “De drie Zustersteden”(1846), zijn zwanezang en het hoogtepunt van zijn dichterlijke bedrijvigheid. De stoere, zeer rythmische ode aan Gent, de elegische zangerige strofen aan de doode maged Brugge, de jubelende hulde aan Antwerpen brachten hun dichter onmiddellijk een populariteit zoals geen Vlaams poëet voor noch na hem heeft bereikt”(J.F.J. Heremans in ‘Gedichten van K.L. Ledeganck met eene Levensschets des dichters’ Gent 1856 p X). Jan Heremans noemde Ledeganck ook de geliefkoosde zoon van Vlaanderen.

    Een paar citaten over Gent:

    gij zijt niet meer, gelijk weleer,

    De trotsche wereldstad die koningen deed beven,

    gij zijt niet meer dat leeuwennest,

    dat wijd geducht gemenebest dat tot de wereld sprak,

    het hoofd fier opgeheven.

    Of nog

    blijf steeds uw Vlaamsche oorsprong waard

    wees Vlaamsch van hert en Vlaamsch van aard.

    De gezondheidstoestand van Ledeganck ging verder achteruit, maar hij bleef dichten tot op zijn sterfbed. Vier dagen voor zijn dood schreef hij nog dit Gent-gedicht:

    ’t wie kent die stad waar alles nog van Vlaanderens grootheid spreekt

    waar ontrouw, walscheid en bedrog, van schande nog verbleekt?

    Die schone stad is ons bekend, ’t is Vlaanderens hoofdstad Gent

    Op 19 maart 1846 overleed hij, en op de Sint-Amandsbergse Campo Santo werd hij begraven, vlak bij het monument van zijn mentor J.F. Willems.

    Te Eeklo werd een halve eeuw na zijn dood een standbeeld van Karel-Lodewijk Ledeganck opgericht, gebeeldhouwd door Julius Lagae die ook het Rodenbachbeeld in Roeselare en het Guido Gezellebeeld in Brugge ontwierp. De inhuldiging bracht een massa volk op de been, tot en met kroonprins Aalbrecht (de latere koning Albert I) die er een Vlaamsche toespraak hield.

    Standbeeld van K L Ledeganck te Eeklo

    Ook meerdere straten, ondermeer te Gent, dragen de naam van Karel-Lodewijk Ledeganck. Zijn kleindochter Anna Cogen(°1867) huwde met Maurice De Weert die schepen werd van de stad Gent. Als schilderes is zij gekend onder de naam Anna De Weert. Vanaf omstreeks 1896 woonde Anna ’s zomers in Hof ter Neuve te Afsnee aan de Leie. Het is nu nog een schitterend buitenverblijf aan de Veurestraat , verbouwd van een voormalige hoeve met een oude XVIIe eeuwse kern.

    Bijlage 4.4 Families Braet te Hansbeke

    De in het Salomonsoordeel(1774) betrokken baljuw Frans Braet,zoon van Jan en Joanna Vande Walle alsook zijn broer Gillis Braet en verder Theresa Braet, dochter van Gillis en ook nog Pieter Braet, schoonvader van Gillis en Joseph Braet, zoon van Pieter, spelen een rol in meerdere merkwaardige gebeurtenissen die geschetst worden in ‘Mensen van Vlees en Bloed’. Daarom even een schets van deze familie, gevolgd door deze 4 ware verhalen die tekenend zijn voor het Hansbeekse dorpsleven in de XVIIIe eeuw.

    Vooreerst een verhaal waarbij een dienstknecht van Pieter Braet betrokken is.

    Een op zijn recht staande landbouwer(1747)

    Roelant Maes, landman, pachtte sinds 1738 de hofstede gelegen langs de oostkant van de doorenbuschstraete en ten oosten palende aan het laeckstraetje loopende van de doorenbuschstraete suytwaert op al drayende naer de eystackers ligghende ten suyden ende tsenve straetien. Hij gebruikte ondermeer ook het eeckstuck, een partij land langs de oostkant van het laeckstraetje alwaer hij van wederzijden (aen)ghelant was.

    Graskanten langs straten en veldwegen werden toen blijkbaar volgens costume door de aangelanden als wei- en hooiland gebruikt.

    Landbouwer Maes had reeds herhaaldelijk bij de baljuw Frans Braet en bij de officier Pieter Trioen geklaagd dat het gars in het laeckstraetje loopende naer d’eystackers van tijdt afgheten ende gepatureerd wierdt op de kanten waar hij aangelande was. De baljuw en de officier hadden hem telkens beloofd dat sij daer op reflectie souden nemen doch dat sij diesalvens niet en conden ageeren ende calaigne doen sonder daer ontrent ghetuyghen thebben of ten minstens het sight.

    Dienvolgens had Maes menighmael het laeckstraetjen ghefrequenteerd en op 1 augustus 1746 gezien dat Lieven Germain, koewachter van Christoffel Lambrecht, tussen drie en vier uur met twee coeybeesten het gars in het straetjen heeft gepatureerd, en Lieven Dobbelaere hiervan getuige was.

    Uiteindelijk werd op 14 juni 1747 hieromtrent een enqueste gehouden. De 30-jarige arbeider Lieven Dobbelaere zv Jan verklaarde dat hij ontrent de ougstmaent van 1746 smorgens de horte vruchten van Roelant Maes is gaen picken staende op een partije lant het eeckstuck ghelegen op de oostcant van het laeckstraetjen alwaar zijn werkgever opdifferente plaetsen ende namelijck achter sijn hofstede van wederzijden ghelant was als pachter ende ghebruycker. Om 7 à 8 uren ’s morgens kwam Lieven Germain, koewachter van Christoffel Lambrecht wonende in de omwalde hofstede op de noordkant van de Voordestraat(nu Voordestraat 4), langst ende vande noorteynde van ’t laeckstraetjen met twee coeybeesten die hij leyde yder in een seel, waarschijnlijck om te gaen wachten naer Lambrechts lant ofte elders. Terwijl zij een weynigh tijt in cautenantie ghetreden zijn, hadden de koeien omstreeks het hofgat van boer Maes eenigh gars afgeweet ende daer mede maer een moment tijt doende geweest sijn, maar twee ofte drij beten.

    Lieven Germain zv Alex 18jaar, dienstknecht bij Pieter Braet, zegde dat hij van 3 mei 1746 tot 3 mei 1747 bij Christoffel Lambrecht leerjongen van weven en koewachter was. Hij bekende dat hij in of ontrent de ougstmaent 1745, in de voormiddag tussen 7 en 8 uur twee coeybeesten elck in een seel langst het laeckstraetjen naer d’eystackers van boer Lambrecht gedreven heeft om de selve coeyen aldaer te wachten. Gecommen sijnde achter d’hofstede van Roelant Maes omstreeks het hofgat had Lieven Dobbelaere, die op het eeckstuck tarwe aan het pikken was, tot hem geroepen sonder dat hij tsenve verstont.Daarom vroed hij:”Wat roept gij,Lieven”. Lieven zij:”Is ulieden vlasch ghesleten”, waarop hij dan antwoorde: “Neen, wij slijten van daghe, gheheel den dagh”, sonder dat tusschen hen voordere redens sijn verhandelt.

    Tijdens dit kort onderhoud stond de koewachter met sijn coeyen stille om de vraege te anhooren, die door die occasie een weinig tijd int gras langs het straatje hebben gebeten. Op dat ogenblik kwam Roelant Maes uit het hofgat die hem vermaande:”Waer om wacht gij u coeyen daer” waarop hij antwoordde: “Ick en wachte daer niet, boer Maes”, waarop de landbouwer repliceerde:”’t Is wel, ick neem kennisse, ick gae naer Pieter Trioen”. Lieven Germain ontkende tijdens de enqueste evenwel dat hij de koeien in het laeckstraatje liet grazen ofte daer toe van sijnen meester eenigh last ghehadt om sulcx te doen.

    Volgens de getuigenissen van deze twee dienstknechten ging de klacht van boer Maes(die zich blijkbaar over het uur van de feiten vergiste) om een bagatel. De verklaringen van Pieter Braet op 6 september en van Joannes Van Bastelaere op 14 september 1747 waren daarentegen zeer bezwarend. Pieter Braet zv Gheert,60j, landman, was eigenaar van enkele partijen land aan weerszijden van het laeckstraatje en passeerde bijna dagelijks langs die veldweg. Twee of drie jaren geleden had hij gezien dat Pieter Cooman, toen dienstknecht bij Christoffel Lambrecht, de koeien van zijn meester in het straatje liet grazen en ook Lieven Germain, die bij hem in dienst kwam, had in 1746 hetzelfde gedaan.

    Joannes Van Bastelaere zv Lieven 52j landsman pachtte van Frans Poelman een partij land de laeckt en kwam ook dikwijls langs het laeckstraatje. Hij had in 1744 gezien dat Pieter Cooman de koeien van boer Lambrecht sonder seelen door het straatje dreef en er de graskanten liet afgrazen.

    Gillis Braet , zoon van schipper Jan en Joanna Vande Walle, huwde op 29 november 1721 met Livina Braet, dochter van Pieter(molenaar) en Petronilla Van Maldeghem. Uit dit huwelijk werden 15 kinderen geboren. In 1764, 12 jaar na het overlijden van Gillis, woonde weduwe Braet met haar zieke 23-jarige dochter Theresa op een behuyst hofstedeken ende erfve langs de oostkant van de Doorenbuschstraete. Theresia was vanover lange jaeren ende tijdelijck overvallen geweest met de sessen.

    Verdronken in een wal(1764)

    Op zaterdagavond, 3 maart 1764, kwam Joanna Germain, jongedochter die bij de weduwe Braet inwoonde, bij Pieter Sutterman zv Pieter, audt burchmeester en de leenman, aankloppen. Ze vertelde ontredderd dat Theresia niet thuys en was bij haer moeder die sieck lagh met de roose.

    De ex-burgemeester, 77 jaar oud, vreesde dat het ziekelijk meisje mogelijk in de wal gevallen was, die achter hun huis lag. Hij ging hulp halen bij Pieter De Vogelaere zv Jan, 38 jaar oud, molenaar, die tegenover het huis van de weduwe Braet woonde. Zij spoedden zich naar de wal en vonden er inderdaad de ongelukkige dochter in het water. Frans Braet, baljuw van de heerlijkheid en maternele oom van het meisje, werd verwittigd en kwam onverwijld ter plaatse. Men droeg het dode meisje in het huis van haar moeder. Omstreeks 9 uur werd het stoffelijk overschot door de wethouders aanschouwd en in hun tegenwoordigheid door chirurgijn Jacob Vander Sickel onderzocht. Theresia Braet werd in de kerk begraven.

    Frans Braet, als baljuw, was ook bevoegd voor het toezicht op herbergen.

    Een verboden jeneverkroeg(1777)

    Bij haere Majesteits placcaeten ende naementlijck het decreet vanden 5 september 1722, was het ten strengste verboden brandewijnen te debiteren met cleene maeten buyten de geoctroyeerde herbergen.

    Marten De Vos, insetene der prochie ende heerelijckhede van Hansbeke, scheen zich aan dit verbod niet te storen. Hij werd, bij requeste vanden 12 maert 1777, door baljuw Frans Braet betrocken ter causen dat hij als cantynier tsijnen huysse hadde anveirt alle soorten van persoonen, die hij bedient hadde van brandewijnen met cleene maeten, ende aldaer te laeten saete hauden. Dergelijke toestanden konden niet gedoogd worden omdat in sulcke huysen dickwijls groot ramour ende desorders gebeuren, tot stoornisse van het publicq, tot sonderlynge opde sondaegen als heylichdaegen.

    Marten De Vos, die beboet werd, verklaarde in wettelijcke vierschaer op 16 juli daaropvolgend, ten overstaan van de baljuw, burgemeester en schepenen, om voordere costen t’ontgaen sig daerjegens niet te willen opposeren als sijnde wel ende ten rechten betrocken. Hij beloofde ootmoedig van sulcx niet meer te doene.

    Joseph-Frans Braet(°1746), broer van Pieter en oom van de verdronken Theresia, is in 1762 getuige van handgemeen in het wethuis.

    Een handgemeen in het wethuis(1782)

    De herberg tegenover de kerk, sinds 1740 bewoond door Lucas Lampaert, werd in 1773 verbouwd tot een breedhuis met bovenverdieping. Vanaf toen zetelde er de schepenbank van de heerlijkheid Hansbeke. Op zondag 10 maart 1782 werd er in het nieuw wethuis duchtig gevochten. Omstreeks 7 uur ’s avonds ontstond in de schepenkamer een twist waarbij bakker Ramond Ide, vergezeld van Pieter Braet jongman, beide wonende te Bellem, betrokken was.

    Joseph-Frans Braet zv Pieter 36 jaar zag dat Ide aan Frans Provijn zv Pieter eenen slach gaf zodat de hoet van sijn hooft viel. Gheeraert Standaert zv Pieter, burgemeester van de heerlijkheid van Hansbeke, die op de voute met een gezelschap kaart speelde, riep de bakker bij hem met het doel de ruzie te sussen. Na een kort verblijf op de voutekamer ging Ide naar de keuken. Korte tijd nadien kwam hij in groote haeste wederom naar de opkamer, achtervolgd door verscheidene personen. Toen hij hen van de voute wilde steken vlogen de gebroeders Provijn hem in het haar. Ze sprongen ook op Benedict Vande Voorde zv Andries die hen het vechten trachtte te beletten. Ide heeft de broers dan met zijn vuisten geslagen tot het bloed van hen afdroop.

    In de late avond klopten Pieter en Frans Provijn aan bij Jan-Francies Vander Sickel 29 jaar, chirurgijn te Hansbeke. De wondheler verbond hun kwetsuren om het bloed te stelpen en visiteerde hen ook nog eens ’s anderdaags.

    Twee jaar na het Salomonsoordeel(1774) van de vierschaar voorgezeten door baljuw Frans Braet huwt de betrokken dochter Livina Maenhout met Jacobus Martens, zoon van Joannes. Samen krijgen zij 10 kinderen, waarvan er 4 vroegtijdig overlijden. In 1783 kregen zij zelfs twee kinderen die beide datzelfde jaar overleden: Joanne Maria werd op 6 januari geboren en overleed 5 dagen later terwijl op 9 december een naamloos kind dood geboren werd. Nog een jaar later, op 9 december 1784, werd Joannes geboren, maar hij overleed toen hij net geen jaar oud was. De oudste zoon Carolus-Franciscus stierf op 10 maart 1791, op 13-jarige leeftijd.

    In 1996 publiceerde André Braet uit Erembodegem “ De Braetroute” waarin ondermeer de voorouders van de familie Braet te Hansbeke besproken worden, van Pieter Braet (1470-1540) tot Pieter Braet (1724-1788). Vanaf 1694 werd de Hansbeekse molen uitgebaat door de familie Braet. Pieter Braet was molenaar en baljuw (1718-1724) en de volgende molenaar Frans was baljuw tot 1788.

    30-07-2007 om 11:58 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.4.8. Andere tijdgenoten uit de XVIIIe eeuw

    4.8 Andere tijdgenoten uit de XVIIIe eeuw

    4.8.1 Afstammelingen van stamlijnen Martens uit XVIIe eeuw

    Afstammelingen van hoofdstamlijn Jacob Martens(1590-1646 ), baljuw

    De oudste zoon Jan werd, evenals zijn vader, baljuw van Hansbeke. De kinderen uit zijn huwelijken met Barbara Speeckaert en Elisabeth Rijckaert zorgden voor een uitgebreid nageslacht, waarvan sommigen ook nog tijdens de XVIIIe eeuw konden gevolgd worden.

    Kinderen en familie van Gheeraert Martens zv Jacob

    Clausijntjen Martens(+1660), dochter van Gheeraert en kleindochter van Jacob huwde in 1659 met Boudewijn Maenhaudt en stierf in het kraambed. Hier zijn dus geen afstammelingen in de XVIIIe eeuw. Haar man trad evenwel nog tweemaal in het huwelijk: in 1662 met Maria De Muynck en in 1667 met Petra Braet.

    Kinderen en kleinkinderen van Jacques Martens zv Jacob

    Zoon Jacques Martens en Joanna Coppens hadden drie minderjarige kinderen toen Jacques overleed. Zijn zoon Mattheus Martens(1667-1703) kreeg zes kinderen uit zijn huwelijk met Catharina Schatteman te Hansbeke. Na haar overlijden krijgt hij te Bellem met zijn tweede vrouw Joanna Standaert nog vier kinderen die de naam Martens dragen.

    Kinderen en kleinkinderen van Suzanna Martens dv Jacob

    Suzanna’s dochter Joanna Vande Putte(1651-1681) huwde met de brouwerszoon Nicolaus Mijnsberghe. Hun dochter Maria Mijnsberghe(°1672) huwde op haar beurt met Arnold Van Vooren. Joanna Van Vooren(1695-1756), achterkleindochter van Suzanna Martens, krijgt te Hansbeke twee jongens en twee meisjes uit haar huwelijk met Jan De Vliegher(1690-1754). De oudste zoon Carel-Adriaen De Vliegher trouwt met Pieternella De Wever. Jan De Vliegher was uitbater van de herberg In het Land van Nevele aan de Brugse vaart te Hansbeke. Jan De Vliegher had deze herberg in cheynpacht van de baron van Nevele en voerde er belangrijke verbeteringswerken uit (zie hoofdstuk 3). Susanna’s oudste zoon Frans Vande Putte(1647-1693), die de herberg In Mechelen uitbaatte, kreeg twee jongens en twee meisjes uit zijn huwelijk met Elisabeth Maenhout en nog eens een dochter uit zijn tweede huwelijk met Catharine De Crets.

    Familie van Francisca Martens dv Jacob

    Door het huwelijk van Francisca Martens(1631-1391) met Jacques Braet komt een familiale band tot stand met de familie Yserman en later ook met de familie Lefebure. De acht kinderen uit het huwelijk van Jan Yserman en Isabella Yserman zijn alle geboren in het begin van de XVIIIe eeuw. In ‘Mensen van Vlees en Bloed’ wordt uitvoerig een verhaal besproken uit 1701 waarbij de aangetrouwde familie van Francesca Martens betrokken is. Janneken Arents, echtgenote van Jan Yserman en dus schoondochter van Elisabeth Braet(wiens broer Jacques gehuwd was met Francesca Martens), legt er getuigenis af bij een merkwaardige gebeurtenis.

    Een soldatenkind(1705)

    Gillis Van Vynckt, zoon van Frans en Maria Van Renterghem, geboren te Hansbeke op 21 juni 1660, was wagenmaker. Hij huwde circa 1686 met Elisabeth Goethals die reeds overleed toe zij pas 26 jaar was. In 1690 hertrouwde hij met Maria Van Hove, geboren te Hansbeke op 24 maart 1663, dochter van Pieter en Maria Van Hulle. Omstreeks 1700 woonde Gillis Van Vynckt in een hofstede op de zuidoostelijke hoek aan de driesprong te Reibroeck. Hij overleed op 23 januari 1702. Zijn tweede vrouw, die zeven kinderen ter wereld bracht, bleef achter met vijf minderjarige weesjes.

    Drie jaar later, op 8 februari 1705, baarde de weduwe een onwettig kind van het mannelijk geslacht dat op dezelfde dag door onderpastoor Ferdinand Colman met de naam Frans gedoopt werd. Er werd in het dorp gefluisterd dat Frans Van Vynckt, zoon van Jacques en neef van wijlen Gillis Van Vynckt, de biologische vader was. Ook de doopheer vermelde in de doopakte een zekere Frans als de vermeende vader. De boreling overleed ’s anderdaags en werd in de overlijdensakte ditmaal als bastaardzoon van Frans Van Vynckt geregistreerd.

    Teneinde hieromtrent de ware toedracht te achterhalen werd op 28 juli daaropvolgend (nogal laattijdig) op verzoek van baljuw Pieter De Muynck door Pieter Sutterman, burgemeester, Pieter Vande Veire en Pieter De Langhe schepenen, een enqueste ende beleet van oorconden ghehauden. De wethouders ondervroegen drie vrouwen die mogelijk bij de bevalling geassisteerd hadden.

    Janneken De Buck, 28 jaar oud, huysvrauwe van Jan Van Speybrouck, die voordien bij weduwe Van Vynckt dienstmaerte was, verklaarde dat zij inderdaad inde maent february heeft gheweest ten huyse van Marie Van Hove alswanneer deselve is verlost van kinde. Ze voegde er echter aan toe dat zij de kraamvrouw in aerbeytsnoot sijnde niet en heeft hooren segghen nochte declareren dat het kint saude verweckt sijn bij Frans Van Vynckt fs Jaecques ofte iemant anders. Ze zie ook nog ghehoort thebben dat het is gheweest den ghemeenen faeme ende gheruchte dat het kint den voornoemden Frans Van Vynckt saude toebehoren, sonder dat iemant anders erin is betuyght gheworden den vader te wesen.

    Janneken Arents, 50 jaar oud, huisvrouw van Jan Yserman zv Gheert, buurvrouw die dezelfde vragen diende te beantwoorden, beweerde bij de bevalling niet tegenwoordig geweest te zijn. Ze wist dat Frans Van Vynckt als biologische vader vernoemd werd doch had ook soùwijlen hooren segghen dat het een fusselierskint saude sijn.

    Vanzelfsprekend werd ook Tanneken Van Loocke, 52 jaar oud, huisvrouw van Servaes Van Nieuwkercke, vroenvrauwe emmers doende de functie ervan, op het matje geroepen. Ze verklaarde Marie Van Hove na de bevalling bezocht te hebben en er het kint ghevonden thebben sonder dat sij het selve heeft ontfanghen. Ze had het boorlingske ghedreghen naer de kercke om ghedoopt te worden. De weduwe had haar niet ghedeclareert wie den vader was maar gezegd: Sij legghen mij soldaten ende ick en hebbe gheenen man. Waren deze vertrouwelijke woorden een onrechtstreekse bekentenis dat het kind door een ingekwartierde soldaat verwekt was?

    Dit gebeuren doet er aan herinneren dat de Brugse vaart tijdens de Spaanse Successieoorlog een verdedigingslinie vormde tegen de invallen van de Hollanders. Te Hansbeke frekwenteerden toen soldaten onder bevelhebber Marchalck. Burgemeester Pieter Sutterman, die het verhoor mede afnam, is de vader van Boudewijn Sutterman en grootvader van Maria Rosa Sutterman , latere echtgenote van hoofstamhouder Carel Martens.

    Afstammelingen van hoofdstamlijn Pieter Martens (1602-1653) zv Jacob

    Ook van de afstammelingen van Pieter Martens konden naast de hoofdstamlijn van zijn zoon Guilliame, nog meerdere vertakkingen gevolgd worden in de XVIIIe eeuw. Onderstaand schema is vooral uitgewerkt voor de afstammelingen te Bellem: Guilliame, Pieter en Jan. Ook van de dochter Janneken zijn de afstammelingen in Ingelmunster gekend.

    Kleinkinderen van Pieter Martens(1636-1677) zv Pieter

    Tijdens de tweede helft van de XVIIIe eeuw zijn er in deze stamlijn te Bellem drie afstammelingen met de naam Martens, maar uitsluitend in de vrouwelijke lijn: Christina, gehuwd met Pieter Wille, Catharina gehuwd met Jan Licoens en Joanna, gehuwd met Jan Bultinck. Arnoldus Martens, zoon van Pieter en kleinzoon van Pieter stierf in 1720, Anna in 1717, Adriana in 1758 en Jan in 1758.

    Personen in parenteel van Pieter MARTENS

    I.1 M MARTENS, Pieter     31-03-1636 Bellem      01-08-1677 Bellem

    I.2 V De SUTTERE, Sara    29-10-1634 Bellem      16-07-1710 Bellem

    II.1 M MARTENS, Arnoldus  22-07-1663 Bellem      15-03-1720 Bellem

    II.2 V Du PREZ, Catharina       1672             21-03-1740 Bellem

    III.2 V MARTENS, Christina      1705                   1757

    III.1 M WILLE, Pieter

    III.4 V MARTENS, Catharina      1708                   1773

    III.3 M LICOENS, Jan

    II.3 V MARTENS, Anna      24-08-1665 Bellem      07-10-1717 Bellem

    II.5 V MARTENS, Adriana   23-03-1669 Bellem      04-11-1758 Bellem

    II.4 M CLAEYS, Joannes    14-04-1664 Bellem      13-10-1719 Bellem

    II.6 M MARTENS, Jan             1672                   1758

    II.7 V MATTHYS, Joanna

    III.6 V MARTENS, Joanna         1706                   1780

    III.5 M BULTINCK, Jan

    Kleinkinderen van Jan Martens(1644-1709), zn van Pieter

    Jan, waard van Haltebij, huwde driemaal en kreeg elf kinderen, maar verdere informatie over de volgende generatie van zijn kleinkinderen is niet beschikbaar.

    Kleinkinderen van Joanna Martens(°1633), dochter van Pieter

    Janneken had vijf kinderen waarvan minstens twee, met de naam Heytens, nog leefden tijdens de XVIIIe eeuw. Zij woonden te Ingelmunster.

    Personen in parenteel van Boudewijn HEYTENS

    I.1 M HEYTENS, Boudewijn    08-06-1673 Ingelmunster

    I.2 V MARTENS, Janneken     15-03-1633 Bellem     na8-6-1673 Ingelmunster

    II.1 V HEYTENS, Maria       20-05-1650 Gent H. Ma 03-10-1651 Bellem

    II.2 V HEYTENS, Maria Cath. 04-08-1661 Ingelmunster

    II.3 M HEYTENS, Joos        07-11-1667 Ingelmunster

    II.4 V Vanden BUSSCHE, Joan.20-03-1665 Zwevezele  12-03-1730 Zwevezele

    II.5 M HEYTENS, Petrus      08-12-1670 Ingelmunster

    II.6 M HEYTENS, Jan         07-03-1673 Ingelmunst 23-09-1729 Ingelmunster

    II.7 V MERVEILLE, Joanna                          28-06-1743 Ingelmunster

    II.9 V HEYTENS, Livina                 Bellem     11-03-1729 Ingelmunster

    II.8 M LOBBESTALL, Nicolaas

    II.10 M KINT, Jacob

    II.11 M HEYTENS, Jan                    Ingelmunster         Ingelmunster

    Afstammelingen van hoofdstamlijn Guilliame (1628-1708) zv Pieter

    De afstammelingen van Guilliame gaan uitsluitend door langs de hoofdstamlijn van zijn zoon Jan(1650-1720)en verder langs zijn kinderen Guilliame, Joos, Jacob, Francies en Carel die in de XVIIe eeuw werden geboren en tijdens de XVIIIe eeuw overleden.

    Afstammelingen van Joannes Martens(1656-1729) en stamlijn Joos Maenhout (bijlage 4.5) tijdens de XVIIIe eeuw

    Het parenteel met de afstammelingen van stamhouder Jan Martens(1656-1729) uit Bellem en Joanna Maenhout(1656-1691) uit Hansbeke, kleindochter van Joos Maenhout, behelst de namen van 125 personen die alle geleefd hebben tijdens de XVIIIe eeuw.

    De spreiding van de geboortedata illustreert de leeftijdsverschuivingen tussen en binnen de opeenvolgende generaties. De geboortedata van de kinderen en aangetrouwde kinderen van Jan Martens en Joanna Maenhout varieert tussen 1684 en 1709, deze van hun kleinkinderen tussen 1716 en 1743, van hun achterkleinkinderen tussen 1744 en 1801 en van de volgende (onvolledige) generatie, tussen 1776 en 1837.

    Guilliame Martens, de oudste zoon van Jan en Joanna Maenhout, en ook zijn vrouw Joanna D’Huyvetter, zijn overleden te Hansbeke maar hun beide dochters werden geboren te Canegem. Hun kleinkinderen woonden te Nevele en te Hansbeke.

    Hoofdstamlijnhouder Judocus Martens huwde met de Hansbeekse Petronilla Lamme, waar zij zich ook vestigden. Hun dochter Joanna, begijntje, overleed te Aalst. Hun zoon en hoofdstamlijnhouder Jan bleef te Hansbeke met zijn vrouw Maria De Brauwer. Meerdere afstammelingen van Jan en Maria De Brauwer blijven te Hansbeke. Uitzonderingen zijn Carolina die huwt met Carolus Van Vynckt te Bellem, Joanna die huwt met Jan Baptist Hallaert en waarvan de kinderen te Aalter geboren worden, en Maria die huwt met Joseph Cackaert.

    Francies, zoon uit het tweede huwelijk van Jan met Maria Ledeganck, krijgt kinderen en kleinkinderen uit zijn twee huwelijken die gespreid zijn over meerdere gemeenten, vooral in West-Vlaanderen: Varsenare, Ruddervoorde, Jabbeke, Snellegem en Oudenburg.

    De afstammelingen van Jacobus Martens, zoon van Jan en Joanna Maenhout, zijn dan weer verspreid over Ursel, Aalter, Assenede en Bellem.

    4.8.2 Voorouders verwante families van Stam Martens in XIXe eeuw

    In de hoofdstamlijn is Maria Rosa Sutterman(1771-1850), echtgenote van Carel Martens(1766-1837) op 12 januari 1771 te Hansbeke geboren als dochter van Boudewijn en Joanna De Pauw. Haar grootvader Petrus(°24-05-1687) ,burgemeester, en haar grootmoeder Livina Lamme(°1689) werden te Hansbeke geboren aan het einde van de XVIIe eeuw. Haar voorouders werden reeds besproken bij de XVIIe eeuw.

    Ook de grootouders en ouders van Serafien Van Vynckt(1822-1890) en schoonouders van Maria Martens(1864-1950) overbruggen de XVIIIe eeuw te Bellem. Bovendien komt daarbij reeds een dubbele binding tussen de families Martens en Van Vynckt tot uiting (zie verder XIXe eeuw). Carolina Martens(1781-1817), de eerste echtgenote van Carolus Van Vynckt zv Pieter, was een dochter van Jacobus Joannes Martens en Livina Catharina Maenhout. Maria Catharina Martens(°1747), echtgenote van Pieter Van Vynckt en grootmoeder van Serafien Van Vynckt was een dochter van Carolus Martens en Marie Anna Steyaert.

    Personen in parenteel van Pieter Franciscus Van VYNCKT

    I.1 M Van VYNCKT, Pieter F.

    I.2 V MARTENS, Maria Catharina         1747

    II.1 M Van VYNCKT, Carolus F.    23-10-1776 Bellem      29-05-1863 Bellem

    II.2 V MARTENS, Carolina         30-06-1781 Hansbeke    07-07-1817 Bellem

    De voorouders van Dorothea Van Der Plaetse, eerste echtgenote van Petrus-Francies Martens , hebben hun roots tijdens de XVIIIe eeuw te Nevele.

    Personen in parenteel van Petrus Van Der PLAETSE

    I.1 M Van Der PLAETSE, Petrus

    I.2 V VLERICK, Maria

    II.1 M Van Der PLAETSE, Bernard   27-11-1794 Nevele    31-03-1876 Hansbeke

    II.2 V VYNCKE, Sophie

    III.2 V Van Der PLAETSE, D.C.     06-09-1831 Nevele    13-07-1859 Hansbeke

    III.1 M MARTENS, Petrus-Francies  04-03-1810 Hansbeke  30-01-1900 Hansbeke

    IV.1 M MARTENS, xxx               01-07-1859 Hansbeke  01-07-1859 Hansbeke

    III.3 M Van der PLAETSE, August              Hansbeke

    III.4 V VERSTRAETEN, Adelaïde

    De voorouders van Emma Mestdagh, echtgenote van Emiel Martens, waren in de XIXe eeuw verspreid over Hansbeke, Meigem, Merendree en Landegem

    Personen in parenteel van Judocus MESTDAGH

    I.1 M MESTDAGH, Pieter

    II.2 V BATSLé, Marie

    II.1 M MESTDAGH, Judocus         12-05-1757 Hansbeke  28-03-1819 Hansbeke

    II.2 V De MEYER, Francisca             1767 Drongen   11-02-1835 Hansbeke

    III.1 M MESTDAGH, Bernardus      23-11-1794 Hansbeke  26-01-1875 Meigem

    III.2 V De DECKER, Francisca     07-10-1798 Vinkt     30-01-1863 Meigem

    IV.1 M MESTDAGH, Constant        04-05-1832 Meigem    14-04-1913 Hansbeke

    IV.2 V CATHOIR, Rosalia          12-03-1849 Merendree 28-10-1918 Aalter

    IV.2 V MESTDAGH, Emma            17-03-1878 Landegem  30-05-1964 Hansbeke

    IV.1 M MARTENS, Emiel            22-05-1871 Hansbeke  09-05-1955 Hansbeke

    Personen in parenteel van Joannes CATHOIR

    I.1 M CATHOIR,Joannes                        Bellem

    I.2 V VAN HOLSBEKE, Joanna       27-06-1740 Hansbeke  14-07-1815 Merendree

    II.1 M CATHOIR, Pieter           03-01-1770 Merendree 17-04-1830 Merendree

    II.2 V DE COSTER, Anna           03-09-1776 Merendree 06-07-1811 Merendree

    III.1 M CATHOIR, Carel                 1813 Merendree 06-05-1892 Hansbeke

    III.2 V MARTENS, Joanna Maria    02-02-1814 Merendree na 1892

    IV.1 V CATHOIR, Rosalia          12-03-1849 Merendree 28-10-1918 Aalter

    De voorouders van Maria De Waele, echtgenote van Marcel Martens, waren gevestigd te Nevele en Poesele. De familie Hanssens wordt elders besproken.

    Personen in parenteel van Francies De WAELE

    I.1 M De WAELE, Francies         omstr 1774 Poesele

    I.2 V LEDEGANCK, Monica

    II.1 M De WAELE, Joannes               1801 Poesele

    II.2 V CACKAERT, Maria Theresia  08-09-1810 Nevele

    III.1 M De WAELE, Joannes Baptist04-03-1838 Poesele   04-11-1918 Vynckt

    III.2 V BAFORT, Marie Theresia   23-01-1841 Poesele   28-02-1927 Poesele

    IV.1 M De WAELE, Charel          16-11-1872 Poesele   09-01-1938 Nevele

    IV.2 V HANSSENS, Maria Virginia  19-01-1880 Nevele    14-10-1913 Nevele

    V.2 V De WAELE, Maria Rosalie    22-02-1906 Nevele    21-06-1997 Hansbeke

    V.1 M MARTENS, Marcel Joseph     18-09-1903 Hansbeke  23-05-1989 Hansbeke

    Personen in parenteel van Bernard BAFORT

    I.1 M BAFORT, Bernard            omstr 1759 Nevele

    I.2 V MORTIER, Jeanne Marie      omstr 1788 Poesele

    II.1 M BAFORT, Jean Baptiste     23-03-1813 Poesele

    II.2 V Van Der PLAETSE, Rosalia  21-05-1812 Poesele

    III.2 V BAFORT, Marie Theresia   23-01-1841 Poesele   28-02-1927 Poesele

    III.1 M De WAELE, Joannes Baptist04-03-1838 Poesele   04-11-1918 Vynckt

    4.8.3 Familie De Backer

    De verst bekende voorouder van Josette De Backer(°1937), echtgenote Laurent Martens, is Petrus De Backer die voor 1609 werd geboren te Mariakerke bij Gent. De hoofdstamlijn werd te Wondelgem voortgezet door zijn zoon Geeraerd De backere(zie XVIIe eeuw) en vervolgens door diens zoon Lieven.

    Personen in parenteel van Lieven De BACKERE

    III.9 M De BACKERE, Livinus   31-12-1687 Wondelgem    16-08-1729 Wondelgem

    III.10 V De WEVERE, Marie

    IV.2 M De BACKER, Geeraerd    09-04-1716 Wondelgem

    IV.3 M De BACKER, Pieter            1718 Wondelgem    07-04-1726 Wondelgem

    IV.5 V De BACKER, Elisabeth   29-02-1720 Wondelgem          1779 Wondelgem

    IV.4 M VEREECKEN, Judocus

    IV.6 M De BACKER, Livinus     12-11-1722

    IV.7 M De BACKER, Joannes     28-09-1725 Wondelgem    31-10-1781 Wondelgem

    IV.8 V APERS, Anna Maria ex Lochristi

    V.1 M De BACKER, Jan Baptist  10-06-1763 Wondelgem          1778 Wondelgem

    V.2 M De BACKER, Balduinus    09-10-1766 Wondelgem          1767 Wondelgem

    V.3 M De BACKER, Pieter Franc.10-06-1768 Wondelgem

    V.4 M De BACKER, Livinus Jos. 28-10-1771 Wondelgem

    V.5 V TEIRLINCK, Ludovica Oostakker

    V.6 M De BACKER, Jacobus      01-10-1775 Wondelgem     01-09-1824 Oostakker

    V.7 V De BACKER, Joanna Ther. 23-06-1778 Wondelgem     22-11-1778 Wondelgem

    IV.9 V De BACKER, Petronilla  17-04-1729 Wondelgem

    Livinus(Lieven) De backere(°31-12-1687 +1729)

    In de derde generatie van deze stamlijn worden 6 kinderen geboren uit het huwelijk van Lieven De backere (of soms De Backer) met Marie de Wevere. Zij zijn op 23 september 1714 getrouwd te Wondelgem met als getuigen Gerardus de backere(misschien de broer van zijn grootvader) en Petronilla de Wevere. Lieven is dan 27 jaar.

    Livinus overlijdt op 16 augustus 1729, slechts 43 jaar oud. Hij wordt begraven in de kerk te Wondelgem, wat er op wijst dit hij een zeker maatschappelijk aanzien had verworven. Van Marie De Wevere wordt geen begrafenis vermeld in de parochieregisters van Wondelgem. Wellicht is zij elders gaan wonen. Vermits zij bij het overlijden van Lieven achterbleef met 5 kinderen tussen 5 maand en 13 jaar is het mogelijk dat zij hertrouwde.

    Gezinsfiche

    Livinus De backere        X        Marie de Wevere

    ° Wondelgem 31-12-1687                ° Wondelgem 23-09-1714

    + Wondelgem 16-08-1729

    Kinderen

    1. Geeraerd De Backer

    ° Wondelgem 09-04-1716

    2. Pieter De Backer

    ° Wondelgem 1718

    + Wondelgem 07-04-1726

    2. Elisabeth De Backer   x   (Judocus Vereecken)

    ° Wondelgem 29-02-1720

    + Wondelgem 1779

    3. Livinus De Backer

    ° Wondelgem 12-11-1722

    4. Joannes De Backer    x     Anna Maria Apers

    ° Wondelgem 28-09-1725         °Oostakker 18-10-1757

    + Wondelgem 31-10-1781

    5. Petronilla De Backer

    ° Wondelgem 17-04-1729

    Peters en meters

    Geeraerd: Gerardus de backer en Petronilla de Wevere

    Pieter : Petrus de Wevere en Anna De Backer

    Elisabeth:gedoopt sub conditione na nooddoopsel door Livina Stockman

    Livinus De Clercq en Isabelle Mestdagh

    Livinus: Livinus Grootaert en Georgia de Wevere

    Joannes: Joannes debacker en Petronella De Pau

    Joannes(Jan Baptist) De Backer(°28-09-1725 +31-10-1781)

    Joannes, in de vierde generatie, is getrouwd te Oostakker toen hij 32 jaar oud was. De bruid Anna Maria Apers (soms Hapers) is nochtans niet terug te vinden in de geboorteregisters van Oostakker. In de doopakte van één van haar kinderen staat wel te lezen dat zij ex Lochristi is, maar daar kan geen doopakte van haar gevonden worden.

    Dit echtpaar kreeg 6 kinderen die geboren werden te Wondelgem. Joannes De Backer was 56 jaar toen hij stierf. Zoals zijn vader werd ook hij in de kerk begraven de dag na zijn overlijden. Zijn oudste zoon Jan Baptist was toen reeds gestorven, slechts 15 jaar oud en de jongste dochter Joanna had slechts 5 maanden geleefd. De weduwe Anna Apers bleef achter met 4 kinderen tussen 6 en 13 jaar.

    Gezinsfiche

    Joannes De Backer    X     Anna Maria Apers

    ° Wondelgem 28-09-1725        °Oostakker 18-10-1757

    Kinderen

    1. Jan Baptist De backer

    ° Wondelgem 10-06-1763

    + Wondelgem 1778

    2. Balduinus De backer

    ° Wondelgem 9-10-1766

    3. Pieter Francies De backer    x     Livina Maria De Groote

    ° Wondelgem 10-06-1768

    4. Livinus Joseph De Backer     x     Ludovica Teirlinck

    ° Wondelgem 28-10-1771                 °Oostakker 4-5-1797

    5. Jacobus De backer

    ° Wondelgem 01-10-1775

    + Oostakker 01-09-1824

    6. Joanna Theresia De backer

    ° Wondelgem 23-06-1778

    + Wondelgem 22-11-1778

    Peters en meters

    Jan Baptist : gedoopt sub conditione

    Gerardus De Backer en Joanna Hapers

    Balduinus : Balduinus Hapers en Elisabeth De Backer

    Pieter Francies: gedoopt sub conditione

    Gerardus De Backer en Joanna Hapers

    Livinus Joseph : gedoopt sub conditione

    Livinus De Backer en Joanna Hapers

    Jacobus : Jacobus Hapers en Isabella De Bruyne

    Joanna Theresia: Judocus Vereecken en Adriana Stevens

    Van Jacobus is bekend dat hij als ongehuwd landsman in de Rijckestraat te Oostakker woonde toen hij overleed. Zijn broer Pieter Francies was hierbij getuige. Pieter Francies De Backer is de vader van Judocus, de grootvader van Desiré, de overgrootvader van Karel en de betovergrootvader van Josette De Backer, echtgenote van Laurent Martens.

    30-07-2007 om 11:28 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.4.7. Andrer afstammelingen van Joannes Martens

    4.7 Andere afstammelingen van Joannes Martens(1719-1801)

    Na Jan Martens wordt de hoofdstamlijn verder gezet door de jongste zoon Carel of Carolus Martens, die pas bij het begin van de XIXe eeuw in het huwelijk treedt en derhalve pas in het volgend hoofdstuk besproken wordt. Voor de oudere kinderen van Jan verloopt hun hoofdaktiviteit reeds overwegend tijdens de XVIIIe eeuw.

    Joanna Catharina(1745), oudste dochter van Joannes en Maria Francisca De Brauwer, leefde slechts 3 weken. Hun zevende kind Petrus(1756) stierf na een half jaar en hun achtste Carolus(1757) overleed anderhalf jaar na zijn geboorte en nummer negen, Carolina(1761-1837) bleef ongehuwd. Hun jongste dochter Rosalina Martens was 44 jaar oud toen zij op 18 mei 1808 te Hansbeke trouwde met de 44-jarige Jacobus Franciscus Van Hove, zoon van Jacobus en Suzanne De Neve. Zij kregen geen kinderen en Rosalina overleefde haar echtgenoot die reeds op 12 februari 1813 te Hansbeke overleed, slechts 48 jaar oud.

    Behalve langs de hoofdstamlijn van de jongste zoon Carel, zijn de kleinkinderen van Jan Martens geboren uit de huwelijken van Regina, Jacobus, Norbertina, Joanna en Maria. Vermits Jacobus geen kleinkinderen had met de naam Martens, is de hoofdstamlijn van Jan Martens enkel overgegaan naar de afstammelingen van zijn zoon Carel.

    4.7.1 Regina Petronella Martens(1746-1830 ) dv Joannes

    Op 20 juni 1775 huwde de 29-jarige Regina Martens te Hansbeke met de 20-jarige Jan(Joannes Franciscus) Vander Vennet, zoon van Carel en Joanna Van Kerrebrouck. Zij woonden op een hofstede in de Hammestraat te Hansbeke, waar zes kinderen geboren werden, waarvan slechts één jongen, Carolus, en één meisje, Maria Rosa, de volwassen leeftijd bereikten.

    Regina en Jan waren bloedverwanten van de vierde graad zijlinie. Zij hadden gemeenschappelijke betovergrootouders.

    Personen in genealogie van Carolus Vander VENNET

    I.1 M Vander VENNET, Carolus

    I.2 V Van KERREBROECK, Joanna M.

    II.1 M Vander VENNET, Joannes F. 06-09-1754 Hansbeke   24-10-1829 Hansbeke

    II.2 V MARTENS, Regina Petronelle07-06-1746 Hansbeke   13-12-1830 Hansbeke

    III.1 V Vander VENNET, Joanna C. 04-11-1776 Hansbeke   22-11-1776 Hansbeke

    III.2 V Vander VENNET, Maria Rosa28-11-1777 Hansbeke   24-11-1859 Hansbeke

    III.3 M Vander VENNET, Petrus          1780 Hansbeke   24-05-1788 Hansbeke

    III.4 M Vander VENNET, Carolus F.21-01-1784 Hansbeke   23-08-1831 Hansbeke

    III.5 M Vander VENNET, Jan Bapt. 30-06-1786 Hansbeke   09-06-1788 Hansbeke

    III.6 V Vander VENNET, Anna C.   17-12-1788 Hansbeke   16-10-1794 Hansbeke

    Toen Regina op 13 december 1830 te Hansbeke op de wijk Hamme overleed,in het jaar van de Belgische onafhankelijkheid en één jaar na haar man, was zij 84 jaar oud.

    Haar zoon Carolus bleef ongehuwd en zou het jaar nadien sterven. Enkel haar dochter Maria Rosa Vander Vennet, die eveneens ongehuwd bleef, overleefde haar moeder tot 1859 toen zij stierf op de wijk Hamme waar zij geboren was. Daarmee was deze familietak uitgestorven.

    4.7.2 Jacobus Joannes Martens(1748-1794) zv Joannes

    Gezin en parenteel

    Jacobus huwde op 28-jarige leeftijd op 24 september 1776 te Hansbeke met de 25-jarige Livina Catharina Maenhout. Livina en haar zus Marie-Christina waren dochters van Joannes Maenhout en Maria Francisca Haerens en ook haar grootouders Jan en Livijne Sutterman zijn bekend en kregen nog een andere binding met de stam Martens.

    Personen in parenteel van Jacobus Joannes MARTENS

    I.1 M MARTENS, Jacobus Joannes   05-09-1748 Hansbeke  20-04-1794 Hansbeke

    I.2 V MAENHOUT, Livina Catharina 29-12-1756 Hansbeke  01-01-1834 Hansbeke

    II.1 M MARTENS, Carolus F.       27-06-1777 Hansbeke  10-03-1791 Hansbeke

    II.2 M MARTENS, Petrus Franciscus15-12-1778 Hansbeke  17-03-1852 Merendree

    II.4 V MARTENS, Carolina         30-06-1781 Hansbeke  07-07-1817 Bellem

    II.3 M Van VYNCKT, Carolus F.    23-10-1776 Bellem    29-05-1863 Bellem

    III.1 V Van VYNCKT, Regina       11-12-1806 Bellem

    III.2 V Van VYNCKT, Maria Theres.27-01-1808 Bellem    16-10-1884 Hansbeke

    III.3 V Van VYNCKT, Amelia       24-04-1809 Bellem    13-07-1816 Bellem

    III.4 V Van VYNCKT, Rosalia      23-02-1811 Bellem    24-10-1875 Hansbeke

    III.5 M Van VYNCKT, C.L.         08-06-1813 Bellem    06-04-1894 Hansbeke

    III.6 M Van VYNCKT, Petrus       12-09-1814 Bellem    05-12-1814 Bellem

    III.7 M Van VYNCKT, xxx          21-11-1815 Bellem    21-11-1815 Bellem

    III.8 V Van VYNCKT, Eugenie      04-07-1817 Bellem    22-07-1817 Bellem

    II.5 V MARTENS, Joanne Maria     06-01-1783 Hansbeke  11-01-1783 Hansbeke

    II.6 MARTENS, xxx                09-12-1783 Hansbeke  09-12-1783 Hansbeke

    II.7 M MARTENS, Joannes          09-12-1784 Hansbeke  01-12-1785 Hansbeke

    II.9 V MARTENS, Maria Anna       23-10-1786 Hansbeke  21-03-1860 Merendree

    II.8 M LAMBRECHT, Judocus        04-03-1779 Hansbeke  17-09-1843 Hansbeke

    III.9 V LAMBRECHT, Rosalia       08-04-1820 Hansbeke  24-04-1820 Hansbeke

    III.11 V LAMBRECHT, Francisca    10-03-1822 Hansbeke  18-12-1869 Hansbeke

    III.10 M De SCHUYTER, Pieter Jos.12-05-1811 Hansbeke  01-04-1885 Hansbeke

    IV.1 M De SCHUYTER, Henri         11-04-1855 Hansbeke 16-01-1909 Hansbeke

    IV.2 V De SCHUYTER, Leontine            1861          21-04-1931 Hansbeke

    III.13 V LAMBRECHT, Monica        03-10-1824 Hansbeke 05-04-1903 Merendree

    III.12 M De SEILLE, Charles-Jean  09-11-1829 Aalter   06-10-1895 Merendree

    III.14 M LAMBRECHT, Josephus      10-02-1826 Hansbeke 19-04-1839 Hansbeke

    II.10 M MARTENS, Judocus F.       30-11-1788 Hansbeke 24-01-1846 Merendree

    II.11 M MARTENS, Regina           08-08-1790 Hansbeke 11-05-1873 Merendree

    II.12 V MARTENS, Monica           27-10-1792 Hansbeke 30-05-1862 Merendree

    Personen in parenteel van Jan MAENHOUT

    I.1 M MAENHOUT, Jan               31-01-1664 Hansbeke

    I.2 V SUTTERMAN, Livijne          07-09-1669 Hansbeke

    II.1 M MAENHOUT, Joannes          06-06-1705 Hansbeke 01-02-1785 Hansbeke

    II.2 V HAERENS, Maria Francisca         1719 Merendree01-07-1761 Hansbeke

    III.2 V MAENHOUT, Livina Catharina13-09-1751 Hansbeke 01-01-1834 Hansbeke

    III.1 M MARTENS, Jacobus Joannes  05-09-1748 Hansbeke 20-04-1794 Hansbeke

    III.3 V MAENHOUT, Marie-Christina

    Door het huwelijk van Maria Anna Martens met Judocus Lambrecht, en meer bepaald langs hun dochter Francisca Lambrecht, kwam later een band tot stand met de familie De Schuyter. Pieter Josef De Schuyter, echtgenoot van Francisca Lambrecht, en vooral hun zoon Henri, speelden bij het einde van de XIXe en het begin van de XXe eeuw een rol in de Hansbeekse gemeentepolitiek. Deze familie bouwde Zandekapel(zie verder). Een andere dochter Carolina Martens bracht door haar huwelijk met Carolus Van Vynckt een eerste band tussen de families Martens en Van Vynckt tot stand. In de XIXe eeuw zal Maria Martens, dochter van Petrus, door haar huwelijk met Serafien Van Vynckt een tweede band tot stand brengen.

    Monica Martens, de jongste dochter van Jacobus en Livina Maenhout werd geboren te Hansbeke op 27 october 1792, vier weken na het begin van de republikeinse tijdrekening. Zij werd derhalve geboren in de maand Vendémiaire van an 1. Op 31 december 1805 kwam een einde aan de 12 jaar dat de republikeinse kalender de officiële Franse kalender was. In ‘Mensen van Vlees en Bloed’ komt een waar gebeurt verhaal voor dat betrekking heeft op Livina Maenhout en haar jongere zus Marie-Christina.

    Een Salomonsoordeel(1774)

    Op 1 juli 1761 overleed de 42-jarige Maria-Francisca Aerens, echtgenote van Joannes Maenhout, landbouwer. Hij bleef achter met vijf minderjarige dochters, waarvan de oudste 17 jaar en de jongste 5 jaar oud was. Pieter Lamme, zwager gehuwd met Joanna-Maria Aerens en wonend te Nevele, werd als maternele deelvooght aangesteld.

    In 1774 hield de toen 69-jarige Joannes Maenhout, met behulp van zijn twee jongste dochters Maria-Christina en Livina, het landbouwbedrijf nog steeds op gang. De deelvoogd, Pieter Lamme, was echter van mening dat de meisjes alsnoch seer weynigh ter schoole gegaen hadden ende mitsdien weynigh ervaeren waren inde lecture, schrijven, nayen eta gelijck sij behooren te leeren ende onderwesen te sijn. Blijkbaar nam hij zijn plicht als voogd zeer ter harte want hij drong vriendelijk bij de oude boer aan om de weesmeisjes (Livina was inmiddels 23 jaar oud) te laeten uytwoonen ter scholen in cloosters ofte sevire plaetsen, maar de vader wimpelde de herhaalde verzoeken af.

    Pieter Lamme wende zich vervolgens tot de wethouders van Hansbeke, van ambtswege oppervoogden van de wezen. Hij verscheen op 13 april 1774 in gebannen wettelijcke vierschaere ter maenynge van Sieur Frans Braet bailliu, waarbij ook Pieter Van Kerrebrouck burgemeester, Pieter De Schuyter schepen en de halstarrige landbouwer Joannes Maenhout aanwezig waren. De deelvoogd vertelde aan de schepenbank over zijn herhaaldelijk en tevergeefs verzoek. Hij verklaarde bovendien dat de weeskinderen door de hen langs moederszijde achtergelaten eigendommen als seer wel voorsien van middelen mochten beschouwd worden en dat hun vader jaerlycx van sweesen goederen proffitende volgens recht ende costume ghehouden was de meisjes te leeren verstant ende wijsdom naer hun staet, als ander saecken, van welspreekentheyt alwaer tselfs de fransche taele. Hij vroeg dat de wethouders in het familiegeschil zouden willen tussenbeide komen en de in gebreke blijvende vader zouden gebieden zijn kinderen op school te plaatsen.

    Ondervraagd door de vierschaar antwoordde de oude Maenhout, die zich als een conservatieve landsman gedroeg, dat hij zijn wezen in de prochie noch van over eenigh tijt heeft ter schole laeten gaen om te leeren in de schole lesen schrijven ende naeyen en oock dat sij redelijck connen lesen schrijven ende naeyen gelijck lantslieden maer en behouven te connen. Hij voegde er aan toe dat hij zijn dochters bij hem thuis wenste te houden om in sijne viduiteyt bij hem te blijven leeren, obserevieren de menargie inde lantsbauwerije zoals hij bij sijn ouders heeft gedaen sonder oyent thebben uytgewoont. Tevens beklemtoonde hij dat de meisjes op de hoeve niet gemist konden worden wegens zijn gebrechigheyt ende aude van bij de 70 jaeren, daer sonder hij de lantbauwerije soude moeten abandoneren ende thuyshouden staecken.

    De wethouders hielden hun beslissing in beraad. Na het advies te hebben ingewonnen van rechtsgeleerden, postulerende inde Raede van Vlaenderen, vroegen zij aan de landbouwer, in gebannen vierschaere den 18 meye 1774, hen den staet ende bewijs van goederen (ten sterfhuyse van sijne huysvrouwe gemaecht ende gedaen) voor te leggen teneinde zich te kunnen informeren over de sociale toestand van de betrokkenen.

    Na inzage van de bedoelde familiepapieren en andermaal met advijs van rechtsgeleerden werd de oppositie van de vader op de wetsvergadering van 12 oktober 1774 door de wethouders afgewezen. Ze velden als wijze raadslieden een Salomonsoordeel en gelastten Joannes Maenhout de weesen par toure, d’een vooren d’ander naer, te stellen in een clooster alwaer men pensionairen is haudende, tot het becommen hunner nodige educatie, dit respectievelijck voor den tijdt van een jaer en alf. De hiermee gepaard gaande kosten ten bedrage van ongeveer vierentwintigh ponden grooten bij jaere dienden vereffend te worden met de revenuen van de moederlijke goederen van de wezen.

    De in dit Salomonsoordeel(1774) betrokken baljuw Frans Braet,zoon van Jan en Joanna Vande Walle alsook zijn broer Gillis Braet en verder Theresa Braet, dochter van Gillis en ook nog Pieter Braet, schoonvader van Gillis en Joseph Braet, zoon van Pieter, spelen een rol in meerdere merkwaardige gebeurtenissen die geschetst worden in ‘Mensen van Vlees en Bloed’. Daarom geeft een schets van deze familie,

    gevolgd door 4 ware verhalen, een sprekend beeld van het Hansbeekse dorpsleven in de XVIIIe eeuw( bijlage 4.4 familie Braet). Naast een getuigenis omtrent de verdrinking van een meisje, zijn er betwistingen voor de vierschaar aangaande het recht tot begrazing van een landweg, het sluiten van een verboden jeneverkroeg en een herbergruzie.

    Twee jaar na het Salomonsoordeel(1774) van de vierschaar voorgezeten door baljuw Frans Braet huwde de betrokken dochter Livina Maenhout met Jacobus Martens, zoon van Joannes. Samen kregen zij 10 kinderen, waarvan er 4 vroegtijdig overleden. In 1783 kregen zij zelfs twee kinderen die beide datzelfde jaar overleden: Joanne Maria werd op 6 januari geboren en overleed 5 dagen later terwijl op 9 december een naamloos kind dood geboren werd. Nog een jaar later, op 9 december 1784, werd Joannes geboren, maar hij overleed toen hij net geen jaar oud was. De oudste zoon Carolus-Franciscus stierf op 10 maart 1791, op 13-jarige leeftijd. Omstreeks diezelfde tijd, in een verkoopakte In de herberg Reibroek aan Pieter Langeraert, geregistreerd op 24 mei 1791, komt de naam Jacob Martens voor in de plaatsbeschrijving van deze herberg: “… scheedende langs den noortoostkant met eenen gemeenen wal ofte gracht vanop den noortwesthoek tot ontrent het huys ande aldus vervolgende tusschen de hofstede competerende aen Jacobus Martens causa uxora met eene regte linie tot jegens de straete, suyt de straete lopende van Hansbeke naer Lootenhulle…”.

    Jacobus en Livina bleven te Hansbeke wonen, waar Jacobus reeds stierf op 20 april 1794, amper 45 jaar oud. Zijn weduwe Livina was toen slechts 43 jaar en bleef achter met 6 ongehuwde kinderen tussen 16 en 2 jaar oud. Toch was ze zeer welstellend. Uit de jaarlijkse lijst van de gemeentebelastingen die tijdens het Hollands Bewind door het gemeentebestuur moest worden aangelegd blijkt dat de weduwe van Jacob Martens in 1819 met een geraamd jaarinkomen van 350 gulden het hoogste inkomen had van alle ingezetenen van Hansbeke. Haar schoonbroers Jan Van Der Vennet-Martens en Carel Martens stonden op de derde en vierde plaats. In 1830 kwam zij op de tweede plaats, na de kasteelbewoner Eugeene of Egidius Dujardin en voor haar schoonzus Regina Martens, weduwe van Frans Van Der Vennet. Marie-Jeanne Dujardin, dochter van Eugeene, trad in 1827 in het huwelijk met Charles-Joseph De Seille en hun zoon Charles-Jean huwde met Monica Lambrecht, dochter van Marie Anna Martens.

    Vier kinderen bleven ongehuwd, ook nadat hun moeder te Hansbeke gestorven was op 1 januari 1834, 82 jaar oud:

    - Petrus Franciscus was 73 jaar oud wanneer hij op 17 maart 1852 te Merendree stierf als rentenier. Hij bleef ongehuwd;

    - Judocus Franciscus stierf op 24 januari 1846 te Merendree, op 57-jarige leeftijd. Hij was zaakwaarnemer. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 25 october 1932 was de 44-jarige Judocus Franciscus of Joos-Francies Martens kandidaat voor het ambt van burgemeester te Hansbeke. Hij behaalde 35 stemmen en werd daardoor nipt verslagen door Charles-Joseph De Seille.

    - Regina, grondeigenaarster, overleed eveneens te Merendree op 11 mei 1873, 82 jaar oud;

    - Monica, de jongste dochter, was 69 jaar toen zij op 30 mei 1862 overleed te Merendree als rentenierster.

    Blijkbaar zijn deze vier vrijgezellen samen gaan wonen bij hun broer Judocus die zaakwaarnemer was en zich voor of omstreeks 1834 in de Kerkwijk te Merendree vestigde. Het is bekend dat de jongste dochter Monica, samen met haar zus Maria Anna die weduwe geworden was na het overlijden van haar man Judocus Lambrecht, op 10 juli 1847 van Hansbeke naar Merendree verhuisde, na het overlijden van hun broer Judocus.Twee dochters van Jacobus en Livina stichtten een gezin en kregen nakomelingen.

    Jacobus-Joannes Martens, en vooral zijn weduwe Livina Catharina Maenhout, waren zeer welstellend. De erfenis zal overgaan op de kinderen van Van Vynckt-Martens te Bellem en op de 2 overlevende dochters van het gezin Lambrecht-Martens te Hansbeke. Alles bleef binnen de familie. Er was niet enkel de hoger beschreven bloedverwantschap tussen Jan Martens en Maria Francisca De Brauwer, ouders van Jacob, maar bovendien waren Jacob Martens en zijn echtgenote Livina Maenhaut bloedverwanten van de derde en vierde ongelijke zijlinie.

    Gheert Maenhaut (°Hansbeke 25-07-1631) x Maria De Pestel (° Nevele ca 1633)

    ¯

    ¬¬¬¬¬¬¬¬¬¬¬¬¬®®®®®®®®®®®®®

    ¯ ¯

    Jan Martens x Joanna Maenhaut Jan Maenhaut x Livina Sutterman

    (°03-12-1656) ¯ (°24-11-1657) (°31-01-1664) ¯ (°07-09-1669)

    Judocus Martens x Pieternella Lamme Jan Maenhaut x M. F. Haerens

    (°09-11-1686) ¯ (° ca 1694) (°06-06-1705)¯ (°ca 1719)

    Jan Martens x M.F. De Brauwer ¯

    (°25-03-1719)¯ (°22-04-1724) ¯

    Jacob Martens (°Hansbeke 04-09-1748) x Livina Maenhaut (°Hansbeke 29-12-1756)

    Carolina Martens dv Jacobus

    Carolina Martens was 25 toen zij op 13 augustus 1806 te Hansbeke huwde met de 29-jarige Carolus Franciscus Van Vynckt uit Bellem. Carolus was de zoon van Pieter Franciscus Van Vynckt (wellicht de Pieter die omstreeks 1751 en 1764 burgemeester was te Ursel voor ’t Gentsche Vrije) en Maria Catharina Martens. Carolina ‘s schoonmoeder, Maria Catharina Martens, was een afstammelinge van de aanverwante Bellemse stam Martens. De gehuwden vestigden zich te Bellem op de wijk Pauwelshoek waar Carolina overleed op 7 juli 1817, slechts 36 jaar oud, in het kraambed van haar achtste kind Eugenie. Vier kinderen werden volwassen: Regina die begijn werd te Brugge, Maria Theresia die op 76-jarige leeftijd overleed te Bellem,Rosalia werd 64 jaar oud en de enige zoon Carolus-Ludovicus Van Vynckt was 80 jaar oud toen hij op 6 april 1894 overleed te Hansbeke.

    Na het overlijden van Carolina Martens zal Carolus Van Vynckt hertrouwen met Eugenie Lippens uit Ursel, dochter van Pieter Jacobus en Joanna Maria De Wispelaere. Uit dit tweede huwelijk werden nog 4 kinderen geboren te Bellem: een naamloos doodgeboren kind(16-07-1821), Serafien(14-09-1822), Edward(24-04-1824) en Maria Paulina(04-08-1827).

    Serafien Van Vynckt, zoon uit dit tweede huwelijk en halfbroer van de kinderen van Carolina Martens, zal later huwen met Maria Martens, kleindochter van Carel Martens( zie XIXe en XXe eeuw). Serafien en zijn zoon Charles Van Vynckt zullen in de XIXe en de XXe eeuw een rol spelen in de gemeentepolitiek van Hansbeke.

    Maria Anna Martens dv Jacobus

    Maria Anna Martens was reeds 33 jaar toen zij op 20 december 1819 te Hansbeke huwde met de 40-jarige Judocus Lambrecht, landbouwer-eigenaar, zoon van Carolus en Marie Anne Maenhout en kleinzoon van Gillis Lambrecht en Petronella Bogaert. De Lambrechts behoorden tot een welstellende en voorname landbouwers-familie. Opeenvolgende generaties runden een middelgroot landbouwbedrijf op de wijk Ro (nu Rostraat 29) te Hansbeke. Zo was Gillis Lambrecht achtereenvolgens kerkmeester en burgemeester. Twee zonen van hem, Emmanuel en Jan-Frans, werden priester en twee dochters, Catharina en Regina, traden in het Groot-Begijnhof Sint-Elisabeth te Gent. Volgens het register van de gemeentebelastingen van Hansbeke kwam Maria Anna Maenhout, weduwe van Bernard Lambrecht en schoonmoeder van Maria Anna Martens, in 1819 op de vijfde plaats inzake belastbaar inkomen, na de weduwe van Jacob Martens, en ook na kasteelheer Jan Baptist Van de Woestijne, Jan Frans Van Der Vennet en Carel Martens. Ook in 1830 komt zij voor op plaats 5. Maria Maenhout en haar man Bernard Lambrecht waren verwanten van de derde en vierde graad ongelijke zijlinie.

    Van de 4 kinderen van Judocus Lambrecht en Maria Anna Martens werden enkel Francisca en Monica volwassen. Toen hun vader stierf op 17 september 1843 was Francisca 21 en Monica 19 jaar. Door het huwelijk van Francisca met Pieter Josef De Schuyter, zoon van Carolus en Pieternella Rosa Wille, en ook door hun zoon Henri De Schuyter komt een binding tot stand van de stam Martens met twee generaties De Schuyter die een rol speelden in de lokale politiek. Nog meldenswaardig: dezelfde Pieter De Schuyter was weduwnaar van Eugenie Martens(1808-1845), zus van Petrus-Francies en Eugenie Coddens( zie XIXe en XXe eeuw).

    Personen in parenteel van Gillis LAMBRECHT

    I.1 M LAMBRECHT, Gillis                 1692          11-02-1783 Hansbeke

    I.2 V BOGAERT, Petronella         08-01-1701 Hansbeke 25-05-1760

    II.1 M LAMBRECHT, Bernard Carolus 29-12-1736 Hansbeke

    II.2 V MAENHOUT, Marie Anne       21-11-1746 Hansbeke 31-05-1827 Hansbeke

    III.1 M LAMBRECHT, Judocus        04-03-1779 Hansbeke 17-09-1843 Hansbeke

    III.2 V MARTENS, Maria Anna       23-10-1786 Hansbeke 21-03-1860 Merendree

    IV.1 V LAMBRECHT, Rosalia         08-04-1820 Hansbeke 24-04-1820 Hansbeke

    IV.3 V LAMBRECHT, Francisca       10-03-1822 Hansbeke 18-12-1869 Hansbeke

    IV.2 M De SCHUYTER, Pieter Josef  12-05-1811 Hansbeke 01-04-1885 Hansbeke

    V.1 M De SCHUYTER, Henri          11-04-1855 Hansbeke 16-01-1909 Hansbeke

    V.2 V De SCHUYTER, Leontine       xx-xx-1861          21-04-1931 Hansbeke

    IV.5 V LAMBRECHT, Monica          03-10-1824 Hansbeke 05-04-1903 Merendree

    IV.4 M DESEILLE, Charles-Jean     09-11-1829 Aalter   06-10-1895 Merendree

    V.3 M DESEILLE, Charles-Jean      18-09-1866 Merendree10-10-1866 Merendree

    IV.6 M LAMBRECHT, Josephus        10-02-1826 Hansbeke 19-04-1839 Hansbeke

    Na het overlijden van haar vader op 17 september 1843 verhuisde de nog ongehuwde Monica Lambrecht op 10 juli 1847 met haar moeder naar Merendree en ze werden er ingeschreven als particulier. Ze bewoonden een dubbelhuis in de Kerkwijk, gelegen tegenover het kerkhof en het klooster (nu Merendreedorp 31).Een dienstmeid woonde bij hen in. Monica was 35 jaar en nog steeds ongehuwd toen haar moeder te Merendree op 23 maart 1860 stierf. Ze bleef in het ouderlijk huis wonen. Ze bezat te Hansbeke verscheidene eigendommen met een gezamenlijke oppervlakte van 1,5 ha : een huis met tuin en een nabijgelegen partij zaailand op Rokouter, een partij zaailand ten noorden van de Molenstraat, twee huizen met tuin, boomgaard en een partij land ten oosten van de Boerenstraat nabij de viersprong op Reibroek, en nog twee partijen land nabij de viersprong op Dale. Op 23 november 1864, ze was toen 40 jaar, huwde ze te Merendree met de 35-jarige Charles-Jean Deseille (of De Seille). Haar man was zaakwaarnemer, ontvanger-administrateur en sinds 1861 gemeenteraadslid te Hansbeke.

    Charles-Jean Deseille was geboren in een voorname familie. Zijn vader Charles-Joseph Deseille was slechts 26 wanneer hij in de Hollandse tijd bij K.B. van 5 juli 1818 tot burgemeester van Hansbeke werd benoemd. Hij verhuisde in 1825 naar Aalter waar hij het burgemeestersambt bekleedde tot 1830 en waar zijn oudste zoon Charles-Jean geboren werd. Hij huwde in 1827 met Marie-Jeanne Dujardin, enige dochter van Egidius en Maria-Josepha De Vos die in de Voordestraat te Hansbeke een kasteel bewoonden ( nu Voordestraat 7). Charles-Joseph Deseille vestigde zich omstreeks 1838 opnieuw te Hansbeke in het kasteel van zijn schoonouders. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 25 october 1832 was hij er met een nipte meerderheid van 37 stemmen (precies de helft van de stemmen plus één) tot burgemeester gekozen, tegenover 35 stemmen voor Joos-Francies Martens. Op 16 januari legde hij in handen van de competente overheyd den vereischten eed af. Na een tijdelijke schorsing door de gouverneur met ingang van 16 november 1833, wegens halstarrigheid na procedurefouten bij de benoeming van een gemeentesecretaris, gaf hij zijn ontslag. Pieter-Jan Schaubroeck volgde hem op als plaatsvervangend burgemeester. Charles-Joseph Deseille overleed in 1858, zijn vrouw in 1891. Hun grafsteen en die van het echtpaar Dujardin-De Vos, bevindt zich onder het derde kerkvenster in de zuidgevel van de Sint-Petrus- en Pauluskerk te Hansbeke. Hun zoon Timor werd notaris.

    Personen in parenteel van Egidius DUJARDIN en Charles-Joseph DESEILLE

    I.1 M DUJARDIN, Egidius

    I.2 V De VOS, Maria-Josepha

    II.2 V DUJARDIN, Marie-Jeanne                               1891 Hansbeke

    II.1 M DESEILLE, Charles-Joseph 09-09-1791 Sleidinge  17-08-1858 Hansbeke

    III.1 M DESEILLE, Charles-Jean  09-11-1829 Aalter     06-10-1895 Merendree

    III.2 V LAMBRECHT, Monica       03-10-1824 Hansbeke   05-04-1903 Merendree

    IV.1 M DESEILLE, Charles-Jean   18-09-1866 Merendree  10-10-1866 Merendree

    III.3 M DESEILLE, Timor         24-04-1844 Hansbeke   11-11-1910 Gent

    III.4 V De GRAET, Josepha

    Grondeigenaar Charles-Jean Deseille zetelde van 1861 tot 1865 in de gemeenteraad. Hij was blijkbaar populair bij de stemgerechtigden vermits hij bij de verkiezingen van 30 october 1860 100 van de 104 uitgebrachte stemmen kreeg. In mei 1865 verhuisde hij naar Merendree zodat hij krachtens artikel 57 van de gemeentewet ophielt raadslid te zijn. In Merendree bewoonde het echtpaar Charles-Jean De Seille-Monica Lambrecht het ouderlijk renteniershuis in de Kerkwijk. Ze hadden een dienstmeid en een dienstknecht-koetsier. Monica baarde er op 18 september 1866 een zoontje Charles-Jean dat na 28 dagen, op 10 october, overleed. Charles-Jean, echtgenoot van Monica, overleed te Merendree op 6 october 1895.

    Albert Martens verwijst er naar dat volgens een mondelinge overlevering de weduwe Monica Lambrecht aan een erge oogkwaal leed en wellicht daarom naar Zandekapelletje te Hansbeke, gebouwd door Pieter Sutterman, op bedevaart kwam. Daar werd de H. Coleta aangeroepen tegen oogziekten. Zo zou zij de belofte gedaan hebben om daar een nieuwe Mariakapel te laten bouwen in plaats van het bouwvallig bedehuisje. Zo kwam in 1901 de huidige Zandekapel tot stand. Het oude kapelletje, gebouwd door Pieter Sutterman op grond van het toenmalige Goed ter Elst, stond op grond die eigendom was van de weeskinderen van Charles Bruggheman en Marie-Clemence De Schuyter. Hun voogd Henri De Schuyter, halfbroer van Marie-Clemence, was zeker een goede kennis van Monica vermits zijn moeder Francisca Lambrecht een oudere zus was van Monica. Twee jaar na het bouwen van de kapel stierf Monica te Merendree.

    Doodsprentje van Monica Lambrecht

    4.7.3 Norbertina Martens(1751-1821 ) dv Joannes

    Op 19 april 1785 huwde de 34-jarige Norbertina Martens te Hansbeke met de 36-jarige Judocus Franciscus Maenhout, landsman en zoon van Petrus en Serafie De Decker. De gehuwden waren bloedverwanten in de derde en de vierde graad vermengd.Zij woonden op de wijk Reybroeck, Carmenhoek te Hansbeke.

    Uit dit huwelijk werden tussen 1786 en 1793 vijf kinderen geboren te Hansbeke. De jongste dochter Maria Theresia werd begijntje. De oudste zoon Petrus Joannes bleef ongehuwd en stierf als rentenier op 59-jarige leeftijd. Anna Catharina was slechts 281 dagen oud toen zij stierf.

    Hun oudste dochter Maria Anna Maenhout was 44 jaar oud toen zij op 11 juni 1831 te Hansbeke huwde met de 43-jarige landbouwer Gerardus Francies Maenhout, zoon van Georgius en Rosa Jacoba Steyaert. Zij kregen geen kinderen. Gerard Francies Maenhout was na de Belgische onafhankelijkheid van 1837 tot 1848 gemeenteraadslid te Hansbeke( zie XIXe eeuw).

    Toen Norbertina Martens overleed op 9 februari 1821,70 jaar oud, had zij 4 kleinkinderen in leven uit het huwelijk van haar dochter Carola Maenhout met August Hanssens. Carola Maenhout was geboren te Hansbeke op 15 december 1791, dus nog net voor het jaar 1 van de republikeinse kalender die werd ingevoerd met ingang van 22 september 1792, dag waarop de Franse republiek werd uitgeroepen.

    Personen in parenteel van Petrus MAENHOUT

    I.1 M MAENHOUT, Petrus

    I.2 V De DECKER, Serafie

    II.1 M MAENHOUT, Judocus F.  18-09-1748 Hansbeke    22-04-1829 Hansbeke

    II.2 V MARTENS, Norbertina   08-03-1751 Hansbeke    09-02-1821 Hansbeke

    III.2 V MAENHOUT, Maria Anna 07-07-1786 Hansbeke    13-12-1863 Hansbeke

    III.1 M MAENHOUT, Gerardus F.05-08-1787 Hansbeke    12-10-1863 Hansbeke

    III.3 M MAENHOUT, Petrus J.  29-10-1787 Hansbeke    18-11-1846 Hansbeke

    III.4 V MAENHOUT, Anna Cath. 28-03-1790 Hansbeke    03-01-1791 Hansbeke

    III.6 V MAENHOUT, Carola     15-12-1791 Hansbeke    12-02-1861 Nevele

    III.5 M HANSSENS, Augustinus 10-07-1792 Nevele      07-01-1887 Hansbeke

    IV.1 M HANSSENS, Edwardus    13-06-1826 Nevele

    IV.2 M HANSSENS, Carolus L.  04-07-1827 Nevele      11-01-1916 Hansbeke

    IV.3 M HANSSENS, Bruno       10-12-1828 Nevele      21-07-1864 Hansbeke

    IV.4 V HEYDE, Rosalie        13-01-1825 Hansbeke    01-04-1897 Hansbeke

    V.1 M HANSSENS, Cornelius    09-04-1860 Hansbeke    05-08-1864 Hansbeke

    V.2 M HANSSENS, Emiel        12-12-1862 Hansbeke    08-04-1909 Hansbeke

    V.3 V MARTENS, Maria P.P.    29-04-1864 Hansbeke    05-12-1950 Hansbeke

    V.4 V HANSSENS, Virginia T.  16-01-1864 Hansbeke    13-07-1864 Hansbeke

    IV.5 M HANSSENS, Edwardus F.  17-09-1830 Nevele     10-08-1889 Nevele

    IV.6 V Van HEULE, Clementina  26-10-1838 Nevele

    V.6 V HANSSENS, Maria Virginia19-01-1880 Nevele     14-10-1913 Nevele

    V.5 M De WAELE, Charel        16-11-1872 Poesele    09-01-1938 Nevele

    VI.9 V De WAELE, Maria Rosalie 22-02-1906 Nevele    21-06-1997 Hansbeke

    VI.8 M MARTENS, Marcel Joseph  18-09-1903 Hansbeke  23-05-1989 Hansbeke

    V.7 M HANSSENS, Kamiel               1870 Nevele

    V.8 V BONAMIE, Emma                  1873 Hansbeke

    V.9 M HANSSENS, Jan

    V.10 V VERRIJSSEL,

    V.11 V MAENHOUT, x

    V.13 V HANSSENS, x

    V.12 M LOONTJENS, Hildefons

    V.15 V HANSSENS, x

    V.14 M De SMET, Theoduul

    V.17 V HANSSENS, x

    V.16 M VERHELST, Adolf

    IV.8 V HANSSENS, Maria Virginie   20-09-1832 Nevele

    IV.7 M VEREECKEN, Jan Baptist     26-07-1810 Evergem

    IV.9 M HANSSENS, Petrus           24-09-1??? Hansbeke

    III.7 V MAENHOUT, Maria Theresia  24-09-1793 Hansbeke


    Op 9 april 1825 huwde de 33-jarige Carola Maenhout, met de 32-jarige August Hanssens uit Nevele, zoon van Josefus en Joanna Catharina Van Rentergem. Hun eerste zoontje Edward werd geboren te Nevele op 13 juni 1826. Zij krijgen in totaal 6 kinderen. Zoals vader August zal ook de tweede zoon Carolus een rol spelen in de Hansbeekse gemeenteraad (zie XIXe eeuw). Van de kinderen van Bruno Hanssens wordt enkel Emiel volwassen. Door het huwelijk van Emiel, achterkleinzoon van Norbertina Martens, met Maria Martens, weduwe van Serafien Van Vynckt, zal andermaal een verbinding met de stam Martens tot stand komen (zie XIXe en XXe eeuw). De afstammelingen van Emiel Hanssens hebben dus twee stammoeders Martens: Maria en Norbertina. Ook aan deze zijde van de stam zijn 3 generaties gemeenteraadsleden en/of schepenen te vinden: eerst August, daarna Carolus en tenslotte Emiel Hanssens.

    Uit het huwelijk van Edward Hanssens met Clementina Van Heule werden zes kinderen geboren die afstammelingen kregen. Hun dochter Maria Virginia Hanssens trad in het huwelijk met Charel De Waele. Zij kregen drie kinderen waarvan de oudste dochter Maria huwde met Marcel Martens, zoon van Emiel Martens. Bij het huwelijk van Marcel Martens en Maria De Waele was Emiel Hanssens reeds 20 jaar overleden en Marcel zal wellicht de tweede echtgenoot van zijn tante Maria niet of nauwelijks gekend hebben. Misschien wist hij toen niet eens dat zijn eveneens overleden schoonmoeder Virginia Hanssens een nicht was van Emiel Hanssens en dat meteen een derde binding Martens-Hanssens tot stand kwam.

    4.7.4 Joanna Petronilla Martens (1752-1831) dv Joannes

    Op 6 september 1785 huwde de 32-jarige Joanna Martens met de 42-jarige Jan Baptist Hallaert uit Aalter. Hij was de zoon van Petrus en Livina De Neve. Hij vestigde zich als landbouwer te Aalter, waar een zoon en twee dochters geboren werden. De tweede dochter Regina overleed 2 dagen na haar geboorte. Joanna Martens was 79 jaar oud toen zij in 1831 te Aalter overleed. Zij was toen reeds 18 jaar weduwe.

    Personen in parenteel van Petrus HALLAERT

    I.1 M HALLAERT, Petrus

    I.2 V De NEVE, Livina

    II.1 M HALLAERT, Jan Baptist      24-02-1743 Aalter    09-05-1813 Aalter

    II.2 V MARTENS, Joanna Petronilla 20-10-1752 Hansbeke  19-04-1831 Aalter

    III.1 M HALLAERT, Karel           28-08-1786 Aalter

    III.2 V HALLAERT, Maria Theresia  18-01-1788 Aalter

    III.3 V HALLAERT, Regina          06-02-1790 Aalter    08-02-1790 Aalter

    Wellicht is het van deze familie Hallaert dat sommigen een eeuw later uitweken naar Detroit. Deze tak is ook verwant met de familie Bruggeman uit Aalter, familie waarvan een zoon Julien en een dochter Anna in 1958 te Hansbeke in het huwelijk traden met respectievelijk Arlette en Carlos Martens, en aldus opnieuw een binding met de stam Martens tot stand brachten.

    4.7.5 Maria Petronilla Martens (1754-1789 ) dv Joannes

    Op 8 april 1788 trad de 35-jarige Maria Petronilla te Hansbeke in het huwelijk met de 35-jarige Joseph Cackaert uit Nevele, zoon van Bauduyn en Joanna Meganck. Zij vestigden zich te Nevele, wijk Veldeken. Joseph en Maria Petronilla waren bloedverwanten in de vierde graad zijlinie. Zij hadden gemeenschappelijke betovergrootouders.

    Op 17 augustus 1789 werd haar zoontje Joannes geboren, maar het kind stierf dezelfde dag. Ook Maria Petronilla stierf twee dagen later in het kraambed. Dit was meteen het einde van deze tak van de stam Martens.

    Personen in parenteel van Bauduyn CACKAERT

    I.1 M CACKAERT, Bauduyn

    I.2 V MEGANCK, Joanna

    II.1 M CACKAERT, Joseph          09-02-1753 Nevele

    II.2 V MARTENS, Maria Petronilla 14-01-1754 Hansbeke    19-08-1789 Nevele

    III.1 M CACKAERT, Joannes        17-08-1789 Nevele 17-08-1789 Nevele

    II.3 V Van RENTERGEM, Maria A.J. 10-12-1767 Nevele

    III.2 M CACKAERT, Mauris         26-12-1797 Nevele

    III.3 V CACKAERT, Marie Therese  15-08-1799 Nevele

    III.4 M CACKAERT, Bernard        29-05-1801 Nevele

    III.5 M CACKAERT, Joseph         28-10-1805 Nevele

    III.6 V CACKAERT, Marie Therese  25-03-1807 Nevele

    Op 3 maart 1791, bijna 3 jaar na het overlijden van Maria Petronilla, hertrouwde Joseph Cackaert met Maria Van Rentergem, dochter van Jan en Joanna Sutterman. Uit dit tweede huwelijk werden te Nevele nog vijf kinderen geboren, waaronder ook Marie Thérèse Cackaert(° Nevele 1799).

    Op 8 september 1810 werd nog een Maria Theresia Cackaert geboren te Nevele wijk Veldeken, namelijk de latere echtgenote van Joannes De Waele en overgrootmoeder van Maria De Waele die door haar huwelijk met Marcel Martens deel uitmaakt van de hoofdstamlijn Martens. Het lijkt waarschijnlijk maar is niet aangetoond dat het hier om dezelfde familie Cackaert gaat, verwant aan Joseph Cackaert, echtgenoot van Maria Petronilla Martens.

    Personen in parenteel van Maurice CACKAERT

    I.1 M CACKAERT, Maurice               1783 Nevele

    I.2 V Van Der PLAETSE, Catharina      1788 Nevele

    II.2 V CACKAERT, Maria Theresia 08-09-1810 Nevele

    II.1 M De WAELE, Joannes              1801 Poesele

    III.1 M De WAELE, Joannes Bapt. 04-03-1838 Poesele    04-11-1918 Vynckt

    III.2 V BAFORT, Marie Theresia  23-01-1841 Poesele    28-02-1927 Poesele

    IV.1 M De WAELE, Charel         16-11-1872 Poesele    09-01-1938 Nevele

    IV.2 V HANSSENS, Maria Virginia 19-01-1880 Nevele     14-10-1913 Nevele

    V.2 V De WAELE, Maria Rosalie   22-02-1906 Nevele     21-06-1997 Hansbeke

    V.1 M MARTENS, Marcel Joseph         18-09-1903 Hansbeke         23-05-1989 Hansbeke

    30-07-2007 om 11:08 geschreven door Laurent Martens


    >> Reageer (0)


    Archief per week
  • 03/09-09/09 2007
  • 20/08-26/08 2007
  • 06/08-12/08 2007
  • 30/07-05/08 2007
  • 23/07-29/07 2007

    Archief per week
  • 03/09-09/09 2007
  • 20/08-26/08 2007
  • 06/08-12/08 2007
  • 30/07-05/08 2007
  • 23/07-29/07 2007

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Blog als favoriet !


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!