Ik ben mark dejongh
Ik ben een man en woon in Sint Gillis-Waas (Belgie) en mijn beroep is ziekenhuisapotheker.
Ik ben geboren op 23/08/1953 en ben nu dus 59 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: joggen, tafeltennis, fietsen.
ik heb ook een mooie verzameling van meer dan 61.000 kroonkurken uit 200 verschillende landen.
Maar veel belangrijker, al meer dan 35j gehuwd met Irma en vader van vele lieve kinderen : Christophe, Thomas, Tine, Katrijn, Frederik, en Roeland.
opa gaat op stap
Relaas van de wandeltocht van St. Gillis-Waas naar Santiago de Compostela 112 dagen op pelgrimstocht : ontdekken, ontmoeten, onthaasten.
13-05-2012
spreuk 10
GELUK IS IETS DAT JE VAN TEVOREN
KIEST, HET IS EEN BESLISSING DIE JE ELKE MORGEN NEEMT ALS JE WAKKER WORDT 13/05/2012
Hier enkele actiefoto's van de lokale sport in Nogaro en omstreken ! Tussen de horens van de koe is er een bloemeke aangebracht dat je moet proberen te "plukken". De scherpe horens zijn afgeplakt zodat ze wat minder scherp zijn bij ongewenste intimiteiten!!
Ja , de camino zit er vol van, maar in dit berichtje een heel mooi momentje.
Eerst de inleiding: Ik zit aan tafel bij het ontbijt naast een Eric uit Gent. Leuke kennismaking, nog een streekgenoot met hetzelfde doel, maar hij is al meermaals op weg geweest , en stapt nu vanuit Le Puy-en-Velay.
Ter hoogte van de winkel loop ik Michelle en Alain weer tegen het lijf en samen vertrekken we verder.We hebben gehoord dat alle gites in de regio volzet zijn en daarom bellen we nog vlug om iets voor vanavond te zoeken. We bellen naar de kleine gite "communal" in Pimbo,en we hebben van de eerste keer prijs. Eigenlijk hebben we veel geluk want de dagen ervoor was het weekend en nam er niemand op in "het gemeentehuis" om reservaties te noteren en er zijn maar 6 plaatskes. Bovendien moeten we zelf voor brood bij ons avondeten zorgen en ook voor het ontbijt zegt de lieve dame aan de telefoon. Hier komen we effe goed weg met ons slaapprobleem voor 3 stappers !!!!!!
Geen probleem voor dat brood denken we en we stappen naar Miramont-Sensacq (let op het tweede stukje van de naam van het dorpje : die deed ons , dappere pelgrims, even wegdromen...) en stoppen bij het lokale winkeltje uit de jaren stillekes: zie foto.
Een oud vrouwtje heeft enkel nog wat baguetten van de dag ervoor. Beter dan niks voor ons en we kopen er brood voor de picknick, het avondmaal en het ontbijt.
De winkelstock is meer dan gehalveerd.
De picknick in de schaduw van enkele kleine boomkes is juist voorbij en dan volgt een kleine siësta. Ineens komt er een mevrouw voorbij met Ema, haar dochtertje van een jaar of 6. Ze heeft syndroom van Down. We roepen haar en wuiven even; Ema komt dichterbij en zegt dag. Dan plukt ze 3 madeliefjes (maar zonder het stengeltje) en legt er 1 tje op elke hand.
"Dank U lieve Ema". Ik geef haar een kushandje en prompt gaan haar 2 kleine handjes naar haar mond en krijgen we een kushandje terug. Ze is al direct weer verder gelopen zonder nog om te kijken...
Ik ben al een uur of 3 op stap en passeer een koppel stappers die wat drinken aan de kant van de weg in het gras . Ik hou even halt en doe een babbeltje. "Tu veux un café?" vraagt de dame, Elisabeth. Ik begrijp het niet goed maar zeg direct ja, want ik heb alleen maar plat lauw water in mijn rugzak zitten... De dame is een "PTB", een "pèlerin transport bagages" Op slag zijn al mijn vooroordelen over de PTB's verdwenen: ze heeft in haar minirugzak een thermoske zitten vol heet water en een doosje "Nescafe-zakjes". In een plastiek bekertje offreert ze me een tasje koffie. Heerlijk. Wat verder liggen Alain en Michele aan de kant te zonnen/rusten. Van hen krijg ik een lekkere toffee om op te zuigen. Ik mag het papierke bij hun laten , ze foefelen het bij in hun "mobiel vuilzakje" 's Middags kom ik aan in Lelin - Lapujolle, ja je leest het goed, zo heet dat dorpje. Het is al ferm heet en het is er "vide grenier" of vrij vertaald rommelmarkt. Ik doe mijn picknick daar op een bank naast de dorpelingen en koop dan nog een Cola voor 1€!! En nu zit ik in Aire sur l'Adour berichtjes te tokkelen. Nog effe vermelden dat Alain, de ronker, morgenvroeg terug naar huis vertrekt (Lille) en in zijn rugzak 4 Leffes voor het afscheidsfeestje van straks heeft meegesleurd (1 voor elk) uit de supermarkt van Nogaro (28km) onder de loodzware zon. Het was een lekkere 25cl (ze zijn hier niet zo groot als bij ons). En nu ga ik mijn maten zoeken om naar het restaurant te gaan, want het is zondag: vandaag koken we (mijn vrienden) weeral niet zelf ! En nog effe iets: er slapen 2 mensen uit Namen, Pascale en Marc. Ze hadden al via "radio Chemin" vernomen dat er een "Mark uit Anvers" op "de Weg" zat en dat die in Conques zijn halfweg had gevierd. Ze waren blij me eindelijk eens in levende lijve te ontmoeten. Op de camino moet je goed zien wat je doet, want je hebt snel een reputatie opgebouwd. Ik ga hier dus Mark d'Anvers door het leven !? En verder blijkt hier ook nog een Gentenaar te logeren, heel veel Belgen in dezelfde gite vandaag!
In een hoekje aan de muur hangt er nog een toepasselijke spreuk:
“La richesse d’une rencontre vaut mieux que de rencontrer la richesse”
Na die fotosessie van gisteravond in de gite van Nogaro, zijn we laat gaan slapen: 22u Dat lijkt niet laat maar alle andere pelgrims lagen al lang te ronken (letterlijk en/of figuurlijk) Hopelijk hebben we hen niet te lang wakker gehouden met ons gelach in de keuken. Je kan je mijn vreugde vanmorgen wel voorstellen zeker als die hoestende Zwitser al om 6u opstaat. Ik hou het nog vol tot 6u30 maar besluit dan maar om ook op te staan met al die anderen rond mij. Alleen Fanny en Joémie proberen nog wat langer te slapen... Bijgevolg ben ik om 7u45 al op stap!! En weer ben ik bij de laatsten om te vertrekken ! En nog een leuke anecdote: Ik had chocomelk bij het ontbijt gevraagd. Er staat een 1/2 liter melk voor me in de ijskast en een bokaaltje Cecemel poeder. Mengen kan ik zelf. Ik heb nog wat over en neem het flesje melk + het poeder mee in mijn rugzak. Een kwartiertje later koop ik bij de bakker in Nogaro nog een baguette. Als ik die in de rugzak steek zie ik dat de melkfles niet "waterdicht " is en dat er melk uit lekt. Gelukkig nog niet al te veel want ik ben nog maar juist vertrokken.... Op het nippertje is er een kleine overstromingsramp in mijn lieve "Drappy" vermeden! Begin dat maar eens op te kuisen op een zondagmorgen in een lege straat in een stadje waar iedereen nog slaapt...
Nogaro ligt in het Baskenland en daar hebben ze rare gewoonten. Als we toekomen hebben we al heel de namiddag zware motoren gehoord in de verte. We slapen haast naast het circuit voor motoraces! Ik vraag bij aankomst of het toch niet de 24u van Nogaro zijn die momenteel worden gereden! "Neen, de races stoppen om 18u!" Doordat ik al enkele maanden in een trager pelgrimsritme leef zeggen die motoraces me niks dus ik neem mijn douche en doe mijn handwas en ga niet naar de race kijken... Maar er is nog iets anders te doen: iets met jonge koetjes!! De arena ligt vlakbij de gite communale, en het begint om half 7. Allen daarheen: Er zijn 5 gasten in de arena die een bloemeke moeten plukken tussen de horens van een jonge "vachette" (koetje). Als de koe komt aangestormd moeten ze zich snel uit de voeten maken en over de omheining springen of zich achter een houten plaat beschermen. Er zijn veel kijklustigen en een brassband (zoals bij den basket in België) zorgt voor de nodige sfeer. Echt leuk om eens te zien. Maar tijdens de halve finale moeten we de arena verlaten om onze pasta nog te kunnen kopen, want de supermarkt ernaast sluit om 19u30 en we hebben nog niks om te eten voor vanavond. Ik bespaar jullie de culinaire details (pasta met room en champignons dankzij Michelle) maar vertel nog dat Aad, een bejaarde pelgrim uit NL enkele foto's van ons genomen heeft tijdens de feestmaaltijd. Ik zal zien of die foto's ooit hier geplaatst kunnen worden ( want misschien is het aantal lege flessen van de huiswijn op de tafel wat te groot in verhouding tot het aantal aanwezigen...) ?
Na mijn omweg naar Rocamadour kom ik weer op de weg naar St. Jean-Pied-de-Port terecht enkele dagen later.Zo kom ik o.m. een koppel uit Antwerpen weer tegen, Charlotte en Henk, en ook Joémie en Fanny. Deze laatste 2 slapen ook bij Frits, die Duitser. Verder slaapt er nog Carmen en Alain, de snurker van Moissac, en
een kleine Michel, die samen met zijn “zware vriend “ stapt. Kleine Michel
heeft een moordend tempo en zijn dikke vriend kan hem amper volgen en komt elke
avond 2 uur later aan zodat hij denkt aan opgeven.
Na een “rustige”
nacht bij Alain begint iedereen op ons kamertje weer te rommelen om half 7. En
nu ben ik eens de voorlaatste weg op mijn eentje om 7u45. Maar na enkele km kom
ik Charlotte en Henk, en Christiane met Jean-Yves tegen. Langs een mooie
spoorwegbedding die is toegegroeid stappen we naar Eauze. Ik drink er samen met Michelle en Alain een
tasje koffie in een oud historisch café met een norse uitbater. Dan een kort
bezoekje aan de mooie kathedraal, bij de drukke beenhouwer ga ik wat kaas en worstkopen, en weer rustig alleen verder tot in
Manciet. Daar kom ik op een stemmig dorpspleintje naast een arena voor “koetjes-pesten”
(zie verder in Nogaro). Op de bankjes is het ideaal voor picknick: de
Antwerpenaren maken plaats voor mij en een beetje later komen Carmen en een
Zwitserse kettingroker erbij. Het is lekker warm en het wandeltraject is een
makkie. De volgende dag in de namiddag, een beetje voor Nogaro, liggen Joémie en Fanny wat te zonnen en/of rusten. Ik hou even halt. Ik ben hun namen weeral vergeten , maar op de camino gebeurt dat wel vaker, niet alleen met mij naar het schijnt... Ik mag ook ineens de leeftijd van Fanny schatten, de Zwitserse met sproetjes. Dat is even moeilijker: 26? "Nee", ik zak naar 24, weer mis, ik gok op 28 dan... Ze is nog maar 20, maar Joëmi, de Canadese is 26, dus ik heb toch een beetje juist gegokt vind ik van mezelf! Ik kom een beetje voor hen aan in de gite communale in Nogaro. Ze hebben niet gereserveerd en alles is volzet. Maar er wordt voor hen een bedje bijgezet in de grote slaapzaal, recht voor de nooduitgang. Fanny slaapt alzo toevallig (want ik heb de plaats van dat extra bed niet bepaald) naast mij. Ze vraagt of ik snurk?! Ik ga dit verhaaltje al ineens afmaken : nee, ik heb niet gesnurkt, maar naast mij sliep nog een Zwitser aan de andere kant, en dat was een roker die heel de tijd lag te hoesten, en nog een bed verder lag Alain, de snurker.... De Zwitser stond al heel vroeg op vanmorgen, dus mijn nachtrust, en die van Fanny , was niet zo bijster goed...
Frits is de naam van de Duitser die de gite open houdt Buiten het eten dat hij klaarmaakte voor ons en de muziek uit de flowerpower tijd die hij opzette was het maar matig: hij doet totaal geen moeite om Frans te leren en nog minder om het te spreken. Hij verstaat het wel maar doet alsof hij het niet verstaat als het hem uitkomt. Hij slaapt in een caravan naast zijn huis waar wij, de pelgrims, slapen. We zitten 's avonds nog wat in de tuin na te genieten met een biertje, en omdat ik niet zo snel kan drinken (?) blijf ik nog even alleen doormijmeren, terwijl de rest al terug naar binnen is, als hij de voordeur al heeft gesloten. Eerst houdt hij zich van de domme en laat me eens langs de slaapkamerdeur, aan de achterkant van het huis gaan proberen om binnen te raken. En als ik dan terugkom laat hij me met een big smile toch binnen... Wel mocht ik ook zijn pc gebruiken in de vooravond , dus zo tegendraads was ie nu ook weer niet...
Ja het is al heel lang geleden maar vandaag had ik het weer vlaggen.
Het was een wandeling van 27 km.
Ik was de laatste om te vertrekken in Condom: vanmorgen begonnen al die pépé's rondom mij( pèlerins pressés) al rond een uur of half 7 te rommelen en op te krasselen.
Ik liet ze maar doen en heb nog even mijn dagboek aangevuld op datzelfde leuke terras van gisteravond terwijl de rest al lang weg was.
Allerlaatste van de +/- 30 pelgrims op pad om, jawel, je leest het goed : kwart over 8 !!! In de loop van de dag ontdek in dat mijn rechterhiel van de bottin is doorgesleten. Even een lichte vorm van paniek want ik ben nog een heel eind verwijderd van mijn doel!!!
Maar de zon is weer van de partij en rond de middag kom ik aan in Le Montreal. ( Neen, niet het Canadese...)
Het is er marktdag en ik koop me een bakje aardbeien voor de picknick. Ze moeten de smaak van het oude brood dat ik moet eten van gisteren wat maskeren.. Ook nog 2 bananen, want ik heb nog 11 km te gaan.
Ik ben ondertussen met Michelle en Alain (niet de ronker, maar een andere) aan het meewandelen. Ik ben ze al een paar keer tegengekomen de laatste dagen ( de allereerste keer in Moissac, en dan in Lectoure ). Het is een sympathiek koppel uit de streek Finisterre in Bretagne. Ze wandelen met de Bretoense vlag op hun rugzak.(zoals de meeste van hun streekgenoten). Wij Belgen zouden ook wat meer chauvinisme aan de dag moeten leggen heb ik hier al geleerd. Ze helpen me op het marktplein om mijn aardbeitjes op te eten...
Waarschijnlijk effe niet aandachtig omdat we over koetjes en kalfjes babbelden en we missen een markering. Gevolg 4 km extra in die zon, terwijl we dachten dat we elk moment zouden aankomen. Dat is wel een heel eind!
Het leven van een pelgrim loopt niet altijd over rozen... Of misschien toch wel, want de pint bij aankomst smaakte nog eens zo lekker op het terras van de gite bij Frits.
En langzaam aan komt St Jean-Pied-de-Port in zicht, de laatste "grote tussenstop" aan de voet van de Pyreneeën.
Na de lange etappe van gisteren (+/-35km) volgt er nog zo eentje want dit weekend is het in Condom een groot feest waar ze tienduizenden bezoekers verwachten : optreden van folklore groepen en groot "concours: Les Bandas".
Ik maak nog een ommetje in mijn eentje naar La Romieu. Juist voor de aankomst picknick op een telefoonpaal aan de rand van het bos. La Romieu is een mooi klein dorpje met een heel grote eeuwenoude kerk en een aanpalend klooster. Ik kom een "terugstapper" tegen, een pelgrim die al helemaal van Santiago teruggestapt is en verder onderweg is naar Le Puy. Liever hij dan ik!
Wat later
wordt ik voorbijgestoken door 2 mannen: met moeite een antwoord op mijn
“bonjour”. Nu ja, denk ik, “misschien zijn ze gehaast?” Maar dan een eindje
verder gebeurt "het": ze lopen rechtdoor en zien een wegwijzertje niet staan. Als
ik 100 meter na hen daar aankom roep ik even heel hard naar hen. Ik doe teken dat ze
me misschien beter volgen. Ze keren op hun
stappen terug en halen me weer in. Nu heb ik wel klank bij het beeld. Het zijn
namelijk 2 Zwitsers, waarvan de ene alleen Duits en de andere Duits en wat Engels
spreekt. Vandaar de relatieve stilte bij onze eerste ontmoeting.
Ik kom goed moe aan in Condom rond een uur of 4. Ze zijn er overal rond de mooie kerk partytentjes aan het opstellen en ook een groot erepodium .
Ik wil direct doorstappen naar mijn gite, vooraleer de stad te bezoeken. Maar die ligt zeker 1 km buiten Condom...Na de douche heb ik geen zin meer om terug te keren.
Naar het schijnt stonden er in de kerk zelfs paletten met bier om die fris te bewaren...
Tegenwoordig moet alles kunnen en mogen, zonder veel respect voor mensen die er anders over denken...Ik heb er geen spijt van dat ik niet ben teruggelopen.
De gite waar ik slaap is een gerestaureerde armagnac-stokerij. Dit weekend slaapt daar het complete team van de security (40 man) van het feestgebeuren: geen plaats meer voor de pelgrims.
Gelukkig heb ik die 2 etappes van 35 km gestapt: ik zie me daar al aankomen vrijdagavond: alles vol en betalen om in het oude stadscentrum te kunnen rondstappen. Die drukte zou mijn hoofd geen deugd doen.
Bovendien was er een klein terraske aan onze gite, een mooi binnenplein. Ik kwam er o.a. Alain ( de snurker van Moissac) weer tegen en ook 3 supertoffe mannen van de Vendee en ook Jean- Pierre van Parijs.
Als apero was er Flock (mengeling van Armagnac en druivensap) in overvloed en in 2 kleuren.
Bij het eten was er ook nog eens wijn in 2 kleuren. Er zijn veel foto's gemaakt , vroeg of laat komen ze wel op de blog terecht.
Nu kunnen jullie al een beetje beginnen aftellen ! Ik doe gewoon verder
De avond op het terras in Espalais eindigde met het gitaarspel van een pelgrim: liedjes van CCR en andere oude gloriën die we uit volle borst meezingen ofwel meeneuriën als we de tekst niet kennen.
De 2 serieuze Duitsers die al wilden gaan slapen kwamen maar weer bij ons zitten (zonder mee te zingen)
De volgende ochtend is het een omgekeerd scenario.Wij zetten ons stillekes naast de vroege Duitsers...
Op de picknick aan een ruïne in Flamarens vergeet ik bijna mijn bril. Gelukkig vind ik hem terug in het groene gras zonder hem kapot te trappen .
In de namiddag brandt de zon ongenadig hard op onze kop : 35° in de volle zon: even wennen na al die dagen van slecht weer...
's Avonds slaap ik alleen, zonder Nicolas die een kortere etappe loopt, bij de pastoor van Lectoure met nog een paar andere pelgrims, o.a. Germain en Emmanuel en het bretoense koppel Michelle en Alain. Germain, een krasse oude pelgrim van 70 uit Duinkerken heeft al een 10-tal keren Parijs-Roubaix gereden voor wielertoeristen. En Emmanuel is ongeveer even oud, en heeft ook nog een goede gezondheid en spirit. Hij woont in Parijs. Beiden zijn in Le Puy-en-Velay gestart.
Vanmorgen eerst een bezoekje gebracht aan het 1000 jaar oude klooster van Moissac tegen pelgrimstarief. Om stil van te worden, al die mooie verschillende beeldhouwwerken die zo goed bewaard zijn gebleven. Nog wat geld uit de muur halen en een koude pizza kopen en we gaan weer op stap, Nicolas en ik. Het wordt, gelet op ons late vertrekuur een korte etappe van een km of 20. Eerst lopen we een heel eind langs het canal du midi , en laten na een paar uur stappen onze voetjes even bengelen in het frisse water . En nee we zitten niet in Auvillar , maar we stopten 1 km ervoor. We slapen in een oude hoeve, waar op het terras Guy Thatcher, de Canadees, zit van het schilpadongeval. Hij roept ons "binnen":" this is my favorite place". We laten ons verleiden en zitten hier nu ook. Eigenlijk zijn we een dagje te laat, hier in Espalais, want dit weekend was het hier een klein dorpsfeestje met petanquetornooi gevolgd door een gezellig samenzijn voor de buren met discobar etc etc. De vlaggetjes hangen nog overal en de buren komen nog eens terug langs om wat na te kaarten. Ik denk dat het heel plezant is geweest. Een pelgrim kan niet steeds overal op het juiste moment op de juiste plek zijn hé.. We gaan allen samen buiten onder een afdak eten aan een lange tafel. De gastvrouw zorgt voor een lekkere pasta etc., maar ze vergat dat pelgrims soms grote honger hebben....Er was niks over! Er heerst al direct een ongedwongen gezellige sfeer hier, terwijl ik in de living van het gastgezin even op de pc mag tokkelen.
De volgende 3 dagen worden het lange etappes van meer dan 30 km . De uitleg hiervoor volgt nog wel.
Pelgrimsgroeten uit het dorpke Espalais,
Mark
PS hier in de buurt hebben ze ook zo'n kanon als bij ons in St. Gillis-Waas waarmee ze de hagelbollen kapotschieten in de lucht om hun bloesems en fruit te beschermen. En momenteel hangt er een onweer in de lucht. Het kanon klinkt hier zoals thuis.
Zonder het te willen heb je al gauw een vooroordeel over de pelgrims die hun zak laten ophalen elke morgen en weer afzetten in de volgende gite, terwijl de meeste anderen hun "Drappy" dag aan dag op hun rug zwieren voor enkele uren. In de morgen hadden we weer onze portie regendruppels gehad, dan een picknick op de grond in een weide, en dan was het een hele poos wandelen over de macadam richting Moissac. Ineens haalt een dametje zonder rugzak ons in en ze blijft wat meestappen : Je hoort me al denken .... Ze begint te vertellen over van alles en nog wat, en ook over haar gezondheid en de camino: ze heeft al een jaar of 6 ziekte van Parkinson, en heeft veel hobby's en taken moeten laten varen. Stappen lukt nog en daarom is ze met haar man (die een heel eindje achter loopt) en enkele vrienden samen onderweg voor een week op de camino.
Ik beloof plechtig om nooit meer zo lichtvaardig te oordelen over mensen zonder grote rugzak. "Ieder ZIJN camino". We komen aan in Moissacen krijgen er een slaapkamertje voor 2 in de
grote auberge op de heuvel, terwijl we eerlijk bekend hadden bij aankomst dat we geen koppel
waren… Om 21u is er nog een poëzie-avond voor de pelgrims maar we zijn te moe.
Bij het avondmaal ontmoeten we nog enkele fietsende pelgrims die bij hoog en bij
laag beweren dat ze via de stappersroute zullen fietsen. We geloven ze niet en
later zal blijken in de verse moddersporen dat we het aan het rechte eind
hadden...
Ja er kan af en toe wat mislopen. Hier volgt een kleine bloemlezing:
Zoals ik al vertelde heb ik op de markt in Montcuq een vlijmscherp mesje gekocht om mijn brood te snijden op de picknick. En ja vanmiddag was het zover: "Ja lap" zou mijn kleinkind zeggen! Gelukkig maar een klein sneetje dat met wat "moederkeszalf " snel genezen zal
Ik heb al verteld dat er na al die regen ook wat modder op de GR-route ligt. Soms zijn de hellingskes super steil. Gisterenmorgen toen het zonneke juist begon te schijnen horen we lachen, alsmaar weer. Een oudere, ietwat corpulente dame zat op haar .... op de grond juist naast de pinnekesdraad en geraakte niet meer recht. Ze riep haar dochter, of jongere vriendin, terug die een heel stukje voorsprong had, terug om haar recht te trekken. Wij waren nog te ver om een helpende hand uit te steken maar genoten mee van het moddertafereel.
Nog een
modderverhaal van mijn Canadese maat Guy Thatcher. Hij had een steile klim achter de rug in
het bos en kwam buiten adem aan daarboven. Daar ziet hij ineens een bankje staan, HEEL LAAG
bij de grond. Zonder nadenken wil hij zich neerzetten. Maar het bankje is te
laag en hij verliest zijn evenwicht en kan zich niet tegenhouden, met die zware rugzak. Zo ligt hij dan op zijn rug in de modder volledig
met zijn armen en benen omhoog op zijn rugzak te spartelen gelijk een schildpad.
Hij is maar recht geraakt door eerst zijn rugzak los te maken en zich opzij te
rollen...
En nog een laatste: vanmiddag op een modderwegel in de weide vloog er rechts van ons een buizerd alsmaar kleine cirkeltjes. Nicolas liep een eindje voor mij en stopte om te kijken. Ik wandelde verder en keek opzij naar die cirkelende "rover". Ineens bots ik op mijne maat. We stonden te "gieren" van het lachen...
Bonjour Jan J'ai aussi de très beaux souvenirs à nos aventures splendides et mème dangereuses de temps en temps. Grace à toi , le chemin était moins lourd jour après jour. Merçi pour le dessin merveilleux que tu as fait le dernier matin dans mon petit livre d'or. Un jour cette merveille arrivera sur le blog !! Maintenant je suis en route avec Nicolas, " l'alpiniste" et les petites histoires arrivent encore jour après jour. Nicolas a des problèmes avec son pied, donc peut etre je marcherai "seul" à partir de demain. Mais je suis sur: "LE CHEMIN ME PORTE" Merçi pour votre amitié pendant cette marche splendide vers St Jacques Mille fois merçi !!!