Vrijheidsberoving geeft rust?
Het is koffietijd als ik vanmiddag bij mama kom. Ik zie haar niet op haar vertrouwde plekje aan tafel zitten bij de vaste gasten. Ik kijk even rond. Wat verderop zit mama, zoals trouwens altijd sinds haar terugkeer uit het ziekenhuis op 1 juli, weer ‘opgesloten’ in haar rollende zetel. Het tafeltje vóór haar vast geklikt op de leuningen van de zetel, zodat ze er niet uit kan. De kop koffie binnen handbereik op het tafeltje. Zielig, het eerste wat ze snikkend zegt als ik bij haar kom is: “Oh kind, mijn zoete, wat ben ik blij dat je er bent.” Ze weet dat ze door mij wordt ‘vrijgelaten’ en ze kijkt al wat gelukkiger.
Deze week heb ik een e-mail gestuurd naar de hoofdverpleegster van mama’s dienst. Ik stelde haar voor om het probleem dat mama nog steeds ‘gevangen zit in haar stoel’, - ondanks het feit dat ze terug kan stappen -, eens te bespreken. Ik zie haar toevallig tijdens mijn bezoek aan mama. Ze zegt dat ze net bezig is mijn mailtje te beantwoorden. En rechtstaande in de gang beginnen wij ons gesprek. Ik vertel haar dat we zo ons best hebben gedaan om mama na haar thuiskomst uit het ziekenhuis weer te leren lopen. Dat bijna elke dag mama zonder problemen, met mij of met Denise een grote wandeling maakt in het park. Maar dat ze toch op de afdeling ganse dagen in die zetel blijft ‘opgesloten’. En dat we vooral bang zijn dat mama binnenkort het stappen totaal zal verleerd zijn. Volgens de hoofdverpleegster is dit probleem net, op de briefing met het personeel, besproken. Er is besloten om mama vanaf vandaag, ’s middags ná het koffiedrinken niet meer op te sluiten in haar zetel: “… Maar het is ons opgevallen dat je ma veel rustiger is geworden sinds ze in haar zetel zit. Je moet ook helemaal geen schrik hebben dat ze binnenkort niet meer kan lopen. Er wordt voldoende met haar gestapt. En… - nu komt het denk ik - je weet ook als ze hier kan rondlopen, ze overal loopt, ook op andere kamers. We zouden de deuren wel moeten sluiten… En echt hoor, ze is veel rustiger in die zetel…” Ja, het is mij ook wel opgevallen, dat er meer rust is in mama’s kamer: het bed wordt niet meer afgehaald, de fotokaders blijven netjes op hun plaats staan, de schilderijen blijven aan de muur hangen, want mama kan nergens meer aan of bij.
Beroofd van haar vrijheid is ze noodgedwongen ‘blijkbaar tot rust gekomen’. Maar of mama nu gelukkiger is, dat betwijfel ik!






1 reactie op dit bericht
*
Maar ik kan mij niet losmaken van de gedachte dat men in de verzorgingssector soms ook handelt uit gemakzucht.En hoe vaak hebben we al niet mogen lezen en horen dat oudjes verwaarloosd worden in rusthuizen? Dus houd je mams maar heel goed in de gaten.Volg alles van heel nabij op en laat weten wanneer je niet akkoord gaat met hun handelen. Neemt men je daarbij voor een zeur of moeilijk mens, niets van aantrekken. Jij zult je zelf dan later niets te verwijten hebben en je niet hoeven af te vragen of er iets was dat je hebt nagelaten te doen, of dat je beter had kunnen doen. Ik ben er rotsvast van overtuigd dat jouw mams bij heldere momenten heel goed weet wat een fantastische dochter ze heeft. En ik deel alvast haar mening. Nog een fijn weekend gewenst.