Terug in de tijd 11
| 21 november 2003 |
Schandaal in het Baskische Parlement. Bij een stemming in het Baskisch Parlement is op de interne camera duidelijk zichtbaar dat de PP-volksvertegenwoordiger, Iturgaiz, tot driemaal toe op het stemknopje van zijn afwezige buurman en partijgenoot Jaime Mayor Oreja drukt! Vóór de stemming had hij al gedurende een halve minuut op het knopje moeten drukken om het systeem te activeren. Tevens had hij de magnetische kaart van Oreja gebruikt. Voorzitter Atutxa riep na afloop een persconferentie samen waarop de beelden getoond werden.
| 21 november 2005 |
In een speciaal gebouw, Casa de Campo, is dan eindelijk het macroproces 18/98 van start gegaan tegen “de Baskische onafhankelijkheidsbeweging”. De betichten, tegen wie 1.000 jaar celstraf wordt geëist, hadden allemaal een blauw-grijs T-shirt aangetrokken waarop de hele zaak een “politiek proces” genoemd werd. Drie beklaagden, Iker Beristain, Rubén Nieto en Iker Casanova, die waren overgebracht vanuit hun Spaanse cel werden begroet met omhelzingen. Hun boeien werden afgedaan, maar ze kregen wel speciaal “toezicht” van politieagenten. Omdat men wilde vermijden dat de beklaagden zich opnieuw zouden identificeren met een (ongeoorloofde) Baskische identiteitskaart werd enkel naam en voornaam gevraagd. Van de 39 betichten waren er slechts 36 aanwezig. Peio Sánchez die in de Parijse gevangenis van Frennes zit, kreeg de oproep toch thuis bezorgd. Hij werd niet uitgewezen door Frankrijk. Pako Aranburu en Unai Hernández, tegen wie 15 jaar geëist wordt, waren evenmin aanwezig.
De eerste beschuldigde, Txente Askasibar, zette meteen de toon door heel rustig te verklaren dat hij enkel wenste te antwoorden op de vragen die hem gesteld werden door de verdediging. Bovendien noemde hij zichzelf fier lid van KAS, één van de organisaties die door Garzón “gesataniseerd” werd als zijnde een deel van ETA. (De organisatie KAS kwam tot leven op hetzelfde ogenblik dat de Baskische en Spaanse klimmers in de Ronde van Frankrijk uitkwamen voor het merk… KAS!) Hij verklaarde dat hij met zijn bedrijf, Gadusmar, internationaal in kabeljauw had gehandeld. Die kocht hij aan in IJsland en verkocht hem in Cuba. Verder zei hij nog dat “de zaken vanuit Madrid anders bekeken worden dan vanuit Baskenland.” Toen de advocaat van de verdediging, Kepa Landa, het originele document wilde zien op basis waarvan Askasibar beschuldigd werd kon dit na een kwartier niet gevonden worden. De eerste zitdag werd meteen opgeschort. Klik hier voor een kort relaas van alle zittingen.










