Poesje


Poesje wast zich met haar pootjes,
Poesje strijkt haar snoorbaard,
Poesje krabt en hapt naar vlooitjes
Poesje rekt zich bij de haard.
Poesje zwelt van melkpap eten,
Poesje gaapt en slaapt gerust;...
En de muisjes dia dat wete,
Kabbelen brood zovéél hun lust.
Als ons poesje de ogen sluit,
piepen al de muisjes uit.
Hendrik van Tichelen



















