Naar de inhoud

Gustaaf van Loon en ... mijn wereld !

De Poëzie van het Penseel
akke.beakke.be
Kleurgeworden poëzie , de weergave van een bevleugelde wereld. Uit "Kunstmonografie Gustaaf van Loon" van Anton van Wilderode en Paul van Loon - oktober 1980. Dit is een oproep tot allen die Gustaaf van Loon van dichtbij of heel ver gekend hebben ! Maak u bekend en laat u glijden in zijn wereld. Zijn wereld is ook de Uwe !!!

Archief

Slapend kind

Het SLAPEND KIND hult zich in een fragiele dwarreling van wazig licht, waarin het roze van de embryonale kosmos nog als een broze herinnering in verweven zit.

Het nauwelijks ontloken licht dat door het raam naar binnen glijdt, nodigt twijfelend het kind uit tot het leven daarbuiten.

Onbewust heeft de kunstenaar zich zeker de vraag gesteld: met welk recht verstoren wij dit donzige wezentje in zijn slaap ?

Is alles wat daarbuiten wacht wel de moeite van ontwaken waard ?

Wat hebben wij het te bieden, buiten de goorheid van ons eigen vervuilde nest ?

Paul van Loon


SLAPEND KIND, olie op doek

Reageer op dit bericht Stuur door

Gedichten van Bertine van Loon

1 oktober 1970

Ik ken je nog niet, m'n jongen
Toch weet ik
dat iedere vezel in mij
zal trillen
als een onbeschreven blad.

Je zal me tot je liefste hebben gekozen
en m'n hart
zal te klein worden
bij al dat geluk.

Ik ken je nog niet , m'n man
en toch wil ik je beminnen
zoals ik ben.
En komt er morgen
een dag vol wilde nevels
ook dan
      zal ik je liefste zijn.

Bert

1 oktober 1970

Herinneringen

Toen ik een kind was
droomde ik van
goudgele vlinders
en van bloemen
die me kusten.

Ik bouwde hoge zandbergen
voor ieder pop één
En wanneer ik dan
met blote voeten
het donzige gras streelde
was het de wind die
me antwoord gaf.

Toen ik een kind was
kon alles weer nieuw zijn.
En 's nachts droomde ik
met kleine malse oortjes
en een dappere glimlach
een nieuwe dag

Bert

Reageer op dit bericht Stuur door

Gedichten van Bertine van Loon

9 september 1970

Komkommertijd

Als een bloem bij het ondergaan
               van de zon
ween ik en
denk aan andere tijden.

Ik ben leeg van binnen
mijn handen koud.
Alleen mijn hart trilt
               van onuitgesproken verdriet.

Ik doe mijn ogen dicht
en stil
vouw ik m'n handen
tot een woordeloos gebed.

Bert

16 oktober 1970

De tijd
deed me twijfelen
aan wachtende ogen.

En zoals ik toen haatte
had niemand me ooit voorgedaan
Ik werd gebroken glas
te hard om aan te raken.

Ik zweeg
en zoals ik nu zwijg
doet niemand me na.

Bert

20 oktober 1970

Leven, liefde en dood.

Moe gespeelde herfstbladeren
kleefden vertrapt aan donkere aarde
toen ik met kreten
voor het eerst mijn ogen ontsloot

Dikke sneeuwmannen
bogen zich stijf over me heen
toen ik als kind
misschieen duizende vragen stelde.

De lente kwam vol zon
en toen werd ik verliefd
Verliefd op bloemen en vlinders.
Verliefd op m'n jongen.

De aarde rook naar late herfst
toen schijn-wenende mensen
zich verdrongen rond de kuil
door mij gegraven.

Bert

2 Oktober 1970

Tranen
Tranen
Ik zie niets dan tranen.
Mensen met tranen.
Meren met tranen
en een kind
dat hopeloos verward
het leven bekijkt
uit het raam
van zijn spottende fantasie.

Een regenboog valt doelloos
neer in mijn kille hand.
Mijn hart verscheurt.
Mijn lichaam verbrijzelt.

Ik zie jou.

Bert


Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Gustaaf van Loon en ... mijn wereld !

↑ Terug naar de berichten