Vanonder de stèirt van 't Pèirt...


In ons land zijn tal van plaatsen waar het Ros Beiaard zich thuis zou weten te voelen.
In Virton zou de stal van het beroemde paard hebben gestaan.
Ath bezit sedert 1948 een Ros, waar er vroeger nog al één zou bestaan hebben.
Huy, Sprimont, Stroumùont, Remouchamps, Dinant, Robertville en Bertem beweren eveneens dat er sporen van het Ros Beiaard te vinden en te zien zijn.
Toch blijft Dendermonde de plats bij uitstek, waar het Paard van de 4 Heemskinderen de dood vond.
De sage van de 4 Aymons- of Heemskinderen en hun paard Beiaard vindt haar oorsprong in de fabelachtige wapenfeiten van Karel de Grote en zijn dappere ridders. Minnestrelen en troubadours interpreteren eerst die heldendaden volgens hun talent en de eigenschappen van hun land. De schrijvers die later hun verhalen overnemen laten van hun kant eveneens volle vrijheid aan hun verbeeldingskracht en vaderlandse gevoelens. Het oorspronkelijk feit is aldus niet meer één. Het heeft de grenzen van de plaats waar het ontstaan is overschreden, en mede telkens herboren, een nieuwe nationaliteit verworven.
De eerste geschreven legenden over het onderwerp, hetzij in het Frans, hetzij in het Nederlands of het Duits, dagtekenen uit de 13e eeuw. De eerste gedrukte Nederlandse tekst kwam van de pers te Antwerpen in 1619. De 4 Heemskinderen komen er voor als zonen van een prins der Ardennen. Georgius Salomons, Pater Augustijn te Dendermonde, publiceert nochtans in 1670 zijn relaas over 'het Artsch-Jubile van Duysent Jaeren binnen de Stadt Dendermonde'. Steunend op de 'Annalen van Tungres', waarin Heer Aymon van Dordona als vader van de Heemskinderen voorkomt, betwist hij de vroeger aangegeven afkomst. Indien voor de enen Dordona Dordogne betekent en voor de anderen een dorp nabij Laon, lijdt het voor de auteur geen twijfel dat 'Dordona' een vroegere spelling betreft van 'Dendermonde'...
Aymon van Dordona is dus ontegensprekelijk een Heer van Dendermonde, en meer bepaald, de eerste Heer van de stad. Zijn vier zonen, geboren uit zijn huwelijk met Aya, zuster van Karel de Grote, zijn echte Dendermondenaren en hun Ros is het enige échte Ros Beiaard. Het is trouwens in Dendermonde dat het Ros zijn welgevulde loopbaan een einde vindt wanneer het geladen met rotsblokken (volgens de enen) of molenstenen (volgens anderen), op bevel van de Keizer in de samenvloeiing van Dender en Schelde geworpen wordt en slechts zinkt nadat het zich verlaten voelt door Reynout.
Dendermonde heeft nochtans die, zo niet wetenschappelijke, dan toch welsprekende bevestiging van haar rechten op de Aymonszonen niet afgewacht om de roem van het Ros Beiaard in jaarlijkse ommegangen te vieren. De stadsrekeningen bewijzen dat het Ros reeds voor 1461de hoofdrol speelde in stoeten waaraan muzikanten van de naburige steden en dorpen, op uitnodiging van het stadsmagistraat, deelnamen.
"O Dendermondenaren, blijf altijd de roem bewaren van het 'Paard',
zo wijd vermaard als de grootste man op aard"...

















































