1930 – Op 3 mei kregen de Leestse schoolhoofden volgend schrijven van de
burgemeester:
“...Ingevolge omschrijving van Mr de Gouverneur der provincie van 30 april
l.l. en het besluit der Bestendige Deputatie, doen wij u een boekje geworden,
betrekkelijk het vieren van Bebloemd België in 1930, als herdenking der
honderdste verjaring van ’s lands onafhankelijkheid.
Namens de Hoogere overheid aanzoeken wij u, de kinderen uwer school aan te
zetten en propaganda te maken bij de kinderen en de ouders, tot het verfraaien
hunner woningen, door het aanbrengen van bloeiende planten.”
1930 – 13 mei : “...Het College gaat over tot het sluiten der voorloopige overeenkomst,
met inwoners der gemeente, waarvan eigendommen dienen ingelijfd te worden
voor het ontwerp van herlegging van den steenweg van groot verkeer van Leest
Dorp naar de grens Thisselt, aan de prijzen door den Raad bepaald op 72.000,...
en 60.000 franks het hektaar, toe te passen van het dorp tot de beek aan 72.000
franks hektaar, en van overkant der beek in de richting Thisselt aan 60.000 fr
het hektaar.
Aan de eigenaars, andere gemeenten bewonende, zal een schriftelijk aanbod
gedaan worden...” (SC)
1930 – 15 mei : Zes Leestse landbouwers, die land bewerkten langsheen de Aabeek,
tekenden verzet aan tegen de inrichting van een wasserij te Zemst. (GA)
-GA, 1930 15 mei, bezwaar van eigenaars en huurders van weiland en grond palende aan de Aabeek
gericht tot de burgemeester van Zemst :
“De ondergeteekenden :
1. Willem Slachmuylders, landbouwer, Kapellebaan nr.6
2. Jan Fierens, landbouwer, Bist nr 4.
3. De Prins Pieter, landbouwer, Kleinheidestraat 14.
4. Somers Jan Hendrik, landbouwer, Rennekauter 8.
5. Jan Frans Doms, landbouwer, Thisseltbaan 4.
6. Verbeeck Hendrik, hovenier, Tisseltbaan 8, allen te Leest wonende.
Zijnde allen eigenaars en gebruikers van weilanden en hovenierslanden, te Leest gelegen, langsheen den waterloop nummer 1, van het atlas der waterlopen, genaamd Aabeek, welken waterloop zich richt op het grondgebied der gemeente Sempst.
Gezien de aankondiging door het gemeentebestuur van Sempst gedaan, de inrichting mededeelende van eene wascherij op eenen eigendom van Joseph Robberegst van Sempst, nr.77, met kennisgeving dat alle reklaam ten laste den 19 mei 1930 dient gedaan te worden.
Overwegende dat eenen waterloop, den eigendom van het oprichtingsperceel land aandoet, en zich ontlast in de Aabeek nr.1 van Leest.
Dat de aangevraagde inrichting hare vuile en ongezonde waters gaat ontlasten in beek nr. 1, dus een groot gevaar zal daarstellen voor het vee ter weiden, dat van de waters der beek gebruik maakt, en voor het verder gebruik van het beekwater, gevaar daarstelt voor vele besmettingen, aan groenteteelten en veldvruchten.
Dientengevolge doen de bovengemelden verzet tegen de ontworpen inrichting.”
1930 – 19 juni : Wijziging van het sluitingsuur der drankhuizen.
“...de openbare plaatsen, alwaar men drank verkoopt zullen alle dagen worden
gesloten van den 1ste april tot den 30ste september om 1 ure ’s nachts en het
blijven tot 4 ure ’s morgends, en van 1 october tot den 31ste maart om 12 ure
middernacht en het blijven tot 4 ure ’s morgends.
Om te voorkomen dat de schikking van dezen artikel niet worde verijdeld, is
het aan eeniegelijk verboden zich te verzamelen na de uren in zelven artikel
vermeld, voor de deuren der herbergen of op andere plaatsen, am aldaar te
drinken of gezelschappen te maken...” (GR)
1930 – 19 juni : Veldwachter Huybrechts werd benoemd tot “dwangbeveldrager der
gemeentebelastingen.”
1930 – 12 september : Nieuwe vraag van het gemeentebestuur aan “de Nationale
Maatschappij der Belgische Spoortewegen te Brussel”om machtiging te
Bekomen “tot het plaatsen van elektrische leidingsdraad onder den tunnel
van de spoorbaan Mechelen-Dendermonde gevende doorgang voor het verkeer
Mechelen-Kapelle op den Bosch, ter plaatse “Steinemolen”, om verlichting
onder den tunnel te kunnen geven...
Ingezien het druk verkeer van autos, autokamions en ander gerij, en de korte
kromming van den steenweg langs de twee zijden der aangehoogde spoorbaan,
is het doorrijden van den tunnel, bij avond zeer gevaarlijk...”
1930 – 16 september : “Aan Frans Van der Goten, schilder Rennekauter Leest. –
Gelief zoodra mogelijk te willen overgaan, voor rekening der gemeente Leest,
tot de numeroteering van de huizen der gemeente Leest. Wij voegen hierbij
een boekje opgemaakt per straat, met de namen der huisbewoners, met
de numero achter den naam, welke numero moet geschilderd worden aan de
voornaamste deur van ieder woning, in wel zichtbare zwarte cijfers.”
(Ondertekend) Secretaris Vandenbossche.
1930 – 2 december : Brief van gemeentebestuur gericht aan “Mijnheer de Minister” :
“...hierbij uittreksel uit den Kiezerslijst voor den Werkrechtersraad betrekkelijk
de Werkgeversafdeling.
Hieronder geven wij u de namen der hoofden dewelke personeel in dienst
hebben...:
Daelemans Jan Bt, De Boeck Jan Alfons, De Coster jan Baptist, allen landbouwer
en wonende Winkelstraat.
De Prins Petrus, landbouwer Kleinheidestraat.
Leemans Karel, landbouwer Grooteheidestraat.
Scheers jan Jozef, landbouwer,Tinneschuurstraat.
Spruyt Frans, landbouwer, Winkelstraat.
Spruyt Jan Baptist, landbouwer Winkelstraat.
Van der Hasselt kinderen, Ferd., landbouwer, Kapellebaan.
Van Winghe wwe Frans, landbouwer, Kapellebaan.
Verschueren Cyriel, landbouwer, Scheerstraat
Vloebergh Lodewijk, metser, Koeistraat.
Daarbij dient gebracht Mr Coemans Charles, eigenaar van het kasteel “De Mot”
alhier gelegen, wonende te Mechelen Wilsonlaan 127, als werkgever aan den
hovenier van zijn kasteel namelijk Jan Jacobs, wonende Bist nr.10 Leest.”
1930 – 6 december : Een gunstig advies werd door de gemeenteraad uitgebracht op de
vraag van hovenier Hendrik Verbeeck “strekkende om machtiging te bekomen,
om een deel der molenbeek, waterloop nr. 1 van het atlas der gemeente Leest,
loopende door zijne eigendommen, recht te maken...”
1930 – 6 december : “De burgemeester maakt den Raad opmerkzaam, dat een
olmenboom van ruim 2 meters omvang, staande in den hof der pastorij,
aangedaan is van de algemeene plaag der olmenboomen, derwijze dat een deel
der takken drooggeworden zijn ;
dat 12 kanadaboomen, staande in de Molenstraat, door wormen aangetast
zijn, en slechts als brandhout zijn. Eénparig werd besloten machtiging te
vragen tot verkoop.”
1930 – 6 december : kiezing leden Commissie van Openbare Onderstand :
gekozen tot titelvoerende leden : David Verbruggen, Jan Frans Diddens,
Frans Janssens en Karel Lodewijk Diddens.
Plaatsvervangers : Jan Baptist Maes, Frans Jozef De Maeyer, Antoon De
Rooster en Jan Verlinden.
1930 – Uit een brief van 11 december vernamen we dat de gemeente over 190 paarden
beschikte.













