
c.buddingh
Bonenpaatje
Op zondag middag gingen we vaak wandelen
Ook als je eens geen zin had , moest je mee ,
’t Vissertje rond, of helemaal langs de havens .
Soms enkel naar de watermolenwei .
Daar mocht je kikkers vangen en bloemen plukken.
De kikkers lied ik altijd meteen weer gaan .
De madeliefjes deed je in een jampotje .
Dat kwam dan thuis op het buffet te staan .
Het liefste ging ik door het bonenpaatje :
Dan keek je uit op het bos van de Roo ,
Daar stapten misschien wel tien pauwen rond .
Mijn vader moest ze altijd van ons kwaad maken , zodat ze krijsend met hun staarten pronkten .
Wat vond ik hem vreselijk knap , dat hij dat kon .