Naar de inhoud

WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

IK BEN DE ALFA EN DE OMEGA
seniorennet.beseniorennet.be
GEBED IS DE SLEUTEL VAN DE OCHTEND EN DE GRENDEL VAN DE AVOND.

Matteüs

Matteüs
19, 13-15

De mensen brachten kinderen bij Jezus, ze wilden dat Hij hun de handen zou opleggen en zou bidden.
Toen de leerlingen hen berispten, zei Jezus: ‘Laat de kinderen ongemoeid, belet ze niet bij Mij te komen, want het Koninkrijk van de hemel behoort toe aan wie is zoals zij.’
En nadat Hij hun de handen had opgelegd, trok Hij weer verder.

Uit menselijke bezorgdheid zonden de leerlingen een groep kinderen weg. Jezus wijst hen terecht. Hun overdreven menselijke zorg maakt het Hem onmogelijk te tonen waartoe Hij gekomen is. Het Rijk der hemelen is er voor de eenvoudigen en de armen. De kleinsten zijn hiervan het mooiste symbool.

'Belet de kinderen niet bij mij te komen.'

Het kan cliché klinken, maar het blijft een waarheid als een koe: onze kinderen zijn onze toekomst. En daar dragen wij, volwassenen, een grote verantwoordelijkheid in.

Wanneer onze kinderen het ouderlijk huis verlaten, kennen ze dan Jezus ?
Gaan ze die wegen waar ze Hem steeds dieper kunnen leren kennen ?
Hebben ze zijn Woord mogen horen in hun jonge jaren in kerk en huiskring ?
Hebben ze mogen proeven van christelijk gemeenschapsleven ?
Hebben ze voorbeelden gezien van evangelisch engagement ?
Hebben ze leren onderscheid maken tussen goed en kwaad in het licht van het evangelie ?
Hebben ze het verschil leren zien tussen Kerk met een grote K en kerk met een kleine k ?
Hebben ze leren bidden, alléén en met anderen ?
Hebben ze geleerd te leven in het licht van de eeuwigheid ?

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:47 Stuur door Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Matteüs

Matteüs
18, 15-20

'Als een van je broeders of zusters tegen je zondigt, moet je die daarover onder vier ogen aanspreken. Als ze luisteren, dan heb je ze voor de gemeente behouden. Luisteren ze niet, neem dan een of twee anderen mee, zodat de zaak zijn beslag krijgt dankzij de verklaring van ten minste twee getuigen. Als ze naar hen niet luisteren, leg het dan voor aan de gemeente. Weigeren ze ook naar de gemeente te luisteren, behandel hen dan zoals je een heiden of een tollenaar behandelt.
Ik verzeker jullie: al wat jullie op aarde bindend verklaren zal ook in de hemel bindend zijn, en al wat jullie op aarde ontbinden zal ook in de hemel ontbonden zijn.
Ik verzeker het jullie nogmaals: als twee van jullie hier op aarde eensgezind om iets vragen, wat het ook is, dan zal mijn Vader in de hemel het voor hen laten gebeuren. Want waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben Ik in hun midden

We hebben dikwijls de neiging wanneer we mensen iets verkeerds zien doen, dit al snel te gaan bespreken met anderen. Het zij uit behoefte om eens goed te roddelen, of - en dat is nog erger dan roddelen - uit lafheid omdat we het niet aandurven de persoon in kwestie aan te spreken, om welke reden ook. Jezus roept vandaag op dit laatste toch te doen. Naar de persoon toegaan dus. Niet om hem rond de oren te slaan, maar om hem vanuit een diepe liefde aan te spreken op zijn daden of woorden die in wezen zondig waren.

Dikwijls zijn we blind geworden voor de waarheid, of zijn we het kwade goed gaan noemen, en doen daardoor dingen die echt niet kunnen. We hebben het amper door. Iemand die dan de moed heeft om naar ons te komen om ons de ogen te openen, ons hart te openen voor wat het leven in werkelijkheid is, wel, zo'n iemand mag je een vriend noemen in de diepste zin van het woord. Ok, het kan even lastig zijn, maar wat die vriend komt doen is wel van wezensbelang.

Jezus roept op om zo met elkaar om te gaan. Dit vraagt moed, wijsheid, inzicht,... het vraagt liefde. Niet naar elkaar toegaan vanuit een starre bekeringsdrang. Nee, naar elkaar toegaan met de warmte van God, met zijn barmhartigheid, zijn vergevingsgezindheid, zijn goedheid. Da's niet makkelijk, maar wel doenbaar, daar we geschapen zijn naar zijn beeld en gelijkenis en dus geroepen zijn te zijn zoals Hij is.

Als de persoon naar wie we toegaan niet in staat is zijn hart te openen, mogen we er derden bijhalen. Das liefde die doorzet. Als je echt gemeend met iemand inzit laat je die niet zomaar los. Als je het alleen niet aankan roep je hulp in. Je kan het, bij wijze van spreken, niet verdragen, dat een verdwaald schaap steeds verder verloren loopt. Je zal heel je zijn voor hem inzetten.

Als dit nog niet helpt... ja... dan zij dat zo.
In dat geval kun je misschien alleen nog bidden, in Jezus naam, met twee of meer, zoals Jezus het verdaag zegt. Vraag en je zal verkrijgen. Ons geloof is klein wat dit laatste betreft. Ons gebed soms nog kleiner.
We kunnen het belang van het samen bidden niet genoeg onderlijnen. Het is een zeer sterke en liefdevolle vorm van de zondaar tegemoet treden

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 18:02 Reageer op dit bericht Stuur door

Matteüs 18: 12-14

Matteüs 18: 12-14

12 Wat denken jullie? Als iemand honderd schapen bezit en een daarvan dwaalt af, zal hij er dan niet negenennegentig in de bergen achterlaten en op weg gaan om het afgedwaalde dier te zoeken? 13 Als het hem lukt het te vinden, dan zal hij zich, dat verzeker ik jullie, over dat ene meer verheugen dan over de negenennegentig andere die niet afgedwaald waren. 14 Zo is het ook bij jullie Vader in de hemel: hij wil niet dat een van deze geringen verloren gaat.

Alles concentreert zich op dat ene schaap, alsof de anderen gewoon niet bestaan voor de Herder. Misschien bekruipt iemand een gevoel van medelijden met die andere schapen, die negenennegentig, die nu niet zoveel aandacht krijgen. Toch is dat ten onrechte: wanneer ze hun Herder zich zo druk zien maken om dat ene weggelopen schaap, gaat er bij hen misschien een licht op: 'Dat zou Hij dus voor ieder van ons over hebben.' In de nood leer je je vriend kennen. In de nood van dat ene verloren schaap waarop alle zorg van de Herder zich concentreert, leren alle niet verdwaalde schapen hun Herder kennen, hoe Hij er altijd voor hen is. De noodsituatie haalt uit de Herder naar boven wat er altijd al in zat, maar wat pas dan geopenbaard wordt.

Aan ons om met het hart van de Vader, in eenheid met de Zoon, hen te beminnen die vervreemd zijn van God. We zijn immers beeld van God, en als God naar de van Hem vervreemde kinderen toegaat
, dan moeten wij dit ook. Maar zoals Hij: nederig, barmhartig, alles gevend, liefdevol. Werk aan de winkel

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:34 Reageer op dit bericht Stuur door

-- Spreuken 18:20-21

Als een mens iets goeds zegt, heeft hij een gevoel van welbehagen, hij voedt zich met de vruchten van zijn mond. Woorden hebben macht over leven en dood, wie zijn tong koestert, plukt daarvan de vruchten. -- Spreuken 18:20-21
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 16:43 Reageer op dit bericht Stuur door

1 Johannes 5:19-20

We weten dat wij uit God voortkomen, terwijl de hele wereld in de macht is van hem die het kwaad zelf is. We weten ook dat de Zoon van God gekomen is en ons inzicht heeft gegeven om de Waarachtige te kennen. En wij zijn in de Waarachtige, omdat we in zijn Zoon Jezus Christus zijn. Hij is de ware God, hij is het eeuwige leven. -- 1 Johannes 5:19-20
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:29 Reageer op dit bericht Stuur door

Jesaja

Jesaja

27, 7-9

U effent het pad voor de rechtvaardige,

U baant voor hem een rechte weg.

Ook wij verlaten ons op U, Heer:

wij gaan de paden van uw recht.

Wij richten ons op uw Naam,

naar U gaat ons verlangen uit.

Reikhalzend kijk ik naar U uit,

zelfs ’s nachts verlang ik naar U

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:48 Reageer op dit bericht Stuur door

Matteüs

Matteüs
14, 13-21

Toen Jezus het bericht van de moord op Johannes vernomen had week Hij per boot uit naar een afgelegen plaats waar Hij alleen kon zijn. Maar de mensen kwamen het te weten, en vanuit de steden volgden ze Hem over land. Toen Hij uit de boot stapte en de grote menigte zag, voelde Hij medelijden met hen en Hij genas hun zieken.
Bij het vallen van de avond kwamen de leerlingen naar Hem toe en zeiden: ‘Dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur de mensen weg, laat ze naar de dorpen gaan om eten voor zichzelf te kopen.’
Maar Jezus zei: ‘Ze hoeven niet weg, geven jullie hun maar te eten.’
Ze antwoordden Hem: ‘We hebben hier niets, alleen vijf broden en twee vissen.’
Hij zei: ‘Breng ze mij.’
En nadat Hij de mensen opdracht had gegeven op het gras te gaan zitten, nam Hij de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit en brak de broden; Hij gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze door aan de mensen. Iedereen at en werd verzadigd, en toen ze de stukken brood die over waren ophaalden, hadden ze twaalf manden vol.
Er hadden ongeveer vijfduizend man gegeten, vrouwen en kinderen niet meegeteld.

Geven jullie hun maar te eten... zegt Jezus. Hij geeft zijn leerlingen de opdracht de mensen van voedsel te voorzien. Doch, het is wel degelijk Hij die het zegengebed uitspreekt en de enkele broden doet vermenigvuldigen om ze dan aan de leerlingen te geven om ze uit te delen.

Zo is God. Hij geeft de opdracht aan ieder van ons. 'Geeft gij de wereld maar te eten', zegt Hij tot ons. Dit mogen we gerust letterlijk aanhoren, maar zeker ook spiritueel. Feit is, en daar gaat het hier om: God is de opdrachtgever.
Doch kunnen wij de opdracht nooit tot voltooïng brengen wanneer we de werkzaamheid van Jezus niet zouden toelaten. God geeft de opdracht, maar tegelijkertijd geeft Hij, doorheen zijn Zoon, de genade om de opdracht te kunnen vervullen.

Ons christenzijn zou altijd geënt moeten zijn op Jezus. Enkel vanuit Hem, in Hem en door Hem zullen we kunnen doen wat we te doen hebben. Wanneer we los van de Heer handelen is de kans groot dat onze 'werken' egoïstisch van aard worden, vol van eigenbelang, meer en meer verwijderd van de echte liefde. Wie in de Heer blijft, zal in de zuivere liefde blijven, vol van genade - zowel voor hem die liefheeft als voor hem die de liefde ontvangt

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:49 Reageer op dit bericht Stuur door

Jakobus 3:17

De wijsheid van boven daarentegen is vóór alles zuiver, en verder vredelievend, mild en meegaand; ze is rijk aan ontferming en brengt niets dan goede vruchten voort, ze is onpartijdig en oprecht. -- Jakobus 3:17
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 08:41 Reageer op dit bericht Stuur door

Romeinen 8:38-39

Ik ben ervan overtuigd dat dood noch leven, engelen noch machten noch krachten, heden noch toekomst, hoogte noch diepte, of wat er ook maar in de schepping is, ons zal kunnen scheiden van de liefde van God, die hij ons gegeven heeft in Christus Jezus, onze Heer. -- Romeinen 8:38-39

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 07:59 Reageer op dit bericht Stuur door

Matteüs


Matteüs
13, 16-

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
'Gelukkig jullie ogen omdat ze zien, en jullie oren omdat ze horen! Want Ik verzeker jullie: vele profeten en rechtvaardigen hebben ernaar verlangd te zien wat jullie zien, maar ze kregen het niet te zien, en te horen wat jullie horen, maar ze kregen het niet te horen.'

'Gelukkig jullie ogen omdat ze zien, en jullie oren omdat ze horen! Want Ik verzeker jullie: vele profeten en rechtvaardigen hebben ernaar verlangd te zien wat jullie zien, maar ze kregen het niet te zien, en te horen wat jullie horen, maar ze kregen het niet te horen.'

Inderdaad, vele geslachten voor de tijd van Jezus verlangden naar het Messiaanse tijdperk waarover zo dikwijls geprofeteerd werd door de profeten. De leerlingen, en velen met hen uit die dagen, mochten het allemaal van dichtbij meemaken. Wat een bijzondere tijd moet dat geweest zijn.

Wij zouden kunnen jaloers zijn op deze mensen. Want wat zij mochten zien kunnen wij - sinds de hemelvaart van Jezus – niet meer zien.
Maar het zou wel eens kunnen zijn dat Jezus ons dan zou berispen, zoals Hij dat deed tot zijn leerlingen die niet konden geloven dat Hij iemand kon genezen: ‘Wat zijn jullie toch een ongelovig en dwars volk, hoe lang moet Ik nog bij jullie blijven? Hoe lang moet ik jullie nog verdragen?’ (Mt. 17, 17)

Wie kijkt met de ogen van de Geest , is in staat de Heer wel degelijk te zien. Toegegeven: anders dan vroeger, maar daarom niet minder reëel. Hij is even echt aanwezig in onszelf en de medemens dan in de tijd dat Hij lichamelijk rondliep toen met zijn leerlingen.

Wie Hem wil zien, Hem wil ontmoeten, van Hem wil ontvangen, moet kijken in zichzelf want daar woont Hij, wilt Hij ieder van ons in zich trekken. Ook in de medemens – elke medemens op aarde !

Nog een andere wijze van Jezus’ aanwezigheid is het Woord uit de Schrift. De Bijbel lezen is God beluisteren, het is een zeer diepe vorm van gebed. Doorheen het Woord raakt Jezus ons genadevol aan. Bedoeling is deze genade welkom te heten opdat ze ons kan leiden en omvormen tot die mensen die God met ons voorheeft. Geen makkelijke weg, maar rijk voor hen die arm zijn geworden van zichzelf.

Ook doorheen vele gebeurtenissen die op het eerste gezicht eerder toevallig lijken, is Jezus meer aanwezig dan we doorgaans denken. Maar daarvoor moeten we leren kijken met gelovige ogen, leren zien met een gelovig hart. Gelovig, in de zin van overgave aan het diepere van het gebeuren.

En dan hebben we nog de mysteries van geboorte en dood waarin God zich heel bijzonder toont.

En niet te vergeten de schoonheid van de schepping.

Enz enz…

Laat ons niet enkel bidden, maar laat ons gebed worden. We zullen zien wat zovelen voor de tijd van Jezus verlangden te zien.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door lucky om 09:01 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van WAT JE AAN JEZUS GEEFT,BEN JE NIET KWIJT

↑ Terug naar de berichten