Doet bij dit alles de liefde aan.
Doet bij dit alles de liefde aan.
Gisteren besloten we met de opmerking dat er heel wat is 'aan te doen'. Onze levensopenbaring, ons gedrag wordt in Kol. 3 als het ware vergeleken met de kledingstukken die men op het lichaam draagt. Van deze 'kleren' geldt niet het bekende 'de kleren maken de man', maar deze geestelijke en morele 'kleren' maken de christen. Had men vroeger alle kledingstukken aangetrokken, dan volgde nog het omdoen van de gordel. Pas dan was de kleding 'af'. Al hebben we alle genoemde deugden 'aangedaan', dan is het geheel niet 'af', wanneer de 'band van de volmaaktheid', de liefde ontbreekt!
14 Zoek het goede, niet het kwade. Dan zullen jullie leven, en dan zal de HEER, de God van de hemelse machten, met jullie zijn, zoals jullie altijd zeggen. 15 Haat het kwade, heb het goede lief en zorg dat er recht gedaan wordt in de poort. Misschien zal dan de HEER, de God van de hemelse machten, genade schenken aan wie er overgebleven zijn van Jozefs volk. 16 Daarom – zegt de HEER, de God van de hemelse machten, de Heer – zal er op alle pleinen worden gerouwd, in alle straten gejammerd; boeren worden opgeroepen om te weeklagen, klaagzangers om te rouwen, 17 en ook in alle wijngaarden zal er worden gerouwd wanneer ik zelf in jullie midden rondga – zegt de HEER.
18 Wee degenen die verlangen naar de dag van de HEER! Wat zal hij jullie brengen, de dag van de HEER? Duisternis, geen licht. 19 Zoals wanneer iemand die vlucht voor een leeuw, aangevallen wordt door een beer, en dan, als hij een huis binnenvlucht en met zijn hand tegen de muur leunt, gebeten wordt door een slang. 20 De dag van de HEER zal duisternis zijn, en geen licht; aardedonker, zonder glans.
21 Ik heb een afkeer van jullie feesten, ik wijs ze af, jullie samenkomsten verdraag ik niet. 22 Ik schep geen behagen in de brand- en graanoffers die jullie mij brengen; de vetgemeste beesten van jullie vredeoffers keur ik geen blik waardig. 23 Bespaar mij het geluid van jullie liederen; de klank van jullie harpen wil ik niet horen. 24 Laat liever het recht stromen als water, en de gerechtigheid als een altijd voortvloeiende beek.
25 Israëlieten, hebben jullie mij die veertig jaar in de woestijn ooit zulke offers en gaven gebracht? 26 Nu zullen jullie de beelden die jullie zelf gemaakt hebben – je koning Sakkut en je sterrengod Kewan
met je mee moeten dragen, 27 want ik zal jullie in ballingschap voeren, tot voorbij Damascus. Dit zegt de HEER, wiens naam is: God van de hemelse machten.
AMOS.5:14--27




