Haiku
Aarzelend het zonlicht:
op de vijverspiegel glanst
een goudgele straal.
Edith Oeyen
Gedichten: Edith Oeyen, poëzie is mijn passie
HaikuAarzelend het zonlicht:
op de vijverspiegel glanst
een goudgele straal.
Edith Oeyen
LEEF IK
leef ik op schaarse droogte
verdord als zand in de woestijn
verbannen ben ik
op honger tot stervens toe
wie zal herkennen
de kleur van paarse pijn
als ik onbereikbaar
zandkorrels schik in het duister
op het strand van verlatenheid
de zee spoelt met heimwee
al mijn wensen mee.
Edith Oeyen
HIJHij kijkt me aan alsof hij vragen wil
zijn de uren voorbij
de dagen en de jaren
ik blijf staan en zwijg
kijk met grote en
verbaasde ogen naar zijn blik
die zich vastkleeft op de grond
waar het gesteente dagzoomt
de foto op de schoorsteen
is van jaren geleden
oud.
Edith Oeyen
GEEF IK HET LEVENGEEF IK HET LEVEN
En nu ik dans
wil ik proeven van het licht
dat het vlakke land
vol glorie zet
verloren beelden zoeken
die als een mysterie verdwenen
in de zon
dan de deur openen
luisteren naar de wind
zien hoe bomen wiegen
in volkomen stilte
sporen vinden in het wit
als aantekening voor morgen
wanneer dan de schaduw verdwijnt
en ik het ritme van mijn hartslag volg
geef ik het leven een naam
en dans als in een droom.
Edith Oeyen
EEN BOOMEEN BOOM
Het landschap droomt even:
al het goud van het bos schijnt op mij
als de regenboog hoog stralend staat te buigen
hij spreekt de taal van kleuren
is de sterkste van de dag
verslaat de regen en helse buien
maar ik die hier zo sta te staan
blink door de druppels van daarnet
mijn takken zijn beweeglijk
wiegen op het ritme van de wind
ik ben een tevreden kind
verzadigd door het licht van de dag
tracht ik naar de nacht
naar rust en vrede
want mijn taal laat verbeelding los
wiegend in het avondrood
zwaai ik met mijn armen
geef mijn stem aan hen die luisteren willen
een bron van energie
het landschap ademt zoveel woorden
voor jou en jou en iedereen.
Edith Oeyen


KVLV Beverlo stelde vorige vrijdag 3 mei het lijvige boek voor: Van Boerinnenbond tot vrouwen met vaart. Dit naar aanleiding van het 90 jarig bestaan van de vereniging. Niet minder dan 153 personen waren aanwezig en konden genieten van een zeer geslaagde avond.
Zeg toch niet 22
Zeg toch niet dat alles over is,
als je in de spiegel kijkt en zomaar
raadsels wil ontraadselen, als je
de luister van de avond wil herbergen
in een voorjaarnacht, waar muziek
het koele licht verwarmt tot glans
in je verliefde ogen
Zeg toch niet dat alles over is,
als je ontwaakt in een ochtend
waar jonge mensen dansen, als
je kijkt in de ogen van een jonge
bruid, getooid in een zachtwitte
jurk, en zij wil vertoeven in een paradijs
waar nectar geschonken wordt
zoek niet tevergeefs naar geluk, want
de mooiste bloemen worden zomaar
uit het struikhout geplukt.
Edith Oeyen
Zeg toch niet1
Zeg toch niet dat alles over is,
geef het nog een kans,
de tijd die rest van nu tot dan,
vertel over onverwachte dingen,
over de zon die schijnt,
over de maan die zwijgzaam is,
over het gemis van ons samen
Zeg toch niet dat alles over is,
er is zoveel herinnering van toen
tot nu, en alles wat er tussen was,
geef ons nog de tinteling
in ons bloed, het jong zijn
en zoveel tederheid die
ons samenbracht
Ik weet het, er was enkel
de nacht die sterren toverden
tegen het donkerblauw
Edith Oeyen
NABERPASSAGENABERPASSAGE
Wanneer ik slenter
langs de straten van de stad
breekt het zingen van de vogels
want door hun lied van sneeuw
klinkt droefheid
smalle stegen herbergen heimwee
in hun schaduwval herken ik één
de Naberpassage
eens dansten er argeloze meisjes
maar hun vlugge voeten
werden door de jaren getekend
nu zoek ik naar een blauwe hoek
waar ooit iemand de liefde vond
ik luister verder
hoor niets dan de stilte
en droefheid in zijn voegen.
Edith Oeyen
Zie hoeZie hoe blauw het wit overstijgt
hoe de lucht drijft boven het water
hoe golven deinen op en neer
hoe een boot vaart in de verte
hoe zijn mast wappert in de wind
het geeft me rust en vrede
ik leg me neer op het strand
het zand is mijn bed tot de zee
haar vloed mij verjagen zal.
Edith Oeyen
Als dit de dagAls dit de dag is dat ik sterven moet
geef me dan nog wat zonnelicht
geef me dan even het geluid van de stilte
geef me dan nog een kinderlach
of een stem die me bekend in de oren klinkt
geef me dan nog wat warmte van je hart
maar laat me niet eenzaam gaan
op de dag dat ik sterven moet.
Edith Oeyen
Na jarenAan mijn overleden vader
Na jaren grijpen we weer naar herinneringen
aan het land waarop jij liep
aan de nachten waarin jij sliep
ook de zachte weemoed
om dit heengaan
zal in ons denken blijven bestaan
maar denken we weer aan jouw lach
of aan jouw jubelende stem
er zegt iets in mij:
wij hielden zo van hem.
Edith Oeyen
Als angstAls angst je beklemd
eenzaamheid je mantel wordt
weer die woorden
zich herhalen in je hoofd
verwarring brengen
en je hulpeloos maken
zoek dan naar dat streepje zon
het geeft je warmte
een goed gevoel
misschien weer moed om verder te gaan
in stilte te leven met hetgeen je kwelt
tot je dat streepje zon voelt in je hart
vlinder wordt en
weer vrij kan bewegen.
Edith Oeyen
PUKKELPOP 2PUKKELPOP 2
En dan
werd het een zwarte dag
regen raasde razendsnel
hagel
bliksem
donder
storm zaaide paniek
angst vergrootte vele ogen
als anderen renden voor de dood
zo zwaar als lood hun benen
een aanslag op het grote feest
dat opgewekt moest zijn
nu vreet de pijn in hart en ziel
om hen die het leven lieten
gewonden huilden
werden afgevoerd
er was onrust in vaders moeders hart
verstomd stonden anderen te kijken
en dan de realiteit was hard
tenten werden neergegooid
bomen omgewaaid
een ravage hier als reinste moord
geen woord wordt nog gesproken
sirenes loeien overal
hulp komt snel op gang
solidariteit in omgang groot
brengt mensen bij elkaar
maar als de ontnuchtering valt
is het zonnegordijn gevallen
twijfel of het nog komen zal
het grote zomerfeest
waar blijheid zegeviert
ach waarom treft men hier de jeugd
wat heeft zij toch misdaan
ondanks de vragen is er nog hoop
wij moeten verder gaan
al was het een zwarte dag
morgen lacht weer een lach.
Edith Oeyen
PUKKELPOP 1PUKKELPOP 1
Van vreugde genieten jong zijn
zingen
dansen
en onbezorgd de dagen tellen
zo was alles voorzien
tot onverwacht de weergoden
hun zwarte gedachten
over de weide stuurden
regen
storm
hagel
wind
niet te tornen
een ravage aangericht in zo weinig tijd
het onheil was geschied
jonge mensen diep in rouw
pijn
twijfel
verdriet en angst
bewonen hun hart
zoveel vrienden zijn niet meer
anderen lijden de pijn
zal er ooit nog een pukkelpop zijn
zonder zwarte herinneringen
wij voelen mee en schudden het hoofd
om zoveel onbegrip
bidden om sterkte
voor degenen die vertwijfeld
staan te kijken.
Edith Oeyen
Stilte 1STILTE 1
Stilte is de vrede zoeken in jezelf
verbonden zijn met de kosmos
waarde geven aan kleine dingen
weerklank vinden bij een zielsgenoot
stilte is baden in het zeewater
de golven omarmen en kussen
wit zand strelen in een verhaal
schuchter kijken van op een bank
stilte is op een platte tegel staan
de pijn in je lijf verbijten
bidden om het palmriet dat buigt
reisleider zijn naar je eigen ziel
stilte is een tafelgast zijn
die de stilte als hoogste erfgoed
weet te waarderen.
Edith oeyen
ze zijn er weerZe zijn er weer
Ze zijn er weer
de kleine beestjes die sluipen
ongemerkt
niets helpt dan
geen plaquenil
of dafalgan
geen mobic
of gambaran
steeds weer kruipen ze
van boven naar onder
net of ze kunnen niet zonder
ik vraag me af waarom ze het doen
kennen ze geen fatsoen
hebben ze de pest aan mijn lijf
eten ze daarom hun buikje stijf
plagen ze me daarom zo
niets helpt dan
geen mobic
of geen dafalgan.
Edith Oeyen
NachtTussen avond en morgen
ligt de stilte van de nacht
wij slapen dan de schuld
en onschuld naar verleden tijd
hopen dat de duistere uren
onze schouders verlichten
opdat wij het ochtendlicht
tegemoet kunnen zien
met grote blauwe ogen.
Edith Oeyen
WiebelWiebel wabbel wiebellicht
luister eens naar een gedicht
want het is gedichtendag
zie de kinderen met hun lach
hoe de zenuwen door hun gieren
zou de uitslag hen plezieren
of moeten ze weer een jaartje wachten
dan naar een prijsje trachten
zullen we maar vlug beginnen
want ze zijn nu allen binnen
ik houd de spanning er niet langer in
vertel de uitslag met heel veel zin.
Edith Oeyen
geschreven als inleiding bij de uitreiking van de poëzieprijs van de jeugd op 28/01/2011
