Naar de inhoud

Gedichten: Edith Oeyen, poëzie is mijn passie

elke dag een gedicht
seniorennet.beseniorennet.be

 

JIJ PARADIJSELIJK LANDSCHAP

 

Hier te zijn is genieten

van een kleine gelukservaring

het is leven in de dans van de tijd

 

dit achtergronddecor

is in stilte gehuld

terwijl het dorp in de verte

lachend wenkt

 

jij paradijselijk landschap

jij bent het symbool van lente

jij geeft ons zuurstof en helderheid

het is een geestelijk feest hier te zijn

 

deze confrontatie

tussen winter en zomer

brengt ons in een sfeer

van innerlijke vreugde

 

geef ons de wijsheid

onze dichterlijke ziel te bewaren

in harmonie met de natuur.

 

 

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 11:07 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

1)      Bij een schilderij van Jan Vanstraelen

 

 

Haar grote zeeblauwe ogen
kijken vol onzekerheid

of is het weemoed die te lezen staat

zij droomt van mildheid in het leven

 

de liefde die op haar lippen brandt

wil zij delen met jou


als zij dan ontwaakt uit haar droom

en realiteit haar omringt

vindt men zoveel gratie
in haar houding

 

wind speelt met haar rode lokken

geeft vleugels aan haar jong zijn

zilverwit is het aangezicht

als maanlicht stralen werpt 

haar hals geaccentueerd
door warme kleuren

doen zelfs slapende bloemen ontwaken.

 

Edith Oeyen

 

Geschreven door Edith Oeyen om 12:36 1 reactie Reageer op dit bericht

Ze schreef een woord
een aanmoediging

zoals ik van haar gewoon was

correct en in een stijl

van beleefdheid

 

 ze was steeds een voorbeeld

een vrouw met klasse

die onverwachts uit de hoek komt

 

haar zachte stem doet wonderen

zalft en heelt

haar kinderen weten hun

rijkdom groot door haar

haar man is een geluksvogel

 

 en zij is de dochter van haar vader.

 

 

Edith Oeyen

 

Geschreven door Edith Oeyen om 12:31 Reageer op dit bericht

Nu de zon schijnt in felle glorie
wil elk kind badwater in zijn tuin
schouders worden langzaam bruin en
alles krijgt een ander kleur

ook de geur van bloemen wijzigt
maar als de avond valt
geniet ik van wat frisse wind
want ook ik ben een kind
dat spelen wil en leven
al is het elke dag maar even

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 09:54 Reageer op dit bericht

Beringen 1

BERINGEN 1

 

 

Rond slenterend door de straten, zal ik

niet ontkennen dat ik van je hou

met de jaren vergroeid en steeds meer beleefd

met stadsgenoten zoek ik soms de rust op

 

gedreven door de passie voor het mijnverleden

grasduin ik vaak rond in het museum van toen

denk terug aan de eerste dagen van hier te

wonen of hoe lang geleden toch dichtbij is 

 

mijn kinderen groot verzeil ik wel eens alleen

in het grote bos achter mijn huis daar vind ik dan

de heimwee van het dorp in de stad en weet dat

elke dag die nog zal komen een welkom geschenk is 

 

rond slenterend door de stad proef ik de verschillende

culturen en weet Beringen een woonplaats voor velen.

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 09:46 Reageer op dit bericht

ZE IS DEGENE

Ze is degene die alles aankan

zo lijkt het toch

soms verpinkt ze een traan

 laat zich even gaan

en pakt dan de draad weer op

ze is een voorbeeld voor velen

een sterke vrouw zoals er weinige zijn

haar eigen pijn verbijt ze naar morgen

en lacht met de zon

om de regenbui die voorbij trok

 

als een vogel fluit ze

haar lied van het leven.

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 10:20 Reageer op dit bericht

SMEKEN OM ONSTERFELIJKHEID

 

SMEKEN OM ONSTERFELIJKHEID

 

En dan

mijn liefste

zal ik zingen als jij bij me komt

of wacht ik tevergeefs de uren

 

de dageraad is mild geweest

dauw legde zich op rozen

zwaluwen vlogen de ochtend open

plots voelde ik een weke pijn.

 

was het een verlangen

of het knarsend vuur

dat mij verbrandde?

 

het licht

dat jong de dag inviel

deed mij denken aan mijn jeugd.

 

waarom mijn liefste

zijn woorden zo bewegingloos op papier

zijn ze zo sprakeloos als ik

wanneer je mij omarmt?

 

klopt ons hart de woorden uit elkaar

of zijn ze voor de

eeuwigheid bestemd?

 

doorschijnend was de middagzon

broos en breekbaar

als kristal

sluiers die om bloemen hingen

werden vlindervleugels

overvloeiend in eigen kleur.

 

door dit aanschouwen

werd ik week als brood

terwijl je naam op mijn lippen lag.

 

loom werd ik

door zonnestralen,

sloot mijn ogen zag mijn graf.

 

de huiver heeft mij neergebogen

aarde werd toen aangeraakt.

 

maar ja

mijn liefste

ik was getuigen

toen de zon weer onderging.

 

vele nachten zijn sinds

reeds gekomen

bange vogels vlogen heen

doch in stilte was de avond en mijn ik alleen.

 

ik zocht de klank

van je huid

je eenzaamheid tussen het gras.

 

het hemelsblauw gaf weer hoop

deed zachtgebekte vogels zweven,

zwervers worden tussen jou en mij

 

hoe prangend zijn mijn vragen

hoe schamel is mijn troost

als ik niet weet

hoe meeuwen overleven

in de winter

 

geheiligd is dit zwijgen

de zang van engelen is bedroefd

hun vleugels zijn gescheurd

zij leven nu met stille stem

en kennen onze pijn van dagen

 

ik wandel door een doolhof heen

zoek tegenspraak in mij

de vragen in een glazen stulp

waarop het antwoord steeds ontwijkt

 

zeg me liefste

waarom beeft zo vaak mijn hand

en trilt mijn stem bij spreken

 

waarom struikel ik van weemoed

betast ik de bodem van de put

hoop ik op warmte van je liefde

het vuur de onderhuids brandt

 

weet je liefste

we kennen de geheimen

van verdriet en afstand houden

maar voelen ook de pijn

 

mijn hart is als een gebarsten glas

dat naar zachtheid van je lijf verlangt

 

nauwelijks nog zeg je mij

hoe ik rusten kan

ik strek mijn vingers naar de jouwe

maar kilte voelt

de slaap van ver

 

dan denk ik morgen

morgen vlucht ik uit mijn huid

doorbreek de eenzaamheid

met roepen hoe de regen schrijft

dat we beiden wachten op elkander

 

is het soms de dwaze wind

die onze wegen scheiden doet

 

hoe ik ook vecht

bomen slaan woest hun takken uit

bessen tonen de kleur van schaamte

als ik even dood wil zijn

 

maar mijn liefste wat is leven

als ik niet als de vogels ben

vrij

onbezorgd

met sterke vleugels

smachtend naar jouw blik

 

weldra is het weer augustus

dan oogst men vruchtbaarheid

uit korenhalmen

en scheurt men de kalender af

 

dagen korten

avonden worden langer

hoe moet ik leven

als ik steeds maar dwalen moet

zoekend naar die glim

luisteren naar

de afwezigheid van je stem

 

ik wil in je woorden liggen

maar ook bij nacht liefst in je bed

 

heb je

je pijn reeds verbonden

of wacht je

tot ik een pleister plak

 

is het geen kalvarie

te weten dat de tijd verglijdt

 

mijn huis is ook je onderkomen

ik geef je de sleutel van mijn hart

bezit met mij de kleine dingen

stelp het bloeden diep in mij

 

sus mijn angst

maak me reiziger bij jou

laat de onrust in mij  sterven

gun me rust

na dit pijnlijk bonzen van mijn hart

 

mensen rondom ons

kijken nieuwsgierig

ze weten en ze weten niet

wat liefde al vermag

 

zeg me de waarheid

kleur mijn leven

of leef je in verborgen zwijgen

laat je me de twijfel

uit de bomen

 

of ben je herder

hoeder

of behoeder

die soms maar

het roepen hoort

 

weet je

liefste laat me doorbreken

in je dromen

geef me bestendigheid

in je bestaan

of is het waan te denken

dat je me in de morgen wekken zal

met je armen om mijn middel

 

dat we samen rijden naar de zee

dat we in bewondering staan

voor wegberm in rode gloed

waar papavers wuiven

naar een zomerlied

 

ach liefste

al bezitten we geen jeugd meer

hunker kent geen tijd

wie heeft in ons de vlam ontstoken

die wakkert en soms laaiend wordt

 

welk is het bindmiddel

dat ons samenbrengt

 

zijn het de eindelozen woorden

is het de liefde die steeds groeit

is het de zwerver die ons stuwt

is het

het ongezien verlangen

 

als straks

mijn liefste

je schaduw een rustplaats zoekt

kom dan naar dit huis

waar zwijgen wordt doorbroken

en eenzaamheid wordt

weggestuurd

 

en als dan

mijn liefste

je zachter liggen wil

kom dan dicht bij mij

laat ons beminden zijn

die smeken om onsterfelijkheid.

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 00:00 Reageer op dit bericht

WEERAL IS DE TIJD

 

Weeral is een tijd voorbij

van zon en wind en regen

bloedwarme dagen vergezelden ons

 

heimweepijn bewoont ons hart

nu dagen veel licht verliezen,

 

weldra groeien weer

kristallen bloemen op het raam

staat het riet roerloos bij de bijver

 

en nu wij weer die glimlach zien

van vrienden rondom ons

lijkt het alsof wij

een wonderbaar fluisteren

door onze aderen horen vloeien

 

in de schemer van het najaar

slaan wij onze vleugels uit

bij een vleugje poëzie

 

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 16:38 3 reacties Reageer op dit bericht

ontkennen dat

Ontkennen dat jij

 

 

Nu de zomer voorbijglijdt

en ik kwetsbaar

sta te prevelen

elke stilte aanwezig voel

wil ik luisteren naar ons hooglied

 

Een weg geplaveid met liefde

zakt onder mijn voeten weg

om mijn schouders

hangt de kille eenzaamheid

nu jij weer bij haar bent 

 

als dwaler in de tijd voel ik

mij verraden

tot de telefoon overgaat

en jij in zachte klanken

van omhelzen spreekt

 

ontkennen dat jij van mij houdt

is een leugen

het is de status

die  tussen ons staat.

 

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 16:37 Reageer op dit bericht

IN DE VERTE

 

 

Heerlijk hoe dit land

in alle stilte rust

kleur strooit in zachte tinten

 

de adem van de bomen

ruist lang mijn haren

die opwaaien in het blauw

van de lucht

 

hoog boven ons zweeft een vogel

hij breviert zijn dankgebed

om zoveel zon

 

de schoonheid van lente is een mysterie

die beelden voor onze ogen tovert

 

er is zoveel afstand

tussen lucht en land

en toch raken ze elkaar

 

in de verte.

 

 

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 09:49 Reageer op dit bericht

Ik Wandel

Ik wandel door de kille dagen

vind ijsbloemen op het raam

en in mijn voetsporen

de herinnering aan het voorbije jaar 

 

er was veel te beleven

pijn, verdriet en vreugde 

maar voor mij ligt een nieuw jaar

met zoveel doordeweekse dagen

en hoop op meer geluk                                      

 

gehuld in nevel ontwaar ik een glimlach

deze stuur ik aan jou

en wens jou de vreugde toe

van duizend rozen in een zomerpark.

 

 

Edith Oeyen

 

 

Geschreven door Edith Oeyen om 09:47 Reageer op dit bericht

Bespreking

Een naald zonder oog

Gedichten van Edith Oeyen

 

EEN BUNDEL UITZONDERLIJKE GEVOELSPOËZIE

 

De knieprothese als ondertitel van een gedichtenbundel. Het verdict, de operatie, het verblijf in het ziekenhuis, de revalidatie als bronnen van inspiratie. Het lijkt mij zoiets als het kappen van een ruwe steen tot hij kubiek wordt. Hij krijgt een nieuwe vorm, maar de inhoud blijft gelijk.

Dit leken mij geen items waarbij een dichterlijke ziel zich geroerd voelt. In dit orthopedisch landschap van bevroren tranen vind je enkel “verbeterde operatietechnieken”, zoals dokter E. Van Vlerken in het voorwoord schrijft.
Ik maakte echter een grote inschattingsfout: patiënte Edith Oeyen schreef een bundel uitzonderlijke gevoelspoëzie. Authentieke gedichten, geen sentimentaliteit, geen trukenpoëzie.
 
De originele wijze waarop zij dokters, verplegers, kinesisten, therapeuten een poëtische identiteit geeft, is knap vakwerk. Doorheen gevoelens van pijn, opluchting, onzekerheid, vreugde en verdriet geeft zij haar medespelers de plaats die hun toekomt. Zij schreef een “document humain” dat niet alleen veel zegt over de boodschap, maar evenveel over de boodschapper: een dichteres die de helende kracht van woorden bezit, die verwoordt en verbeeldt wat zij denkt, voelt en aanvoelt.
Een naald zonder oog is een multifunctionele bundel: een relaas, een dagboek, een handleiding voor lotgenoten.

Op meesterlijke wijze analyseert de dichteres wat haar overkomt. Ook in Een naald zonder oog is dat de drijfveer van haar schrijven: overleven! Zij doet dit altijd op een diep doorleefde manier, authentiek, niet aangedikt, geen pose, tegen een sober decorum. Een naald zonder oog straalt zoveel persoonlijkheid uit, lees: morele moed, die nergens wordt verstoord door opgeklopte ontroering.

Ook nu brengt zij op een verfijnde wijze verslag uit van haar medisch avontuur.

 

De titel van haar bundel, Een naald zonder oog, deed mij bij een eerste lezing niet nadenken, zelfs geen frons, tot ik in een eerste versie van mijn recensie de titel las als: Het oog van een naald. Door het oog van een naald kruipen: nauwelijks aan een gevaar ontkomen, net goed afgelopen, op het nippertje. Zeg nu zelf: zijn dit niet de juiste woorden om te zeggen dat de kapotte knie is hersteld, dat de knieprothese goed is geplaatst?

 

Waarom Een naald zonder oog als titel voor een poëtisch dagboek? Biedt een naald zonder oog geen uitzicht op wat komen zal? Is dit de reden waarom de dichteres worstelt met inzicht in haar toestand, waardoor twijfel, wanhoop, angst ontstaan?

 

De bundel kunnen wij indelen in twee delen:

            deel 1: één: de prefase of alles wat haar overkomt, hoe ze zich voelt, wat zij erover (na)denkt, de             beslissing, twéé: in het ziekenhuis: de opname, de gesprekken met de anesthesist en de dokter,    de eerste operatie, op intensieve zorgen, het bezoek, haar contact met verpleegsters en        verplegers, haar hoop op beterschap, drie: naar huis, de kine, de controles, de (te) trage    beterschap,

            deel 2: één: een nieuwe opname, tweede ingreep, het begin van genezing (het kunnen plooien),    twéé: een jaar later, een tweede opinie, een nieuwe afspraak, een nieuwe opname, een nieuwe     operatie, de hulpverlening, de kine, de hoop, de ergotherapie, drie: nieuwe hoop op beterschap.

 Uit bovenstaande opsomming (de structuur van de bundel) blijkt duidelijk dat de omschrijving “poëtisch dagboek” juist is. De wijze waarop zij haar dagboek verwoordt, is voor mij niet alleen origineel (orthopedie en poëzie hebben weinig of geen affiniteit), maar vooral beheerst, ontroerend toch hoe zij met haar gevoelens omgaat, hoe zij twijfel, angst, hoop, boosheid, dankbaarheid oproept. Dit is een gave die aan weinig dichters is gegeven: in dezelfde verpakking (dagboek), in dezelfde omstandigheden (tijd maken voor poëzie) en in een zelfde woordverkeer het plaatsen van een knieprothese als onderwerp van een gedichtenbundel kiezen.

 

Ik heb woorden (begripswoorden) als pijn, kwelling, vertrouwen, hoop, tijd, angst in de bundel aangestreept, om de wijze te duiden waarop Edith Oeyen poëtisch en vruchtbaar aan het delven is geweest. De gelaagdheid van haar gedichten is opvallend. Zij heeft haar dagboek, dat drijft op lyrische ontboezeming, ondersteunt door nieuwe ervaringen en ingevingen. Haar observaties leiden tot een levenswijsheid die niet iedereen gegeven is.

 

Bij het lezen van de meeste gedichten word je stil, doodstil. Hoe vaak en hoe diep moet zij zich over deze specifieke gebeurtenis in haar leven gebogen hebben om dit zo intens te kunnen verwoorden. Wat zo simpel lijkt, en haar zo groot maakt is als dichter, is de wijze waarop zij voortdurend het geleefde leven condenseert in versregels.

 

Soms begrijp je de diepere betekenis pas na een tweede lezing. Op het eerste gezicht lijkt het gedicht zo eenvoudig dat niets wijst op de gevatte verwoording. Omdat zij het experiment schuwt en zich niet waagt aan woordspelletjes en spitsvondige taalcreaties en zich nooit beweegt op de rand van helderheid en ontoegankelijkheid, wil niet zeggen dat zij geen goede poëzie schrijft. Zij verwoordt haar gevoelens en gedachten in een eenvoudige, particuliere taalkleur.

 

Argeloosheid, twijfel, vlucht zijn de drie emotionele “kwaliteiten” die in elke bundel van haar opduiken en die zij zorgvuldig met elkaar mixt in poëzie. In Een naald zonder oog was de kans groot dat de dichteres zou vervallen in egotripperij, maar de wijze waarop zij het decorum omhult, haar gevoelens herkenbaar verwoordt, de taal beheerst, verhindert deze valkuil. Bovendien koos zij wijs voor de derde persoon.

 

 

wilde een vlinder omarmen

die opvloog

blz. 29

 

terwijl zijn zachte stem

een lied in haar liet zingen

blz. 41

 

droefheid weent

in de poriën van zijn huid

blz. 50

 

ze is een spring-in-’t veld

die huivert

als iemand een traan verpinkt

blz. 65

 

Wat mij eveneens opvalt, is de zorg waarmee Edith Oeyen elk gedicht en de volledige gedichtenbundel opbouwt. Ik wees hierboven al op de structurering, maar er is meer: op het einde van elk gedicht slaat zij een brug naar de werkelijkheid buiten haar, naar de natuur, de wereld van gezonde mensen. Deze eindverzen geven het gedicht niet alleen een pointe, maar zij zorgen vooral voor breedbeeld, een venster op, een verankering in de wereld van de lezer.

Enkele voorbeelden:

blz. 9: de avond daalt reeds/in de verte

blz. 17: de winter is nog veraf/dan volgen vleugels vol sneeuw/en dromen kinderen van spelen.

blz. 19: het weiland in de verte/draagt nog steeds een groene kleur.

blz. 21: opwaarts vliegt een vogel/die naar vrede smacht.

blz. 22: met jonge tederheid/omarmt ergens moeder/een kind dat lacht.

blz. 24: de nacht heeft in stilte/dauw op het gras gelegd.

blz. 25: de dood is een witte vlinder/die geurt naar nacht.

blz. 33: schaamteloos loopt een vos/door de donkere nacht onhoorbaar haast/likt hij zijn lippen.

blz. 35: het was hopeloos tasten naar jong mos.

blz. 45: het is al te lang wintertijd geweest.

 

Het beeld dat zij voor de titel van haar bundel koos, komt voor in het gedicht “Doelloos tasten” (blz. 35):

 

Hoeveel duisternis

moest ze doorstaan

vooraleer ze weer rozen zag

 

bezoekers waren

soms als een profeet

elk had zijn verhaal

vertelde over lange tijd

vertelde over hoe het moest

 

pijnstillers

pijnstillers

 

ze telde de strepen op de muur

voelde zich verstrikt

in een lus vol twijfels

 

trachtte de boosdoener te ontmaskeren

maar hoe dan ook

het was een naald zonder oog

een nacht zonder licht

 

het was hopeloos tasten naar jong mos

 

Edith Oeyen is een dichteres die met gevoelens om kan. Ook wanneer zij nauw betrokken partij is, overstijgt zij haar eigen wereld.  

Warm aanbevolen.

 

 

Thierry Deleu

 

Edith Oeyen, Een naald zonder oog, KVLS, 2009, ISBN 978-90-8003-020-6

   

 

Geschreven door Edith Oeyen om 09:46 Reageer op dit bericht

Met voorzichtige handen

Met voorzichtige handen
tasten wij allen naar tederheid
zoeken wij naar woorden
want soms zijn wij breekbaar als ijs.

gehuld in
een oase van vreugde
verkennen wij
de blauwe hoek van de nacht
die een ster verbergt

sprakeloos staan we dan
in een land vol rozen en dromen
wanneer novemberwind
als een schaduw
in de lucht hangt.


in het speelse najaarslicht
ben ik een vlinder
die naar voorjaar vraagt

de geur van bossen
doet me denken aan hen
die er niet meer zijn

ook zij krijgen van mij een groet.


Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 13:44 Reageer op dit bericht

Zo ver in het verleden

 woont ze nog even in mijn denken

gerimpelde huid

getaand door de zon

geplaagd door leed en zorgen

 

 toch draagt ze een glimlach mee

roept de verte aan

als ik naar haar toe komt

gelukkig  in haar kleine hebben

geeft ze al wat ze heeft

aan haar kleindochter

niet beseffend wat ze heeft doorstaan

 grabbelt deze door de tijd

en ontdekt welke goedheid

de vrouw bewoonde

 

jaren geleden hield haar adem op

huiveringen lopen over haar rug

haar grootmoeder was een arm-rijke vrouw

 



Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 09:56 Reageer op dit bericht

Soms zingt er een lied in mij

droefheid  klinkt uit de noten

dan wil ik vluchten uit mezelf

en roepen om wat zon

 

’s morgens vroeg tel ik

de dauwdruppels

en langzaamaan verdwijnen ze

met mondjesmaat laten ze

de zon binnen

en traag ontdooit dan

in mij de echte ik

 

en lach

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 08:48 Reageer op dit bericht

vergaan

Vergaan van eenzaamheid in dit apenland

waar niemand vraagt of het gaat en

waarom jij weent in de nacht

of door het duister slentert

waar elk uur de klok zwaar

en moedeloos een slag slaat 

waar de bomen zwijgen en

enkel ruisen in de wind

waar de sterren kijken zonder te stralen

waar de zon schijnt

steeds weer voor anderen

 

vergaan van eenzaamheid

in dit apenland

ik sterf een langzame dood.

 

Edith Oeyen

Geschreven door Edith Oeyen om 16:58 Reageer op dit bericht

Meer van Gedichten: Edith Oeyen, poëzie is mijn passie

↑ Terug naar de berichten