Ingeslapen blauw
Ingeslapen blauw
De avond
heeft zijn stem
verloren
nu
de wind
zich heeft verscholen
zwijgt hij
in duizend bomen
blad na blad
bladstil
Pp
Ik kan niet schrijven zoals jij leest ...
Ingeslapen blauw
Ingeslapen blauw
De avond
heeft zijn stem
verloren
nu
de wind
zich heeft verscholen
zwijgt hij
in duizend bomen
blad na blad
bladstil
Pp
Acacia
Acacia
Even het gordijntje open schuiven.
Zo zie ik de ochtend beter.
Hij hangt nog sloom te blozen in de acacia.Het groen glinstert regennat.
Druppels poëzie beven op de bladren.
In de palm van weemoedige woordendrinken ze zich zat
aan de dag van gisteren.
En de vertrekkende nacht.Ik laat ze rusten op de takken.
Als letters die papier kussen.
Straks vallen ze van hun lippen.
Pp
Taal
Taal
Er zijn mensen die communiceren
zonder woorden.
Zij praten met hun vingers.
Een groene taal. Boeketten vol.Architecten bouwen ruimte.
Laten stenen spreken. Rondom.
Binnen is soms ook buiten.
Glasgewande ingewanden.Schilders schrijven
kleuren.
Hun canvas schept
leven.Met verwondering
kijk ik.
Met bewondering
schrijf ik.Armtierig ben ik,
want ik heb woorden nodig
om tot bij jou
te komen.Was ik maar
een muzikant
dan sprak ik
een taalzonder woorden ...
Pp
Jaloers
Jaloers
Zelfs
op mijn schaduw
ben je
verliefd
op m'n schuim
bij het scheren
ben je
jaloers
en verzet
ik m'n voeten
sta ik
op je tenen
zo close
ben je weg
van mij
Pp
Een blauwe prelude
Een blauwe prelude voor mei
De zee
zingt zomers in de bomen.
En de wind
golft heftig door hun kruinen.
Ze kreunen zachtjes
onder zijn genadeloos gebeuk.
Groene golfbrekers
in een landerige lucht.
Witte hitte
schildert schuwe stilte.
En luierende wolken
sluieren de hemel.
Gezegende aarde in mei.
Ging het maar nooit
voorbij.
Zo weerloos van waarde ...
Pp
Alles van waarde is weerloos
(Lucebert)
Later, als ik ...
Later, als ik ...
Liefste, als ik ooit
in het land van niet meer weten
ben gearriveerd
ideeën immobiel
gezeten in een zure zetelvergeet dan niet
de ochtend namens mij te groeten
en eer je naar me komt
nog vlug 'n zesgranenspeculoos
van Lotus voor me te gaan kopenje zag het niet
maar elke morgen
maalde ik traag en teder
dat exquis genot
op het bedje van m'n smaakpapillenwil jij ook, asjeblief,
nog even die kruimel
uit m'n mondhoek vegen
en hem heel secuur poneren
op het puntje van m'n tongen ik zal
tastbaar in je ogen kijken
en spreken
zonder woorden
want lang al ben ik die vergetenLiefste, ik vraag je nu
wat ik later niet meer kan
zie me graag
en leg dat kussen even anders
en dan weer anderslaat me
naar de ochtend zien
en de koelte in m'n armen nemen
ik zal je dankbaar
niets meer zeggen
Pp
De vrouw die zichzelf vergat
De vrouw die zichzelf vergat
Zij verdween
amper de grens van vijftig
overgestoken
vanuit het Land van Ooit
naar
de Wereld van Nooit meer Weten
Onderweg
verloor zij
de landkaart van haar leven
haar geheugen
werd haar graf
waarin mensen en woorden verdwenen
vergeten
was alles
wat zij nog bezat
Amplitude
Amplitude
Zelfs op lippen van velours
sterven mijn blauwe vogels
een vederlichte dood
als ze hun witte nest verlaten
ze zijn geboren op papier
in woorden zonder oren
geschreven om te lezen
met geloken ogen
om te horen zonder stem
te luisteren
naar de golven van een pen
Bootje verdriet
Bootje verdriet
Ik teken
in het water
rimpels
van een gebroken lach
en vaar
met natte vingers
naar jou
raap je druppels samen
en lijm
je tot stukjes
vrouw
ik zet je over
Pp
Ontmijner
Ontmijner
De overspelige ochtend
verplant het verlangen
van een ontgonnen vrouw.
Haar hongerige huid
vlijt zich neer aan de boorden
van m'n basale begeerte.
Melkwitte velden
versmelten, ik ontmijn
haar ontklede trouw.
Golf als kolkend koren
over haar krochten,
weids en zonder berouw.
Het sneeuwt over haar zonden,
ik schreeuw meeuwen,
ze sterven in haar hortende haven.
Pp
Zakdoek leggen
Zakdoek leggen
Verdriet zo groot als een zakdoek.
Troost is zo broos als het sussen van moeder.
Later lijkt nog eeuwig ver weg.
En de hemel ligt in de armen van een ander.
Nu later, gisteren en vandaag is geworden.
Sparen wij de zakdoek voor morgen.
Wij worden slomer. De tijd vliegt ons voorbij.
Nog even vertragen bij haar. Zij legt de hemel rond mij.
Pp
PS.
Zakdoek leggen is een kinderspel.
Gewoon intikken bij Google indien u meer informatie wenst.
Hoe
Hoe
ontrafel ik de ochtend
in een woordenloos gedicht
lees ik de taal
van 't langoureuze licht
en hoor ik de stilte
die over letters sluipt
hoe
demp ik de dag
die m'n oren binnen kruipt
verleg ik de grens
van wit naar blauw
en schrijf ik het leven
met ochtenddauw
Pp
Goud op snee
Goud op snee
De lente
moet nog komen
en ik droom
al van oktober
alsof herfst
reeds in de bloesem kleeft
zoals dood
aan pasgeboren leven
Pp
Gevangen in papier
Gevangen in papier
De telefoon houdt nu z'n winterslaap.
Zo zonder haar. Zo zonder ziel.
De kraaien krassen zwart een naam.
In de stilte. Van m'n mannelijk bestaan.
Een boekje van papier
met legale letters over trouw,
ontvoert ze wettelijk. Een vrouw.
Gevangen als een dier.
Hier hangt haar geur nog in de lakens.
In het bedrogen bed
ligt haar afdruk vaag te slapen.
O, wat een slet, hoor ik je dogmatisch klagen.
Als je de volgende zinnen wil begrijpen
dan zou je best Karl May gelezen hebben.
Winnetou en Old Shatterhand.
Sommige mannen bezitten een vrouw.
Dragen ze als een scalp aan hun gordel.
Geen fee. Maar een trofee.
Krab even aan het pelletje beschaving
en je merkt meteen het échte materiaal.
Normen en waarden. Wij hanteren ze als een wapen.
Dus vooraleer je op deze zondige pianist schiet,
dwaal dan eerst even door 'ton petit jardin secret'.
O, dit is geen pleidooi pro domo.
Ik pleit schuldig.
Uvi
PS.
Een citaat van Gabriel Garcia Marquez:
"Ieder mens heeft drie levens. Een persoonlijk, een publiek en een geheim."
De lenige liefde
De lenige liefde
Ik trek de zolder op. Dichter bij de hemel.
En de bomen. Zo hoor ik hen beter.
Als de wind hun stem verheft.
Ah, ze lijken wel dansers. Een ballet van takken.
Hun lichaam, de lenige liefde.
Ja, Herman, van jou gestolen.
Straks wikkelt de avond ze in zwijgen.
Duizendmaal bladstil.
Onhoorbaar hijgend.
Nu klauteren kinderstemmen nog op de rug van de wind.
Ze verjagen de avond.
Nog even. En dan bidt de schemering.
De zon herdenkt Picasso. Zakt zalig onder in zijn gele vlek.
Trekt een lasso rond de horizon.
Het canvas wordt weer zwart als pek.
Uvi
PS.
Gevonden, zomaar tussen m'n ideetjes.
Zonder datum.
Het zal al wel zomer geweest zijn.
Herman = Herman de Coninck.
Ik refereer aan z'n (wellicht) meest succesvolle bundel:
De lenige liefde.
Zesenzestig
Zesenzestig
Soms
droomt de dood
in mijik voel
hoe zij
mijn knoken telten de jaren
nog te gaan
tot aan haar beltik maak haar wakker
voor ze met mij op een merrie
de nacht in snelt
Pp
Blauwzieke morgen
Blauwzieke morgen
Hoe kan een ochtend ontwaken
zonder de glimlach van een gedicht.
Ik houd een schrijver onder 't licht,
hij ligt blauwziek in m'n iele handen.
Te verdampen. Als de regen op een hete zomerdag.
Zijn zinnen nevelen in m'n ogen,
krinkelen als een druivelaar naar boven.
In mijn hoofd hangen ze de vlag
boven de kantelen van de bellettrie.
En zie, de woorden wapperen aan de waslijn,
witter dan de lentebloesem in een aanbeden schrijn.
Ik klap de ochtend dicht. Als een heilig relikwie.
Uvi
Onder de rekening
Onder de rekening
Alsof het exacte wetenschap was
dissecteer ik haar gebroken lach
de spiegel van haar stem
de barst in een craquelé verdriet.Zij vlucht proefondervindelijk gesloten
de huig van haar geheugen dichtgeklapt
in het huis van haar getraande ogen
bogen gespannen over onvervulde dromen.En op de tafel van ons leven
legt zij de boeken neer
de kinderen die wij samen
niet kregen, trokken een streep
Pp
In V-vlucht
In V-vlucht
En in haar hoofd ligt de ochtend nog te slapen.
Achter de horizon van blauw geloken ogen.
Verteerd verlangen.Ik schrijf lente over wit. Bloesem woorden open.
Draag haar adem op mijn ontsloten handen.
Vederlicht vermoeden.Tot aan de dageraad. Beklim ik de kim van haar bestaan.
Zij licht haar anker. Vaart verrukt mijn haven in.
Vermetel vertrouwen.
Pp
Ni dieu, ni maître
Ni dieu, ni maître
Met snijdende accuratesse
pelt hij de rokken van een ui,
kweekt hij, bijna achteloos, een adder
onder het nobele gras.Enkel voor wie de semantiek ontsluiert,
de AI van zijn geproclameerde eruditie,
summa cum laude boven de kast,
dr. Etalagist, in de vitrine van de wetenschap.En op de straat paradeert de parodie,
de heraldiek van de kritiek, het carnaval
van dure zinnen, hermetisch, bijna krenterig,
gesloten voor het poëtisch proletariaat.Met het dedain van een varkenshoeder strooit hij
nooit parlemoeren verzen voor de luie lezer,
slechts een bekroond boeketje voor de fine fleur.
Ni dieu, ni maître, maar wel Narcissus zet zich op de troon.
Pp
1 reactie op dit bericht
!!!
Michelly