Pasen


Pasen

voor mijn zieke moeder

schriftlied

Die chaos schiep tot mensenland,
die mensen riep tot zinsverband,
Hij
schreef ons tot bescherming,
zijn handvest van ontferming,
Hij schreef ons
vrij, met eigen hand.
Schrift die mensenoorsprong schrijft.
Woord dat
trouw blijft.
Dat boek waarin getekend staan,
gezichten, zielen, naam voor
naam,
hun overslaande liefde,
hun overgaande liefde,
hun weeën, die
niet overgaan.
Schrift die mensendagen schrijft.
Licht dat
aanblijft.
Zijn onvergankelijk testament:
dat Hij ons in de dood nog kent
-
de dagen van ons leven
ten dode opgeschreven,
ten eeuwig leven
omgewend.
Schrift die mensentoekomst schrijft.
Naam die trouw
blijft.
(Uit: Huub Oosterhuis, Nieuw bijbels liedboek)
liefde is ...

Liefde is blij
zijn, een arm om je heen.
Liefde is lachen, is nooit meer alleen.
Liefde
is luist’ren, de woorden gaan door.
Liefde is fluist’ren, heel zacht in je
oor.
Liefde is
lopen, mijn hand in jouw hand.
Liefde is hopen, is gaan langs het
strand.
Liefde is amen, is wolken, is wind.
Liefde is samen, is spelen als
kind.
Liefde is zingen, is wit en is groen.
Liefde is
zacht, is een kus in ’t plantsoen.
Liefde is leven, je ademt weer
op.
Liefde is geven, is leven met God.
denken en dromen
kinderwijsheid
.
Wij zoeken hier uw aangezicht
iedere nacht verlang ik naar U ....
psalm 23Breng mij naar bloeiende weiden
doe mij liggen aan vlietend water
dat mijn ziel op adem komt
dat ik de rechte sporen weer kan gaan
achter jou aan.
Jij mijn herder? Niets zal mij ontbreken.
Moet ik de afgrond in, de doodsvallei,
ik ben bang – maar ben jij naast mij
ik zal niet doodgaan van angst.
Jij hebt de tafel al gedekt –
mijn spotters weten niet wat ze zien:
dat jij mijn voeten wast,
ze zalft met balsem
mij inschenkt,
drink maar, zeg je.
Niets zal mij ontbreken.
Laat het zo blijven, dit geluk
deze genade, al mijn levensdagen.
Dat tot in lengte van jaren
Ik wonen zal bij jou in huis.
Psalm 23 in een bewerking van Huub Oosterhuis.
een schoot van ontferming

licht
.
alles over de bijbel
lied 81 uit 'tussentijds'
.
de oude droom
Er was eens een droom en die droom leek vervlogen
En hij scharrelde eenzaam en oud door de stad
Door vrienden van vroeger verlogend bedrogen
Een karikatuur die zijn tijd had gehad
En die stokoude droom ging langs deuren van huizen
Waar ooit hij het stralende middelpunt was
Geliefd en aanbeden, een held in 't verleden
Met een kroon op zijn hoofd en met vleugels van glas
En hij nam ons mee, langs wegen van liefde
Naar hoog in de bergen, naar toppen van kracht
En het uitzicht daarboven was niet te geloven
Zo mooi en zo ver en nog nooit zo bedacht
Maar die stokoude droom zwerft nu door de straten
Verhongerd, vermagerd, verarmd en half blind
Niemand heeft tijd om wat met hem te praten
Alleen af en toe nog een gek of een kind
Dus als je hem tegen komt een dezer dagen
Haal hem in huis, probeer het een keer
Geef hem een stoel en dan moet je hem vragen
"Hee ouwe droom, hoe zat het ook weer
Dat jij ons meenam langs wegen van liefde
tot hoog in de bergen, naar toppen van kracht
De wereld hervormen, de hemel bestormen
Met nieuwe ideeen, nog niet eerder bedacht
Want die stokoude droom heeft nog heel veel te geven
Hij heeft een geheim en dat zijn wij soms kwijt
Maar hij zal ons ook allemaal overleven
Hij is zo oud als de wereld, maar zo jong als de tijd
Maar je moet hem beschermen, je moet hem verzorgen
Je moet hem koesteren onder de zon
Je moet hem vertrouwen, en vandaag al of morgen
Weet je het weer waar het ooit om begon
Dan neemt hij je mee weer langs wegen van liefde
Tot hoog in de bergen, naar toppen van kracht
En daar zal dan blijken dat je verder kunt kijken
En hoger kunt reiken dan je ooit had gedacht
Paul van Vliet
Het verschil
de demon
.
De Demon
Het is een sport om met gestrekte vinger
Te wijzen naar de goeden en de kwaden.
Ik houd het liever bij de binnendringer
Die in mij zelf verlangt naar euveldaden.
voorbeden

Laat ons bidden uit gemis
tot de God die liefde is
en Hem om ontferming smeken,
want het lijden is zo groot
en Hem vragen recht te spreken,
want de wereld is in nood.
Laat ons bidden voor het kind
dat zijn leven pas begint;
voor de kind'ren aller landen
van wie God de namen weet,
dat hun toekomst niet zal stranden
op de klip die oorlog heet.
Voor de zieke man of vrouw
die verlangt naar onze trouw;
voor wie eenzaam is gebleven
of wie eenzaam is gemaakt,
dat zij met de kus des vredes
heden worden aangeraakt.
Voor de mensen die in nood
zoeken naar de goede dood,
die door iedereen verlaten,
heel alleen met hun verdriet,
niet meer hopen, niet meer praten,
Heer, vergeet ook dezen niet.
Voor wie doodsangst overmant,
dat zij vallen in Uw hand.
Laat een engel ben geleiden
uit het duister naar het licht;
toon hen als voorgoed bevrijden
uw genadig aangezicht.
Voor de zwakken die ontdaan
macht'loos door de wereld gaan;
voor de doven en de blinden,
voor de mensen zonder stem,
dat zij eigen wegen vinden
naar het nieuw Jeruzalem.
Voor wie angstig en beducht
voor zijn leven is gevlucht,
en een vreemdeling moet wezen,
tegen haat en nijd bestand,
dat het heimwee zal genezen
naar zijn lief geboorteland.
Voor al wie geworpen is
diep in de gevangenis,
dat hun naam niet wordt vergeten,
als voor ons de zon opgaat.
Geef de wereld een geweten,
en verlos ons van het kwaad.
Voor het volk dat wordt gekweld
door de macht van bruut geweld,
dat met al de droefenissen
van het heilloos onrecht leeft
en in plaats van brood en vissen
tranen tot zijn spijze heeft.
Here, sluit Uw oren niet
voor dit kleine mensenlied.
Gij kent al die duizendtallen
die het zingen wordt belet.
Heer, erbarm U over allen.
Heer, verhoor ons smeekgebed.
het Hof van Eden van nu:
.
de steppe zal bloeienDe steppe zal bloeien
de steppe zal lachen en juichen.
De rotsen die staan
vanaf de dagen der schepping
staan vol water, maar dicht.
De rotsen gaan open.
Het water zal stromen
het water zal tintelen, stralen,
dorstigen komen en drinken.
De steppe zal drinken,
de steppe zal bloeien,
de steppe zal lachen en juichen.
De ballingen keren,
zij keren met blinkende schoven.
Die gingen in rouw
tot aan de einden der aarde
een voor een, en voorgoed,
die keren in stoeten.
Als beken vol water
als beken vol toesnellend water
schietend omlaag van de bergen.
Met lachen en juichen -
die zaaiden in tranen
die keren met lachen en juichen.
De dode zal leven
de dode zal horen: nu leven.
Ten einde gegaan
en onder stenen bedolven
dode, dode, sta op,
het licht van de morgen.
Een hand zal ons wenken
een stem zal ons roepen: Ik open
hemel en aarde en afgrond.
En wij zullen horen
en wij zullen opstaan
en lachen en juichen en leven.
Huub Oosterhuis
In de veelheid van geluiden...prachtige tekst !!
