Naar de inhoud

stiff person syndroom/PMER

31 jaar en niet meer kunnen werken!!!
akke.beakke.be
neem een kijkje en vertel het door,zeker als je van As of Genk bent,of met deze ziekte zit,of iemand kent ermee!!

Berichten van 14 mei 2006

duizeligheid




       



 
   
  ffffff.gif    
') function JSFX_FloatTopDiv() { var startX = 5, startY = 155; var ns = (navigator.appName.indexOf("Netscape") != -1); var d = document; function ml(id) { var el=d.getElementById?d.getElementById(id):d.all?d.all[id]:d.layers[id]; if(d.layers)el.style=el; el.sP=function(x,y){this.style.left=x;this.style.top=y;}; el.x = startX; if (verticalpos=="fromtop") el.y = startY; else{ el.y = ns ? pageYOffset + innerHeight : document.body.scrollTop + document.body.clientHeight; el.y -= startY; } return el; } window.stayTopLeft=function() { if (verticalpos=="fromtop"){ var pY = ns ? pageYOffset : document.body.scrollTop; ftlObj.y += (pY + startY - ftlObj.y); } else{ var pY = ns ? pageYOffset + innerHeight : document.body.scrollTop + document.body.clientHeight; ftlObj.y += (pY - startY - ftlObj.y); } ftlObj.sP(ftlObj.x, ftlObj.y); setTimeout("stayTopLeft()", 1); } ftlObj = ml("divStayTopLeft"); stayTopLeft(); } JSFX_FloatTopDiv();

DUIZELIGHEID

Deze pagina heeft tot doel u informatie te geven over duizeligheid en daarbij behorende klachten. Als u recent voor deze klacht bij een keel-, neus- en oorarts (kno-arts) bent geweest, dan kunt u op deze plaats daarover meer gegevens lezen. Hebt u er nog nooit mee te maken gehad, maar wilt u er wat meer over weten, dan geldt hetzelfde.

Wat is duizeligheid?

Iedereen is wel eens duizelig geweest. Toch is het moeilijk het begrip duizeligheid te omschrijven.
In het algemeen wordt onder duizeligheid verstaan het gevoel dat beleefd wordt als de relatie tot de ruimtelijke omgeving verstoord is. Normaal gesproken krijgt ieder mens voortdurend informatie over de ruimte om zich heen en over de positie die het lichaam daarbinnen inneemt. Die informatie is afkomstig van de volgende systemen:

  • De evenwichtsorganen. Het evenwichtsorgaan is gelegen in het rotsbeen en vormt met het binnenoor het slakkenhuis. Het evenwichtsorgaan is gevoelig voor de stand van het hoofd en voor veranderingen van de snelheid van het hoofd.
  • Het tweede belangrijke zintuig, dat onze oriëntatie beïnvloedt, zijn de ogen. Dit weet iedereen uit eigen ervaring: als men de ogen sluit, is lopen of stilstaan moeilijker.
  • Tenslotte beschikken wij over het zogenaamde diepe gevoel in spieren en pezen. Vooral de signalen uit de benen en de nek geven informatie over de stand van het lichaam, en van het hoofd ten opzichte van het lichaam.

Al deze informatie, van de evenwichtsorganen, de ogen en het diepe gevoel, wordt verwerkt in de hersenstam en de kleine hersenen. Van daaruit gaan prikkels naar de spieren van het lichaam, zodat wij houding en evenwicht kunnen aanpassen en bewaren.
Er gaan ook signalen met informatie naar de grote hersenen waar het bewustzijn zetelt. Indien daar verkeerde of nog niet bekende signalen binnenkomen, ontstaat het gevoel van duizeligheid. Duizeligheid is dus de ervaring van een gevoel, dat op zichzelf - net zoals pijn - niet gemeten kan worden. Van pijn echter weten we vaak waar het vandaan komt, van duizeligheid meestal niet, en dat maakt het zoeken naar de oorzaak van de klacht soms erg lastig.

Verschijnselen van duizeligheid

De meeste mensen klagen bij duizeligheid over draaierigheid, een licht gevoel in het hoofd, het gevoel alsof de wereld om hen heen draait of dat zijzelf rondtollen. Als u dit gevoel heeft, kunt u gedesoriënteerd zijn en moeite hebben met het bewaren van uw evenwicht. Dit onaangename gevoel kan gepaard gaan met allerlei andere klachten zoals angst, transpireren, geeuwen, zuchten, misselijkheid en braken. Klassieke voorbeelden van bovengenoemd ziektebeeld zijn wagen- en zeeziekte.

Oorzaken van duizeligheid

Elke stoornis op een van de plaatsen in het hele systeem kan duizeligheid en/of evenwichtsklachten veroorzaken.

1. Vooral een acute aandoening van één evenwichtsorgaan leidt tot heftige duizeligheid met misselijkheid en braken. Vaak ziet men de omgeving draaien. Soms heeft men ook het gevoel alsof men opzij geduwd wordt of in een put valt. De klachten kunnen van enkele seconden tot weken duren, waarna spontaan herstel optreedt. Bij dit laatste speelt het centrale zenuwstelsel een belangrijke rol.
De meest bekende oorzaken van een stoornis van het evenwichtsorgaan zijn:

  • Een ongeval met hoofdletsel (scheur door het rotsbeen; hierin liggen het binnenoor en evenwichtsorgaan).
  • Ontstekingen (griep, middenoorontsteking).
  • Ziekte van Ménière (zie de betreffende pagina).
  • Doorbloedingsstoornissen van evenwichtsorganen en/of hersenen.
  • Een goedaardige tumor op de evenwichtszenuw.

2. Ook kunnen aandoeningen van het gezichtsvermogen en vooral van de oogspieren aanleiding geven tot duizeligheid. Dit treedt bijvoorbeeld op bij het in gebruik nemen van een (nieuwe) bril of bij oogspierverlammingen.

3. Het diepe gevoel kan gestoord raken bij aandoeningen van het zenuwstelsel in de benen, bijvoorbeeld bij suikerziekte. Een andere bekende oorzaak is de beschadiging van de nek, optredend bij autobotsingen (whiplash-trauma).

4. Duizeligheid ontstaat ook bij stoornissen van de regelcentra in de hersenstam en de kleine hersenen, bijvoorbeeld:

  • Doorbloedingsstoornissen, zoals bij hartritmestoornissen en veranderingen in de bloeddruk.
  • Stofwisselingsstoornissen, zoals een laag bloedsuikergehalte bij een ontregeling van suikerziekte.
  • Vergiftigingen, vooral door alcohol of medicijngebruik.

5. Ook de grote hersenen zijn gevoelig voor de boven genoemde stoornissen. Daarenboven kunnen psychische toestanden als stress en spanningen via een indirecte weg ook tot duizeligheid leiden.

6. Tot slot kunnen stoornissen in de zenuwen en de spieren, die houding en evenwicht bewaren, "omgekeerd" het gevoel van duizeligheid veroorzaken.

Kortom, een lange reeks van klachten en vele oorzaken die het de patiënt en de dokter niet gemakkelijk maken om met de klacht duizeligheid om te gaan.

Onderzoek

Verreweg het belangrijkste deel van het onderzoek is uw eigen verhaal! Op grond daarvan kan vaak al vermoed worden wat de oorzaak van de duizeligheid (geweest) is en welk onderzoek verricht zal moeten worden.
In uw verhaal wordt gelet op de volgende vier aspecten:

  • Om wat voor een soort duizeligheid gaat het? Voelt men bewegingen in het hoofd of van het hele lichaam? Draait de omgeving? Bestaat er valneiging of het gevoel te vallen? Is men licht in het hoofd? Schommelen of wiebelen, etc?
  • Het verloop in de tijd. Ontstonden de klachten geleidelijk of acuut? Hoe lang heeft de duizeligheid bestaan? Is de duizeligheid continu aanwezig?
  • Zijn er bepaalde omstandigheden waaronder de klachten optreden of verergeren? Afhankelijk van hoofdbewegingen? Optredend in bed, bij rechtop gaan staan of tijdens lopen, in drukke winkels of op het werk?
  • Zijn er andere verschijnselen, zoals oorsymptomen? (verminderd gehoor, éénzijdig of tweezijdig, oorsuizen, pijn of vol gevoel in het oor), misselijkheid, braken, hoofdpijn, het gevoel flauw te vallen of weg te raken, hartkloppingen, transpireren, moeite met praten of slikken, dubbelzien of uitval van een gezichtsveld, benauwdheid, angst, etc.

Verder zal nog gevraagd worden naar het bestaan van andere ziektes, terwijl ook het medicijngebruik nauwkeurig bekend moet zijn!
U begrijpt, dat het verhaal erg lang kan zijn en dat bij het eerste bezoek aan de kno-arts niet alles ter sprake kan komen. Vaak komt er later nog een gelegenheid, bijvoorbeeld tijdens het aanvullend onderzoek. Zoals al gezegd is, kan het gevoel van duizeligheid zelf niet gemeten worden, maar de orgaansystemen die een bijdrage leveren aan het handhaven van oriëntatie, houding en evenwicht kunnen wél nader onder de loep genomen worden.
Het meer algemene onderzoek, dat mogelijk al door de huisarts is verricht, kan bestaan uit het meten van hartslag en bloeddruk, een algemeen bloedonderzoek, inspectie van de oren, beoordelen van oogbewegingen, houding en evenwicht en meten van gevoel en reflexen.
Zonodig kan het algemene onderzoek gevolgd worden door een meer specialistisch gehoor- en evenwichtsonderzoek en in uitzonderingsgevallen door een scan (CT of MRI).
Aan de hand van uw verhaal en de resultaten van het aanvullende onderzoek lukt het meestal stapje voor stapje de oorzaak van de duizeligheid op te sporen.

Behandeling

Uw dokter is vooral geïnteresseerd in de oorzaak van uw klachten om een zo goed mogelijke behandeling te kunnen instellen: als men weet waar "de fout" zit, dan is er misschien ter plaatse ook iets aan te doen. Voor de klacht duizeligheid zelf bestaat geen medicijn!
Grofweg kan de behandeling als volgt worden onderverdeeld:

  • aanpak van de oorzaak: een aandoening van een evenwichtsorgaan kan door de kno-arts vaak goed behandeld worden. Algemene ziekten, van hart en bloedvaten, suikerziekte, bloedarmoede en aandoeningen van het zenuwstelsel kunnen behandeld worden door de huisarts of andere specialisten.
  • aanpak van de gevolgen: gelukkig is het centrale zenuwstelsel meestal in staat de beschadiging van een deel van het evenwichtssysteem te compenseren. Bij het aanleren hiervan kan hulp geboden worden, bijvoorbeeld door een fysiotherapeut.

Slotwoord

Het is niet mogelijk om op deze voorlichtingspagina alle details voor elke
situatie te beschrijven (zie ook de tekst op de introductiepagina). Het kan
zijn dat u ondanks de uitleg van uw arts nog vragen heeft of dat u meer
informatie wilt. Aarzel dan niet contact op te nemen met uw kno-arts en om nadere uitleg te vragen. Aan dat verzoek zal graag worden voldaan.

 


website_door.gif
 

 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door kristof the stiffman om 23:41 Reageer op dit bericht Stuur door

acné bij mij


 


blokje
blokje
blokje

Urticaria

Wat is urticaria ?
Urticaria (urtica = brandnetel) is de medische naam voor netelroos of galbulten. Het is een zich in korte tijd ontwikkelende, vaak heftig jeukende uitslag van de huid, die begint met rode vlekjes en daarna in verdikte bleke plekken kan overgaan. De huidafwijkingen kunnen al of niet samenvloeien tot grotere vlakke plakkaten. In feite betreft het een vochtophoping in de bovenste laag van de huid doordat de kleine haarvaatjes in de huid zich verwijden (de rode fase) waarna door lekkage het vocht in de weefsels terecht komt (bleke fase). Eén zo'n plek noemen we een urtica of kwaddel; het ziektebeeld in zijn geheel heet urticaria. Deze reactie is in het algemeen wel vervelend, maar meestal niet van ernstige aard omdat het proces zich volledig herstelt, meestal binnen enkele uren. De aanvankelijk jeukende plekken trekken dan geleidelijk weg. Bestaan de klachten langer dan 6 weken, dan spreekt men van chronische urticaria.

Urticaria is een vaak voorkomende huidreactie. Bijna een kwart van de bevolking zal in de loop van zijn/haar leven hiermee worden geconfronteerd. De oorzaken lopen uiteen en de aandoening komt op alle leeftijden voor, zowel bij mannen als bij vrouwen.


Hoe ontstaat urticaria ?
Bij het ontstaan van urticaria speelt histamine een belangrijke rol. Histamine verwijdt de bloedvaten en veroorzaakt jeuk. Behalve histamine spelen ook andere lichaamseigen stoffen een rol bij het ontstaan van netelroos. Dergelijke stoffen liggen klaar in bepaalde "opslagplaatsen" (mestcellen) waaruit ze onder invloed van prikkels van uiteenlopende aard kunnen worden vrijgemaakt.

Zo'n prikkel kan het innemen van een medicijn of voedingsmiddel zijn, psychische factoren, maar ook een infectie, het leveren van lichamelijke inspanning of de inwerking van zonlicht op de huid. Veelal is de aard van de prikkel niet bekend en lukt het ook niet om deze op te sporen. Ook kunnen meerdere prikkels tegelijkertijd aanwezig zijn. Normaal brengen bovengenoemde prikkels geen reactie teweeg. Verloopt dit proces minder goed, dan kan urticaria ontstaan.

Voor zover de prikkels bekend zijn worden deze meestal ingedeeld in de volgende groepen:

· geneesmiddelen (vooral pijnstillers, zoals aspirine, antibiotica en röntgencontrastmiddelen)
· acute- en chronische infecties (vooral veroorzaakt door bacteriën en parasieten)
· fysische prikkels (lichamelijke inspanning, lokale druk op de huid, koude, warmte, zonlicht)
· voedseltoevoegingen (vooral kleurstoffen, conserveringsmiddelen en smaakversterkers)
· allergie voor voedingsmiddelen (vooral eieren, schaaldieren en fruit)
· allergie voor ingeademde producten (schimmelsporen, dierlijke huidschilfers, oplosmiddelen, formaldehyde)
· insectensteken en -beten (vlooien, mijten, luizen, muggen, wespen)
· interne ziekten (stofwisselingsziekten, hormonale stoornissen, auto-immuunziekten)
· contact op de huid met bepaalde stoffen, zoals planten, rubber, chemicaliën, dierlijke eiwitten en crèmes.

Een goed interview (uitvragen van de verschijnselen) is het belangrijkste bij het vinden van de oorzaak.
Ofschoon er geen duidelijke erfelijke aanleg bestaat, kan urticaria zich in bepaalde families vaker voordoen dan gebruikelijk is. Dit is bijvoorbeeld het geval bij bepaalde urticariatypen, zoals de zogenoemde koude-urticaria en zonlicht-urticaria.


Wat zijn de verschijnselen ?
Urticaria kan zich voordoen in de vorm van speldeknop-grote jeukende rode bultjes, dubbeltjes- tot guldengrote bleke plekken, grillig begrensde samenvloeiende schijven en handgrote bleke plakkaten die zich kunnen verplaatsen. Al deze licht verheven plekken worden ook wel kwaddels genoemd, waarmee de verdikking van de huid wordt aangegeven.

Er is geen bepaalde voorkeursplaats: urticaria komt even vaak voor op armen, benen, romp en in het gelaat. Wanneer er sprake is van omgevingsfactoren ontstaan de afwijkingen meestal ter plaatse van het contact of inwerking, bv bij drukurticaria op de knieën, handpalmen en voetzolen. Urticaria door insectenbeten zit meestal op onderarmen en onderbenen.

Andere vormen van urticaria
De vorm van urticaria waarbij kleinere jeukende bultjes op de voorgrond staan, ontstaat bij transpiratie door emotionele stress, inspanning of warme omgeving. Men spreekt dan wel van inspanningsurticaria.

Een onschuldige maar vervelende variant is urticaria
factitia. Daarbij ontstaan in reactie op druk of wrijven van de huid jeukende streepvormige kwaddels die na enige tijd weer spontaan wegtrekken. Met een stomp voorwerp schrijvend over de rug zijn ze reeds op te wekken. Dit verschijnsel noemt men hierom ook wel positief dermografisme. Dit komt in meer of mindere mate bij 3-5% van de bevolking voor en men kan er langdurig last van hebben. Vaak liggen hier verschillende oorzaken aan ten grondslag.

Een andere vorm van urticaria is koude-urticaria. De kwaddelvorming ontstaat op plaatsen waar de huid wordt afgekoeld. Dit treedt bijvoorbeeld op bij zwemmen in koud water. Het kan zelfs tot gevaarlijke situaties leiden (verdrinken) wanneer een meer gegeneraliseerde reactie met bloeddrukdaling en bewustzijnsverlies ontstaat. Men kan de diagnose stellen door op een gestandaardiseerde manier de huid plaatselijk af te koelen (ijsbloktest).

Daarnaast bestaat er nog een vorm van urticaria : de vertraagde drukurticaria. Hierbij onstaan na enkele uren zwellingen ter plaatse van lokale druk. Deze vorm ontstaat vaak rond de gewrichten en kan soms verward worden met een ontsteking van het gewricht. Behandeling van deze aandoening is erg moeilijk. De aandoening leidt vaak tot verminderde arbeidsgeschiktheid.



Hoe wordt de diagnose gesteld ?
Urticaria wordt door artsen gemakkelijk herkend. De arts zal eerst informeren naar veel voorkomende oorzaken wanneer u hem voor het eerst dit probleem voorlegt. Het al pratend samen napluizen van een mogelijke oorzaak lost een groot aantal gevallen reeds op, zonder dat nader onderzoek noodzakelijk is.

Pas wanneer de aandoening hardnekkig blijkt te zijn, kan verder onderzoek nodig zijn. Hoe dit onderzoek eruit ziet hangt mede af van de bij de ondervraging verkregen aanwijzingen, de speurzin en ervaring van de onderzoeker. Met behulp van een bloedonderzoek kan er op zeer veel manieren naar een oorzaak worden gezocht. Ook kunnen röntgenfoto's, bacteriekweken, onderzoek van urine en ontlasting, allergietests en provocatietests aanwijzingen opleveren voor een of andere oorzaak. Dit alles neemt de nodige tijd (soms wel enige maanden) in beslag voordat alle eventuele oorzaken zijn nagekeken. Het belang van een diepgaand onderzoek is ook mede afhankelijk van de hinder die u ondervindt in uw dagelijkse activiteiten en het op normale wijze kunnen uitvoeren van uw werkzaamheden.
Bij chronische urticaria is bij een groot deel van de patiënten geen oorzaak aan te wijzen. Men spreekt dan van "chronische idiopatische urticaria". Bij iets minder dan de helft van de patiënten met chronische urticaria worden omgevingsfactoren gevonden die de netelroos of geheel of gedeeltijk verklaren.


Wat is de behandeling ?
Veelal zijn geneesmiddelen die de werking van histamine blokkeren effectief werkzaam. Deze geneesmiddelen worden antihistaminica genoemd. In het verleden hadden zij bij een deel van de gebruikers een vervelende bijwerking, namelijk dat men er suf of slaperig van werd. Tegenwoordig zijn er antihistaminica die dit effect niet meer hebben.

Bij kinderen kan een dergelijk middel in de vorm van een drankje worden gegeven; ouderen krijgen meestal capsules of tabletten. Indien het de verwachting is dat de huidreactie met enkele dagen zal afnemen, kan ook gebruik gemaakt worden van een jeukstillende lotion of een schudsel.

De chronische uitingsvormen van urticaria vereisen soms een langdurig gebruik van antihistaminica.


Wat zijn de vooruitzichten ?
In de meeste gevallen is de huidreactie van korte duur (acute urticaria). Zelfs zo kort dat de verschijnselen alweer weg zijn, voordat men besloten heeft naar de huisarts te gaan. Niettemin zijn er mensen bij wie de reactie meerdere dagen achtereen telkens opnieuw optreedt en zelfs weken tot maanden achtereen aanwezig blijft (chronische urticaria).
In dat geval kan de aandoening zeer hinderlijk worden en verder onderzoek vereisen om een oorzaak op te sporen en zo mogelijk uit te schakelen. In de meeste gevallen wordt echter, ondanks intensief speurwerk, uiteindelijk geen oorzaak gevonden. Het is daarom uitermate belangrijk om zo precies mogelijk aan de dokter te vertellen hoe en wanneer de galbulten optreden.


blokje.gif
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door kristof the stiffman om 23:31 Reageer op dit bericht Stuur door

100ste bezoeker gastboek

Proficiat johnny en christiane,jullie zijn de100ste bezoeker in mijn gastboek!Zo te zien zijn julie fervente wandelaars.Mijn schonvader heeft ook al wat kilometerkes afgemolken met zijn vriendin!Zijn jullie bij een vereneging?,jullie mogen daar altijd reclame maken over mijn blog of hebben jullie er zelf één?Laat me dit dan weten via een mailke of het gastenboek!Ik kan jullie geen prijs geven,maar zou zeggen stap zolang je kunt en spring nog eens beinne op mijn blog,ohja,ik ben ook van limburg,uit As,ook mooi om en eens te wandelen!Nog veel wandelgenot! Saluut.


   Groetjes,kristof,the stiffman.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door kristof the stiffman om 11:42 Reageer op dit bericht Stuur door

moederdag

Goedemorgen,Ik zou eerst en vooral mijn speciaal,lief vrouwtje een prettige moederdag willen wensen,ook al is ze ziek als een hond,toch blijft ze de sterkste voor mij!Ook zou ik alle lezeressen,ongeacht welke leeftijd,oma of gewoon moeder of zelfs opvoedster,jeugdleidster,lerarares,...,kortom,iedereen die met kinderen op één of andere manier bezig zijn verdienen een bloemetje!Ja,zelfs homo's en lesbieenes!Wij van het mannelijk ras komen ook nog aan de beurt om een nieuw grasmachine te testen,een speeltuin in elkaar te steken of wat nieuw kastjes op te hangen,dus zorg maar dat ge die dag ziek zijt of een gezondheidskuur hebt geboekt op uw vrouw haar kosten!Zoals ge al door hebt heb ik redelijk goed geslapen en zijn mijn kindjes nog bij oma!Ik heb vannacht geen aanval gehad,maar wel een incontinentieaanval.Goed dat het tot in mijn broek blijft,anders kan ik pampers beginnen aan te doen of nog een medicamentje bij pakken!Voel nu dat mijn keel vocht nodig heeft en ga dan eens wat opruimen,tja,t'is moederdag hé! Saluut

     Groetjes,the stiffman.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door kristof the stiffman om 11:02 Reageer op dit bericht Stuur door

incontinentie



Incontinentie





Wat is incontinentie
Incontinentie is het niet of nauwelijks kunnen ophouden van urine en/of ontlasting. Voor wie er mee te maken heeft, is het meestal een groot probleem. Tegenwoordig zijn veel oplossingen mogelijk. Deze folder zet verschillende mogelijkheden uiteen.

Hoe vaak komt incontinentie voor
In Nederland lijden ongeveer één miljoen mensen (750.000 vrouwen en 250.000 mannen) aan een vorm van incontinentie. Boven de 40 jaar kan zelfs één op de vier mensen zijn of haar plas niet altijd volledig ophouden. Incontinentie is daarmee een van de grootste problemen. Het komt voor onder alle leeftijdsgroepen, bij bedlegerige, zieke, gehandicapte en gezonde mensen.

De urinewegen
De urinewegen van de mens bestaan uit de nieren, de urineleiders, de blaas en de plasbuis. Vanuit de nieren wordt de urine door de urineleiders naar de blaas getransporteerd, waar het wordt opgeslagen. Als de totale hoeveelheid urine groot genoeg is (ongeveer 300ml) ontstaat aandrang. We voelen dan dat we moeten plassen. Door het openen van de sluitspier en het aanspannen van de blaasspieren kan de urine dan via de plasbuis het lichaam verlaten.
De gemiddelde urineproductie van een persoon is één tot anderhalve liter per 24 uur, afhankelijk van de vochtopname. De plasfrequentie is ongeveer vier tot vijf maal per etmaal.

Oorzaken van incontinentie
De oorzaken van incontinentie zijn in twee groepen te verdelen.
De eerste groep betreft problemen met de blaas, blaashals of urinebuis. De blaas kan geïnfecteerd zijn of oncontroleerbaar samentrekken. De sluitspieren kunnen te zwak (door onder andere uitrekking na zwangerschap) of beschadigd (bijvoorbeeld na een prostaatoperatie) zijn.
De tweede groep betreft aandoeningen aan het zenuwstelsel. Het blaascentrum kan bijvoorbeeld uitgeschakeld of beschadigd zijn. Ook de zenuwbanen van en naar de hersenen kunnen aangedaan of geheel verbroken zijn.

Vormen van incontinentie

• Stress- of inspanningsincontinentie
Deze vorm van urineverlies komt vooral bij vrouwen voor. Men verliest druppels of scheutjes urine bij hoesten, lachen, tillen of andere plotselinge lichamelijke inspanning. De oorzaak ligt vaak in een verslapping van de bekkenbodemspieren, bijvoorbeeld na een bevalling, door overgewicht of door gebrek aan beweging.
Met bekkenbodemspieroefeningen onder begeleiding van een fysiotherapeut kan dit probleem vaak helemaal of gedeeltelijk worden verholpen. Ook een steunpessarium of operatief ingrijpen kan uitkomst bieden.
• Druppel- of overloopincontinentie
Deze vorm van urineverlies kenmerkt zich door langdurig nadruppelen. De oorzaak van dit typische mannenprobleem is meestal een vergroting van de prostaatklier, maar ook suikerziekte of een neurologische afwijking kan deze vorm van incontinentie veroorzaken. Bij deze vorm zijn meerdere behandelingsmethoden mogelijk.
• Urge- of aandrangincontinentie
Deze vorm van incontinentie komt zowel bij (oudere) mannen als bij (oudere) vrouwen voor. Na een plotselinge aandrang volgt de plas meteen. Soms voelt men de aandrang helemaal niet. Bij urge- of aandrangincontinentie worden grote hoeveelheden urine ineens verloren. De oorzaak kan liggen in een blaasontsteking, stofwisselingsziekte (bijvoorbeeld suikerziekte) of een neurologische aandoening. Een behandeling met medicijnen of oefentherapie (blaastherapie) kan hierbij soms uitkomst bieden.

Bed- en broekplassen
Deze vorm van incontinentie komt meestal voor bij kinderen. Er kan een lichamelijke afwijking aan ten grondslag liggen. Ook spanningen of emotionele gebeurtenissen kunnen de oorzaak zijn. U helpt een kind niet door het te straffen wanneer het in bed plast. Stimuleer het kind door positief te reageren als het goed gaat. Gerichte training is soms zinvol. Het kind wakker maken om bedplassen te voorkomen heeft weinig zin en kan zelfs averechts werken.

Incontinentie van ontlasting
Deze vorm van incontinentie komt het minst voor, maar is wel de meest onplezierige. De oorzaken kunnen gelegen zijn in een beschadiging (scheur) of verzwakking van de sluitspier van de anus of bij vrouwen in een fistel (doorgang) tussen darm en vagina. Verzwakking van de sluitspier kan door zenuwbeschadiging ontstaan. Darmontstekingen, langdurig en intensief persen bij obstipatie en een moeilijke stoelgang kunnen ook een belangrijke rol spelen bij de beschadiging van de sluitspier.

Waar moet u op letten
Het menselijk lichaam heeft ongeveer één tot anderhalve liter vocht per dag nodig. Via de nieren wordt één tot anderhalve liter uitgescheiden. Mensen met incontinentie hebben soms de neiging om minder te gaan drinken. Dit is niet verstandig omdat dit kan leiden tot uitdroging, nierbeschadiging en urineweginfecties. Let dus op dat u voldoende blijft drinken.

Door regelmatig te eten en op gezette tijden naar het toilet te gaan kan de blaas getraind worden. Het drinken van alcohol, koffie en thee bevordert de urineproductie. Wees dus matig in het gebruik van deze dranken.
Ook temperatuurschommelingen kunnen de drang tot urineren stimuleren. Probeer daarom grote verschillen tussen warmte en koude te vermijden.

Er zijn bepaalde geneesmiddelen, diuretica genaamd, die de urineproductie kunnen beïnvloeden. Houd hier rekening mee. Vraag bij twijfel of eventuele onduidelijkheden uw Kring-apotheek om advies.

Opvangmaterialen
De afgelopen jaren zijn veel verschillende incontinentiematerialen op de markt gebracht om mensen met incontinentie meer vrijheid en comfort te bieden.
De vele soorten, vormen en maten zijn op de verschillende vormen van incontinentie aangepast. De urine kan op verschillende manieren worden opgevangen, afhankelijk van de oorzaak en de hoeveelheid urineverlies.

Incontinentieverbanden
Incontinentieverband bestaat uit een aantal lagen van verschillende materialen. De bovenlaag bestaat uit een drooghoudlaagje dat vocht doorlaat, zodat het oppervlak droog blijft. De tweede laag, de absorptiekern, bevat pulp die de urine opneemt. Deze laag bepaalt de absorptiecapaciteit van het verband. De meeste incontinentieverbanden bevatten een derde laag met een zogenaamde superabsorber. Deze stof houdt urine vast en bindt het tot een geleimassa, zodat de huid niet meer nat kan worden. De onderlaag bevat een vochtdicht folie om doorlekken te voorkomen.
Veel verbanden hebben ook zogenaamde 'anti-lekrandjes' ter voorkoming van lekkage aan de zijkanten. Er zijn incontinentieverbanden speciaal voor mannen of vrouwen verkrijgbaar.
Door het grote aanbod van incontinentieverbanden is het verstandig om verschillende producten uit te proberen. Kies voor een verband waar u zich veilig en zeker bij voelt. Let daarbij ook op het vochtopnemend vermogen van het verband in relatie tot de mate van incontinentie die u heeft.

We onderscheiden in dit kader lichte, matige en zware incontinentie.

• Lichte- of druppelincontinentie
Bij een matige inspanning, maar ook spontaan treedt enig urineverlies op. De hoeveelheid urine kan met een licht absorberend materiaal worden opgevangen.
• Matige incontinentie
Aanzienlijke hoeveelheden urine worden geloosd. U moet voort¬durend absorptiemateriaal dragen.
• Zware incontinentie
Er vindt voortdurend lekkage uit de blaas of een volledige spontane lediging van de blaas vindt plaats. Dit kan alleen met grote hoeveelheden (sterk) absorberend materiaal worden opgevangen.

De incontinentieverbanden zijn onder te verdelen in twee systemen.

• Tweedelige systemen bestaan uit inlegverbanden die met behulp van een speciaal broekje (stretchslip, pantyslip, textielslip) of nauwsluitend ondergoed gefixeerd worden.
De inlegverbanden zijn verkrijgbaar in normale rechte modellen en speciale anatomisch gevormde modellen. Anatomisch wil zeggen dat het inlegverband zoveel mogelijk de vorm van het lichaam heeft. Tweedelige systemen zijn geschikt voor alle vormen van incontinentie.
Bij lichte incontinentie kan ook normaal ondergoed gedragen worden. Hiervoor zijn speciale verbanden verkrijgbaar in een kleine maat. Overigens is er ook ondergoed met een wat dikker badstof kruisje verkrijgbaar.
• Eendelige systemen zijn verbanden die als een broek gedragen worden. Het verband is geïntegreerd in een broekje. Er zijn modellen met hersluitbare plakstrips, een elastische band of knoopsgatsluiting verkrijgbaar. De eendelige systemen zijn geschikt voor zware incontinentie en zijn in alle maten verkrijgbaar. De heupwijdte is bepalend voor de maat. Binnen dit systeem kan ook nog onderscheid gemaakt worden in broekjes voor overdag en voor de nacht. De laatstgenoemde nemen meer vocht op zodat men de tijd kan overbruggen tot de volgende ochtend.
Deze producten sluiten goed aan op het lichaam en blijven goed op de plaats zitten.

Richtlijnen voor het gebruik van incontinentieverbanden

• Draag nooit extra inleggers in uw verband. Dit belemmert de absorptie. Bij twijfel kunt u beter een groter verband gaan gebruiken.
• Draag verbanden in nauw aansluitend ondergoed of een speciaal broekje. Ze moeten strak tegen het lichaam gedragen worden. Alleen dan functioneren verbanden optimaal en worden luchtjes voorkomen. Ondergoed dat langer in gebruik is en dat door het vele wassen uit model is geraakt moet worden vervangen.
• Bij ondergoed en speciale broekjes moeten de naden altijd aan de buitenkant zitten.
• Draag het verband aan de voor- en achterkant altijd op gelijke hoogte. Voor mannen kan eventueel de voorkant iets hoger aangebracht worden. Sommige verbanden geven door middel van een tekentje aan wat de voorkant is.
• Een te groot verband gaat opbollen en wijken bij de liezen, waardoor lekkage kan ontstaan. Het dragen van de juiste maat van het verband is daarom belangrijk.
• Controleer regelmatig of het verband vol is. De meeste verbanden hebben een zogenaamde vochtindicator. Deze tekens of letters geven door middel van verkleuring of vervaging aan of het verband verzadigd is.
• Voor de nacht en op dagen dat er diuretica worden gebruikt is het aan te bevelen om een verband met een groter absorptievermogen te gebruiken.
• Verschoon uw verband regelmatig. Afhankelijk van de mate van incontinentie en de frequentie van urineverlies, is twee tot vijf keer per dag verschonen een algemene richtlijn.
Verliest u voortdurend urine dan is vijf maal per dag ver¬schonen aan te bevelen.

Hulpmiddelen bij bedlegerige mensen

• Matrashoezen beschermen een matras tegen doorlekken. Er zijn verschillende maten en soorten verkrijgbaar. Ze bestaan meestal uit een bepaald soort plastic waarvan sommige uitwasbaar zijn en andere niet (wegwerphoezen).
• Onderleggers dienen voor de opvang van urine bij patiënten die bedlegerig zijn of 's nachts last hebben van 'lekken'. De bovenzijde van de onderlegger bestaat uit een tissueachtig papier voor vochtopname. Tegenwoordig zijn er ook onderleggers waar de bovenzijde uit een non-woven materiaal bestaat. Non-woven heeft als voordeel dat het geen vocht vasthoudt zodat men niet nat in bed hoeft te liggen. De onderzijde is doorgaans van plastic om doorlekken te voorkomen. Tussen de boven- en onderlaag zit een stof (celstofwatten of Fluff) die het vochtopnemendvermogen van de onderlegger bepaalt. Onderleggers zijn in verschillende maten en soorten te krijgen. Er zijn wegwerp- onderleggers, maar ook uitwasbare waarvan sommige instopstroken hebben.
• Zeilen en hospitaallinnen dienen ter bescherming van bed of stoel. Ze bestaan uit een soort rubberachtige stof en ze zijn in verschillende maten leverbaar. Hospitaallinnen is op rol verkrijgbaar en op iedere gewenste maat af te knippen.

Producten tegen ongewenste geurtjes
Doorlekken van urine of ontlasting geeft een vervelende geur die moeilijk te verdrijven is. Er zijn speciale anti-reukmiddelen verkrijgbaar die de onaangename geur kunnen verdrijven. Ze zijn leverbaar als oplossing sprayvorm of zijn al geïntegreerd in het verband.

Hygiëne
Een goede huidverzorging bij incontinentie is erg belangrijk. De werking van urine op de huid kan leiden tot vervelende huidirritaties. Dit kunt u voorkomen door de huid goed schoon en droog te houden. Was daarom de huid regelmatig, bij voorkeur zonder zeep- en droog deze goed af. Besteed daarbij extra aandacht aan de huidplooien omdat de huid op deze plaatsen sneller gaat 'broeien'.
Na het afdrogen kunt u de huid eventueel insmeren met een lotion of crème. Let daarbij wel op dat u deze niet te dik aanbrengt, omdat de poriën dan verstopt kunnen raken.


11.2004a
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door kristof the stiffman om 11:01 Reageer op dit bericht Stuur door

onze bloedsomloop

 

 

 
De bloedsomloop
ana.jpg
Principe 
  • Om zijn transportfunctie te vervullen moet het bloed voortdurend het hele lichaam rondstromen. Dit geschiedt in een kringloop van buizen: de bloedvaten. De voortbewegende kracht, die voor de stroming zorgt, wordt geleverd door het hart, dat een sterke spierwand heeft en als pomp werkt. Hart en bloedvaten vormen samen de bloedsomloop. 
     
Soorten bloedvaten 
 
    • a. De slagaders:
    • Vertrekken van het hart en lopen naar de organen. De wand is relatief dik en krachtig in vergelijking met de inhoud.
    • b. De aders:
    • Brengen het bloed naar het hart terug.
 
  • Tussen de aders en de slagaders bestaan er volgende verschilpunten:
 
  •  
Slagaders Aders
1. bloed stroomt van het hart weg 1. naar het hart toe
2. bij iedere hartslag zet de slagader even uit (hij klopt) 2. de ader klopt niet
3. liggen meestal in de diepte 3. dikwijls aan de oppervlakte
4. de druk van het bloed is hoog 4. druk is laag
5. bij verwonding spuit het bloed eruit 5. bloed stroomt er langzaam uit
6. de wand is dik 6. de wand is dun
7. bloed stroomt snel 7. bloed stroomt langzaam
8. bloed is zuurstofrijk(behalve in de kleine bloedsomloop) 8. bloed is zuurstofarm(behalve in de kleine bloedsomloop)
   
  • Haarvaten
  • Zo vertakt dat men spreekt van haarvaten-netten.
  • Vooral in de weefsels waar veel verbranding is, zijn deze sterk vertegenwoordigd. (bijvoorbeeld bij spieren in aktiviteit en bij ontstekingen)
De werking van de bloedsomloop 
  • De stroming van het bloed moet in één richting gaan. Hiervoor zorgen kleppen. Komt het bloed uit de ader in het hart dan worden de kleppen vanzelf geopend en het bloed kan passeren. Als daarna het hart samentrekt en zodoende het bloed wegpomt kan dit niet terug omdat het zelf de kleppen dichtdrukt. Deze kunnen slechts naar één kant open ( en zijn dus niet als de deuren van een saloon). Het bloed kan dus aleen door de slagaders het hart verlaten.
  • De stroming van het bloed zou op deze wijze zeer onregelmatig zijn. Er stroomt immers alleen bloed de slagaders in gedurende de tijd dat het hart zich samentrekt: dan zou de stroming stilstaan tot het hart opnieuw gevuld was. Eveneens zou de stroming in de aders stilstaan zolang de kamer zich samentrekt. Beide bezwaren worden verbeterd als er voor de hartkamer een ruimte ligt die het bloed opvangt terwijl het hart pomt en die dit bloed ineens doorgeeft als het hart leeg is. Deze ruimte noemen we boezem.

De mens heeft een dubbele bloedsomloop: de grote en de kleine bloedsomloop, die elk een eigen boezem en kamer hebben. Er is dus een "dubbel hart" met een rechter en een linker helft die echter volledig vergroeid zijn. 

Nu is bovendien de wand van de grote slagaders elastisch, zoadat zij wordt uitgerekt als de kamer het bloed er in perst. Zodra de kamer leeg is, en niet meer pompt, trekt zich de wand van de slagader door zijn werkkracht samen wardoor het bloed verder gestuwd wordt. Door deze samenwerking van hart en bloedvaten is de stroming van het bloed gelijkmatig, niet stootsgewijs. Het uitzetten en inkrimpen van de salgaders kan men waarnemen ( de "pols voelen"). Anatomie van de bloedsomloop (grote en kleine bloedsomloop) 
bloedsomloop.jpg
Het hart 
  • een holle spier
  • zo groot als een vuist
  • tussen beide longen boven het middenrif
  • hartwand bestaat uit:
    • het endocard
    • het myocard
    • het epicard
    • het pericard
  
 
- vier holtes: Li voorkamer (boezem) 

Re voorkamer (boezem) 

Li kamer 

Re kamer

hart.gif
  • de bloedvoorziening van de hartspier
  • door de krans - of kroonslagader die uit de aorta ontspringen vlak bij het begin. Zij lopen om het hart heen.
De werking van het hart: 
  • de kamer trekt zich samen (systole), de slagader zet uit, de boezem verwijdt zich en loopt vol, de klep tussen boezem en kamer is dicht en tussen kamer en slagader is open
  • de kamer werwijdt zich (diastole) en loopt vol, de boezem wordt leeggezogen, de slagader krimpt in door haar veerkracht , de klep tussen boezem en kamer is open, die tussen kamer en slagader is dicht.
  

  
De impulsgeleiding van het hart 

  • Terwijl andere spieren van buiten of (via zenuwen) de impulsen ontvangen waardoor zij zich samentrekken produceert en geleidt het hartspierweefsel deze impulsen zelf. Het hart bezit een zekere autonomie. 

Het zenuwstelsel gaat evenwel van buiten uit een invloed hebben op het hartritme: 

Vagus:vertragend 

Orthosympathische zenuw:versnellend 

Beide zenuwen staan niet rechtstreeks onder invloed van onze wil 
 
 

Enkele veel voorkomende ziekten 
 
  • Arteriosclerose
    • kalk en vetafzetting in de slagaders
    • vermindering van de elasticiteit
  • Angina pectoris
    • onvoldoende bloedvoorziening van de hartspier
  • Het hartinfarkt
  • verder stadium: een deel van de hartspier sterft af
  
De bloeddruk 
  • Men pleegt de bloeddruk te meten aan de armslagader. Daartoe omgeeft men de bovenarm met een holle manchet, waarin lucht gepompt kan worden, waarvan de druk op de manometer kan worden afgelezen.. Men plaatst een stetescoop boven de armslagader en pompt zoveel lucht in de manchet tot men met de stetescoop niets meer hoort. De luchtdruk in de manchet is nu hoger dan de bloedruk en heeft de slagader helemaal dicht geknepen. Nu laat men de lucht langzaam ontsnappen. Op een gegeven ogenblik hoort men bij elke systole van het hart, de bloedstoot met een sissend geluid passeren. De druk die men nu op de manometer afleest is de systolische druk. 

Tijdens de diastole is de druk in de manchet nog hoger dan de in het vat heersende bloeddruk en kan er geen bloed passeren. Doordat er lucht ontsnapt, wordt echter de druk in de manchet steeds lager; er komt een moment waarop de bloeddruk ook tijdens de diastole even hoog is als de druk in de manchet; het bloed kan nu ongehinderd door de slagader stromen en men hoort niets meer. De druk die nu op de manometer wordt afgelezen is de systolische druk. 
 
 

bloeddruk.jpg
 
 
Het fenomeen syncope 
  • Een syncope ontstaat wanneer er een onvoldoende hoeveelheid bloed naar de hersenen wordt gepompt.
  • Dit ontstaat meestal wanneer er een ongewone verwijding optreed van aders in een groot deel van het lichaam.
  • Een grote hoeveelheid van de bloedmassa hoopt zich op in dze aders.
  • Er komt niet meer genoeg bloed terug naar het hart en als gevolg daarvan kan het hart niet meer voldoende bloed in het slagaderlijk systeem pompen.
  • Het hart kan hieraan wel wat verhelpen door zijn slagfrequentie op te drijven, maar meestal kan de druk in het slagaderlijk systeemonvoldoende op peil gehouden worden om de hersenen van voldoendezuurstof te voorzien.
-Top-
 -Version Français-
 
  •  
 
 
 
 
 
 
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door kristof the stiffman om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van stiff person syndroom/PMER

↑ Terug naar de berichten