|
Op de lagere school werden er op woensdagmiddag in de aula van de school balletlessen georganiseerd. Hiervoor was een echte ballet juf aangeworven compleet met strak vastgezette haren en chignon, een bijbehorend buitenlands accent en van die sterk uitgedraaide in de tweede positie vast gebleven “tien voor twee voetjes”. Kortom: zij was de dans zelf.
Om mijn houding te verbeteren leek het mijn moeder, die constant pogingen deed om van haar lompe dochter een sierlijk dametje te maken, wel een goed idee mij daarnaartoe te sturen. Had ik talent? Tijdens een opvoering van de Bloemenwals uit de Notenkraker van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski mocht ik een boom zijn. En natuurlijk deed ik dat goed, zéér goed!
|