Boehoe
Op een nacht moest ik dringend gaan plassen.
Maar daarvoor moest je de Zuster
wakker maken
om toestemming te krijgen.
Wij sliepen in een gezamelijke kamer.
En de Zuster van dienst sliep in een klein kamertje
aan die slaapkamer.
De Zuster zei: maak iemand wakker van de kinderen
die met je mee moet gaan.
Dus, ik maakte iemand wakker
en ze kon er niet mee lachen.
We moesten buiten gaan plassen,
op de koer,
in den donkere.
Daarom de titel: Boehoe.
Gedaan met plassen,
terug naar boven en weer slapen.
Daarom moeten we met twee gaan,
Je weet nooit wat er kan gebeuren.
En zo moesten we dat doen:
Winter en Zomer.
En de winters konden heel streng
zijn met veel sneeuw
en min. 20°.














