Naar de inhoud

Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 1c

akke.beakke.be

Archief

mijn oude stoel

 
ik wijs hem met mijn hand
in die ontluikende richting
een te volgen weg van vertrouwen
naar mijn beste weten een verlichting
waar stenen weer kunnen bouwen

maar nog niet uit het zicht
draait hij zich langzaam om
met de ogen niet op mij
maar op zijn innerlijk gericht

twijfel beheerst zijn gevoel
en hij vraagt zich bevreesd af
is dit wel mijn juiste weg
naar de gewenste openbaring
of kies ik voor mijn oude stoel

Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

een verloren hoop

een geestelijk schild
heeft mijn lijf verkrampt
was ik zo even nog mild
en een vooruitzien waardig
nu is mijn gevoel
over de grens getild
ook al wil ik nog zo
ben even 
het ruimtescheppen
niet vaardig
 
soms draagt men
ongewild een juk
opgezadeld
dan wel gekozen
dan lijk ik wel stuk
en zal vastgezette pijn
ademend moeten lozen
 
oh, ik weet van wanten
en al dreigt het
van alle kanten
ik ga op zoek
naar een verloren hoop
het is vaak wachten
in een zwalkend verloop
Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

zittend zinnebeeld

op het balkon
van mijn fantasie
aanschouw ik
heimelijk
van achter mijn
mannelijk masker
het groeiend genot


puilend en buigend,
zacht rustend
op haar dijen
scheppen
haar borsten een brug
met tere pijlers


het hoofd
met lang getouwd haar
neigt voorwaarts

de spreidende draden
verbergen deels haar
aanzuigend roze


met zuchtende
meewarige ogen
ziet zij naar het verre
dichtbij
alsof de eeuwigheid
ongrijpbaar spiegelt


langzaam
schuiven haar handen
dalend
met scharende
slanke vingers
langs gladde wegen
en rusten
ten einde
op kleine vlakke velden


de geronde rug
blinkend in een enkel
schemerlicht
telt stippen

rimpels in de schaduw
gelijnd van boven naar beneden
waar twee ronde
doch gerijpte vruchten
haar universum dragen


het spaarzame licht
verdwijnt,
neemt haar op in
mijn afgedwongen
vergetelheid
als een smeltend beeld


zij was even



Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

groeiend blauw


in mijn ochtendrijk
ben ik alleen
zo mooi alleen

donker is nog
het gordijn
naar het licht

maar toch
geluiden van mijn kippen
of nabije hond
kleuren de
bevalling van de dag

dit is rust
na slapen

stilte

balanceren
tussen zwart en wit
nog niets moet
zo luister ik
nog in mijzelve

zie langzaam
de contouren
van de geboorte

het beeld
van de dagelijkse
schepping
omrand met
groeiend blauw


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

luchten



vandaag een dag
van rechte lijnen
ik zie voorwaarts
met oogkleppen
die mijn kijkers
in een strakke blik
laten schijnen


mijn gedachten
beperken zich
tot een en een
is drie
dat u mij nu
zult verachten
is iets dat ik
thans niet zie


mijn beeld van u
is ook vrij saai
u bent een oen
zo duidelijk,
kant-en-klaar
nee, mijnerzijds,
heden,
geen enkel gedraai


daarbij bent u
een van die vrouwen
die van de privé of libelle
een zondags
kleurloos hoedje vouwen


of een man
van een ding tegelijk
slechts oog voor
werk of ronde bal
dan heb ik het
nog niet over seks
ik vind u gewoon
een zure kwal


deze helderheid
geeft ruimte
aan mijn gemoed
ik raad aan
dat u bij tijd en wijle
het ook eens doet



Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

verstild graf


als het
omhullend hout
langzaam zakt
en de gedachten
ver reiken
voel ik de
onoverbrugbare
afstand
zo dichtbij


ook al raak ik,
naast mij,
jou en jou
het is slechts
een zwevend daar zijn
een speelfilm zonder titel
flitsend zonder beeld


als het zand
de holle klank bezingt
en de echo in de
gegraven diepte
stervend verzinkt
denk ik

het was goed

na het In Pacem
spreekt de zwarte hoed




Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

een gang naar binnen

schuifelend peins ik
door de schier
eindeloze gang


zie schaarse
houten beelden
de schepping danken


de marmeren plavuis
hier dof door schaduw
elders nog plooiend
naar de dalende zon
vormt de hemelse weg
naar Latijnse klanken


de hoge bogen
met eeuwigheid gevuld
laten de stilte zingen
over alles dat
de mens niet weet


een gang naar binnen




Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

het is stil (2)

ik dicht het
lied van de stilte

met klanken
van niet gekende
ritmische noten
gedragen door
weidse nevelbanken
en zo hemels
onverdroten

een zonnestraal
doorkruist deze
vochtige vlagen
als een strijkstok
door licht gedragen

dan hoor ik slechts
in het aanschijn
van de dampige kilte
dit unieke lied
over het wezen
van de stilte


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

glas in loodzwaar

schaduwrijk
is de sobere kapel
waar stilte
vermenigvuldigt


gedachten wachten
op klare taal van
duidend begrip


zwijgzaamheid
veredelt daar
zonder
te verworden
tot klinkend goud


in die ruimte van
ondoordringbare
leegte
waar volheid
alsmaar groeit
berust ik in mijn lot
mens als mens
nietig, vergroot
tot denkende zot


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

ik laat je gaan


mijn hand rust
op je schouder
ik kijk je aan
schenk warmte
van een mens,
deze mens
het raakt je niet
het ontwijkt
die bevroren wens


je ogen staan flets,
zien glazig langs me heen
een bespiegeling van
verleden in het heden
gebet in pijnlijke mist,
gebarsten krachten,
als versplinterd geboortelicht
uit een redeloze reden

je voeten
nog wel geaard
steunen zwevend
jouw gedachtenlijf:
gezwollen in verhulde
leegte en gedroogde
rimpels
je ledematen stijf

jij bent de dood
in levenden lijve
het genadebrood
gebakken met
ongewenst zaad

ik laat je gaan
als mijn hand
jouw schouder verlaat





Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

Meer van Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 1c

↑ Terug naar de berichten